CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

317819 Aanwijzing Streekomroep Eemland 1 bijlage 5 VNG bedragen-voor-lokale-omroep-in-gemeentefonds

Besluit in de Raad 27 oktober 2021, gemeente BaarnBij agendapunt: Aanwijzing Streekomroep Eemland 11.779 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

4 alinea's met “plus”: 9 10 13 14

VNG-Bureaunotitie Bedragen voor lokale omroepen in gemeentefonds, stand van zaken augustus 2020 Inleiding Er is per 2002 een bedrag voor lokale omroep structureel in het gemeentefonds gestort. Tot 2015 Tot 2015 handelde het om een bedrag per woonruimte voor lokale omroepen in het gemeentefonds en de volgende berekeningsmethoden: 1. De ministeries van BZK en OCW gingen uit van het bedrag voor lokale omroepen in basis ad € 0,82 per woonruimte, zoals dat herkenbaar in de gemeentefondscirculaires stond. Dit werd jaarlijks vermenigvuldigd met de voor dat jaar geldende uitkeringsfactor. Hun methode werd duidelijk bij de introductie van de gemeentelijke bekostigingsplicht in de Mediawet per 2010. 2. De Organisatie van Lokale Omroepen in Nederland en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten hanteerden aanvankelijk een andere methode. Namelijk het oorspronkelijke bedrag per woonruimte voor lokale omroepen in het gemeentefonds jaarlijks aanpassen aan het gemeentefondsaccres. (Een derde methode, het totale bedrag voor lokale omroepen in enig jaar verdelen over het aantal woonruimten in ons land levert te veel fluctuatie op). Vanaf 2015 Vanaf 2015 handelt het om een bedrag per huishouden voor lokale omroepen in het gemeentefonds.

Dit heeft te maken met het groot onderhoud van het gemeentefonds en de totstandkoming van het nieuwe Cluster Cultuur en Ontspanning, waarvan de lokale omroepen deel uitmaken. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep in het gemeentefonds 2015 is door het ministerie van BZK becijferd op € 1,14 per huishouden. Dit is sindsdien niet herkenbaar te zien in de gemeentefondscirculaires, het moet jaarlijks aangepast worden met het voor dat jaar geldende accres in het gemeentefonds. Gemeenten kunnen de voor hen geldende aantal woonruimten en huishoudens vinden in de excelbestanden bij de circulaires gemeentefonds op de site van de rijksoverheid, ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

vng.nl

Berekeningsmethoden Tot 2015 1. Bedragen per woonruimte in basis aangepast aan uitkeringsfactor Methode gehanteerd door de ministeries van BZK en OCW, zo bleek bij de introductie van de gemeentelijke bekostigingsplicht voor lokale omroepen in de Mediawet per 2010. 2006 - Berekening in VNG-wetsvoorstel van mei 2006: Raming meicirculaire 2005. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Uitkeringsfactor nieuwe stijl is 1,298. Bedrag per woonruimte 1,06 euro. - Actuele berekening van juni 2008: Maartcirculaire 2007. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2006 is 1,322. Bedrag per woonruimte 1,08 euro. 2007 Maartcirculaire 2008. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2007 is 1,384. Bedrag per woonruimte 1,13 euro. 2008 Maartcirculaire 2009. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2008 is 1,475. Bedrag per woonruimte 1,21 euro. 2009 Maartcirculaire 2010. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2009 is 1,576. Bedrag per woonruimte 1,29 euro. (Bij de oorspronkelijke van rijkswege geraamde 1,30 euro per woonruimte was de voorlopige uitkeringsfactor 1,592). 2010 Maartcirculaire 2011. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2010 is 1,541. Het bedrag per woonruimte 1,26 euro. 2011 Junicirculaire 2012.

Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2011 is 1,536. Het bedrag per woonruimte 1,26 euro. 2012 Meicirculaire 2013. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2012 is 1,505. Het bedrag per woonruimte 1,23 euro. 2013 Junicirculaire 2012. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2013 is 1,449. Het bedrag per woonruimte is 1,19 euro. 2014 Meicirculaire 2013. Bedrag per woonruimte in basis is 0,82 euro. Definitieve uitkeringsfactor 2014 is 1,480. Het bedrag per woonruimte is 1,21 euro.

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

5/5

2. Woonruimtebedrag aanpassen aan gemeentefondsaccres Methode overeengekomen en aanbevolen door de OLON en de VNG: na het definitief worden van de structurele storting in het gemeentefonds in 2002 voor lokale omroep het bedrag per woonruimte in basis vanaf 2003 jaarlijks aan te passen aan het gemeentefondsaccres. Hierbij worden de bedragen jaarlijks afgerond. Wij hebben de gemeenten daarbij tevens het volgende geadviseerd: - Het verdient aanbeveling om het bedrag in de subsidieverlening aan de lokale omroep te baseren op de meicirculaire van de staatssecretaris van BZK mede namens de minister van Financiën voorafgaand aan het jaar van bekostiging met het voorlopig accres en op het woonruimte-aantal op 1 januari van het jaar vóór bekostiging (immers de subsidieverlening vindt plaats voorafgaand aan het jaar van bekostiging). - En het bedrag bij de vaststelling te baseren op de nacalculatie van de staatssecretaris van BZK mede namens de minister van Financiën in de maartcirculaire (per 2012 de meicirculaire, die soms in juni verschijnt) na afloop van het jaar van bekostiging met het definitief accres en het woonruimte-aantal op 1 januari van het bekostigingsjaar. (2000 plus 2001 In 2000 gaat het uiteindelijk om 1,96 gulden en in 2001 om 1,98 gulden per woonruimte). 2002 Het structurele bedrag voor lokale omroep in het gemeentefonds in 2002 is 0,99 euro per woonruimte.

2003 Maartcirculaire 2004. 0,99 euro plus 2,81% definitief accres 2003 = 1,02 euro. 2004 Maartcirculaire 2005. 1,02 euro min 0,26% definitief accres 2004 = 1,02 euro. 2005 Maartcirculaire 2006. 1,02 euro plus 1,64% definitief accres 2005 = 1,04 euro. 2006 - Voorlopige berekening in VNG-wetsvoorstel van mei 2006: Meicirculaire 2005. 1,04 euro plus 2,07% voorlopig accres 2006 = 1,06 euro per woonruimte. - Actuele berekening van juni 2008: Maartcirculaire 2007. 1,04 euro plus 2,95% definitief accres 2006 = 1,07 euro per woonruimte. 2007 Maartcirculaire 2008. 1,07 euro plus 4,24% definitief accres 2007 = 1,12 euro per woonruimte.

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

5/5

2008 Maartcirculaire 2009. 1,12 euro plus 6,49% definitief accres 2008 = 1,19 euro per woonruimte. 2009 Maartcirculaire 2010. 1,19 euro plus 5,88% definitief accres 2009 = 1,26 euro per woonruimte. 2010 Junicirculaire 2009. 1,26 plus 0,48% voorlopig accres 2010 = 1,27 euro per woonruimte. (Er is tussen rijk en VNG afgesproken voorlopig = definitief accres in 2010). 2011 Junicirculaire 2010. 1,27 plus 0,48% voorlopig accres 2011 = 1,28 euro per woonruimte. (Er is tussen rijk en VNG afgesproken voorlopig = definitief accres in 2011).

2012 Meicirculaire 2013. 1,28 min 2,56% definitief accres 2012 = 1,25 euro per woonruimte. 2013 Meicirculaire 2014. 1,25 min 0,34% accres 2013 = 1,25 euro per woonruimte. 2014 Meicirculaire 2015. 1,25 euro plus 2,02% definitief accres 2014 = 1,28 euro per woonruimte.

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

5/5

Vanaf 2015 3. Bedrag per huishouden aanpassen aan gemeentefondsaccres - 2015 Decembercirculaire 2014, faq’s. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep in 2015 is door het ministerie van BZK bepaald op € 1,14. (we raden aan om in deze nieuwe situatie, die op lokaal niveau toch al een herberekening met zich meebrengt, over 2015 geen nacalculatie toe te passen). - 2016 * Begroting. Meicirculaire 2015. Het voorlopig accres 2016 is bepaald op 4,17%. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor van € 1,14 in 2015 naar € 1,19 in 2016. * Afrekening. Meicirculaire 2017. Het definitief accres 2016 is bepaald op 4,25%. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt dus van € 1,14 in 2015 naar € 1,19 in 2016. - 2017 * Begroting. Meicirculaire 2016. Het voorlopig accres 2017 is bepaald op 0,43%. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor van € 1,19 in 2016 naar € 1,20 in 2017. P.S. Medio 2016 leek het erop dat het accres 2016 lager zou uitvallen dan de bovengenoemde 4,17%, dus wij hebben toen aangeraden voor de begroting 2017 van de lokale omroepen € 1,19 per huishouden aan te houden. * Afrekening. Meicirculaire 2018. Het definitief accres 2017 is bepaald op 1,00%. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt dus van € 1,19 in 2016 naar € 1,20 in 2017. - 2018 * Begroting. Meicirculaire 2017. Het voorlopig accres 2018 is bepaald op 4,02%.

Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor van € 1,20 in 2017 naar € 1,25 in 2018. * Afrekening. Meicirculaire 2019. Het definitief accres 2018 is bepaald op 4,82% Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor van € 1,20 in 2017 naar € 1,26 in 2018. - 2019 * Begroting. Meicirculaire 2018. Het voorlopig accres 2019 is bepaald op 5,79%. Het Rijk verwacht dat gemeenten met behulp van dit accres een deel van hun tekorten op het sociaal domein en voor hen relevante activiteiten van het Interbestuurlijk Programma kunnen bekostigen. CPB en VNG hebben de gemeenten medio 2018 derhalve aangeraden om per saldo rekening te houden met 2,5% kostenstijging in 2019 bij instellingen. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor vooralsnog van € 1,25 in 2018 naar € 1,28 in 2019.

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

5/5

* Afrekening. Meicirculaire 2020. Het definitief accres 2019 is bepaald op 6,15%. Hierin zit een component/index zit voor loon- en prijsontwikkeling/lpo. Bij de OVA/lonen gelieerd aan de overheid is de loonontwikkeling 3,42% en gelet op een CBS-berekening consumentenprijsindex gaat het om 2,49% in 2019. Indien het totale accres ad 6,15% aan de lokale omroep wordt uitgekeerd dan wordt het bedrag € 1,33 per huishouden. Indien wordt uitgegaan van het CBS ad 2,49% dan wordt het bedrag € 1,28 per huishouden conform het bedrag op basis van het voorlopig accres. Een nog lagere index raden wij af. - 2020 * Begroting. Meicirculaire 2019. Het voorlopig accres 2020 is bepaald op 3,13%. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor vooralsnog van € 1,28 in 2019 naar € 1,32 in 2020. * Afrekening. Meicirculaire 2020. Er is sprake van een uitzondering. Al in de meicirculaire 2020 en niet in de meicirculaire 2021 is het definitieve accres 2020 vastgesteld. Er zijn geen nadere bestedingsafspraken voor het sociaal domein of het IBP. Het is 4,62%. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor van € 1,28 in 2019 naar € 1,34 in 2020. (Slechts in een zeer uitzonderlijk geval zal het accres 2020 nog wijzigen). -2021 * Begroting. Meicirculaire 2020. Er is wederom sprake van een uitzondering. Het accres 2021 is vastgezet en bepaald op 3,71%.

Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor van € 1,34 in 2020 naar € 1,39 in 2021. * Afrekening. Meicirculaire 2020. Vanwege de genoemde uitzondering is het definitieve accres 2021 al vastgesteld in de meicirculaire 2020. Het is 3,71%. Het bedrag per huishouden voor lokale omroep stijgt hierdoor van € 1,34 in 2020 naar € 1,39 in 2021. (Slechts in een zeer uitzonderlijk geval zal het accres 2021 nog wijzigen).

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10563051/1