Beantwoording toezegging wethouder Prakke - Statenbrief ‘Financieel toezicht op gemeenten en gemeenschappelijke regelingen 2024’
Tekst van het document
STATENBRIEF
Aan Provinciale Staten
Financieel toezicht op gemeenten en gemeenschappelijke regelingen 2024 DATUM 30‑01‑2024 DOCUMENTNUMMER UTSP-1508165036-27583 VAN Dick Schuurman BIJLAGEN Geen ONDERWERP
TELEFOONNUMMER E-MAILADRES
DOMEIN/OPGAVE TEAM PORTEFEUILLEHOUDER
+31639632304 dick.schuurman@provincieutrecht.nl BDO BEI Bakker
Geachte dames en heren, Essentie / samenvatting: Het financieel toezicht op gemeenten en gemeenschappelijke regelingen (GR-en) is in de Gemeentewet opgedragen aan Gedeputeerde Staten. Jaarlijks wordt op basis van de vastgestelde meerjarenbegroting vóór 1 januari bepaald welke vorm van toezicht voor het komende kalenderjaar van toepassing is; repressief de lichte vorm, of preventief. De portefeuillehouder financieel toezicht heeft, door ons gemandateerd, op 16 november 2023 besloten alle 17 onder het toezicht vallende GR-en en op 18 december 2023 alle 26 Utrechtse gemeenten onder het repressieve toezicht te plaatsen. Deze besluiten zijn door ons op 9 januari j.l. bekrachtigd. Graag informeren wij u via deze brief over onze genomen besluiten. Inleiding: De wijze waarop het financieel toezicht is ingericht is opgenomen in de Gemeentewet. Wanneer gemeenten en gemeenschappelijke regelingen een structureel en reëel sluitende begroting vaststellen (naar het oordeel van GS) komen zij in aanmerking voor het repressieve toezicht. Eventuele tekorten in meerjarenperspectief zijn voor het besluit over de toezichtvorm niet van belang, maar kunnen wel aanleiding zijn de gemeenten in de brief over het toezichtbesluit op te roepen maatregelen te treffen. Dit geldt evenzo voor risico’s die wij in het algemeen of bij specifieke gemeenten zien.
Gemeenten en gemeenschappelijke regelingen komen ook in aanmerking voor het repressief toezicht wanneer hun begroting niet reëel en structureel sluitend is, maar zij wel kunnen aantonen dat dit evenwicht in meerjarenperspectief wordt hersteld. Gemeenten Net als vorig jaar hebben alle Utrechtse gemeenten de eerste jaarschijf (i.c. 2024) structureel en reëel vastgesteld. Een beeld dat bij negen van de overige provincies ook het geval is. Landelijk zijn slechts twee gemeenten onder het preventieve toezicht geplaatst. Hiermee wordt een beeld gecreëerd dat het financieel wel goed gaat. Maar tegenover een sluitende begroting staan bij vrijwel alle gemeenten tekorten in 2026 en 2027. Deze tekorten zijn vooral ontstaan door een veel lagere omvang van het gemeentefonds in 2026 t.o.v. 2024 en 2025. In de grafiek zijn de structurele saldi van de 26 Utrechtse meerjarenbegrotingen opgeteld weergegeven. Gemeenten kunnen
1 van 2
verschillende uitgangspunten hanteren bij het opstellen van hun begroting, waardoor de uiteindelijke saldi per gemeente kunnen verschillen. Het effect van de ravijnjaren is echter wel duidelijk waar te nemen. Over een eventuele groei van het gemeentefonds in 2026 bestaat nog veel onzekerheid. Gesprekken tussen het Rijk en de VNG lopen nog en bovendien is er nog sprake van coalitieonderhandelingen en van een demissionair Kabinet. Het wachten is op duidelijkheid over definitieve besluitvorming over de omvang van het gemeentefonds vanaf 2026. Deze onzekerheid is voor de meeste gemeenten aanleiding nu nog geen maatregelen te treffen.
In onze brieven aan die gemeenten hebben wij aangegeven deze keuze, met inachtneming van die onzekerheid, te begrijpen. Maar tegelijkertijd hebben wij vanuit onze rol als toezichthouder de gemeenten meegegeven niet te lang te blijven wachten op meer duidelijkheid. Wij hebben de gemeenten nadrukkelijk geadviseerd om richting de komende Kadernota’s alvast in beeld te brengen wat het voor hun meerjarenperspectief betekent wanneer het Rijk uiteindelijk niet of slechts extra gelden beschikbaar stelt. Niet om nu al onomkeerbare (bezuinigings)besluiten te nemen, maar wel om bij die scenario’s aan te geven wat dit voor hen betekent, welk proces dit vraagt en welke stappen er dan op welk tijdstip genomen moeten worden. Ombuigen vraagt altijd een zorgvuldig bestuurlijk en politiek proces en vergt daarmee tijd. In IPO-verband trekken wij samen met de VNG op richting Rijk, waarbij nadrukkelijk wordt gewezen op de noodzaak voor voldoende middelen voor de gemeenten, zodat deze een duurzaam financieel beleid kunnen voeren. Ook in onze bestuurlijke contacten benadrukken wij dit. Gemeenschappelijke regelingen Voor de GR-en geldt in z’n algemeenheid dat de geraamde lasten via een verdeelsleutel worden omgeslagen naar de deelnemers, waarmee de begroting sluit. Voor alle 17 GR-en onder ons toezicht geldt dit ook in 2024.
In enkele gevallen hebben wij in de brief aan de GR een opmerking gemaakt over de risico’s die wij signaleren. Vervolgprocedure / voortgang: De individuele brieven aan de gemeenten zijn eind vorig jaar verzonden. Wij publiceren deze vanaf 1 maart a.s. op de IBT-Kaart op onze provinciale website. Daar vindt u ook per gemeente informatie over de andere IBT-domeinen.
Gedeputeerde Staten van Utrecht
Voorzitter, mr. J.H. Oosters
Secretaris, mr. drs. A.G. Knol-van Leeuwen
2 van 2