CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

952742 VVGB Schoolstraat 53-53D Bijlage 10 Quickscan Ecologie

Raadsvergadering 18 december 2024, gemeente BaarnBij agendapunt: Verklaring van geen bedenkingen woningbouw Schoolstraat 533.893 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ADRES: POSTCODE: PLAATS:

Schoolstraat 53 a, b, c en d 3742 CD Baarn

NAAM:

B&S Realestate B.V.

ADRES:

Prinses Carolinalaan 4

POSTCODE:

3743 JH

PLAATS:

Baarn

TELEFOONNUMMER:

06-19658131

CONTACTPERSOON:

Dhr. M .van de Boom

E-MAILADRES:

mark@vandeboomvastgoed.nl

NAAM:

Baecx B.V.

VELDWERKER:

Dhr. J. (Jasper) Smits

DATUM:

13 oktober 2022

PROJECTNUMMER:

P221033-01

PROJECTLEIDER:

Dhr. J. (Jasper) Smits

PROJECTMEDEWERKER:

Mevr. J. (Jaëlla) Thomassen

Het geldige rapport is degene met het hoogste versienummer. Eerdere versies met lager(e) versienummer(s) komen met de komst van een opvolgend versienummer te vervallen. Hieraan kunnen geen rechten worden ontleend. Versienummer

Autorisatiedatum

Wijzigingen

1

18 oktober 2022

Geen; eerste uitgifte

ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN. NIETS UIT DEZE UITGAVE MAG VOOR ZAKELIJK GEBRUIK WORDEN VERVEELVOUDIGD, OP WELKE WIJZE OOK, ZONDER VOORAFGAANDE (SCHRIFTELIJKE) TOESTEMMING VAN BAECX B.V.

Pagina

Samenvatting

4

1. Inleiding

5

2. Verantwoording 2.1 Aanleiding 2.2 Doelstelling

5 5 5

3. Vooronderzoek 3.1 Plangebied 3.2 Beschermde gebieden (Natura 2000 en NNN) 3.3 Nationale Databank Flora en Fauna

6 6 7 8

4. Veldwerk 4.1 Veldbezoek 4.2 Waarnemingen Flora 4.3 Waarnemingen Fauna 4.4 Overige waarnemingen

9 9 9 9 10

Conclusies en aanbevelingen

11

A. Foto’s B. Tekening C. Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten D. Vrijstelling per provincie E. Wet- en regelgeving

In opdracht van B&S Realestate B.V. is een ecologische quickscan uitgevoerd op de locatie Schoolstraat 53 a, b, c en d te Baarn. De aanleiding is de voorgenomen verbouw en sloop van meerdere opstallen. Deze rapportage geeft een eerste inschatting van mogelijke effecten op gebieden en op potentieel aanwezige beschermde flora en fauna.

Binnen het plangebied zijn er geen beschermde soorten waargenomen. Er zijn wel diverse grote bomen in directe omgeving waargenomen. Deze blijven in stand. Op de erfgrens aan de oostzijde bevindt zich klimop. Deze klimop is in beheer van de gemeente. Deze blijft in stand. De onderzoekslocatie is ecologisch gezien heel erg arm. Het is een versteende stedelijke omgeving. Rondom het onderzoeksgebied zijn aan alle kanten tuinen gelegen. Deze tuinen voorzien de onderzoekslocatie van een groene buffer en ecologisch bieden deze tuinen een habitat aan soorten die binnen de projectlocatie niet een geschikt habitat kunnen vinden.

Vleermuizen Er zijn geen vleermuizen of geschikte verblijfsplaatsen vastgesteld binnen het plangebied. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Gierzwaluw Binnen het plangebied zijn geen gierzwaluwen of (potentiële) nestplaatsen waargenomen. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Huismus Binnen het plangebied zijn er geen nesten, individuele huismussen en/of roepende paartjes van de huismus waargenomen. Ook zijn er geen nest- en/of verblijfsplaatsen vastgesteld. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Bij het toepassen van Natuurinclusief ontwerp in de nieuwbouw en de inrichting van het terrein kan dat mogelijk een versterkend effect genereren op de lokale Flora en Fauna. Te allen tijde is de zorgplicht van toepassing. Verstorende werkzaamheden dienen zo beperkt mogelijk gehouden te worden. Zodra er ook werkzaamheden buiten de reikwijdte van dit onderzoek plaatsvinden, dient een aanvullende quickscan uitgevoerd te worden

Initiatiefnemers zijn wettelijk verplicht om voorgaand aan het uitvoeren van een ingreep onderzoek te laten doen naar de mogelijke effecten op beschermde flora en fauna en beschermde gebieden (Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland (NNN). Bovendien is het in sommige gevallen verplicht melding te doen van het kappen van houtopstanden. Daarnaast dient er mogelijk een ontheffing of vergunning aangevraagd te worden bij het bevoegd gezag via de Omgevingsvergunning of rechtstreeks bij de provincie.

In opdracht van B&S Realestate B.V. is een ecologische quickscan uitgevoerd op de locatie Schoolstraat 53 a, b, c en d te Baarn. De aanleiding is de voorgenomen verbouw en sloop van meerdere opstallen.

Deze rapportage geeft een eerste inschatting van mogelijke effecten op gebieden en op potentieel aanwezige beschermde flora en fauna. Indien (negatieve) effecten op beschermde gebieden en beschermde soorten aanwezig zijn en/of de aanwezigheid hiervan niet afdoende kan worden aangetoond of uitgesloten, is nader onderzoek noodzakelijk. Het doel van de ecologische quickscan is het in kaart brengen van de te verwachten effecten op beschermde gebieden en soorten in de directe omgeving van het plangebied. De quickscan betreft geen gerichte inventarisatie naar soorten. De volgende vragen dienen beantwoord te worden: • Welke beschermde natuurwaarden en flora en fauna zijn in het plangebied aanwezig of te verwachten? • Heeft de ingreep mogelijk effecten op de potentieel aanwezige natuurwaarden? Zo ja, welke effecten zijn dit? • Houden deze effecten mogelijk een overtreding van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming in? • Welke mogelijkheden zijn er om deze negatieve effecten te minimaliseren of te voorkomen? • Is nader onderzoek noodzakelijk? • Is ontheffing of vergunning van de Wet natuurbescherming noodzakelijk?

De locatie is gesitueerd in Baarn en gelegen op het perceel kadastraal bekend als BAA01 M 1758, 1763 en 1530. De oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 216 m². Het plangebied bestaat uit: • Aan de noordzijde woningen; • Aan de oostzijde woningen; • Aan de zuidzijde woningen; • Aan de westzijde woningen.

Afbakening plangebied

Gebouw 1 (nummer 53, 53 a, b en c) Het gebouw dateert van 1965 en 1974 en is opgetrokken uit enkelsteens muren. Verder is het beton met stalen gevelelementen. De gevels hebben geen openingen. Het platte dak is van bitumen en heeft geen openingen. Momenteel is het in gebruik als dagopvang voor ouderen, huiswerkbegeleiding en fysiotherapie. Het gebouw blijft bestaan, de verbouwing is gepland.

Gebouw 2 (nummer 53 d) Het gebouw dateert uit 1974 en is opgetrokken uit enkelsteens muren. Daarnaast zijn er roldeuren aanwezig. Het dak is voorzien van golfplaat en ter plekke van het golfplaten dak lijkt visueel een opening te zitten in de voorgevel. Nadere inspectie wijst uit dat deze afgedicht is. Het gebouw is een voormalige groothandel in elektronica. Het gebouw wordt gesloopt en vervangen door nieuwbouw.

Het plangebied ligt niet in een Natura 2000-gebied of in een NNN-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied t.o.v. het plangebied is ‘Oostelijke Vechtplassen’. Dit Natura 2000-gebied ligt op circa 11,2 kilometer afstand ten westen van het plangebied. Beschermd NNN-gebied, ‘Eem’, ligt op circa 670 meter afstand ten oosten van het plangebied. In de bestaande situatie zijn diverse menselijke invloeden aanwezig in de zone tussen het plangebied en beschermde Natura 2000 en/of NNN gebieden. Het betreft woonwijken. Als gevolg van de bestaande situatie zullen de voorgenomen werkzaamheden aannemelijk géén verdere negatieve effecten opleveren zoals geluids- en visuele verstoringen. De afstand tussen het plangebied en de beschermde gebieden is hiervoor te groot. De werkzaamheden zullen naar verwachting geen invloed hebben op beschermde natuurgebieden. Overtreding van de Wet natuurbescherming t.o.v. Natura 2000 en/of NNN is niet aan de orde.

Met behulp van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is een lijst gemaakt van beschermde soorten die mogelijk aanwezig kunnen zijn in en rondom het plangebied. In onderstaande tabel is weergegeven welke beschermde soorten en welke functies rondom het plangebied aanwezig kunnen zijn. Tijdens het veldwerk dient beoordeeld te worden of deze soorten ook daadwerkelijk (in potentie) aanwezig zijn. FLORA FAUNA CHECK Soort

Beschermingsregime

Functie

Protocol

Baardvleermuis

Habitatrichtlijn

zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw

mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig

Franjestaart

Habitatrichtlijn

zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw

mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig

Gewone dwergvleermuis

Habitatrichtlijn

Gewone grootoorvleermuis

Habitatrichtlijn

Kleine dwergvleermuis

Habitatrichtlijn

Laatvlieger

Habitatrichtlijn

Ruige dwergvleermuis

Habitatrichtlijn

Gierzwaluw

Vogelrichtlijn

paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw massa winterverblijfplaats paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw nestlocatie

mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig

Huismus

Vogelrichtlijn

nestlocatie

mogelijk aanwezig

Op 13 oktober 2022 is het plangebied bezocht door dhr. J. (Jasper) Smits. Tijdens het veldbezoek is het plangebied en de directe omgeving daarvan geïnventariseerd op de aanwezigheid van ruimtelijk structuren en habitats. In algemene zin wordt bij het veldwerk gebruik gemaakt van een verrekijker, zaklamp, endoscoop en mobiel met fotocamera en NDFF-invoerportaal (Nationale Databank Flora en Fauna). De weersomstandigheden waren als volgt: 14 °C, bewolkt, droog met af en toe wat spetters. De gebouwen zijn niet voorzien van kieren of spleten die als invliegopening kunnen dienen. 99% van het perceel is met een klinker- of tegelverharding afgewerkt. Er staan geen bomen binnen de onderzoekslocatie, wel op de omringende percelen. Opgemerkt dient te worden dat het veldbezoek een momentopname betreft.

Binnen het plangebied zijn er geen beschermde soorten waargenomen. Er zijn wel diverse grote bomen in directe omgeving waargenomen. Deze blijven in stand. Op de erfgrens aan de oostzijde bevindt zich klimop. De onderzoekslocatie is ecologisch gezien heel erg arm. Het is een versteende stedelijke omgeving. Rondom het onderzoeksgebied zijn aan alle kanten tuinen gelegen. Deze tuinen voorzien de onderzoekslocatie van een groene buffer en ecologisch bieden deze tuinen een habitat aan soorten die binnen de projectlocatie niet een geschikt habitat kunnen vinden.

Vleermuizen Binnen het plangebied zijn er geen vleermuizen waargenomen. Vleermuizen hebben geen mogelijkheden binnen het plangebied. Nergens zijn geschikte (potentiële) invliegopeningen voor verblijfsplaatsen. Zonwering is nader geïnspecteerd op mogelijkheden of sporen van vleermuizen. Deze is ongeschikt wegens de aard van het materiaal (metaal; warmtegeleiding is voor vleermuizen te hoog om comfortabel te verblijven) en er is onvoldoende ruimte om voldoende dekking te hebben. In de gevels is duidelijk aandacht besteedt aan de afwerking. Gebouw 53 d lijkt visueel een opening te hebben in het golfplaten dak. Deze opening blijkt bij nadere inspectie toch te zijn afgedicht maar door kleurverschil lijkt het een opening. Gierzwaluw Het plangebied is niet geschikt als (potentiële) nestplaats voor gierzwaluwen. Er zijn geen geschikte invliegopeningen, alles is dicht. Binnen het plangebied zijn er geen waarnemingen en/of sporen aangetroffen van gierzwaluwen

Huismus Binnen het plangebied zijn er geen waarnemingen gedaan van huismussen. Daarnaast zijn er ook geen sporen van verblijfsplaatsen en/of nesten waargenomen. De locatie blijkt bij het locatiebezoek ook niet geschikt voor huismussen. Veel stenen verhardingen, geen schuilmogelijkheden. De omliggende tuinen zijn hiervoor een veel geschikter habitat.

Naast de in het vooronderzoek aangetroffen soorten is er ook gekeken naar overige Fauna in het algemeen. Vogels Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten waargenomen. Insecten Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten te verwachten. De soorten zijn niet waargenomen en er zijn tevens ook geen geschikte verblijfsplaatsen aanwezig. Amfibieën/reptielen/vissen Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten te verwachten. De soorten zijn niet waargenomen en er zijn tevens ook geen geschikte verblijfsplaatsen aanwezig. Grondgebonden zoogdieren Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten waargenomen of te verwachten.

Aan de hand van het vooronderzoek en het veldwerk concludeert en adviseert Baecx B.V. het volgende:

Binnen het plangebied zijn er geen beschermde soorten waargenomen. Er zijn wel diverse grote bomen in directe omgeving waargenomen. Deze blijven in stand. Op de erfgrens aan de oostzijde bevindt zich klimop. Deze klimop is in beheer van de gemeente. Deze blijft in stand. De onderzoekslocatie is ecologisch gezien heel erg arm. Het is een versteende stedelijke omgeving. Rondom het onderzoeksgebied zijn aan alle kanten tuinen gelegen. Deze tuinen voorzien de onderzoekslocatie van een groene buffer en ecologisch bieden deze tuinen een habitat aan soorten die binnen de projectlocatie niet een geschikt habitat kunnen vinden.

Vleermuizen Er zijn geen vleermuizen of geschikte verblijfsplaatsen vastgesteld binnen het plangebied. Volgens het Kennisdocument Gewone dwergvleermuis, Gewone grootoorvleermuis en Ruige dwergvleermuis van BIJ12, paragraaf 2.2, kan van nader onderzoek afgezien worden als op basis van de best beschikbare verspreidingsgegevens of de ecologische quickscan duidelijk is dat aanwezigheid van een soort niet te verwachten valt of als de ingreep zodanig beperkt is dat er geen overtreding van een verbodsbepaling is te verwachten. Voor de Baardvleermuis, Franjestaart, Kleine dwergvleermuis en Laatvlieger is geen Kennisdocument van BIJ12 beschikbaar. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Gierzwaluw Binnen het plangebied zijn geen gierzwaluwen of (potentiële) nestplaatsen waargenomen. Volgens het Kennisdocument Gierzwaluw van BIJ12, paragraaf 2.2, kan van nader onderzoek afgezien worden als op basis van de best beschikbare verspreidingsgegevens duidelijk is dat aanwezigheid van een soort niet te verwachten valt of als de ingreep zodanig beperkt is dat er geen overtreding van een verbodsbepaling is te verwachten. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Huismus Binnen het plangebied zijn er geen nesten, individuele huismussen en/of roepende paartjes van de huismus waargenomen. Ook zijn er geen nest- en/of verblijfsplaatsen vastgesteld.

Volgens het Kennisdocument van BIJ12, paragraaf 2.2, is het afhankelijk van de grootte van het plangebied en de uit te voeren activiteiten hoeveel en welk onderzoek er nodig is. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Bij het toepassen van Natuurinclusief ontwerp in de nieuwbouw en de inrichting van het terrein kan dat mogelijk een versterkend effect genereren op de lokale Flora en Fauna.

Te allen tijde is de zorgplicht van toepassing. Verstorende werkzaamheden dienen zo beperkt mogelijk gehouden te worden. Zodra er ook werkzaamheden buiten de reikwijdte van dit onderzoek plaatsvinden, dient een aanvullende quickscan uitgevoerd te worden.

Bijlage A

Achtergevel

Achtergevel

Achtergevel

Fietsenstalling achterzijde (blijft staan)

Achtergevel oostelijk (schuur valt buiten projectlocatie)

Achtergevel west

Voorgevel oost

Voorgevel west

Zijgevel

Zijgevel en haag

Voorterrein

Bijlage B

Schuur buiten onderzoekslocatie/perceel (blijft staan) Fietsenstalling (blijft staan) Klimop heg (blijft staan)

De maten zijn aangegeven in meters Projectnummer: P221033-01 Locatie: Schoolstraat 53 a, b, c en d te Baarn

Bijlage C

Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten Soort Steenuil Athene noctua Gierzwaluw Apus apus Huismus Passer domesticus Roek Corvus frugilegus Grote gele kwikstaart Motacilla cinerea Kerkuil Tyto alba Oehoe Bubo bubo Ooievaar Ciconia ciconia Slechtvalk Falco peregrinus Boomvalk Falco subbuteo Buizerd Buteo buteo Havik Accipiter gentilis Ransuil Asio otus Sperwer Accipiter nisus Wespendief Pernis apivorus Zwarte wouw Milvus migrans Blauwe reiger Ardea cinerea Boerenzwaluw Hirundo rustica Bonte vliegenvanger Ficedula hypoleuca Boomklever Sitta europaea Boomkruiper Certhia brachydactyla Bosuil Strix aluco Brilduiker Bucephala clangula Draaihals Jynx torquilla Eidereend Somateria mollissima Ekster Pica pica Gekraagde roodstaart Phoenicurus phoenicurus Glanskop Parus palustris Grauwe vliegenvanger Muscicapa striata Groene specht Picus viridis Grote bonte specht Dendrocopos major Hop Upupa epops Huiszwaluw Delichon urbicum IJsvogel Alcedo atthis Kleine bonte specht Dendrocopos minor Kleine vliegenvanger Ficedula parva Koolmees Parus major Kortsnavelboomkruiper Certhia familiaris macrodactyla Oeverzwaluw Riparia riparia Pimpelmees Parus caeruleus Raaf Corvus corax Ruigpootuil Aegolius funereus Spreeuw Sturnus vulgaris Tapuit Oenanthe oenanthe Torenvalk Falco tinnunculus Zeearend Haliaeetus albicilla Zwarte kraai Corvus corone Zwarte mees Periparus ater Zwarte roodstaart Phoenicurus

ochruros Zwarte specht Dryocopus martius

Categorie 1

Uitleg categorie Nesten die buiten het broedseizoen ook als vaste rust- en verblijfplaats dienen

2 2 2 3 3 3 3 3 4 4 4 4 4 4 4 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5

Nesten van koloniebroeders die op dezelfde plaats broeden en daarin honkvast zijn of afhankelijk zijn van bebouwing Nesten van vogels die ieder jaar op dezelfde plaats broeden en daarin honkvast zijn of afhankelijk zijn bebouwing

Vogels die ieder jaar gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn om een nest te bouwen

Nesten zijn alleen beschermd in het broedseizoen, wel is een inventarisatie gewenst

Bijlage D

Vrijstelling per provincie De volgende soorten zijn voor alle provincies vrijgesteld: Zoogdieren: • Aardmuis Microtus agretis • Bosmuis Apodemus sylvaticus • Dwergmuis Micromys minutus • Dwergspitsmuis Sorex minutus • Egel Erinaceus europaeus • Gewone bosspitsmuis Sorex araneus • Haas Lepus europeus • Huisspitsmuis Crocidura russula

• •

Konijn Oryctolagus cuniculus Ondergrondse woelmuis

• • • • •

Pitymys subterraneus Ree Capreolus capreolus Rosse woelmuis Clethrionomys glareolus Veldmuis Microtus arvalis Vos Vulpes vulpes Woelrat Arvicola terrestris

Amfibieën en reptielen: • Bruine kikker Rana temporaria • Gewone pad Bufo bufo • Kleine watersalamander Triturus vulgaris • Meerkikker Pelophylax ridibundus (Rana ridibunda) • Middelste groene kikker / Bastaardkikker Pelophylax klepton esculentus (Rana esculenta) De volgende soorten zijn in de provincies Overijssel, Gelderland, Flevoland, Zeeland, NoordBrabant en Noord-Holland niet vrijgesteld van de Wet natuurbescherming: • Bunzing Mustela putorius • Hermelijn Mustela erminea • Wezel Mustela nivalis De volgende soorten zijn in de provincie Zuid-Holland niet vrijgesteld van de Wet Natuurbescherming: • Ondergrondse woelmuis Pitymys subterraneus • Tweekleurige bosspitsmuis Sorex coronatus De volgende soorten zijn in Limburg alleen in vaste perioden vrijgesteld: • Eekhoorn Sciurus vulgaris: maart - april - juli - november • Hazelworm Anguis fragilis: juli - september • Levendbarende hagedis Zootoca vivipara: 15 augustus - 15 oktober • Molmuis Arvicola scherman: jaarrond • Steenmarter Martes foina: 15 augustus – februari De volgende soort is alleen in de provincie Noord-Brabant vrijgesteld van de Wet natuurbescherming: • Wild zwijn Sus scrofa

Bijlage E

Bijlage E Wet- en regelgeving WET NATUURBESCHERMING Sinds 1 januari 2017 is in Nederland de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze wet omvat zowel soort- als gebiedsbescherming en vervangt hiermee de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en Faunawet en de Boswet. Gebiedsbescherming Vanuit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn lidstaten verplicht speciale beschermingszones (Natura 2000-gebieden) aan te wijzen. Elk Natura 2000-gebied heeft instandhoudingsdoelstellingen t.a.v.: • Leefgebieden voor vogelsoorten (Vogelrichtlijn) • Natuurlijke habitatten en de habitatten van soorten (Habitatrichtlijn) Gebiedsbescherming Artikel 2.7, lid 2 Wet natuurbescherming: Het is verboden om activiteiten binnen en buiten een Natura 2000-gebied uit te voeren die, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen: 1. 2.

de kwaliteit van de natuurlijke habitatten of de habitatten van soorten in dat gebied kan verslechteren, of een significant verstorend effect kan hebben op de soorten waarvoor dat gebied is aangewezen.

De activiteit kan alleen uitgevoerd worden als het Bevoegd Gezag een vergunning verleend. Voor werkzaamheden die uitgevoerd worden in nationaal belang is de minister van Economische Zaken Bevoegd Gezag. Soortbescherming In de Wnb wordt onderscheid gemaakt tussen drie beschermingsregimes: • Vogelrichtlijnsoorten • Habitatrichtlijnsoorten • Andere soorten (nationale soorten) Per beschermingsregime zijn aparte verbodsbepalingen opgesteld, zie onderstaande tekstvak. Deze verbodsbepalingen gelden overal in Nederland en kunnen daarom van invloed zijn op ruimtelijke ingrepen en/of het herzien/opstellen van bestemmingsplannen. Deze activiteiten dienen getoetst te worden aan de Wet natuurbescherming. De toetsing omvat: • Inventarisatie van het (mogelijk) voorkomen van wettelijk beschermde dier- en plantensoorten in het plangebied en de directe omgeving daarvan, • Inventarisatie en beoordeling van (significant) nadelige effecten t.g.v. de activiteit op beschermde soorten die binnen het plangebied en/of de directe omgeving daarvan aanwezig zijn, • Indien nodig, een opname van maatregelen die de (significant) negatieve effecten op de beschermde soorten en diens habitatten mitigeren en/of compenseren.

Soortbescherming Vogelrichtlijnsoorten: artikel 3.1 Wet natuurbescherming: Hieronder vallen alle van nature in Nederland in het wild voorkomende vogels. 1. 2. 3. 4.

Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben. Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen.

Habitatrichtlijnsoorten: artikel 3.5 Wet natuurbescherming: Hieronder vallen alle dieren uit de Habitatrichtlijn, bijlage IV, onderdeel a, het Verdrag van Bern, bijlage II en het Verdrag van Bonn, bijlage I, en alle planten uit de Habitatrichtlijn, bijlage IV, onderdeel b en het Verdrag van Bern, bijlage I. 1.

2. 3. 4. 5.

Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren. Het is verboden eieren van de dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen. Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn of bijdrage I bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen of af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Andere soorten: artikel 3.10, lid 1 Wet natuurbescherming: Hieronder vallen nationaal beschermde soorten. a) b) c)

In het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten genoemd in de bijlage, onderdeel A bij deze wet, opzettelijk te doden of te vangen; De vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen; Vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B bij deze wet, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Ontheffing en vrijstellingen Wanneer ten minste 1 verbodsbepaling uit bovenstaande artikelen overtreden wordt, dient een ontheffing aangevraagd te worden bij het Bevoegd Gezag waarin de activiteit plaatsvindt. Een ontheffing geeft de initiatiefnemer de mogelijkheid om onder voorwaarden de wet te overtreden. Vrijstellingen beschrijven handelingen en situaties waarin de wet niet van toepassing is. Deze kunnen verkregen worden wanneer er: • Geen andere bevredigende oplossing bestaat, • Geen negatief effect is op de staat van intandhouding van de soort, • Er voldaan is aan de in de wet genoemde belangen (art. 3.3, lid 4b, art. 3.8, lid 5b en art. 3.10, lid 2).

Voor vogels kan echter geen beroep gedaan worden op belang “Dwingende reden van groot openbaar belang”. Wanneer overtreding van de verbodsbepalingen voorkomen kan worden door het treffen van mitigerende maatregelen, is het aanvragen van een ontheffing niet nodig. Wel kan in dergelijke gevallen toch ontheffing aangevraagd worden om de te treffen maatregelen goed te laten keuren. Indien het bevoegd gezag de maatregelen goedkeurt, wordt door hen een “positieve afwijzing” afgegeven. Bij de aanvraag van een ontheffing zijn een activiteitenplan en/of een compensatieplan noodzakelijk. Hierin staan de bevindingen uit de ecologische quickscan vermeld en worden maatregelen beschreven die uitgevoerd dienen te worden om ervoor te zorgen dat de nadelige effecten op beschermde plant- en diersoorten zoveel mogelijk te voorkomen, dan wel te beperken. Voor de soorten uit beschermingsregime “Andere soorten” geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen uit artikel 3.10, mits een door het ministerie van EZ goedgekeurde gedragscode van toepassing is op de activiteit. Indien aantoonbaar gewerkt kan worden volgens een dergelijke gedragscode, hoeft geen ontheffing aangevraagd te worden voor overtreding van één of meerdere verbodsbepalingen uit artikel 3.10 van de Wnb.

Indien er geen goedgekeurde gedragscode van toepassing is op de activiteit of het niet mogelijk is om volgens een dergelijke gedragscode te werken, dient bij overtreding van verbodsbepalingen wel een ontheffing aangevraagd te worden. Zorgplicht (artikel 1.11 Wet natuurbescherming) Voor alle plant- en diersoorten (inclusief onbeschermde soorten) geldt de zorgplicht. Dit houdt in dat (mogelijke) nadelige gevolgen voor planten en dieren, voor zover mogelijk, zoveel mogelijk vermeden dienen te worden. De Zorgplicht dient hiermee als vangnet voor de onbeschermde soorten in Nederland.

NATUURNETWERK NEDERLAND Het Natuurnetwerk Nederland (NNN), voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS), omvat beschermde gebieden die zijn aangewezen t.b.v. ecologische verbindingen tussen natuurgebieden. Deze gebieden vormen hiermee een ecologisch netwerk waarvan de natuurwaarden niet mogen worden aangetast. De (mogelijke) effecten dienen daarom ook getoetst te worden op deze natuurwaarden. De provincie waarbinnen het plangebied valt is tevens Bevoegd Gezag.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14834039/1