CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

250122 Verslag Oordeelsvorming in de raadscommissie 22 januari 2025

Oordeelsvorming in de raadscommissie 22 januari 2025, gemeente BaarnBij agendapunt: Opening, vaststelling agenda en mededelingen10.134 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Baarn Bijeenkomst “Oordeelsvorming in de raadscommissie” Verslag van de openbare bijeenkomst, gehouden op woensdag 22 januari 2025 in de raadszaal van het gemeentehuis

Voorzitter:

de heer R. van Hardeveld

Griffier:

mevrouw C. Heusingveld

Aanwezig:

de heer A. van den Berg (GL), de heer J.J.G. Bosman (GL), de heer V.A. Brinkman-Koopal (PvdA), mevrouw S. Bruijstens (PvdA), mevrouw M.L. Deurloo (VoorBaarn), de heer M.J.P.M. van der Donk (CDA), de heer W.J.L. Genuit (GL), de heer M.A.C. van Grinsven (VoorBaarn), mevrouw G. Haverkamp (D66), mevrouw E.C. Hoogerwerf (VoorBaarn), mevrouw E.M. Jacobson (50PLUS), de heer J.M. Jonkers (VVD), de heer D.D. Kolt (VoorBaarn), de heer M.R. Korkmaz (VVD), de heer L.T.J. Kramer (GL), de heer C. Krimp (CDA), de heer A.F.M. van der Linden (PvdA), de heer J.C.A. van Loon (50PLUS), mevrouw A.M. Martens (VVD), de heer M.R. Mascini (VVD), mevrouw S.H.B. Oortman Gerlings (VVD), de heer A.P. van der Padt (VVD), de heer M.R.N. Schouten (Lijst Schouten), mevrouw J.A.M. Sluijs (GL), de heer A.R. Stolk (VVD), de heer T. Stroo (D66), mevrouw C.J. Struijk-Cramer (D66) en de heer R. van Wijk (CDA)

Overige aanwezigen:

de heer M. Eijbaard (wethouder), de heer H.B. Prakke (wethouder), de heer M.R. Veldhuizen (wethouder) en de heer S. de Vries (wethouder)

1.

Opening, vaststelling agenda en mededelingen

De VOORZITTER heet iedereen om 20.00 uur van harte welkom. Het advies van de raadscommissie van 15 januari jongstleden was dat de raadsvoorstellen Centrumregeling uitvoering Sociaal Domein regio Amersfoort en Vorming één omgevingsdienst in de provincie Utrecht direct kunnen doorgaan als hamerstuk naar de raadsvergadering van 29 januari aanstaande. Daarom zijn die niet meegenomen in de raadsagenda voor vanavond. Het advies van de raadscommissie over het raadsvoorstel Omgevingsvergunning Oude Utrechtseweg 4A - bouw 3 levensloopbestendige woningen is dat het geagendeerd mag worden voor Oordeelsvorming in de raadscommissie en dat de commissie bij het vaststellen van de agenda bepaalt of het al dan niet op de agenda blijft staan. Vorige week vrijdag is een gewijzigd raadsvoorstel en de gewijzigde nota van zienswijzen inclusief memo toegevoegd waarbij de zienswijze die niet behandeld was nu wel is meegenomen. De commissie gaat ermee akkoord dat dit raadsvoorstel op de agenda blijft staan. Mevrouw Bruijstens is vandaag weer terug als raadslid. Er zijn afmeldingen ontvangen van de heer Bruins en mevrouw Hoekveld. 2. Vaststellen verslag van Oordeelsvorming in de raadscommissie van 11 december 2024 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 1

3. Raadsvoorstellen A. Nota Parkeerbeleid 2025 (1052005) Mevrouw MARTENS kan zich niet vinden in de nota Parkeerbeleid want dan is er sprake van een geïnitieerde gedragsverandering bij de bewoners van Baarn. De automobilist moet zoveel mogelijk met de fiets, deelauto et cetera maar het mobiliteitsgedrag en het type voertuig is voor iedereen een vrije keuze. Blauwe zones kunnen voldoen maar de VVD is mordicus tegen betaald parkeren en aan vergunning parkeren zitten veel haken en ogen en onduidelijkheden, om nog maar te zwijgen over het onvermijdelijke waterbedeffect. Met de nota Parkeernormen kan de fractie wel akkoord gaan want met de nieuwe parkeernormen en de mogelijkheid om ervan af te wijken wordt het hopelijk iets minder moeilijk om betaalbare nieuwbouwwoningen te realiseren. De heer KOLT hoort van de Baarnse ondernemers in het centrum en met name de horeca dat die tegen betaald parkeren zijn. Vergunning parkeren is wel interessant maar in bepaalde wijken, bijvoorbeeld in Noord, Centrum of alle kleine straten rondom de Pompstraat. Bij nieuwbouw ziet de fractie graag de parkeernorm naar beneden gaan zodat het geen vertraging kan opleveren met betrekking tot het bouwen van nieuwe woningen. Hoe verhouden zich de bedrijfsbusjes, caravans en campers zich tot de parkeerdruk? Wellicht moet dit in een ander perspectief gezet worden.

De heer GENUIT vindt dat rijdende en stilstaande auto’s veel van de openbare ruimte in beslag nemen. In veel straten is er weinig ruimte over voor andere kwetsbare verkeersdeelnemers zoals fietsers en lopende kinderen of ouderen, om nog maar te zwijgen over andere gewenste bestemmingen zoals groen en speelgelegenheid. Het parkeren neemt een steeds groter deel van de openbare ruimte in beslag en plannen voor nieuwbouw, inbreidingslocaties et cetera lopen regelmatig stuk op de huidige parkeernormen. Het wordt hoog tijd dat op een andere manier naar mobiliteit wordt gekeken, dat het niet vanzelfsprekend is dat iedereen een eigen auto voor de deur heeft staan en dat de energietransitie vastloopt als iedereen zijn benzine of dieselauto inruilt voor een elektrische auto et cetera. In de Mobiliteitsvisie is een aanzet gegeven tot die nieuwe visie maar nu gaat het om de nieuwe normen in de praktijk te brengen, om te beginnen bij nieuwe bouwprojecten en in straten en wijken waar bewoners zelf besluiten dat het anders moet.

Zijn de andere fracties het met GroenLinks eens dat de gemeente, tegelijk met de herziening van dit parkeerbeleid, alle alternatieven voor particulier autobezit en de auto gebruiken, dus lopen, fietsen, openbaar vervoer et cetera veel meer zou moeten stimuleren en faciliteren? De heer BRINKMAN vindt dat gemakzucht plaats moet maken voor bewuste keuzes zoals fiets, deelmobiliteit, lopen en duurzaam en praktisch zoals bijvoorbeeld goede stoepen. Hoe wordt gedragsverandering in de praktijk tot stand gebracht? Bijvoorbeeld vergunning parkeren in heel Baarn of één parkeerplaats per huishouden. De PvdA steunt het voorstel maar is kritisch en overweegt een motie voor alternatieven bij vergunningen en een amendement voor realistische parkeernormen. Wat vinden de collega-raadsleden van het direct invoeren van vergunning parkeren in heel Baarn of delen daarvan? De heer KRIMP heeft grote twijfels bij het systeem van parkeervergunningen want dat lost het probleem van het parkeren niet op. Invoering in bepaalde wijken vraagt een flinke investering en heel veel capaciteit en het is de vraag of het wel effectief is en er niet een waterbedeffect zal ontstaan. Als parkeervergunningen op dezelfde manier worden gehandhaafd als de blauwe zones gaat dit bij voorbaat niet helpen. 2

Het CDA heeft een technische vraag gesteld over de parkeergelegenheden aan de buitenranden van Baarn. Bij het Rijkswaterstaat terrein was het antwoord dat er gewacht wordt op de herijking van Stedin qua opgave. Is het deel dat dan niet verkocht wordt beschikbaar om te gebruiken voor het parkeren van vrachtauto’s, bedrijfsbusjes en het eventueel realiseren van snellaadstations voor elektrische auto’s? Wat betreft de Noordschil en de Drie Eiken. Als er geen gebruik wordt gemaakt van de parkeerruimtes, zou er dan van de ruimte gebruik gemaakt kunnen worden, met name in de avonduren en/of in de weekenden? Het invoeren, onderhouden en toepassen van het parkeervergunningsysteem vraagt een behoorlijke inzet van de gemeente. Daarnaast zijn de kosten en de mogelijke opbrengsten en de kosten van de parkeervergunning voor de bewoners vooraf niet helder en duidelijk. Aangenomen wordt dat de gemeente zoveel mogelijk zal vermijden dat dit systeem moet worden ingevoerd. Zelfs als het zou kunnen worden gerealiseerd in nieuwe projecten voor de openbare ruimte vraagt de fractie zich af waarom dit nodig is. Gecombineerd met de onduidelijkheid over de invoering ziet de fractie geen heil in het invoeren van parkeervergunningen. Hoe denken de andere fracties hierover? Vanaf 2035 mogen er geen auto’s meer in de EU worden verkocht met een brandstofmotor.

Tot die tijd zal het aantal elektrische auto’s stijgen en ontstaat er meer behoefte om elektrisch te laden. Er worden wel nieuwe laders geïntroduceerd maar dat gaat niet erg snel en snelladers zijn er al helemaal niet in het dorp. Is de raad ook van mening dat er behoefte is aan een concreet plan met planning voor het elektrificeren van het wagenpark in Baarn zodat bekend is welke oplossingen er komen om elektrisch laden te ondersteunen? De heer STROO heeft nog geen reactie gezien van de wethouder over de inspraak vorige week van Zand erover. Er wordt een uitvoeringsprogramma gemist, met name ten aanzien van het invoeren van betaald parkeren en parkeervergunningen. Er zijn immers problemen in bepaalde wijken en het is goed als het college ernaar kijkt of die knelpunten kunnen worden opgelost. De Mobiliteitsvisie gaat met name over duurzaamheid en veiligheid maar niet over het invoeren van betaald parkeren of het terugdringen van de parkeerdruk en dat ondersteunt de oproep voor een uitvoeringsprogramma in dit geval. Heeft ook de raad behoefte aan een uitvoeringsprogramma? De heer VAN LOON is tegen het raadsvoorstel omdat er in Baarn geen hele grote parkeerproblemen zijn en er ook geen problemen moeten worden gecreëerd. Als gebruik wordt gemaakt van instrumenten als betaald parkeren of vergunning parkeren is dat niet te handhaven en daarom moet dit niet gedaan worden.

Dat wordt ook al aangegeven in de nota Parkeerbeleid 2025 bij punt 7.1. De heer SCHOUTEN constateert dat wanneer dit raadsvoorstel wordt goedgekeurd er nog een aantal obstakels worden opgeworpen waardoor het bouwen van woningen minder aantrekkelijk wordt. Als niet wordt gebouwd zal de parkeeroverlast niet minder worden want de nog steeds thuiswonende kinderen hebben ook een auto nodig en dat geeft overlast als er geen sprake is van een eigen oprit. Er was een architect die een tiental appartementen wilde realiseren in het centrum maar dit vanwege het strikt hanteren van de parkeernormen financieel niet redde. Toen is gekozen voor het bouwen van 2 appartementen in het dure segment. In de parkeernormennota staat dat ervan afgeweken mag worden maar alleen door het college en de raad heeft er niets over te zeggen. De nota Parkeernormen 2025 zal zeker niet worden ondersteund gezien het onzalige plan van vergunning parkeren en de aanname dat men dan wel op de fiets gaat of met het OV is een utopie. Ook dit zal slechts gelden voor dichtbevolkte wijken en dat is wederom ongelijkheid. Het actief weren van bedrijfsbusjes zal waarschijnlijk vooral gaan over de busjes van bouwend Baarn waardoor die hardwerkende ambachtslieden onevenredig worden geraakt. Busjes met duur materiaal buiten het dorp zetten met een camera erop met als argument ‘u bent wel verzekerd’ kan echt niet.

3

Vindt de raad dat het een collegebevoegdheid moet zijn om af te kunnen wijken van de parkeernormen of dient de gemeenteraad hier ook een stem in te hebben? Wethouder EIJBAARD merkt op dat de mensen die in de Schildersbuurt of in de Professorenbuurt wonen de problemen dagelijks ervaren en dat geldt ook rond de Pompstraat. Met het parkeerbeleid dat voorligt krijgen de inwoners van Baarn de mogelijkheid om na te kunnen denken over welke vormen van parkeerregulering daar mogelijk zijn. Het is niet zo dat vanaf 1 februari parkeervergunningen worden ingevoerd maar als er te veel parkeerdruk in een wijk is en inwoners overlast ervaren kan de gemeente daar wat aan doen en nu zijn die mogelijkheden er niet. Als er nu een nieuwe woningbouwlocatie is met te veel parkeerdruk omdat dit onvoldoende kan worden opgelost op eigen terrein, dan is daar geen oplossing voor en met het voorliggende parkeerbeleid kan ervoor worden gezorgd dat de extra parkeerdruk die daaruit voortvloeit niet terechtkomt in de buurt. Er wordt een stappenplan aangegeven waardoor bewoners zelf tot het verzoek kunnen komen om parkeerregulering voor hun wijk in te voeren. Als er een parkeerdrukmeting nodig is omdat die niet meer recent is, wordt een nieuwe meting gedaan.

Wanneer vervolgens uit de participatie blijkt dat voor het overgrote gedeelte van de bevolking van de wijk het niet nodig is, dan zal het college niet overgaan tot het invoeren van parkeervergunningen. Als er een meerderheid is voor het invoeren van parkeervergunningen wordt de openbare ruimte eerlijker verdeeld want dan kan iedereen met een eigen oprit daarop parkeren. Voor de mensen zonder eigen oprit is het juist belangrijk om die ruimte eerlijker te verdelen. Er is nu ook al sprake van een waterbedeffect want er zijn al veel mensen die geen parkeerruimte in hun eigen straat vinden en in een straat verderop gaan staan. Er wordt voor gezorgd dat de reactie van het college op de inspraak van Zand erover morgen bij de raad is. Op dit moment zijn er veel nutsbedrijven in Baarn aan het werk en die hebben ruimte nodig om hun materiaal te stallen. Een terrein om die materialen te stallen is het terrein naast Rijkswaterstaat zodat die overlast niet in de wijk komt. Wat betreft de parkeerterreinen op de Noordschil en de Drie Eiken, die gesprekken moeten worden gevoerd maar die kunnen dan ook beschikbaar komen voor inwoners. Veel van de maatregelen die erin staan worden niet morgen uitgevoerd. Eerst zal moeten worden geïnvesteerd in beleid, in andere maatregelen voordat daar over een aantal jaren en misschien wel 10 jaar de eerste veranderingen zullen worden gezien.

Betaald parkeren is een vorm van parkeerregulering maar dat wil niet zeggen dat het college per 1 februari betaald parkeren gaat invoeren. Mocht het zo zijn dat op den duur het winkelaanbod veel interessanter wordt en mensen daar langer parkeren zou die vorm van parkeerregulering kunnen worden ingevoerd maar dat zal zeker niet worden gedaan zonder het betrekken van de winkeliers en omwonenden. Tegenover het invoeren van parkeervergunningen staan ook opbrengsten en daarmee ontstaat ruimte om handhaving in te kunnen zetten. In het stuk zit een kaartje met de dekking wat betreft laadpalen. Misschien is het goed om daar nog eens naar te kijken maar er is een strategie voor hoe laadpalen in de gemeente worden ingezet en in het afgelopen jaar is erop ingezet om de achterstand in te lopen want er zijn veel palen bijgeplaatst. In de Mobiliteitsvisie staat de mogelijkheid van parkeerregulering en dat dit verder uitgewerkt moet worden. Daar is dit beleid een voortvloeisel van. De heer KRIMP verwacht niet dat door het invoeren van parkeerregulering de beoogde gedragsverandering zal plaatsvinden. Het CDA is niet tegen het stimuleren van de fiets, het OV enzovoort maar gelooft er niet in dat door het invoeren van een parkeerregulering het aantal auto’s minder zal worden. Als er geen draagvlak voor is en in de eventuele projecten vraag en aanbod niet

4

op elkaar kunnen worden afgestemd ziet de fractie weinig heil in het toepassen van deze maatregelen. De heer BRINKMAN begrijpt heel goed dat er huishoudens zijn met kinderen die met hun auto naar het werk moeten maar in dit stuk gaat het om gedragsverandering. Het gaat om het trekken van een grens. Hoeveel straten moet er nog volstaan? De raad moet nadenken over hoe dit beleid positief kan uitpakken. De heer KOLT vindt het niet wenselijk om voor heel Baarn een parkeervergunningenbeleid in te voeren. Dat geeft ook te veel druk op de ambtelijke capaciteit. Wat zou voor het CDA een alternatief zijn voor de vergunningen? De heer KRIMP merkt op dat er rond de Pompstraat zeker parkeerdruk is maar de inwoners parkeren hun auto dan een straat verderop en het lost zich vanzelf op. Met een goed gesprek met de wijk en eventueel enige herziening van de openbare ruimte kunnen veel problemen worden opgelost. De noodzaak wordt niet gezien om dit te reguleren. De heer VAN LOON vindt het fijn om te horen dat er ook onderling dingen geregeld kunnen worden want dat is ook een stukje mentaliteitsverandering. Sommige burgers hebben een bordje neergezet maar dan is het einde zoek. De heer BRINKMAN stelt dat het een utopie is dat iedereen een bordje maakt van ‘hier parkeren voor de deur is een gunst’. Even aanbellen bij de buren gaat niet werken. Dit moet gewoon geregeld worden.

De heer VAN LOON vraagt hoe de PvdA denkt over de extra kosten die sommige mensen dan extra zwaar in hun portemonnee gaan voelen. De heer BRINKMAN zegt dat er regelingen zijn voor mensen met een kleine portemonnee. Die staan op de gemeentelijke website. De heer STROO zou liever eerst een meer uitgewerkt programma van het college zien. Het is maatwerk want de problematiek is in elke wijk anders. Participatie is mooi maar er mag wel enige initiatief van de gemeente verwacht worden in het schetsen van de mogelijkheden die er zijn en wat verder uitgewerkt dan wat nu in het plan staat en welke consequenties het heeft als voor bepaalde oplossingen wordt gekozen. De heer SCHOUTEN begrijpt dat de gemeente kosten gaat opleggen aan de inwoners die ze dan vervolgens weer zelf gaat betalen. Mevrouw MARTENS stelt dat er kostbare nieuwe problemen ontstaan wanneer oplossingen worden gezocht in de voorgestelde parkeerregulering. Een bezoekersregeling is bijvoorbeeld heel ingewikkeld en niet vriendelijk voor bezoekers en bewoners. De heer BRINKMAN vraagt wat de raad ervan vindt om parkeerregulering in het hele dorp in te voeren of in delen van het dorp. Mevrouw MARTENS vindt het te zot voor woorden om in het hele dorp parkeerregulering in te voeren. In het grootste deel van het dorp zijn er geen problemen.

Bij het invoeren van parkeerregulering in gedeelten van het dorp heeft de VVD grote twijfels over de effectiviteit daarvan. 5

De heer BRINKMAN nodigt mevrouw Martens uit om met hem een keer door het dorp te fietsen want dan kan ze zien dat er wel degelijk een parkeerprobleem bestaat. Mevrouw MARTENS neemt die uitnodiging graag aan maar zij heeft juist gezegd dat er in grote delen van het dorp geen parkeerprobleem is. In Hoog Baarn is er bijvoorbeeld geen parkeerprobleem. De heer KOLT vindt dat in het debat een knip moet worden gemaakt tussen parkeerregulering in het hele dorp of in gedeelten daarvan. De heer GENUIT is geen voorstander van het direct invoeren van een vergunningensysteem voor heel Baarn. Het vergunningenbeleid moet afhangen van de vraag die vanuit de wijk komt. Als er in een wijk problemen zijn moeten er instrumenten zijn om die op te kunnen lossen en daar is dit parkeerbeleid voor bedoeld. De heer KRIMP merkt op dat inwoners van de wijk soms echt wel zien dat er een parkeerprobleem is maar zij willen niet aan een vergunningensysteem. Het zou kunnen worden opgelost door het gesprek met elkaar aan te gaan of om situationeel het parkeerprobleem op te lossen met bijvoorbeeld verkeersborden of andere maatregelen. Het gaat echter te ver om daarvoor een parkeervergunningensysteem in te voeren en zeker niet voor heel Baarn. De heer GENUIT wijst erop dat heel duidelijk in de nota staat dat wanneer er geen draagvlak is in de wijk het niet doorgaat.

Het wordt dus niet opgelegd aan een wijk of een straat. Natuurlijk is het goed om eerst met elkaar in gesprek te gaan maar zo’n vergunningenbeleid kan een stok achter de deur zijn in die gevallen dat het gesprek niet tot het gewenste resultaat leidt. De heer STROO pleit ervoor dat het college eerst dingen beter onderbouwd en voors en tegens van bepaalde systemen opschrijft en de raad kan daarna een afweging maken over wat moet worden ingevoerd na participatie van de bewoners van de betreffende wijk. Mevrouw MARTENS staat helemaal achter het betoog van vorige spreker. De heer VAN LOON denkt dat het dan ook heel goed is om met ideeën te komen. Bijvoorbeeld ergens een parkeergelegenheid creëren die op loopafstand ligt van meerdere wijken. De raad, het college maar ook de inwoners moeten komen met ideeën. De heer BRINKMAN zegt dat er al in het raadsvoorstel staat dat er een plan komt en dat dit wordt gecommuniceerd met inwoners. De heer GENUIT merkt op dat een deel van de uitvoering al zit bij het aanvragen van vergunningen voor nieuwe ontwikkelingen en verder dient het aan de wijken te worden overgelaten of die behoefte hebben aan uitvoering van het plan in hun wijk. Er hoeft dus geen compleet uitvoeringsplan te komen. Het succes van het nieuwe parkeerbeleid kan zijn door het inzetten op gedragsverandering en de bevordering van duurzame vormen van vervoer.

De heer KOLT is het eens met het betoog van de heer Stroo maar er zal sowieso een parkeerdrukmeting vooraf moeten worden gedaan om te weten wat er zich afspeelt op dit gebied in Baarn naast de informatie die er vanuit de bewoners komt.

6

De heer SCHOUTEN wijst erop dat er al kaartjes bij zitten van de parkeerdruk. Bij het raadsvoorstel had een uitvoeringsplan moeten zitten want dat had veel technische vragen gescheeld. De heer GENUIT leest in het raadsvoorstel dat bij de herziening van de Mobiliteitsvisie het bevorderen van duurzaam vervoer wordt meegenomen. GroenLinks wil daar niet op wachten en daar tegelijk mee aan de slag gaan. Hoe denken de andere fracties daarover? De heer STROO merkt op dat ingevolge de Mobiliteitsvisie er nu al de mogelijkheid is voor het college om dergelijke maatregelen te nemen. Daar hoeft geen versnelling van plaats te vinden. Mevrouw MARTENS constateert dat autodelen al 30 jaar geen succes is op een paar grote steden na. Waarom denkt GroenLinks dat dat nu wel een succes zal worden? De heer GENUIT ziet op heel veel plekken deelauto’s staan die ook intensief gebruikt worden. Behalve de commerciële aanbieders zijn er ook vele andere vormen van autodelen die misschien niet zo zichtbaar zijn maar wel goed functioneren. Naast Greenwheels is er bijvoorbeeld de Vereniging voor gedeeld autogebruik. De gemeente kan een belangrijke rol spelen in het bekendmaken van dit soort mogelijkheden. De heer SCHOUTEN merkt op dat het openbaar vervoer in Baarn niet zo goed is geregeld maar dat ligt bij de provincie of het Rijk. Daar is zeker winst te behalen.

De heer GENUIT zegt dat overleg met de provincie over OV-lijnen zeker belangrijk is. De mogelijkheid voor het college om stimulerend beleid te voeren ligt inderdaad al in de Mobiliteitsvisie vast maar dit krijgt in de praktijk nog onvoldoende gestalte. Voor de stimulering van duurzaam vervoer zou het college met een uitvoeringsplan moeten komen en wellicht zal daarvoor een motie worden ingediend. De heer STROO denkt ook over een motie voor het invoeren van een uitvoeringsplan. Volgende week kan het raadsvoorstel worden aangenomen zonder dat het onmiddellijk effect heeft. Daarom moet er een vervolg aan gegeven worden in de vorm van een uitvoeringsplan. De heer KRIMP zegt dat ervan wordt uitgegaan dat er om de 300 m een laadpaal is maar in de praktijk blijkt dat het door verkeerd parkeren en allerlei bezwaren van bewoners er niet van komt. Ook snelladers zijn niet structureel geregeld. Daarom is het zinvol om daar een plan voor op te stellen want in de toekomst komen er steeds meer elektrische auto’s. Er moeten straks voldoende laadpalen zijn en zonder uitvoeringsplan kunnen er problemen optreden. De heer KOLT vraagt hoeveel elektrische laadpalen moeten worden gerealiseerd want dat geeft ook extra parkeerdruk en er blijven auto’s die niet kunnen laden, invalidenvoertuigen enzovoort. De heer KRIMP heeft daar zeker oog voor.

Er zal een berekening moeten worden gemaakt over hoeveel laadpalen en in welk tempo dit dient te worden gerealiseerd. Het is de vraag of bij elke parkeerplaats een laadpaal moet komen maar veel mensen hebben zonnepanelen en willen voor hun eigen huis kunnen opladen. De vraag is of dat kan en of dat zinvol is maar daarom is het verstandig om hiervoor een plan te hebben. Nu vragen mensen om een laadpaal en het wordt gerealiseerd. Het aantal laadpalen in de wijken blijft achter, mede door bezwaren van omwonenden maar als daar een goed plan tegenover staat en in overleg met de bewoners zouden die bezwaren misschien wat minder kunnen worden. Uiteraard moeten in het plan ook invalidenvoertuigen meegenomen worden.

7

Het is niet de opzet van het plan om het aantal elektrische auto’s te versnellen maar dat er voldoende middelen zijn om auto’s te voorzien van elektriciteit. De heer GENUIT memoreert dat de wethouder heeft gezegd dat Baarn meedoet met de Metropoolregio op dit gebied. Aangenomen wordt dat er binnen de MRE prognoses gemaakt worden over hoeveel elektrische auto’s erbij komen en hoeveel laadpalen erbij moeten komen. Hierover zal een raadsinformatiebrief moeten komen met de prognose tot 2030 om te zien of Baarn en de rest van de regio op koers liggen. De heer BRINKMAN gaat ervan uit dat stations voor snel laden altijd buiten dorpen en steden staan. Er zijn geen parkeerplekken voor elektrische auto’s want als het laden is voltooid moet de auto weer worden weggezet. Straks krijg je wel een probleem dat als veel mensen in de straat een elektrische auto hebben zij die ook moeten laden en dan blijven er veel parkeerplekken in de straat leeg staan. De heer STROO vindt dat er voldoende laadplekken moeten zijn voor elektrische auto’s, zeker gezien de toekomst, maar de gemeente heeft al 10 jaar een laadpalenplan en er zijn al veel laadpalen geplaatst in de gemeente. Daar zou eerst meer informatie over moeten komen voordat kan worden ingestemd met het plan dat het CDA voorstelt.

De heer VAN LOON merkt op dat er allerlei subsidies voor elektrische auto’s wegvallen en er al sprake is van een verhoging van belastingen. Daarom moet even een pas op de plaats worden gemaakt en bovendien zijn er al aardig wat laadpalen in Baarn. Dat moet eerst worden geïnventariseerd en dan kijken naar de ontwikkelingen in de komende jaren. De verwachting is dat de toename van elektrische auto’s minder zal worden. Mevrouw MARTENS vindt dat eens moet worden gesproken over het plan van het CDA en dan kunnen de zaken die de PvdA en GroenLinks naar voren brachten worden meegenomen. Snelladen zou in de toekomst ook sneller kunnen en dat moet ook worden meegenomen. Dan kunnen afwegingen worden gemaakt. De heer KRIMP zegt dat het zeker niet de bedoeling is om bij elke parkeerplaats een laadpaal te zetten. De gemeente moet in lijn blijven met de ontwikkelingen op dit gebied maar snellaadpalen komen zeker niet in de wijk. De heer SCHOUTEN leest in de stukken dat het een collegebevoegdheid is om af te wijken van de parkeernormen bij nieuwbouw en de vraag is of de raad daar ook nog wat over wil zeggen. De heer BRINKMAN gaat ervan uit dat het in de Omgevingswet staat dat dit een collegebevoegdheid is. De heer VAN LOON denkt dat het college die bevoegdheid in bepaalde gevallen moet overdragen aan de raad.

De heer GENUIT zegt dat dit een collegebevoegdheid is en de raad gaat over hoofdlijnen en niet over details. De heer STROO stelt dat er sprake kan zijn van ingrijpende maatregelen en daarom gaat hij ervan uit dat de raad hier dan voldoende over wordt geïnformeerd. Conclusie: 8

De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. B.

Omgevingsvergunning Oude Utrechtseweg 4A - bouw 3 levensloopbestendige woningen (1099952)

De heer SCHOUTEN vindt het geen raar voorstel van de inspreker om geen dakkapellen maar dakramen te plaatsen. Is hierover in de afgelopen week nog contact geweest? In de memo staat geen reactie van de indiener van de zienswijze op de uitleg van het college. De heer VAN LOON is het eens met het raadsvoorstel omdat er weer woningen bijkomen. Mevrouw STRUIJK memoreert dat vorige week een behoorlijke discussie is gevoerd over de zienswijze en hoe hiermee moet worden omgegaan. Daarom was het prettig geweest als in het gewijzigde raadsvoorstel en in de gewijzigde Nota van zienswijzen goed had kunnen worden gezien wat er nu gewijzigd is. De volgende keer moet dat duidelijker zijn. De heer VAN WIJK verwacht te kunnen instemmen met het plan maar een levensloopbestendige woning is niet een huis met een trap maar waar je eventueel een bed beneden kan zetten en boven weer moet douchen. De heer VAN DER LINDEN meldt dat de fractie kan instemmen met het voorstel. De heer BOSMAN is positief over het voorstel. Is de indiener van de zienswijze tevreden over de manier waarop deze fout is hersteld en heeft het college actie ondernomen om missers als deze voortaan te voorkomen en zo ja welke? De heer KOLT vindt het fijn dat de ontbrekende zienswijze zo snel mogelijk naar de raad is gekomen.

Wat zijn de verschillen waarom vorige week niet kon worden besloten om dit voorstel goed te behandelen? De heer VAN DER PADT geeft aan dat de VVD zal instemmen met het voorstel. Wethouder VELDHUIZEN heeft een gesprek gehad met de indiener van de zienswijze en zijn verontschuldigingen aangeboden dat die niet was meegenomen. Dit heeft voor de indiener van de zienswijze geen aanleiding gegeven om er een ander standpunt over in te nemen. Dat is naar tevredenheid in het gesprek opgelost. Er is contact geweest met de ontwikkelaar over de dakkapellen. Van huis 3 zijn die dakkapellen al weggehaald. Dakkapellen zijn vergunningsvrij en die kunnen dus altijd later weer toegevoegd worden. Er zijn ook dakramen die kunnen worden opengeklapt als een balkon maar met de ontwikkelaar is nu de afspraak gemaakt dat notarieel wordt vastgelegd in een kettingbeding dat de leibomen die er omheen staan meegenomen worden als het verkocht wordt zodat de volgende eigenaar de leibomen in stand zal moeten houden en onderhouden. Daarmee is geborgd dat de inkijk weg is. Spreker biedt zijn verontschuldigingen aan dat er geen duiding is gegeven van wat er is gewijzigd. Dit kan worden toegestuurd maar de verschillen zullen niet zo groot zijn omdat zienswijze 3 al voor een groot deel in overeenstemming was met de andere 2 zienswijzen.

Deze zienswijze is bij een individuele medewerker binnengekomen omdat erover gesproken was. De medewerker is vervolgens ziek geweest en heeft over het hoofd gezien om het tijdig toe te voegen en dat is heel vervelend maar de complimenten dat het op een snelle manier weer is opgelost zullen worden overgebracht aan de medewerkers.

9

Mevrouw STRUIJK vraagt of goed wordt begrepen dat de dakramen niet in het kettingbeding worden opgenomen. Wethouder VELDHUIZEN zegt dat dit correct is. Daarna kunnen dakkapellen namelijk vergunningsvrij er weer op worden gezet. Wat betreft de inkijk, bij een van de indieners van een zienswijze zijn geen dakkapellen meer en de andere zit op 9 m afstand en daar komen de leibomen nog tussen. Mevrouw STRUIJK heeft geen behoefte aan de toezending van een verdere verduidelijking van de verschillen tussen het oude en nieuwe raadsvoorstel. De heer KOLT heeft ook geen behoefte aan een verdere uitleg hierover. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. Vervolgens wordt de vergadering geschorst. De VOORZITTER heropent de vergadering. C.

Voorstel beperken daling algemene reserve 2025 (1105892)

Mevrouw HOOGERWERF is positief over het voorstel. Mooi is dat met bijna alle fracties is uitgezocht hoe er minder uit de spaarpot kan worden gehaald. Dit was een mooie eerste oefening in kiezen. Dit zal immers vaker moeten gebeuren want er zijn flinke financiële tekorten in het vooruitzicht. Er dient wel meer inzicht te komen in de dekkingstekorten want dan kan voortaan bij het aanspreken van de spaarpot scherp vooruit worden gekeken. Hoe gaat de spaarpot strategisch beter worden benut om bijvoorbeeld de tekorten in het sociale domein te verminderen en wellicht te compenseren met een goed innovatieproject? Ook zou kunnen worden gekeken naar het aanpakken van bijvoorbeeld het forse tekort in de onderwijshuisvesting. Als je het landelijke cijfer van 1,2 miljard vertaalt kom je op € 450 per schoolgaand kind en dat is pakweg 1,5 miljoen. Als je beide tekorten bij elkaar optelt is al bijna 80% van het geschatte gat van 3 miljoen bereikt en dat kan niet worden opgelost door het schrappen van incidentele uitgaven. Voor Baarn buurt mee wordt voorgesteld om het budget omlaag te brengen van 75.000 naar € 25.000.

Wat zouden de raad en de portefeuillehouder ervan vinden als dit budget minder vergaand wordt ingekrompen door het op € 50.000 te stellen waarbij 2/3 deel daarvan zonder vouchers beschikbaar komt voor buurtprojecten? De heer BOSMAN constateert dat bijna alle fracties met voorstellen zijn gekomen maar groot was de verbazing dat de fractie die altijd vooroploopt met kritiek op de begrotingsdiscipline van het college niet thuis gaf. Hopelijk neemt de VVD straks wel haar verantwoordelijkheid als er straks hele lastige gesprekken moeten worden gevoerd om de korting van het Rijk op het Gemeentefonds het hoofd te bieden. Het college is er ruimschoots in geslaagd om te voldoen aan het verzoek van de raad en het is mooi dat dat is gelukt zonder onomkeerbare ingrepen op thema’s als gelijke kansen, bestaanszekerheid, wonen, duurzaamheid, natuur en groen en zonder de net aangenomen plannen voor de jongeren de nek om te draaien. De buurtbudgetten hebben in zeker 50 initiatieven buren bij elkaar gebracht om samen hun buurt veiliger, leefbaarder, groener en socialer te maken en één van de 4 Baarnse huishoudens deed mee door een cheque te doneren. Inhoudelijk is die actie echt een succes maar de overhead staat niet in verhouding tot het geld wat bij de inwoners terechtkomt.

Goed is als het project kostenbewuster wordt ingericht zolang overeind blijft dat de buurt zelf met initiatieven kan komen en ook zelf kan 10

uitvoeren. Een rondgang bij andere gemeenten leert dat hierbij verschillende varianten mogelijk zijn. Wat vindt de wethouder van het idee om hier de klankbordgroep Participatie bij te betrekken? Dit onderwerp zou ook kunnen worden meegenomen in de Raad op Pad van 4 maart aanstaande. De heer BRINKMAN merkt op dat de afgelopen 10 jaar de landelijke overheid de gemeente heeft overladen met taken zoals jeugdzorg, de Wmo en andere verantwoordelijkheden binnen het sociaal domein maar tegelijkertijd zijn de budgetten voor deze taken structureel gekort. De zorgvraag blijft stijgen, mede door de vergrijzing en de kosten lopen op. De fractie zal met frisse tegenzin voor de voorliggende begrotingswijziging stemmen omdat het nemen van verantwoordelijkheid altijd voorop moet staan. Het frustreert dat bepaalde partijen zich volledig onttrekken aan hun verantwoordelijkheid. De PvdA en andere partijen zoeken samen naar een oplossing maar sommigen kiezen ervoor om vanaf de zijlijn kritiek te leveren zonder maar één concreet idee in te brengen. De inwoners verwachten van de raad dat die niet alleen problemen benoemt maar ook de oplossingen aandraagt. Hiermee worden moeilijke keuzes gemaakt omdat de PvdA gelooft in vooruitgang en verantwoordelijkheid. Politiek is de kunst van het mogelijk maken.

De heer VAN DER DONK vindt het een goede zaak dat het college de input van een aantal partijen hierin heeft meegenomen en dat ook een aantal partijen die niet meteen stonden te springen voor dit proces toch actief meedoen. Het is goed dat al dit jaar kritisch wordt gekeken naar de uitgaven en geen grote greep in de algemene reserve wordt gedaan. Hiermee wordt gevolg gegeven aan een motie van het CDA die door de meerderheid is aangenomen. Er zal dan ook worden ingestemd met het voorstel maar het is jammer dat in het proces geen prognose is meegenomen van te verwachten of lopende voorstellen die een negatieve input op de algemene reserve kunnen hebben. Het is gebruikelijk in dit soort trajecten dat daarvoor een bepaald percentage wordt opgenomen. De gemeente heeft in de benchmark van BDO een stevige onvoldoende gekregen. Hoe kijkt de wethouder tegen het laatste nieuws van de 131e positie van vergelijkbare gemeenten aan? De zogenaamde Zalm-norm wordt in het bedrijfsleven en bij de overheid vaak met succes toegepast en dit voorkomt veel onaangename ombuigingen. Daarnaast is er bij de rijksoverheid ook al jarenlang de norm dat meevallers, bijvoorbeeld de resultaten van de Baarnsche Zoom, altijd ingezet worden voor het aflossen van schulden.

Is de raad nog steeds akkoord met het toepassen van die dekkingsafspraak waar eerder in meerderheid ja tegen is gezegd en hoe kijkt de raad aan tegen het verlagen van de schulden als er meevallers zijn? De heer STROO memoreert dat het voor D66 niet absoluut nodig was geweest om de algemene reserve te verlagen. Er lag een sluitende begroting maar om het draagvlak zo groot mogelijk te krijgen voor de begroting heeft de fractie ingestemd met de motie van het CDA. Het is wel jammer dat daardoor een aantal dingen vertragen, uitgesteld worden of minder kunnen gebeuren. Het is jammer dat het duurzamer maken van gemeentelijke objecten hiermee wordt vertraagd. Als blijkt dat bij het vaststellen van de jaarrekening in juni van dit jaar er toch een behoorlijk overschot is, zijn de wethouder en de rest van de raadsleden dan bereid om dit alsnog in te zetten voor het vormen van een bestemmingsreserve om die duurzaamheidsmaatregelen versneld door te laten gaan? De heer VAN LOON geeft aan dat voor het voorstel zal worden gestemd. De fractie kan zich vinden in de voorstellen zoals verduurzaming van maatschappelijk vastgoed temporiseren of niet doen, harde eisen stellen aan gemeenschappelijke regelingen en de toeristenbelasting verdubbelen.

De heer SCHOUTEN vindt het positief dat er minder uit de algemene reserve wordt gehaald maar negatief is dat de door hem voorgestelde bezuinigingen zoals terughoudend zijn met 11

klimaatdoelstellingen niet overgenomen zijn en ook de snelfietsroutes staan nog steeds fier overeind. Spreker zal zijn standpunt nog bepalen en dat is mede afhankelijk van het volgende agendapunt. De heer VAN DER PADT constateert dat door BDO-Accountants een 3 is gegeven aan de gemeente Baarn na een onafhankelijk onderzoek onder alle Nederlandse gemeenten. Toch is dit al een hele vooruitgang ten opzichte van 2023 want toen was het een 1. Ondanks dit resultaat mag het college 4 jaar blijven zitten. Mevrouw HOOGERWERF wijst erop dat de gemeente ook een 10 heeft gescoord op een andere maatstaf door een andere beoordelaar. Wellicht kan dit zoals vroeger op school bij elkaar worden opgeteld en gemiddeld en dan wordt uitgekomen op een 6 of een 7. De heer VAN DER PADT blijft het houden op een 3 want dat was het resultaat van een onafhankelijk onderzoek en niet van wc-eend keurt wc-eend onderzoek. 33 gemeenten doen het beter en maar 3 doen het slechter. De provincie, de VNG en de coalitiepartijen stemmen er echter mee in. De heer BOSMAN constateert dat de VVD de coalitie in de schoenen schuift dat die financieel wanbeleid voert. Dit is echter het gevolg van het besluit van een kabinet waaraan de VVD leiding heeft gegeven. Meer dan driekwart van de gemeenten zit met hetzelfde probleem.

Is de heer Van der Padt het eens met dat regeringsbeleid? De heer VAN DER PADT merkt op dat hij het woord ‘wanbeleid’ niet heeft gezegd. Het ravijnjaar 2026 komt nog en dit gaat over 2024. Het college en de coalitie moeten toch bezuinigen, opgelegd door Den Haag en zelfs met uitbreiding van de taken en dat is lastig. Jammer genoeg kwam dit voorstel niet op eigen initiatief van het college voor bezuinigen, ook al zag het college al 3 jaar dat de reserves als sneeuw voor de zon verdwijnen. Het moest hiervoor een opdracht krijgen van de gemeenteraad. Dit college heeft € 6600 per dag meer uitgegeven dan er aan inkomsten waren. De algemene reserve is onder dit college gedaald van 22,6 miljoen naar 12,7miljoen in 2026. Dit zou in geen enkel huishouden bestaan. Iedereen zet dan de tering naar de nering, zeker als je weet dat volgend jaar volgens het kabinetsbeleid nogmaals 3 miljoen minder zal binnenkomen. Toch vinden D66 en VoorBaarn dat bezuinigen niet nodig zou zijn. Deze partijen willen te boek staan als de zoete broodjesbakkers en geen moeilijke besluiten nemen, daar zijn anderen voor. Mevrouw HOOGERWERF memoreert te hebben aangegeven dat de raad voor lastige keuze staat en VoorBaarn wil vooruitkijken.

Hoe is het beeld ontstaan dat de fractie geen keuzes zou willen maken en niet zou willen bezuinigen? De heer VAN DER PADT zegt dat letterlijk in het raadsstuk staat dat VoorBaarn, 50PLUS en D66 bezuinigen niet nodig vinden. Jammer genoeg is het woordje ‘structureel’ niet aan de opdracht om 2 miljoen te bezuinigen meegegeven. De heer STROO merkt op niet te hebben gezegd dat bezuinigen niet nodig is. Er loopt een heel traject om te bezuinigen. Alleen is aangegeven dat het nu niet nodig is om de uitgaven uit de algemene reserve te verlagen. In de loop der jaren is een spaarpot opgebouwd en in moeilijke tijden wordt die spaarpot aangewend. Doet de VVD dat niet? De heer BOSMAN vraagt wat de VVD wil want dat is tot nu toe nog steeds niet bekend.

12

De heer VAN DER PADT kan vooralsnog niet instemmen met het voorliggende voorstel omdat dit geen bezuinigingen kunnen worden genoemd. Onder bezuinigingen verstaat het college we verkopen 5 gebouwen voor 1,9 miljoen en we schuiven investeringen naar achter voor 1,3 miljoen maar die komen tot 2026 volledig op de begroting en dan is 2,3 miljoen gedaan, nog meer dan de opdracht was. Structureel gebeurt er echter weinig tot niets. Uiteindelijk zullen toch eens impopulaire maatregelen moeten worden genomen. De coalitie en dit college zijn aangesteld om hun eigen werk te doen en dat hoeft de VVD niet in te vullen. Vindt de wethouder de verkoop van 5 panden voor 1,9 miljoen een bezuiniging? Is het naar achteren schuiven van investeringen bezuinigen? Wat moet er volgens de wethouder gebeuren om in 2026 een enigszins sluitende begroting te krijgen? Is de raad ook van mening dat dit voorstel niet effectief bezuinigen is maar alleen uitstel van kosten waardoor dat in 2026 nog veel moeizamer zal worden? De heer BOSMAN vraagt wat de VVD wil als zij andere partijen beschuldigt dat die niet leveren. De heer VAN DER PADT wenst een structureel sluitende begroting. De heer STROO vraagt waarom de VVD ertegen is om zo af en toe de spaarpot te gebruiken. Dat doet iedereen thuis immers ook.

De heer VAN DER PADT is niet tegen het gebruik van een spaarpot als er een structurele oplossing zou zijn maar die is er niet. Als je 5 keer 5 jaar lang 4 miljoen uitgeeft zit je onder de 8 miljoen en dan krijg je een rapportcijfer 3 voor het tweede jaar op rij. Wethouder PRAKKE wijst erop dat de gemeente 3 miljoen minder binnenkrijgt vanwege de landelijke korting op het Gemeentefonds. Afgesproken is dat dat gat zichtbaar moet zijn zodat het landelijk duidelijk is dat de gemeenten een probleem hebben en daarom is die 3 geen verrassing. In 2023 had de gemeente een 9 van BDO en vorig jaar een 4 en dat is gegaan naar een 3 omdat ook de systematiek veranderd is. Als de systematiek uit 2023 was gehandhaafd had de gemeente nu een 8,3 gehad. De VNG stoelt de financiële positie van de gemeente op een 10 en de provincie heeft de gemeente ook niet onder preventief toezicht geplaatst want als er echt sprake was van een 3 of de financiële situatie was verslechterd, dan had de provincie echt ingegrepen. Er zal een RIB worden gestuurd over het rapport van BDO waarin uitleg wordt gegeven op basis van welke cijfers de beoordeling is gegeven en welke conclusies daaraan kunnen worden verbonden. Het verkopen van de panden is geen bezuiniging want dat is beleid dat met elkaar is vastgesteld dat niet-strategisch vastgoed in de verkoop wordt gezet.

Het is een positie waar woningen gebouwd gaan worden. Dit voorstel gaat niet over bezuinigingen maar over hoe wordt omgegaan met de algemene reserve en de vraag van het CDA was destijds om te kijken of de algemene reserve met minder kan dalen dan in de begroting. Daaraan is invulling gegeven. De raad is meegenomen in alle stappen die worden gezet om uiteindelijk de ravijnjaren door te komen. Van die 3 miljoen is er al 1,3 miljoen weggewerkt want in 2026 is het gat 1,7 miljoen. Op basis van de motie van het CDA is ook aangegeven dat half april aan de raad het voorstel wordt gepresenteerd hoe wordt omgegaan met het bezuinigingspakket van 4 miljoen. Dat kan de raad vervolgens meenemen naar de perspectiefnota en kunnen keuzes worden gemaakt. Wat betreft de buurtbudgetten was het voorstel gedaan om de uitname terug te brengen naar € 25.000. Nu worden 2 keer ongeveer 13.000-€ 14.000 via de vouchers gedaan. Als het verzoek is om € 30.000, zou dit niet moet worden gedaan via de voucherregeling maar op een andere manier. Het blijft experimenteren wat de juiste vorm is maar het college is wat betreft de initiatieven heel enthousiast en wil dat graag doorzetten. Het is goed om daar ook de klankbordgroep bij te

13

betrekken. Er zijn 4 jaar scenario’s uitgewerkt hoe dat kan worden gedaan en als de raad daarin wil meedenken, heel graag. Als er in de aanstaande jaarrekening een overschot is, dat normaliter wordt toegevoegd aan de algemene reserve, gaat de raad uiteindelijk over wat met het overschot moet worden gedaan. Als de raad vindt dat als er 1 of 2 miljoen over is en dat in een bestemmingsreserve moet worden gestort vindt het college dat een prima idee maar als er een overschot is kan worden meegedacht over de bestemming van dat overschot. Mevrouw HOOGERWERF merkt ten aanzien van het buurtbudget op dat wordt voorgesteld om dit met € 25.000 omlaag te brengen. Wat vindt de raad ervan zodat er zo’n € 30.000 rechtstreeks beschikbaar komt voor buurtprojecten maar dan niet via de vouchers want er zitten nogal wat drempels tussen het ontvangen van een voucher en het inzetten van een voucher? Dit moet organisatorisch veel efficiënter worden gedaan met veel minder overhead waardoor er meer beschikbaar is voor de buurten om projecten te ontwikkelen. Wellicht zou het een traditie kunnen worden in Baarn dat een buurt een project kan ontwikkelen en dat daar een budget voor is bij de gemeente. De heer BOSMAN gaat het met name om hoe het wordt ingericht en dat het geld zoveel mogelijk terechtkomt in de buurt.

De heer VAN DER DONK voelt er niet zoveel voor om hier een beetje meer en daar een beetje minder-acties op dit proces los te laten. Het CDA zou ook wel allerlei voorstellen willen inbrengen op wat het college voorstelt maar dat helpt niet veel in dit proces. De buurtinitiatieven waren er meestal al en er is vaak een beetje extra geld opgehaald. Dus eigenlijk is het niet zo’n succes en daarom is het CDA niet zo enthousiast over het voorstel om er wat meer bij te doen. De heer BOSMAN vraagt waarom het CDA zegt dat die buurtinitiatieven er meestal al waren. De heer VAN DER DONK geeft aan dat er in zijn eigen wijk al 3 buurtinitiatieven waren. De heer SCHOUTEN vindt het terugbrengen van het budget naar € 25.000 een goede keuze, mede gezien het feit dat er maar € 13.500 is uitgegeven. Het moet niet weer op een andere manier worden gedaan want dan wordt de controle daarop nog lastiger. De heer VAN DER DONK merkt op dat in het verleden de afspraak is gemaakt dat als partijen voorstellen doen die geld kosten daar ook de dekking bij wordt gegeven. Voelen alle raadsleden zich daar nog senang bij als er overschotten komen, bijvoorbeeld bij de Baarnsche Zoom? Zou het niet verstandig zijn om dat te gebruiken voor het verlagen van de schulden van de gemeente? De heer VAN DER PADT antwoordt op beide vragen bevestigend.

Liever doen in de algemene reserves dan nu alvast gaan uitgeven wat er aan inkomsten eventueel in de toekomst binnenkomt. De heer STROO vindt het een goed gebruik dat bij voorstellen ook altijd een dekking wordt meegegeven. De gemeente heeft nog steeds een gezonde financiële positie en als dat niet zo was werd de gemeente wel teruggefloten door de provincie. Het is belangrijk om ook gelden te besteden om dingen te doen voor Baarn en daarom is het lastig om ja of nee te zeggen op de tweede vraag van het CDA. De heer SCHOUTEN constateert dat wanneer een dekkingsvoorstel wordt gedaan daar ook weer discussie over komt terwijl het hoofdonderwerp dan een beetje ondersneeuwt. Die vraag positief 14

beantwoorden is dus afhankelijk van het onderwerp. Het is goed om de schulden in de gaten te houden maar het is niet per se noodzakelijk om daar alles aan te spenderen. De heer BOSMAN is van mening dat bij een voorstel altijd de dekking moet worden vermeld. Schulden aflossen is mooi maar de gemeente moet ook af en toe investeren. Zeker op een moment dat als er straks structurele bezuinigingen komen is het soms ook nodig om in het kader van preventie te voorkomen dat er veel geld moet naar zaken waar juist minder geld voor beschikbaar is. Soms moet je eenmalig een investering doen om de toestroom op bepaalde dingen terug te dringen. Dus niet per definitie aflossen. De heer VAN DER DONK zegt niet dat er niet moet worden geïnvesteerd maar als er overschotten zijn is het de vraag of die voor investeringen moeten worden aangewend. De heer BRINKMAN is ook van mening dat bij elk voorstel een dekking moet worden geleverd. Niet alle overschotten moeten terug naar de leningen want er moet ook worden geïnvesteerd. Natuurlijk moet gekeken worden naar het aflossen van schulden als dit maar niet ten koste gaat van structureel belangrijke dingen. Mevrouw HOOGERWERF vindt niet dat overschotten per definitie moeten worden gebruikt voor het aflossen van schulden.

Het uitgangspunt dat bij elk voorstel de dekking moet worden aangegeven is juist maar soms kan de fractie bij het ontwikkelen van een voorstel wegens gebrek aan informatie niet zomaar aangeven waar het geld vandaan moet komen en soms blijkt het financieel anders in elkaar te zitten dan het op het eerste gezicht leek. De heer BRINKMAN zegt dat het ook gebruikelijk is bij een voorstel om aan de wethouder te vragen hoe dit kan worden gedekt. De heer STROO stelt voor om bij een jaaroverschot dit aan te wenden voor een dekkingsreserve voor duurzaamheidsprojecten ten behoeve van gemeentelijke gebouwen. Dat is een duurzame investering die ook wordt terugverdiend en de gemeente geeft dan het goede voorbeeld aan de buitenwereld. De heer SCHOUTEN merkt op dat de afspraak is dat als er een overschot is die terugvloeit naar de algemene reserve. Verduurzaming is prima maar dan moet het concreet zijn, dat het in dat jaar kan worden gerealiseerd en goed moet worden bekeken welke financiële besparing het oplevert. De heer BOSMAN stelt dat als er een overschot is op de jaarrekening de algemene reserve weer groter wordt. Als dat overschot substantieel is zou het ook weer jammer zijn om een investering die op den duur ook weer geld oplevert, uit te stellen. Het is dus wel een interessant voorstel van D66.

De heer VAN DER DONK zegt dat als er een overschot is op de jaarrekening elke partij weer met zijn eigen voorstel zal komen en dan ontstaat er de mogelijkheid van discussie hierover. De heer STROO vraagt of hij dan toch enige ruimte proeft. Mevrouw HOOGERWERF stelt dat alle ideeën mogelijk zijn en die moeten worden verzameld maar voor volgende week is dit voor de fractie nog geen doordacht besluit.

15

De heer BRINKMAN geeft aan dat wanneer er geld overblijft bij de jaarrekening en dat terugvloeit naar de algemene reserve het goed zou zijn om bij de perspectiefnota en de begroting als fractie weer de punten naar voren te brengen wat je wel of niet terug wilt brengen. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. D.

Beschikbaar stellen middelen t.b.v. sloop Poorthuis en tijdelijke huisvesting Aloysiusschool (1118465)

De heer KORKMAZ stemt in met het voorstel mits de volgende punten worden toegezegd. De tijdelijke lokalen mogen niet geplaatst worden op parkeerplaatsen die door bewoners gepacht worden. De werkzaamheden dienen het liefst tijdens de zomervakantie plaats te vinden zodat er geen overlast is tijdens de lesuren voor de kinderen. Het project kost ongeveer 1 miljoen euro ex btw. Dit bedrag moet gecompenseerd worden door de verkoop van de grond zodat de kosten in balans blijven. Dit gaat immers om een aanzienlijk bedrag aan gemeenschapsgeld. Mevrouw DEURLOO vraagt of er al voor de sloop, sanering en productiekosten van het Poorthuis een bedrijf is geselecteerd of dat offertes worden opgevraagd bij een van de 2 sloopbedrijven in Baarn. Mevrouw SLUIJS zegt dat goede communicatie met omwonenden van groot belang is in dit traject. Mevrouw BRUIJSTENS merkt op dat het hoog tijd is voor de sloophamer want 2 jaar geleden was al in de klaslokalen in het Poorthuis goed te zien dat niet aan de randvoorwaarden werd voldaan. Er is sprake van een duidelijk en doordacht raadsvoorstel waar de fractie mee kan instemmen. De heer VAN WIJK vindt de punten van de VVD zeer waardevol en sluit zich daarbij aan. Het is niet begroot maar het moet. Mevrouw STRUIJK begrijpt de wens van de VVD om kostenefficiënt om te gaan met gemeenschapsgeld maar goed onderwijs vergt een goede locatie en dat kost geld.

Er is door het college enorm gezocht naar de beste manier voor tijdelijke huisvesting van de leerlingen van de KWS maar ook straks voor de Aloysius en wat er daarna komt in de trein. Het mag best wat geld kosten want er is geen simpele oplossing voorhanden. De heer VAN LOON zal ook instemmen met het raadsvoorstel. De heer SCHOUTEN stelt dat de gemeente 1 miljoen kan besparen door een investering te doen in het voorlopige behoud van het Poorthuis. Het is verouderd en er is hoognodig onderhoud gewenst maar een recente investering vlak voor de Kerst in de luchtkwaliteit laat zien dat met beperkte middelen van enkele duizenden euro’s er een groot verschil gemaakt kan worden. Spreker heeft diverse deskundigen geraadpleegd en die kwamen tot dezelfde conclusie, namelijk steek € 200.000 in het Poorthuis en dat kan minimaal 5 jaar mee waarbij het voldoet aan de eisen die gesteld worden aan onderwijshuisvesting. Tel daarbij op dat de termijn voor het realiseren van deze verbouwing en dus het realiseren van 3 lokalen binnen 6 weken aannemelijker is dan de sloop et cetera waarin het voorstel voorziet want uit de beantwoording blijkt ook dat het college daar allerminst zeker van is. Sloop is sowieso onwenselijk voor de verkoop want een ontwikkelaar koopt liever een stuk grond met een gebouw erop dan een lege lap grond wat te maken heeft met btw. Dus de kans dat er meer

16

opbrengst is zonder sloop is aannemelijk waarmee de rekening en het risico bij de ontwikkelaar worden gelegd. De motie in deze die spreker vorige maand heeft ingediend is met de beantwoording van de technische vragen nog beter onderbouwd. Daarom zal volgende week met een motie worden gekomen die hieraan raakt. Hoe staat de raad tegenover de motie die oproept tot verbouwing van het Poorthuis voor een bedrag van ongeveer € 200.000 waarmee het de komende 5 jaar vooruit kan of toch liever 1,3 miljoen met daarbij naar alle waarschijnlijkheid ook nog een lagere opbrengst van de grond met opstallen? Wethouder PRAKKE meldt dat geen gebruik zal worden gemaakt van de parkeerplaatsen. Daarover is met de omwonenden gesproken, dus zowel de toegangsweg als de parkeerplaatsen worden vrijgehouden in de periode van de tijdelijke huisvesting maar als er definitieve woningbouw inclusief de 3 lokalen komt gaan die parkeerplaatsen weg. De veiligheid van de kinderen staat voorop en daarom is de zomervakantie de meest geschikte periode maar het is op dit moment moeilijk in te schatten hoelang het duurt om het te slopen. Bij de uitvraag voor de aanbesteding van de sloop wordt ervan uitgegaan dat het op een zo’n veilig mogelijke manier gaat gebeuren maar er kan niet hard worden toegezegd dat het alleen maar in de zomervakantie plaatsvindt als een andere oplossing door de sloper wordt ingediend.

De opbrengst zal moeten worden terugverdiend bij de verkoop. Daar kan geen keiharde garantie voor worden gegeven maar de raad wordt te zijner tijd geïnformeerd wanneer de grond in de verkoop wordt gezet en de insteek is dat wat de gemeente erin stopt op die manier wordt terugverdiend. De volgorde is eerst KWS, Aloysius, dan Guido de Brès en vervolgens Amalia Astro. Dat is de ambitie tot 2033 en binnenkort komt nog de uitbreiding van het Baarnsch Lyceum naar de raad toe. Er is nog geen bedrijf geselecteerd. Als de grens wordt overgegaan van Europese aanbesteding worden lokale partijen erop geattendeerd dat ze daaraan mee kunnen doen. Wanneer onder die grens wordt gebleven en het onderhands kan worden aanbesteed is het beleid altijd dat daarvoor 1 of 2 partijen uit de regio worden benaderd. De heer KORKMAZ bedoelde bij financiële garantie de waarde plus. Dus niet dat wordt afgetrokken vanuit de verkoop. Wethouder PRAKKE zegt dat dat inderdaad de intentie van het college is, namelijk de waarde plus deze kosten. Mevrouw DEURLOO gaat ervan uit dat wanneer de aanbesteding van sanering, sloop en projectleiding wordt geknipt zeker onder het bedrag van bijna 5 ton wordt gebleven en dan kan de gemeente bepalen dat het lokaal wordt aanbesteed. Wethouder PRAKKE gaat ervan uit dat zaken die bij elkaar horen niet aanbestedingstechnisch mogen worden gesplitst.

De regels worden netjes gevolgd maar ook als het Europees moet worden aanbesteed zullen lokale partijen erop worden geattendeerd dat ze kunnen inschrijven op die aanbesteding. De heer SCHOUTEN memoreert te hebben gepleit voor het aanpassen van het huidige Poorthuis voor 2 ton waardoor de gemeente een significant bedrag kan uitsparen naar de mening van professionals die daar echt verstand van hebben.

17

Mevrouw STRUIJK gaat ervan uit dat het college deze optie ook wel eens heeft onderzocht en is benieuwd naar het antwoord van de wethouder op dit voorstel. Wethouder PRAKKE heeft in de bespreking over de KWS al aangegeven dat alleen voor de 3 lokalen van de KWS de inschatting is dat dit al tussen de 3 en 4 ton zou kosten om die lokalen te realiseren. De heer VAN WIJK vraagt of de wethouder genegen is om het voorstel van Lijst Schouten nader te onderzoeken zonder dat dit vertraging oplevert in het bestaande traject. Mevrouw SLUIJS memoreert dat over dit onderwerp al in november is gesproken en dat toen deze weg is ingeslagen. Er kan niet een krediet beschikbaar worden gesteld voor dit ene plan en niet de rest van het plan uitvoeren. In november heeft de raad besloten dat het plan wat voorlag beter was dan die optie. Hoe weegt de heer Schouten de reactie van de directie van de Aloysius mee in zijn oordeel? Wethouder PRAKKE is er niet enthousiast over om dit weer te gaan onderzoeken. Bij de KWS loopt al het hele traject. Er zou dan moet worden onderzocht hoeveel het kost om het Poorthuis voor 5 jaar op te knappen want daarna moet het gebouw toch worden gesloopt. Woningbouw daar kan niet binnen de bestaande locatie, nog los van het asbest dat in het pand zit.

Het is dus niet zo’n goed idee om dat weer te gaan onderzoeken maar er kan niet zomaar ja of nee worden gezegd op de vraag of dit vertraging gaat opleveren. De heer SCHOUTEN memoreert dat bij het gasstation werd geopteerd om te stoppen met de bouw. De stenen lagen er al en dat werd toen niet gehonoreerd. Uiteindelijk heeft het de gemeente heel veel geld gekost om niet eventjes een pas op de plaats maken. De inspraak van de directeur van de Aloysius neemt hij zeker serieus maar dat wil niet zeggen dat er maar één oplossing is, namelijk het plaatsen van portocabins. Het plaatsen van luchtverversinginstallaties voor een paar duizend euro heeft al een significant verschil gebracht en ook dat kwam vanuit de Aloysius. Mevrouw STRUIJK staat niet positief tegenover het voorstel van de heer Schouten want het wordt wat te versimpeld weergegeven wat nu de situatie van het Poorthuis is. De ramen zijn zo lek als een mandje en het is niet meer veilig op dit moment. Dat is niet op te lossen met 2 ton. De heer SCHOUTEN vraagt of de Aloysiusschool ook wordt gesloten want daar tocht het ook en valt het glas letterlijk uit de kozijnen. Mevrouw STRUIJK vindt het geen goed idee om dat gebouw te slopen want het is een monument en in het integraal herhuisvestingsplan staat het op de agenda. Dus dat gaat zeker gebeuren.

De heer KORKMAZ zegt dat besparen heel goed klinkt maar het mag niet ten koste gaan van de leerlingen en het mag geen vertraging opleveren. De onderbouwing van het voorstel van de heer Schouten wordt graag tegemoet gezien maar gehoord de beantwoording door de wethouder is het twijfelachtig of de VVD hierin mee kan gaan. De heer VAN WIJK merkt op dat er dan in ieder geval een besparing is van 6 ton en het CDA voelt er wel voor maar luistert ook goed naar de reactie van de wethouder. Mevrouw DEURLOO memoreert dat zij het in november geheel met de heer Schouten eens was maar de meerderheid van de raad heeft er toen tegengestemd. Om het voorstel nu opnieuw te doen, dan komt er nooit iets van de grond. 18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15152113/1