2025-049544 Beantwoording technische commissie vragen EVB Verordening Wmo
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
R. Bol Wethouder
Uw brief van: 15 september 2025
Ons kenmerk:
Uw kenmerk:
Contactpersoon: M. Bijl
Bijlage(n): Onderwerp:
Cluster:
2025-049544 Maatschappij
Beantwoording technische commissie vragen
Doorkiesnummer: 14 0180
Echt voor Barendrecht betreffende de Wmo
Datum:
23 september 2025
Verordening
Geachte raadsleden, Op 23 september 2025 heeft de fractie van Echt voor Barendrecht (EVB) technische vragen gesteld tijdens de commissievergadering over de Wmo Verordening 2025. In deze de beantwoording van de vragen: 1. Welke bijzondere gevallen of uitzonderingen zijn sinds 2022 geregistreerd onder de Wmoverordening 2022? Bij welke voorzieningen kwam dit voor en in welke aantallen of frequentie? Er zijn geen noemenswaardige uitzonderingen geregistreerd. De klantmanager mist vooral wat handvatten in de mogelijkheden om tot een juiste onderbouwing te komen. Deze zijn nu vastgelegd in de Verordening en worden nader uitgewerkt in de beleidsregels. 2. Wat is de stand van zaken met betrekking tot ingediende bezwaarschriften op Wmovoorzieningen? Op welke onderwerpen of type voorzieningen hadden deze bezwaren vooral betrekking? Welke patronen zijn hieruit af te leiden die relevant zijn voor de uitvoering van de nieuwe Verordening? In 2024 ontving het college 4 bezwaarzaken tegen een besluit op Hulp bij het huishouden. Deze 4 bezwaarzaken zijn afgerond en ongegrond verklaard. Tevens ontving het college 2 bezwaarzaken tegen een besluit voor een vervoersvoorziening. Een bezwaar is ongegrond verklaard en een bezwaar is ingetrokken. Er is 1 bezwaar tegen een besluit op een woonvoorziening ontvangen, welke ook ongegrond verklaard is.
In 2025 heeft het college tot op heden geen bezwaarzaken ontvangen op Wmo-voorzieningen. 3. In de beantwoording van de schriftelijke vragen geeft u aan dat de gemeente nog op zoek is naar een aanbieder voor de was- en strijkservice. Wat is hiervan de actuele stand van zaken? Daarnaast hebben wij dezelfde vraag met betrekking tot de scooter- en rolstoelpool. Hoe staat het met de voortgang hiervan? Namens het college worden er op dit moment gesprekken gevoerd met Pameijer. Hierin bespreken we wat Pameijer zou kunnen betekenen in het kader van de wasservice. Dit is nog onvoldoende
pagina 1 van 2
concreet om daar verder op inhoud iets over te kunnen zeggen. Zodra dit duidelijker wordt, zal het college u hierover per brief informeren. De scootmobielpool en rolstoelpool zijn op dit moment voornemens om te gaan onderzoeken hoe we dit kunnen opzetten samen met de huidige leveranciers. Hier lopen nog geen actieve gesprekken voor. 4. Op welke manier worden inwoners geïnformeerd over deze voorzieningen, zodat zij hiervan tijdig gebruik kunnen maken en een aanvraag in kunnen dienen? De voorzieningen worden ingericht voor inwoners die hier op grond van een indicatie gebruik van kunnen maken. Zodra bijvoorbeeld de wasservice is ingericht, zullen nieuwe cliënten die zich melden met een hulpvraag voor de wasverzorging, direct doorverwezen worden naar de wasservice en hier geen tijd voor geïndiceerd krijgen (uitzonderingen daar gelaten op medische gronden). Cliënten die reeds een indicatie hebben, zullen over een periode van een jaar bezocht worden. Zij krijgen uitleg over de nieuwe mogelijkheden en de klantmanager zal onderzoeken of de inwoner daar gebruik van kan maken. Ook de zorgaanbieders zullen geïnformeerd worden zodra dit van start gaat. De overstap zal hierdoor geleidelijk aan gaan over de duur van een jaar. Dit maakt het voor zowel de wasservice als voor de zorgaanbieder behapbaar en ook cliënten worden op deze manier goed meegenomen en voorbereid.
Ook als de indicatie herzien wordt, zal deze nieuwe indicatie een overgangsperiode hebben van drie maanden.
Met vriendelijke groet,
Roeland Bol
pagina 2 van 2