CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

264116 Financiele nota's bijlage 2 Nota Investeren, activeren en afschrijven 2019 gewijzigd

Besluit in de Raad 2 juni 2021, gemeente BaarnBij agendapunt: Financiële nota’s: Nota Investeren, activeren en afschrijven en nota Reserves en voorzieningen3.522 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota Investeren, activeren en afschrijven 1

Definities

Vaste activa Onder vaste activa (non-current assets of fixed assets) wordt verstaan de bezittingen van de gemeente waarvan het daarvoor benodigde vermogen voor een periode langer dan een jaar is vastgelegd. De vaste activa zijn gecategoriseerd in immateriële vaste activa, materiële vaste activa en financiële vaste activa. Vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Immateriële vaste activa Immateriële activa zijn vaste activa die niet tastbaar zijn. Het betreft bezittingen die wel een rol spelen in het financiële proces, maar nooit in het fysieke bedrijfsproces. Immateriële activa kunnen alleen dan op de balans opgevoerd worden, wanneer zij een objectief bepaalbare waarde hebben. Uitgangspunt van de waardering van immateriële activa is dat een inschatting moet zijn van de nuttige gebruiksduur, de afschrijving per jaar is dan het waardeverlies over de totale tijd gedeeld door het aantal jaren nuttig gebruik. In de balans worden onder de immateriële vaste activa (artikel 34, BBV) afzonderlijk opgenomen: 1. kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio; 2. kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief; 3. Bijdrage aan activa in eigendom van derden. 1

Sluiten geldlening

In de toelichting op het BBV wordt aanbevolen om de kosten verbonden aan het sluiten van een geldlening, zeker als deze relatief van geringe omvang zijn, niet te activeren maar deze in het jaar waarin ze worden gemaakt als een exploitatielast in de jaarrekening op te nemen. Wordt wel geactiveerd dan mag de afschrijvingsduur maximaal gelijk zijn aan de looptijd van de lening (art. 64 BBV, lid 4).

1

2

Onderzoek en ontwikkeling

Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden op grond van het BBV als immateriële vaste activa aangemerkt. Dit betreffen veelal kosten die worden gemaakt voor de voorbereiding van een groot project. Dit heeft als consequentie dat deze als een afzonderlijk actief moeten worden gewaardeerd en dus géén onderdeel uitmaken van de uiteindelijke investering (materiële vaste activa). De kosten voor onderzoek en ontwikkeling staan ook bekend onder de naam “Voorbereidingsbudget”. Het voorbereidingsbudget wordt geacht maximaal 5% van het investeringsbudget te zijn. Bij overschrijding wordt met een separaat raadsvoorstel extra budget aangevraagd of ten laste van het investeringsbudget gebracht. De balanspost “kosten van onderzoek en ontwikkeling” kent nog de verdeling in activa waarvoor ter dekking van de lasten wel of geen gemeentelijke heffing kan worden geheven. De kapitaallasten van voorbereidingskosten voor een omvangrijk rioleringsproject kunnen gedekt worden door de gemeentelijke rioleringsheffing. De kapitaallasten van voorbereidingskosten voor een school kunnen dat niet. De kosten kunnen als een (afzonderlijk) actief worden opgenomen als ze voldoen aan de volgende vier voorwaarden (art. 60 BBV), hierbij geldt een maximale afschrijvingstermijn van 5 jaar (art 64 lid 5 BBV):). Bij raadsbesluit kan ook voor directe afschrijving (afwaardering) worden gekozen.

Indien het betreffende actief niet tot ontwikkeling komt, worden de gerealiseerde voorbereidingskosten als incidentele last genomen in de eerstvolgende jaarrekening. •

het voornemen bestaat het actief te gebruiken of te verkopen;

•

de technische uitvoerbaarheid om het actief te voltooien staat vast;

•

het actief zal in de toekomst economisch of maatschappelijk nut genereren;

•

de uitgaven die aan het actief zijn toe te rekenen kunnen betrouwbaar worden vastgesteld.

Indien niet aan bovenstaande voorwaarden wordt voldaan, mogen de kosten van onderzoek en ontwikkeling dus niet worden geactiveerd. De kosten zullen dan in één keer ten laste van de exploitatie worden gebracht. 3

Bijdrage aan activa in eigendom van derden

Bijdragen aan activa in eigendom van derden kunnen worden geactiveerd volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (artikel 64, lid 3 BBV) indien:).

2

•

sprake is van een investering door een derde;

•

de investering bijdraagt aan de publieke taak;

•

de derde zich heeft verplicht tot het daadwerkelijk investeren, op een wijze zoals is overeengekomen;

•

de bijdrage kan worden teruggevorderd, indien de derde in gebreke blijft of de gemeente anders recht kan doen gelden op de activa die samenhangen met de investering.

•

Geactiveerde bijdrage aan activa in eigendom van derden worden in maximaal vijf jaar afgeschreven (art 64 lid 6 BBV).

Materiele vaste activa Vaste activa bestaan uit tastbare kapitaalgoederen, zoals gebouwen en machines. In de balans worden onder de materiële vaste activa (artikel 34, BBV) afzonderlijk opgenomen: Investeringen waarvoor ter dekking van de lasten een gemeentelijke heffing kan worden geheven; Investeringen waarvoor ter dekking van de lasten geen gemeentelijke heffing kan worden geheven. Beide categorieën worden verdeeld in (art 52 BBV): •

Gronden en Terreinen;

•

Woonruimten;

•

Bedrijfsgebouwen;

•

Grond-, weg- en waterbouwkundige werken;

•

Vervoermiddelen;

•

Machines, apparaten en installaties;

•

Overige materiële vaste activa.

Financiële vaste activa Financiële vaste activa is een deel van het actief van de gemeente. Het gaat in de eerste plaats om deelnemingen in het kapitaal van verbonden partijen en lange-termijn voorschotten, in de vorm van liquide middelen of in de vorm van uitstel van betaling, aan zulke verbonden partijen. Wat de financiële activa onderscheidt van de geldbeleggingen is dat bij financiële vaste activa de onderneming meestal inspraak heeft in het bestuur van de andere onderneming.

3

Bij de lange termijn voorschotten moet men denken aan de debiteuren van de sociale dienst betreffende de leenbijstand en krediethypotheek. In de balans worden onder de financiële vaste activa afzonderlijk opgenomen: •

kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen, gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen;

•

leningen aan openbare lichamen als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet financiering decentrale overheden, woningbouwcorporaties, deelnemingen en overige verbonden partijen;

•

overige langlopende leningen;

•

uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer;

•

uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd van één jaar of langer;

•

overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer;

•

bijdragen aan activa in eigendom van derden.

Investeren Investeren is een uitgave aan een nieuw actief dat benodigd is om doelstellingen in de bedrijfsvoering te behalen. Het gaat om de drie soorten activa zoals hiervoor benoemd. Bij de materiele vaste activa kunnen de investeringen gecategoriseerd worden in uitbreidingsinvesteringen, levensduur verlengende investeringen en vervangingsinvesteringen. Afschrijven en Methodiek Activa worden jaarlijks afgeschreven. Door deze afschrijvingen wordt de waardevermindering van het actief boekhoudkundig tot uitdrukking gebracht. Het afschrijven is aan regels gebonden (artikel 64 van het BBV). Daarbinnen kan de gemeente zelfstandig een beleid vaststellen voor de afschrijvingstermijnen. De afschrijvingen vinden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar plaats (art 64 BBV). Alleen als er gegronde redenen zijn, mogen de afschrijvingen geschieden op andere grondslagen dan in de het voorgaande begrotingsjaar zijn toegepast. Door deze stelselwijziging moet wel inzicht gegeven worden in de effecten op de financiële positie en voor de baten en lasten, tevens moet deze stelselwijziging op de balans vermeld worden. Afschrijven kan op diverse wijzen: lineair, lineair tot restwaarde, annuïtair, sum of the year digits, degressief, Het BBV schrijft niet voor welke methode moet worden toegepast voor de afschrijving.

De gemeente heeft hierbij een keuze van afschrijvingsmethode, maar moet daarbij

4

wel een bestendige gedragslijn volgen. De twee belangrijkste afschrijvingsmethoden zijn de lineaire en de annuïtaire afschrijvingsmethode. De gemeente Baarn hanteert uitsluitend de lineaire afschrijvingsmethodiek tot restwaarde € 0. Waardering Investeringen worden toegerekend aan de periode waarin ze nut opleveren voor de gemeente. Als waarderingsgrondslag geldt zoals eerder vermeld de verkrijgings- en vervaardigingsprijs. Dit betekent dat alle kosten die voor de investering zijn gemaakt de basis vormen voor de hoogte van de afschrijvingslasten. Hierbij kan worden gedacht aan kosten derden (aankopen) en interne uren. De gemeente Baarn kent geen interne uren toe aan te activeren projecten. Uitsluitend de kosten van projectleiding die hiervoor ingehuurd is, kunnen met het project geactiveerd worden. Het activeren van interne uren heeft tot gevolg dat salariskosten via kapitaallasten worden verlegd naar latere datum. Tevens zal bij een daling van het projectenvolume de interne uren weer gedekt moeten worden in de eigen begroting. Dat zal een tekort opleveren in het begrotingssaldo. Beide zijn in het licht van financieel duurzaam beleid geen wenselijke situaties.

Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingprijs, verminderd met eventueel ontvangen investeringsbijdragen, de cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen. Immateriële vaste activa zijn gedane uitgaven waar geen tastbare gemeentelijke bezittingen tegenover staan. Er wordt lineair afgeschreven. Kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven. Kosten verbonden aan het afsluiten van geldleningen worden afgeschreven gedurende de restant looptijd van de betrokken lening tenzij de kosten dusdanig laag zijn dat activeren niet in de rede ligt. Bijdrage aan activa in eigendom van derden worden in vijf jaar afgeschreven. Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingprijs, verminderd met eventueel ontvangen investeringsbijdragen van derden, de cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen. De ondergrens voor het activeren van investeringen bedraagt € 30.000. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden lineair afgeschreven. De restwaarde van activa is € 0,-. Financiële vaste activa

5

Kapitaalverstrekkingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Tot zekerheid van de aan ambtenaren verstrekte geldleningen zijn hypotheken gevestigd. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (‘kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen’ in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Op financiële vaste activa wordt niet afgeschreven en wordt geen rente toegevoegd.

2

Richtlijnen voor Investeren, Activeren en Afschrijven

Meerjareninvesteringsplan (MIEPMIP) In de Perspectiefnota worden de kaders geformuleerd voor het MeerjarenInvesterings- en ExploitatiePlan (MIEPMeerjarenInvesteringsPlan (MIP); het overzicht van (nieuwe) (vervangings)investeringen en exploitatieposten. In de begroting worden de investeringsbudgetten geautoriseerd. Op deze wijze kan integrale afweging door de gemeenteraad plaatsvinden welke investeringen gedaan zullen worden en op welke wijze de kapitaallasten worden gedekt (begrotingssaldo of bruto waarderingsreserve). Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringsbudget wil ontvangen. De overige nieuwe investeringen worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van het MIP geautoriseerd. Vooral reguliere investeringen op basis van vastgestelde beheersplannen (riolering, wegen ed.) of reguliere vervangingen (voertuigen), zullen worden voorgesteld om zonder additioneel raadsvoorstel bij de begrotingsbehandeling te autoriseren. In het MIP wordt de status van het krediet aangegeven. Dit kan zijn toegekend (met verwijzing naar moment van besluitvorming) of reservering. Bij een reservering van afschrijvingslasten, volgt op een later moment nog besluitvorming. Het MIP wordt jaarlijks geactualiseerd bij de perspectiefnota.

De uitkomsten van de jaarrekening worden meegenomen. Ook het lopende boekjaar wordt geactualiseerd en meegenomen bij de vaststelling van het MIP in de perspectiefnota en de begroting. Voor een investering waarvan het investeringsbudget niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college vooraf aan het aangaan van verplichtingen een voorstel voor het vaststellen van een investeringsbudget aan de raad voor. Bij investeringen groter dan € 1.000.000 informeert het college de raad in het voorstel over het effect van de investering op de financiële positie van de gemeente.

6

Een belangrijk aspect bij het opstellen van het MIEPMIP is fasering in de tijd. Dit is om verschillende redenen belangrijk. Inhoudelijk, omdat het een getrouw beeld geeft van de doorlooptijd van een project of budget. Financieel, omdat hierdoor een realistische inschatting van jaarlijkse lasten kan worden bepaald en niet jaarlijks overschotten ontstaan door uitloop van investeringen en projecten. Belangrijk is dus dat het MIEPMIP zo realistisch mogelijk in de tijd wordt voorgesteld. Derde punt is dat hiermee een prognose gemaakt kan worden van de liquiditeitspositie. Bij overschrijding van het gevoteerde investeringsbudget,de perspectiefnota wordt met een nieuw raadsvoorstel bijstelling gevraagd. Voorstellen Investeringen wordenhet afschrijvingsplafond vastgesteld (maximale afschrijvingslast in het MIEP bij de begroting opgenomen. Investeringen ingebracht nà de begroting worden via een separaat raadsvoorstel in gang gezet. Bij investeringen > € 1.000.000) en wordt de raad geïnformeerd over de gevolgen voor de financiële positie van de gemeente. Bij overschrijding van het investeringsbudget wordt met een vervolg raadsvoorstel bijstelling van het investeringsbudget aangevraagdvrije ruimte toegelicht. Financiering van investeringen Investeringen hebben invloed op het financieringssaldo: het saldo van de vaste passiva minus de vaste activa.

Dit saldo is bij een duurzaam financieel beleid positief. Het volume van de vaste passiva is hoger dan van de vaste activa. Zo wordt vermeden dat vaste activa gefinancierd worden met kort geld. Om een gezonde balansstructuur te houden moet dus het volume van de vaste passiva groter – gelijk zijn aan het volume van de vaste activa. Om dit te bewerkstelligen kan bij de opstelling van de perspectiefnota op basis van de geprognosticeerde meerjarenbalans de langlopende leningenportefeuille (O/G) zodanig ingericht worden dat hier aan wordt voldaan. Hierbij moet de renterisiconorm in acht worden gehouden. Voorstel Op basis van de voorgenomen investeringen en daarmee de ontwikkeling van de vaste activa de langlopende leningenportefeuille (O/G) zodanig in te richten dat het financieringssaldo minimaal € 0 is. Bij nieuw op te nemen lang vreemd vermogen wordt de raad geïnformeerd over de financiële gevolgen.

7

Activeren Investeringen met een meerjarig nut moeten vanwege het stelsel van baten en lasten geactiveerd worden voor de levensduur. Uit het oogpunt van het in de hand houden van de kapitaallasten en gerelateerde administratieve lasten is het van belang dat een ondergrens wordt gegeven voor het activeren van investeringsbedragen. De gemeente Baarn hanteert een ondergrens van € 30.000. Groot onderhoud aan kapitaalgoederen wordt niet geactiveerd. Deze komen ten laste van de daarvoor ingestelde onderhoudsvoorziening. Het activeren van investeringen gebeurt alleen indien de afschrijvingstermijn langer is dan drie jaar. De administratieve lasten zijn hoger dan de nut van twee jaar activeren. Voor de uitvoering van projecten wordt vaak een externe projectleider of -medewerkers ingehuurd. Het ligt in de rede dat de kosten hiervan met het activum samen worden geactiveerd. Dat geldt niet voor de eigen interne uren. Deze blijven ten laste van de begroting verantwoord. Op de langere termijn zou bij een terugval in het volume van gestarte projecten een tekort in de begroting optreden. Voorstel De ondergrens voor het activeren van investeringen bepalen op € 30.000. Activeren van investeringen alleen voor drie jaar of langer. Kosten van een externe projectleider te activeren samen met het activum. Interne uren niet te activeren.

Waarderen van activa De notitie “waardering vastgoed” Materiële vaste activa van de commissie BBV geeft bepalingen voor de waardering van vastgoed.. materiële vaste activa. Deze bepalingen kunnenworden onverkort worden toegepast op de overige activa. Het BBV bevat artikelen en bepalingen over de waardering van vastgoed. In Artikel 63 lid 1 BBV is opgenomen dat activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs- of vervaardigingsprijs. In artikel 63 lid 2 en 3 van het BBV zijn de begrippen verkrijgingsprijs en vervaardigingsprijs nader uitgewerkt. De verkrijgingsprijs omvat de inkoop- en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend (bouwrente); in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is

8

geactiveerd. In artikel 65 lid 2 is opgenomen dat voorraden (vlottende activa) tegen marktwaarde moeten worden gewaardeerd indien de marktwaarde lager is dan de verkrijgingsof vervaardigingsprijs. Op activa met een beperkte gebruiksduur wordt jaarlijks afgeschreven volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (artikel 64 lid 3). Artikel 65 lid 1 schrijft voor dat naar verwachting duurzame waardeverminderingen van vaste activa onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking worden genomen. Voorstel De waardering van activa cf de bepalingen van het BBV te verwerken. Componentenbenadering De componentenbenadering houdt in dat verschillende samenstellende delen van een materieel vast actief afzonderlijk worden geactiveerd en afgeschreven op basis van het individuele waardeverloop van die delen. Per samenstellend onderdeel bestaan altijd verschillende afschrijvingstermijnen. Voorbeeld: Schoolgebouw met E-installaties en W-installaties. Dit geeft drie verschillende activa en afschrijvingstermijnen. Voorstel Gelet op de aanbeveling van BBV wordt alleen de componentenbenadering toegepast op investeringen waarbij de afzonderlijke onderdelen expliciet in de facturering worden vermeld en (gemeentelijke grens) boven de drempelwaarde uitkomen van € 30.000. De componenten methode wordt niet toegepast.

Startmoment van afschrijven, verantwoording en afsluiten kredieten Een investeringsbudget blijft in de administratie open staan zolang het project loopt. Bij elke jaarrekening worden de gerealiseerde kosten van het controlejaar overgebracht naar de balans. Bij de jaarrekening van het laatste projectjaar wordt het budget in principe afgesloten. Op verzoek van de projectleider kan het nog, met zwaarwegende argumenten, maximaal één jaar open blijven staan voor nagekomen kosten. In het jaar na definitief afsluiten van het project start de afschrijving. Budgetten blijven niet openstaan om de afschrijving uit te stellen. Bij elke jaarrekening wordt een verantwoording gegeven over de voortgang en financiële aspecten. In deze verantwoording wordt naast de voortgang ook een prognose gegeven van de resterende looptijd.

9

Voorstel Na oplevering/afsluiting van het project kan een investeringsbudget maximaal één jaar open blijven staan. In het boekjaar nà afsluiten van het investeringsbudget begint de afschrijving te lopen. Afschrijvingstermijnen en afschrijvingsmethode Het BBV schrijft geenDe afschrijvinsmethode is lineair. De gehanteerde afschrijvingstermijnen voor. Afschrijvingen moeten gebeuren op basis van de algemeen aanvaarde economische gebruiksduur. Een afschrijving van een vrachtauto van de gemeentelijke buitendienst in 60 jaar zal niet op goedkeuring kunnen rekenen van de controlerend accountant. De gebruiksduur kan afhankelijk zijn van de lokale omstandigheden hoewel veel termijnen algemeen aanvaard zijn. in het economische verkeer. In de bijlage is een tabel opgenomen met de afschrijvingstermijnen. Voorstel Afschrijvingstermijnen worden gevolgd die algemeen aanvaard zijn in het economische verkeer.Nieuwbouw versus vernieuwbouw (renovatie, levensduurverlenging) Bij investeringen is niet altijd sprake van een nieuw object. Bij een bestaand actief is sprake van een investering indien de uitgaven: •

leiden tot een significante kwaliteitsverbetering, en/of;

•

leiden tot een levensduurverlenging, en/of;

•

aanpassingen betreffen om te voldoen aan wet- en regelgeving (bijv. investeringen in een gebouw om te voldoen aan veiligheidsvoorschriften die invloed hebben op de waarde en de levensduur).

Wanneer uitgaven worden gedaan voor het behoud van de oorspronkelijke kwaliteit en levensduur van een actief dan is sprake van onderhoud. Afhankelijk van de situatie kan voor renovatie, restauratie en/of levensduurverlenging bij besluit gekozen worden voor een andere afschrijvingstermijn, die het beste aansluit met de levensduurverwachting van het actief in plaats van de reguliere 20 jaar.

Resterende boekwaarde (restwaarde) De gemeente Baarn kent in de afschrijvingen geen restwaarde toe aan activa. Afgeschreven wordt lineair tot restwaarde € 0. Voorstel In de afschrijvingsmethodiek geen resterende boekwaarde op activum opnemen.

10

Desinvesteren Indien een activum wordt onttrokken aan het gemeentelijke proces, om wat voor reden dan ook, moet het activum worden afgewaardeerd tot € 0. De afschrijvingslast die hierdoor ontstaat wordt verantwoord als een incidentele last in de jaarrekening op het product waar de kapitaallasten werden verantwoord. Bij verkoop met boekwinst wordt de winst verantwoord als incidentele bate in de jaarrekening. Saldering van baten en lasten ligt niet in de rede. Voorstel Bij desinvesteren wordt de extra incidentele afschrijvingslast verantwoord op het product waar de kapitaallasten werden verantwoord. Boekwinst bij verkoop wordt als incidentele bate verantwoord in de jaarrekening. Rente De toegerekende rente aan investeringen, als onderdeel van de kapitaallast, wordt berekend cfconform BBV voorschriften. Zie notitie Rente 2017 van de cie BBV. Peildatum voor de berekening van de hoogte van de rente is de boekwaarde op 1 januari van het controlejaar. De rente wordt jaarlijks berekend de begroting van opvolgend jaar cf de methode zoals beschreven in de notitie “Rente” van de cie BBV. In geval van projectfinanciering worden de rentelasten voortkomend uit deze financiering aan die activiteit op het betreffende taakveld toegerekend (via het taakveld treasury) en worden niet meegenomen in de omslagrente over het geheel van de activa.

Voorstel De bijstelling van de rente wordt in de begroting verwerkt.

3

Inwerkingtreding

De voorgaande nota investeren, activeren en afschrijven (april 2019) wordt ingetrokken, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar 2020. Deze nota treedt in werking op de dag na de datum van bekendmaking en werkt terug tot I januari 2021.

11

Activa Immateriële vaste activa Kosten sluiten geldlening Kosten onderzoek en ontwikkelingVoorbereidingskosten Bijdrage aan activa in eigendom derden Agio en disagio van geldleningen Materiële vaste activa Gronden en Terreinen WoonruimteGebouwen Nieuwbouw Nieuwbouw Renovatie en, restauratie levensduurverlening Duurzaamheidsmaatregelen Bedrijfsgebouwen en Scholen Nieuwbouw Renovatie en restauratie Tijdelijke gebouwen/noodlokalen Grond-, weg- en waterbouwkundige werken Verharding : Straten, pleinen en (water)wegen: aanleg en constructie Bruggen, viaducten en tunnels: aanleg en constructie Riolering: aanleg en constructie Riolering: rioolpompen Openbare speelplaatsen: aanleg Openbare speelplaatsen: speelwerktuig Groenvlakken

12

Afschrijvingstermijn

0 jaar of looptijd lening 0 of 5 jaar 5 jaarAfschrijvingstermijn activum Looptijd lening

Geen afschrijving

40 jaar 40 jaar 20 jaar,tenzij 15 jaar

40 jaar 20 jaar 10 jaar

3040 jaar 3060 jaar 4060 jaar 15 jaar 010 jaar 10 jaar 20 jaar

Sportterreinen Sportterrein: aanleg Sportterrein: afrastering Sportterrein: kleedaccommodaties Sportterreinen: kunstgrasvelden

20 jaar 20 jaar 20 jaar 20 jaar

Vervoermiddelen Vrachtauto’s en tractoren Bestelwagens en dienstauto’s Overige voertuigen

10 jaar 5 jaar 5 jaar

Machines, apparatuur en installaties Technische installaties in woonruimten en bedrijfsgebouwen Veiligheidsvoorzieningen Telefooninstallaties

10 jaar 10 jaar 5 jaar

Overige materiële vaste activa Kantoormeubilair Schoolmeubilair Gereedschappen Automatisering (software en hardware)

15 jaar 20 jaar 5 jaar 5 jaar

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10036087/1