CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

230913 Verslag Debat in de Raad 13 september 2023

Debat in de Raad 13 september 2023, gemeente BaarnBij agendapunt: Opening, vaststelling agenda en mededelingen16.833 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De heer VAN HARDEVELD merkt op dat in de intramurale zorg mensen een plek hebben die anders in het ziekenhuis zouden hebben gelegen. Dus het is heel redelijk om anno 2023 te zeggen van dit is een substituut voor het ziekenhuis. De verklaring voor recht blijkt een vrij centraal thema te zijn. Er zijn allerlei reële scenario’s vernomen van wat een reële termijn is voor het verkrijgen van een verklaring voor recht. Hoe schat de wethouder de termijn in voor het verkrijgen van zo’n verklaring? Geldt die verklaring voor recht voor de gehele locatie of voor een gedeelte en zo ja, welk gedeelte? Hoe verhoudt zich het afzien van een verklaring voor recht tot de motie van 29 maart jongstleden waarin daarom is gevraagd? Wethouder EIJBAARD legt uit dat het bij de verklaring voor recht gaat om de aanvraag, een eventueel hoger beroep en eventueel daarna in cassatie gaan. Alle 3 de trajecten duren ongeveer een jaar. In de verklaring voor recht vraagt de gemeente of de rechter het met de gemeente eens is dat die ontwikkeling past binnen de nota van randvoorwaarden en uitgangspunten. Dit staat dus los van de ontwikkeling van het ziekenhuis. Er is in ieder geval een dispuut over het wonen. Het college ziet niet af van een verklaring voor recht.

De motie roept op om eerst een verklaring voor recht te vragen voordat in het verkoopproces onomkeerbare stappen worden gezet maar het college neemt geen onomkeerbare stappen totdat er een verklaring voor recht ligt of dat er scenario’s zijn dat er een verklaring voor recht kan worden gevraagd en met een deel kan worden doorgegaan. De heer VAN HARDEVELD memoreert dat de wethouder heeft gezegd dat afkoop van de erfgenamen mogelijk minder kost dan eventuele juridische procedures. Hoe denkt de raad over de optie van afkoop? De heer JONKERS merkt op dat de gemeente een lange tijd geleden iets heeft beloofd en dat betekent dat de gemeente de gemaakte afspraken moet nakomen. Als de huidige erfgenamen er iets van kunnen vinden en ze zijn het er allemaal mee eens dat er een bepaalde afkoopsom kan zijn. Als wordt gesproken over grond en bouwprijs gaat het om een behoorlijk bedrag in de buurt van De Speeldoos op de Brink. Dan moet de gemeente om de tafel gaan zitten met de erfgenamen en kijken of eruit kan worden gekomen. Dat had al gedaan moeten zijn voordat dit gesprek in de raad werd gevoerd.

19

De heer BRINKMAN zegt dat het hier gaat om een brede vraag en het hangt ook van de voorwaarden af voordat hierover een beslissing kan worden genomen. De heer BOSMAN is op voorhand niet tegen. Het college denkt echter een sterke zaak te hebben en dat er binnen een jaar een uitspraak zou kunnen liggen maar niet op voorhand tegen wanneer het sneller zou gaan door deze oplossing. Het zal echter behoorlijk wat gaan kosten. De heer VAN LOON heeft het idee dat de erfgenamen de juridische weg willen gaan bewandelen. Misschien willen ze het afkopen met als voorbeeld Rijsenburg en dan ontstaat het gevoel dat het bij de meeste erfgenamen om het geld gaat. Veel van de erfgenamen wonen in het buitenland en weten waarschijnlijk niet eens hoe nijpend de zorgsituatie in Baarn is. Er moeten dan wel hele duidelijke regels zijn voor afkoop. De heer BRUINS constateert dat er geen meerderheid is in de raad om het wonen eruit te halen. Dat betekent dat de gemeente voet bij stuk moet houden. De wethouder geeft aan dat de juridische positie van de gemeente goed is en dan moet die weg worden bewandeld. Als de gemeente vraagt aan de erfgenamen of zij bereid zijn om uit te kopen vragen zij wel 1 miljoen. De wens tot uitkoop zal echter van de erfgenamen moeten komen en niet vanuit de gemeente.

De heer JONKERS heeft begrepen dat alle erfgenamen ermee moeten instemmen en er zijn 4 erfgenamen die vinden dat het terug moet naar een wandelbos. Als het al zou lukken is er nog een gigantisch probleem met de omwonenden en is het dus ook nog niet opgelost. Mevrouw STRUIJK constateert dat de gemeente in zijn recht staat om hier een ziekenhuis, een polikliniek en zorgwonen of gewoon wonen mogelijk te maken en dan zou de gemeente voor waarschijnlijk vele miljoenen erfgenamen afkopen? Het gaat hier om een principiële keuze. Er wordt steeds weer teruggekomen op een juridische discussie en de planvorming, de omwonenden en de erfgenamen maar de gemeente wil het ziekenhuis behouden voor het dorp en dat mensen met zorg daar kunnen wonen. Er is bijvoorbeeld dringend een hospice in Baarn nodig maar de gemeente verliest zich nu in juridische procedures. De heer BRINKMAN is eveneens van mening dat prioriteit moet hebben het bieden van zorg aan de mensen in Baarn. Het is niet zo dat de gemeente bij de erfgenamen aanklopt met een zak geld zoals de heer Bruins suggereert. Het is eerder andersom gegaan. De heer BOSMAN ziet dat de zorg is veranderd en wonen en zorg is tegenwoordig een hele gebruikelijke combinatie. Bovendien worden hierdoor verhuisbewegingen mogelijk gemaakt. Daarom moet de gemeente hier vol op inzetten.

De heer JONKERS heeft uit zeer betrouwbare bron vernomen dat de erfgenamen er niet zo in staan dat ze willen worden uitgekocht. Het ziekenhuis zit al in Amersfoort en er blijft misschien een stukje van over in Baarn. Dat is de realiteit. De heer BRINKMAN vraagt waarom er zo gehamerd wordt op wat de erfgenamen denken. Daar is tot nu toe niets van gezien. Mevrouw KOENDERS wil dat de motie van 29 maart wordt uitgevoerd en dat er voorkoming van financiële debacles achteraf de verklaring voor recht aan de rechtbank wordt gevraagd. Natuurlijk mag de gemeente Meander in het traject niet kwijtraken en moet er een goed gesprek met elkaar worden gevoerd om de plannen uit te werken. Er zou ook kunnen worden besproken met de 20

erfgenamen of zij vooraf kunnen aangeven of en onder welke voorwaarden zij geen bezwaar zullen hebben. Er zijn dus 2 trajecten die de gemeente kan bewandelen. Wethouder EIJBAARD memoreert dat het college eerder heeft gemeld dat er geen reden was om af te kopen. Een van de erfgenamen heeft deze optie naar voren gebracht. Alle brieven die de erfgenamen aan de gemeente hebben gestuurd zullen geanonimiseerd aan de raad ter beschikking worden gesteld. Het is niet zo dat de gemeente een bod gaat doen aan de erfgenamen maar aan de erfgenamen wordt gevraagd om daar zelf mee komen en aan alle erfgenamen wordt gevraagd of zij zich kunnen vinden in het voorstel van deze ene erfgenaam. De heer VAN HARDEVELD wijst erop dat het woord ‘afkoop’ letterlijk in de raadsinformatiebrief staat. De vraag is niet gesteld om te onderzoeken of de gemeente dit maar moet doen. De gemeente moet heel ver wegblijven van afkoop. Het is ook een morele kwestie dat de gemeente bezwaren niet afkoopt. Oneens met de opmerking dat het ziekenhuis al weg is. Het is tegenwoordig heel gebruikelijk dat er een kleine klinische kern is met lokaal een aantal satellieten en de gemeente mag die satelliet niet kwijtraken. Daarnaast zijn de erfgenamen al afgekocht in 1965. De heer JONKERS memoreert een achttal vragen hebben gesteld en verzoekt de wethouder om de nog niet beantwoorde vragen te beantwoorden.

Voert de wethouder de motie uit? Wethouder EIJBAARD zegt dat in het kader van het bestuursrecht erfgenamen niet belanghebbend zijn omdat ze niet rechtstreeks in hun belang worden geschaad. Ze wonen niet in de nabijheid van de locatie. In het kader van het civiel recht en het erfrecht zijn de erfgenamen wel belanghebbend. Daarom is ook in 1965 een overeenkomst afgesloten om af te kunnen wijken van de schenkingsvoorwaarden en zij kunnen dus nu ook wat vinden van de nota van randvoorwaarden en uitgangspunten in relatie tot de overeenkomst uit 1965. Goed overleg en goede harmonie is in alle gevallen verstandig. Op dit moment staat het college op het standpunt dat de plannen in overeenkomst zijn met de overeenkomst uit 1965 en kan de gemeente verder gaan met de plannen. Echter, het college voert nu de motie uit die de raad op 27 maart jongstleden heeft aangenomen. Zoals de heer Jonkers dat van een bestuurder van Meander heeft begrepen staat dat proces op gespannen voet met het moment dat de erfpachtovereenkomst afloopt en dat is ook de reden waarom het college scenario’s gaat uitwerken. Het college is direct aan de slag gegaan met het uitvoeren van de motie. Daarvoor is het nodig dat eerst bekend is wie de erfgenamen zijn en waar ze wonen. Dat is recentelijk bekend waardoor de advocaat hen een brief kan sturen.

Als aan de erfgenamen een brief was verstuurd en later was gebleken dat de brief naar een oud of verkeerd adres was gestuurd had de gemeente het proces van voren af aan weer moeten beginnen. Bovendien was er op dit moment geen uitspraak van een rechter geweest omdat de verklaring voor recht ongeveer een jaar duurt en de motie pas 6 maanden geleden is aangenomen. Het college voert de motie gewoon uit. Het college heeft gezegd dat voorbereidingen worden getroffen voor het aanvragen van een verklaring voor recht en dat wel verder wordt gegaan met de voorbereiding van het project maar dat er geen onomkeerbare stappen zullen worden gezet. Straks worden scenario’s bedacht en in die scenario’s is een aanvraag van een verklaring voor recht een onderdeel daarvan en eventueel kan daarin worden bekeken of eerdere stappen mogelijk zijn om de ziekenhuisfunctie te behouden. De toezegging over de probleemdossiers is niet op de actiepuntenlijst gekomen. Er zal worden bekeken hoe de toezegging is gedaan en wat er mee gedaan gaat worden. Daar wordt op teruggekomen middels de actiepuntenlijst.

21

De kosten die gemaakt gaan worden zullen inzichtelijk worden gemaakt. Daar wordt technisch op teruggekomen. Er is dan wel sprake van een inschatting want er wordt geen urenadministratie door de ambtenaren bijgehouden. Voor de vraag over hoe de participatie tot nu toe is verlopen en hoe die in het vervolg gaat wordt kortheidshalve verwezen naar het proces van de nota van randvoorwaarden. Daarin is uitgebreid beschreven en besproken hoe het proces van de participatie eruit gezien heeft. Voor de vraag over welke werkzaamheden zijn gedaan sinds de motie wordt verwezen naar de beantwoording van de technische vragen naar aanleiding van de vragen van de heer Bruins. Er is gesproken met één erfgenaam en zijn partner op het gemeentehuis. Hierover is de raad geïnformeerd via een raadsinformatiebrief. Als het college in de toekomst nog meer gesprekken heeft wordt de raad daarover via een raadsinformatiebrief geïnformeerd. De heer RÖELL memoreert dat de gemeente vorig jaar werd geconfronteerd met de noodzaak van opvang van gevluchte Oekraïners. Dat wordt onder andere gedaan op het parkeerterrein van Meander. Daar heeft spreker met een van de erfgenamen, die overigens eind 2022 is overleden, een gesprek gehad en dat is sec gegaan over het bezwaar dat er lag rondom de locatie van de tijdelijke opvang voor de Oekraïense vluchtelingen.

Spreker heeft toen heel expliciet gemaakt dat hij niet wil praten over het onderwerp wat vanavond aan de orde is omdat dat een zelfstandig traject is. Het is een zeer positief en constructief gesprek geweest zoals dat is teruggekregen van haarzelf. De heer JONKERS vraagt wat betreft de participatie hoe de wethouder met de buurt om gaat en of die wordt betrokken. Wethouder EIJBAARD zegt dat de buurt in het verleden heel uitgebreid is betrokken en als er een bestemmingsplanprocedure komt en ontwikkelingsplan wordt ook de buurt betrokken. De heer JONKERS merkt op dat er een raadsinformatiebrief is gekomen die toch iets anders lijkt te zijn dan de motie en vervolgens wordt weer uitgebreid door de raad met elkaar gedebatteerd over hetzelfde onderwerp. Mensen buiten de raad zeggen vaak dat de raadsleden maar over hetzelfde onderwerp blijven praten en dat er steeds dezelfde argumenten naar voren worden gebracht en dat ze daarom afhaken bij de vergaderingen. Dit getuigt niet van efficiëntie en behoorlijk bestuur en dit soort situaties scheppen een precedent die de geloofwaardigheid en de werkbaarheid van deze raad niet ten goede komen. Hoe dient hiermee te worden omgegaan en hoe kunnen dit soort dingen in de toekomst worden voorkomen? De heer BRINKMAN vraagt zich af wat dit debatpunt te maken heeft met dit agendapunt want dit is een algemene opmerking.

Vorige week is 3 kwartier gesproken over lantaarnpalen en dan kan spreker zich daarin vinden maar het moet per geval bekeken worden. Bij dit soort projecten is het belangrijk dat er wat langer op wordt doorgegaan dan in andere projecten. De heer BOSMAN stelt dat de erfgenamen het volste recht hebben om iets te vinden van de manier waarop de gemeente de schenkingsakte van 1920 en de wijzigingsovereenkomst van 1965 interpreteert. Daarom is het goed dat de gemeente op verzoek van de raad vraagt om een verklaring voor recht. Tegelijkertijd vraagt de procedure veel tijd en het is kostbaar en zelfs schadelijk om de tussenliggende periode niet te benutten om plannen verder uit te werken. De motie van maart roept op om een verklaring voor recht van de rechtbank te vragen en om in de tussentijd geen onomkeerbare besluiten te nemen en de mogelijkheid open te houden om zoveel als mogelijk er voortgang in te houden. Tijdens de besluitenraad van 29 maart heeft de wethouder expliciet aangegeven wat het college verstaat onder geen onomkeerbare besluiten nemen en dat is niet starten met de aanbesteding. Ook 22

is toen gezegd dat eerst zal worden geprobeerd om er met de erfgenamen uit te komen en dat de raad zal worden geïnformeerd als er na 3 maanden geen witte rook zou zijn. Onder die voorwaarden is de motie in stemming gebracht en unaniem aangenomen. De wethouder heeft de raad geïnformeerd in de raadsinformatiebrief van 6 juli en op 31 augustus is een update gekomen. De wethouder voert dus de motie gewoon uit. Mevrouw STRUIJK is in principe heel blij als het college de motie in de geest van de motie uitvoert en een manier vindt om toch meer voortgang te boeken. Dit is daadkracht maar het college moet zich wel houden aan de geest van de motie, namelijk dat ook de verklaring voor recht gehaald moet worden. Natuurlijk moeten niet elke keer standpunten worden herhaald en de betogen mogen dus her en der worden ingekort. De heer VAN HARDEVELD vindt het vanzelfsprekend dat moties uitgevoerd moeten worden. Als het college niet in staat is om de motie niet of niet geheel uit te voeren dient dat zo snel mogelijk terug te worden gerapporteerd aan de raad. De raad mag zich dat zelf ook aantrekken want bij het agendapunt over De Speeldoos heeft de raad zitten morrelen aan een eerder aangenomen motie. De heer JONKERS zegt dat deze discussie misschien beter kan worden gevoerd in het presidium.

Als er wordt gezegd dat dit een vorm van daadkracht is maar de opmerking was juist bedoeld om te zeggen dat dit geen voorbeeld van daadkracht is omdat de raad weer in hetzelfde rondje gaat draaien. In ieder geval is de discussie over dit onderwerp tot nu toe een goed voorbeeld van hoe het niet moet. De heer BOSMAN stelt dat dit geen voorbeeld is van hoe het niet moet. De motie wordt gewoon uitgevoerd en de wethouder heeft destijds al aangegeven hoe hij die wil interpreteren en daar heeft de raad ja tegen gezegd. De heer BRINKMAN vult aan dat de wethouder in dit dossier open en transparant is geweest en alle documenten aan de raad ter beschikking heeft gesteld. De wethouder heeft ervoor gezorgd dat de raad verder kan gaan met dit dossier. De heer JONKERS gaat het erom dat naar aanleiding van een raadsinformatiebrief wederom met elkaar in debat wordt gegaan over dezelfde dingen en daar zit niemand uit deze raad op te wachten. De VOORZITTER vraagt of de raadsleden de agenda vanavond willen afhandelen of dat de vergadering morgen moet worden voortgezet. Met het voortzetten van de vergadering vanavond wordt ingestemd. 10. Raadsinformatiebrief Contouren van het volkshuisvestingsprogramma 2023-2027 (851907) Wethouder VELDHUIZEN meldt dat op verzoek van de raad de heer Meuleman (STEC) aanwezig is om eventuele diepgaande vragen te beantwoorden.

Mevrouw STRUIJK vraagt wat het college van de raad nodig heeft om wellicht meer voorrang te geven aan een actief grondbeleid. De heer MEULEMAN zegt dat het een keuze is of de raad inderdaad actief grondbeleid wil inzetten en hoe ver de raad daarin zou willen gaan. Er kan een keuze worden gemaakt op welke momenten daar meer gas op zou moeten worden gezet. 23

Mevrouw STRUIJK constateert nu in het stuk enige terughoudendheid op dit onderwerp en dat hetzelfde beleid wordt gevoerd als op dit moment in de woonvisie. Wat is er nodig als het college wat meer zou willen inzetten op actief grondbeleid? Wethouder VELDHUIZEN legt uit dat er dan deskundigheid in de organisatie nodig is op het gebied van aan- en verkoop van grond in juridische en financiële zin. Dan dient een actieve administratie te worden ingericht voor grondexploitaties. Een planeconoom is nodig voor de toetsing op financiële haalbaarheden van de ruimtelijke ontwikkeling op dat moment. Daarnaast zijn nodig civiel technici, bouwdeskundigen enzovoort. Er dient een onderhandelaar te zijn voor de verwerving van de gronduitgifte, contractuering en de tenders. Dan wordt structureel uitgekomen op € 325.000 per jaar en daarnaast is er nog inhuur nodig als zich specifieke projecten aandienen voor ongeveer een ton per jaar. Vandaar de terughoudendheid, nog even los van de risico’s dat de waarde van gronden daalt en die dus zullen moeten worden afgeboekt. De regelgeving rondom staatssteun, de gronden zullen tegen marktwaarde moeten worden uitgegeven en planrisico’s hebben weerslag op het weerstandsvermogen van de gemeente en de algemene reserve moet dan weer omhoog.

Bekend is wat er financieel op de gemeente afkomt en grondaankopen in Baarn gaan gepaard met hele hoge investeringen en dan komen er eventuele positieve opbrengsten over een periode van 5-10 jaar. Mevrouw STRUIJK vraagt of het niet zinvoller is om een visie voor 10 jaar op te stellen met daaronder concrete actieplannen per raadsperiode. Moet de nadruk niet eerder op senioren dan op starters liggen gezien de vergrijzing die in Baarn hoog is en de bevordering van de doorstroming op de huizenmarkt die op gang komt door meer seniorenwoningen te bouwen? Uit de cijfers van STEC blijkt dat de bevolkingsgroei van Baarn te danken is aan de instroom van gezinnen van buiten Baarn. Die bevolkingsgroei is nodig om de voorzieningen op peil te houden. Wordt er dan niet te veel gefocust op de eigen bevolking met allerlei maatregelen om hen te bevoordelen? De heer BOSMAN zegt dat wellicht een langere visie dan voor 4 jaar goed is omdat de problemen ook langer duren en dat die dan halverwege de periode weer herijkt zou kunnen worden. De meeste verhuisbewegingen komen op gang als je woningen voor ouderen creëert. Daarom is het misschien goed om daar wat meer nadruk op te leggen zonder dat daarmee wordt gezegd dat starters niet worden bediend maar misschien worden ze indirect bediend op het moment dat voor ouderen wordt gebouwd.

In de fractie is het nog wel een discussiepunt of woningen moeten worden gecreëerd voor bewoners van Baarn of juist niet. Als het gaat om het voorzieningenniveau zou pragmatisch gezien misschien niet de meeste nadruk op de eigen inwoners moeten worden gelegd maar er zijn heel veel mensen die in Baarn willen wonen en daar moet dus ook wat voor gedaan worden. Wethouder VELDHUIZEN vindt de suggestie om de visie voor 10 jaar vast te stellen sympathiek maar de gemeente is op basis van de Woningwet gebonden aan een periode van maximaal 5 jaar. De heer BOSMAN vraagt of er dan iedere 5 jaar een nieuwe visie moet komen of dat er sprake zou kunnen zijn van herijking van de bestaande visie. Wethouder VELDHUIZEN zegt dat dit een herijking van de bestaande zou kunnen zijn of het besluit zou kunnen worden genomen om hem na 5 jaar voort te zetten als die nog voldoet maar dat is niet de verwachting.

24

Mevrouw KOENDERS merkt op dat in het recente verleden specifiek voor senioren is gebouwd maar dat leverde weinig tot geen doorstroming op. Er moet dus voor verschillende doelgroepen worden gebouwd, afhankelijk van de locatie, en er moet met verschillende instrumenten worden gewerkt. VoorBaarn richt zich graag op de eigen inwoners en waar mogelijk dient voorrang te worden gegeven aan inwoners uit Baarn, bijvoorbeeld aan mensen die noodgedwongen in een nietzelfstandige woning wonen bij hun ouders op zolder. De heer BRINKMAN zegt dat het een lastig verhaal wordt als bij de bouw van seniorenwoningen er te weinig doorstroming is. De heer VAN LOON lijkt een visie voor 10 jaar een goed idee. Er moeten vooral seniorenwoningen worden gebouwd omdat daar de meeste behoefte ligt. Er vinden 7 bewegingen plaats als ouderen gaan verhuizen naar een nieuwe woning. Er is heel veel vraag naar woningen door inwoners van Baarn of mensen die economisch zijn gebonden aan de gemeente en daarom een ontkenning op de derde vraag. De heer VAN HARDEVELD vindt dat zowel voor starters als senioren moet worden gebouwd. Het woningbouwprogramma is een van de weinige mogelijkheden om de demografische opbouw van de gemeente te beïnvloeden en er zijn ook jongeren nodig, bijvoorbeeld voor de voorzieningen.

Veel jonge Baarnaars trekken noodgedwongen uit de gemeente weg terwijl ze hier graag zouden willen blijven en daarom moet hen een handje worden geholpen. Mevrouw STRUIJK zegt dat prima voor 10 jaar zou kunnen worden nagedacht over de visie. Die is dan 5 jaar geldig en over 5 jaar kan worden gekeken of die verlengd kan worden. De heer BRINKMAN merkt op dat in het hoofdstuk over toekomstbestendig bouwen de focus ligt op het isoleren van nieuwe en bestaande huizen. Gezien de klimaatverandering met langere en warmere zomers is de vraag hoe de warmte buiten wordt gehouden zonder toepassing van een airco. Ziet de wethouder ruimte voor toepassing van een bredere focus? Wethouder DE VRIES zegt dat het college komt met een isolatiestrategie voor de bestaande bouw. Door goede isolatie blijven woningen in de zomer wat koeler. Voor de nieuwbouw is dit vastgelegd in het Bouwbesluit. De heer BRINKMAN vraagt of de raad het ermee eens is dat het van belang is om nauw samen te werken met ontwikkelaars, huurdersverenigingen en andere belanghebbenden bij het ontwikkelen en implementeren van effectief woningbeleid. Sommige fracties suggereren namelijk dat deze samenwerking vertraging kan opleveren terwijl de PvdA gelooft dat dit de beste manier is om invloed uit te oefenen op het beleid.

Is de raad het met de PvdA eens dat er verplichte normen voor zorgkwaliteit moeten worden vastgesteld voor alle geclusterde woonvormen binnen de gemeente Baarn om ervoor te zorgen dat bewoners de best mogelijke zorg krijgen? In stuk 5.2 staat namelijk dat dit voldoende moet zijn. Als dit het beste is wat kan worden gekregen bevordert dit juist de doorstroming. De heer VAN HARDEVELD merkt op dat de gemeente niet gaat over de zorgkwaliteit. Daarvoor is de Inspectie gezondheidszorg en jeugd. De heer BRINKMAN wil dan toch aan het college vragen of dat in een bepaalde vorm wel kan worden geregeld door de gemeente.

25

Mevrouw STRUIJK denkt als reactie op vraag 1 dat samenwerken altijd de beste weg is. Het idee is dat wethouder Veldhuizen altijd probeert om invloed uit te oefenen op zorgkwaliteit et cetera. Mevrouw KOENDERS heeft ook alle vertrouwen in de aanpak van de wethouder. Wethouder DE VRIES geeft aan dat de ambitie is dat er meer woningen komen voor mensen met een zorgbehoefte omdat zeker voor een categorie speciale zorgbehoeftigen het aanbod in Baarn gering is. Wethouder VELDHUIZEN legt uit dat de samenwerking tussen zorgpartijen, ontwikkelaars en de gemeente essentieel is maar de gemeente is ook afhankelijk van het onderdeel Wonen en Zorgvisie dat door de rijksoverheid wordt vastgesteld. Dit is dus al geborgd met wat de gemeente vanuit de rijksoverheid krijgt opgelegd. De heer BRINKMAN wil de ambtenaren bedanken die 120 vragen over deze kwestie hebben beantwoord. De heer BOSMAN vraagt hoe de raad denkt over transformatie van gebouwen met een andere functie zoals leegstaande kantoren en winkels naar wonen en waar dan op moeten worden gelet.

Hoe denkt de raad over het creëren van zelfstandige woonruimte binnen een hoofdwoning door particulieren en waar moet dan op worden gelet? Hoe denkt de raad over de verschillende instrumenten uit de gereedschapskist zoals het vereveningsfonds, de zelfbewoningsplicht, het antispeculatiebeding en de situatie rondom grondbeleid? De heer BRUINS merkt op dat de raad inbreidingsplannen heeft aangenomen voor de Laanstraat om winkels aan de uiteinden om te katten tot wonen. Over kantoren wordt iets gezegd in het coalitieprogramma want anders was de Tolweg er al geweest. Daar mag dus gewoond worden. In een eerdere fase is al beleid en een discussie geweest over het creëren van zelfstandige woonruimte in een hoofdwoning. De heer VAN LOON wil dat er vooral voor ouderen woningen komen om de doorstroming te bevorderen. De fractie is tegen casinowoningen, dus een zelfbewoningsplicht en een antispeculatiebeding. Het is belangrijk dat de woningmarkt in beweging komt en als dat kan door vrijstaande villa’s, winkels of kantoren om te bouwen tot woningen is dat een prima zaak. Mevrouw STRUIJK vindt dat transformatie van gebouwen naar een andere functie moet worden gedaan als dit mogelijk is. Zelfstandige woonruimten binnen een hoofdwoning creëren is prima maar dan wel met inachtneming dat er geen studentenhuizen et cetera komen.

Dat moet dus met randvoorwaarden worden omgeven maar die zijn er al. De genoemde instrumenten uit de gereedschapskist kunnen waar mogelijk worden ingezet om het beter te krijgen. Mevrouw KOENDERS staat positief tegenover het idee om creatief te kijken hoe aan gebouwen een andere functie kan worden gegeven en worden getransformeerd tot wonen met uiteraard de kanttekening met uitzondering van de Laanstraat. VoorBaarn is positief over het creëren van nietzelfstandige woonruimte door particulieren binnen een hoofdwoning. Dan gaat het dus niet om commerciële huisjesmelkers maar meer het hospita-idee of een soort zorgconcept voor een oudere die een verzorger in huis neemt. De fractie is positief over een zelfbewoningsplicht en een anti-speculatiebeding. Bij een vereveningsfonds moet misschien een termijn worden gesteld om tot uitkering over te gaan uit dat fonds. De wethouder heeft zijn zorgen aangegeven over actief grondbeleid. 26

11. Raadsinformatiebrief Evaluatie ANPR-camera’s (842487) De heer JONKERS memoreert dat vaak is gesproken over camera’s in de parken omdat daar vernielingen waren en er was een keer een incident bij het gemeentehuis. De portefeuillehouder heeft destijds aangegeven dat hij niet zo enthousiast was en zorgen had over de wetgeving daarover. Heeft deze toets de gedachten doen veranderen bij de portefeuillehouder, ook op basis van meer duidelijkheid van wet- en regelgeving? Is de raad voor of tegen het plaatsen van een camera op een strategische plek in Baarn? De heer RÖELL memoreert dat het college een uitgebreide raadsinformatiebrief heeft gestuurd in 2019. Daarin stond een waslijst van argumenten en die variëren van privacy tot kosten en waar de gemeente überhaupt aan moet voldoen om camera’s te kunnen plaatsen. Dat is na de evaluatie van deze camera’s niet veranderd want ook bij deze camera’s is heel duidelijk in de driehoek bepaald of er voldoende grond was om deze camera’s op deze manier te plaatsen. Met politie en OM vinden gesprekken plaats of dit op eenzelfde of andere manier kan worden voortgezet. De vraag van de heer Jonkers is breder en daarvoor kan de genoemde raadsinformatiebrief nog een keer worden gestuurd om te zien wat de verschillende instrumenten zijn. De heer JONKERS merkt op dat in den lande camera’s voor handhaving, toezicht en opsporing heel effectief zijn.

Daardoor neemt de criminaliteit af. Wil de raad in bijvoorbeeld de Pekingtuin, op de Brink of in het Cantonspark camera’s om vernielingen en andere zaken in beeld te krijgen? De heer BRUINS vindt dit bespreekbaar. De heer VAN LOON maakt het niet uit hoe de handhaving wordt geregeld als er maar gehandhaafd wordt. Dus eventueel camera’s voor een veilig Baarn is prima. Mevrouw STRUIJK zegt dat dit altijd tijdelijk, doelgericht en proportioneel moet plaatsvinden. Dat moet iedere keer op iedere plek opnieuw bekeken worden. De heer VAN DER DONK is voor het plaatsen van camera’s omdat daarin veel voordelen worden gezien. Mevrouw BRUIJSTENS vindt dat de gemeente daar in principe terughoudend mee moet zijn. Misschien op bepaalde locaties maar wel onder behoorlijke voorwaarden. De heer BOSMAN zegt dat de beantwoording van de vragen over de ANPR-camera’s duidelijk was van er is een termijn van wissen en de politie heeft wettelijke regels nodig en kan alleen tot actie overgaan wanneer een kenteken al geregistreerd is vanwege kwalijke zaken enzovoort. GroenLinks is terughoudend met het zomaar inzetten van camera’s in bijvoorbeeld de Laanstraat om te kijken of de mensen daar niet fietsen enzovoort. Het gaat ook om eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer en dat grondrecht staat onder druk. De maatschappij moet uitkijken dat ze niet een beetje afglijdt naar een surveillance-samenleving.

De heer KOLT is het eens met de vraagstelling maar wel onder de voorwaarden die door de burgemeester zijn genoemd. De heer JONKERS constateert dat een meerderheid er positief tegenover staat. Hij gaat met de burgemeester in gesprek om te kijken wat er wel en niet mogelijk is en dan wordt teruggekomen bij de raad. 27

12. Raadsinformatiebrief inzet duurzame asielopvang gemeenten provincie Utrecht (802325) Mevrouw DEURLOO las in de pers dat de wethouder iets creatiefs had bedacht, namelijk 3 tijdelijke woningen op het terrein van de moskee om Oekraïners die al langer in Baarn zijn langer te huisvesten. Hoe heeft de wethouder dit zo snel bedacht en is daarbij ook gedacht aan participatie met het bestuur van de moskee en de omwonenden? Wethouder DE VRIES zegt dat dit komt door de oproep die is gedaan in de Baarnsche Courant aan de inwoners of ze suggesties hebben voor dit soort locaties. Het idee is via een van de bewoners naar voren gekomen en natuurlijk is dit besproken met de moskee. Mevrouw DEURLOO zegt dat VoorBaarn dan zal komen met creatieve ideeën om tiny houses voor jongeren ergens neer te zetten. Wat vindt de raad van de bestuursovereenkomst PRT en vindt de raad het ook zo onwenselijk dat de PRT de gemeente zou kunnen opdringen om voor nog meer opvang te zorgen dan mogelijk is? Mevrouw SLUIJS vindt het heel verstandig dat Baarn optrekt met de andere gemeenten in de provincie en daarmee meer regie pakt in plaats van te wachten op duidelijkheid van het Rijk. Juist door deze bestuursovereenkomst kan meer invloed worden uitgeoefend. Wat betreft de huisvestingsopgave verandert er eigenlijk niks want die is landelijk vastgesteld.

Besluiten voor opvang zullen volgens de wethouder altijd langs de raad gaan. Mevrouw STRUIJK is het eens met vorige spreker. Mevrouw BRUIJSTENS sluit zich ook bij vorige spreker aan. De heer VAN HARDEVELD is het ook eens met het betoog van GroenLinks. 13. Raadsinformatiebrief Regionale Energie Strategie (RES) Regio Amersfoort rapportage: RES 2.0 (833279) Dit agendapunt is vervallen. 14. Raadsinformatiebrief inzicht in de route naar een klimaatneutraal Baarn (851874) De heer GENUIT vraagt of de andere fracties en het college met GroenLinks van mening zijn dat een versnelling nodig is van het tempo waarin Baarn klimaatneutraal wordt. Zijn de raad en het college bereid om na te denken over wat er nodig is om zo’n tempoversnelling te bereiken, bijvoorbeeld aanvullende maatregelen zoals geschetst in de scenario’s B en C uit het advies van We-Boost maar ook andere suggesties zijn welkom? Mevrouw STRUIJK deelt de mening bij vraag 1. De gemeente moet bereid zijn om te kijken hoe tempoversnelling kan worden bereikt. Daar is alles in geoorloofd en er moet echt verder worden gekeken dan naar de komende 2 jaar. Gedacht moet worden aan de overkapping van de gemeentewerf met zonnepanelen en solar carports. Mevrouw BRUIJSTENS wil ook versnellen.

De indruk bestaat dat het in de organisatie erg lastig is om die versnelling te maken want het is een onderwerp dat ontzettend veel menskracht kost en je moet realistisch zijn. 28

De heer BRUINS zegt ook ja tegen de versnelling maar de gemeente gaat dat niet redden. Er is al 5 jaar achterstand opgebouwd in de openbare ruimte en als dan ook nog moet worden versneld op klimaatneutraal loopt de gemeentelijke organisatie vast. Als de gemeente wil versnellen zal er toch een zak met geld nodig zijn en de formatie moeten worden uitgebreid want anders gaat het niet lukken. De heer JONKERS sluit zich aan bij vorige spreker. In de raadsinformatiebrief wordt aangegeven waar de organisatie mee bezig is maar het is niet duidelijk wat het tempo is. Mevrouw SLUIS-HOOGERWERF zegt dat als je niet weet hoe het gaat je ook niet kan zeggen hoe moet worden versneld. Niet bekend is wat ondernemers en inwoners nu werkelijk allemaal aan het doen zijn, wat hebben ze daarbij nodig en waar lopen ze tegenaan? Wat zou hen helpen om te versnellen? Alle inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties hebben hier iets in te doen en het moet ook samen worden gedaan. Laten we vooral kijken wat er gebeurt en hoe de inzet zoals beschreven in de raadsinformatiebrief hierbij kan helpen. De heer VAN WIJK vindt dat natuurlijk moet worden versneld. Energie Baarn et cetera zijn ontzettend druk met allerlei zaken. De rijksoverheid heeft aangegeven dat er kerncentrales bijkomen.

Dat duurt nog 5-10 jaar en misschien zou daardoor de lokale energievraag minder worden waardoor lokaal minder energie hoeft te worden opgewekt. Mevrouw BRUIJSTENS stelt dat als gewacht wordt op de kerncentrales er zeker niet wordt versneld en dat is dus niet zo’n goed plan. De heer VAN WIJK verduidelijkt dat er rekening mee moet worden gehouden omdat dit een vijf- tot tienjarenplan is. Het mag niet zo zijn dat er lokaal heel veel energie is opgewekt ten koste van 20 voetbalvelden en windmolens die straks niet nodig blijken te zijn omdat het op een andere fossielvrije manier kan worden opgewekt. De heer GENUIT is blij met de bijval in de raad en aan het eind van de memo heeft GroenLinks ook concrete suggesties gedaan. Wanneer partijen daartoe bereid zijn moet eens bij elkaar worden gezeten om daar verder te praten over wat mogelijk zou zijn en wat de rol van de gemeente en de rol van inwoners, bedrijven et cetera hierin zou kunnen betekenen. De fractie is graag bereid om het initiatief te nemen tot zo’n bijeenkomst. 15. Raadsinformatiebrief Meicirculaire 2023 en significante afwijkingen op de begroting 2023 (821102) De heer VAN DER DONK zegt dat hij de vragen intrekt. Gisteren zijn wat technische antwoorden ontvangen en deels zijn de vragen daarmee beantwoord. Hij zal met wethouder Prakke contact opnemen over hoe de voorbereiding van het proces kan worden gevolgd. 16.

Raadsinformatiebrief Groeidocument op weg naar het Handelingsperspectief Buitengebied Regio (851876) Mevrouw KOENDERS vraagt als met het Handelingsperspectief wordt gewerkt aan een gezamenlijk toekomstbeeld voor het buitengebied waarbij ook wordt gekeken naar mogelijkheden van verdienmodellen voor ondernemers en het prioriteren en combineren van functies of de raad het belangrijk vindt dat het in principe gaat om lokale, al dan niet agrarische, ondernemers en/of lokale

29

organisaties of coöperaties in plaats van een Chinees pensioenfonds wat zonnevelden beheert en een exploitatie heeft. Zo ja, vindt de raad het dan belangrijk dat zoveel mogelijk van de agrarische ondernemers worden betrokken bij de totstandkoming van het Groeidocument en/of hun suggesties hierover kunnen meegeven? De heer BRUINS vraagt in hoeverre lokale partijen voorrang kan worden gegeven op algemene ontwikkelaars. Hoe sluit je die buiten ten bate van de lokale ondernemers? Waarschijnlijk kan dat niet zomaar. Mevrouw STRUIJK sluit zich daarbij aan. PGGM woont nergens en zou dan misschien alleen in Zeist mogen investeren waar het hoofdkantoor is. Het is lastig om meteen maar niet-lokale ondernemers uit te sluiten. De heer GENUIT zegt als wordt gekeken naar de verslagen van de ateliers die zijn geweest kan worden gezien dat een behoorlijk aantal agrariërs en de LTO afdeling Eemland betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van dit Groeidocument. In juni is een concept-document van het Groeidocument gereedgekomen en de termijn waarop reacties konden worden gestuurd is op 7 september afgesloten. De participatie is dus zorgvuldig gebeurd. De heer VAN DER PADT zegt dat bij vraag 1 het vrijemarktprincipe geldt of dat nu een Chinees pensioenfonds is of PGGM of wie dan ook. Wat betreft het Groeidocument is behoorlijk geparticipeerd met de agrariërs maar het kan altijd beter.

Dus in principe ja maar met inachtneming van de kanttekeningen van de heer Bruins en de heer Genuit. Mevrouw KOENDERS memoreert dat eerder een ondergrens is gesteld voor lokale deelname aan energie-opwekprojecten, namelijk minimaal 50% lokale deelneming. Er kan dus zeker een waarborg worden ingebracht dat ook lokale ondernemers daarin meegenomen worden. Als met ondernemers wordt gesproken over verdienmodellen zou daar een drempel in moeten worden aangebracht. Met name de agrariërs in de regio herkennen zich niet in de beelden die zijn opgehaald in de gebiedsateliers terwijl het met name gaat om hun gronden en dat is een zorgelijk punt om te constateren. Er wordt gezegd dat met enkele van de lokale agrariërs contact is opgenomen. Met Raad op Pad zijn raadsleden uitermate welkom binnengehaald en dit is een gemiste kans om hen er meer bij te betrekken. Tot 7 september konden suggesties op het Groeidocument worden gegeven maar na de zomer is een iets langere termijn nodig om te kunnen reageren voor de agrariërs in het buitengebied. Kan de wethouder ervoor zorgen dat die termijn wordt verlegd naar een later moment? Wethouder EIJBAARD zegt dat een zorgvuldig proces is doorlopen waarin alle agrariërs al in een vroeg stadium betrokken zijn.

In het proces dat is gelopen is ook afgesproken dat ze iemand naar voren mochten schuiven namens alle agrariërs die ook in het ambtelijk overleg aan tafel zat om mee te praten over het Handelingsperspectief. Er zijn 3 gebieden in de regio die sterk van elkaar verschillen. De opgaven op De Heuvelrug zijn anders dan die in Eemland of in de Gelderse Vallei. Als je die 3 gebieden bij elkaar brengt zorgt dat voor spanningen, zeker als je kijkt naar de opgaven die er liggen in de Gelderse Vallei die stevig zijn. Dit document is primair bedoeld voor de lokale agrariërs maar ook voor de lokale landgoedbeheerders als de heer Insinger en Staatsbosbeheer om voor die mensen en organisaties perspectief te bieden wat kan zo meteen wel worden gedaan binnen de regels die er zijn en waar doen we dat dan zodat er duidelijkheid is. Dus er is geen noodzaak voor het verlengen van de

30

termijn van participatie. Dit zou dan ook de enige gemeente zijn die dat wil en dit is een regionaal proces. Mevrouw KOENDERS vindt dit prettig om te horen maar de fractie zal met de eigen achterban voeling blijven houden of zij inderdaad die mening delen. De heer GENUIT geeft aan dat de raadsinformatiebrief is geagendeerd omdat het college vraagt om een reactie van de raad op de 3 vragen. Is het college met de andere gemeenten binnen het Utrechtse deel van de regio Amersfoort op de goede weg met dit Groeidocument? Kan de raad zich vinden in de uitgangspunten voor het toekomstperspectief dat in het Groeidocument wordt genoemd? Heeft uw raad suggesties om de inhoud verder aan te scherpen? De 3e vraag is in de startnotitie is vastgesteld dat het Handelingsperspectief participatief tot stand komt. Biedt het proces tot nu toe voldoende opbrengst voor een goede belangenafweging later dit jaar? De 3e vraag is eigenlijk al besproken en daarom kan het worden beperkt tot de eerste 2 vragen. GroenLinks vindt dat het Groeidocument een goede en evenwichtige basis biedt om tot een Handelingsperspectief voor de regio Amersfoort te komen. Mevrouw BRUIJSTENS kan zich grotendeels vinden in de uitgangspunten voor het toekomstperspectief die in het Groeidocument worden genoemd voor de regio Eemland.

In de hoofdlijn van het toekomstbeeld 2040 staat bij het landschapstype randmeerkust de mogelijkheid vermeld voor een drijvend zonneveld in combinatie met moeras en natuurontwikkeling. De raad heeft op 7 juli 2021 een motie aangenomen bij de besluitvorming over de RES 1.0 waarin de raad van mening is dat het Eemmeer gezien de Natura2000 status uitgesloten moet zijn voor energieopwekking. Er is ook provinciaal beleid dat dit niet toestaat. Wethouder EIJBAARD geeft aan dat de provincie ook aan tafel zit en meeleest en als er dingen in staan die niet zouden passen wordt die zeker op de vingers getikt maar als mevrouw Bruijstens de vraag technisch stelt zal worden gekeken hoe het precies zit. l 7. Sluiting De VOORZITTER sluit de vergadering om 00.12 uur. Aldus vastgesteld in de openbare bijeenkomst "Debat in de Raad" van 1 I oktober 2023. De griffier,

De voorzitter, de heer W.J.L. Genuit

I

/

,

)

W

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13161610/2