287464 Principeverzoek Zandvoortweg 140 bijlage 2 Principeverzoek 2016 Zandvoortweg 140 en 142
Tekst van het document
Principe verzoek Ontwikkelvisie
Betreft Datum
: Zandvoortweg 140 en 142, 3741BJ Baarn : 30 oktober 2015
Openbaar hof aan de Zanvoortweg als eindsituatie
1
142 140
Plangebied Zandvoortweg 140 en 142
1. Inleiding Deze ontwikkelvisie is opgesteld in het kader van een voorgenomen ontwikkeling voor het realiseren van twee woningen op het achterperceel Zandvoortweg 140 en twee woningen op het achterperceel Zandvoortweg 142. Dit initiatief is informeel besproken met de verantwoordelijk wethouder (RO) en een medewerker van de afdeling Fysiek Domein van de gemeente Baarn. Het perceel aan de Zandvoortweg 140 te Baarn en het naastgelegen perceel nummer 142 hebben een afmeting van respectievelijk 1.650m2 en 1.800m2. Door wijziging van het gebruik en de grootte van deze percelen is het mogelijk een inbreiding van een aantal woningen mogelijk te maken. Daarnaast zal in de laatste fase de bestaande woning (nr. 142) worden geamoveerd en nieuwbouw voor in de plaats komen. De ontwikkeling bestaat uit een tweetal fasen. Onlangs is de bestaande woning (nr. 140) geamoveerd en een nieuwe woning gerealiseerd. De eerste fase is het ontwikkelen van drie woningen op de achterpercelen van nummer 140 en 142. In deze fase zal ook het bestaande duivenverblijf (dat nu achter op het perceel is gelegen) verhuizen achter de bestaande woning, naast de schuur (zie 'd' in onderstaand kaartje). De tweede fase is het ontwikkelen van een woning op het achterperceel en het vervangen van de bestaande woning (nr. 142). Zie onderstaande kaart voor fasering.
De exacte grens tussen beide fasen dient nader te worden bepaald.
Plangebied Zandvoortweg 140, 142
Ontwikkeling in twee fasen
2
Het perceel is gelegen in het geldende bestemmingsplan “Baarn Noord” en heeft daarin de dubbele bestemming “wonen” en “bedrijf”. De strijdigheid van dit bouwplan is gelegen in het feit dat er woningen worden toegevoegd. De voorgestelde nok- en goothoogte van de woningen op het achterperceel corresponderen met de maatvoering van de nu aanwezige bebouwing in de vorm van bedrijfsruimten/ loodsen. Dit is namelijk een nokhoogte van 8 meter en een goothoogte van 4 meter. In de onderhavige ontwikkelvisie zal worden stilgestaan bij onder andere de volgende aspecten: geldend beleid, gevolgen van het project, milieukundige aspecten en tot slot ook bij de uitvoerbaarheid van het project.
3
2. Beleid 2.1 Rijksbeleid Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) van kracht geworden. De SVIR heeft diverse nota's vervangen, zoals de Nota Ruimte en Nota Mobiliteit. Ook zijn met het SVIR de ruimtelijke doelen en uitspraken vervallen die zijn benoemd in de Agenda Landschap, Agenda Vitaal Platteland en Pieken in de Delta. In het SVIR is de visie van de rijksoverheid op de ruimtelijke en mobiliteitsopgaven voor Nederland richting 2040 aangegeven. Dit betreft een nieuw, integraal kader dat de basis vormt voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. In het SVIR is gekozen voor een meer selectieve inzet van het rijksbeleid dan voorheen. Voor de periode tot 2028 zijn de ambities van het Rijk in drie rijksdoelen uitgewerkt: vergroten van de concurrentiekracht door versterking van de ruimtelijkeconomische structuur van Nederland; - verbeteren van de bereikbaarheid; - zorgen voor een leefbare en veilige omgeving met unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden. Met bovengenoemde rijksdoelen zijn 13 nationale belangen aan de orde die in het SVIR verder gebiedsgericht zijn uitgewerkt in concrete opgaven voor de diverse onderscheiden regio's.
Buiten deze nationale belangen hebben decentrale overheden meer beleidsvrijheid op het terrein van de ruimtelijke ordening gekregen; het kabinet is van mening dat provincies en gemeenten beter op de hoogte zijn van de actuele situatie in de regio en de vraag van bewoners, bedrijven en organisaties en daardoor beter kunnen afwegen welke (ruimtelijke) ingrepen in een gebied nodig zijn. Het projectgebied raakt geen van de rijksbelangen. Er zijn dan ook geen rijksbelangen in het geding. 2.2 Provinciaal beleid; Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013 - 2028 De Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie (PRS) geeft de ruimtelijke ambities weer van de provincie Utrecht. Hierin staat welke doelstellingen de provincie van provinciaal belang acht, welk beleid bij deze doelstellingen hoort én hoe dit beleid uitgevoerd wordt. Deels loopt deze uitvoering via de Provinciale Ruimtelijke Verordening 2013 (PRV) die tegelijk met de PRS is opgesteld. Provinciale ruimtelijke verordening (PRV), Provincie Utrecht 2013 Het doel van de verordening is om provinciale belangen op het gebied van de ruimtelijke ordening te laten doorwerken naar het gemeentelijk niveau. De verordening bevat daartoe bepalingen die bij het opstellen van gemeentelijke bestemmingsplannen, projectomgevingsvergunningen en beheersverordeningen, in acht moeten worden genomen.
De Provinciale Ruimtelijke Verordening 2013, is op 4 februari 2013 vastgesteld door Provinciale Staten van Utrecht. Voor het plangebied is het volgende aspect van belang: - Stedelijk gebied. Dit gebied omvat de gehele kern van Baarn. Een ruimtelijk plan kan hier bestemmingen en regels bevatten voor verstedelijking. De toelichting op het ruimtelijk plan bevat een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met energiebesparing en het toepassen van duurzame energiebronnen. Indien het ruimtelijk plan betrekking heeft op grootschalige verstedelijking bevat de toelichting een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met 4
overstromingsgevaar. Bij zowel het bouwen als renoveren van kantoren en woningen en bedrijfsruimten als het herstructureren of aanleggen van woonwijken en bedrijventerreinen, is het van belang dat gemeenten en initiatiefnemers nadenken over het gebruik van alternatieve vormen van energie en energiebesparende technieken. Voorliggend initiatief betreft een kleinschalige ontwikkeling, waarbij bedrijfspanden worden vervangen door woningen en totaal een viertal woningen worden toegevoegd. In deze ontwikkeling wordt voorgesteld om zeer duurzame woningen te ontwikkelen die energieneutraal zijn. In het verstedelijkingsbeleid wordt primair gericht op de ontwikkelingsmogelijkheden in het bestaand stedelijk gebied: op die manier blijven de steden, dorpen en kernen aantrekkelijk om te wonen, te werken en te ontmoeten en blijft het landelijk gebied gevrijwaard van onnodige ruimteclaims. Het projectgebied raakt geen van de provinciale belangen. Er zijn dan ook geen provinciale belangen in het geding. 2.3 Gemeentelijk beleid; Toekomstvisie en Structuurvisie ’Baarn in 2030’ De gemeente Baarn heeft een nieuwe visie op de toekomst van Baarn gevormd. Met een nieuwe visie, voor de periode tot het jaar 2030, is de gemeente beter in staat om plannen te toetsen en sturing te geven aan ontwikkelingen.
Centraal staat hierbij de vraag: hoe kunnen wij de Baarnse identiteit en kwaliteit behouden en versterken? Aangegeven wordt dat de kernkwaliteiten van de gemeente het afwisselende landschap, de extensieve recreatie, de overal aanwezige cultuurhistorie, de bereikbaarheid en het hoogwaardige wonen zijn. Ten aanzien van de Zandvoortweg 140 worden geen specifieke uitspraken gedaan. Wel wordt aangegeven dat inbreiding de voorkeur geniet boven uitbreiding. Bij de kwalitatieve invulling van het woningbouwprogramma gaat het om de juiste woningen voor verschillende doelgroepen en om een aantrekkelijke omgeving waar wonen, werken, spelen en recreëren hand in hand gaan. Om dit te bereiken zet de gemeente volgens de Visie Wonen onder andere in op het thema “inzet voor jonge huishoudens op de woningmarkt”. Voorliggend initiatief voorziet in meer woongenot en daarmee de kernkwaliteit hoogwaardig wonen gezien de nieuwe woning, met een voldoende ruim volume, een jong huishouden zal aantrekken. Baarn wil alle inwoners, organisaties en bedrijven die hun activiteiten klimaatneutraal willen maken, stimuleren. Het streven is om in 2030 als gemeente zoveel als mogelijk klimaatneutraal te zijn. De gemeente daagt een ieder uit om producten, maar ook gebouwen en gebieden, intelligenter te ontwerpen. Verder wil de gemeente het duurzaam ondernemen ondersteunen.
Met de voorliggende ontwikkeling willen wij hierop een voorsprong nemen door de nieuw te ontwikkelen woningen energieneutraal te maken. Nota ruimtelijke kwaliteit In de nota ruimtelijke kwaliteit wordt Baarn ingedeeld in gebieden. De Nota bestaat uit een inspiratiedeel en een toetsingskader. Deze twee onderdelen zijn nauw met elkaar verbonden: het hoofdstuk inspiratie nodigt plannenmakers uit om bepaalde ruimtelijke kwaliteitsaspecten te betrekken in hun planvorming, het toetsingskader geeft aan hoe de gemeente zich voorstelt dat aan deze ruimtelijke kwaliteitsaspecten inhoud wordt gegeven. 5
Het toetsingskader vormt de Nota Ruimtelijke Kwaliteit Baarn en de daarin opgenomen beoordelingscriteria Gebied C4, Zandvoort. Hoofdregel is dat een bouwkundige toevoeging of verandering moet passen in de stedenbouwkundige structuur en aansluiten bij de typologie van gebouwen, de detaillering, de kleur- en het materiaalgebruik ervan. Het voorliggende plan voldoet aan de punten in het toetsingskader. Het plan neemt de bestaande en beoogde omgeving als referentiepunt, past in de stedenbouwkundige structuur en sluit aan op de typologie, de detaillering en het materiaalgebruik van de directe omgeving. Op het aspect van ruimtelijke kwaliteit is het onderhavige plan positief te beoordelen ten aanzien van de stedenbouwkundige- en de architectonische kwaliteit. De vrijstaande woning aan de straat staat in de rooilijn met de belendingen en sluit qua architectuur aan bij andere, recent ontwikkelde, vrijstaande woningen verderop in de straat. Deze woning voldoen qua nok- en goothoogte aan de maten in het bestemmingsplan. De woning aan de straat, fase 2, wordt meer naar het midden van het perceel geplaatst waardoor het achtergebied meer zichtbaar wordt. Hiermee maken we een overzichtelijk entree naar het hof. De typologie van de woningen in het achtergebied wordt gedacht in de bestaande typologie van loodsen en grote schuren.
Daarmee nemen we ook de bijbehorende nokhoogte (8m) en goothoogte (4m) over. Voorgesteld wordt om de gevels van de woningen te detailleren met houtachtige materialen, gevelbeplating en stucwerk met een stenen plint. De daken te bedekken met keramische pannen. Voorts wordt gedacht om de woningen te voorzien van een souterrain of een patio waardoor er een kelderverdieping kan worden gerealiseerd met de mogelijkheid voor het realiseren van verblijfsruimte. Hiermee wordt tevens het niveauverschil met de lager liggende garageboxen langs de Goeman Borgesiuslaan opgelost. Bereikbaar en leefbaar De nieuwe toegangsweg naar het achtergebied ten behoeve van de ontsluiting van de vier woningen is recht tegenover de Kastanjelaan. Hiermee wordt een veilige ontsluiting gecreëerd. Aan het einde van de inrit zal een kleine rotonde worden gesitueerd waardoor het achtergebied eveneens voor hulpdiensten goed bereikbaar is. Het parkeren zal op eigen terrein worden gereguleerd en voldoen aan de parkeernorm zoals gesteld door de gemeente Baarn. Het semiopenbare gebied wordt na oplevering eigendom van de gemeente Baarn die verantwoordelijk zal worden voor het beheer en onderhoud ervan. De verkeersbelasting zal nauwelijks toenemen door het toevoegen van de woningen. Immers de functie bedrijven zal komen te vervallen.
Duurzaam en klimaatbestendig Ten aanzien van dit aspect is het plan wat betreft ‘gezond en veilig’ positief te beoordelen. De nieuwe woningen zullen allen voldoen aan het bouwbesluit. Daarnaast zullen de woningen in het achtergebied energieneutraal worden uitgevoerd. Haalbaarheid Het plan wordt in eigen beheer en voor eigen risico van de huidige eigenaren uitgevoerd. Nadere afspraken betreft de daadwerkelijke projectontwikkeling en procesbegeleiding zullen nader worden gemaakt. De aanleg van de ontsluitingsweg, nutsvoorzieningen en de bouw van de nieuwe woningen zal, na vergunning verlening, in de eerste fase worden uitgevoerd. De ontwikkeling is niet afhankelijk van eventuele verkoop. Eventuele planschade is voor rekening van de eigenaren. 6
Visie Wonen 2012 De visie wonen 2012 sluit aan op de Toekomst- en Structuurvisie. In deze visie is het thema ‘de kwaliteit van wonen’ waar dit plan aan voldoet. In de Visie Wonen is de term “toekomstkwaliteit” gebruikt. Met name voor het aantrekken van gezinnen met kinderen is de grootte van de woning en het realiseren van meerdere kamers belangrijker dan oppervlak of uitrustingsniveau: een voldoende ruim casco is toekomstbestendig. De nieuwbouw betreft een viertal woningen met een voldoende ruim casco waarmee een toekomstbestendige woning wordt gerealiseerd. Een ander criterium is het verbeteren van de energetische kwaliteit. Door energieneutrale woningen te realiseren zal de ontwikkeling ruimschoots aan dit criterium voldoen.
2.4 Geldend bestemmingsplan Ter plaatse geldt het bestemmingsplan Baarn Noord (2013). Daarin is het perceel bestemd voor de functies ‘wonen’ en ‘bedrijven’. De gebruiksmogelijkheid voldoet ten dele, terwijl de bouwmogelijkheden afgestemd zijn op de bestaande bebouwing.
Uitsnede plankaart bestemmingsplan Baarn Noord
De strijdigheid van dit bouwplan is gelegen in het feit dat er woningen worden toegevoegd. Met de nieuwe ontwikkeling zal de bestemming 'bedrijven' komen te vervallen en wordt de bestemming beperkt tot 'wonen'. Let wel, tot de ontwikkeling van de tweede fase zal de bestaande schuur achter de woning Zandvoortweg 142 in gebruik blijven (bedrijfsbestemming).
7
3 Ruimtelijke gevolgen van het project 3.0 Stedenbouwkundige invulling Stedenbouwkundig gezien zal de straatgevel geen wijziging ondergaan die niet binnen het bestemmingsplan mogelijk is. In fase 2 van de ontwikkeling zal de vrijstaande woning (nr 142) worden vervangen voor een woning die qua bouwvolume voldoet aan de eisen binnen het bestemmingsplan.
Ontsluiting achtergebied t.o. de Kastanjelaan
recente ontwikkeling ‘de Kwekerij’
Ten aanzien van de positie van de nieuw te bouwen woning zal deze iets wijzigen ten opzichte van de bestaande woning vanwege het realiseren van een overzichtelijke ontsluiting naar het achtergebied. Wat wel verandert is het toevoegen van een ontsluiting tegenover de Kastanjelaan.
Perspectief Zandvoortweg
8
3.1. Beeldkwaliteit / welstand Zie hiervoor ook de argumentatie onder het kopje ‘nota ruimtelijke kwaliteit’ in de paragraaf 2.3 Gemeentelijk beleid. Hierin wordt beschreven dat het voorliggende plan voldoet aan de punten in het toetsingskader. Het plan neemt de bestaande en beoogde omgeving als referentiepunt, past in de stedenbouwkundige structuur en sluit aan op de typologie, de detaillering en het materiaalgebruik van de directe omgeving.
3.2. Functionele gevolgen De functie ‘wonen’ blijft gehandhaafd en wordt uitgebreid met een tweetal woningen per perceel. De functie ‘bedrijven’ komt te vervallen. 3.3 Verkeer De ontsluiting van de vier woningen op het achterperceel is recht tegenover de Kastanjelaan. Hiermee wordt een veilige en overzichtelijke kruising gecreëerd. Aan het einde van de inrit zal een kleine rotonde worden gesitueerd waardoor het achtergebied eveneens voor hulpdiensten goed bereikbaar is. Er worden per woning twee parkeerplaatsen opgenomen op eigen terrein en een extra parkeerplaats aan de 'nieuwe' openbare weg. Een voor de woning en een in semiopenbaar gebied. Beide worden ontsloten vanaf de nieuwe ontsluitingsweg. Hiermee voldoet het plan ruim aan de parkeernorm van 1.9 + 0.3 = 2.2 auto’s per woning.
9
Twee parkeerplaatsen op eigen terrein en één extra
3.4 Bodemonderzoek Voor deze procedure, waarbij wordt afgeweken van het bestemmingsplan, is het verplicht dat een bodemonderzoek wordt uitgevoerd om na te gaan of de kwaliteit van de bodem geschikt is. Er zal in een volgend stadium een verkennend bodemonderzoek worden uitgevoerd. 3.5 Archeologie Archeologische waarden zijn in Nederland veelal onzichtbaar. Ze liggen grotendeels verborgen in de bodem, waardoor ze niet eenvoudig zijn te karteren. Volgens de IKAW is Zandvoortweg 140 en 142 te Baarn niet gekarteerd en geldt hiervoor geen archeologische verwachtingswaarde. 3.6 Geluid Voor het wegverkeerslawaai geldt de Wet geluidhinder, het beleid van de gemeente Baarn is daarvan afgeleid. In het kader van de Wet geluidhinder bevinden zich langs iedere weg geluidzones, met uitzondering van: 1. wegen die liggen binnen een tot woonerf bestemd gebied; 2. wegen waarop een wettelijke snelheid geldt van ten hoogste 30 km per uur. Bij de bouw van geluidsgevoelige objecten binnen deze geluidszones dient akoestisch onderzoek plaats te vinden. Er vindt echter geen functiewijziging plaats maar vanwege het uitbreiden van het aantal woningen zal onderzoek worden verricht. Wij verwachten geen beperkingen omdat de toe te voegen woningen op het achtergebied zijn gelegen en op minimaal 35 meter van de wegas liggen.
Met de nieuwbouw van de woningen zal minimaal worden voldaan aan de vereiste waarden conform het bouwbesluit. 3.8 Luchtkwaliteit Het aspect luchtkwaliteit is opgenomen in de Wet milieubeheer. Het aspect luchtkwaliteit in de wet is enerzijds bedoeld om de negatieve effecten op de volksgezondheid aan te pakken als gevolg van te hoge niveaus van luchtverontreiniging. Anderzijds heeft het aspect luchtkwaliteit tot doel mogelijkheden te creëren voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het aspect luchtkwaliteit in de Wet milieubeheer voorziet onder meer in een gebiedsgerichte aanpak van de luchtkwaliteit via het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). De programma-aanpak zorgt voor een flexibele koppeling tussen ruimtelijke activiteiten en milieugevolgen. 10
Luchtkwaliteitseisen vormen onder de Wet milieubeheer geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkelingen als: er geen sprake is van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde, of; een project, al dan niet per saldo, niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit leidt, of; een project “niet in betekenende mate” bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Projecten die “niet in betekenende mate” bijdragen aan de luchtverontreiniging zijn onder andere: woningbouwlocaties met niet meer dan 1.500 nieuwe woningen bij één ontsluitingsweg en 3.000 nieuwe woningen bij twee ontsluitingswegen; kantoorlocaties met een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 100.000 m2 bij één ontsluitingsweg en 200.000 m2 bij twee ontsluitingswegen; bepaalde landbouwinrichtingen. Er is hier sprake van de bouw van vier extra woningen ter vervanging van een aantal loodsen. Gesteld kan dan ook worden dat deze “niet in betekenende mate” bijdraagt aan de luchtkwaliteit. Hiermee voldoet het plan aan de Wet milieubeheer en zijn er op het gebied van luchtkwaliteit geen belemmeringen. 3.9 Milieuzonering Milieuzonering zorgt voor voldoende afstand tussen milieubelastende activiteiten (zoals bedrijven) en milieugevoelige functies (zoals woningen) in ruimtelijke plannen.
Het doel hiervan is om reeds in ruimtelijke plannen milieuhinder bij woningen te voorkomen en tegelijkertijd aan bedrijven voldoende milieuruimte te bieden voor het uitoefenen van hun bedrijfsactiviteiten. Regels voor milieuzonering zijn opgenomen in de VNG-publicatie Bedrijven en Milieuzonering, editie 2009. Hierin wordt, onderscheiden naar omgevingstypen waarvoor een bepaalde mate van milieuhinder aanvaardbaar wordt geacht, een richtafstand tot woningen per bedrijfstype aangegeven. In de directe nabijheid van het plangebied bevinden zich een kantoor aan de J.F. Kennedylaan en een medische voorziening aan de Goeman Borgesiuslaan. De afstand van de woning tot het kantoor dient minimaal 10 meter te bedragen en de afstand van de woning tot de medische voorziening dient minmaal 30 meter te bedragen. Op onderstaande kaart staan de beperkingen ingetekend ten aanzien van beide functies.
Afstand tot andere functies
11
3.10 Externe veiligheid Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico’s die ontstaan voor de omgeving bij het gebruik, de opslag en het vervoer van gevaarlijke stoffen, zoals vuurwerk, LPG en munitie. Sinds een aantal jaar is er wetgeving over “externe veiligheid” om de burger niet onnodig aan te hoge risico’s bloot te stellen. Besluit externe veiligheid inrichtingen Op 27 oktober 2004 is het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) in werking getreden. In het Bevi zijn grenswaarden en oriënterende of richtwaarden opgenomen voor het plaatsgebonden risico (PR). Voor het groepsrisico (GR) is een verantwoordingsplicht opgenomen. Hiermee worden de aan te houden afstanden tussen inrichtingen (bedrijven) waar grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen aanwezig zijn en kwetsbare en beperkte objecten gewaarborgd. Uit de risicokaart blijkt dat er in de omgeving van het plangebied geen risicovolle inrichtingen en hoofdgasleidingen liggen. Ten aanzien van externe veiligheid zijn er dan ook geen belemmeringen voor dit plan. 3.11 Bezonningsstudie In het kader voor de beschaduwingseffecten op de omgeving is het noodzakelijk dat er een bezonningsstudie zal worden gemaakt. Dit zal in de volgende fase worden uitgevoerd. 3.12 Water Sinds 1 november 2003 is de watertoets verplicht bij ruimtelijke plannen. Deze watertoets zal in de volgende fase worden uitgevoerd.
De nieuw te bouwen woningen worden boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) ontworpen om grondwateroverlast te voorkomen. Hierdoor behoeven ook geen aanvullende maatregelen te worden genomen ten behoeve van drooglegging. Er bevindt zich geen oppervlaktewater in de directe omgeving van het plangebied. De riolering en waterbeheer spelen in de gemeente Baarn een prominente rol: behalve bescherming van de volksgezondheid, voorkomen ze wateroverlast en dragen ze bij aan een aantrekkelijke woon- en recreatieomgeving. De afspraken hierover zijn vastgelegd in het Verbreed gemeentelijk Rioleringsplan Baarn 20122017. Hierin is het rioleringsbeleid voor de gemeente Baarn opgenomen en wordt onder andere een toetsingskader gegeven bij nieuwbouwplannen. Naast het geven van goedkeuring aan de rioleringsplannen wordt geadviseerd naar mogelijkheden voor afkoppelen verhard oppervlak en aanleg van drainagevoorzieningen. Verder wordt gekeken naar eventuele grondwateroverlast. Het plangebied zal qua hoogtes in kaart worden gebracht om te beoordelen of er wateroverlast kan worden verwacht. Vuilwaterafvoer van de woningen wordt aangesloten op de gemeentelijke riolering en hemelwaterafvoer wordt in de grond geïnfiltreerd. 3.13 Cultuurhistorie Het project heeft geen betrekking op een rijks- of gemeentelijk monument.
Het bevindt zich eveneens niet in de directe nabijheid van een rijks- of gemeentelijk monument als in de omgeving van een molen. Ook ligt het plangebied niet in een beschermd stad- en dorpsgezicht. 3.14 Groen, natuur en landschap In het kader van de Flora en Fauna wetgeving is het noodzakelijk dat er ecologisch onderzoek plaatsvindt. Dit zal in de volgende fase worden uitgevoerd.
12
3.15 Overige belemmeringen Er zijn ons geen verdere belemmeringen bekend. 4. Economische uitvoerbaarheid Het plan wordt in eigen beheer en voor eigen risico uitgevoerd. Gideon de Jong, architecten uit Baarn is betrokken bij de ontwikkelingen. Tussen de gemeente Baarn en de initiatiefnemers zal een overeenkomt worden gesloten. In deze overeenkomst worden afspraken gemaakt over onder andere de afwenteling van eventuele planschadekosten aan de initiatiefnemers. De gebruikelijke leges conform de gemeentelijke legesverordening worden betaald door de initiatiefnemers.
13