2023-044522 brief wethouder de Hoop over het verwachte BUIG resultaat 2023.pdf
Tekst van het document
M.S. de Hoop BA Wethouder
Uw brief van: -
Ons kenmerk:
Uw kenmerk: -
Contactpersoon: J. van de Vooren
Bijlage(n):
Cluster:
-
2023-044522 Team Beleid en Ontwikkeling Sociaal Domein
Onderwerp:
Verwacht BUIG-resultaat (SiSa 2023)
Doorkiesnummer: 140180 Datum:
22-12-2023
Geachte Raadsleden, INLEIDING Voor de betaling van uitkeringen (participatiewet) en de loonkostensubsidie ontvangen gemeenten middelen vanuit het Rijk ingevolge de Wet bundeling van uitkeringen inkomensvoorziening aan gemeenten (Wet BUIG). Voor 2023 verwachten we dat de kosten, die we hebben gemaakt voor onze Barendrechtse inwoners, hoger liggen dan de inkomsten die we hiervoor krijgen vanuit het Rijk. Omdat het verschil tussen de Rijksbijdrage en de uitgaven hoger is dan het eigen risico voor onze gemeente, kan voor dit verschil een vangnetuitkering aangevraagd worden bij de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. Via de periodieke P&C producten (Tussenrapportages en bestuursrapportages Sociaal Domein) wordt u geïnformeerd over de ontwikkelingen in het klantenbestand en onze inzet op dit bestand.
WAAROM DEZE BRIEF Met het oog op ons voornemen om een aanvullende uitkering aan te vragen willen wij u in deze brief informeren over de ontwikkelingen op het BUIG-budget en over onze inspanningen om het aantal uitkeringen omlaag te brengen, met name door bijstandsgerechtigden naar werk te begeleiden.
Portefeuille: Zorg en welzijn, sociale zaken en volksgezondheid.
ONTWIKKELINGEN BUIG De hoogte van het BUIG-budget in 2023 is gebaseerd op landelijke ontwikkelingen. Voorbeelden zijn het landelijke resultaat op het BUIG-budget, de trend van het uitkeringsbestand, macro-economische verwachtingen en gemaakte beleidskeuzes. Daarnaast wordt de hoogte gebaseerd op de karakteristieken van de bewoners van Barendrecht met een vertraging van twee jaar. Als laatste zijn de loonkostensubsidie-uitgaven van het voorgaande jaar onderdeel van het BUIG-budget. Landelijk is over 2023 een stabiel uitkeringsbestand zichtbaar. De grootste verandering is de verhoging van het wettelijk minimumloon. De hoogte van uitkeringen zijn hieraan gekoppeld. Als gevolg daarvan is het macro BUIG-budget naar boven bijgesteld en dus ook het budget aan de gemeenten. Voor Barendrecht betekent dit een definitief BUIG-budget 2023 van € 8.189.037,-. De verwachte uitgaven in 2023 zijn € 9.896.120,-. Dit levert een verwacht negatief resultaat op van € 1.707.083,-. Dit betreft de verantwoording die afgelegd moet worden richting het Rijk. VANGNET Bij een overschrijding vanaf 7,5% van het BUIG-budget kan de gemeente een Vangnetuitkering aanvragen. De eerste 7,5% van de overschrijding valt onder het eigen risico van de gemeente. De overschrijding van 7,5% tot 12,5% wordt voor 50% vergoed. De overschrijding vanaf 12,5% wordt voor 100% vergoed.
Voor 2023 verwachten we een overschrijding van 20,85%. Hiermee zal de Vangnetuitkering, bij toekenning, ongeveer € 888.179,- bedragen. ONTWIKKELINGEN KLANTENBESTAND Het aantal bijstandsdossiers in Barendrecht is van begin januari tot oktober met 48 dossiers gestegen. Het uitkeringsbestand is daarmee afgerond met 10% gestegen van 493 naar 541 dossiers. Dit betekent dat de instroom groter is dan de uitstroom. Dit is niet in lijn met de landelijke ontwikkeling. Deze ontwikkeling in Barendrecht is eerder via de Bestuursrapportage Sociaal Domein (onderdeel van de 2 e Tussenrapportage 2023) gedeeld. Hierin is het gestegen uitkeringsbestand benoemd en toegelicht. Ook is benoemd dat de inzet om een verhoogde uitstroom te genereren, nog niet zichtbaar is. Er liggen een aantal oorzaken ten grondslag aan de stijging van het uitkeringsbestand. Ten eerste heeft de inhaalslag die gemaakt moest worden op de huisvestingstaakstelling statushouders direct gevolgen voor de hoogte van het uitkeringsbestand. Deze groep werkt over het algemeen eerst aan de verplichtingen die de Wet Inburgering 2021 met zich meebrengt. Onderdeel hiervan (afhankelijk van de route) is het klaarmaken voor de arbeidsmarkt. Vanaf medio 2022 zijn er ruim 150 mensen gehuisvest (inclusief kinderen).
Ten tweede heeft de instroom in het uitkeringsbestand een flinke afstand tot de arbeidsmarkt, mede veroorzaakt door multi-problematiek. Dat betekent dat er eerst een aantal andere problemen in het leven van mensen opgelost moeten worden alvorens zij zich gereed kunnen maken voor de arbeidsmarkt. Beide processen gaan weliswaar idealiter hand in hand maar kosten wel tijd. Ten derde geldt hetzelfde mechanisme voor het zittende bestand. In het uitkeringsbestand zitten, mede door de gunstige arbeidsmarkt, weinig mensen die direct bemiddelbaar zijn naar werk en veel mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt.
Portefeuille: Zorg en welzijn, sociale zaken en volksgezondheid.
pagina 2 van 3
INZET OP VERMINDERING In 2023 is de werkwijze aangescherpt om de uitstroom te bevorderen. Onderdeel hiervan is de strakke monitoring op het bestedingsplan dat betrekking heeft op het re-integratie-instrumentarium. Dit heeft geleid tot extra trajecten voor de grote groep in het uitkeringsbestand die een grote afstand tot de arbeidsmarkt heeft. Met grote afstand wordt bedoeld dat de verwachting is dat iemand 6 tot 18 maanden nodig heeft om in te stromen in het arbeidsproces. Voorbeelden hiervan zijn de trajecten van Jellooo (afspraak is 70% uitstroom) en empowermenttrainingen. Deze trajecten richten zich op multiproblematiek. Verder is er gestuurd op de uitstroomfocus van de klantmanagers. Onderdeel hiervan is de Klantmanager Werkdiagnose die in het vroegste stadium aan de slag gaat met de uitstroomplanning van de kandidaat. De belangrijkste aanscherping van de werkwijze is dat de focus nog meer ligt bij het vinden van (duurzaam) werk door onze klanten. De gemeente Barendrecht heeft een eigen werkgeversservicepunt (WSP), waar vacatures uit onze regio worden gekoppeld aan klanten uit onze eigen bestanden. Het WSP werkt hierin nauw samen met het WSP Rijnmond. In de regio Rijnmond kunnen we via het digitale matchingssysteem HalloWerk snel en eenvoudig werkgevers en werkzoekenden bij elkaar brengen. Verder besteden we bijzondere aandacht aan jongeren.
Bij de aanvraag onderzoekt de klantmanager zorgvuldig, of voor de jongere een opleiding passend zou zijn of dat er een mogelijkheid is voor de jongere om aan het werk te gaan. In de komende periode wordt de begeleiding van klanten verder geïntensiveerd. Als voltijds werk niet mogelijk is, dan zal er gekeken worden naar mogelijkheden voor parttime werk. Het streven is om alle kandidaten goed in beeld te hebben en een passend traject aan te bieden die hen – uiteindelijk – naar werk moeten leiden. Gezien de ingezette trajecten in 2023 is de verwachting dat de uitstroom naar werk/opleiding in 2024 gaat stijgen. De verwachting is dat in de tweede helft van 2024 ook de uitstroom van de verhoogde instroom statushouders op gang gaat komen. De positieve financiële effecten hiervan zullen niet voor 2025 te zien zijn. VERVOLG De aanvraag moet uiterlijk medio augustus 2024 zijn ingediend. Begin 2024 zullen we de definitieve uitgaven in beeld hebben en zal, omstreeks juni, de feitelijke aanvraag aan u worden voorgelegd. In de aanvraag zijn de maatregelen beschreven die wij hebben genomen om de overschrijding zo beperkt mogelijk te houden. Wij zullen u vragen met de aanvraag in te stemmen, waarna wij, uiterlijk medio augustus 2024, de aanvraag zullen indienen. Hoogachtend,
M.S. de Hoop Portefeuille: Zorg en welzijn, sociale zaken en volksgezondheid.
pagina 3 van 3