24 Reactie Natuur en Milieu federatie Utrecht GA
Tekst van het document
Utrecht, 20 december 2021 Betreft: Advies NMU over Uitnodigingskader zonne- en windenergie in Baarn
Geachte raadsleden van de gemeente Baarn,
Arthur van Schendelstraat 600 3511 MJ Utrecht 030 2567 350 Info@nmu.nl www.nmu.nl
Op woensdag 22 december aanstaande besluit u over het nieuwe Uitnodigingskader zonne- en windenergie. Daarin geeft de gemeente aan waar in Baarn ruimte is voor zonneweides en windmolens, en onder welke voorwaarden. Als maatschappelijke organisatie maakt de Natuur en Milieufederatie Utrecht (NMU) zich hard voor versnelling van de energietransitie, met oog voor natuur en landschap en met nauwe betrokkenheid van de lokale gemeenschap. Vanuit dit perspectief hebben we in september al schriftelijk feedback geleverd op de conceptkaart voor zonnevelden, en ambtelijk inbreng geleverd. De komst van het Uitnodigingskader is een belangrijk stap die we van harte toejuichen: de energietransitie vraagt om een duidelijk speelveld en om regie van gemeenten. Er resteert echter één belangrijk knelpunt in de huidige conceptversie. In deze brief lichten we dit graag aan u toe, en doen we een voorstel voor de aanscherping van het kader. Windturbines en zonnevelden zijn noodzakelijk in de energietransitie Voor ons is het duidelijk: de klimaatcrisis is urgent en vraagt om een voortvarende aanpak op alle fronten en in alle gebieden. Energiebesparing en ‘no regret’ maatregelen (maatregelen waar je geen spijt van krijgt, zoals zonnepanelen op daken) moeten daarbij de hoogste prioriteit krijgen. Maar die maatregelen zijn niet genoeg om onze klimaatimpact op tijd terug te dringen.
We ontkomen er niet aan: ook windturbines en zonnevelden zijn een onmisbaar onderdeel in de mix van realistische klimaatmaatregelen. Het is erg belangrijk dat ook de Utrechtse gemeenten verantwoordelijkheid nemen en een serieuze bijdrage leveren aan de landelijke klimaatdoelen. Daarom roepen we iedereen op om de juiste discussies te voeren: niet ‘of’ er in de regio windturbines en/of zonneparken ingepast kunnen worden, maar ‘waar’, ‘hoe’ en ‘met wie’. De energietransitie gaat onvermijdelijk onze leefomgeving beïnvloeden. Zorgvuldigheid is dus het devies; maar het is óók tijd om moeilijke keuzes te maken. Het gaat slecht met de natuur in Nederland We hebben te maken met een wereldwijde biodiversiteitscrisis. De belangrijkste natuurgebieden in Nederland – verzameld in het NNN en Natura 2000 – hebben het momenteel zwaar. Zij hebben te lijden onder o.a. verdroging, vermesting, verzuring, bestrijdingsmiddelengebruik en de opgetelde druk van ruimtelijke ontwikkelingen. Deze gebieden zijn kwetsbaar, niet robuust en zouden juist een grote positieve impuls moeten krijgen om het NNN af te maken. (Dit geldt ook voor weidevogelgebieden, die bijzonder gevoelig zijn voor verstoringen. Het gaat erg slecht met de weidevogels.) In de regel vormen energieprojecten juist een extra drukfactor in natuurgebieden: door versnippering en verstoring van habitats, en aantasting van kwetsbare soorten.
Daarom vinden wij de NNN en de weidevogelgebieden geen geschikte zoeklocaties voor zonneweides en windmolens.1 Oproep aan raad: bied ruimte voor zonnevelden, maar niet in NNN en weidevogelkerngebieden! Met het voorliggende Uitnodigingskader zet de gemeente Baarn stevig in op zonnevelden, en die ambitie steunen we.2 In de ‘groene gebieden’ van de zonnekaart liggen veel kansen voor zorgvuldig ingepaste, natuurinclusieve projecten. Echter, in het kader worden ook ‘oranje gebieden’ benoemd 1
Op andere locaties zien we overigens veel kansen voor natuurinclusieve energieprojecten, waarmee juist natuur- en landschapswaarde kan worden toegevoegd. Inspiratie hiervoor bieden we op deze webpage. 2 In algemene zin zijn wij ook voorstander van meer ‘wind op land’, maar we begrijpen de keuze van de gemeente Baarn om daar op dit moment van af te zien. Buiten de kwetsbare natuurgebieden lijken de technische mogelijkheden voor windturbines namelijk zeer beperkt.
als terugvaloptie als blijkt dat de ambitie niet gerealiseerd kan worden in de groene zones. De omvangrijke oranje gebieden bestaan geheel uit NNN en weidevogelgebieden. Het (later) openstellen van deze gebieden voor zonnevelden is voor ons onacceptabel. Daarom roepen we de gemeenteraad op om het Uitnodigingskader als volgt aan te scherpen: 1. Zet éxtra stevig in op de realisatie van de 77ha aan zonnepanelen in de groene gebieden. Dat vraagt om een actieve rol van de gemeente als aanjager en regisseur. Bijvoorbeeld door de organisatie van gebiedsprocessen, een beoordelingssystematiek en/of een regiekamer voor nieuwe initiatieven. Goede voorbeelden hiervan zijn te vinden in onze Toolbox Natuurinclusieve Energietransitie. 2. Schrap de oranje gebieden uit het Uitnodigingskader. NNN en weidevogelkerngebieden zijn niet geschikt voor zonnevelden. Daarmee doen de oranje gebieden geen recht aan de motie d.d. 23 september 2020 “Geen windmolens en/of zonneparken in kwetsbare natuurgebieden en landschappen”. De suggestie in het Uitnodigingskader dat zonnevelden van max. 10 ha niet grootschalig zouden zijn – en daarmee wel acceptabel in de genoemde gebieden – herkennen wij niet. In de vakliteratuur wordt een dergelijk onderscheid niet gemaakt, want ook een zonneveld van 10 ha maakt een substantiële impact op de daar aanwezige of beoogde natuurwaarde.
Ook de Gedragscode Zon op Land stelt dat deze natuurgebieden in principe niet in aanmerking komen. Mocht de gemeente op een specifieke locatie in aangewezen NNN- of weidevogelgebieden toch een kans zien voor een zonneveld, dan vraagt dat ook om een specifieke verantwoording en onderbouwing. 3. Scherp de randvoorwaarden aan voor de omgang met natuurwaarden. De huidige formulering kan nog steeds leiden tot verwarring. Ieder initiatief voor een zonnepark zou vooraf moeten aantonen dat er geen negatieve impact is op: de ecologische functies en kwetsbare soorten aanwezig (of beoogd) op het perceel én in het omliggende gebied. Nog sterker zou het zijn om langs dezelfde lijn standaard een ecologische meerwaarde te vereisen. 4. Voer over vier jaar een tussenevaluatie uit. Na een aantal jaar van actief wervings- en selectiebeleid kan de balans opgemaakt worden. Bespreek daarbij in elk geval: wat is de voortgang qua realisatie, welke barrières treden eventueel op in de groene zones, en hoe kan de inzet hier geïntensiveerd worden? 5. Zet steviger in op zon op dak. In het Uitnodigingskader wordt nog onvoldoende duidelijk hoe groot dit potentieel precies is. Gemeentelijke inzet op zonnevelden moet altijd proportioneel zijn – een voorwaarde daarvoor is dat laaghangend fruit (zoals zon op dak) optimaal wordt benut. De NMU kan gemeente en energie-initiatieven ondersteunen: o.a.
bij het activeren van dakeigenaren, door uitvoering van quickscans en begeleiding richting realisatie. Wij verzoeken u om onze aanbevelingen mee te wegen in uw besluitvorming. Voor een nadere toelichting kunt u contact opnemen met Met vriendelijke groet,
Josja Veraart, directeur Natuur en Milieufederatie Utrecht