265141 Jaarrekening 2020 en Begroting 2022 RID Utrecht bijlage 2 Concept Begroting 2022 RID Utrecht
Tekst van het document
Programmabegroting 2022 Meerjarenraming 2023-2025
1
Voorwoord In deze programmabegroting van de Regionale ICT-Dienst Utrecht (RID) staan de doelen, de activiteiten en de budgetten voor 2022. Ook geeft het zicht op de verdere toekomst, in de vorm van de meerjarenraming. De kadernota 2022-2025 is eind 2020 vastgesteld. Deze gaf een vooruitblik op de verwachte ontwikkeling van de begrotingspositie voor 2022 en verder. Vanuit het vastgestelde nieuwe beleid en het bestaande beleid van afgelopen jaren is de programmabegroting opgesteld die nu voor u ligt.
Flexibel en vraaggericht Ten tijde van het opstellen van deze begroting bevinden we ons nog steeds in de coronacrisis. Met de start van het vaccinatieprogramma is de verwachting dat in de tweede helft van 2021 het gewone leven weer langzamerhand vorm krijgt. Tegelijkertijd is duidelijk dat het kantoorleven niet meer zal zijn wat het ooit geweest is. We gaan uit van een hybride vorm van werken en dat noodzaakt tot de inzet van flexibele en blijvende oplossingen om ook vanuit huis te kunnen werken. Een uitbreiding van werkplekken betekent tevens een blijvende toename van de vraag om ondersteuning. Juist dan is het een vereiste om als professioneel opdrachtgevers vanuit het collectief te handelen om de gedeelde behoefte zo goed mogelijk gezamenlijk ingevuld te krijgen. Samen staan we immers sterk! Gezamenlijk invullen betekent bovendien ook hier een efficiënte inzet van middelen, mensen en materiaal.
Ruimte en noodzaak voor innovatie Bij de kadernota 2019 is besloten dat het noodzakelijk was om ruimte te houden voor innovatie. De RIDdeelnemers wilden naast een stabiele productieomgeving ook de mogelijkheid hebben om nieuwe ideeën eerst uit te proberen en nieuwe technologie te onderzoeken. Het bleek een vooruitziende blik van onze deelnemers; nieuwe technieken waren in de coronacrisis een vereiste om de dienstverlening te kunnen continueren.
Blijvend aandacht voor Informatieveiligheid De RID voldoet aan de wettelijke normen rondom informatiebeveiliging. Dit betekent uiteraard niet dat we klaar zijn. Het afgelopen jaar maakte duidelijk dat op bepaalde gebieden steeds meer van de overheid verwacht wordt. Ontwikkelingen volgen elkaar snel op en problemen worden vaker opgelost door verschillende partijen in een organisatie-overstijgende ketensamenwerking of vanuit de thuiswerksituatie. Digitalisering stelt overheden hierbij in staat om eenvoudiger informatie uit te wisselen en samen te werken en biedt daarmee kansen voor snellere en betere besluitvorming. Daarbij worden we wel in toenemende mate geconfronteerd met tegenstrijdige verwachtingen; tijds- en plaatsonafhankelijk kunnen werken met enerzijds meer openheid en transparantie en anderzijds betere bescherming van (persoons)gegevens. Dit alles maakt uw uitdaging op digitaliseringsgebied steeds groter, met informatiebeveiliging als actueel thema.
Komende jaren Begin 2019 hebben we in het koersdocument 2019 – 2022 onze nieuwe missie, visie en ambitie verwoord zoals vastgesteld door het Bestuur van de RID, als ijkpunt voor verbetering van de samenwerking. Dit vraagt om professioneel opdrachtgeverschap, waarbij de kracht van het collectief benut wordt door uit te gaan van dezelfde behoefte (1x7) in plaats van een iets gewijzigde vraag vanuit elke deelnemer (7x1). Tegelijkertijd zet de RID blijvend in op verder ontwikkelen naar een flexibele en servicegerichte partner die diensten en oplossingen levert op het gebied van ICT en IV. Samen met onze deelnemers kijken we daarom naar een mogelijke, verdere uitbreiding van plusdiensten. Hierbij wordt niet uitgegaan van de geldende verdeelsleutel, maar is het principe ‘de gebruiker betaalt’ van toepassing. Voorbeelden van dit type plusdienst zijn MS365, telefonie en e-Hrm. Dit principe doet ook meer recht aan de gewenste ontwikkelsnelheden bij de deelnemers. Tijdens deze ontwikkeling blijft het streven uiteraard om onze dienstverlening niet alleen op niveau houden, maar zelfs blijvend te verbeteren waar nodig. In deze programmabegroting leest u hoe de RID zich verder ontwikkelt naar een ICT-partner die meegroeit en inspeelt op uw (gezamenlijke) wensen als deelnemende organisaties. Doorn, 12 april 2021, D. Govaerts, Directeur RID-Utrecht.
2
Inhoud 1.
2.
3.
Inleiding ........................................................................................................................................................... 4 1.1.
Missie ...................................................................................................................................................... 4
1.2.
Bestuur ................................................................................................................................................... 4
1.3.
Proces ..................................................................................................................................................... 6
1.4.
Opbouw begroting ................................................................................................................................... 6
1.5.
Wijze van totstandkoming en opzet ........................................................................................................... 6
1.6.
Situatie kadernota 2022-2025 ................................................................................................................... 7
1.7.
Toelichting mutaties begroting 2020-2021 ................................................................................................. 7
Programma: dienstverlening .............................................................................................................................. 8 2.1.
Gewenste resultaten (wat willen we bereiken? En wat gaan we daarvoor doen?) ........................................... 8
2.2.
Wat mag het kosten ............................................................................................................................... 11
2.3.
Toelichting mutaties begroting 2021-2022 ............................................................................................... 12
Hoofdstuk Overhead ....................................................................................................................................... 14 3.1.
Toelichting mutaties begroting 2021-2022 ............................................................................................... 14
4.
Hoofdstuk algemene dekkingsmiddelen ........................................................................................................... 15
5.
Recapitulatie .................................................................................................................................................. 16
6.
Ontwikkelingen 2022 en verder ........................................................................................................................ 17
7.
Paragrafen ..................................................................................................................................................... 18 7.1.
Paragraaf lokale heffingen ...................................................................................................................... 18
7.2.
Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing................................................................................. 18
7.3.
Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................................. 20
7.4.
Financiering en treasury.......................................................................................................................... 20
7.5.
Bedrijfsvoering....................................................................................................................................... 21
7.6.
Verbonden partijen ................................................................................................................................ 21
7.7.
Grondbeleid ........................................................................................................................................... 21
3
1.
Inleiding
In 2017 hebben de deelnemers geconcludeerd dat de RID-Utrecht de strategische oprichtingsdoelstellingen heeft behaald. In 2018 hebben de deelnemers in samenspraak met het bestuur afgesproken dat de RID zich gaat ontwikkelen van een IT-beheerorganisatie naar een servicepartner op het gebied van ICT en informatievoorziening. Deze richting is in 2019 nader uitgewerkt in het bestuurlijk document ‘strategisch kader 2019 -2022’.
1.1.
Missie
“Wij zijn uw ICT-partner die ervoor zorgt dat medewerkers hun werkzaamheden effectief en veilig kunnen uitvoeren.”
Visie: Wij zorgen ervoor dat medewerkers hun werkzaamheden effectief en veilig kunnen uitvoeren. Hiervoor leveren wij diensten en oplossingen op het gebied van ICT en informatievoorziening. Uw vraag staat centraal! Wij overtreffen verwachtingen en gaan voor het maximale. Met deze gedrevenheid zorgen wij ervoor dat medewerkers beschikken over goede digitale vaardigheden en betrouwbare voorzieningen. Zo dragen wij bij aan de kwaliteit van de dienstverlening aan burgers en bedrijven. De RID is uw partner met kennis van de digitale gemeente, focus op lokale overheden en begrip van uw processen. Samen met u maken wij innovaties met ICT mogelijk.
1.2.
Bestuur
De colleges van de gemeenten Baarn, De Bilt, Bunnik, Soest, Utrechts Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en het algemeen bestuur van de Regionale Sociale Dienst Kromme Rijn Heuvelrug nemen deel in de gemeenschappelijke regeling RID-Utrecht. Het algemeen bestuur (AB) wordt gevormd door:
Burgemeester gemeente Utrechtse Heuvelrug De heer G.F. Naafs (voorzitter)
Wethouder gemeente Soest Mevrouw N.
Burgemeester gemeente De Bilt De heer S.C.C.M. Potters Burgemeester gemeente Bunnik De heer R. van Bennekom
Burgemeester gemeente Wijk bij Duurstede Mevrouw I. Meerts
Wethouder gemeente Baarn De heer H. Prakke
4
Wethouder gemeente Utrechtse Heuvelrug De heer H. Waaldijk
Bestuurder RDWI De heer D.M.P.G. Smolenaers
Directeur RID Mevrouw D.M.A.H. Govaerts (ambtelijk secretaris) Het bestuur zet de beleidslijnen uit en spreekt over de voortgang van de dienstverlening, de exploitatiebegroting en de verantwoording hierover. Het bestuur heeft de zorg voor de continuïteit en de kwaliteit van de organisatie. Naast de bestuurlijke lijn heeft het AB op 4 juli 2019 een governance vastgesteld waarin is bepaald dat er een Chief Information Team (CIT) wordt opgericht. Het CIT is bedoeld om de samenwerking van een gedeelde IV-functie vorm te gaan geven. Vanuit het CIT wordt één CIT-lid aangewezen als linking-pin/adviseur voor het bestuur. Op dit moment bestaat het CIT uit de volgende leden: Dhr van Veen als adviseur voor het bestuur (gemeente Soest) Mevr. Creveld (gemeente Baarn) Dhr. Veenhof (gemeente Bunnik) Dhr van Netten (gemeente De Bilt) Mevr. Grimius (gemeente Soest) Mevr. Palstra (gemeente Utrechtse Heuvelrug) Mevr. de Jong (Wijk bij Duursede) Dhr. van der Eem (RDWI)
5
1.3. Kadernota
Proces Begroting
Begrotings wijzigingen (bestuurs rapportage)
Jaarstukken
De begroting 2022-2025 schetst de financiële ontwikkelingen in relatie tot de toekomstige ontwikkelingen.
1.4.
Opbouw begroting
In deze programmabegroting van de Regionale ICT-Dienst Utrecht (RID) staan de doelen, de activiteiten en de budgetten voor 2022. Ook geeft het zicht op de verdere toekomst, in de vorm van de meerjarenraming. De kadernota 2023-2025 is eind 2020 vastgesteld. Deze gaf een vooruitblik op de verwachte ontwikkeling van de begrotingspositie voor 2022 en verder. Vanuit het vastgestelde nieuwe beleid en het bestaande beleid van afgelopen jaren is de programmabegroting opgesteld die nu voor u ligt.
Hoofdstuk 2: Programma Dienstverlening
Hoofdstuk 3: Overhead
Hoofdstuk 4: Algemene Dekkingsmiddelen
Hoofdstuk 5: Recapitulatie
1.5.
Hoofdstuk 6: ontwikkelingen 2022 ev.
Hoofdstuk 7: Paragrafen
Wijze van totstandkoming en opzet
Het algemeen bestuur heeft op 26 november 2020 de kadernota 2022-2025 vastgesteld. De kadernota gaf een vooruitblik op de te verwachten ontwikkeling van de begrotingspositie voor 2021 en volgende jaren. Vanuit het vastgestelde nieuwe beleid en het bestaande beleid van afgelopen jaren is deze programmabegroting opgesteld.
6
1.6.
Situatie kadernota 2022-2025
Alle jaren van de kadernota sluiten met een saldo van 0. Kadernota 2022-2025 Bedragen x € 1000
2022
2023
2024
2025
Totale lasten begroting 2021-2024
7.487
7.487
7.487
7.487
Begrotingswijziging najaarsnota 2020
79
79
79
79
Lasten vanuit kadernota
93
93
93
93
Stelpost kapitaallasten *
142
142
142
142
Totale lasten
7.801
7.801
7.801
7.801
Totale dekkingsmiddelen begroting 2021-2024
7.487
7.487
7.487
7.487
Begrotingswijziging najaarsnota 2020
79
79
79
79
Kadernota verhoogde dekkingsmiddelen
93
93
93
93
Verhoogde dekkingsmiddelen voor stelpost kapitaallasten *
142
142
142
142
7.801
7.801
7.801
7.801
Saldo Kadernota 2022
0
0
0
0
Onttrekking bestemmingsreserve
0
0
0
0
Gerealiseerd resultaat kadernota 2022
0
0
0
0
Totale dekkingsmiddelen
* Op verzoek van de deelnemers hebben wij een stelpost kapitaallasten opgenomen. Hiermee blijft het kapitaallasten plafond op het niveau van 2021. In hoofdstuk 2.3 hebben we dit verder toegelicht.
1.7.
Toelichting mutaties begroting 2020-2021
Het verschil tussen de begroting 2021 en 2022 wordt toegelicht, als het verschil groter is dan € 20.000, bij de uitwerking per programma/hoofdstuk. Zoals te zien is bij de verschillende toelichtingen worden de afwijkingen veroorzaakt door de kadernota en de begrotingswijziging bij de najaarsnota 2020.
7
2.
Programma: dienstverlening
2.1. Gewenste resultaten (wat willen we bereiken? En wat gaan we daarvoor doen?) De RID ontwikkelt zich naar een ICT-servicepartner die zorgt dat medewerkers beschikken over goede digitale vaardigheden en betrouwbare voorzieningen, zodat ze veilig en effectief kunnen werken. De bedrijfsvoering en dienstverlening van onze deelnemers zijn daar immers volledig afhankelijk van. Samen met de deelnemers hebben we daarom het doel bepaald en werken daar als RID op verschillende manieren naar toe.
RID naar serviceprovider Om toe te werken van een RID, die uitsluitend de harde ICT levert, naar de servicepartner die ontzorgt op het gebied van ICT en informatievoorziening, werken we conform 5 beleidssporen: • Samenwerking: De gezamenlijke beleving van de visie, missie en ambitie en de gedeelde verantwoordelijkheid om deze tot realisatie te brengen. • Organisatie: Het (beter) invullen, inzetten en onderhouden van de aanwezige systematiek (structuur, hiërarchie, taakverdeling) ten behoeve van eigenaarschap, overleg en onderling vertrouwen. • Diensten: Het (opnieuw) gezamenlijk vormgeven van (nieuwe) diensten in lijn met de gedeelde verantwoordelijkheid en missie/ visie. Dit o.b.v. het principe dat de vraag leidend is. • Processen: De huidige praktijk (grip op flow, type en karakter van het werk) gericht op het verbeteren van de effectiviteit van de samenwerking en een hogere mate van operationele controle. • Projecten: De inrichting, aansturing en besturing van programma’s en projecten zowel intern als extern.
Met deze beleidssporen als leidend principe blijven we de focus de komende jaren leggen op de volgende ontwikkelingen:
Bundeling van opdrachtgeverschap Bij de transitie naar servicepartner houden we rekening met de invulling en vorming van de governance in de verhoudingen eigenaar GR, opdrachtgever en opdrachtnemer. De RID is als GR ingericht om te werken voor een collectief van organisaties met een samenhangende en generieke behoefte op het gebied van de ICT. Omdat professioneel opdrachtgeverschap belangrijk is vanuit alle RID-deelnemers, zijn de krachten als opdrachtgevers gebundeld om vanuit een Regionale IV-ontwikkeling te komen tot eenduidige vraagontwikkeling, -formulering en -articulatie. Vanuit de opdrachtgevers zal hiervoor de IV-strategie en het IV-beleid bepaald moeten worden, met inbreng van alle betrokken deelnemers vanuit het perspectief van de eigen, naar gelijksoortige bedrijfsvoering. Deze inbreng is voorwaardelijk voor het opstellen van een vernieuwde koers vanuit de GR RID.Deze krachtenbundeling krijgt ook vorm vanuit de vraagkant van de opdrachtgevers. In de regionale IV-ontwikkeling Utrecht (RIVO) wordt gekeken naar mogelijke harmonisatie naar 1 gebruikersvraag voor 7 deelnemers in plaats van 7 verschillende vragen voor 7 deelnemers.
Informatieveiligheid Informatieveiligheid is steeds belangrijker binnen de (lokale) overheid en de lat wordt op dit gebied dan ook hoger gelegd. Vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid borgen de deelnemers en de RID dit deels door een gezamenlijk Information Security Team
8
Vanaf 2020 werken wij bovendien conform de nieuwe baseline informatiebeveiliging overheid (BIO 1). De BIO is het verplichte normenkader voor informatieveiligheid en voorziet dat iedereen werkt conform dezelfde ambities en veiligheidsstandaarden. Door het informatiebeveiligingsbeleid van de RID te baseren op de BIO is de aansluiting op de inrichting van de BIO binnen de deelnemers in principe gerealiseerd. Dit neemt niet weg dat de verantwoordelijkheid voor informatieveiligheid bij de deelnemende organisaties blijft. De RID heeft informatiebeveiliging volgens een PDCA-cirkel ingericht en neemt in de toekomst de BIO als audit mee in de ISAE3402 verklaring. In 2021 vindt de aanbesteding voor deze auditdienst plaats. De verwachting is dat dus ook met ingang van 2021 de BIO wordt meegenomen. De RID toont hiermee aan dat de ‘werking – opzet – bestaan’ van de informatiebeveiligingsprocessen goed zijn. Ter validatie doet de RID altijd een jaarlijkse pentest. Omdat de RID en de deelnemers werken in een stelsel van overheidsorganisaties gaan we vanaf 2021 onze huidige informatiebeveiligingsproducten afnemen via GGI Veilig. Voor meer informatie over GGI Veilig verwijzen we naar het kopje ‘VNG Realisatie’ op de volgende bladzijde van dit document.
Kwetsbaar door externe factoren De RID voldoet aan de wettelijke normen en heeft een kwaliteitsslag gemaakt op strategisch en tactisch niveau. Informatieveiligheid wordt echter nooit afgerond maar is een continu proces. Recente ervaringen in de praktijk met bepalende, externe factoren hebben dat wederom duidelijk gemaakt. Voorbeelden die nog vers in het geheugen liggen zijn de Citrix-crisis, het hacken van de gemeente Hof van Twente en het Exchange lek. Blijvende (bestuurlijke) aandacht voor informatiebeveiliging is dus noodzakelijk om een veilige, digitale omgeving voor de dienstverlening aan burgers en ondernemers te kunnen faciliteren.
Gebruikerservaringen Onze ICT ontzorgt ruim 2.100 medewerkers die daardoor voor ruim 200.000 inwoners hun taken efficiënt en effectief kunnen uitvoeren. Wij zorgen dat alle medewerkers anyplace – anywhere – anytime en anydevice veilig kunnen werken. We hebben vanaf 2020 onze nieuwe Citrix-werkplek uitgerold. Deze Citrix-werkplek biedt de gebruikers meerwaarde door een betere gebruikerservaring, door hogere snelheid en een betere integratie met mobiel werken. We verwachten dat de trend van mobiel werken niet alleen doorzet maar zelfs de nieuwe standaard gaat worden. Toenemende files, flexibele werkwerken en bijvoorbeeld de wereldwijde uitbraak van het coronavirus laten zien dat mobiel werken onder sommige omstandigheden noodzakelijk is om de bedrijfscontinuïteit te kunnen garanderen. De nieuwe Citrix-werkplek biedt de deelnemers de mogelijkheid om met Office365 te gaan werken.
Versnellen Microsoft365 Op verzoek van de deelnemers heeft de RID in 2020 in kaart gebracht wat de consequenties van en kosten voor het versneld invoeren van de plusdienst MS365 zouden zijn. Aangezien de toenmalige inzet van Teams tijdelijk was, hebben de deelnemers aan RIVO gevraagd om, met medewerking van de RID, een business case op te stellen met mogelijke voordelen, kosten, randvoorwaarden en gevraagde inzet door de organisaties. Daarnaast zorgde de RID dat het platform MS365 technisch gereed was voor eventuele functionele uitrol van deelnemers in 2021, binnen de gestelde randvoorwaarden. Meerdere deelnemers hebben aangegeven dit traject vanuit het collectief vorm te willen geven in 2021. De verwachting is dat de eerste deelnemers rond de zomer van 2021 gaan starten met de organisatieverandering die randvoorwaardelijk is voor een effectief en efficiënt gebruik van deze plusdienst.
Het bieden van flexibiliteit, continuïteit en schaalbaarheid In 2017 zijn de deelnemers en de RID gestart met het in kaart brengen waar de IT-infrastructuur in 2021 aan moet voldoen. In 2021 leveren we deze gebruiksklaar op. Deze infrastructuur gaat uit van het principe om flexibiliteit, schaalbaarheid en continuïteit te bieden. Dit geeft de deelnemers meer mogelijkheden om te betalen naar gebruik in plaats van langdurige verplichtingen aan te gaan. Omdat de RID in 2021 een technisch up-to-date IT-infrastructuur gaat aanbieden die voldoet aan de eisen en wensen van de deelnemers is het noodzaak om deze goed te onderhouden. De technisch ontwikkelingen gaan immers snel en ook de eisen/ wensen van de gebruikers evolueren gedurende de tijd. Om te zorgen dat de RID blijvend aan de verwachtingen kan voldoen ontwikkelen we gezamenlijk onze architectuur van diensten en
1 https://www.informatiebeveiligingsdienst.nl/project/baseline-informatiebeveiliging-overheid/
9
oplossingen op het gebied van ICT en IV door. Dit doen we o.b.v. de IV-strategie van het collectief van opdrachtgevers.
Vergroten van de innovatiekracht De samenleving verandert en dat gaat in een toenemend tempo. Steeds vaker maken technologische innovaties nieuwe ontwikkelingen mogelijk. Ontwikkelingen die nodig zijn om flexibel te kunnen omgaan met verschillende scenario’s, als de omstandigheden daartoe noodzaken. Innovatie is daarmee geen luxe maar een must. Zonder innovatie zouden de deelnemers op ICT-gebied stil komen staan, en stilstand is nou eenmaal achteruitgang. En hoewel onze invloed op externe of extreme factoren minimaal is, kunnen we wél door innovatie de kans vergroten dat de bedrijfscontinuïteit gegarandeerd blijft. Kortgezegd: door te zorgen voor een infrastructuur die altijd bij blijft en bovendien schaalbaar en flexibel is, kunnen wij sneller innovaties voor de deelnemers mogelijk maken. Of het nu gaat om innovaties voor mobiel werken, i-overheid of ketensamenwerkingen; de RID is er klaar voor!
VNG Realisatie In 2021 zullen we gezamenlijk gebruik maken van collectieve voorzieningen die de afgelopen jaren gecontracteerd zijn door de RID namens de deelnemers. Het gaat hierbij om: • GT Connect : De RID biedt als dienst een telefooncentrale aan waar alle deelnemers actief gebruik van maken. De RID heeft geparticipeerd in GT Connect en zou in 2021 overgaan naar de nieuwe telefooncentrale. In deze nieuwe telefooncentrale komen de verschillende communicatiefaciliteiten, telefonie, chat-, presence-, conferencing en collaboratie bij elkaar. Dit nieuwe platform is geschikt om te opereren als een virtueel KCC. Door leveranciersproblemen heeft de VNG hier helaas niet alleen eenzijdig de overeenkomst opgezegd, maar is zelfs een gerechtelijke procedure opgestart. In 2021 wordt door VNG Realisatie van de mogelijke vervolgstappen gedaan. • GGI Veilig : De RID neemt de operationele beveiligingsproducten af vanuit de aanbestedingsmantel GGI Veilig. Veel van deze producten neemt de RID momenteel zelfstandig af. Door de kracht van samen organiseren kan de RID blijvend voldoen aan het product “het bieden van een veilige ITwerkomgeving”. • GP Print De RID verzorgt voor de deelnemers dat iedereen kan printen/ scannen. Dit contract loopt in 2021 af. In 2022 willen we gebruik maken van GT Print, een aanbesteding vanuit VNG Realisatie.
Hierdoor kunnen wij tegen betere condities deze dienst aanbieden aan onze deelnemers.
Prestatie-indicatoren dienstverlening RID Ook in 2022 leveren wij onze dienstverlening conform onderstaande, vastgestelde prestatie-indicatoren. Omschrijving Norm Tijdigheid Telefoonafhandeling Servicedesk Oplossend vermogen Servicedesk Tijdigheid wijzigingen Tijdigheid verstoringen P1 Tijdigheid verstoringen P2/4 Beschikbaarheid infrastructuur ISAE 3402 type 2
> 80 % >70% >80% >90% >80% > 99,5% goedgekeurd
10
2.2.
Wat mag het kosten
Kostenoverzicht programma Dienstverlening Bedragen x € 1.000 Realisatie
Begroting
Meerjarenbegroting
Personeelslasten
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Salarissen en vervangingsbudget
2.938
3.058
2.857
2.857
2.857
2.857
159
160
115
115
115
115
Totaal personeelslasten
3.097
3.218
2.972
2.972
2.972
2.972
Overige lasten Gemnet Telefonie/ internet Glasvezelring Fotokopieerapparatuur Onderhoud telefooncentrale Onderhoud Hardware/ software Verzekeringen Kapitaallasten Informatieveiligheid Electra Overige lasten
2020 82 76 70 62 28 1.408 9 1.914 87 47 3.783
2021 97 76 106 181 26 114 5 1.550 80 43 3.595
2022 98 77 108 184 27 1.454 5 1.550 81 44 3.628
2023 98 77 108 184 27 1.454 5 1.550 81 44 3.628
2024 98 77 108 184 27 1.454 5 1.550 81 44 3.628
2025 98 77 108 184 27 1.454 5 1.550 81 44 3.628
Totaal Programma dienstverlening
6.880
6.813
6.600
6.600
6.600
6.600
6.660
6.660
6.660
6.660
Opleidingen
Waarvan bestaand beleid Waarvan nieuw beleid
plusdiensten Bovenstaande bedragen is het saldo van de baten en lasten. De zogenaamde plusdiensten werden nooit begroot. Met ingang van begrotingsjaar 2022 zullen wij deze opbrengsten (waar dus dezelfde kosten tegenover staan) ook begroten. Dit om de totale deelnemersbijdrage inzichtelijk te maken voor al onze deelnemers. In de volgende tabel hebben we per deelnemer weergegeven welke plusdiensten er worden doorbelast aan de deelnemers (inschatting op basis van 2020). Bedragen x € 1.000 Baarn Bunnik De Bilt Soest RSD Utrechtse Heuvelrug Wijk bij Duurstede Totaal
Telefonie 12 8 6 21 10 26 9 92
Wifi
Ehrm 25 11 26 31 12 26 20 151
50 0 70 97 40 102 46 405
MS365* 20 16 30 43 18 38 15 180
Totaal 107 35 132 192 80 192 90 828
* Door de deelnemers is toestemming gegeven om het beheer aan de kant van de RID voor MS365 vast te gaan inzetten. Deze kosten (ad € 180.000) zijn hierboven dus reeds opgenomen. Aan de deelnemers is hiernaast een business case ter beschikking gesteld om voor henzelf een kosteninschatting te gaan maken 11
(voor bijvoorbeeld licenties etc). Bij het opstellen van deze begroting was het nog niet duidelijk in hoeverre de deelnemers gebruik zouden gaan maken van de nieuwe MS365 oplossing. De overige kosten, naast beheer, staan daarom nog niet in dit overzicht vermeld. Naast bovenstaande doorbelastingen worden ook nog hard- en softwarekosten doorbelast (bijvoorbeeld laptops en applicaties). Deze zijn lastiger voor de RID in te schatten en daarmee te begroten, derhalve deze niet opgenomen in bovenstaande overzicht. Bij het bepalen van de koers voor 2019-2022 is bepaald dat de gemeenschappelijk begroting zo laag mogelijk gehouden wordt, en de plusdiensten te verrekenen op basis van de gebruiker betaalt. In onderstaande plaatje is weergegeven hoe dit eruit ziet. Linksonder is de basisbegroting.
2.3.
Toelichting mutaties begroting 2021-2022
De lasten ten opzichte van 2021 zijn € 355.000 lager. Dit is als volgt te verklaren: Lijst van afwijkingen ten opzichte van begroting 2021 Afwijking (bedragen x € 1.000) Verwachte CAO stijging voor 2022 (kadernota 2021-2024) Inflatiecorrectie (kadernota 2021-2024) In 2021 nog hogere kosten opleidingsplan (inclusief vervangingsbudget) om door te groeien naar serviceprovider (Dit was al voorzien in de kadernota 2019-2022) In 2021 incidentele kosten voor extra beheercapaciteit als gevolg van nieuwe werkomgeving In 2021 incidentele kosten voor vervanging langdurig zieke Totaal
Bedrag 42 33 105
H H L
104 79 213
L L L
Bij het opstellen van de kadernota 2019 was reeds rekening gehouden met een piekbegroting in de jaren 2019 en 2020. Vanaf 2021 daalde de kosten als gevolg van herijking meer-jaren investeringsplan. In 2022 dalen de kosten ook nog als gevolg van de vermindering van opleidingskosten. Dit was reeds voorzien in de kadernota 2019. Bij opstellen van de kadernota 2019 was het plafond voor de kapitaallasten bepaald op € 1.408.000 (vanaf 2022). Dit plafond was bepaald op het toen geldende meerjarig investeringsplan. Op dit moment is de RID volop bezig met het uitvoeren van dit meerjarig investeringsplan. Dit betreffen vele deelprojecten. Waar we bij sommige projecten binnen de kaders blijven, zijn er ook projecten die uitlopen en daarmee een budgetoverschrijding hebben. Wij hebben als voorbeeld al eerder de Citrix uitrol genoemd. Daarnaast is de 12
wereld sinds opstellen kadernota 2019 (in 2017) veranderd. De RID bepaalt ook gelijk of de toen bepaalde uitgangspunten nog steeds gelden. Of dit uiteindelijk effect heeft op het bepaalde plafond voor de kapitaallasten is nog niet te zeggen. De komende tijd gaat de RID aan de slag om alle deelprojecten in te plannen en te bepalen of er voldoende investeringsbudget is. Op verzoek van de deelnemers hebben wij een stelpost opgenomen voor de kapitaallasten ad € 142.000. Hiermee wordt het kapitaallasten plafond gelijk gezet met de stand van 2021. Deze stelpost kan gebruikt worden voor de hiervoor genoemde risico’s, maar kan ook ingezet worden voor het gezamenlijk opzetten van een IV-functie. Daarnaast is bij het vaststellen van de najaarsnota bepaald dat er in 2021 incidenteel een extra FTE voor beheer beschikbaar is gesteld. In 2021 zal samen met de RID-deelnemers bepaald worden of deze incidentele uitbreiding een structureel karakter moet krijgen. Dit onderzoek was tijdens het opstellen van deze begroting nog niet afgerond. Hierop wordt teruggekomen in de bestuursrapportage.
13
3.
Hoofdstuk Overhead
Op basis van de BBV-voorschriften is het verplicht een overzicht van de overheadkosten op te nemen in de begroting. In het programma dienstverlening staan alleen nog de kosten vermeld die betrekking hebben op het primaire proces. Kostenoverzicht overhead Bedragen x € 1.000 Realisatie
Begroting
meerjarenbegroting
Personeelslasten Salarissen en vervangingsbudget Opleidingen Overige personeelslasten Totaal personeelslasten
2020 506 15 16 537
2021 584 12 19 615
2022 593 12 19 624
2023 2024 593 593 12 12 19 19 624 624
2025 593 12 19 624
Overige lasten Huisvesting/facilitair Ondersteuning Gemeente De Bilt Advieskosten ICT kosten Innovatie Bedrijfsauto’s Overige lasten
2020 147 70 249 16 107 3 592
2021 145 70 224 21 100 8 568
2022 149 71 228 21 100 8 577
2023 149 71 228 21 100 8 577
2024 149 71 228 21 100 8 577
2025 149 71 228 21 100 8 577
Totaal Overhead
1.129
1.183
1.201
1.201 1.201
1.201
3.1.
Toelichting mutaties begroting 2021-2022
De kosten van 2022 zijn 18.000 hoger ten opzichte van 2021. Dit is als volgt te verklaren: lijst van afwijkingen ten opzichte van begroting 2021 Afwijking (bedragen x € 1.000) Verwachte CAO stijging voor 2021 (kadernota 2021-2024) Inflatie (zie kadernota 2021-2024) Totaal
14
Bedrag 9 9 18
H H H
4. Hoofdstuk algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit de deelnemersbijdrage van de verschillende deelnemers. In de kadenota 2022-2025 hebben wij een uiteenzetting gemaakt van de totstandkoming van de bijdragen. De fluctuaties van de deelnemersbijdragen zijn te verklaren door enerzijds de extra kosten vanuit de kadernota, maar ook door de jaarlijkse herijking van de verdeelsystematiek. Naast de bijdrage vanuit de kadernota is ook de extra stelpost kapitaallasten, zoals beschreven op pagina 12, meegenomen. Deze extra financiële consequentie ten opzichte van de kadernota is als volgt: Realisatie 2020 16 10 28 30 11 32 15 142
Bijdragen RID-deelnemers (bedragen x € 1.000) Gemeente Baarn Gemeente Bunnik Gemeente De Bilt Gemeente Soest Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug Gemeente Utrechtse Heuvelrug Gemeente Wijk bij Duurstede Totaal Onderstaand is de totaalbijdrage opgenomen. Overzicht algemene dekkingsmiddelen
Bijdragen RID-deelnemers (bedragen x € 1.000) Gemeente Baarn Gemeente Bunnik Gemeente De Bilt Gemeente Soest Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug Gemeente Utrechtse Heuvelrug Gemeente Wijk bij Duurstede Totaal
15
Realisatie 2020 996 631 1.329 1.657 911 1.718 780 8.022
2021 2022 2023 2024 2025 952 931 931 931 931 609 622 622 622 622 1.363 1.329 1.329 1.329 1.329 1.689 1.710 1.710 1.710 1.710 911 847 847 847 847 1.686 1.588 1.588 1.588 1.588 786 774 774 774 774 7.996 7.801 7.801 7.801 7.801
5.
Recapitulatie
Lasten en baten (x € 1.000) Lasten Programma dienstverlening Overhead Totaal lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Totaal Baten Gerealiseerd totaal van baten en lasten voor reserve mutaties Onttrekking/toevoeging reserve Gerealiseerd resultaat
realisatie 2020
Begroting 2021 2022
2023
meerjarenraming 2024 2025
6.880 1.129 8.009
6.813 1.183 7.996
6.600 1.201 7.801
6.600 1.201 7.801
6.600 1.201 7.801
6.600 1.201 7.801
8.022 8.022
7.996 7.996
7.801 7.801
7.801 7.801
7.801 7.801
7.801 7.801
13 10 23
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
Tabel incidentele baten en lasten: Lasten en baten (x € 1.000) Lasten Programma dienstverlening Overhead Totaal lasten
2021
Baten Algemene dekkingsmiddelen Totaal Baten
16
2022
2023
2024
183 0 183
0 0 0
0 0 0
0 0 0
183 183
0 0
0 0
0 0
6.
Ontwikkelingen 2022 en verder
Digitale Agenda De overheid heeft in 2020 de Agenda Digitale Overheid 2024 (NLDigiBeter) vastgesteld, de opvolger van ADO2015-2020. Een agenda die alle overheidslichamen verbindt en samenbrengt. Voor de gemeentelijke overheid is de meerjarenstrategie en GGU 2020 – 2024 een nadere detaillering van deze ambities. De RID ondersteunt en participeert hierin. Niet alle projecten in de Agenda Digitale Overheid of de meerjarenstrategie zijn momenteel voldoende uitgewerkt om de financiële impact te kunnen duiden.
Omgevingswet In 2022 gaat naar verwachting de nieuwe Omgevingswet van kracht. Het doel van deze wet is minder regels en meer samenhang, meer overzicht en meer ruimte voor lokale initiatieven. Dit vraagt om een integraal omgevingsrecht met nieuwe instrumenten, andere werkwijzen, een andere samenwerking met ketenpartners en dus ook een andere informatievoorziening en ICT-behoefte. Digitalisering stelt burgers, bedrijven en overheden in staat om eenvoudiger informatie uit te wisselen en biedt kansen voor snellere en betere besluitvorming. Alhoewel het Gemeentelijk Digitaal Stelsel Omgevingswet zich begint uit te kristalleren, is het nog onbekend wat de financiële effecten exact zullen zijn voor de RID.
Common Ground Door een gecompliceerd systeem van koppelingen is het applicatielandschap van onze deelnemers complex. Het maakt hun applicaties weinig flexibel, kwetsbaar en duur en staat daarmee een optimale dienstverlening aan burgers en ondernemers in de weg. Dit besef zette een beweging in gang voor de stapsgewijze ontwikkeling van een nieuwe, toekomstbestendige gemeentelijke ICT-infrastructuur. Deze beweging werd enthousiast omarmd door de ‘Taskforce Samen Organiseren’ van VNG Realisatie en kreeg de toepasselijke naam ‘Common Ground’. Het grote voordeel van dit model is dat het niet alleen goedkoper is, maar ook meer ruimte biedt om sneller en gemakkelijker te innoveren. Common Ground maakt bovendien gemeenten minder afhankelijk van hun vaste leveranciers en geeft burgers en ondernemers ook nog beter inzicht in de wijze waarop met hun gegevens wordt omgegaan. Met Common Ground wordt een grote stap gezet in de richting van een open, transparante overheid waarbinnen, met inachtneming van de privacyregels, gegevens sneller en veiliger kunnen worden uitgewisseld, zowel intern als extern. De RID en de deelnemers zien Common Ground dan ook als een goede strategie.
17
7.
Paragrafen
Doel van de paragrafen is om het Algemeen Bestuur een instrument te geven om de beleidskaders van de diverse onderdelen vast te stellen en om de uitvoering te kunnen controleren.
7.1.
Paragraaf lokale heffingen
Dit is voor de RID niet van toepassing.
7.2. Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Algemeen De RID heeft veel geïnvesteerd in ICT-middelen en heeft derhalve veel (im)materiële vaste activa op de balans staan. Dit wordt in de paragraaf financiële risico’s verder uitgewerkt. Een eventueel negatief exploitatiesaldo wordt door de RID-deelnemers afgewikkeld conform de artikelen 26 tot en met 28 van de gemeenschappelijke regeling (GR). In feite zijn daarmee alle financiële risico's afgedekt. De RID-deelnemers worden door middel van de huidige P&C -documenten geïnformeerd over de financiële stand van zaken. Daarnaast heeft de RID een ISAE3402 rapport dat zich sterk richt op risicobeheersing.
Financiële Risico’s Groei naar één geconsolideerde infrastructuur De RID is gefaseerd en projectmatig gegroeid naar de eindsituatie. Bij iedere fase is onderzocht welke risico’s de RID of de deelnemers lopen alvorens tot uitvoering over te gaan. Zo moet bijvoorbeeld bij het consolideren van licenties precies in beeld zijn gebracht wat de juridische en financiële consequenties zijn. Daarnaast moet de RID ook steeds bepalen of bijvoorbeeld aan de Europese aanbestedingsrichtlijnen wordt voldaan. Met inhuur van expertise op dit vlak is in de begroting rekening gehouden. Het risico op vernietiging of vervreemding van de activa door brand of diefstal wordt gemitigeerd door het afsluiten van verzekeringen. In de aanbesteding van Software is ook de dienst licentiebeheer meegenomen.
Renterisico Er wordt rekening gehouden met een rente voor nieuw op te nemen geldleningen van 0,7%. Het risico bestaat dat het werkelijke rentepercentage waarvoor leningen worden afgesloten hoger is. Gelet op de rentestand en verwachte renteontwikkeling is die kans nog altijd beperkt.
Risico’s voor dienstverlening Opdrachtgeverschap Professioneel opdrachtgeverschap is belangrijk voor alle RID-deelnemers. Dit wordt organisatorisch ingevuld vanuit de Gemeenschappelijke Regeling die aan de RID ten grondslag ligt. Hierin is het eigenaarschap van de RID belegd bij het Algemeen Bestuur en afgeleid daarvan het Dagelijks Bestuur. De RID is dus als GR ingericht om te werken voor een collectief van organisaties met een samenhangende en generieke behoefte op het gebied van de ICT. Omdat professioneel opdrachtgeverschap belangrijk is vanuit alle RID-deelnemers, hebben ze ingestemd met bundeling van de krachten als opdrachtgevers. Vanuit deze collectieve benadering moet invulling gegeven worden aan het uitgangspunt “zoveel mogelijk dezelfde vraag (1x7) in plaats van een iets gewijzigde vraag vanuit elke deelnemer (7x1)”. De blijvende en specifieke wensen per organisatie zorgen echter nog steeds voor onnodige dynamiek die in de praktijk leidt tot ongewenst uitloop in majeure projecten. Blijvende inzet op professioneel opdrachtgeverschap is een vereiste om dit patroon te doorbreken.
18
Het voeren van regie op de dienstverlening van de RID Nadat een automatiseringsproject is afgerond, gaat de RID beheerdiensten verlenen. In alle gevallen worden hierover afspraken vastgelegd in een Servicelevel Agreement (SLA). Hierbij spelen de contractmanagers van de RID-deelnemers een prominente rol als verbindende schakel tussen de deelnemer en de RID. Zij maken afspraken met de RID over dienstverleningsniveaus, zien toe op de naleving daarvan (zowel door de RID als door de eigen organisatie) en vormen een escalatiekanaal voor zowel de gebruikers als de RID. De basis hierbij is de dienstverleningsovereenkomst (DVO) die met de deelnemers is afgesloten.
Het uitvoeren van Functioneel Beheer Het functioneel beheer van applicaties is primair een taak van de RID-deelnemers (met uitzondering van de kantoorautomatisering). Daartoe is voor iedere applicatie per organisatie een functioneel beheerder aangewezen die zorg draagt voor het goed functioneren van de applicatie, zodat deze het proces goed ondersteunt. Dit blijft een punt van aandacht voor de RID-deelnemers. Het technisch beheer van de applicatie is belegd bij de RID. Er is afstemming tussen functioneel en technisch beheer. In 2019 is besloten het functioneel beheer van e-HRM te centraliseren en bij de RID te beleggen. Door op deze manier de krachten te bundelen, zorgen de organisaties voor de benodigde kwaliteit en continuïteit.
Conclusie Afhankelijk van de risicoanalyse, waarin een inschatting wordt gemaakt wat de kans is dat een risico zich voordoet, wordt de omvang van het weerstandsvermogen bepaald. Overeenkomstig de Gemeenschappelijke Regeling mag het weerstandsvermogen maximaal 10% van de apparaatskosten bedragen. De weerstandscapaciteit is op dit moment beperkt (alleen de Algemene Reserve ad € 64.000), echter doordat begrotingstekorten worden opgevangen door de deelnemers (op basis van de GR) is dit voldoende om de risico’s af te dichten. Wel wordt periodiek de stand van zaken gemonitord. Op basis van vorenstaande bepalingen zijn er geen materiële risico’s waardoor het weerstandsvermogen ontoereikend zou zijn.
Ratio Weerstandsvermogen De BBV schrijft voor om een verplichte basisset van 5 financiële kengetallen op te nemen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Deze 5 kengetallen zijn: 1. 2. 3. 4. 5.
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. De solvabiliteitsratio Kengetal grondexploitatie (niet van toepassing voor RID) Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit (niet van toepassing voor RID)
Ratio Netto schuldquote. Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
Begroting 2022 46% 1,70% 0
Begroting 2021 65% 0,91% 0
2020
2019
62% 2,12% 0
69 % 3,26% 0
De RID is een organisatie met veel vaste activa op de balans. De RID heeft een beperkte Algemene Reserve, waardoor de RID moet lenen om te kunnen investeren. Hierdoor is de Netto schuldquote hoog en de solvabiliteitsratio laag. Wij verwachten geen structurele exploitatieruimte voor 2021 en 2022.
19
7.3.
Onderhoud kapitaalgoederen
In de jaarrekening is deze paragraaf bedoeld om te verantwoorden hoe het onderhoud van kapitaalgoederen is georganiseerd. Bij de RID is sprake van een beperkt aantal kapitaalgoederen (met name ICT gerelateerde zaken). Hierdoor is deze paragraaf niet van toepassing.
7.4.
Financiering en treasury
Inleiding De financieringsparagraaf is, in samenhang met het treasurystatuut, een belangrijk instrument voor het transparant maken, sturen, beheersen en controleren van de financiële middelen. De uitwerking hiervan vindt zijn weerslag in de financieringsparagraaf in de begroting en in de jaarrekening. In het treasurystatuut is geregeld dat nieuwe leningen en uitzettingen worden afgestemd op de liquiditeitenplanning. Deze afstemming op de liquiditeitenplanning beoogt om bedragen slechts te lenen c.q. uit te zetten gedurende de periode dat zij daadwerkelijk nodig c.q. beschikbaar zijn. Hiermee worden de rentekosten zoveel mogelijk beperkt en de rentebaten geoptimaliseerd.
Rentevisie Financiering via kortlopende geldleningen is goedkoper dan via langlopende geldleningen. Daarom trekt de RID pas een langlopende geldlening aan als de kasgeldlimiet over langere periode overschreden dreigt te worden. Om een te risicovolle financieringspositie te voorkomen zijn wettelijk normen vastgelegd, uitgedrukt in de kasgeldlimiet en de risiconorm.
Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet bepaalt het maximale bedrag aan kortlopende geldleningen dat mag worden aangetrokken. Het uitgangspunt voor de kasgeldlimiet is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten door een grens te stellen aan korte financiering (< 1 jaar). Juist voor korte financiering kan het renterisico aanzienlijk zijn. Op grond van de wet Fido (Financiering decentrale overheden) wordt de informatie over de kasgeldlimiet opgenomen in de financieringsparagraaf bij de begroting en het jaarverslag. In het jaarverslag betreft deze informatie ten minste de kasgeldlimiet bij aanvang van het verslagjaar en de gemiddelde netto vlottende schuld in elk van de kalenderkwartalen van dat jaar. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage van de jaarbegroting en geldt voor het hele jaar. De kortlopende schuld mag niet verder oplopen dan 8,2% van het begrotingstotaal aan lasten voor bestemming. Dit houdt in dat de kasgeldlimiet voor het begrotingsjaar 2022 8,2% van 7.801.000 = € 640.000 bedraagt. De gemeenschappelijke regeling mag dus korte termijn financiering aantrekken tot aan deze bedragen.
Rente risiconorm Via de rente risiconorm wordt bepaald welk renterisico de RID loopt op zijn vaste schuld (leningen met een looptijd van langer dan 1 jaar). Voor het begrotingsjaar 2021 is de rente risiconorm bepaald op 20% van het begrotingstotaal. Dit houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het totaal van de lasten op de begroting. Hiermee wordt voorkomen dat een groot deel van de leningen tegelijk opnieuw moet worden afgesloten, met het risico van snel oplopende rentelasten. De rente risiconorm voor 2022 bedraagt 20% van € 7.801.000, hetgeen uitkomt op € 1.560.000 met een minimum van € 2.500.000.
Financiering (leningenportefeuille) Er is in 2014 een lening van € 3.000.000 aangetrokken. De looptijd hiervan was 6 jaar en is 2020 afgelost. In 2015 zijn 2 leningen aangetrokken van respectievelijk € 1.500.000 (looptijd 6 jaar) deze wordt lineair afgelost en € 1.000.000 (de looptijd is 5 jaar) en is in 2020 afgelost. In 2016 is een lening aangetrokken van € 1.000.000. De looptijd is 5 jaar en wordt lineair afgelost. In 2017 is een lening aangetrokken van € 1.000.000. In 2019 zijn 2 leningen aangetrokken van € 1.500.000 en € 1.000.000. Deze worden lineair in 5 jaar afgelost. In 2020 zijn 2 leningen aangetrokken met een looptijd van 5 jaar en deze worden lineair afgelost. De gemiddelde rente op deze leningen bedraagt circa 0,2%.
20
Vennootschapsbelasting Met betrekking tot de VPB-plicht maakt de RID gebruik van de vrijstelling rondom samenwerkingsverbanden.
7.5.
Bedrijfsvoering
Deze paragraaf omvat de besturing en beheersing van, het toezicht op en de verantwoording over de bedrijfsprocessen binnen de RID Utrecht. Onze ambitie is om de partner te zijn die diensten en oplossingen levert op het gebied van zowel ICT als de informatievoorziening. Wij zorgen ervoor dat medewerkers van onze opdrachtgevers hun werkzaamheden effectief en veilig kunnen uitvoeren. Om dit te bereiken zijn in 2019 bestaande functies en samenhangende activiteiten herschikt tot een meer geconsolideerde functionele structuur. Eenvoudiger gesteld, de basis van onze organisatiestructuur bestaat per 1 december uit twee teams; het team Diensten en team Support & Operations. Team Diensten is verantwoordelijk is voor de architectuur, security en functionaliteit van diensten en oplossingen op het gebied van de informatievoorziening. Dit is een beleidsvormend, organiserend, regisserend en controlerend team dat ervoor zorgt dat de diensten en oplossingen van de RID blijven voldoen aan de functionele vereisten van de business. Team Support & Operations, S&O, is integraal verantwoordelijk voor het leveren, adequaat functioneren en gebruik van diensten en oplossingen op het gebied van de ICT. Dit is een beherend, regisserend en ondersteunend team dat ervoor zorgt dat de diensten en oplossingen van de RID voldoen aan gebruikersvereisten en door de gebruikers optimaal worden benut.
De herschikking van functies en activiteiten in deze twee teams stelt ons beter in staat om nieuwe diensten te ontwikkelen, nieuwe technologie in te zetten en tegelijkertijd de bestaande operationele prestaties te continueren. Onze verwachting is ook dat duidelijkheid over de focus en verantwoordelijkheid van beide teams positief zal bijdragen aan aspecten zoals innovatie, intrinsieke motivatie, leren en ontwikkelen, laagdrempelige collegiale communicatie en snel schakelen met korte lijnen. Zonder de illusie te hebben dat alleen een herschikking in structuur voldoende is, hebben we hiermee wel voldaan aan een belangrijke voorwaarde voor de verdere ontwikkeling van onze organisatie.
7.6.
Verbonden partijen
Deze paragraaf is voor de RID niet van toepassing. De verbonden partijen die de RID heeft, zijn de deelnemende organisaties.
7.7.
Grondbeleid
Grondbeleid is voor gemeenten van belang in verband met realisaties van programma’s als ruimtelijke ordening, landschap, verkeer en vervoer, economische structuur etc. Gezien deze achtergrond is deze paragraaf niet van toepassing voor de RID.
21
Geprognotiseerde balans Geprognosticeerde balans (x € 1.000)
2020
2021
2022
2023
2024
Activa Immateriële vaste activa
2.119
3.000
2.100
2.100
2.100
Materiële vaste activa
2.664
1.500
1.000
1.000
1.000
Financiële vaste activa
666
627
527
527
527
Vorderingen op openbare lichamen
1.766
1.000
1.000
1.000
1.000
Overige vorderingen
-
-
-
-
-
Liquide middelen
-
-
-
-
-
Overlopende activa
624
500
500
500
500
7.839
6.627
5.127
5.127
5.127
Totaal activa Passiva Algemene Reserve
87
87
87
87
87
Bestemmingsreserve
-
-
-
-
-
Voorzieningen
-
-
-
-
-
Vaste Schulden
5.350
5.100
3.600
3.600
3.600
Netto vlottende schulden
2.402
1.440
1.440
1.440
1.440
7.839
6.627
5.127
5.127
5.127
2024
overlopende passiva Totaal Passiva
EMU saldo EMU Saldo (x € 1.000)
2020
2021
2022
2023
13
-
-
-
1.899
1.550
1.550
1.550
-
-
-
-
1.656
500
1.000
1.000
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Exploitatiesaldo voor mutaties reserve Bij: Afschrijvingen ten laste van de exploitatie Bij: dotatie aan de post voorzieningen Af: Investeringen in (im)materiële vaste activa die worden geactiveerd Bij: baten uit bijdragen aan andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Af: Aankoop van grond en uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan Bij: Baten bouwgrondexploitatie voorzover niet op exploitatie verantwoord Af: Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen Totaal
1.550
1.000
-
-
-
-
256
1.050
550
550
550
lasten
baten
Overzicht van baten en lasten per taakveld Verdeling per taakveld (x € 1.000)
2020 Taakveld
baten
2021 lasten
baten
2022 laten
baten
2023
Programma dienstverlening
0.4 Overhead
6.880
6.813
6.600
Overhead
0.4 Overhead
1.129
1.183
1.201
Algemene dekkingsmiddelen
0.4 Overhead
Totaal
8.022 8.022
22
7.996 8.009
7.996
7.801 7.996
7.801
lasten 6.600 1.201
7.801 7.801
7.801
7.801
Vaststellingsbesluit
23