CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

240228 Afvalbeleid Baarn Kansen voor efficiëntie en kostenbesparing (888597)

Besluit in de Raad 31 mei 2023, gemeente BaarnBij agendapunt: Ontwerpbegroting 2024 RMN22.821 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Leeswijzer Deze rapportage is een samenvatting van de benchmark. Aan ieder prestatiegebied is een aparte paragraaf gewijd waarin de belangrijkste prestatie-indicatoren zijn weergegeven. Voor een uitgebreide vergelijking wordt verwezen naar het hoofdrapport.

Pagina 3 van 13

2. Kernprestaties Hoe presteert RMN-Baarn tov de benchmark? Op de vier prestatiegebieden van de benchmark is weergegeven hoe RMN-Baarn presteert ten opzichte van de benchmark klasse B.

Milieu RMN-Baarn

KLASSE B

152

169

Fijn restafval (€/aansl)

25

33

Groente-, fruit- en tuinafval (€/aansl)

18

20

291

298

Arbeidsproductiviteit fijn restafval (mensuur/ aansl)

0.3

0.3

Arbeidsproductiviteit gft (mensuur/ aansl)

0.2

0.3

Restafval (kg/inw)

.

Kosten inzameling

Dienstverlening Score dienstverlening grondstoffen

Bedrijfsvaardigheden

Legenda

Toelichting Restafval = de hoeveelheid afval die resteert na (na)scheiding en wordt afgevoerd naar de afvalverbranding (inclusief grof restafval en verbouwingsrestafval). Kosten inzameling = de kosten die gemoeid zijn met de inzameling van fijn restafval en gft (waaronder personele kosten, voertuigkosten, inzamelmiddelen). Dienstverleningsniveau = het gemak waarmee grondstoffen gescheiden kunnen worden aangeboden. In de benchmark wordt op basis van de intensiteit van de dienstverlening (inzamelfrequentie, voorzieningsdichtheid) een totaal score berekend. Arbeidsproductiviteit = het aantal mensuur dat totaal wordt besteed aan de inzameling, overslag en transport van fijn restafval en gft per huisaansluiting.

Pagina 4 van 13

3. Milieu Hoe presteert RMN-Baarn op de milieu-indicatoren huishoudelijk afval, afvalscheiding en restafval ten opzichte van de benchmark? RMN-Baarn

KLASSE B

Huishoudelijk afval (kg/inw)

481

448

Afvalscheiding (%)

68%

62%

Restafval (kg/inw)

152

169

.

Huishoudelijk afval

Afvalscheiding

Restafval

kg per inwoner

%

kg per inwoner

600

80

500

250 200

60

400

150

300

40 100

200 20

116

169

186 117

300 275 250 225 200 175 150 125 100 75 50 25 0

KLASSE B

225

A59

253

223

D34

221

A30

Z21

206

D30

A42

205

211

203

D89

Servicedifferentiatie

D79

195

D57

181

A94

185

178

182

174

A60

D28

D39

163

B56

Gemiddelde Basis-systeem Tarief- en servicedifferentiatie

D58

156

A51

132

D81

152

122

A33

A86

114

B38

300 275 250 225 200 175 150 125 100 75 50 25 0

B42

.

105

kg per inwoner

A23

.

88

Restafval

199

RMN-Baarn KLASSE B

Tariefdifferentiatie

Toelichting Huishoudelijk afval = de totale hoeveelheid aan afval en grondstoffen die bij huishoudens vrijkomt (inclusief grof afval). Afvalscheiding % = het aandeel van het van het huishoudelijk afval dat (na)gescheiden wordt ten behoeve van hergebruik en nuttige toepassing. Restafval = de hoeveelheid afval die resteert na (na)scheiding en wordt afgevoerd naar de afvalverbranding (inclusief grof restafval en verbouwingsrestafval). Deze milieu-indicator kan worden vergeleken met de landelijke VANG-doelstelling.

Pagina 5 van 13

2022

2021

2020

2019

2017

2022

2021

2020

2019

2018

0 2017

2022

2021

2020

2019

2018

0 2017

0

50

2018

100

Fijn huishoudelijk kg per inwoner RMN-Baarn

KLASSE B

Fijn restafval

118

148

Groente-, fruit- en tuinafval

82

80

Oud papier en karton

44

43

Plastic, metalen en drankenkartons

34

27

Glas verpakkingen

23

22

Textiel

3

4

Klein chemisch afval

2

1

Luiers

2

0

Frituurvet

0

0

Minerale stoffen

0

0

Metalen uit bodemas

0

1

Biogranulaat (onf)

0

2

Fijn huishoudelijk totaal

309

327

Scheidings% fijn huishoudelijk afval

62%

55%

Grof (verbouwings-)restafval

34

22

Grof tuinafval

50

14

Kringloopgoederen

0

2

Oud IJzer

4

5

Elektr(on)ische apparatuur

6

5

Hout A en B

29

27

.

Grof huishoudelijk kg per inwoner

Hout C

6

3

Puin

27

24

Overig brongescheiden

15

14

Nagescheiden

2

6

Grof huishoudelijk totaal

172

121

Scheidings% grof huishoudelijk afval

80%

81%

481

448

Totaal kg per inwoner Huishoudelijk afval totaal

Toelichting Per materiaalstroom is weergegeven hoe RMN-Baarn presteert ten opzichte van de benchmark. De hoeveelheid restafval (fijn en grof) is gecorrigeerd voor nascheiding. Minerale stoffen, metalen uit bodemas en biogranulaat zijn uit nascheiding verkregen stoffen.

Pagina 6 van 13

Trend

0

0

RMN-Baarn KLASSE B

2022

10

2022

20

2021

20

2020

40

2017

30

2022

60

2021

40

2020

80

2019

50

2018

100

2017

60

2020

kg per inwoner

120

2019

kg per inwoner

2019

Oud papier en karton

2018

Groente-, fruit- en tuinafval

2021

In de onderstaande figuren is weergegeven hoe de afvalscheidingsresultaten van RMN-Baarn zich in de afgelopen 7 jaar hebben ontwikkeld ten opzichte van de benchmark.

RMN-Baarn KLASSE B

Plastic, metalen en drankenkartons

Glas

kg per inwoner

kg per inwoner

35

30

30

25

25

20

20 15 15

RMN-Baarn KLASSE B

2017

2022

2021

2020

0 2019

0 2018

5

2017

5

2018

10

10

RMN-Baarn KLASSE B

Pagina 7 van 13

Grondstoffen in het restafval kg per inwoner RMN-Baarn

KLASSE B

Groente-, fruit- en tuinafval

46

53

Oud papier en karton

10

13

Plastic, metalen en drankenkartons

2

13

Glas verpakkingen

5

5

Textiel

6

6

Totaal

70

90

39% gft

41% overig

2% pmd 5% textiel

4% glas

.

RMN-Baarn heeft 70 kilogram per inwoner aan grondstoffen (gft, pmd, glas, papier en textiel) in het fijn restafval zitten. Dat is 59% van de totale hoeveelheid fijn restafval.

8% opk

Vervuiling in de grondstoffen in gewichts% RMN-Baarn Groente-, fruit- en tuinafval Oud papier en karton Plastic, metalen en drankenkartons

28%

CO2-reductie kg per inwoner CO2-reductie (kg/inw)

RMN-Baarn

KLASSE B

99

97

.

Toelichting Grondstoffen in het restafval = geeft een indicatie van het afvalscheidingspotentieel. Het geeft aan hoeveel kilogram aan gft, oud papier en karton, pmd, glas en textiel nog in het restafval zit. Dit is bepaald op basis van de meest recent gehouden sorteeranalyse van het fijn huishoudelijk restafval. Eventuele nagescheiden grondstoffen zijn hierop in mindering gebracht. Vervuiling in de grondstoffen = geeft een indicatie van de aanwezigheid van vervuiling en stoorstromen in de brongescheiden grondstoffen. Dit is bepaald op basis van de meest recent gehouden sorteeranalyses (in opdracht van gemeente of inzamelbedrijf). CO2-reductie = de gereduceerde hoeveelheid CO2 als gevolg van het recyclen van grondstoffen (gft, pmd, oud papier, glas, textiel, hout, grof tuinafval, frituurvet en luiers). Bij het bepalen van deze indicator is gebruik gemaakt van de geactualiseerde CO2-kentallen van adviesbureau CE-Delft (2021).

Pagina 8 van 13

Grondstofketens in kaart Voor de belangrijkste grondstoffen is de keten in kaart gebracht, gebruikmakend van data die door sorteerders/ verwerkers zijn aangereikt. Meetpunt is de 'post sortering' voor pmd, en post verwerking voor gft, papier en glas. De verwerkingsrendementen zijn door de opbulking van de grondstromen op installatieniveau (en dus niet op gemeenteniveau) bepaald. Indien geen verwerkingsdata van een grondstof is opgevraagd, wordt de grondstofketen ervan niet weergegeven.

Pagina 9 van 13

Inzamelkosten gft

.

€ per aansluiting

.

Tariefdifferentiatie

A33

D81

A23

D58

A51

A30

B56

D34

D79

A94

D39

Servicedifferentiatie

33

42 16

20

14

21

25

18

31

40

31

26

26

25

25

21

20

20

20

19

18

18

19

A42

D57

A60

A59

D30

Gemiddelde Basis-systeem Tarief- en servicedifferentiatie

KLASSE B

50

0 B42

18

17

16

15

15

15

D28

B38

D89

Z21

0

A86

8

25

10

50

38

47

80 60 40 20 0

A30

47

D34

42

42

B56

D81

40

D39

37

38

D79

D58

D89

36

35

A42

35

35

A94

D30

33

A60

33

33

Z21

A59

32

D28

26

A33

25

A51

25

A86

A23

B38

D57

B42

80 60 40 20 0

24

.

24

€ per aansluiting

17

.

15

Inzamelkosten restafval

33

4. Kosten

KLASSE B

Inzamelkosten per materiaalstroom € per aansluiting RMN-Baarn

KLASSE B

Fijn restafval

25

33

Groente-, fruit- en tuinafval

18

20

Oud papier en karton

14

14

Plastic, metalen en drankenkartons

18

16

Glas verpakkingen

3

3

Textiel

0

1

Grof afval halen

5

4

Milieustraat

27

19

Bijplaatsingen

0

4

Fijn restafval

93

94

Groente-, fruit- en tuinafval

103

122

Oud papier en karton

144

154

Plastic, metalen en drankenkartons

254

255

Glas verpakkingen

61

76

Textiel

0

225

Grof afval halen

359

319

Milieustraat

76

69

.

€ per ton

Toelichting Inzamelkosten = de kosten die gemoeid zijn met de inzameling (tot aan overslag), exclusief overhead en winstopslag en BTW. Deze kosten bestaan uit personele kosten, voertuigkosten en kosten van inzamelmiddelen (kapitaallasten, beheer- en onderhoudskosten).

Pagina 10 van 13

5. Dienstverlening Het dienstverleningsniveau wordt in de benchmark gekwantificeerd met behulp van een vragen-score methodiek. Afhankelijk van de intensiteit (inzamelfrequentie, voorzieningsdichtheid) en de omvang (% huishoudens dat gebruik kan maken van de service) worden scores toegerekend. Er worden twee scores berekend: één voor de dienstverlening op grondstoffen (inclusief milieustraat) en één voor de dienstverlening op (grof) restafval. Een lage score voor restafval hoeft niet per definitie slecht te zijn (ivm het stimuleren van afvalscheiding).

Kernprestaties RMN-Baarn

KLASSE B

Dienstverlening grondstoffen (score)

291

298

Dienstverlening restafval (score)

75

62

Groente-, fruit- en tuinafval

26

27

Oud papier en karton

13

14

Plastic, metalen en drankenkartons

26

25

.

Halen aan huis aantal ophaalrondes per jaar

Glas verpakkingen

26

Textiel

4

Fijn restafval

13

20

Brengvoorzieningen aantal huishoudens per voorziening Groente-, fruit- en tuinafval

0

52

Oud papier en karton

174

267

Plastic, metalen en drankenkartons

563

385

Glas verpakkingen

741

534

Textiel

987

2188

Milieustraat

11849

28343

Fijn restafval

33

43

Afvalscheiding gestapelde bouw % gestapelde bouw waar gescheiden bij het perceel wordt ingezameld Groente-, fruit- en etensresten (gfe)

66%

Oud papier en karton

78%

Plastic, metalen en drankenkartons

73%

Milieustraat Aantal afvalstromen milieustraat

24

25

Openingsuren doordeweeks

20

36

Openingsuren zaterdag

7

7

Pagina 11 van 13

6. Bedrijfsvaardigheden Productiviteit afval- en grondstoffenbeheer aantal mensuur per aansluiting RMN-Baarn

KLASSE B

Fijn restafval

0.3

0.3

Groente-, fruit- en tuinafval

0.2

0.3

Oud papier en karton

0.2

0.2

Plastic, metalen en drankenkartons

0.3

0.2

Glas verpakkingen

0

0

Textiel

0

0

Containerbeheer (cms)

0

0

Grof afval halen

0

0.1

Milieustraat

0.5

0.3

Fijn restafval

1.1

1.4

Groente-, fruit- en tuinafval

0.8

0.7

Oud papier en karton

0.6

0.8

Plastic, metalen en drankenkartons

0.2

0.4

Glas verpakkingen

1.8

2.5

Grof afval halen

0.4

0.4

Milieustraat

0.7

1.1

.

Arbeidsproductiviteit inzameling tonnage per mensuur

Voertuigproductiviteit inzameling tonnage per voertuiguur Fijn restafval

1.8

2

Groente-, fruit- en tuinafval

1.2

1.4

Oud papier en karton

1

1.1

Plastic, metalen en drankenkartons

0.4

0.6

Glas verpakkingen

1.8

2.5

Grof afval halen

0.7

0.7

Toelichting De productiviteit van de afvalinzameling wordt in drie indicatoren uitgedrukt: Productiviteit afval- en grondstoffenbeheer = het aantal mensuur dat totaal wordt besteed aan de inzameling, overslag en transport van het huishoudelijk afval per huisaansluiting. Arbeidsproductiviteit inzameling = tonnage dat per mensuur wordt ingezameld. Voertuigproductiviteit inzameling = tonnage dat per tractie-uur wordt ingezameld.

Pagina 12 van 13

7. Basisgegevens Algemeen RMN-Baarn

KLASSE B

Aantal inwoners

25008

79006

Aantal aansluitingen

11849

36778

Aandeel hoogbouw (in %)

34%

37%

Gemeentelijk beleid Doelstelling restafval (grof + fijn) Jaartal restafvaldoelstelling Doelstelling afvalscheiding Jaartal afvalscheidingsdoelstelling Doelstelling huishoudelijk afval Jaartal huishoudelijk afvaldoelstelling Diftar Restafval op afstand Frequentieverlaging restafval Scheidingsmethode PMD laagbouw

Bron- en nascheiding

Scheidingsmethode PMD hoogbouw

Bron- en nascheiding

Nascheiding grof huishoudelijk

Bij gehaald en gebracht grof restafval

Tarieven Tariefsysteem

Huishoudgrootte

Afvalstoffenheffing (gemiddeld vastrecht in €/ aansl)

356

313

Diftar-tarief restafval (in €/ 100 liter)

0

4

Diftar-tarief gft (in €/ 100 liter)

0

1

Verwerkingstarief restafval (€/ton) incl. stortbelasting

135

115

Verwerkingstarief gft (€/ton)

83

64

Verwerkingstarief oud papier en karton (€/ton)

-176

-146

Verwerkingstarief glas (€/ton)

-22

-25

Pagina 13 van 13

Gemeentelijk grondstoffenplan 2015-2025 Van huishoudelijk afval naar grondstof in gemeente Baarn gemeente Baarn afdeling Beleid augustus 2015

Inhoudsopgave 1

Inleiding ...................................................................................................................................................................................... 2 1.1 Regionaal afvalbeleidsplan ........................................................................................................................ 2 1.2 Van afval naar grondstof ........................................................................................................................... 2 1.3 Leeswijzer .................................................................................................................................................... 3

2

Uitgangssituatie gemeente Baarn ......................................................................................................................................... 4 2.1 Huidig inzamelsysteem .............................................................................................................................. 4 2.2 Scheidingsresultaten .................................................................................................................................. 4

3

Landelijke ontwikkelingen ..................................................................................................................................................... 6

4

Doelstellingen en strategie.................................................................................................................................................... 7 4.1 Doelstellingen.............................................................................................................................................. 7 4.2 Strategie ........................................................................................................................................................ 7

5

Aanpak........................................................................................................................................................................................ 8 5.1 Wijze van invoer ‘omgekeerd inzamelen’ ............................................................................................ 8 5.2 Selectiecriteria overige maatregelen ..................................................................................................... 8

1

1 Inleiding Van de totale hoeveelheid huishoudelijk afval die in de gemeente Baarn vrijkomt, belandt ruim 40% in de verbrandingsoven. Hoewel bij de verbranding groene energie wordt teruggewonnen, gaan er veel kostbare en herbruikbare grondstoffen verloren. Bovendien brengt verbranden kosten met zich mee. Uit sorteeranalyses blijkt dat meer dan de helft van het afval dat naar de verbrandingsoven gaat bestaat uit grondstoffen als papier en groenten- fruit- en tuinafval. Door deze vaak waardevolle grondstoffen zoveel mogelijk gescheiden in te zamelen voor hergebruik, wordt een bijdrage geleverd aan de gemeentelijke doelstelling om in 2030 een duurzaam opererende gemeente te zijn.

1.1

Regionaal afvalbeleidsplan

Dit gemeentelijk grondstoffenplan is gebaseerd op het Regionaal Afvalbeleidsplan 2014 – 2018 (RABP) van de gemeenten Baarn, Bunschoten, Nieuwegein, Soest, IJsselstein en Zeist. Deze gemeenten zijn, op Bunschoten na, verenigd in de Gemeenschappelijke Regeling RMN. In het RABP wordt een gezamenlijke visie en strategie geformuleerd, uitgewerkt naar een concreet maatregelenpakket. Omdat de uitgangssituatie en omstandigheden per gemeente verschillend zijn, is in het maatregelenpakket een keuzevrijheid voor de gemeenten ingebouwd. Ofwel, iedere gemeente wordt in staat gesteld om een eigen selectie van maatregelen te maken, die het beste aansluit bij de eigen situatie en waarmee de gezamenlijke ambitie en strategie het beste kan worden waargemaakt. In dit gemeentelijke grondstoffenplan wordt de gemeentelijke ambitie en strategie weergegeven. Bovendien wordt ingegaan op de manier waarop de maatregelen voor gemeente Baarn worden geselecteerd.

1.2

Van afval naar grondstof

In overeenstemming met het landelijk beleid en het RABP zal de gemeente Baarn de komende jaren een forse inspanning plegen om bij te dragen aan de transitie van afval naar grondstof. Door meer huishoudelijke afvalstromen gescheiden in te zamelen en als grondstof te benutten voor nieuwe producten, blijft er minder restafval over en kan een substantiële bijdrage worden geleverd aan de verduurzaming van het afvalbeheer. In dit beleidsplan zal dan ook in plaats van de traditionele term afval, vooral de term grondstof worden gebruikt. Voorlopig zal echter ook nog sprake zijn van restafval. Primaire materialen

Productie grondstoffen

Opwerking

.

materialen

Sorteren /

Productie goederen

.

Duurzaam afvalbeheer

.

nascheiden

. .

Consumptie

Afval -

inzameling Energie terugwinning

uit afval Storten

2

Om een trendbreuk te bereiken in de hoeveelheid restafval zal het inzamelsysteem binnen de gemeente worden gewijzigd. De aanpassingen zullen gefaseerd worden ingevoerd, waarbij rekening wordt gehouden met de lokale omstandigheden.

1.3

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt de huidige situatie met betrekking tot de inzameling van huishoudelijke grondstoffen en restafval besproken, waarbij wordt ingegaan op het inzamelsysteem en de scheidingsresultaten. Vervolgens worden in hoofdstuk 3 enkele relevante landelijke ontwikkelingen besproken. De doelstellingen en strategie komen aan bod in hoofdstuk 4, waarna in hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de aanpak om tot een nieuw inzamelsysteem te komen en de wijze waarop de overige maatregelen worden geselecteerd.

3

2 Uitgangssituatie gemeente Baarn Hieronder wordt kort ingegaan op het huidige inzamelsysteem voor huishoudelijke grondstoffen en restafval in gemeente Baarn (paragraaf 2.1). Bovendien worden de scheidingsresultaten weergegeven in paragraaf 2.2, waarbij de resultaten van gemeente Baarn worden vergeleken met de overige opdrachtgevende gemeenten van het RABP.

2.1

Huidig inzamelsysteem

Het is gebruikelijk dat de manier waarop huishoudelijke grondstoffen en restafval wordt ingezameld, wordt getoetst aan een toetsingskader dat de afvaldriehoek wordt genoemd. Hierbij staat een goede balans tussen milieu, service en kosten centraal. Op dit moment is bij de inzameling in Baarn vooral veel nadruk op het aspect service. De kosten voor de inzameling zijn hoog en het milieurendement (het percentage gescheiden ingezamelde grondstoffen) voldoet niet aan de landelijke en regionale doelstellingen.

Het hoge serviceniveau komt onder meer tot uitdrukking in de tweewekelijkse inzameling aan huis van plastic verpakkingen (in zakken) en de zelfs wekelijkse huis-aan-huis inzameling van papier (in papierkratjes of blauwe minicontainers). Bovendien wordt huisraad, maar ook grof restafval, oud ijzer en huishoudelijke apparatuur, op afroep zonder extra kosten aan huis opgehaald door Kringloopcentrum Baarn. Het grofvuil kan ook worden gebracht naar het afvalbrengstation. Ook hiervoor worden geen extra kosten in rekening gebracht. Zoals in veel gemeenten gebruikelijk is, wordt restafval en gft tweewekelijks aan huis ingezameld. Voor beide stromen geldt dat moet worden betaald voor grotere of extra minicontainers (financiële prikkel op basis van volumesysteem).

2.2

Scheidingsresultaten

Op dit moment is het scheidingspercentage in de gemeente Baarn ongeveer 63%. In de onderstaande figuur wordt voor de 6 gemeenten die gezamenlijke het RABP hebben laten opstellen de hoeveelheid fijn restafval weergegeven die aan huis wordt ingezameld. In de linkerfiguur is op basis van sorteeranalyses de samenstelling van het restafval weergegeven voor het peiljaar 2012. Rechts is de ontwikkeling van de hoeveelheid restafval van 2008 tot 2012 te zien.

4

Figuur 1: Hoeveelheid en samenstelling van het fijn restafval

In de figuren is het grof restafval buiten beschouwing gelaten. Duidelijk is dat de geformuleerde stip aan de horizon voor 2025 (<100 kg restafval per jaar per inwoner, fijn en grof, zie paragraaf 4.1) met de huidige inzamelmethodiek niet haalbaar is. Een trendbreuk is noodzakelijk om deze doelstelling te benaderen.

5

3 Landelijke ontwikkelingen Er zijn een aantal landelijke ontwikkelingen waarmee rekening moet worden gehouden bij de keuze van maatregelen die gemeente Baarn maakt met betrekking tot de inzameling van huishoudelijke grondstoffen en restafval: -

Vanaf 2013 werkt het rijk samen met andere maatschappelijke partijen aan het programma Van Afval Naar Grondstof. Hoofddoel van het programma is om de transitie naar een circulaire economie te bevorderen. Daartoe zijn 8 operationele doelstellingen geformuleerd en uitgewerkt, waaronder het circulair ontwerpen van producten, het verduurzamen van consumptiepatronen en het verbeteren van de afvalscheiding. Naast de korte termijn doelstelling van 65% afvalscheiding is door staatssecretaris Mansveld een lange termijndoelstelling geopperd van 75% voor 2020.

-

Verpakkingsafval maakt een groot deel uit van het afval dat in huishoudens vrij komt. Op Europees niveau is afgesproken dat de producenten van verpakkingsmaterialen de verantwoordelijkheid hebben voor de inzameling en recycling van verpakkingsafval. Deze producentenverantwoordelijkheid houdt in dat producenten zowel financieel als organisatorisch zorg moeten dragen voor het behalen van een vastgesteld (jaarlijks oplopend) percentage recycling per verpakkingssoort. Gemeenten krijgen daarom vergoedingen vanuit het verpakkende bedrijfsleven voor de gescheiden inzameling van bijvoorbeeld kunststof verpakkingen en drankenkartons. Hoewel de vergoedingen voor de laatstgenoemde grondstoffen nog niet kostendekkend zijn, dient gemeente voorbereid te zijn op een toekomstige verplichte gescheiden inzameling van drankenkartons en mogelijk ook blik.

-

Vanaf 2015 zijn gemeenten niet alleen verantwoordelijk voor de gescheiden inzameling van verpakkingen, maar ook voor het mechanisch (na)sorteren van verpakkingen. Via AVU heeft daarom in 2014 een gezamenlijke aanbesteding plaatsgevonden voor het sorteren en vermarkten van verpakkingsstromen vanaf januari 2015. Hierin zijn naast plastic verpakkingen ook de verpakkingsstromen metaal (bijvoorbeeld blik) en drankenkartons (zoals melkpakken en pakken voor vruchtensap) meegenomen. De bij AVU aangesloten gemeenten kunnen nu besluiten de verpakkingsstromen kunststof, metaal en drankenkartons (PMD) gezamenlijk in te zamelen en ter verwerking aan te bieden.

6

4 Doelstellingen en strategie Voor huishoudelijke grondstoffen en restafval heeft gemeente Baarn een doelstelling van 75% gescheiden inzameling in 2020. Voor 2025 wordt gestreefd naar een hoeveelheid restafval per inwoner per jaar van minder dan 100 kg. Dit komt ongeveer overeen met een scheidingspercentage van 83%. Als strategie om deze doelstelling te bereiken wordt de zogenoemde serviceprikkel ingezet, in combinatie met de communicatieve en handhavende prikkel. Mogelijk wordt de huidige financiële prikkel op basis van het zogenaamde volumesysteem (betalen voor extra minicontainer) voor restafval gehandhaafd. Hieronder worden de gemeentelijke doelstellingen en strategiekeuze nader onderbouwd

4.1

Doelstellingen

Uit het RABP is af te leiden dat de landelijke en regionale doelstelling voor 2020 (75% gescheiden inzameling van huishoudelijk afval) voor onze gemeente financieel haalbaar is. De doelstelling voor 2015 (65% gescheiden inzameling) is op deze termijn niet meer te realiseren, omdat niet alle benodigde maatregelen in één jaar kunnen worden uitgevoerd. Wel moet het mogelijk zijn om de achterstand in 2020 te hebben ingehaald en aan de landelijke doelstelling voor dat jaar te voldoen. De landelijke doelstellingen zijn gebaseerd op een gemiddelde van alle gemeenten, waarbij het in gemeenten met veel hoogbouw veel moeilijker is om de genoemde percentages te behalen. Gemeenten met veel laagbouw, zoals Baarn, zouden daarom een hoger percentage hergebruik moeten bereiken om de landelijke ambitie te realiseren. In dit licht is de ambitie voor 2025 (<100 kg restafval per huishouden), zoals in het RABP is geformuleerd, voor onze gemeente realistisch. Door maatregelen uit te voeren waarmee naar deze doelstellingen wordt toegewerkt, wordt voor een belangrijk deel invulling gegeven aan de ambitie om in 2030 een duurzame gemeente te zijn.

4.2

Strategie

De mate waarin afval wordt gescheiden, kan worden beïnvloed door een gedragsprikkel en/of een financiële prikkel. Een derde prikkel, communicatie en handhaving, kan worden gezien als flankerend beleid. Bij het opstellen van het RABP heeft bespreking van de 3 strategieën met vakwethouders en raadscommissies van de opdrachtgevende gemeenten in de meeste gemeenten een voorkeur opgeleverd voor de service prikkel, ondersteund met goede communicatie en handhaving. Deze strategie is dan ook in het RABP uitgewerkt in de vorm van ‘omgekeerd inzamelen’, waarbij het serviceniveau voor de inzameling van grondstoffen wordt verhoogd en voor restafval wordt verlaagd. Maatregelen die financiële prikkels veroorzaken, kunnen na de evaluatie van het RABP in 2018 worden overwogen.

7

5 Aanpak Zoals in paragraaf 2.2 is aangegeven, is een trendbreuk noodzakelijk om aan te sluiten bij de landelijke en regionale doelstellingen. Gemeente Baarn zal om dit te bereiken een vorm van omgekeerd inzamelen invoeren. In paragraaf 5.1 is aangegeven op welke manier dit wordt aangepakt. Om de doelstellingen te kunnen bereiken, zullen ook aanvullende maatregelen uit het RABP nodig zijn. De manier waarop deze worden geselecteerd is aangegeven in paragraaf 5.2. Uitgangspunt bij de selectie van maatregelen is dat deze niet leiden tot een verhoging van de afvalstoffenheffing. Bovendien dient er een goede balans te ontstaan tussen milieu, serviceniveau en kosten.

5.1

Wijze van invoer ‘omgekeerd inzamelen’

De regionaal gekozen strategie op basis van de service prikkel, ondersteund met goede communicatie en handhaving, is in het RABP uitgewerkt in de vorm van twee varianten van ‘omgekeerd inzamelen’. In beide gevallen wordt een zogenoemde grondstoffenbak ingevoerd, waarin naast plastic verpakkingen op termijn mogelijk drankenkartons en blik kan worden aangeboden. Hiermee wordt het serviceniveau voor het aanbieden van deze grondstoffen verhoogd. Het serviceniveau voor restafval wordt verlaagd door ofwel minder vaak restafval in te zamelen ofwel een brengvoorziening voor restafval in de wijk te realiseren. Welke variant in gemeente Baarn wordt ingevoerd, wordt bepaald aan de hand van scheidingsresultaten en bewoners-feedback bij proefprojecten (proefwijken in RMN-gemeenten). Er kan ook gekozen worden voor een combinatie van beide varianten. Aan de hand van de resultaten van de proefprojecten wordt tevens bepaald of aanvullende maatregelen nodig zijn.

5.2

Selectiecriteria overige maatregelen

Uitgangspunt van de selectie van maatregelen is een goede balans tussen de aspecten milieu, service en kosten, de zogenoemde afvaldriehoek. Uit het RABP blijkt dat met het maatregelenpakket de doelstelling van 75% afvalscheiding kan worden bereikt zonder de afvalstoffenheffing te verhogen. Het gaat hierbij om een gefundeerde inschatting. Maatregelen kunnen echter ook duurder of goedkoper uitpakken door bijvoorbeeld fluctuatie in de opbrengsten van grondstoffen als papier en plastic verpakkingen. Ook kan het scheidingsgedrag in de praktijk anders zijn dan is ingeschat. Bovendien kan het nodig zijn extra maatregelen te nemen om eventuele nadelen van het nieuwe inzamelsysteem te ondervangen. Om de milieudoelstellingen te bereiken zonder de afvalstoffenheffing te verhogen, worden in eerste instantie maatregelen uitgevoerd die kostenbesparend zijn en een positief milieueffect hebben. Deze maatregelen hebben meestal wel een negatief effect op het huidige, relatief hoge, serviceniveau. Met de besparingen kunnen echter maatregelen die een positief effect hebben op zowel het milieu als het serviceniveau worden uitgevoerd. Erg dure maatregelen die weinig bijdragen aan milieu en service worden later of helemaal niet uitgevoerd. Bovengenoemde criteria worden, indien hier in praktisch opzicht aanleiding toe is, flexibel gehanteerd.

Het kan bijvoorbeeld gunstig zijn eerst een maatregel die geld kost eerder uit te voeren dan één die geld oplevert, omdat gelijktijdige invoer in meerdere gemeenten in RMN-verband kosten bespaart. Uitgangspunt is wel dat het totale maatregelenpakket geen verhogend effect heeft op de afvalstoffenheffing.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14034661/1