CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

338939 Ontwerpbestemmingsplan Tolweg 2, 4 en 6 bijlage 6 Vleermuizenonderzoek

Besluit in de Raad 26 januari 2022, gemeente BaarnBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Tolweg 2, 4 en 61.655 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adviesgroep voor ruimte, water & natuur Postbus 1799, 3600 BT Maarssen

Notitie vleermuisonderzoek Tolweg 4 & 6, Baarn Projectgegevens Opdr. gvr.: Domus Project: Sloop bedrijfspanden Betreft: Vleermuisinventarisatie Tolweg 4 & 6 te Baarn Opgest.: R. Harleman, natuur- en landschapsdeskundige Contact: 06 51613592, harleman@ruimtevooradvies.nl

1. Inleiding 1.1. Aanleiding en doel In (ruimtelijke) plannen is in het kader van de uitvoerbaarheid inzicht gewenst in de aanwezigheid van beschermde soorten Wet natuurbescherming. Met andere woorden, in het ruimtelijke ordeningstraject dient te worden aangetoond dat het plan uitvoerbaar is. In dit kader is een natuurtoets uitgevoerd voor de voorgenomen nieuwbouw aan de Tolweg 4 en 6 te Baarn. Uit deze natuurtoets is naar voren gekomen dat het plangebied mogelijk fungeert als vaste rusten/of verblijfplaats voor vleermuizen. Indien dat het geval is, dan heeft de ruimtelijke ingreep mogelijk consequenties voor deze soorten en worden mogelijk verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming overtreden. Om deze reden is geadviseerd om een nader onderzoek uit te voeren naar de functionaliteit van het plangebied voor vleermuizen. In voorliggende rapportage zijn de resultaten van het nader onderzoek beschreven. 1.2. Huidige situatie Het plangebied betreft een tweetal bedrijfspanden aan de Tolweg 4 en 6 te Baarn. De bedrijven liggen op het bedrijventerrein De Drie Eiken. Het bedrijventerrein is toegankelijk via de Eemweg en Drakenburgerweg. Ten zuiden grenst het plangebied aan een woonwijk. Tolweg 4 is een bedrijfspand waar aan de straatzijde van het pand enkele open stootvoegen zitten en daarmee in potentie geschikt als verblijfplaats.

De gehele terrein verhard en wordt gebruikt als parkeerplaats/showroom. Tolweg 6 is een bedrijfsverzamelpand volledig omgeven door regulier onderhouden grasland. De overstekende delen maakt het pand geschikt voor potentiele verblijfplaatsen voor de vleermuis. Aan de achterzijde van beide banden loopt een slootje. Een groene buffer (speeltuintje) vormt de grens tussen het bedrijventerrein en woonwijk. 1.3. Project voornemen De voorgenomen ontwikkelingen betreft de sloop van een drietal bedrijfspanden, waarvan 2 panden geschikt zijn als potentiele verblijfplaats voor de vleermuizen. Op deze locatie wil de Domus Projectontwikkeling er drie woontorens bouwen, met in totaal 110 appartementen.

[1]

3-10-2018

2. Methodiek Allereerst zal de werkwijze voor het vleermuisonderzoek besproken. In paragraaf 2.2 is een overzicht gegeven van het doel van de verschillende veldbezoeken, de onderzoeksdata en de bijbehorende weersomstandigheden. 2.1. Werkwijze vleermuizen Tijdens het onderzoek is gewerkt volgens de richtlijnen voor het inventariseren van vleermuizen, die zijn opgesteld door het Vleermuisvakberaad van het Netwerk Groene Bureaus; ‘Protocol voor vleermuisinventarisaties’ 2017. Tijdens het onderzoek is gebruik gemaakt van een batdetector (Elekon Batdetector Stereo en Pettersson d240x) en de Echometer Touch Pro 2 van Wildlife acoustics en zichtwaarnemingen. Waar nodig zijn hoogwaardige digitale geluidsopnamen worden gemaakt met de Roland R-05 voor het uitvoeren van een soortenanalyse. Gedurende de veldbezoeken is bij daglicht op de locatie gezocht naar sporen die duiden op aanwezigheid van vleermuizen (vleermuiskeutels, meststrepen, afgebeten insectenvleugels en vetsporen). Het weer is van invloed op de activiteiten van vleermuizen en daardoor op de doelmatigheid van het inventariseren. Harde wind, langdurige regenval, dichte mist en lage temperaturen zijn belemmerende factoren. Tijdens dergelijke weersomstandigheden wordt niet gewerkt.

Gedurende de veldbezoeken werd het onderzoeksgebied en directe omgeving geïnventariseerd om een goed beeld te krijgen van het gedrag en mogelijke verblijfplaatsen. 2.2. Veldbezoeken Vleermuizen gebruiken hun leefgebied door het jaar heen op verschillende manieren. Daarom is het nodig om een vleermuisonderzoek verspreid (met tussenpozen) over het actieve seizoen van vleermuizen uit te voeren. Om deze reden is in 2018 verspreid onderzoek uitgevoerd in de periode van mei tot en met september. Hieronder worden de meest belangrijke functies in het leefgebied en de bijbehorende perioden uiteengezet. Zomer- en kraamverblijven van vleermuizen In de periode 15 mei – 15 juli 2018 heeft onderzoek naar de aanwezigheid van zomer- en kraamverblijven plaatsgevonden. Hierbij zijn een drietal ronden uitgevoerd waarvan twee rondenvanaf zonsondergang en een ronde die in de vroege ochtend tot zonsopkomst plaatsvonden. Vliegroutes en foerageergebied Het inventariseren van vliegroutes en foerageergebied heeft simultaan met het onderzoek naar de verblijfplaatsen plaatsgevonden. Vliegroutes en foerageergebieden zijn (indien aanwezig) op kaart ingetekend. Voor een volledig beeld zijn hierbij zowel ochtendronden als avondronden uitgevoerd.

[2]

Meer info: www. ruimtevooradvies.nl

3-10-2018

2.3. Overzicht veldbezoeken Onderstaande tabel geeft de onderzoeksdata en –tijd weer en onder welke veldcondities het onderzoek heeft plaatsgevonden. De inventarisaties zijn uitgevoerd door J. Mossink, ecoloog, P. Otte, natuur- en landschapsdeskundige en L. Grote Gansey, natuur- en landschapsdeskundige. Deze drie personen zijn tevens vleermuisdeskundigen. Datum

Periode

Zon op/ onder

Eerste/ laatste waarneming

Temp.

Windkr

Weertype

11 juni 2018 Avond

22.02 uur

22.18 uur

18°C

1 Bf

Helder

11 juli 2018

Ochtend

05.32 uur

04.51 uur

13°C

1Bf

Helder

5 sep 2018

Avond/ Nacht

n.v.t.

n.v.t.

23°C

2Bf

Bewolkt

28 sep 2018 Nacht/ Ochtend

n.v.t.

n.v.t.

8°C

1Bf

Helder

Tabel 1. Overzicht inventarisatiemomenten vleermuizen Tolweg 4 en 6 te Baarn

[3]

3-10-2018

3. Resultaten 3.1. Vleermuizen Tijdens de onderzoeken is er 2 soorten vleermuizen waargenomen, namelijk: •

Gewone dwergvleermuis;

•

Laatvlieger. Soort

Aanwezigheids- indicatie Bijzonderheden

Gewone dwergvleermuis

Beschermd

Foeragerend/ overvliegend, verblijfplaats

Laatvlieger

Beschermd

Overvliegend

Tabel 2. Aangetroffen soorten

Afb. 1. Kaart met aangetroffen soorten ( aangetroffen zomerverblijfplaats gewone dwergvleermuis, foerageergebied gewone dwergvleermuis, vliegroute gewone dwergvleermuis diffuus, vliegroute laagvlieger diffuus)

[4]

3-10-2018

3.2. Gewone dwergvleermuis Verblijfplaatsen Tijdens de veldbezoeken in het voorjaar zijn waarnemingen gedaan waaruit de aanwezigheid van zomerverblijfplaatsen blijkt. Daarbij zijn in totaal 3 invliegende Gewone dwergvleermuizen waargenomen in het pand Tolweg 4. De verblijfplaatsen bevinden zich achter open stootvoegen in de gevel parallel aan de Tolweg.Tijdens de veldbezoeken in het najaar zijn geen waarnemingen gedaan waaruit de aanwezigheid van paarverblijfplaatsen blijkt. Hiermee is een functie als paarverblijfplaats met voldoende zekerheid uitgesloten. Foerageergebieden en mitigatieroute Tijdens de veldbezoeken in het voorjaar vlogen enkele Gewone dwergvleermuizen gedurende enige tijd foeragerend aanwezig rond de sloot en onder de bomen staande in het speeltuintje. Eén Gewone dwergvleermuis kwam vanuit de tegenoverliggende kantoorpanden aangevlogen en vloog tussen de gebouwen door naar de sloot. Deze beweging is eenmalig waargenomen. Echte overduidelijke vliegroutes waarbij met een zekere regelmaat vleermuizen passeren zijn niet aangetroffen. 3.3.Laatvlieger Verblijfplaatsen Er zijn geen verblijfplaatsen van de Laatvlieger aangetroffen tijdens de eerste twee veldbezoeken. Er zijn geen in- of uitvliegende exemplaren waargenomen. Hiermee is de functie als zomer- of kraamverblijfplaats met voldoende zekerheid uitgesloten.

Tijdens de laatste twee veldbezoeken zijn geen geluiden gedetecteerd van de Laatvlieger. De functie als verblijfplaats is met voldoende zekerheid uitgesloten. Foerageergebied en mitigatieroute Tijdens de eerste veldbezoek in het voorjaar vloog een Laatvlieger hoog over. De laatvlieger kwam vanuit de woonwijk en vloog naar het noordoosten. Deze beweging is slechts eenmalig waargenomen. Echte overduidelijke vliegroutes waarbij met een zekere regelmaat vleermuizen passeren zijn niet aangetroffen.

[5]

3-10-2018

4. Effectenbeoordeling en aanbevelingen 4.1. Effectenbeoordeling Sloop van het bedrijfspand aan de Tolweg 4 leidt tot verstoring of vernieling van vaste, jaarrond beschermde verblijfplaatsen van vleermuizen, te weten van de Gewone dwergvleermuis. De ingreep leidt tot overtreding van de Wet natuurbescherming, een ontheffing is nodig. Verblijfplaatsen Op basis van de uitgevoerde veldonderzoeken valt met zekerheid vast te stellen dat in het plangebied verblijfplaatsen aanwezig zijn van gewone dwergvleermuis. Tijdens het veldonderzoek zijn een drietal invliegende Gewone dwergvleermuizen waargenomen aan de voorzijde van het bedrijfspand aan de Tolweg 4. De ingreep leidt tot overtreding van de Wet natuurbescherming, een ontheffing is nodig. Vlieg- en mitigatieroute Gezien de aantallen en frequentie waarop de vleermuizen gebruik maken van het plangebied als zijnde vliegroute, valt het gebruik van een essentiële vliegroute op basis van huidig onderzoek met voldoende zekerheid uit te sluiten. De vleermuizen ondervinden geen negatieve effecten van de ruimtelijke ingreep en ontwikkeling. De gunstige staat van instandhouding van deze soort komt zodoende niet in het geding. Hoewel van gewone dwergvleermuizen en laatvliegers wel enkele overvliegende bewegingen zijn waargenomen, zijn geen vaste vliegroutes vastgesteld, de vliegbewegingen waren zeer diffuus.

De ruimtelijke ingreep en ontwikkeling zijn niet van negatieve invloed op de gunstige staat van instandhouding van deze soort. Foerageergebied Gezien de geringe betekenis van het plangebied als foerageergebied, is geen sprake van een negatief effect op foeragerende vleermuizen. Ook foeragerende vleermuizen in de omgeving van het plangebied ondervinden geen negatieve effecten van de ruimtelijke ingreep en ontwikkeling. Gewone dwergvleermuis en laatvlieger zijn soorten die sterke binding vertonen met steden en dorpen. Beide soorten zijn zodoende gewend aan een bepaalde mate van licht– en geluidsverstoring. De gunstige staat van instandhouding van beide soorten komt niet in het geding. 4.2. Aanbevelingen

[6]

•

Sloop van het bedrijfspand aan de Tolweg 4 leidt tot verstoring of vernieling van vaste, jaarrond beschermde verblijfplaatsen van vleermuizen. De ingreep leidt tot overtreding van de Wet natuurbescherming, een ontheffing is nodig;

•

Bij sloop van gebouwen raden we altijd aan om ‘vleermuisvriendelijk’ te slopen. Er bestaat namelijk altijd een kans dat er toch tussentijds vleermuizen intrek in het gebouw nemen;

•

Stel een activiteitenplan op, onderdeel van de ontheffing. In dit plan zijn maatregelen benoemd die de functionaliteit waarborgen, de gunstige staat van instandhouding waarborgen en invulling geven aan de zorgplicht. Door het uitvoeren van de maatregelen worden schadelijke effecten voorkomen;

3-10-2018

[7]

•

Voor elke verblijfplaats van de Gewone dwergvleermuis die zijn functie na de sloop van het gebouw niet meer kan vervullen, dienen meerdere nieuwe, alternatieve, permanente verblijfplaatsen worden gecreëerd. Deze verblijfplaatsen dienen tijdig en bij voorkeur verschillende kwaliteiten te bevatten ten aanzien van klimatologische omstandigheden en locaties. De aantal aan te brengen verblijfplaatsen is afhankelijk van de potenties van het gebied, veelal 4 verblijfplaatsen voor 1 aangetroffen verblijfplaats. Alternatieve permanente verblijfplaatsen gelijkwaardig aan de huidige verblijfplaatsen, doen zich uitsluitend voor in of/aan bebouwing;

•

Gewone dwergvleermuizen hebben de tijd nodig om aan nieuwe verblijfplaatsen te wennen. Gedurende deze gewenningsperiode moeten zowel de oorspronkelijke situatie als de nieuwe vervangende voorzieningen beide aanwezig zijn. Voor een tijdelijke vervangen van zomerverblijfplaatse geldt een gewenningsperiode van minimaal 3 maanden waarin de Gewone dwergvleermuis actief is.

3-10-2018

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10954480/1