766356 Jaarstukken 2022, begrotingswijziging 2023 en Begroting 2024 RID Utrecht bijlage 1 Jaarstukken 2022
Tekst van het document
Overhead Personeelslasten
Begroting
Salarissen en vervangingsbudget Opleidingen Overige personeelslasten Totale personeelslasten
593.000 12.000 19.000 624.000
Inkomsten 59.000 0 0 59.000
Rekening Afwijking Uitgaven Saldo 638.000 579.000 14.000 V 8.000 8.000 4.000 V 21.000 21.000 2.000 N 667.000 608.000 16.000 V
Er is 96.000 aan incidentele kosten gemaakt.
BEDRIJFSVOERING RID UTRECHT Huisvesting/facilitair Ondersteuning Gemeente De Bilt Advies en accountantskosten ICT kosten Innovatie Bedrijfsauto’s Totaal bedrijfsvoering
Gewijzigde Begroting Rekening Afwijking 149.000 145.000 4.000 71.000 70.000 1.000 273.000 260.000 13.000 21.000 10.000 11.000 151.000 107.000 44.000 8.000 4.000 4.000 673.000 596.000 77.000
V V V V V V V
Innovatie In 2022 hebben wij ons innovatiebudget besteed aan een Business Intelligence (BI) initiatief. Hierover hebben wij reeds op bladzijde 9 geschreven. De verwachting was dat we uiteindelijk € 123.000 zouden besteden aan dit initiatief. Het restant budget (€ 28.000) zou overblijven. Gezien het feit dat onze deelnemers aangaven geen verder gebruik te willen maken van deze BI- oplossing konden we eerder afschalen en zo minder besteden aan dit initiatief.
25
Algemene dekkingsmiddelen
Algemene dekkingsmiddelen Deelnemersbijdragen Totaal
Gewijzigde Begroting Rekening Afwijking 7.801.000 7.801.000 0 7.801.000 7.801.000 0
Deze deelnemersbijdragen zijn geheel in rekening gebracht middels voorschotten.
26
WNT-verantwoording 2022 Regionale ICT-Dienst Utrecht De WNT is van toepassing op Regionale ICT-Dienst Utrecht. Het voor Regionale ICT-Dienst Utrecht toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2022 € 216.000 conform het Algemeen Bezoldigingsmaximum.
1. Bezoldiging topfunctionarissen Gegevens 2022 bedragen x € 1
Mevr. D.M.A.H. Govaerts
Functiegegevens
Directeur
Aanvang functievervulling in 2022 einde functievervulling in 2022
01/01/2022 31/12/2022
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
102.868,93
Beloningen betaalbaar op termijn
17.886,60
Subtotaal
120.541,25
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
216.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
Nvt
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
Gegevens 2021 bedragen x € 1
Mevr. D.M.A.H. Govaerts
Functiegegevens
Directeur
Aanvang functievervulling in 2021 einde functievervulling in 2021
01/01/2021 31/12/2021
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
97.566,36
Beloningen betaalbaar op termijn
18.172,32
Subtotaal
115.751,38
27
De binnen onze organisatie geïdentificeerde leidinggevende topfunctionaris met een dienstbetrekking heeft geen dienstbetrekking bij meerdere WNT-plichtige instelling(en) als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2022)
1d. Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.800 of minder Gegevens 2022 NAAM TOPFUNCTIONARIS
FUNCTIE
G.F. Naafs
Voorzitter AB/DB
I. Meerts
Lid DB/AB
N. Kundic
Lid AB /DB (tot 14 juli)
H. Prakke
Lid AB (hele jaar) en DB lid vanaf 14 juli
S.C.C.M. Potters
Lid AB
R. van Bennekom
Lid AB
H. Waaldijk
Lid AB tot 14 juli
D.M.P.G. Smolenaars
Lid AB tot 28 november
G. Boonzaaijer
Lid AB vanaf 14 juli
O. Suna
Lid AB vanaf 14 juli
W. van Dijk
Lid AB vanaf 28 november
3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2022 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen
Gebeurtenissen na balansdatum Er hebben zich geen gebeurtenissen na balansdatum voorgedaan.
28
7. Balans en Toelichting 7.1. Grondslagen Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit ‘Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten’ daarvoor geeft. Op de in de jaarrekening opgenomen begroting is geen accountantscontrole toegepast.
Jaarverslaggevingsvoorschriften Bij het opstellen van het jaarverslag en de jaarrekening zijn de voorschriften en regels van het Besluit Begroting en Verantwoording gehanteerd.
Grondslagen voor de waardering van activa en passiva Algemeen De waardering van activa en passiva vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, zijn de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten zijn toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn.
Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs (inkoopprijs plus bijkomende kosten) c.q. vervaardigingsprijs, verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven. De afschrijving van de geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling vangt aan per 1 januari in het jaar na de ingebruikneming van het gerelateerde materiële vaste actief.
Materiële vaste activa Volgens artikel 59 BBV dient er een onderscheid gemaakt te worden tussen investeringen met uitsluitend maatschappelijk nut in de openbare ruimte en investeringen met een (beperkt) economisch nut. Investeringen die verhandelbaar zijn en/of op enigerlei wijze kunnen leiden tot of bijdragen aan het verwerven van inkomsten, zijn investeringen met economisch nut.
Materiële vaste activa met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijging- of vervaardigingprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Investeringen worden lineair afgeschreven over de verwachte gebruiksduur en als ingangsdatum per 1 januari in het jaar na aanschaf.
Toelichting Op grond van artikel 65 van het BBV wordt bij de waardering van de vaste activa rekening gehouden met een vermindering van hun waarde, indien deze vermindering naar verwachting duurzaam is.
Materiële vaste activa met maatschappelijk nut De RID-Utrecht heeft geen materiële vaste activa met maatschappelijk nut.
29
Afschrijvingen De afschrijvingen zijn gebaseerd op de geschatte economische levensduur en zijn berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgprijs of vervaardigingprijs, rekening houdend met een eventuele restwaarde. De uitgangspunten zijn vastgesteld door het Algemeen Bestuur middels het activabeleid. De termijnen zijn onderstaand opgenomen: Hardware Switches Bladeservers Monitoren ThinClients FatClients Overige hardware
6 jaar 5 jaar 5 jaar 5 jaar 5 jaar 5 jaar
Software Diverse software (afhankelijk van economische levensduur
5 tot 7 jaar
Telefonie Vaste telefoons Telefooncentrale Smartphones Mobiele telefoons
8 jaar 5 jaar 2 jaar 3 jaar
Inventaris Kantoormeubillair Inrichting datacenter
10 jaar 10 jaar
Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde, zo nodig onder aftrek van oninbaarheid. Binnen de RID is de volgende financiële vaste activa aanwezig: • Overige uitzettingen met een rente typische looptijd langer dan 1 jaar.
Vlottende activa uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar en overlopende activa De voorgeschreven indeling voor wat betreft vorderingen is: • vorderingen op openbare lichamen (gemeenten, gemeenschappelijke regelingen, Rijk) • verstrekte kasgeldleningen • rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen • overige vorderingen • overige uitzettingen Vorderingen worden gewaardeerd op nominale waarde, onder aftrek van een voorziening voor mogelijke oninbaarheid. Op het punt van uitzettingen is gekozen om de terminologie van de Wet Fido (Financiering decentrale overheden) te volgen. Het begrip uitzettingen heeft zowel betrekking op vorderingen als op effecten. Het onderscheid tussen beide is komen te vervallen. Voor zover op grond van het treasurystatuut effectenbezit niet is toegestaan, dan wel niet aanwezig, kan dit in de toelichting uiteengezet worden.
Liquide middelen en overlopende posten Deze activa zijn tegen nominale waarde opgenomen.
30
Vaste passiva Voorzieningen Voorzieningen zijn gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Voorzieningen worden op grond van artikel 44 BBV gevormd voor: a. b.
verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs te schatten. bestaande risico’s op balansdatum ter zake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is.
Netto-vlottende schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar of langerVaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.
Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Grondslagen voor de bepaling van het resultaat Algemeen De grondslagen die worden toegepast voor resultaatbepaling zijn gebaseerd op historische kosten. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben.
Opbrengsten Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
Personeelslasten Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij gaat het om componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming; vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden.
31
7.2. Balans per 31 december 2022 Balans
ACTIVA (bedragen in €) voor resultaatbestemming
31-12-2022
Balans
31-12-2021
Vaste activa Immateriële vaste activa kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
1.175.000
1.648.000 1.175.000
1.648.000
Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut
2.413.000
2.204.000 2.413.000
2.204.000
Financiële vaste activa Overige uitzettingen met looptijd > 1 jaar
170.000
TOTAAL VASTE ACTIVA
470.000 170.000
470.000
3.758.000
4.322.000
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen
2.196.000
Overige vorderingen
1.802.000
0
0 2.196.000
1.802.000
Liquide middelen Banksaldi
0
903.000 0
Overlopende activa
708.000
903.000 611.000
708.000
611.000
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
2.904.000
3.316.000
TOTAAL GENERAAL ACTIVA
6.662.000
7.638.000
Balans
Passiva (bedragen in €) voor resultaatbestemming
31-12-2022
Balans
31-12-2021
Vaste passiva Eigen vermogen Algemene Reserve
87.000
87.000
Gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
721.000
446.000
Bestemmingsreserve
270.000
114.000 1.078.000
647.000
vaste schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
4.100.000
TOTAAL VASTE PASSIVA
5.700.000 4.100.000
5.700.000
5.178.000
6.347.000
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Banksaldi
307.000
Overige schulden
1.177.000
1.291.000 1.484.000
Overlopende passiva
-
1.291.000 -
-
-
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
1.484.000
1.291.000
TOTAAL GENERAAL PASSIVA
6.662.000
7.638.000
32
7.3. Toelichting op de balans Vaste Activa IMMATERIËLE VASTE ACTIVA (bedragen in €)
Boekwaarde Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen 01-01-2022 in 2022 in 2022 t.l.v. 2022
Bijdrage Boekwaarde van derden 31-12-2022
Kosten onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Migratieproject Totaal
1.648.000 1.648.000
0 0
0 0
473.000
0
473.000
0
1.175.000 1.175.000
Er zijn geen investeringen gedaan in 2022 MATERIËLE VASTE ACTIVA (bedragen in €)
Boekwaarde Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde 01-01-2022 in 2022 in 2021 t.l.v. 2022 31-12-2022
INVESTERINGEN MET ECONOMISCHE NUT Software
575.000
-
-
151.000
424.000
Hardware
1.500.000
969.000
-
566.000
1.903.000
Inventaris
129.000 2.204.000
969.000
0
43.000 760.000
86.000 2.413.000
Totaal
De belangrijkste investeringen in het boekjaar worden hieronder toegelicht. Bedrag € 1000 952.000 Netwerkinfra Werkplekken 17.000
Financiële vaste Activa Financiële Vaste Activa (bedragen in € )
Uitzettingen langer dan 1 jaar
Totaal Financiele vaste Activa
31-12-2022
31-12-2021
170.000
470.000
170.000
470.000
De financiële vaste activa hebben betrekking op langlopende onderhoudscontracten voor Hard- en software. Het kortlopende deel bedraagt € 137.000 en heeft derhalve betrekking op 2023.
33
Vlottende Activa VORDERINGEN OPENBARE LICHAMEN (bedragen in € ) Debiteuren deelnemers TOTAAL VORDERINGEN
31-12-2022 2.196.000
31-12-2021 1.802.000
2.196.000
1.802.000
De vorderingen zijn alle inbaar. Wij hebben geen dubieuze vorderingen per 31 december 2022. Liquide middelen (bedragen in € ) 31-12-2022 31-12-2021 0 903.000 Banksaldi 0
903.000
31-12-2022 708.000
31-12-2021 611.000
708.000
611.000
TOTAAL VORDERINGEN OVERLOPENDE ACTIVA (bedragen in € ) vooruitbetaalde bedragen TOTAAL OVERLOPENDE ACTIVA
De vooruitbetaalde kosten betreffen voornamelijk onderhoudscontracten. Het vooruitbetaalde bedrag wordt hier verantwoord. De vooruitbetalingen voor meerdere jaren worden onder de financiële vaste activa verantwoord.
34
Vaste Passiva EIGEN VERMOGEN (bedragen in € )
31-12-2022
31-12-2021
87.000
87.000
87.000
87.000
721.000
446.000
270.000
114.000
1.078.000
647.000
ALGEMENE RESERVE Vrije Reserve SUBTOTAAL VRIJE RESERVE Nog te bestemmen resultaat lopend jaar Bestemmingsreserve
TOTAAL EIGEN VERMOGEN Algemene Reserve (bedragen in €)
01-01-2022
toegevoegd
onttrokken
31-12-2022
87.000
0
0
87.000
Vrije reserve
De RID mag conform artikel 25 van de gemeenschappelijke regeling een vrije reserve vormen van 10% van de jaarlijkse apparaatskosten. Resultaatverdeling 2021: Bestemming resultaat 2021 (bedragen in €) Bestemmingsreserve Uitgestelde kosten 2021 Bestemmingsreserve eenmalige dekking 2023 structurele last Informatieveiligheid Teruggeven aan RIDdeelnemers
96.000
270.000 80.000
Totaal resultaat 2021
446.000
Dit heeft de volgende mutatie in de bestemmingsreserve tot gevolg: Bestemmingsreserve (bedragen in €) Bestemmingsreserve Kosten tijdelijke vervanging CISO Bestemmingsreserve Extra beheerscapaciteit 2022 Bestemmingsreserve Uitgestelde kosten 2021 Bestemmingsreserve eenmalige dekking 2023 structurele last Informatieveiligheid
01-012022
jaarrekeningresultaat 2021 toegevoegd onttrokken
31-122022
10.000
0
0
10.000
0
104.000
0
0
104.000
0
0
96.000
0
96.000
0
0 114.000
270.000 366.000
0 0
0 210.000
270.000 270.000
Totaal Bij het vaststellen van de bestuursrapportage 2021 heeft het AB op 11 oktober 2021 besloten om 2 bestemmingsreserves te vormen. Eén voor de kosten van de tijdelijke vervanging CISO, en één voor tijdelijke extra beheercapaciteit. Deze zijn conform besluit in 2022 onttrokken aan de reserves.
35
Vaste Schulden (bedragen in € )
31-12-2022
31-12-2021
4.100.000
5.700.000
4.100.000
5.700.000
Onderhandse leningen binnenlandse banken TOTAAL vaste schulden Vaste Schulden (bedragen in €) Lening BNG bank
Saldo 01-01-2022 Vermeerderingen 5.700.000
Aflossingen Saldo 31-12-2022
-
1.600.000
4.100.000
In december 2017 is een langlopende lening aangetrokken voor 5 jaar, tegen een rentepercentage van 0,17% In februari 2019 en september 2019 zijn 2 langlopende leningen aangetrokken: • voor 5 jaar met een rentepercentage van 0,25% • voor 5 jaar met een rentepercentage van -0,15% In januari 2020 en juli 2020 zijn 2 langlopende leningen aangetrokken: • voor 5 jaar met een rentepercentage van -0,03% • voor 5 jaar met een rentepercentage van -0,03% In februari 2021 is een langlopende lening aangetrokken voor 5 jaar, tegen een rentepercentage van -0,10% De totale renteopbrengst voor 2022 bedraagt € 1.000.
Vlottende Passiva KORTLOPENDE SCHULDEN (bedragen in €) Bank- en girosaldi
31-12-2022 307.000
31-12-2021 0
Overige schulden
1.177.000
1.457.000
TOTAAL KORTLOPENDE SCHULDEN
1.484.000
1.457.000
Alle kortlopende schulden hebben een rentetypische looptijd korter dan een jaar. Binnen de schulden zitten ook schulden aan mede-overheden: belastingdienst (€ 485.000) gemeente Soest (€ 35.000) en gemeente Utrechtse Heuvelrug (€ 3.500).
36
Schatkistbankieren Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
2022 250
Kwartaal 1 (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag (3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
450
782
460
557
200
532
210
307
Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
8.011 8.011 -
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag minimum van €250.000
250
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
40.536
71.147
42.337
51.232
90
91
92
92
450
782
460
557
Gezien het feit dat de RID werkt met een kwartaalbevoorschotting fluctueert de liquide middelenstand gedurende het kwartaal van positief naar negatief.
Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen waaraan de RID voor toekomstige jaren is verbonden (Overeenkomsten) De RID heeft de volgende verplichting:
Leaseauto’s De RID heeft 1 leaseauto met een looptijd tot 1/7/2023. Dit betekent een jaarbedrag van € 3.000
Huurovereenkomst pand Doorn De huurovereenkomst loopt tot 31 mei 2023 en wordt vervolgens jaarlijks verlengd. Dit betreft een jaarbedrag van € 110.000
Langlopende contracten Headfirst mantelpartij voor inhuur mensen. Contract is ingegaan per 1 januari 2020. Looptijd 2 jaar met een optionele verlenging van 2 keer 1 jaar. Opdrachtwaarde is ca. € 1.900.000 per jaar. Comparex (nieuwe naam Softwareone) mantelpartij voor software. Contract is ingegaan per 6 november 2018. Looptijd 3 jaar met optionele verlenging van 3 jaar. Het betreft een raamovereenkomst Opdrachtwaarde ongeveer € 1.000.000 per jaar Eurofiber betreft Europese aanbesteding van glasvezelverbinding. Ingangsdatum 1 juni 2013 met een looptijd van 5 jaar met de mogelijkheid tot verlenging van 10 keer 1 jaar. Opdrachtwaarde € 70.000 per jaar. Ten behoeve van de Hardware mantel zijn per 1 maart een 3 tal partijen gecontracteerd. Het betreft een raamovereenkomst voor de looptijd van 2 jaar met een optionele verlenging van 3 keer 1 jaar. Het betreft Central Point (nieuwe naam Dustin), BuyIT direct en SLTN.
37
Visma Raet betreft een Europese aanbesteding voor onze E-hrm oplossing. De looptijd is 5 jaar met de mogelijkheid om 2 keer te verlengen met 2 jaar. De geschatte opdrachtwaarde is € 237.000 per jaar.
Bijlagen Verdeling per taakveld (x € 1.000) Taakveld
Begroting
2022
Baten
lasten
baten
lasten
2021 baten
laten
Programma dienstverlening
0.4 Overhead
828
7.542
1.539
7.625
1.325
7.755
Overhead
0.4 Overhead
0
1.297
59
1.263
41
1.047
Algemene dekkingsmiddelen
0.4 Overhead
7.801
0
7.801
0
0
0
8.629
8.839
9.399
8.888
9.362
8.802
Totaal
Staat van incidentele baten en lasten (x € 1.000)
Begroting
2022
Baten
lasten
baten
lasten
baten
laten
Programma dienstverlening
0
114
0
114
0
183
Overhead
0
96
0
96
0
0
Algemene dekkingsmiddelen
0
0
0
0
183
0
Totaal
0
210
0
210
370
183
38
2021
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
39
40
41
42
43
Vaststellingsbesluit Aldus vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur d.d. 6 juli 2023 Voorzitter,
Secretaris,
44