Notitie inzake last bij schenking perceel Meander te Baarn (Schuttevaer december 2022)
Tekst van het document
Dos: 2022.2462.02 Ref: ML/NRA
NOTITIE Voor
:
Gemeente Baarn, t.a.v. de heer T. Toonen
Behandelaar
:
M.H.L. Langeveld, notaris en N. van Raaij, kandidaat-notaris
Datum
:
12 december 2022
Betreft
:
last bij schenking perceel Molenweg 2 te Baarn
_________________________________________________________________________________ 1. Inleiding 1.1. Voorgeschiedenis Bij de akte van schenking op 24 januari 1920 verleden (“de Schenkingsovereenkomst”) heeft mevrouw J.M.F. van IJsendijk (“de Schenker”) het perceel grond gelegen aan de Molenweg 2 te Baarn, kadastraal bekend gemeente Baarn sectie K (thans) nummers 1904, 1903 en 1200 (“het Perceel”) geschonken aan de gemeente Baarn (“de Gemeente”). Uit de Schenkingsovereenkomst volgt dat de schenking werd gedaan onder de volgende voorwaarden en bedingen (“de Last”): “a. dat de gemelde percelen overeenkomstig de tegenwoordige bestemming steeds als wandelplaats zullen moeten dienen en ten allen tijde voor het publiek toegankelijk blijven, dat de percelen steeds door de gemeente in behoorlijken staat moeten worden onderhouden, opdat het geheel aan zijn bestemming kan blijven beantwoorden b. dat op het onroerend goed nimmer gebouwen zullen mogen worden gesteld en dat aan den op het onroerend goed staanden koepel nimmer de bestemming zal mogen worden gegeven van kerk, hotel, logement, café, tapperij, melksalon, lunchroom, uitspanning, inrichting voor publieke vermakelijkheden of dergelijke c.
dat het terrein nimmer gebruikt zal mogen worden tot uitoefening van sport en evenmin tot het houden van openbare bijeenkomsten enzovoort.” Blijkens een akte op 22 oktober 1965 verleden zijn de erfgenamen van de Schenker (“de Rechtsopvolger”) en de Gemeente overeengekomen (“de Wijzigingsovereenkomst”), dat de Rechtsopvolger afstand doet van de vordering tot naleving van de Last, “doch alleen en uitsluitend voor zover door de gemeente Baarn zelf, dan wel met toestemming van de gemeente Baarn op voormeld onroerend goed een ziekenhuis zal worden gebouwd met de bij een ziekenhuis – ter beoordeling van de gemeente Baarn - noodzakelijke nevengebouwen en noodzakelijke voorzieningen ten aanzien van aan en afvoerwegen en parkeerruimten, tuin en groenstroken, met betrekking tot welke nevengebouwen en noodzakelijke voorzieningen ten aanzien van aan- en afvoerwegen en parkeerruimte van toepassing blijft dat daaraan niet de bestemming gegeven zal mogen worden van kerk, hotel, logement, café, tapperij, melksalon, lunchroom, uitspanning, inrichting voor publieke vermakelijkheden of dergelijke. Het wordt de gemeente Baarn toegestaan de destijds op het terrein staande koepel, met de daarbij behorende schuur door haar, dan wel met haar toestemming, te doen afbreken”.
Hermans & Schuttevaer Notarissen N.V. is gevestigd te Utrecht en ingeschreven in het handelsregister onder nummer 30209675. Alle diensten en (andere) werkzaamheden worden uitsluitend verricht uit hoofde van een overeenkomst van opdracht met Hermans & Schuttevaer Notarissen N.V. Op de overeenkomst zijn de algemene voorwaarden van toepassing, die zijn gedeponeerd ter griffie van de rechtbank te Utrecht en waarin onder meer een beperking van de aansprakelijkheid is opgenomen. Deze algemene voorwaarden zijn te raadplegen via www.herschut.nl.
Als tegenprestatie voor deze gedeeltelijke afstand van de vordering tot naleving van de Last, heeft de Gemeente de Rechtsopvolger een vergoeding betaald, zijnde NLG 1,00 per m2, gerekend naar de oppervlakte van het Perceel, in totaal een bedrag van NLG 68.484 (“de Tegenprestatie”). De Wijzigingsovereenkomst is aangegaan onder de voorwaarden en bedingen zoals geciteerd in paragraaf 2.2. (“de Verplichting”). De Gemeente heeft zich verplicht tot naleving van de Verplichting, alsmede van de Last voor zover daarvan niet is afgeweken bij de Wijzigingsovereenkomst, en heeft zich verplicht om de hieruit volgende verplichtingen op te leggen aan haar rechtsopvolgers onder algemene titel en haar rechtsopvolgers onder bijzondere titel. 1.2. Vraagstelling De Gemeente wenst het Perceel, naast het gebruik voor “medische zorg”, ook te gaan gebruiken voor “gezondheidszorg en woonzorg”. Het bebouwde oppervlak op het Perceel zal niet toenemen en de huidige gebouwen worden grotendeels behouden, de gebouwen worden wel ingrijpend verbouwd. De Gemeente gaat ervan uit dat het aangepaste gebruik past in de geest van de Wijzigingsovereenkomst (waarin de Verplichting is vastgelegd) en dat er geen aanvullende afspraken met de Rechtsopvolger nodig zijn.
De Gemeente heeft de Rechtsopvolger niettemin, uit oogpunt van zorgvuldigheid, benaderd en gevraagd of de Rechtsopvolger instemt met de interpretatie van de Verplichting die de Gemeente daaraan geeft. Alvorens de Gemeente overgaat tot de feitelijke herontwikkeling, wenst zij een antwoord te krijgen op verschillende vragen. Om deze vragen te kunnen beantwoorden moet eerst duidelijk zijn welke verplichtingen er volgen uit de Last en de Verplichting (hoofdstuk 2) en wat de precieze juridische status van de Last en de Verplichting op dit moment is (hoofdstuk 3). Hierbij dient overigens te worden opgemerkt dat in geval van twijfel over de uitleg van een akte die in de openbare registers voor registergoederen is ingeschreven, in het uiterste geval door de rechter moet worden vastgesteld welke uitleg naar objectieve maatstaven het meest aannemelijk is, waarbij slechts acht mag worden geslagen op de gegevens die voor derden uit of aan de hand van de akte kenbaar zijn. Volgens de jurisprudentie komt het bij de uitleg van de akte daarnaast aan op de in de notariële akte tot uitdrukking gebrachte partijbedoeling die moet worden afgeleid uit de in de akte gebruikte bewoordingen, uit te leggen naar objectieve maatstaven in het licht van de gehele inhoud van de akte. Gezien het voorgaande heeft de mening van een notaris over de uitleg van wat een notariële akte inhoudt beperkte waarde.
De rechter heeft hierover altijd het laatste woord.
pagina 2 van 10
2. Welke afspraken gelden er? 2.1. De Last, gedeeltelijke afstand bij de Wijzigingsovereenkomst Uit de Wijzigingsovereenkomst volgt dat de Gemeente is gehouden tot nakoming van de Last, voor zover daarvan niet is afgeweken bij de Wijzigingsovereenkomst, of wel dat de Gemeente is gehouden tot nakoming van de Last ten aanzien van het gedeelte van het Perceel waarop de Verplichting geen betrekking heeft (“het Perceel Wandelplaats”). Het Perceel waarop de Verplichting wel betrekking heeft is het perceel waarop “door de gemeente Baarn zelf, dan wel met toestemming van de gemeente Baarn (…) een ziekenhuis zal worden gebouwd met de bij een ziekenhuis – ter beoordeling van de gemeente Baarn noodzakelijke nevengebouwen en noodzakelijke voorzieningen ten aanzien van aan en afvoerwegen en parkeerruimten, tuin en groenstroken” (“het Perceel Ziekenhuis”). Blijkens de Schenkingsovereenkomst was op het Perceel aanwezig: bos en tuingrond met daarop staanden koepel en verdere betimmeringen, genaamd het Maarschalksbosch. De Last kan in de volgende onderdelen worden opgedeeld (zie gekleurde tekst): i.
Bestemming van het Perceel tot wandelplaats dat de gemelde percelen overeenkomstig de tegenwoordige bestemming steeds als wandelplaats zullen moeten dienen en ten allen tijde voor het publiek toegankelijk blijven Deze bepaling stond aan de realisatie van een ziekenhuis in de weg, want het Perceel zal als wandelplaats moeten dienen. Conclusie Deze bepaling is nog steeds van toepassing op het Perceel Wandelplaats. ii.
Onderhoud van het Perceel dat de percelen steeds door de gemeente in behoorlijken staat moeten worden onderhouden, opdat het geheel aan zijn bestemming kan blijven beantwoorden Uit de Wijzigingsovereenkomst blijkt dat de destijds op het Perceel aanwezige koepel met schuur mag worden afgebroken: “Het wordt de gemeente Baarn toegestaan de destijds op het terrein staande koepel, met de daarbij behorende schuur door haar, dan wel met haar toestemming, te doen afbreken”. Conclusie Deze bepaling is nog steeds van toepassing op het Perceel.
iii.
Niet toegestaan op het Perceel gebouwen te realiseren dat op het onroerend goed nimmer gebouwen zullen mogen worden gesteld Deze bepaling stond aan de realisatie van een ziekenhuis in de weg, want het is niet toegestaan gebouwen op het Perceel te realiseren. Conclusie Deze bepaling is nog steeds van toepassing op het Perceel Wandelplaats.
iv.
Bestemming van de bestaande gebouwen dat aan den op het onroerend goed staanden koepel nimmer de bestemming zal mogen worden gegeven van Kerk, hotel, logement, café, tapperij, melksalon, lunchroom, uitspanning, inrichting voor publieke vermakelijkheden of dergelijke
pagina 3 van 10
Uit de Wijzigingsovereenkomst blijkt dat de destijds op het Perceel aanwezige koepel met schuur mag worden afgebroken: “Het wordt de gemeente Baarn toegestaan de destijds op het terrein staande koepel, met de daarbij behorende schuur door haar, dan wel met haar toestemming, te doen afbreken”. Conclusie Deze bepaling is komen te vervallen door de sloop van de koepel. v.
Gebruik van het Perceel dat het terrein nimmer gebruikt zal mogen worden tot uitoefening van sport en evenmin tot het houden van openbare bijeenkomsten Conclusie Deze beperking is nog steeds van toepassing op het Perceel Wandelplaats.
2.2. De Verplichting Uit de Wijzigingsovereenkomst volgt dat de Gemeente is gehouden tot nakoming van de Verplichting. De Verplichting houdt in: “1.
Wanneer en voor zolang niet tot de bouw van een ziekenhuis met nevengebouwen wordt overgegaan, dan wel wanneer een eventueel ziekenhuis met bijbehorende nevengebouwen mocht worden gesloopt, zonder dat terstond tot de bouw van een nieuw ziekenhuis met bijgebouwen wordt overgegaan, van de dag van sloping van het hoofdgebouw af tot het tijdstip dat een nieuw ziekenhuis zal worden gesticht, zal op voormeld onroerend goed, kadastraal bekend gemeente Baarn, sectie K nummer 547, niet mogen worden gebouwd in andere zin dan onder 2 hierna vermeld en zal aan de gebouwen, voorzover die niet zijn gesloopt niet de bestemming mogen worden gegeven van kerk, hotel, logement, café, tapperij, melksalon, lunchroom, uitspanning, inrichting voor publieke vermakelijkheden of dergelijke noch het terrein voor de uitoefening van sport of tot het houden van openbare bijeenkomsten mogen worden gebezigd. Het in het vorige lid vermelde zal ook van toepassing zijn, wanneer aan de gebouwen de bestemming van een ziekenhuis mocht worden ontnomen. 2.
Zonder toestemming van voornoemde gerechtigden sub 1 of hunne rechtverkrijgenden onder algemene of bijzondere titel is het de gemeente Baarn toegestaan verbouwingen aan een te zijner tijd reeds gesticht ziekenhuis en aan deszelfs nevengebouwen aan te brengen of te doen aanbrengen, dan wel deze gebouwen uit te breiden casu quo uit te doen breiden, wijziging aan te (doen) brengen in of uitbreiding te (doen) geven aan de voorzieningen ten aanzien van aan- en afvoerwegen, parkeerruimte, tuin en groenstroken dan wel een ander ziekenhuis te bouwen of te doen bouwen, blijvende overigens voormelde bedingen volledig van toepassing.” Enzovoorts. “4. De Gemeente Baarn is verplicht tot naleving van alle in de onderhavige akte aan haar opgelegde verplichtingen zomede van die, haar opgelegd bij voormelde akte van vieren twintig januari negentienhonderd twintig, voor zover daarbij in de onderhavige akte niet daarvan is afgeweken en deze verplichtingen ook weder op te leggen aan haar rechtsopvolgers onder algemene of bijzondere titel.”.
pagina 4 van 10
Lid 1 bepaalt samengevat: indien: a. het ziekenhuis met nevengebouwen niet wordt gebouwd; b. het ziekenhuis met nevengebouwen geheel wordt gesloopt (zonder de bouw van een nieuw ziekenhuis); c. het ziekenhuis met nevengebouwen gedeeltelijk wordt gesloopt; d. het ziekenhuis met nevengebouwen de bestemming “ziekenhuis” wordt ontnomen, zal: i) op het Perceel Ziekenhuis niet mogen worden gebouwd in andere zin dan zoals in lid 2 vermeld en ii) zal aan de niet gesloopte gebouwen niet de bestemming kerk, hotel, logement, café, tapperij, melksalon, lunchroom, uitspanning, inrichting voor publieke vermakelijkheden of dergelijke mogen worden gegeven en het terrein niet voor de uitoefening van sport of openbare bijeenkomsten gebruikt mogen worden (“de Verboden Bestemmingen”). In lid 2 is bepaald dat de Gemeente (zonder toestemming van de Rechtsopvolger) het ziekenhuis en nevengebouwen mag vervangen, verbouwen, wijzigen en uitbreiden en voorzieningen mag aanbrengen. Lid 2 lijkt bedoeld te zijn als uitbreiding van de bevoegdheid van de Gemeente. Echter, de verwijzing in lid 1 naar lid 2 is in combinatie met de formulering van de Verboden Bestemmingen verwarrend omdat deze formulering juist impliceert dat andere bestemmingen dan de Verboden Bestemmingen wel zijn toegestaan, hetgeen impliceert dat ook verbouwingen daartoe zijn toegestaan.
Uit de Verplichting volgt geen expliciet verbod om de op het Perceel Ziekenhuis niet-gesloopte gebouwen, die voorheen in gebruik waren als ziekenhuis, te verbouwen. Conclusies 1. De Gemeente mag een reeds gesticht ziekenhuis en nevengebouwen vervangen, verbouwen, wijzigen en uitbreiden. 2. De Last is niet van toepassing op uitbreidingen van het Perceel Ziekenhuis. 3. De op het Perceel Ziekenhuis aanwezige gebouwen mogen wel andere bestemmingen krijgen dan de Verboden Bestemmingen en mogen ook daartoe verbouwd worden. 2.3. Conclusie De Last geldt nog steeds voor het Perceel Wandelplaats en niet meer voor het Perceel Ziekenhuis. De Verplichting geldt voor het Perceel Ziekenhuis. Samengevat is de Gemeente gehouden tot nakoming van de: 1. De Last ter zake het Perceel Wandelplaats: i) Het Perceel Wandelplaats moet als wandelplaats dienen en te allen tijde voor het publiek toegankelijk blijven. ii) Het Perceel Wandelplaats moet door de Gemeente worden onderhouden. iii) Op het Perceel Wandelplaats mogen nimmer gebouwen worden gesteld. iv) Het Perceel Wandelplaats mag nimmer gebruikt worden tot uitoefening van sport en tot het houden van openbare bijeenkomsten. 2.
De Verplichting ter zake het Perceel Ziekenhuis: i) Aan de op het Perceel Ziekenhuis niet-gesloopte gebouwen mogen niet de Verboden Bestemmingen gegeven worden: dit impliceert dat de gebouwen wel voor andere bestemmingen dan ziekenhuis gebruikt mogen worden mits dit niet de Verboden Bestemmingen betreft.
pagina 5 van 10
ii)
iii) iv)
Indien het ziekenhuis met nevengebouwen geheel of gedeeltelijk wordt gesloopt (zonder de bouw van een nieuw ziekenhuis), mag op het Perceel Ziekenhuis alleen een ziekenhuis met nevengebouwen worden gebouwd. De Gemeente mag een reeds gesticht ziekenhuis en de nevengebouwen vervangen, verbouwen, wijzigen en uitbreiden. Indien aan het ziekenhuis met nevengebouwen de bestemming “ziekenhuis” wordt ontnomen, mag op het Perceel Ziekenhuis niet worden gebouwd in andere zin dan voor de vervanging, verbouwing, wijziging en uitbreiding van een ziekenhuis en nevengebouwen.
pagina 6 van 10
3. De juridische status van de Last en de Verplichting 3.1. De Last 3.1.1. Algemeen Op de Schenkingsovereenkomst zijn de algemene regels van Boek 3 en Boek 6 Burgerlijk Wetboek (“BW”) en de regels uit Boek 7, Titel 3 BW van toepassing. De Schenkingsovereenkomst waarin de Last is vastgelegd betreft een obligatoire overeenkomst. De Schenkingsovereenkomst is tot stand gekomen na aanvaarding door de Gemeente (begiftigde) van het door de Schenker gedane schenkingsaanbod (art. 6:217 BW). 3.1.2. Gevolgen niet-nakoming Wat is het gevolg van niet-nakoming door de Gemeente van de Last? Hierbij moet er een onderscheid gemaakt worden tussen de verplichting waarvan geen nakoming kan worden gevraagd en de verplichting waarvan wel nakoming kan worden gevraagd: a. De verplichting waarvan geen nakoming kan worden gevraagd. De schenkingsovereenkomst is een eenzijdige overeenkomst, want uitsluitend de schenker neemt een verbintenis op zich om een bepaalde prestatie aan de begiftigde te verrichten. Indien de Schenker (de Rechtsopvolger) of een derde geen nakoming van de Last kan vorderen, en de Gemeente is in verzuim met de voldoening van de Last, is de schenking vernietigbaar (art. 7:184 lid 1 sub a BW). De vernietiging vindt plaats door een rechtelijke uitspraak (art. 3:49 en art. 7:185 BW). De vernietiging heeft in beginsel terugwerkende kracht (art. 3:53 BW).
Een rechtsvordering tot vernietiging van de schenking op grond van art. 7:184 BW verjaart door verloop van een jaar, te rekenen vanaf de dag waarop het feit dat grond tot vernietiging oplevert (de niet-nakoming van de last), ter kennis van de Schenker (lees: Rechtsopvolger) is gekomen (art. 7:185 lid 1 BW). In de Schenkingsovereenkomst is niemand als lastbevoordeelde van de Last aan te wijzen, en de Schenker is geen recht op nakoming gegeven. De Last betreft derhalve een verplichting waarvan geen nakoming gevorderd kan worden. Indien de Gemeente in verzuim is met de voldoening van de Last, is de schenking vernietigbaar. b.
De verplichting waarvan wel nakoming kan worden gevraagd. Aan de begiftigde kunnen verplichtingen worden opgelegd waarvan (wel) nakoming gevorderd kan worden, in welk geval art. 7:184 lid 1 sub a BW geen functie heeft. In een dergelijke situatie kwalificeert de Schenkingsovereenkomst als een wederkerige overeenkomst of als een andere rechtsbetrekking die strekt tot het wederzijds verrichten van prestaties als bedoeld in art. 6:261 BW. Indien daar sprake van is, kan de Schenker in geval van niet-nakoming onder omstandigheden de overeenkomst ontbinden op basis van art. 6:265 BW. De Gemeente heeft zich bij de later tot stand gekomen Wijzigingsovereenkomst verplicht om de Last, voor zover daarvan niet is afgeweken bij de Wijzigingsovereenkomst, na te leven en de hieruit volgende verplichtingen op te leggen aan haar rechtsopvolgers. De Last die nog geldt ter zake het Perceel Wandelplaats, is daarmee een verplichting waarvan wel nakoming gevorderd kan worden, in welk geval art. 7:184 lid 1 sub a BW geen functie heeft.
pagina 7 van 10
3.2. De Verplichting 3.2.1. Algemeen De vermogensrechtelijke rechtsbetrekkingen van de Schenker gaan in de regel ongewijzigd onder algemene titel op de Rechtsopvolger over. De Rechtsopvolger kan derhalve samen met de Gemeente de obligatoire Schenkingsovereenkomst wijzigen. In de Wijzigingsovereenkomst zijn meerdere onderwerpen vastgelegd: a) De Rechtsopvolger heeft wat betreft het Perceel Ziekenhuis afstand gedaan van de vordering tot naleving van de Last. b) De Gemeente heeft zich ten aanzien van het Perceel Wandelplaats verplicht tot naleving van de Last. c) De Gemeente heeft zich ten aanzien van het Perceel Ziekenhuis verplicht tot naleving van de Verplichting. d) De Gemeente moest, binnen 1 maand nadat de opschortende voorwaarde in vervulling is gegaan, de Tegenprestatie aan de Rechtsopvolger betalen. 3.2.2. Gevolgen niet-nakoming De Wijzigingsovereenkomst kwalificeert als een wederkerige overeenkomst als bedoeld in art. 6:261 lid 1 BW, in welk geval art. 7:184 lid 1 sub a BW geen functie heeft. Wat is het gevolg van niet-nakoming van de Verplichting? a) De Rechtsopvolger kan nakoming van de Verplichting vorderen (art. 3:296 BW). b) De Rechtsopvolger kan vervangende schadevergoeding vorderen (art. 6:74 en 6:87 BW). c) De Rechtsopvolger kan onder omstandigheden de Wijzigingsovereenkomst (gedeeltelijk) ontbinden (art. 6:265 en art. 6:270 BW).
De ontbinding heeft geen terugwerkende kracht Uit het beginsel van de verbindende kracht van de overeenkomst vloeit voort dat het aan partijen niet vrijstaat zich eenzijdig te onttrekken aan de verplichtingen die zij bij de overeenkomst op zich hebben genomen, en dat ook de rechter de rechtsband tussen partijen niet kan verbreken of wijzigen. Hierop maakt de wet verschillende uitzonderingen (art. 6:258 en art. 6:259 BW). Bij de wijziging of ontbinding van de Wijzigingsovereenkomst kan volgens art. 6:260 BW ter opheffing van door de Rechtsopvolger te lijden nadeel bepalen dat de Gemeente een vergoeding aan de Rechtsopvolger betaalt (art. 6:260 lid 1 BW). 3.3. Conclusie De Wijzigingsovereenkomst betreft een wederkerige overeenkomst. Indien de Gemeente in verzuim is met de voldoening van de Verplichting ter zake van het Perceel Ziekenhuis en/of van de Last ter zake het Perceel Wandelplaats, kan de Schenker de Wijzigingsovereenkomst onder omstandigheden ontbinden. In dat geval geldt de Last weer volledig, zonder enige uitzonderingen.
pagina 8 van 10
4. Antwoord op de gestelde vragen 1.
Is de Rechtsopvolger gerechtigd iets te vinden van het voornemen van de Gemeente en kunnen zij hier rechten aan ontlenen? Ja. Mocht de Rechthebbende van mening zijn dat de verbouwing en het gebruik van de gebouwen op het Perceel Ziekenhuis in strijd zijn met de Verplichting, kan de Rechthebbende in rechte opkomen tegen de Gemeente.
2.
Is er een risico op een gerechtvaardigde eis tot schadevergoeding door de Rechtsopvolger? Indien de rechter oordeelt dat het handelen van de Gemeente strijdig is met de Verplichting, bij welke beoordeling de partijbedoeling van de Gemeente en de Rechtsopvolger in het jaar 1965 relevant is, kan de Rechthebbende een schadevergoeding of zelfs ontbinding van de Wijzigingsovereenkomst vorderen.
3.
Mag de huidige bebouwing van het ziekenhuis (na verbouwingen) voor andere functies worden gebruikt? Voor welke functies mag de huidige bebouwing wel c.q. niet worden gebruikt? Ja. Aan de op het Perceel Ziekenhuis niet-gesloopte gebouwen mogen niet een of meer van de Verboden Bestemmingen gegeven worden: dit impliceert dat de gebouwen wel voor andere bestemmingen dan ziekenhuis gebruikt mogen worden mits dit niet de Verboden Bestemmingen betreft. Het gebruik voor “gezondheidszorg en woonzorg”, naast “medische zorg” is op grond van de Verplichting derhalve toegestaan.
4.
Mag er nieuwbouw worden bijgebouwd bij huidige bebouwing Ja, de Gemeente mag een reeds gesticht ziekenhuis en de nevengebouwen vervangen, verbouwen, wijzigen en uitbreiden, mits het gaat om de nieuwbouw of uitbreiding van een ziekenhuis en nevengebouwen.
5.
Voor welke functies mag die nieuwbouw wel c.q. niet worden gebruikt? Aan de op het Perceel Ziekenhuis niet-gesloopte gebouwen mogen niet de Verboden Bestemmingen gegeven worden: dit impliceert dat die nieuwbouw, gerealiseerd als nieuwbouw of uitbreiding van een ziekenhuis en nevengebouwen (zie antwoord op vraag 4) in een later stadium en na eventuele verbouw wel voor andere bestemmingen dan ziekenhuis gebruikt mag worden, mits dit niet de Verboden Bestemmingen betreft.
6.
Voldoet het basisprogramma in de Nota aan de afspraken met de erfgenamen uit 1965. Voldoet het basisprogramma + uitbreiding in de Nota aan de afspraken met de erfgenamen uit 1965 Voor de uitbreiding/nieuwbouw van een gebouw dat niet is bestemd als ziekenhuis en/of nevengebouwen is de toestemming van de Rechtsopvolger benodigd. Of de uitbreiding/nieuwbouw van een gebouw voor de in de Nota omschreven functies is toegestaan, is afhankelijk van het antwoord op de vraag of die functies onder de definitie “ziekenhuis en nevengebouw” vallen. Hierbij moet worden opgemerkt dat op deze vraag in het jaar 1965 vermoedelijk een ander antwoord zal volgen dan in het jaar 2022.
pagina 9 van 10
Het is verdedigbaar dat de programmaonderdelen zoals omschreven op pagina 31 van de Nota voorzieningen zijn die onder de definitie “ziekenhuis en nevengebouwen” geschaard kunnen worden. Ook van het programmaonderdeel “doelgroepwonen – zorgpersoneel” op pagina 32 van de Nota (de vroegere “zusterflat”) is het verdedigbaar dat deze voorziening onder de definitie “ziekenhuis en nevengebouwen” geschaard kan worden. Uitbreiding/nieuwbouw van een gebouw met deze voorzieningen lijkt derhalve te zijn toegestaan met het oog op de Verplichting. Van de programmaonderdelen zoals omschreven op pagina 32 van de Nota (m.u.v. “doelgroepwonen – zorgpersoneel”), lijkt het niet verdedigbaar dat deze onder de definitie “ziekenhuis en nevengebouwen” geschaard kunnen worden. Uitbreiding/nieuwbouw van een gebouw met deze voorzieningen lijkt derhalve, in het licht van de Verplichting, niet te zijn toegestaan zonder de toestemming van de Rechtsopvolger. Deze programmaonderdelen mogen echter wel aanwezig zijn binnen de bestaande bebouwing (want behoren niet tot een of meer van de Verboden Bestemmingen). Uit de Verplichting volgt geen expliciet verbod om de op het Perceel Ziekenhuis niet-gesloopte gebouwen, die voorheen in gebruik waren als ziekenhuis, te verbouwen. Verbouwing van een niet-gesloopt gebouw met deze voorzieningen lijkt derhalve te zijn toegestaan met het oog op de Verplichting. 7.
Mag er worden bijgebouwd voor 1e en 2e lijns zorg? Ja, zulks met inachtneming van het voorgaande. Dergelijke zorg kan tegenwoordig immers onder de definitie van “ziekenhuis en nevengebouwen” geschaard worden.
pagina 10 van 10