CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

237696 Principeverzoek Plataanlaan 57-69 bijlage 3 quickscan Wnb

Besluit in de Raad 21 april 2021, gemeente BaarnBij agendapunt: Principeverzoek Plataanlaan 57-694.032 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

4-2-2021

QuickScan flora en fauna Plataanlaan 57-69, Baarn

R.J.L. Bijvelds (Rik) ECOLOOG BNL ADVIES Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Verkennend onderzoek naar de aanwezigheid van vaste rust- en verblijfplaatsen van beschermde flora en fauna, in en rondom het wooncomplex op de locatie: Plataanlaan 57-69, Baarn

BNL advies Telefoonstraat 2 5428 GJ Venhorst T: 06 18 90 46 06 E: info@bnladvies.nl W: www.bnladvies.nl

Opdrachtgever:

Salix Projectpartners Dhr. W. Hertogs Postbus 128 5750 AC Deurne

Status: Versie: Datum: Auteur:

definitief 21017.QFF01 4-2-2021 Ing. R.J.L. Bijvelds (Rik)

© copyright BNL advies 2021 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende. BNL advies kan door opdrachtgever niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit gebruik van data of gegevens of door toepassing van aanbevelingen en conclusies, die zijn opgenomen in deze rapportage. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Opgesteld door:

1

Colofon:

Inhoud Colofon: ...................................................................................................1 1.

Inleiding .............................................................................................4

2.

Toelichting onderzoekskader .....................................................................5 2.1 Wet natuurbescherming .........................................................................5 2.1.1 Bescherming van gebieden .................................................................5 2.1.2 Bescherming van soorten ...................................................................5 2.1.3 Bescherming van houtopstanden ..........................................................5 2.2 Verordening ruimte ..............................................................................5 Omschrijving plangebied ..........................................................................7 3.1

Algemeen.......................................................................................7

3.2

Voorgenomen ontwikkeling ..................................................................7

3.2.1

Bestaand wooncomplex .................................................................8

3.2.2

Directe omgeving en beplantingen ....................................................9

3.3

Onderzoeksresultaten beschermde soorten .................................................. 11 4.1

Algemeen..................................................................................... 11

4.2

Soorten vogelrichtlijn ...................................................................... 11

4.2.1

Vogels met jaarrond beschermde nesten .......................................... 11

4.2.2

Vogels met niet-jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) .................... 12

4.2.3

Algemene broedvogels ................................................................ 12

4.2.4

Werken binnen het broedseizoen ................................................... 12

4.3

Soorten Habitatrichtlijn .................................................................... 13

4.3.1

Vleermuizen ............................................................................ 13

4.3.2

Overige Habitatrichtlijn soorten .................................................... 13

4.4

Nationaal beschermde soorten............................................................ 13

4.4.1

Amfibieën en reptielen ............................................................... 13

4.4.2

Libellen ................................................................................. 13

4.4.3

Dagvlinders ............................................................................. 14

4.4.4

Vaatplanten ............................................................................ 14

4.4.5

Effectbeoordeling en toetsing ....................................................... 14

2

4.

Vooronderzoek ................................................................................9

Pagina

3.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Conclusies en aanbevelingen ................................................................... 15 5.1

5.1.1

Vogels met jaarrond beschermde nesten .......................................... 15

5.1.2

Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) ................... 15

5.1.3

Algemene broedvogels ................................................................ 15

5.2

Soorten Habitatrichtlijn .................................................................... 16

5.2.1

Vleermuizen ............................................................................ 16

5.2.2

Overige habitatrichtlijnsoorten ..................................................... 16

5.3

Nationaal beschermde soorten............................................................ 16

5.4

Aanbevelingen/ natuur-inclusief bouwen ............................................... 16

Conclusie .......................................................................................... 17

3

6.

Soorten Vogelrichtlijn ...................................................................... 15

Pagina

5.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

1. Inleiding Aanleiding Op verzoek van dhr. W. Hertogs, werkzaam bij Salix Projectpartners, is op maandag 1 februari 2021, een quickscan flora en fauna uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming. De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek op locatie en bijbehorende verslaglegging. Doel Doel van deze quickscan is het verkrijgen van informatie over de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en dan voornamelijk de aanwezigheid van tijdelijke of vaste rust- en verblijfplaatsen. Deze informatie is nodig ten behoeve van de voorgenomen ontwikkelingen op de locatie: Plataanlaan 57-69 te Baarn. De werkzaamheden betreffen de verbouwing van het bestaande wooncomplex. Hierbij wordt op het lage deel van het wooncomplex een extra verdieping gebouwd. Hierbij wordt vanzelfsprekend het dak verwijderd. In- en nabij de bebouwing en beplantingen in de directe omgeving van het wooncomplex, kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen, welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. Door middel van een oriënterend bronnen- en veldonderzoek zal worden onderzocht of de voorgenomen ontwikkelingen kunnen leiden tot een overtreding van verbodsbepalingen voor (potentieel) aanwezige soorten flora en fauna.

Pagina

4

De quickscan richt zich op het verkrijgen van een geïnformeerd beeld van de mogelijke consequenties vanuit de natuurwetgeving en –beleid. Op basis daarvan worden uitspraken gedaan over de (mogelijke) effecten van de voorgenomen ontwikkeling en de eventueel noodzakelijke vervolgstappen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

2. Toelichting onderzoekskader 2.1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze nieuwe wet is een vervanging en samenbundeling van drie voorgaande wetten; de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Tevens heeft er een decentralisatie van het bevoegd gezag plaatsgevonden: per 1 januari 2017 zijn de provincies verantwoordelijk voor de vergunningen en ontheffingen. De Wnb is op te delen in grofweg drie delen:

2.1.1 Bescherming van gebieden De Wnb richt zich met de bescherming van natuurgebieden uitsluitend op Natura 2000gebieden. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In Natura 2000-gebieden worden bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden. Invloeden (ook van buitenaf) mogen deze instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar brengen.

2.1.2 Bescherming van soorten De Wnb onderscheidt drie verschillende beschermingsregimes, met elk hun eigen verbodsbepalingen (zie tabel 1). De eerste twee categorieën zijn gebaseerd op de door de Europese Unie opgestelde Vogelrichtlijn (uit 1979) en de Habitatrichtlijn (uit 1992). Het derde beschermingsregime betreft soorten die niet op Europees niveau beschermd zijn, maar wel op landelijk niveau: de Nationaal beschermde soorten (in de wet aangeduid als “andere soorten”). Als bevoegd gezag heeft iedere afzonderlijke provincie (een aantal) algemene soorten uit deze derde categorie vrijgesteld van ontheffingsplicht. Wel geldt altijd voor alle soorten de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat men bij werkzaamheden met mogelijk negatief effect op planten en dieren, maatregelen dient te nemen (binnen wat redelijkerwijs van men verwacht kan worden) om onnodige schade aan planten of dieren te voorkomen.

2.1.3 Bescherming van houtopstanden De bescherming van houtopstanden betreft voornamelijk een voortzetting van de Boswet en richt zich op de instandhouding van het bosareaal. Bij houtopstanden groter dan 10 are of 20 rijen bomen en gelegen buiten de bebouwde kom geldt een meldplicht, herplantplicht en mogelijke oplegging van een kapverbod.

2.2 Verordening ruimte

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Naast de ‘Groene Contour’, kan de provincie planologische bescherming aan gebieden toekennen door hen aan te wijzen als “bijzondere provinciale natuurgebieden” of “bijzondere provinciale landschappen”. Hierbij is bijvoorbeeld te denken aan de bescherming van belangrijke weidevogelgebieden. Iedere provincie kan een eigen invulling geven aan bijvoorbeeld compensatie. Het beschermingsregime van overige op provinciaal niveau beschermde gebieden, kan sterk verschillen tussen provincies.

5

In de Verordening ruimte is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) vastgelegd. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een netwerk van groene gebieden, voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). In Utrecht de ‘Groene Contour’ genaamd. De gebieden worden beschermd via het planologisch kader. Dit alles is verankerd in de bestemmingsplannen waarin de regels uit de provinciale Verordening ruimte zijn verwerkt. Het ruimtelijke beleid van de ‘Groene Contour’ kent het “nee, tenzij” principe en is gericht op ‘behoud, herstel en ontwikkeling van de wezenlijke waarden en kenmerken’.

Pagina

6

Tabel 1. Soortenbescherming en verbodsbepalingen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

3. Omschrijving plangebied 3.1 Algemeen Het plangebied is gelegen binnen de kern Baarn, in de gemeente Baarn, liggende in de provincie Utrecht (zie afbeelding 1).

Afbeelding 1: De projectlocatie binnen de kern Baarn, is globaal weergegeven binnen de rode cirkel. Bron: Kadviewer, datum: 04-02-2021

3.2 Voorgenomen ontwikkeling De werkzaamheden betreffen de verbouwing van het bestaande wooncomplex. Hierbij wordt op het lage deel van het wooncomplex een extra verdieping gebouwd. Hierbij wordt vanzelfsprekend het dak verwijderd. In- en nabij de bebouwing en beplantingen in de directe omgeving van het wooncomplex, kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen, welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen.

Pagina

7

De kavel waar de quickscan heeft plaatsgevonden is in afbeelding 2 weergegeven.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Afbeelding 2: De kavel met kavelnummer: 2055, welke bezocht en onderzocht is op de aanwezigheid van beschermde soorten flora en fauna, is weergegeven binnen het rood kader. Het wooncomplex wat verbouwd gaat worden wordt weergegeven binnen het paars kader. Bron: Kadviewer, datum: 04-02-2021

3.2.1 Bestaand wooncomplex

Afbeeldingen 3 en 4 geven een algemeen beeld van het wooncomplex en de direct aangrenzende omgeving. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

8

Het wooncomplex gaat deels verbouwd worden waarbij een extra verdieping op het pand gebouwd gaat worden. Deze verbouwingswerkzaamheden kunnen nadelige effecten hebben op beschermde soorten flora en fauna. Tijdens de quickscan flora en fauna dient bekeken te worden of, en welke, nadelige effecten op beschermde soorten voor kunnen komen. Het complex bied potentie voor voortplantings- en verblijfplaatsen van vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen, maar ook meer algemene vogel- en diersoorten kunnen het complex gebruiken.

Afbeelding 3 en 4: Het te verbouwen wooncomplex (het lage deel wordt verbouwd). Bron: R.J.L. Bijvelds, datum: 01-02-2021

3.2.2 Directe omgeving en beplantingen Aangrenzend en op de kavel zijn bomen, heesters, kruidachtige begroeiing aanwezig (zie afbeelding 5 en 6).

Afbeelding 5 en 6: Aanwezige beplatingen rondom het wooncomplex. Bron: R.J.L. Bijvelds, datum: 01-02-2021

Tijdens de rondgang dienen deze beplantingen goed gecontroleerd te worden op bestaande nesten in bomen en beplantingen en holtes/ spleten in bomen, welke gebruikt kunnen worden door vogels en vleermuizen. Beoordeeld moet worden of de geplande werkzaamheden een negatief effect hebben op (beschermde) soorten flora en fauna op de kavel. Dit zal afhankelijk zijn van de soorten die voorkomen, en op welke wijze zij het gebied gebruiken (groeiplaats, voortplantingsplaats, verblijfplaats of foerageerplaats). Elke functie kent een ander beschermingsregime.

3.3 Vooronderzoek

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Het belangrijkste dat opviel, is dat in de directe omgeving (atlasblok van 5x5 km) diverse beschermde soorten flora en fauna voorkomen. Beoordeeld moet worden, door middel van een veldbezoek, of beschermde soorten ook mogelijk gebruik maken van het gebied/ aanwezig zijn in het gebied.

9

Voorafgaand aan het bezoek op de projectlocatie is de NDFF geraadpleegd om te bekijken welke soorten aanwezig zijn in het gebied, om daarop de quickscan aan te passen. De projectlocatie valt binnen de kilometerhokken 147-469 en 148-469.

Gezien de ligging van het perceel en de aanwezigheid van beplantingen in de directe omgeving, was het dus belangrijk om het gebied goed te inventariseren op beschermde vaatplanten/ groeilocaties, aanwezige holtes / mogelijke verblijfplaatsen, voortplantings-, en nestlocaties van zoogdieren en vogelsoorten.

Pagina

10

Tabel 2. Mogelijk aanwezige zoogdieren in de directe omgeving van het plangebied. Bron: Verspreidingsatlas NDFF Datum: 29-1-2021

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4. Onderzoeksresultaten beschermde soorten 4.1 Algemeen De kavel en omliggende gronden zijn op maandag 1 februari 2021 visueel geïnspecteerd en gecontroleerd op de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten of de nesten/ verblijfslocaties daarvan. Waar tijdens de quickscan vooral op gelet/ naar gezocht is, zijn de volgende soorten: -

Nesten in bomen/ beplantingen van vogels in de directe omgeving van het projectgebied Holtes en spleten/ scheuren in bomen welke door vogels gebruikt worden Holtes en spleten/ scheuren in bebouwingen welke door vogels en vleermuizen gebruikt worden Mogelijke verblijfplaatsen voor vogels en vleermuizen onder het dak of achter gevelbekleding. Beschermde plantsoorten rondom het te verbouwen wooncomplex. Mogelijke verblijfplaatsen en holen van marterachtigen

4.2 Soorten vogelrichtlijn 4.2.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten Het plangebied (de kavel met het te verbouwen wooncomplex) is mogelijk geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten in gebouwen.

Afbeelding 7: Het aanwezige dak is niet geschikt bevonden voor vaste- rust en verblijfplaatsen voor huismussen. Bron: Rik Bijvelds. Datum: 01-02-2021 Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

11

Huismus. Het dak van het woncomplex is niet geschikt voor de aanwezigheid van vaste voortplantings- en verblijfplaatsen van huismussen. Dit gezien er geen geschikte openingen aangetroffen zijn welke toegang bieden onder de daken/ achter gevelbekleding waar huismussen kunnen nestelen/ verblijven.(zie afbeelding 7).

Gierzwaluw. Voor gierzwaluwen is het projectgebied zelf mogelijk geschikt. Gierzwaluwen hebben de voorkeur voor hoge bebouwing en lintbebouwing in dorpen en steden. Gezien de afwezigheid van geschikte openingen in de gevels/ onder daken, is de aanwezigheid van vaste voortplantings-/ verblijfplaatsen voor de gierzwaluw uitgesloten. Uilen. De aanwezigheid van steenuil en kerkuil kan redelijkerwijs worden uitgesloten wegens het ontbreken van geschikte invliegopeningen naar afgesloten donkere zolders van het wooncomplex. Ook ontbreken er voor de steenuil geschikte broedholen in oude bomen in de directe omgeving. De locatie is verder niet geschikt als voortplantings- en verblijfplaats, er zijn ook geen braakballen of prooiresten aangetroffen welke er op kunnen wijzen dan er uilen actief zijn binnen het gebied. Overige soorten. In de omgeving van het plangebied zijn tijdens het veldbezoek geen jaarrond beschermde nesten- of sporen van boombewonende broedvogels waargenomen. Op basis hiervan kunnen soorten als boomvalk, buizerd, havik, sperwer, ransuil en wespendief worden uitgesloten van aanwezigheid.

4.2.2 Vogels met niet-jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor vogels met nietjaarrond beschermde nesten (categorie 5 soorten). Het plangebied is geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met niet-jaarrond beschermde nesten in gebouwen en bomen, zoals spreeuw, boomkruiper, groene specht, bonte specht, zwarte mees, koolmees en pimpelmees. Wanneer buiten het broedseizoen (broedseizoen globaal tussen 15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt (verwijderen van het dak), kunnen geen negatieve effecten ontstaan. Voor deze soorten geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.

4.2.3 Algemene broedvogels Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor algemene vogels. De heesters en de bomen binnen het plangebied zijn een geschikte nestplaats. Dit betreft soorten als zanglijster, houtduif en merel. Gezien de geplande ontwikkelingen vormen deze in geen bedreiging voor deze soorten, wanneer buiten het broedseizoen (broedseizoen globaal tussen 15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt. Hiervoor geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.

4.2.4 Werken binnen het broedseizoen

Pagina

Voorafgaand aan de werkzaamheden dienen eventuele aanwezige ongebruikte nesten te worden verwijderd en wordt kort (maximaal 1 week) voor aanvang van de werkzaamheden bekeken of aanwezige nesten gebruikt worden.

12

Werken binnen het broedseizoen is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord van vogels met niet-jaarrond beschermde nesten en nesten van algemene broedvogels. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt, is voorafgaand aan de werkzaamheden een controle op eventuele aanwezige nesten noodzakelijk. Wanneer bewoonde nesten aanwezig zijn, dan dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4.3 Soorten Habitatrichtlijn 4.3.1 Vleermuizen De bebouwing in het plangebied is, gezien het bureauonderzoek, potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats voor gebouwbewonende vleermuizen. Te denken valt dan aan de laatvlieger, de ruige dwergvleermuis, gewone dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis en in mindere mate de gewone grootoorvleermuis. Uit de verspreidingsatlas (NDFF) kwam naar voren dat deze soorten ook eerder gezien zijn in de directe omgeving. Wooncomplex Gezien de afwezigheid van geschikte verblijfruimten/ toegang tot open ruimten in de spouw, achter gevelbekleding of achter dakbeschot, wordt nader onderzoek naar vleermuizen in het wooncomplex niet nodig geacht. In het wooncomplex zijn enkele open stootvoegen aangetroffen, maar deze zijn te smal, dus niet geschikt bevonden voor vleermuizen. Beplantingen en directe omgeving. In de bomen direct grenzend aan het wooncomplex, zijn geen geschikte openingen/ holen/ spleten en scheuren in bomen aangetroffen die de aanwezigheid van vleermuizen mogelijk zouden maken.

4.3.2 Overige Habitatrichtlijn soorten Het plangebied is ongeschikt voor overige habitatrichtlijnsoorten die volgens de Habitatrichtlijn beschermd zijn, zoals de kamsalamander en rugstreeppad. Gezien de geplande werkzaamheden en de afwezigheid van water/ geschikt habitat, is nader onderzoek op overige habitatrichtlijn soorten niet nodig.

4.4 Nationaal beschermde soorten Het plangebied is ongeschikt als vaste rust- en verblijfplaats en functioneel leefgebied voor grondgebonden zoogdieren, waarvoor in de provincie Utrecht geen vrijstelling geldt zoals de steenmarter. Geschikte openingen naar potentiële verblijfplaatsen, zoals de oude hooizolder en openingen naar de vlieringen, zijn voor de steenmarter afwezig. Ook zijn er geen sporen in de vorm van uitwerpselen aangetroffen. Het plangebied is potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats en als functioneel leefgebied voor algemene soorten als egel, konijn en (spits)muizen waarvoor in Utrecht een provinciale vrijstelling geldt.

4.4.1 Amfibieën en reptielen Het plangebied (het te verbouwen wooncomplex) is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor amfibieën en reptielen waarvoor in de provincie Utrecht geen vrijstelling geldt, zoals alpenwatersalamander en kleine watersalamander. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.2 Libellen

Pagina

13

Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten libellen door de afwezigheid van een geschikt habitat. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4.4.3 Dagvlinders Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten dagvlinders. Het bronnen- en het veldonderzoek hebben ook geen (mogelijke) aanwezigheid aangetoond. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.4 Vaatplanten Potenties voor nationaal beschermde plantensoorten zijn binnen het plangebied afwezig. Binnen het plangebied zijn voedselarme of kalkrijke bodem en akkerreservaten afwezig.

4.4.5 Effectbeoordeling en toetsing Het plangebied is enkel geschikt voor Nationaal beschermde soorten waarvoor in de provincie Utrecht een vrijstelling geldt: egel, konijn en verschillende soorten (spits)muizen. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk.

Pagina

14

Wel geldt te allen tijde de zorgplicht. Dit houdt in dat, indien mogelijk, schadelijke effecten op soorten zo veel mogelijk dienen te worden voorkomen. Te denken valt aan het verplaatsen van dieren naar veilige locaties buiten het werkgebied indien zij aangetroffen worden tijdens de werkzaamheden, of daar direct aan voorafgaand.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

5. Conclusies en aanbevelingen 5.1 Soorten Vogelrichtlijn 5.1.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met jaarrond beschermde nesten, zoals de huismus en gierzwaluw. Nader onderzoek naar het voorkomen/ gebied gebruiksfuncties van deze soorten wordt dan ook niet nodig geacht. Nader onderzoek naar boombewonende soorten welke volgens de vogelrichtlijn beschermd dienen te worden, wordt niet nodig geacht door het ontbreken van verblijfplaatsen/ nesten in de direct omgeving.

5.1.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Het plangebied (bomen rondom het wooncomplex en het wooncomplex zelf), is potentieel geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met niet-jaarrond beschermde nesten, waaronder spreeuw, boomkruiper, groene specht, (kleine) bonte specht, zwarte mees, koolmees en pimpelmees. Vogels met niet-jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) zijn vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan en die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Deze zijn buiten het broedseizoen niet beschermd. Categorie 5-soorten zijn wel jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. In dezen zijn er geen ecologische omstandigheden waardoor categorie 5 soorten in het plangebied jaarrond beschermd dienen te zijn. Het betreft een lokaal en regionaal algemene vogels. In de directe omgeving zijn voldoende geschikte structuren die als alternatief gebruikt kunnen worden.

Tijdelijke schadelijke effecten op Categorie 5 soorten vogels door uitvoering van de werkzaamheden op bezette nesten zijn te voorkomen (in gebruik zijnde vogelnesten mogen in principe nooit worden verstoord) door buiten het broedseizoen te werken (buiten grofweg de periode 15 maart – 15 augustus). Werken binnen het broedseizoen is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt, is voorafgaand aan de werkzaamheden een controle op aanwezige nesten noodzakelijk.

5.1.3 Algemene broedvogels Het plangebied is potentieel geschikt voor algemene broedvogels om te broeden. Zij kunnen nestelen in de bomen en struiken welke aanwezig zijn binnen het plangebied.

Pagina

15

Schadelijke effecten op algemene broedvogels, door uitvoering van de werkzaamheden op bezette nesten, zijn te voorkomen (in gebruik zijnde vogelnesten mogen in principe nooit worden verstoord) door buiten het broedseizoen te werken (buiten grofweg de periode 15 maart – 15 augustus). Werken binnen het broedseizoen is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt, is voorafgaand aan de werkzaamheden een controle op aanwezige nesten noodzakelijk.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

5.2 Soorten Habitatrichtlijn 5.2.1 Vleermuizen De voorgenomen ontwikkelingen kunnen niet leiden tot een negatief effect op vleermuizen. Hierdoor kunnen de verbodsbepalingen Art 3.5 lid 2 en 4 (zie Tabel 1) van de Wnb niet worden overtreden. Aanvullend onderzoek wordt niet nodig geacht.

5.2.2 Overige habitatrichtlijnsoorten Voor overige habitatrichtlijnsoorten is het plangebied (redelijkerwijs) ongeschikt door het ontbreken van geschikte habitat. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk.

5.3 Nationaal beschermde soorten In het plangebied zijn geen nationaal beschermde soorten aanwezig, waarvoor géén provinciale vrijstelling geldt. Het plangebied is potentieel geschikt voor nationaal beschermde soorten waarvoor in de provincie Utrecht een vrijstelling geldt als egel, konijn en (spits)muizen. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk. Wel geldt te allen tijde de zorgplicht. Dit houdt in dat indien mogelijk schadelijk effect op egel en (spits)muizen zo veel mogelijk dient te worden voorkomen. Te denken valt aan het verplaatsen van dieren naar veilige locaties buiten het werkgebied indien zij aangetroffen worden tijdens de werkzaamheden.

5.4 Aanbevelingen/ natuur-inclusief bouwen Door niet alleen te kijken naar ‘wat er niet is’, is het juist belangrijk om te kijken naar mogelijkheden voor flora en fauna voor en na de verbouwing van het wooncomplex. Er zijn altijd mogelijkheden om (nieuwe) soorten een kans te geven zich te vestigen of in stand te houden in het gebied door kleine aanpassingen. Zo kun je denken aan het ophangen van nestkasten voor onder andere huismussen, maar ook voor mezen, gierzwaluwen en andere soorten is van alles te verkrijgen. Om vleermuizen een mogelijkheid te bieden zich te vestigen/ in stand te houden in het gebied kunnen vleermuiskasten opgehangen worden tegen de gevel of in de spouw van het wooncomplex of tegen de bomen in de aangrenzende tuin. Er zijn speciale vleermuiskasten te koop via internet: www.vivara.nl welke onderdak kunnen bieden aan de diverse soorten vleermuizen.

Pagina

16

Alles wat hierboven benoemd wordt, is geen verplichting of iets wat opgelegd wordt, maar dit zou voor de vogels en vleermuizen in het gebied een welkome verandering zijn en voor ons als mens een kleine moeite.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

6. Conclusie Op basis van bovenstaande informatie welke uit de quickscan flora en fauna naar voren is gekomen, hoeft geen aanvullend flora- of faunaonderzoek uitgevoerd te worden, voorafgaand aan de geplande werkzaamheden. Tijdens de werkzaamheden blijft te allen tijde de zorgplicht van kracht en bij een veranderende situatie dient te allen tijde een ecoloog ingeschakeld te worden. Hopende u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben, verblijf ik.

Met vriendelijke groet, Ing. R.J.L. Bijvelds Ecoloog BNL advies

Pagina

17

04-02-2021

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9915574/1