250917 Conceptverslag Oordeelsvorming in de raadscommissie 17 & 18 September 2025
Tekst van het document
Personeel en financiële middelen zijn in de nabije toekomst steeds minder toereikend en de zorg is van ons allemaal. Het CDA ziet graag meer aandacht voor het stimuleren van zelfredzaamheid, bijvoorbeeld door coaching maar ook door de inzet van technologie. De link met het Lokaal team is minimaal beschreven in het document en dat zou beter moeten. 34
Mevrouw SLUIJS zegt dat samenwerken over domeinen heen essentieel is omdat welzijn gaat over veel meer dan zorg. Het toetsingskader is nogal globaal en er wordt een manier gemist om te kunnen prioriteren. In de uitwerking zou het goed zijn om bijvoorbeeld ook de mate van impact mee te nemen die gekoppeld kan worden aan de doelstellingen en aansluitend wat D66 hierover zei. Zorg moet dichtbij zijn maar hoe werkt dat als bijvoorbeeld specialistische jeugdzorg regionaal geregeld is? Hoe wordt in de gaten gehouden dat het principe dichtbij overeind blijft in regionale samenwerking? Hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat de inwoner één aanspreekpunt ervaart ondanks betrokkenheid van verschillende partijen? Hoe ziet dat er in de praktijk uit? In het onderdeel Monitoring staat dat in het uitvoeringsprogramma meetbare doelstellingen komen. Dat is essentieel en GroenLinks wil graag doelstellingen op het gebied van de mentale gezondheid van de inwoners, suïcide preventie en toegankelijkheid van de openbare ruimte. Een direct verband aantonen tussen beleid en ontwikkelingen in de samenleving kan uiteraard lang niet altijd alleen op basis van cijfers. Daarom is van belang gesprekken met inwoners en uitvoerders over hun ervaringen gedurende de uitvoeringsperiode. Wat betreft inclusie en het VN-verdrag handicap ziet GroenLinks graag in december een concretere uitwerking tegemoet.
Hoe gaan hier ervaringsdeskundigen bij betrokken worden en hoe gaat dit beleid doorgevoerd worden in alle domeinen, dus niet alleen het sociale? Voorts wordt gemist vermelding van het Regenboogstembusakkoord. Verwacht wordt dat alle partijen die het akkoord hebben ondertekend dit ook willen terugzien in het beleid. Inwoners dienen over de hoofdlijnen van deze nota geïnformeerd te worden via een publieksvriendelijke versie, zeker omdat veel inwoners hebben geparticipeerd bij de totstandkoming ervan. De heer VAN LOON vindt het een hele goede zaak dat er na een evaluatie aanpassingen in worden opgenomen. Samenwerking en elkaar versterken is een goede zaak. Verder is het belangrijk dat het actuele, concrete een beetje toepasbaar is. Akkoord met peiling 1 en 2. Op peiling 3 geen aanvulling. Mevrouw DEURLOO is van mening dat de 5 kernpunten logisch beschreven staan en dus eens met het eerste peilpunt. Hopelijk zorgen deze kernpunten voor een versnelling om hulpbehoevenden sneller en beter te kunnen bijstaan. Hopelijk wordt de raad meegenomen in de evaluatie om deze nieuwe werkwijze te kunnen beoordelen. Qua zelfredzaamheid roept zij de wethouder op om ook voor alle invalide inwoners het Baarnse Bos toegankelijker te maken. De heer MASCINI sluit zich aan bij de eerste 3 regels van de heer Van Hardeveld.
Er staan nogal wat open deuren in het document want wat hierin wordt beschreven is al 10 jaar aan de gang. De gemeente gaat uit van de eigen kracht van inwoners maar dat was altijd al het geval. Voorkomen is beter dan genezen. Dat is geen taak voor de gemeente. De Rijksoverheid heeft een schijf van vijf. Wij staan dicht bij onze inwoners maar wie zijn wij en hoe dichtbij staan we dan? Je mag hopen dat het altijd het geval is geweest dat de gemeente samenwerkt met de inwoners om ze goed te kunnen ondersteunen. Samenkracht heet al eeuwenlang nabuurschap in Nederland. Kortom, oude wijn in nieuwe zakken. Het document schetst vrijheid, blijheid zonder ook maar een greintje organisatiestructuur. Wie doet wat? Dat is niet duidelijk. Wie is waar verantwoordelijk voor? Dat ontbreekt. Een concreet financieel kader ontbreekt. Veel wol maar weinig garen, veel woorden maar weinig daden. De evaluatie van Baarn Vitaal 1.0 in een bijeenkomst met de adviseurs en met behulp van data. De conclusie van deze evaluatie was de koers was grotendeels goed maar op pagina 17 staat dat slechts 11 van de 36 doelstellingen zijn gerealiseerd. Dat is een dikke onvoldoende. Wat nu voorligt is een verzameling goede bedoelingen, een hoop fraaie zinnen met de vragen en ambities, zonder acties, zonder tijdspad, zonder verantwoordelijkheid. Deze basis is dus veel te vaag voor een helder plan met concrete acties. 35
Wethouder DE VRIES hoort vrij brede steun voor de principes zoals die in de nota zijn opgenomen. Op die basis wordt sowieso verdergegaan. Daarnaast worden een aantal zaken genoemd door de verschillende fracties waarmee nog aan de slag moet worden gegaan tot december. Dan gaat het bijvoorbeeld om de balans tussen integraliteit maar ook duidelijkheid. Het risico van samenwerking in een netwerkomgeving. Wie is waar verantwoordelijk voor. Daarnaast het belang van prioritering. Daar zal het college zeker nader op berichten. Toetsing, evaluatie, monitoring zijn ook door verschillende fracties ingebracht als een thema waarvan ze graag zien dat dit in de definitieve versie wat aanscherping krijgt. Het is altijd ingewikkeld in het sociaal domein om succes te meten als je een totaalaanbod hebt voor de hele samenleving. Er kan geen controlegroep worden ingericht die niet heeft deelgenomen. Het gaat heel vaak over bereik en dat soort dingen, plausibiliteit maar ook dat kan onderdeel zijn van de monitoring. Dus het is verstandig om dat te doen. Dan worden een aantal losse opmerkingen gehoord die meer relevant zijn voor het uitvoeringsplan. Daar zal met een positief gemoed mee aan de slag worden gegaan. Bijvoorbeeld het Regenboogstembusakkoord, door de hele raad ondertekend. Dan is het logisch om daarmee wat te doen. De 2 thema’s die de heer Van Hardeveld benoemt verdienen aandacht.
De schaarste aan personeel en financiën staat er wel in maar dat kan steviger worden omschreven. Dat wordt de grootste uitdaging voor de komende paar jaar. Bekeken wordt of de link met het Lokaal team nog wat duidelijker erin kan. Er waren meerdere fracties die wat zeiden over de toegankelijkheid van de openbare ruimte. Tegelijkertijd lopen er 2 projecten waar dat misschien meer bij thuishoort, namelijk het traject van de omgevingsvisie en het traject rond de waarden van de openbare ruimte waar ook die toegankelijkheid een belangrijk thema is. Het is een mooie suggestie van GroenLinks om er nog een publieksversie van te maken die door de gemiddelde inwoner goed te lezen is. 10. Raadsinformatiebrief - Uitvoering motie ‘Stoppen met planvorming Cultuurhuis/Brinkhuis’ Mevrouw KOENDERS zegt dat nadat zij de peilpunten voor de raad had geformuleerd de brief van de directievoorzitter en de directeur van De Speeldoos zag en dat maakte dat er een herformulering moest plaatsvinden van de vragen. Een deel van de vragen is nu in irrelevant en die gaan veranderd worden door 3 andere vragen. Mevrouw SLUIJS had verwacht dat kon worden gereageerd op de raadsinformatiebrief van het college en dit is een stuk dat eraan toegevoegd is maar dat betekent nog steeds dat de raad zich moet richten op de raadsinformatiebrief en niet alleen op de ingebrachte brief.
Mevrouw KOENDERS hoopt dat als zij de vragen mag stellen de relevantie wel degelijk aanwezig is voor de verdere stappen. De voorzitter en de directeur van De Speeldoos hebben een heldere brief gestuurd met een daadwerkelijk aanbod om op korte termijn de kaders aan te geven waarin een podiumhuis kan worden gerealiseerd. Zij stelt voor om hiermee akkoord te gaan. Een aantal andere vragen komt hiermee te vervallen maar aan de raad wordt het volgende voorgelegd. Kan de raad instemmen met het aanbod en de geschetste procedure om tot het stellen van kaders te komen van De Speeldoos? Zou de raad een vergelijkbaar initiatief ook aantrekkelijk vinden voor de locatie Hoofdstraat waarbij de voortrekkersrol kan worden genomen door de bibliotheek? Zou de raad een vergelijkbaar initiatief willen zien voor de locatie van het Nutsgebouw? Dat zijn de 3 vragen in plaats van de oorspronkelijke vragen maar de laatste vraag blijft overeind en die gaat over de financiën. Is de raad ook van mening om voor noodzakelijke aanpassingen van mogelijkerwijs 1, 2 of 3 locaties aanpassingen en/of vernieuwbouw de daarvoor eerder gereserveerde bedragen niet te overschrijden en strak blijven toezien dat dat een randvoorwaarde is die niet wordt overschreden?
36
De heer SCHOUTEN kan instemmen met het aanbod van De Speeldoos. Laten ze maar gebruik maken van alle onderzoeken en dergelijke die al op de plank liggen. Dan is het in ieder geval niet direct weggegooid geld. Voor de Hoofdstraat en het Nutsgebouw ligt niks concreets voor, dus daar kan niet over worden geoordeeld of ze dat überhaupt kunnen en of ze dat zouden willen. Mevrouw KOENDERS vraagt of de heer Schouten als raad zou steunen om een oproep daartoe te doen of zij een vergelijkbare voortrekkersrol voor die locaties zouden willen nemen. De heer SCHOUTEN antwoordt ontkennend omdat de raad niet mag opleggen aan een private organisatie om met concrete plannen te komen, anders dan voor De Speeldoos wat een heel genereus aanbod is. De laatste vraag ging over de kaders. Niet op dit moment alvorens 6 oktober als er concrete plannen liggen al financiële kaders geven. Het programma van eisen zou juist meer of minder ruimte kunnen geven en dat is dus heel afhankelijk van de plannen en het programma van eisen die voorliggen. Mevrouw DEURLOO stemt in met het aanbod wat De Speeldoos heeft gedaan. Er zou een oproep moeten worden gedaan aan de bibliotheek en het Nutsgebouw om met een vergelijkbaar initiatief te komen. Het wordt viermaal ja om uiteindelijk ook eens te zijn met dat de gereserveerde bedragen voor alle 3 de locaties niet mogen worden overschreden.
Mevrouw SLUIJS kan niet zonder meer instemmen met dit voorstel omdat de verdeling in functies en gebouwen nog niet vanzelfsprekend is. De driedeling in functies is in principe een mogelijke indeling. Vanuit de bibliotheek is begrepen dat zij inhoudelijk de meeste synergie ziet met maatschappelijke organisaties maar uit ervaringen met andere cultuurhuizen blijkt dat de synergie met bijvoorbeeld een theater juist zit in gezamenlijke bedrijfsvoering, een gezamenlijke balie en het creëren van een bruisende gezamenlijke plek voor een breed publiek. In december heeft GroenLinks samen met VoorBaarn, PvdA, D66 en 50PLUS een amendement ingediend voor een cultuurhuis met bibliotheek en theater op de Rembrandtlaan enerzijds en een levendige maatschappelijke plek op Hoofdstraat 1 anderzijds. Het is te betreuren dat deze koers is vastgelopen. Mevrouw DEURLOO kan zich niet herinneren dat er stond een levendige maatschappelijke invulling op Hoofdstraat 1. Mevrouw SLUIJS zegt dat het in ieder geval moet gaan om een levendige plek. Er zijn eerst principiële punten te bespreken voordat meteen kan worden ingestemd met een kant-en-klaar nieuw plan. GroenLinks heeft er ook moeite mee dat aan de raad een soort voorstel wordt gedaan om in bepaalde mate van stemmen dit te accepteren op een bepaalde datum. Daar gaat de raad zelf over.
Mevrouw STRUIJK wil wellicht schoorvoetend meegaan met het voorstel van De Speeldoos maar D66 heeft nog steeds de hoop op een andere vorm. Wat vooral wordt gemist in het voorstel van De Speeldoos is de rol van de amateurverenigingen. Het initiatief hiervoor ligt bij De Speeldoos en hier wordt de gelijkwaardigheid van het gesprek gemist. Het is heel belangrijk om een geprogrammeerd theater te houden maar ook om de jeugd en de volwassenen in aanraking te laten komen met amateurgezelschappen en optredens in zo’n theater. Dat neemt niet weg dat het op zichzelf een genereus voorstel is om de gemeente er zo in mee te willen nemen maar met een aantal kanttekeningen. Wat betreft de andere organisaties is D66 het eens met wat de heer Schouten hierover zei. Er wordt nu weer uitgegaan van de gebouwen en er is recent een college-informatieavond geweest over maatschappelijk vastgoed waar bleek dat meer moet worden gedacht in functies in plaats van 37
gebouwen. Daar wordt weer een streep doorgetrokken door vast te houden aan de oude bedragen en dan zijn ze weer gekoppeld aan de gebouwen. Er moet worden gedacht in functies, wat hebben we nodig, welke maatschappelijke organisaties hebben een plek nodig. Bibliotheek, theater en andere maatschappelijke organisaties die nu onder andere in het Nutsgebouw zitten en hoe kunnen we dat het beste doen. Daar hoort weer een bedrag bij, afhankelijk van het plan dat eruit komt. De directeur van de bibliotheek zei het concept waar we uiteindelijk op uitdraaien, onze samenwerkingspartners waarmee we uiteindelijk in een pand gaan zitten, bepaalt ook wat we nodig hebben. Het is dus te vroeg om daar nu al bedragen aan te hangen. Daar komt nog bij dat al jaren bekend is dat de 3,7 miljoen voor het Brinkhuis nooit genoeg is. Dat is ook veel te kort door de bocht. Er is op de rem getrapt met een motie die in het voorjaar is aangenomen. Dat rechtvaardigt helaas weer even een stap terug om met elkaar te kijken waar vinden we elkaar, wat vinden we belangrijk om te behouden voor Baarn en hoe gaan we dat regelen. Het voorstel van De Speeldoos rent meteen voort en misschien moet eerst heel even met elkaar worden bezonnen en dan pas verder gaan.
Mevrouw KOENDERS heeft gemerkt dat het achter de schermen ontzettend moeilijk is om met elkaar het gesprek aan te gaan en richting te geven aan de vervolgstappen. Met een voorstel voor een locatie en de functies en de doelstellingen die je daar wilt hebben krijg je een gespreksstuk voor diverse locaties, functies, bezetting en de doelstelling. Dat maakt het voor de raad makkelijker om kaders te stellen en om met elkaar dat gesprek aan te gaan. Daarom dit aanbod breder trekken en kijken of dat niet een gemeenschappelijke basis geeft op grond waarvan het gesprek kan worden gevoerd. De heer VAN HARDEVELD geeft als antwoord op de vragen van mevrouw Koenders dat dan wordt gekozen voor in ieder geval driemaal een afzonderlijke invulling van een en ander en de vraag is of de raad dat wil. De raad is nu echt aan zet. De gemeente kan aan de afzonderlijke partners vragen wat ze willen maar dat is al heel vaak gedaan en het is nu echt de verantwoordelijkheid van de raad om de vraag wat willen we nu eigenlijk te beantwoorden. Dan moet inderdaad één stap achteruit worden gedaan om vervolgens weer stappen voorwaarts te kunnen maken.
Mevrouw KOENDERS merkt op dat elke keer wanneer de raad dit gesprek met elkaar voert en er verschillende invalshoeken worden ingebracht steeds naar voren komt van dat kan wel eens heel erg duur zijn of we zouden ook moeten kijken naar het optimale scenario of het zou ook met veel minder kunnen. Het gebruikmaken van het aanbod van De Speeldoos maakt dat de raad gerichter met elkaar het gesprek kan voeren en dan makkelijker en eenduidiger tot een visie kan komen. Mevrouw SLUIJS denkt niet dat De Speeldoos aan de raad een gespreksstuk wil bieden waar de raad over kan filosoferen. Hun idee is om dit voor te leggen en dan wordt verwacht dat de raad dit gaat uitvoeren. Mevrouw DEURLOO stelt dat de tijd van filosoferen na 10 jaar wel voorbij is. Het is heel fijn om heel duidelijke kaders te stellen en als die komen van het theater zelf van dit zijn de partners waarmee we samenwerken en waarmee we graag willen blijven samenwerken, dan komen ze met een voorstel en de raad kan dit toetsen en het financiële kader daarmee vergelijken. Er moet eindelijk eens voortgang komen in deze langdurige soap. Mevrouw KOENDERS wil ook nog in herinnering brengen dat De Speeldoos in de inspraak heeft aangegeven dat ze een bandbreedte wil aangeven van de mogelijkheden en dat ze allerlei oplossingen aan de raad wil voorleggen. Dat is een prettige optie om met elkaar van gedachten te wisselen. 38
Mevrouw STRUIJK vindt de discussie heel ingewikkeld worden en stelt daarom voor om de 2 plannen even samen te pakken zodat een integraal verhaal kan worden gehouden over wat de raad nou een beter idee vindt. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zit te wachten op de heer Van Hardeveld met zijn vragen want de reactie van de VVD is gebaseerd op de beide inbrengers van de vragen op de raadsinformatiebrief. De heer VAN HARDEVELD stelt dat een discussie over wat mag het kosten en op welke plek nergens op slaat als de raad het eerst met elkaar heeft over wat de gemeenteraad echt wil. Dit ondanks de roep om toch vooral tempo te maken. In de tijd dat over dit onderwerp wordt gepraat is echt wel wat veranderd. Belanghebbenden hebben hun wensen duidelijk aangegeven. De gemeenteraad moet voorkomen dat het resultaat een optelsom is van alle verlanglijsten zonder dat er werkelijk keuzes gemaakt worden en de realisatie van de wensenlijsten een financiële molensteen om de nek van Baarn gaat worden.
Zijn de verschillende fracties ook van mening dat alvorens over financiële kaders en locaties gesproken kan worden eerst door de gemeenteraad de visie op een Cultuurhuis/Brinkhuis geformuleerd moet worden? Is de raad dan ook van mening dat hiervoor een of meer goed geleide bijeenkomsten nodig zijn die leiden tot een consensusdocument? Zijn de verschillende fracties ook van mening dat in de tussentijd investeringen in noodzakelijk onderhoud, dat gaat vooral over functionaliteit en veiligheid, gewoon door moeten gaan? Is het college bereid om zo’n sessie of zulke sessies te organiseren? Mevrouw BRUIJSTENS vindt dat De Speeldoos en de bibliotheek op de Rembrandtlaan nog steeds het beste idee is. Het theater moet worden behouden waarin kleine lokale verenigingen een goede en betaalbare plek hebben. De gemeente moet hier de regie houden en het zeker niet uitbesteden aan De Speeldoos. Het is goed om daarbij te denken in functies in plaats van vierkante meters. Eerst moet worden gekeken welke voorzieningen de gemeente nodig heeft, wat past bij elkaar, wie versterkt elkaar en dan pas kun je kijken naar panden. Het is goed om hier wellicht met een externe begeleider het gesprek over te gaan voeren om consensus te vinden.
De bibliotheek krijgt een plek in het centrum maar dat hoeft niet per se de Hoofdstraat te zijn, als het maar in de komende jaren zijn maatschappelijke opdracht goed kan vervullen. Het is logisch om het reguliere onderhoud te doen. Mevrouw OORTMAN GERLINGS betreurt het dat het CDA onrust heeft veroorzaakt. Door in de Baarnsche Courant opnieuw een wijziging van de koers op te laten schrijven, voelden verschillende instanties en personen zich geroepen om vorige week in te spreken in de informatieraad. De heer VAN HARDEVELD wijst erop dat de VVD in mei een van de medeondertekenaars was die een rode streep door de huidige plannen heeft gegeven. Bovendien schrijft spreker niet in de Baarnsche Courant. Mevrouw SLUIJS vindt dat het CDA hier constructief zoekt naar een oplossing en dat kan niet van iedereen gezegd worden. Mevrouw DEURLOO zegt dat wat voor de ene onrust geeft is voor de andere constructief. Dat is dus een zeer subjectieve opmerking. Mevrouw OORTMAN GERLINGS is van mening dat de heer Van Hardeveld zich ook nog tegenspreekt als hij eerst een visie wil en dan een plan want hij komt eerst zelf met een plan van alles in het centrum en nu draait hij dit weer terug. 39
De heer VAN HARDEVELD zegt dat hij vlak na het verschijnen van de raadsinformatiebrief eind juni alle fracties die de motie gesteund hebben heeft gemeld dat het nu de dure plicht is van de raad om met een voorstel te komen. Daarbij heeft hij zelf een eerste voorstel gedaan. Tot de dag van vandaag is daar geen reactie op gekregen van andere partijen. Mevrouw DEURLOO stelt dat zij er regelmatig op heeft gereageerd en ze is daarover in contact geweest met de heer Van Hardeveld. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zegt dat de VVD een van de indieners van de motie was omdat zij zag dat de onderzoeken uit de hand liepen en daarmee de kosten. Voor de bibliotheek en het theater was inmiddels samengaan niet meer nodig. Beiden wilden liever apart verder. Dus De Speeldoos op de Rembrandtlaan en de bibliotheek in de Hoofdstraat. Natuurlijk moet die motie een vervolg krijgen. De wethouder heeft kaders nodig en daar gaat de VVD de komende tijd graag aan meewerken, luisterend naar het theater en de bibliotheek en andere culturele instellingen, met als doel een toekomstbestendige culturele locatie voor Baarn. De raad moet er zo spoedig mogelijk uitkomen welke bedragen beschikbaar moeten worden gesteld voor De Speeldoos, bibliotheek en andere culturele instellingen en wat daarvoor wordt verwacht.
Over de vraag van mevrouw Koenders om de bibliotheek een vergelijkbare rol te geven is de VVD niet zo enthousiast. Over de bedragen moet opnieuw worden begonnen. Het ging eerst over theater en bieb samen en dat zijn heel andere bedragen om dat zomaar te splitsen. Mevrouw STRUIJK hoort niet in het betoog wat het standpunt is van de VVD want die partij wil graag meedenken over de kaders. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zegt dat het standpunt van de VVD niet is veranderd. Het enige wat veranderd is, is dat de VVD altijd voorstander was van bibliotheek en theater samen op de Rembrandtlaan. Daar is de VVD eerder dit jaar op teruggekomen naar aanleiding van alle gesprekken met De Speeldoos en de bieb want die gaven zelf aan laat ons liever gewoon apart verder gaan. Mevrouw STRUIJK ziet ook graag een begeleid gesprek voor de raad tegemoet. Het was de intentie van D66 om de ondertekenaars van de motie, die alles stopgezet heeft, eerst te vragen waar zij mee willen komen maar als daar niets uitgekomen was had D66 hetzelfde voorstel willen doen van een begeleid gesprek.
Mevrouw Koenders pleit voor het volgen van het voorstel van De Speeldoos maar is mevrouw Koenders dan voor een langdurige huisvesting, bijvoorbeeld 40 jaar, van het theater? Mevrouw KOENDERS heeft het procesvoorstel gedaan om de discussie gestructureerd te voeren en dat niet steeds de raad zegt van we willen eerst weten hoe de betrokken partijen erin staan. Dat kan worden voorkomen door hen te laten neerleggen wat ze nu zelf voorstellen. Op basis daarvan kan de raad vervolgens het gesprek aangaan. Mevrouw STRUIJK begrijpt dat De Speeldoos de hei op wordt gestuurd met een opdracht maar geen idee of de raad hierin meegaat. Daarom moet een stap terug worden gezet en eerst er met elkaar over praten. Mevrouw KOENDERS wijst erop dat De Speeldoos zelf een aanbod doet. Een constructief voorstel om iets aan te bieden aan de raad. Op basis daarvan kan de raad vervolgens een gewogen eigen oordeel geven van wat ze zelf belangrijk vindt.
40
Mevrouw DEURLOO merkt op dat alle partijen willen dat het een geprogrammeerd theater blijft. Nu komt De Speeldoos met een voorstel maar dan wil de raad er eerst zelf weer wat van vinden. Dat is belachelijk. Mevrouw STRUIJK stelt dat juist elk besluit in de raad weer ter discussie wordt gesteld. De Speeldoos zegt in haar betoog van wat ze wil gaan doen en dat ze verwacht dat de raad met 80% meerderheid gaat instemmen met het voorstel. Dat wordt op dit moment niet in de raad gehoord en mevrouw Koenders wil ook nog een uitspraak doen over wel of niet 40 jaar. Daarom moet die stap terug worden gezet. Mevrouw DEURLOO is al blij als het voorstel 51% meerderheid krijgt. Mevrouw KOENDERS merkt op dat De Speeldoos duidelijk wil maken dat ze met iets komt waarvan ze hoopt dat een grote meerderheid van de raad zich achter hun voorstel zal scharen, in een minimale of maximale bandbreedte en desnoods met punten en komma’s gewijzigd. Dat is de oproep van het theater. Mevrouw STRUIJK denkt dat de oproep van De Speeldoos heel anders is bedoeld. Het probleem in de afgelopen 10 jaar was dat er elke keer een meerderheid van 51% was, dan verschoof het weer wat en ging het weer de andere kant op enzovoort. De Speeldoos bedoelt dat er nu een grotere meerderheid nodig is waardoor we standvastiger zijn in de besluitvorming in de raad.
De heer VAN HARDEVELD merkt op dat de lange raadsinformatiebrief kan worden samengevat in één zin, namelijk wat willen jullie nou eigenlijk. De heer SCHOUTEN memoreert dat er al sinds 2014 over wordt gesproken maar er wordt nu gemuggenzift of De Speeldoos kan komen op 6 oktober aanstaande. Het theater wil met een voorstel komen er is ervan overtuigd dat ze 80% van de raad daarin meekrijgt. Dat ene maandje respijt moet worden gegeven. De heer VAN LOON wijst erop dat alle raadsleden al jaren klagen dat het allemaal zo lang duurt, dat het wordt getraineerd enzovoort. Alle partijen zijn met elkaar aan het draaikonten. Er ligt nu een plan dat door zowel de bibliotheek als het theater 2 keer hier is ingesproken dat het een goed plan was. Daar kan aan worden gewerkt maar er gebeurt niets mee, alleen maar traineren en frustreren. De heer SCHOUTEN stelt dat dit plan mede was ingegeven door een motie om uit te zoeken 10, 20 of 40 jaar investering. Die motie is half uitgevoerd omdat halverwege de uitvoering werd gekozen voor een nieuw onderzoek voor een locatie elders in het centrum. Er is nog steeds een open eind en dat is die 20 of 40 jaar. Als de kaders niet helder zijn vanuit het college kan de raad er weinig van vinden. Mevrouw SLUIJS merkt op dat een aanzet is gedaan tot het maken van een cultuurvisie door het hele veld te bevragen.
Die visie is nog steeds een heel goed uitgangspunt van wat GroenLinks wil met cultuur in Baarn. Nu de motie in juni is aangenomen zou het gesprek met de raad moeten worden aangegaan om alsnog die doelen te bereiken. Daar gaat het om het zorgen voor een rijk en divers aanbod aan cultuur, meedoen, bevorderen en levendigheid en beleving te stimuleren. Essentieel in die visie is verbinding in het hele culturele veld en hoe kan dat nu worden gerealiseerd nu het cultuurhuis niet doorgaat en er een driedeling dreigt te ontstaan op 3 verschillende plekken? Leidt dit niet tot meer kosten en minder impact en uiteindelijk misschien onbedoeld verlies aan draagvlak voor wat er op dit moment is? Daar wil GroenLinks graag met de raad het gesprek over aangaan. 41
Mevrouw KOENDERS verbaast zich over het feit dat partijen die zich altijd uitspreken over participatie met de betrokken partijen hier steeds zeggen van we gaan het eerst zelf beslissen. Laat die partijen hun dingen op tafel leggen. Mevrouw SLUIJS benadrukt dat de cultuurvisie een visie is vanuit het hele culturele veld en niet alleen De Speeldoos die zegt dit hebben we nodig. Het is bijvoorbeeld heel belangrijk dat lokale verenigingen tegen een laag of bijna geen bedrag daar terecht kunnen voor hun voorstellingen en dat is op dit moment niet zo. Er moet dus integraal vanuit het veld worden gekeken om een voorziening voor alle inwoners van Baarn te realiseren. Mevrouw STRUIJK sluit zich aan bij vorige spreker. De raad kan heel goed het gesprek voeren over wat elke partij wil maar dat doe je dan samen met de partijen uit het veld. De heer SCHOUTEN stelt dat GroenLinks suggereert dat lokale culturele organisaties tegen een heel laag bedrag De Speeldoos kunnen huren en in juni/juli zijn er heel veel scholen geweest die tegen een zeer geringe vergoeding of geen vergoeding daar een podium hebben kunnen gebruiken. Het is een opmerking die dus niet correct is. Mevrouw SLUIJS heeft ook voorbeelden gehoord van organisaties die zeggen dat zij helaas een andere locatie hebben moeten zoeken omdat zij het niet konden betalen.
Mevrouw KOENDERS vindt dat het beste gesprek kan worden gevoerd als belanghebbenden in brede zin. Daarbij wordt er niet van uitgegaan dat De Speeldoos alle partijen die nu van het theater gebruikmaken niet zal meenemen in de totstandkoming van hun informatievoorziening aan de raad. Er wordt steeds gesproken over locaties en gebouwen en een optelsom van wensenlijstjes maar er is een geprogrammeerd theater waar nu al voorzieningen aanwezig zijn en waar misschien wel verbouwd moet worden, maar dat is nog steeds een hele logische locatie om een vernieuwd theater te maken. Voordat over de financiële kaders wordt gesproken, dient eerder een hoger niveau te worden geadresseerd. Zij kan zich ook goed vinden in een goed geleide bijeenkomst maar onder voorwaarde dat zo’n bijeenkomst kan worden voorbereid op basis van aangeleverde stukken door De Speeldoos en de bibliotheek als voortrekker van de locatie Hoofdstraat 1 en een partij als voortrekker van de locatie Nutsgebouw. Mevrouw STRUIJK hoort van mevrouw Koenders dat het niet gaat over locaties maar ze beëindigt haar betoog met een voorstel voor diverse locaties. Dat is precies het punt. De heer SCHOUTEN stelt dat de hele cultuurvisie nergens op slaat want daar gaat het niet over wat hebben we nodig. Toch heeft de meerderheid van de raad voor de cultuurvisie gestemd.
Het doel van de motie om de kunst- en cultuurvisie op te stellen was om juist te kijken we hebben een aantal organisaties, we hebben een aantal wensen en wat hebben we daarvoor nodig ongeacht gebouwen. Mevrouw KOENDERS merkt op dat de mensen van het Nutsgebouw zeggen dat ze beter uit zijn op een andere plek omdat ze daar hun maatschappelijke meerwaarde kunnen vertegenwoordigen en de partijen op de huidige locatie daarmee niet uit de voeten kunnen. Daarom is ook de typologie neergelegd of de raad ermee akkoord kan gaan dat 3 partijen, grosso modo over 3 locaties verspreid, een voortrekkersrol nemen in het uitwerken van hun visie en voorwaarden. De raad kan vervolgens denken dat het veel beter kan op een andere locatie. Het is een uitnodiging om tot informatieverstrekking door betrokken partijen uit het veld over te gaan.
42
Mevrouw SLUIJS vraagt wat mevrouw Koenders daar nog meer van verwacht dan wat nu al in de raadsinformatiebrief van het college is opgenomen door alle partijen op basis van de uitvraag van het college wat hun behoefte en visie is. Mevrouw KOENDERS zegt dat nog nooit over een minimaal en maximaal pakket van eisen is gesproken. Laat die mensen aanleveren van wat ze denken dat aan onderbouwing nodig is voor de raad om goed te kunnen beslissen en goede kaders aan te geven. Mevrouw STRUIJK memoreert dat er al een Brinkhuisvisie ligt. Er is al een voorstel van die partijen. Mevrouw KOENDERS merkt op dat daar geen bibliotheek in zit. Alles is op zijn kop omdat op de Rembrandtlaan de bieb erbij moest en op Hoofdstraat 1 konden alle andere partijen want de bieb ging uit en dat is niet meer zo. Laat het werkveld zelf aangeven wat ze denkt te kunnen op die locaties en als ze niks kunnen op die locaties maar wel een goed alternatief plan hebben op een andere locatie, dat mag ook. Laat ze in ieder geval een uitspraak doen met wie, wat willen we bereiken voor Baarn, wat hebben we daarvoor nodig tenminste en maximaal. Daarnaast kunnen ze wellicht financiële handvatten aanreiken. Mevrouw SLUIJS geeft aan dat de Brinkhuisvisie niet was gebaseerd op een locatie. Dat ging erover wat willen we echt en daarom is dat nog steeds heel waardevol, ook zonder samenhang met de bibliotheek.
De bibliotheek heeft een wettelijke taak en kijkt op basis van de locatie hoe dat de beste plek kan worden gegeven. De heer SCHOUTEN is het niet eens met de peilpunten van het CDA omdat met deze formulering de indruk ontstaat dat het een verkiezingsitem gaat worden. In deze raadsperiode moet er een klap op worden gegeven. Mevrouw DEURLOO sluit zich aan bij vorige spreker. Wethouder VELDHUIZEN vindt de vertraging en de onzekerheid heel vervelend voor de bibliotheek, het theater en de andere betrokken organisaties. In de kunst- en cultuurvisie is vastgesteld dat het meedoen wordt bevorderd, levendigheid en beleving stimuleren. Het college is bereid om een sessie of sessies te organiseren, zoals door het CDA voorgesteld, maar er zullen meerdere sessies nodig zijn om mogelijk tot een raadsbrede overeenstemming te komen gezien de grote verdeeldheid die ook vanavond weer over dit onderwerp wordt gehoord. Het is van het grootste belang dat de kaders, de doelstellingen, de tijdslijnen enzovoort van die bijeenkomsten vooraf voor alle deelnemers helder zijn. Direct betrokkenen uit het maatschappelijke en culturele veld dienen dan aanwezig te zijn om met hen over het onderwerp te praten. Wellicht kan een afvaardiging van de raad vooraf de doelstellingen duidelijk krijgen, ter voorkoming dat er informatie wordt gezocht die de afgelopen jaren al in ruime mate is vergaard.
Om dit neutraal te faciliteren moet externe inhuur worden betrokken. De extra kosten die hiervoor moeten worden gemaakt kunnen dan uit de algemene reserve worden gehaald. Er zijn nog 5 maanden tot de verkiezingen met daarin nog tweemaal een reces. Dat betekent dat in korte tijd grote stappen moeten worden genomen om de uitvoering van de sessies nog te verwerken in een bestuurlijk proces met het risico dat er na de verkiezingen weer andere inzichten zijn. Wellicht kan nu een opdracht worden geformuleerd die wordt meegegeven aan een nieuwe raad en aan een mogelijk nieuw college. Wat betreft de brief van De Speeldoos van 15 september jongstleden. Het college stelt het aanbod op prijs maar het komt te vroeg omdat de raad eerst de kaders moet vaststellen van wat ze wil. Wat er noodzakelijk aan het pand moet gebeuren dient ook te worden uitgevoerd. Dus eerst als duidelijk 43
is wat de raad wil kan invulling worden gegeven op de wijze waarop De Speeldoos als voorziening haar rol kan spelen. De wettelijke functie van de bibliotheek is toegang tot informatie, educatie, leesbevordering, ontmoeting enzovoort. Daar is dus veel minder bewegingsruimte dan met De Speeldoos. De heer VAN HARDEVELD stelt dat ook binnen de eigen Baarnse geledingen gekeken kan worden of er iemand geschikt is met enige neutraliteit om dergelijke sessies te leiden. Wellicht is er iemand in Baarn die dat vanuit zijn betrokkenheid pro deo zou willen doen. Mevrouw KOENDERS vult aan dat zou kunnen worden afgesproken een termijn waarop alle partijen met een naam zouden kunnen komen van iemand die daar misschien geschikt voor is. De heer VAN HARDEVELD zegt dat hierover een raadsbesluit moet worden genomen en spreker zal zich daarom beraden op een motie voor volgende week. Mevrouw STRUIJK sluit zich bij vorige spreker aan en wil hierbij haar hulp aanbieden als het nodig is. De heer SCHOUTEN vraagt of er ook een motie nodig is om het aanbod van De Speeldoos aan te nemen zodat die ook verder kan want anders heeft ze geen antwoord. Mevrouw KOENDERS wil daar graag het voortouw in nemen om De Speeldoos te verzoeken om het aanbod op te pakken. Mevrouw DEURLOO sluit zich bij vorige spreker aan. De VOORZITTER schorst de vergadering. De VOORZITTER heropent de vergadering. 11.
Raadsinformatiebrief - Uitvoeringsprogramma 2025 en jaarverslag 2024 van vergunningverlening, toezicht en handhaving De heer VAN HARDEVELD zegt dat het beschikken over een excessenregeling een belangrijk hulpmiddel is voor gemeenten om in te kunnen grijpen bij welstandsexcessen. Daarin staat onder meer dat bij toepassing van deze excessenregeling een criterium is dat er sprake moet zijn van een buitensporigheid in het uiterlijk die ook voor niet-deskundigen evident is en die afbreuk doet aan de in de nota ruimtelijke kwaliteit beschreven ruimtelijke kwaliteit van een gebied. Deelt de raad de opvatting dat in de hierna genoemde 3 voorbeelden sprake is van onmiskenbare welstandsexcessen? Voorbeeld 1 Laandwarsstraat, de voormalige Old Inn. Voorbeeld 2 de Nieuwstraat, de voormalige Aldi. Voorbeeld 3 het uitgebrande pand langs het spoor naar Hilversum ter hoogte van de Van Reenenlaan.
Deelt de raad de opvatting dat zichtbare acties om deze welstandsexcessen aan te pakken uitblijven? Deelt de raad de opvatting dat gezien het langer voortduren van deze welstandsexcessen de tijd van vrijblijvend overleg voorbij is en alle mogelijke juridische middelen, bijvoorbeeld een last onder dwangsom of bestuursdwang, ingezet moeten worden om de welstandsexcessen te beëindigen? Kan de waarnemend portefeuillehouder reflecteren op de antwoorden die gegeven worden op de vragen? Mevrouw DEURLOO is het met de 3 peilpunten eens. Vooral wat betreft de buitensporige bouwval van het oude Old Inn gebouw. Vrijblijvende gesprekken hebben tot nu toe tot niets geleid en het is nu inderdaad tijd voor het nemen van juridische stappen. 44
De heer SCHOUTEN heeft een brief van 5 jaar geleden dat er al melding is gedaan over de Laandwarsstraat. De gemeente doet er 5 jaren over om een eigenaar te bewegen om het pand netjes te maken zonder enige sanctie. Er is een rol weggelegd voor de gemeente voor het aanzien van Baarn en dat is de rol van handhaver. Welstandsexcessen moeten worden aangepakt maar soms wacht men op vergunningverlening alvorens over te gaan tot verbouw en dus het opknappen van een pand. Dus eens met alle 3 de voorbeelden die het CDA heeft gegeven, dat die moeten worden aangepakt. De heer VAN LOON zegt dat lik op stuk beleid het allerbeste werkt. Alleen waarschuwen werkt niet. Zeker de genoemde panden zijn veel Baarnaars een doorn in het oog en het wordt tijd dat er actie wordt ondernomen. Misschien zou een krottenbelasting voor de eigenaar helpen. Verder eens met alle 3 punten die door het CDA zijn aangedragen. Mevrouw STRUIJK deelt de mening dat de aanpak van deze welstandsexcessen uitblijft maar het is niet duidelijk wat er achter de schermen gebeurt en dat is een vraag aan het college. In hoeverre wordt al geprobeerd om dit op te lossen en waarom lukt dat niet? Welke juridische instrumenten heeft de gemeente om dit aan te pakken? De heer BRINKMAN begrijpt dat bewoners zich afvragen of er wel iets gebeurt maar voor de genoemde panden zijn inmiddels al plannen bekendgemaakt.
Het beeld dat er dus niets gebeurt klopt niet helemaal. Natuurlijk kan bestuursdwang of een dwangsom worden ingezet maar dat zijn best zware middelen, kostbaar en tijdrovend, en dan kan het gebeuren dat je weer jaren verder bent. Handhaving is een goed middel maar geen doel op zich. Hoe staat de wethouder er tegenover om per genoemd pand met een ontwikkelingsplan te komen met een tijdlijn of is er overleg met de eigenaar waarin afspraken zijn vastgelegd? Als dat stukloopt kan het college de excessenregeling daadwerkelijk inzetten met een helder moment waarop dat gebeurt. Het college moet de inwoners actief informeren over die stappen want soms is het de afwezigheid van communicatie die frustratie veroorzaakt. De VOORZITTER wijst erop dat alleen de indiener van de peilpunten om een reactie van het college kan vragen. Mevrouw KOENDERS is ook van mening dat het geen fraai panden zijn in de omgeving maar over de juridische aanpak kan geen mening worden gegeven. De heer VAN HARDEVELD wijst erop dat de definitie van een exces exact beschreven staat in de excessenregeling. Mevrouw KOENDERS stelt dat ze niet op de hoogte is van de exacte formulering en de eisen die gesteld zijn aan de term welstandsexces waardoor ze dit niet kan beamen maar het zijn beroerde panden om naar te kijken.
Waarschijnlijk wordt er intern wel degelijk actie op ondernomen en dan is het pleidooi van de heer Brinkman bij dit punt heel goed. Misschien is dat inderdaad een kwestie van communicatie, een tijdsplan en dingen inzichtelijk maken. Daar kun je veel dingen mee ondervangen en het is een goede suggestie voor de wethouder om daar eens over na te denken. Wellicht gebeurt er veel achter de schermen maar zijn er weinig mogelijkheden om dingen af te dwingen. Misschien maar goed ook want het gaat hier om eigendomsrecht. De vraag is of hieraan prioriteit moet worden gegeven want er kan bijvoorbeeld ook worden gesproken over handhaving van fietsen in de Laanstraat. De heer SCHOUTEN memoreert dat in het verleden meermaals, voornamelijk door het CDA, is gewezen op rotte kiezen en toen is er wel degelijk beweging gekomen bij bijvoorbeeld panden bij de 45
Nieuw Baarnstraat maar ook bij de oude smederij De Lage Vuursche. Blijkbaar heeft dat soms wat meer druk nodig. Mevrouw KOENDERS zegt dat het goed is dat die druk wordt uitgeoefend maar de juridische mogelijkheden kent zij niet precies. Hoe belangrijk vindt de raad het om handhavend op te treden bij een minder prettige locatie om naar te kijken als dat wordt afgezet tegen handhaving bij verkeersveiligheid in de omgeving van scholen, in het winkelgebied en andere prioriteitstellingen? De heer VAN DEN BERG is ook van mening dat het vrij lang duurt bij bepaalde panden die er niet uitzien. De wethouder heeft vorige keer goed omschreven wat de situatie is bij bepaalde panden. Dat zou wat proactiever kunnen en maak bijvoorbeeld een dossier op de website zodat per pand kan worden gezien wat er aan de hand is en hoelang het al duurt. Er zijn panden in Baarn die er slechter uitzien dan het pand van de Aldi en die nog nooit zijn benoemd als een rotte kies. De uitkomst van juridische procedures is niet zeker en GroenLinks vindt dat meer ergerlijk dan externe onderzoeken waar door sommige fracties tegen geageerd wordt. Dit is echt een uiterste redmiddel en niet aan de raad om die afweging te maken. Wethouder VELDHUIZEN merkt op richting eigenaren dat er altijd nog bezwaar- en beroepsmogelijkheden zijn.
De zorgvuldige belangenafweging bij daadwerkelijk adressen wordt niet openbaar gemaakt in het kader van de privacy. Het oude pand van de Aldi is in de verkoop. Het voormalige waterpompstation aan het spoor, daarover is de gemeente druk in gesprek over de vergunning en dat vraagt ook veel van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Wat betreft het andere genoemde pand heeft vorig jaar nog een gesprek plaatsgevonden met iemand die in overweging heeft genomen om daar weer een lokaliteit in te starten. In het kader van de privacy kan niet alles naar buiten worden gebracht. De heer SCHOUTEN vindt het lang duren voordat die panden er beter uit gaan zien en hopelijk worden die gesprekken dan iets indringender dan alleen maar te kijken naar wat er op termijn mogelijk zou zijn. Mevrouw STRUIJK merkt op dat inspecties inspectierapporten openbaar maken en dan kan de gemeente ook geconstateerde welstandsexcessen op een lijst zetten waarin bijvoorbeeld staat dat de gemeente in gesprek is met de eigenaar om dit op te lossen. Wethouder VELDHUIZEN kan de raad in vertrouwen aangeven welke welstandsexcessen op de lijst staan waarover vervolgens ook gesprekken plaatsvinden. Mevrouw STRUIJK zou dan de onderbouwing van de gemeentejurist willen zien waarom dit niet openbaar kan.
Wethouder VELDHUIZEN stelt dat als de adressen openbaar zijn gemaakt het ook makkelijk is te identificeren wie erachter zit, bijvoorbeeld door het raadplegen van het kadaster. De gemeente kan dit dus niet actief openbaar maken vanwege de AVG. De heer VAN HARDEVELD zal zich erop beraden of dit onderwerp een vervolg krijgt. Er zijn juridische mogelijkheden maar er zijn ook veel onzekerheden bij. Er is hier veel jurisprudentie over en ook in Baarn zijn voorbeelden waar juridisch ingrijpen succesvol is geweest. De essentie van zijn vragen was om de druk maximaal te maken. 12. Sluiting 46
De VOORZITTER sluit de vergadering om 22.41 uur. Aldus vastgesteld in de openbare bijeenkomst “Oordeelsvorming in de raadscommissie” van 15 oktober 2025. De griffier,
De voorzitter,
47