CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

210127 Tussenevaluatie omgekeerd inzamelen en regionale grondstoffenvisie (215420)

Debat in de Raad 10 februari 2021, gemeente BaarnBij agendapunt: Raadsinformatiebrief Tussenevaluatie omgekeerd inzamelen en regionale grondstoffenvisie18.790 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

inlichtingen bij

Beatrijs Erends

doorkiesnummer

0618205738

uw kenmerk ons kenmerk

170974 / 215420

datum

27 januari 2021

portefeuillehouder(s) onderwerp

Aan de raadsleden en steunfractieleden van de gemeente Baarn

Wethouder Vissers Tussenevaluatie omgekeerd inzamelen en regionale grondstoffenvisie

Geachte leden van de raad en steunfractieleden,

Met deze brief informeren wij u over de resultaten van de tussentijdse evaluatie van het omgekeerd inzamelen. Daarnaast delen we de nieuwe bestuurlijke visie op grondstoffeninzameling, die in RMNverband is opgesteld. Tussentijdse evaluatie omgekeerd inzamelen In april 2020 is de invoering van de tweede fase van het omgekeerd inzamelen afgerond. In deze brief vatten wij de belangrijkste conclusies en aanbevelingen van de tussentijdse evaluatie samen. De volledige tussentijdse evaluatie vindt u in de bijlage. Omdat het financiële deel van de tussenevaluatie is uitgevoerd door een extern bureau, is dat deel een apart document. De tussentijdse evaluatie van het omgekeerd inzamelen is uitgevoerd ruim een half jaar na het afronden van de tweede fase van het omgekeerd inzamelen. Omdat het nieuwe inzamelsysteem nog niet zo lang in gebruik is, heeft de tussentijdse evaluatie grotendeels het karakter van een voortgangsrapportage. De tussentijdse evaluatie geeft inzicht in de eerste resultaten op het gebied van service, milieu en kosten. Service Om de tevredenheid van inwoners met de afvalinzameling en de invoering van het omgekeerd inzamelen te meten, is een enquête uitgevoerd. De resultaten laten zien dat inwoners het in meerderheid belangrijk vinden om hun afval te scheiden, maar dat ze met name over inzameling van hun restafval weinig positief zijn.

De minicontainer voor restafval zou vaker geleegd moeten worden en de ondergrondse containers voor restafval zijn voor veel inwoners niet gemakkelijk in gebruik. De PMD-inzameling krijgt van de respondenten een hogere waardering, maar een deel van de respondenten geeft aan liever minder containers in de tuin te hebben staan. Milieu De milieuresultaten laten zien dat de serviceprikkel werkt: een hogere service leidt tot meer aanbod en vice versa. Het percentage gescheiden inzameling nam in 2020 toe tot 70%, een toename van 7

Stationsweg 18 Postbus 1003 3740 BA Baarn t (035) 548 16 11 e gemeente@baarn.nl I Voor ons privacybeleid zie www.baarn.nl Bank Nederlandse Gemeenten NL28BNGH0285000594. Bij beantwoording graag datum en kenmerk brief vermelden

procentpunt sinds 2014. Het doel van 75% gescheiden inzameling in 2020 is niet behaald. De toename van afvalscheiding is grotendeels te wijten aan het PMD: vorig jaar werd bijna 90% van het vrijgekomen PMD door inwoners gescheiden aangeboden. Tegelijkertijd blijft het restafval verder afnemen, hoewel de implementatie van omgekeerd inzamelen op dat vlak niet tot een trendbreuk heeft geleid. De keerzijde van de toename in kwantiteit van PMD, is een vermindering van de kwaliteit. Met name in het PMD dat wordt aangeboden in minicontainers, is sprake van relatief veel vervuiling. Kosten In het financiële deel van de tussenevaluatie, uitgevoerd door Royal Haskoning DHV, wordt een vergelijking gemaakt tussen de kosten voor invoering van omgekeerd inzamelen, de kosten een paar maanden na invoering van omgekeerd inzamelen, en de kosten zoals die waren geweest als omgekeerd inzamelen niet was ingevoerd. Hieruit blijkt dat de beoogde besparing van €189.000 ruim gerealiseerd is: zonder omgekeerd inzamelen zou het kostenniveau met € 213.000,- extra gestegen zijn ten opzichte van 2017. Tegelijkertijd blijven diverse autonome kosten stijgen, waardoor we zowel in 2020 als in 2021 te maken hebben met een forse stijging van de kosten voor afvalinzameling en -verwerking en dus van het tarief voor de afvalstoffenheffing.

De rapportage laat echter zien dat omgekeerd inzamelen een dempend effect heeft op deze kostenstijging. Aanbevelingen De resultaten laten zien dat er in de gescheiden afvalinzameling ruimte is voor optimalisatie. In de tussenevaluatie wordt daarom een aantal aanbevelingen gedaan. Het betreft hier maatregelen die uitgevoerd zouden kunnen worden los van een eventuele keuze om in de toekomst het PMD op een andere manier in te zamelen. De belangrijkste aanbevelingen zijn: 1. 2. 3. 4.

Monitor de voortgang, met aandacht voor kwaliteit van PMD en GFT. Blijf aandacht besteden aan afvalscheiding en intensiveer de communicatie en handhaving. Faciliteer afvalscheiding van GFT en OPK bij hoogbouw. Deze stromen zullen altijd aan de bron gescheiden moeten worden. Zet in op afvalpreventie, om de totale hoeveelheid vrijgekomen huishoudelijk afval te reduceren.

De punten 2 en 3 zijn eerder ook al genoemd in de startnotitie over doorontwikkeling van het afvalbeleid. Hoewel de maatregelen bij kunnen dragen aan betere milieuresultaten en kostenbeheersing, vragen zij ook om investeringen. Hiervoor is in de begroting geen budget gereserveerd. Ook is er binnen het gesloten systeem afvalstoffenheffing geen ruimte, omdat de verwachting is dat de voorziening dit jaar volledig uitgeput zal zijn. Eindevaluatie omgekeerd inzamelen De eindevaluatie omgekeerd inzamelen zal uitgevoerd worden nadat de nieuwe inzamelmethodiek een volledig jaar in uitvoering is en zal bestaan uit dezelfde drie onderdelen als de tussenevaluatie. De eindevaluatie zal na het zomerreces ter besluitvorming aan u worden aangeboden. Omdat de

2

tussenevaluatie later is uitgevoerd dan gepland, zit er minder tijd tussen de tussen- en eindevaluatie. De verwachting is dat de conclusies van de eindevaluatie in lijn zullen zijn met de tussenevaluatie. Regionale bestuurlijke visie op grondstoffeninzameling Terwijl we in Baarn afgelopen jaar de implementatie van een grote beleidswijziging afrondden en nu in de evaluatiefase zitten, is in RMN-verband recent een nieuwe visie vastgesteld. Het stuk is vooral een verkenning van de beleidsmaatregelen die mogelijk zijn op weg naar een samenleving met zo weinig mogelijk afval, en geeft inzicht in de effecten van de diverse maatregelen op milieu en kosten. De beschreven systemen, zoals bron- en nascheiding van PMD en een gedifferentieerd tarief voor restafval, kunnen door uitvoeringsorganisatie RMN geleverd worden. Nascheiding van PMD De grondstoffenvisie beschrijft dat de mogelijkheden van nascheiding van PMD op de korte termijn beperkt zijn. Er is op dit moment namelijk onvoldoende capaciteit bij nascheidingsinstallaties in Nederland. Daarnaast zou nascheiding tot mindere milieuresultaten leiden: waar Baarn afgelopen jaar 33 kilo PMD per inwoner inzamelde, zou met nascheiding gemiddeld slechts 11 kilo PMD per inwoner bereikt kunnen worden. Ook is nascheiding fors duurder dan bronscheiding, omdat de verwerkingskosten hoger zijn en de vergoedingen lager.

Dit weegt niet op tegen de besparing in de logistiek. Uit beantwoording van schriftelijke vragen van september jl. bleek dat een overstap op nascheiding daarnaast ook een aanzienlijke kapitaalvernietiging betekent. Verder is bekend dat bronscheiding van PMD leidt tot meer bewustwording voor afvalscheiding in het algemeen en in Baarn bijvoorbeeld tot meer gescheiden GFT. Een risico van nascheiding is dat het ten koste gaat van kwaliteit en kwantiteit van andere gescheiden grondstoffen. Extra kosten hiervan zijn niet in de berekening meegenomen. In de toekomst zou nascheiding van PMD mogelijk ingezet kunnen worden bij hoogbouw. Nascheiding zou voor die doelgroep een oplossing kunnen zijn, omdat bronscheiding van PMD in kleinere woningen zonder tuin lastiger is. Op die manier zou nascheiding bij kunnen dragen aan het realiseren van de milieudoelstellingen. Ook is het mogelijk dat als de hoeveelheid restafval in de toekomst sterk is afgenomen, nascheiding in de beleving niet meer betekent dat het PMD bij het restafval aangeboden wordt, maar andersom. Zoals in het laatste hoofdstuk van de visie wordt beschreven, is het aan de individuele gemeenten om beleidskeuzes te maken. De visie kan dienen als basis voor deze keuzes. In Baarn zijn eventuele nieuwe beleidskeuzes pas na de eindevaluatie omgekeerd inzamelen aan de orde.

Net als de tussenevaluatie omgekeerd inzamelen laat deze grondstoffenvisie zien dat er nog een lange weg te gaan is richting een afvalvrije samenleving en dat meer en minder ingrijpende maatregelen de komende jaren nodig zullen zijn om de kosten beheersbaar te houden.

3

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Baarn,

drs. C.E. Creveld gemeentesecretaris

E. Jansma 1e locoburgemeester

Bijlagen: Bijlage 1 Tussentijdse evaluatie omgekeerd inzamelen - kosten Bijlage 2 Tussentijdse evaluatie omgekeerd inzamelen - service en milieu Bijlage 3 Regionale bestuurlijke visie op grondstoffeninzameling

4

RAPPORT Tussentijdse evaluatie Omgekeerd Inzamelen Financiële evaluatie Klant:

Gemeente Baarn

Referentie: BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001 Status:

S0/P01.01

Datum:

11-11-2020

Alleen voor intern gebruik

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

Laan 1914 no.35 3818 EX AMERSFOORT Transport & Planning Trade register number: 56515154 +31 88 348 20 00 T +31 33 463 36 52 F info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Titel document: Tussentijdse evaluatie Omgekeerd Inzamelen Ondertitel: Referentie: BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001 Status: P01.01/S0 Datum: 11-11-2020 Projectnaam: VANG Support Baarn Projectnummer: BH3787-102-100 Auteur(s): Paul Mul

Opgesteld door: Paul Mul Gecontroleerd door: Jacqueline Vermaak Datum: 26 oktober 2020 Goedgekeurd door: Paul Mul Datum: 11 november 2020

Classificatie Alleen voor intern gebruik

Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever.Let op: dit document bevat persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V. en dient voor publicatie of anderszins openbaar maken te worden geanonimiseerd.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

i

Alleen voor intern gebruik

Inhoud 1

Inleiding

1

2

Uitrol en investeringen

2

3

Kostenontwikkeling

4

3.1

Verwerkingskosten

4

3.2

Inzamelkosten laagbouw

7

3.3

Extra Kapitaalkosten

8

3.4

Onderhouds- en overige kosten

9

3.5

Overzicht kostenontwikkeling

10

4

Benchmark kostenontwikkeling

11

5

Conclusies en aanbevelingen

14

5.1

Conclusies

14

5.2

Aanbevelingen

15

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

ii

Alleen voor intern gebruik

1

Inleiding

Implementatie omgekeerd inzamelen in Baarn Op 28 oktober 2015 heeft de raad het Gemeentelijk Grondstoffenplan 2015 – 2025 vastgesteld. Daarbij is besloten om in RMN-verband te kiezen voor een vorm van omgekeerd inzamelen. Het uitgangspunt daarbij was dat omgekeerd inzamelen kostenbesparend is en dat het huishoudens stimuleert om afval beter te scheiden. Op 27 september 2017 heeft de raad ingestemd met het opstellen van een plan van aanpak door RMN voor de implementatie van omgekeerd inzamelen. De verwachting daarbij was dat er per saldo een positief effect van € 189.000,- zou ontstaan. In oktober 2018 waren 11 van de 19 ophaalwijken in Baarn voorzien van een vierde minicontainer voor PMD. Uiteindelijk zijn fase 1 en 2 begin april 2020 volledig geïmplementeerd. Scope van de financiële evaluatie In dit rapport staat de financiële tussenevaluatie van de implementatie van omgekeerd inzamelen in Baarn centraal. Deze financiële tussenevaluatie is onderdeel van een bredere tussenevaluatie. De andere twee onderdelen gaan respectievelijk in op de milieuresultaten en serviceresultaten (bewonersonderzoek). Drie situaties: 2017, basisscenario en omgekeerd inzamelen Om het financiële effect te kunnen duiden, worden steeds drie situaties beschouwd in het rapport: 1. de situatie in 2017; 2. de basissituatie 2020 (systeem en milieuprestaties 2017, tarieven 2020); 3.

omgekeerd inzamelen 2020 (systeem 2020, milieuprestaties april-juni 2020, tarieven 2020). Dit is gedaan om een eerlijke vergelijking te kunnen maken: ook zonder de implementatie van omgekeerd inzamelen zou er een financieel effect zijn in 2020 t.o.v. 2017, bijvoorbeeld door prijsindexaties of veranderende markttarieven. Leeswijzer In het volgende hoofdstuk worden de geplande investeringen in onder meer minicontainers en ondergrondse containers vergeleken met de praktijk tot op heden. In hoofdstuk 3 wordt vervolgens ingegaan op de veranderingen in de opbouw van de kosten van het afvalbeheer, bestaande uit verwerkingskosten, inzamelkosten, kapitaallasten, onderhoudskosten en overige kosten. Hoofdstuk 4 bevat een beknopte benchmark, waarin de milieuprestaties, verwerkingskosten en hoogte van de afvalstoffenheffing van Baarn vergeleken worden met de ontwikkeling daarvan in enkele andere gemeenten, zowel binnen als buiten RMN-gebied. Tot slot worden in hoofdstuk 5 de conclusies en aanbevelingen gepresenteerd.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

1

Alleen voor intern gebruik

2

Uitrol en investeringen

In april 2020 is de nieuwe inzamelstructuur voor laagbouwwoningen helemaal opgeleverd door RMN. Hiermee is in 2018 gestart. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de investeringen die zijn gedaan tussen 2018 en april 2020 om de nieuwe inzamelstructuur in Baarn te realiseren: Geplande investeringen (2018)

Praktijk tot heden (1-7-2020)

Totaal €

Aantal

Prijs/stuk

Totaal €

Aantal

Prijs/stuk

6.738

€ 31

€ 208.878

8.494

€ 25

€ 212.350

22

€ 8.000

€ 176.000

20

€ 8.500

€ 170.000

Nieuwe Minicontainers PMD Ondergrondse containers Restafval Overige investeringen Projectmanagement RMN

€ 51.700

€ 75.000

Projectmanagement Baarn

€ 74.000

€ 74.000

Recyclingcoach RMN

€ 14.400

€ 14.400

Opbrengst oude rest mini’s TOTAAL

-

-

-

1.600

€ 2,25.

€ 526.000

- € 3.600 € 541.000

Tabel 2.1 Overzicht investeringen 2018 – 2020 in de nieuwe inzamelstructuur in Baarn

Investering minicontainers Er is alleen geïnvesteerd in bijna 8.500 minicontainers voor PMD voor laagbouw aansluitingen. De kosten per container zijn € 22,-. Daarnaast kost het nog ca € 3,- om een container uit te zetten. Onder de uitzetkosten vallen onder andere het uitzetten van de minicontainer zelf, het administreren van de container en de communicatie met bewoners daarover. Door een gunstige aanbesteding van de minicontainers is de kostprijs per stuk met € 22,- lager dan de begrote € 28,-. Doordat er 1.756 meer containers zijn uitgezet dan begroot, is de totale investering in minicontainers van € 212.350,- ca 1,7% hoger uitgevallen dan begroot. Het grotere aantal uitgezette containers dan begroot komt doordat er uiteindelijk minder woningen zijn aangesloten op ondergrondse containers. Figuur 2.1 Nieuw uit te zetten PMD-minicontainers in Baarn

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

2

Alleen voor intern gebruik

Uitgangspunt in de RMN-begroting 2019 (opgesteld in 2017) was dat 70% van de laagbouwaansluitingen vier minicontainers zou krijgen en dat 30% van de laagbouwaansluitingen restafval naar een ondergrondse container zou brengen. In de praktijk heeft 81% van de laagbouwaansluitingen de restafvalcontainer aan huis behouden en een vierde minicontainer voor PMD ontvangen. Investering ondergrondse containers Laagbouw woningen met geen of kleine tuin moeten hun restafval naar een ondergrondse restafval container brengen. In totaal gaat het om ca 1.600 woningen. Hiervoor zijn 20 ondergrondse restafval containers geplaatst. Er waren er 22 begroot. Het lagere aantal dan begroot komt door het lagere aantal woningen (19%) dat gebruik maakt van ondergrondse containers (begroot was 30%). Het aantal ondergrondse containers is niet evenredig afgenomen, omdat de loopafstand acceptabel moet blijven.

De investering in een ondergrondse container bestaat uit de container zelf, de apparatuur (paslezer e.d.), de betonput en de plaatsingskosten. De totale prijs per stuk komt op ca € 8.500,-. Dat is iets hoger dan de begrote € 8.000,-. De iets hogere aanschafprijs komt doordat de prijzen uit de aanbesteding wat hoger zijn uitgevallen. De totale investering in ondergrondse containers heeft met € 176.000,- ca 3,4% lager uitgepakt dan begroot.

Figuur 2.2 Plaatsing container onderaan de Nassaulaan

Overige investeringen Naast investeringen zijn er ook eenmalige projectkosten gemaakt. De eenmalige kosten van RMN betreffen: • Externe projectleider - € 75.000,: dit betreffen de gemaakte uren voor een externe projectleider om het project in goede banen te leiden. • Recyclecoach - € 14.400,-: dit betreffen de uren van de recyclecoach • Opbrengst vervallen minicontainers - € 3.600,-: dit betreffen de restwaarde (€ 1.500,-) plus opbrengsten van hergebruik (€ 2.100,-) van de vervallen 1.600 restafval minicontainers Hierboven op komen nog de kosten van de gemeentelijke projectleider (ook externe inhuur). De kosten hiervoor bedroegen € 74.000,-.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

3

Alleen voor intern gebruik

3

Kostenontwikkeling

Door de nieuwe inzamelstructuur verandert de kostenopbouw van het afvalbeheer in Baarn. In dit hoofdstuk worden de effecten op een rij gezet: • Verwerkingskosten (3.1): door het nieuwe systeem zijn de verwerkingskosten gedaald en de opbrengsten van grondstoffen toegenomen; • Inzamelkosten (3.2): de kosten voor de inzameling van restafval zijn gedaald en die voor de inzameling van grondstoffen zijn iets gestegen; • Kapitaallasten (3.3): de investeringen in nieuwe inzamelmiddelen heeft ervoor gezorgd dat de kapitaallasten voor het afvalbeheer zijn gestegen; • Onderhoud- en overige kosten (3.4): door de nieuwe inzamelmiddelen zijn er meer onderhoudskosten. Om het kosteneffect goed te kunnen vergelijken, zijn steeds drie situaties doorgerekend: • Situatie 2017: situatie voor de implementatie van omgekeerd inzamelen, tarieven 2017; • Basissituatie: situatie voor de implementatie van omgekeerd inzamelen, tarieven 2020; • Omgekeerd inzamelen: situatie na de implementatie van omgekeerd inzamelen, tarieven 2020. Om de effecten van omgekeerd inzamelen eerlijk te kunnen vergelijken, is de basissituatie uitgerekend. Dit was het scenario als de gemeente niet omgekeerd inzamelen had ingevoerd.

3.1

Verwerkingskosten

Trend ingezamelde hoeveelheden Om de verwerkingskosten door de implementatie van omgekeerd inzamelen te kunnen berekenen, is gekeken naar de ingezamelde hoeveelheden van de maanden april tot en met juni 2020. Deze zijn vergelijken met de ingezamelde hoeveelheden in de maanden april tot en met juni 2019. Op basis van het relatieve verschil (%) zijn de ingezamelde hoeveelheden van de maanden april tot en met juni geëxtrapoleerd naar heel 2020 (prognose) o.b.v. de totale hoeveelheid per inwoner in 2019 (CBS-cijfers). De onderstaande figuur laat de trend zien met betrekking tot de ingezamelde hoeveelheden restafval, GFT, PMD en papier tussen 2012 en heden. 220

Hoeveelheid afval (kg/inw)

200 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0 2014

2015

2016

Restafval

2017 GFT

2018 PMD

2019

2020*

papier

Tabel 3.1 Trend ingezamelde hoeveelheden restafval, GFT, PMD en papier tussen 2012 en 2020 (prognose) in kg/inw

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

4

Alleen voor intern gebruik

De figuur laat zien dat de hoeveelheid restafval sinds 2015 gestaag daalt: van 205 kg/inw in 2015 naar 137 kg/inw in 2020 (prognose). De gemiddelde daling van de hoeveelheid restafval was 13,6 kg/inw jaar. De geprognosticeerde daling in 2020 t.o.v. 2019 is 15,5 kg/inw (-10%). De daling in 2020 volgt daarmee de langjarige trend. Er lijkt daarom geen sprake van een trendbreuk voor restafval. Voor GFT en PMD is wel een duidelijke trendbreuk te zien in de figuur. De hoeveelheid GFT was de afgelopen jaren stabiel rond de 100 kg/inw. De prognose is dat de hoeveelheid GFT in 2020 met ca 23% stijgt. De hoeveelheid ingezameld PMD neemt de afgelopen jaren gestaag toe (met ca 2 kg/inw extra PMD per jaar). 2020 laag een duidelijke versnelling zien met een geprognosticeerde extra hoeveelheid PMD van ca 13 kg/inw per jaar. De gewijzigde hoeveelheden ingezameld afval hebben effect op de verwerkingskosten (zie verder). N.B. De bovengenoemde hoeveelheden zijn geëxtrapoleerd naar jaarbasis conform het nieuwe systeem met OI. In de praktijk werd in het eerste kwartaal van 2020 nog ingezameld conform het oude systeem. In werkelijkheid zullen de hoeveelheden (en kosten) over 2020 daarom hoger uitpakken.

Corona correctiefactor In veel gemeenten is door COVID-19 een extra aanbod van afval zichtbaar. Het gaat daarbij vooral om restafval en verpakkingen (PMD). Dit komt doordat mensen meer thuis zijn en meer thuis consumeren. In andere gemeenten is het extra afvalaanbod in de maanden april tot en met juni 2020 ten opzichte van 2019 geweest (de COVID-19 factor): • GAD: +19% • Soest: + 10% • IJsselstein + 21% Gemiddeld gaat het om 10 tot 20% extra afval door COVID-19. Als met dat percentage ook gerekend wordt, zou de restafvalreductie door OI groter zijn dan nu gemeten (-10%). Met een reductie van 20 tot 30% t.o.v. 2019 zou de hoeveelheid restafval uitkomen op circa 107 tot 122 kg/inw.

Figuur 3.2 Afvalcoach RMN in actie

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

5

Alleen voor intern gebruik

Effect op huidige verwerkingskosten (2020) Onderstaande tabel laat zien dat ten opzichte van de basissituatie de verwerkingskosten met € 153.000,op jaarbasis zijn gedaald. Het effect zit vooral in de gedaalde hoeveelheid restafval (besparing € 87.000,-) en de extra opbrengsten van PMD (extra opbrengst € 106.000). Door de extra ingezamelde hoeveelheid GFT zijn de verwerkingskosten daarvan wel gestegen (stijging van € 38.000). Per huishouden is het effect ongeveer € 14,- op jaarbasis. NB. Voor PMD is met 95% van de nieuwe inzamelvergoeding van € 261,- per ton PMD gerekend. 2017 Stroom Kg/inw

€ / ton

Rest

176,23

GFT

Basissituatie 2020 € / ton

€ totaal

Omgekeerd inzamelen 2020

€ totaal

Kg/inw

63,07

€ 275.280

176,23

89,23 € 389.461

137

89,23 € 302.764

98,83

52,66

€ 128.897

98,83

55,97 € 136.999

126

55,97 € 174.662

PMD

14,29

-220

-€ 77.862

14,29

-248

-€ 87.755

31,6

-248 -€ 194.055

papier

51,21

-89,19 -€ 113.121

51,21

-79 -€ 100.197

50

TOTAAL

341

€ 213.194

341

€ 338.508

345

Kg/inw

€ / ton

-79

€ totaal

-€ 97.830 € 185.542

Tabel 3.1 Effect verwerkingskosten door de implementatie omgekeerd inzamelen

Toekomstige verwerkingskosten (2021) Per 2021 gaan de nieuwe AVU contracten in, met hogere verwerkingstarieven voor met name restafval en GFT. Ook is de PMD-inzamelvergoeding in 2021 lager dan in 2020 (€ 245,- vs. € 261,- per ton). De effecten van de nieuwe AVU contracten staan in de onderstaande tabel. 2017 Stroom Kg/inw

€ / ton

Rest

176,23

GFT

Basissituatie 2021 € / ton

€ totaal

Omgekeerd inzamelen 2021

€ totaal

Kg/inw

63,07

€ 275.280

176,23

139 € 604.463

137

139 € 469.905

98,83

52,66

€ 128.897

98,83

84 € 204.853

126

84 € 261.171

PMD

14,29

-220

-€ 77.862

14,29

-233

-€ 82.072

31,6

-233 -€ 181.490

papier

51,21

-89,19 -€ 113.121

51,21

-79 -€ 100.197

50

TOTAAL

341

€ 213.194

341

€ 627.046

345

Kg/inw

€ / ton

-79

€ totaal

-€ 97.470 € 452.116

Tabel 3.2 Effect verwerkingskosten door de implementatie omgekeerd inzamelen

Tabel 3.2 laat zien dat ook met het systeem van omgekeerd inzamelen de verwerkingskosten in 2021 flink toenemen ten opzichte de uitgangssituatie in 2017 (+ € 239.000,-). Zonder omgekeerd inzamelen was het effect nog veel groter geweest (+ € 414.000,-). Omgekeerd inzamelen heeft dus een dempend effect op de kostenstijging. Tussen tabel 3.1 en 3.2 zit door de nieuwe verwerkingskosten (door het nieuwe AVU-contract) er een verschil van € 266.000,-. Dit is een verschil van ca € 24,- per huishouden.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

6

Alleen voor intern gebruik

3.2

Inzamelkosten laagbouw

Situatie 2017 Stroom

Methode

Aantal

Frequentie (#/jr) Tarief (€/keer)

€ totaal

Aan huis Rest

Minicontainer

8.500

26

€ 1,10

€ 243.827

GFT

Minicontainer

8.500

26

€ 1,00

€ 220.156

PMD

Zakken

8.500

26

€ 0,77

€ 169.672

Papier

Minicontainer

8.500

13

€ 0,77

€ 84.836 € 718.491

TOTAAL Tabel 3.3 Inzamelkosten o.b.v. inzamelsysteem en tarieven 2017

Basissituatie (Situatie 2017, tarieven 2020) Stroom

Methode

Aantal

Frequentie (#/jr) Tarief (€/keer)

€ totaal

Aan huis Rest

Minicontainer

8.500

26

€ 1,23

€ 271.542

GFT

Minicontainer

8.500

26

€ 1,11

€ 245.014

PMD

Zakken

8.500

26

€ 0,86

€ 189.811

Papier

Minicontainer

8.500

13

€ 1,07

€ 118.316 € 824.683

TOTAAL Tabel 3.4 Inzamelkosten o.b.v. inzamelsysteem en tarieven 2020

Omgekeerd inzamelen (2020) Stroom

Methode

Aantal

Frequentie (#/jr) Tarief (€/keer)

€ totaal

Aan huis Rest

Minicontainer

6.900

13

€ 1.32

€ 118.315

GFT

Minicontainer

8.500

26

€ 1,07

€ 236.631

PMD

Minicontainer

8.500

26

€ 1,07

€ 236.631

Papier

Minicontainer

8.500

13

€ 1,07

€ 118.316

Ondergrondse cont.

20

52

€ 14,04

€ 14.600

Brengen Rest

€ 724.493

TOTAAL Tabel 3.5 Inzamelkosten o.b.v. omgekeerd inzamelen en tarieven 2020

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

7

Alleen voor intern gebruik

De inzamelkosten in 2020 zijn ten opzichte van 2017 nauwelijks gestegen (circa 1%). Dat komt vooral door de nieuwe inzamelsystematiek die bij omgekeerd inzamelen wordt toegepast. De RMN-tarieven voor de inzameling van papier en PMD zijn wel met ca 12% gestegen. Wanneer de nieuwe situatie in 2020 wordt vergeleken met de basissituatie (situatie 2017, tarieven 2020) dan zijn de inzamelkosten juist met zo’n 14% gedaald (€ 100.000,-). De besparing zit vooral in de lagere kosten voor het inzamelen van restafval. Dat komt door de halvering van het aantal inzamelmomenten. Per huishouden is het effect ongeveer € 9,- op jaarbasis. In de tabellen 3.3, 3.4 en 3.5 is wel te zien dat de tarieven per lediging verschillen (zouden eigenlijk dezelfde rekentarieven moeten zijn). Als verklaring hiervoor geeft RMN: • tarief GFT: door efficiëntere inzameling (één route verdeeld over bestaande wijken) is het tarief gedaald van € 1,11 naar € 1,07 per lediging van de GFT minicontainer. • tarief papier: de tarieven zijn sinds 2017 flink gestegen (van € 0,77 naar € 1,07) doordat in 2017 het aantal uren inzet (voertuig + chauffeur) van de zijlader te laag was ingeschat. • tarief PMD: het verschil komt door de inzameling van zakken naar minicontainers. De kosten per aansluiting zijn gestegen van € 0,86 naar € 1,07.

3.3

Extra Kapitaalkosten

De kapitaallasten zijn door RMN berekend op basis van de volgende uitgangspunten: • Rentepercentage: 1% • Afschrijftermijn: 10 jaar • Afschrijfmethode: lineair 2017 Stroom Aantal

Basissituatie (2020)

€/stuk

€ totaal

Omgekeerd inzamelen

Aantal

€/stuk

€ totaal

Aantal

€/stuk

€ totaal

8.500

2,65

22.500

6.900

2,65

€ 18.300

8.494

2,65

€ 22.500

20

925

€ 18.500

-

-

-

Minicontainers (nog niet afgeschreven) Rest (vervallen mini’s)

8.500

€ 22.500

2,65

PMD Ondergrondse containers Rest

-

-

-

-

-

-

Overige inzamelmiddelen Zakken PMD TOTAAL

8.500

€ 15.600 € 38.100

8.500

€ 15.600 € 38.100

€ 59.300

Tabel 3.5 Extra kapitaalkosten door investeringen OI

Door de nieuwe PMD-minicontainers en ondergrondse restafval containers zijn de kapitaalkosten met in totaal ca € 41.000,- op jaarbasis gestegen. Door het kleinere aantal minicontainers voor restafval treedt daar een kleine kostenreductie op van € 3.300,-. Netto zijn de kapitaallasten zo met ca € 38.000,gestegen.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

8

Alleen voor intern gebruik

PMD-zakken De kosten voor PMD-zakken zijn eigenlijk geen kapitaallasten, maar worden toch onder deze kostenpost meegenomen. De kosten voor het inkopen en distribueren van PMD zakken is ca € 1,50 per huishouden per jaar. De totale kosten voor 8.500 laagbouwaanslutingen komt dan op € 15.600,- op jaarbasis. In de nieuwe situatie met OI komen deze kosten te vervallen. Dat levert een besparing op. Totaaleffect kapitaalkosten Het totale effect op de kapitaalkosten is een verhoging van € 21.200,- op jaarbasis ofwel ca € 2,- per aansluiting.

3.4

Onderhouds- en overige kosten 2017

Stroom

Basissituatie

Aantal

tarief

€ totaal

Aantal

Rest

8.500

1,5

€ 12.750

8.500

PMD

-

-

-

-

Omgekeerd inzamelen

€ totaal

Aantal

tarief

€ totaal

1,6 € 13.600

6.900

1,6

€ 11.040

-

8.500

1,6

€ 13.600

tarief

Minicontainers

-

Ondergrondse containers Rest

38

240

€ 9.120

38

446 € 16.948

58

446

€ 25.868

papier

1

240

€ 240

1

446

€ 446

1

446

€ 446

TOTAAL

€ 9.360

€ 30.994

€ 50.954

Tabel 3.6 Extra onderhoudskosten en eventuele overige kosten door de implementatie van OI

De onderhoudskosten voor minicontainers bedragen € 1,60 per container op jaarbasis volgens opgaaf RMN. Dit is het bedrag voor minicontainers die stuk gaan (bijvoorbeeld doordat ze stuk gaan tijdens het legen). Door het extra aantal minicontainers neemt deze kostenpost toe met € 11.000,- op jaarbasis. De extra ondergrondse containers voor restafval hebben wel tot extra onderhoudskosten geleid. Ten opzichte van 2017 zijn de kosten op twee manieren gestegen: • tarief per ondergrondse containers is gestegen van € 240 naar € 446,- per stuk: dit komt door verhoging van een stelpost om het onderhoud voor de komende jaren te bekostigen (uit de praktijk blijkt dat deze kosten hoger waren dan begroot). • het aantal ondergrondse containers voor restafval is door de implementatie van OI gestegen van 38 naar 58 stuks in de hele gemeente. De totale stijging van de onderhoudskosten door de implementatie van OI ten opzichte van 2017 bedraagt ca € 42.000 (door de tariefstijging en de extra aantallen containers). De stijging ten opzichte van de basissituatie (situatie 2017, tarieven 2020) bedraagt ca € 20.000,-.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

9

Alleen voor intern gebruik

3.5

Overzicht kostenontwikkeling

Kostenpost

2017

Basissituatie

Omgekeerd inzamelen

Verwerking

€ 213.000

€ 339.000

€ 186.000

Inzameling

€ 719.000

€ 825.000

€ 724.000

-

-

€ 21.000

€ 9.000

€ 31.000

€ 51.000

€ 941.000

€ 1.195.000

€ 982.000

Kapitaal Onderhoud en overig TOTAAL

Tabel 3.7 Totaaloverzicht kostenontwikkeling door omgekeerd inzamelen

In de bovenstaande tabel zijn de kostenoverzichten uit de vorige paragraaf samengevat. Uit de tabel blijkt dat het kostenniveau door omgekeerd inzamelen iets is gestegen ten opzichte van 2017 (+ 4%). Zonder omgekeerd inzamelen zou het kostenniveau met € 213.000,- ofwel ca € 19 per aansluiting extra gestegen zijn ten opzichte van 2017. COVID-19 effect In paragraaf 3.1 staat dat in veel gemeenten de hoeveelheid restafval en PMD met circa 10 tot 20% is toegenomen. Dit levert extra verwerkingskosten voor restafval en extra opbrengsten van PMD op. Als hiermee rekening wordt gehouden (-15% restafval en -15% PMD) dan vallen de totale verwerkingskosten met € 21.000 ofwel € 2,- per aansluiting lager uit. Dit “COVID-19” effect heeft de implementatie van het systeem omgekeerd inzamelen opgevangen. Nieuwe AVU-tarieven effect De nieuwe AVU-tarieven per 2021 (vooral voor restafval en GFT) zorgen ervoor dat de verwerkingskosten sterk zullen toenemen. Op basis van het systeem omgekeerd inzamelen (in 2020 en 2021) is dit ongeveer € 266.000,-. Dit is een verschil van ca € 24,- per huishouden.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

10

Alleen voor intern gebruik

4

Benchmark kostenontwikkeling

Het effect van de introductie van omgekeerd inzamelen wordt via een benchmark met de onderstaande gemeenten vergeleken met de effecten die zijn opgetreden in Baarn: • Soest (RMN) • Gooise Meren (GAD) • Bunschoten (ROVA) • Breda (eigen dienst) • Amersfoort (ROVA) Deze gemeenten zijn gekozen, omdat deze min of meer dezelfde uitgangssituatie hadden (200 kg/inw restafval +/- 10%), een vergelijkbare systeemkeuze hebben gemaakt en hiervan cijfers beschikbaar zijn. Benchmark Milieuprestaties en verwerkingskosten De milieuprestaties worden gebenchmarkt via de indicator “hoeveelheid restafval per inwoner”1. De onderstaande figuur heeft het effect van de implementatie van omgekeerd inzamelen in de benchmark groep weer:

Hoeveelheid restafval (in kg/inw)

250

200

OI 2016/2017

150

100

50

OI+diftar 2017 0 2014 Baarn

2015 Soest

2016 Gooise Meren

2017

2018

Bunschoten

2019 Breda

2020* Amersfoort

Figuur 4.1 Milieuprestaties (hoeveelheid restafval in kg/inw) in de benchmark groep

De tabel (o.b.v. CBS-cijfers) toont aan dat de benchmarkgemeenten allemaal begonnen rond dezelfde waarde +/- 10% rond de 200 kg/inw restafval. Bij alle gemeenten heeft de implementatie van OI een reductie effect gehad op de hoeveelheid restafval (en daarmee ook de verwerkingskosten). Het effect verschilt echter wel flink per gemeente. Het grootste effect is bereikt in Breda en Bunschoten. In Breda is OI voor ca 90% doorgevoerd via ondergrondse containers voor restafval. In Bunschoten is OI (via ondergrondse restafvalcontainers) gecombineerd met de implementatie van diftar.

1

Uiteraard is dit niet de enige relevante indicator voor milieuprestaties: ook bijv. de mate van vervuiling van andere stromen en de mate waarin deze gerecycled kunnen worden, zijn relevant. Meer hierover in het deel van de tussenevaluatie dat ingaat op de milieuprestaties. 11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

11

Alleen voor intern gebruik

In de gemeenten die in 2017 t/m 2019 hun OI-systeem al (volledig) geïmplementeerd hadden, is te zien dat er een stabilisatie van de hoeveelheid restafval is opgetreden: een jaar na implementatie blijft de hoeveelheid restafval stabiel of neemt zelfs weer licht toe. Ook zijn de prognoses voor de gemeenten Gooise Meren, Bunschoten en Soest dat de hoeveelheid restafval in 2020 (vooral door COVID-19) weer behoorlijk zal toenemen. Benchmark investeringen Voor de investeringen wordt gebenchmarkt op: • investering per minicontainer • investering inclusief plaatsing van een ondergrondse container (all-in) De prijs voor de aanschaf en het uitzetten van een minicontainer in Baarn bedraagt € 25,-. In de groep benchmark gemeenten ligt deze tussen de € 23,- en € 28,-. De prijs van RMN bevindt zich dus in dezelfde prijsrange. De prijs voor de aanschaf en het plaatsen van een ondergrondse container via RMN in Baarn kost € 8.500,-. In de groep benchmark gemeenten ligt dit tussen de € 9.500,- en € 11.000,-. De prijs van RMN voor Baarn is dus lager dan in de andere gemeenten. Benchmark inzameltarieven De inzameltarieven zijn de tarieven voor de lediging van één minicontainer. Bij RMN liggen deze tussen de € 1,07 (voor GFT, PMD en papier) en € 1,32 (voor restafval). Bij de andere gemeenten liggen die tussen de € 0,80 en € 1,18 per lediging.

De kosten per lediging door RMN liggen daarmee iets hoger dan de benchmark.

€ 300 € 280 € 260 € 240 € 220 € 200 € 180

OI+diftar 2017

Hoogte Afvalstoffenheffing (€ /aansluiting)

Benchmark Afvalstoffenheffing De afvalbeheerkosten kunnen moeilijk worden gebenchmarkt, omdat daar geen openbare data voor beschikbaar is. Daarom kan alleen worden gekeken naar een afgeleide daarvan: de hoogte van de afvalstoffenheffing. De volgende figuur toont de trend van de hoogte van de afvalstoffenheffing in de benchmark groep.

€ 160 € 140 € 120 € 100 2014 Baarn

2015 Soest

2016 Gooise Meren

2017

2018

Bunschoten

2019 Breda

2020 Amersfoort

Tabel 4.2 Kostenprestaties (hoogte afvalstoffenheffing per aansluiting) in de benchmark groep

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

12

Alleen voor intern gebruik

De data in de figuur zijn gebaseerd op de rapportages “Afvalstoffenheffing” die Rijkswaterstaat WVL jaarlijks publiceert. Uit de figuur kan worden opgemaakt dat de implementatie van omgekeerd inzamelen in de meeste gemeenten geen goed zichtbaar effect heeft gehad op de hoogte van de afvalstoffenheffing. Enige uitzondering daarop vormt Bunschoten. Daar zijn de kosten in het jaar van implementatie sterk gestegen en daarna sterk gedaald. Dat kwam onder andere omdat veel eenmalige kosten in het jaar van implementatie ten laste kwamen van de heffing. Maatregelen hebben vooral een dempend effect Sinds 2019 stijgt de afvalstoffenheffing in Nederland gemiddeld genomen weer (tussen 2010 en 2019 was er een dalende trend zichtbaar). Gemeenten die op dit moment een nieuw systeem voor de afvalinzameling invoeren (zoals omgekeerd inzamelen), zien vooral een dempend effect op de stijging van de afvalstoffenheffing. Met andere woorden: zonder de restafval reducerende maatregelen zou de afvalstoffenheffing veel sterker gestegen zijn. Trend De trend voor de afvalstoffenheffing is vooral afhankelijk van de keuzes die een gemeente maakt: welke investeringen, wat voor soort afvalstoffenheffing, welk serviceniveau, etc.

Los daarvan wordt voor de komende jaren een stijging van de afvalbeheerskosten verwacht, zoals: • lagere opbrengsten grondstoffen (minder vraag vanuit de markt); • hogere verwerkingskosten voor GFT en restafval (veel aanbod op de markt en afval wordt niet meer onder de kostprijs verwerkt, zoals eerder); • gestaag stijgende logistieke kosten (conform prijsindex); • hogere eisen aan kwaliteit aangeboden stromen (en daarmee ook hogere verwerkingskosten); • hoger wordende afvalbelasting en CO2-heffing Rijk.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

13

Alleen voor intern gebruik

5

Conclusies en aanbevelingen

5.1

Conclusies

Uitrol en investeringen Begin april 2020 zijn alle voorzieningen voor de laagbouw gerealiseerd. Ongeveer 6.900 laagbouwwoningen hebben vier minicontainers waarbij de restafval minicontainer 1x per 4 weken wordt ingezameld. Ongeveer 1.600 laagbouwwoningen hebben drie minicontainers en brengen hun restafval naar een ondergrondse container. Er is geïnvesteerd in 20 ondergrondse restafval containers en ca 8.500 PMD containers. De totale investeringen bedroegen € 541.000,-. Dit is 3% hoger dan geraamd. Verwerkingskosten Ten opzichte van de basissituatie zijn de verwerkingskosten met € 153.000,- ofwel € 14,- per aansluiting op jaarbasis gedaald. Het effect zit vooral in de gedaalde hoeveelheid restafval (besparing € 87.000,-) en de extra opbrengsten van PMD (extra opbrengst € 106.000). Door de extra ingezamelde hoeveelheid GFT zijn de verwerkingskosten daarvan wel gestegen (stijging van € 38.000). Deze daling had mogelijk nog groter kunnen zijn zonder het “COVID-19 effect” (waardoor het afvalaanbod groter is). Inzamelkosten De inzamelkosten in 2020 zijn ten opzichte van 2017 nagenoeg gelijk gebleven (stijging met circa 5%). De stijging komt vooral doordat de RMN-tarieven voor de inzameling van stromen zijn gestegen (met circa 12%). De nieuwe inzamelsystematiek heeft derhalve een sterk dempend effect gehad op de stijging van de inzamelkosten.

Wanneer de nieuwe situatie in 2020 wordt vergeleken met de basissituatie dan zijn de inzamelkosten juist met zo’n 11% gedaald. De besparing zit vooral in de lagere kosten voor het inzamelen van restafval. Per huishouden is het effect ca € 7,- / jaar. Kapitaal-, onderhouds- en overige kosten Door de investeringen in minicontainers en ondergrondse containers zijn de kapitaallasten met ca€ 21.000,- ofwel bijna € 2,- per aansluiting gestegen. Hier zit inbegrepen de besparing op het verstrekken van de PMD plastic zakken van bijna € 16.000,-. De onderhoudskosten zijn door het extra aantal minicontainers en de hogere kosten per ondergrondse container gestegen met € 42.000,- t.o.v. 2017. Ontwikkeling kostenniveau Het totale kostenniveau is door de implementatie van omgekeerd inzamelen vrijwel op het niveau gebleven van 2017 (stijging van 4%). Zonder omgekeerd inzamelen zou het kostenniveau met € 213.000,ofwel ca € 19 per aansluiting extra gestegen zijn in 2020 t.o.v. 2017. Benchmark milieuprestaties In alle gemeenten treedt een daling op van de hoeveelheid restafval en een stijging van de hoeveelheid PMD. Dit levert lagere verwerkingskosten voor restafval en hogere opbrengsten van PMD op. Het effect van de implementatie van OI verschilt wel sterk per gemeente: van ca 20 kg/inw in Amersfoort tot ruim 150 kg/inw in Bunschoten.

Het grote effect in Bunschoten komt door de gelijktijdige invoering van diftar. Benchmark kostenprestaties De benchmark van de afvalstoffenheffing laat zien dat de implementatie van omgekeerd inzamelen nauwelijks tot geen effect heeft op de hoogte van de afvalstoffenheffing. Vaak wordt er wel iets bespaard, maar de besparing valt dan weg tegen andere kosten of tarieven die wel stijgen. Daarom is met een “basissituatie” gerekend (om die factoren weg te filteren): situatie 2017, tarieven 2020.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

14

Alleen voor intern gebruik

5.2

Aanbevelingen

Blijf aandacht geven aan afvalscheiden De benchmark laat zien dat de milieuprestatie (scheiding / hoeveelheid restafval) in het jaar na implementatie stabiliseert of zelfs verslechtert. Vaak komt dat ook doordat er minder aandacht is voor afval (het nieuwe systeem is geïmplementeerd). Daardoor zakt het gewenste gedrag bij inwoners ook langzaam weer weg.

Let op kwaliteit van GFT en PMD Naarmate het moeilijker wordt om restafval aan te bieden, worden (sommige) inwoners creatiever met de wijze waarop ze dat aanbieden. Dat leidt in de praktijk tot ontwijkgedrag: het op ongewenste wijze aanbieden van afvalstromen. Veel voorkomende vormen zijn: • bijplaatsingen bij ondergrondse containers; • vervuiling van gescheiden afvalstromen (GFT en PMD). Omdat Baarn hoofdzakelijk kiest voor een laagfrequente inzameling van de restafval minicontainer (en maar voor een klein deel voor ondergrondse containers voor restafval), zal het eerste punt niet veel voorkomen (en wordt daarom verder niet beschouwd). Het meest relevant voor Baarn is daarmee de vervuiling van grondstofstromen. Dit moet goed in de gaten worden gehouden (monitoring) en wanneer dit zich voordoet, moet snel worden bijgestuurd (bijv. met afvalcoaches, handhaving of een gele/rode kaarten-systeem). Ook RMN herkent dit in de vorm van een wat hogere afkeur van met name PMD.

Monitor goed de resultaten en hanteer een gerichte aanpak Frequente en gedetailleerde monitoring helpt om goed inzicht te hebben in de afvalprestaties. Zo kan snel en op het juiste niveau worden bijgestuurd. Hiervoor is het nodig om inzicht te hebben in de prestaties op buurtniveau. Door bijvoorbeeld per inzamelroute (buurtniveau) maandelijks de resultaten inzichtelijk te maken, kunnen snel afwijkingen worden geconstateerd, zodat kan worden ingegrepen. Ook kunnen dan op buurtniveau eventuele aanvullende maatregelen worden genomen (de boodschap wordt dan anders voor een goed scheidende buurt dan voor een slecht scheidende buurt).

Denk alvast na over de volgende stap Er is in Nederland geen enkele gemeente die met een “serviceprikkel” alleen, zoals het systeem omgekeerd inzamelen, de VANG-doelen haalt. De gemeente kan daarom nu al starten met het voorbereiden van de volgende stap na de implementatie van omgekeerd inzamelen om de hoeveelheid restafval verder te reduceren.

Behoud milde vorm van diftar o.b.v. volume: kleinere minicontainer restafval Baarn heeft gekozen voor een serviceprikkel om de hoeveelheid restafval te verminderen. Baarn zou kunnen overwegen om hier een “milde vorm” van diftar aan te koppelen om bewoners meer grip te laten hebben op de hoogte van de afvalstoffenheffing. Goede afvalscheiders kunnen op die manier worden beloond. Dit kan bijvoorbeeld door: • vrijwillig gebruik maken van een ondergrondse container (met maximum aantal inworpen); • vrijwillig een kleinere restafval container te kiezen met een kleinere inhoud (120 liter); • vrijwillig de leegfrequentie te verlagen naar 1x per 6 of 1x per 8 weken.

11-11-2020

BH3787-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

15

Januari 2021

Tussentijdse evaluatie omgekeerd inzamelen: service en milieu 1. Inleiding In oktober 2015 heeft de gemeenteraad het Gemeentelijk Grondstoffenplan 2015-2025 (GGP) vastgesteld. Daarin staat dat Baarn zich committeert aan de landelijke doelstellingen op het gebied van afvalscheiding: 75% gescheiden inzameling in 2020 en minder dan 100 kilogram restafval per inwoner per jaar in 2025. De strategie die gekozen werd om deze doelstelling te bereiken, is de invoering van een serviceprikkel: omgekeerd inzamelen. Uitgangspunt daarbij was dat deze en eventuele aanvullende maatregelen niet tot een verhoging van de afvalstoffenheffing mochten leiden. De manier waarop omgekeerd inzamelen in Baarn zou worden geïmplementeerd, is vervolgens verder uitgewerkt en in september 2017 door de raad vastgesteld. De implementatie is gestart in 2018 en afgerond in april 2020. Inmiddels worden het restafval en het PMD negen maanden volgens de nieuwe methode ingezameld. Deze tussenevaluatie beschrijft de resultaten van de eerste maanden omgekeerd inzamelen op het gebied van service, milieu en kosten. De tussenevaluatie heeft het karakter van een voortgangsrapportage, omdat na een periode van minder dan een jaar nog geen definitieve conclusies te trekken zijn over de mate waarin de beoogde effecten van de beleidskeuzes behaald zijn.

In dit document vindt u de resultaten van de tussenevaluatie op het gebied van service en milieu. De financiële tussenevaluatie is uitgevoerd door een extern bureau en vindt u daarom in een apart document. De tussenevaluatie wordt afgesloten met een aantal aanbevelingen.

2. Service Omgekeerd inzamelen is primair een serviceprikkel: de service voor grondstoffen wordt verhoogd en de service voor restafval wordt verlaagd. Het veranderen van het serviceniveau is een middel om doelen op het gebied van milieu en kosten te realiseren. Desalniettemin is het relevant om te meten hoe inwoners de nieuwe manier van afvalinzameling ervaren, hoe belangrijk zij het vinden om afval te scheiden en welke suggesties zij doen voor verbetering. Draagvlak voor het afvalbeleid is essentieel: het zijn immers de inwoners zelf die met hun scheidingsgedrag in belangrijke mate bepalen of het beleid succesvol is. 2.1 Opbrengst enquête en leeswijzer Om de tevredenheid van inwoners met het omgekeerd inzamelen te meten, is een enquête uitgevoerd onder inwoners die gebruik maken van een PMD-container. De enquête is gedeeld via social media en in de Baarnsche Courant en is tussen 17 december 2020 en 10 januari 2021 532 keer ingevuld. 421 respondenten hebben hun minicontainer voor restafval behouden en 111 respondenten brengen het restafval naar een ondergrondse verzamelcontainer. Deze verhouding komt overeen met de verhouding in de populatie. Verder is de groep respondenten ook op het gebied van leeftijd en huishoudgrootte redelijk representatief voor de gemeente Baarn.

Hoewel een enquête op deze manier eenvoudig is uit te voeren en voor veel inwoners goed toegankelijk is, kan een nadeel zijn dat met name inwoners met een relatief sterke mening over het onderwerp gebruik maken van de gelegenheid om van zich te laten horen. Deze rapportage bevat de belangrijkste resultaten van het onderzoek. Eerst worden de resultaten van twee algemene vragen over afval scheiden gepresenteerd, vervolgens specifieke resultaten over restafval en PMD en daarna enkele resultaten over de informatievoorziening. 1

Tot slot wordt een kort overzicht gegeven van de meest voorkomende opmerkingen die door respondenten aan het eind van de enquête zijn gemaakt. 2.2 Afvalinzameling algemeen

10%

12%

15% 19%

16% 15% 13%

1 (zeer ontevreden)

2

3

4

5

6

7 (zeer tevreden)

Grafiek 1. Tevredenheid met de manier waarop het afval nu wordt ingezameld Bovenstaande grafiek laat zien dat inwoners erg verdeeld zijn over de manier waarop de inzameling van het huishoudelijk afval nu plaatsvindt: 46% respondenten is tevreden en 41% is ontevreden, waarbij de antwoorden relatief gelijkmatig over de 7 antwoordcategorieën verdeeld zijn. Over het belang van afval scheiden bestaat onder de respondenten meer eensgezindheid: 73% van de respondenten geeft aan het belangrijk te vinden om zijn afval te scheiden. Slechts 16% is het in meer of mindere mate oneens met de stelling.

5%

5% 6%

33% 11%

13%

27%

1 (helemaal oneens)

2

3

4

5

6

7 (helemaal eens)

Grafiek 2. In hoeverre bent u het eens met de volgende stelling: “Ik vind het belangrijk om mijn afval te scheiden.” 2

2.2 Restafval Met de invoering van het omgekeerd inzamelen hebben bewoners van laagbouw met een perceel tot 130 vierkante meter hun minicontainer voor restafval in moeten leveren. Zij hebben een pas ontvangen om gebruik te kunnen maken van een ondergrondse verzamelcontainer, die op maximaal 300 meter van de woning geplaatst is. Deze situatie is van toepassing op ongeveer 20% van de inwoners van de laagbouw en ook op ongeveer 20% van de respondenten. De overige inwoners van de laagbouw heeft de minicontainer voor restafval behouden. Deze wordt eens in de vier weken geleegd; voorheen was dat eens in de twee weken. Beide groepen zijn in de enquête apart bevraagd over hun ervaringen met de inzameling van het restafval. 2.2.1 Ondergrondse containers voor restafval Onderstaande grafiek toont de mate van (on)tevredenheid met diverse aspecten rondom het gebruik van ondergrondse containers voor restafval. 100% 90% 80% 70%

14%

14%

13%

16%

11%

13% 13%

22%

8%

12%

14%

60%

11%

11%

11% 50%

9% 19%

8%

20% 13%

40% 16%

11%

30%

10%

20% 10%

13% 14%

34% 26% 17%

11%

0% Het gebruiksgemak van de ondergrondse container

Het gebruik van de afvalpas

1 (zeer ontevreden)

2

3

De loopafstand van mijn Hoe schoon de directe woning naar de omgeving van de ondergrondse container container is 4

5

6

7 (zeer tevreden)

Grafiek 3. Tevredenheid met diverse aspecten van de ondergrondse containers N=111 Ook hier valt op dat de respondenten verdeeld zijn. Het gebruiksgemak van en de loopafstand naar de ondergrondse container springen er in negatieve zin uit: daarover is respectievelijk 50% en 56% (zeer) ontevreden. Gevraagd naar een rapportcijfer voor de inzameling van hun restafval, geeft deze groep respondenten gemiddeld een 4,4. Bij de ruimte voor opmerkingen aan het eind van de enquête, geven 36 respondenten aan graag hun minicontainer voor restafval terug te willen. Dit is een derde van de respondenten binnen deze categorie. Daar staat tegenover dat een aantal respondenten aangeeft juist graag hun restafvalcontainer in te willen leveren om gebruik te kunnen maken van een ondergrondse container. 3

2.2.2 Minicontainer voor restafval De 421 respondenten die een minicontainer hebben voor restafval, beoordelen de inzameling van deze stroom iets positiever: met een 5,7 geven zij een rapportcijfer dat net aan voldoende is. Wel vindt 53% van deze groep dat de grijze container niet vaak genoeg geleegd wordt. Dit blijkt ook uit het opmerkingenveld aan het eind van de enquête: 97 respondenten maken van de gelegenheid gebruik om daar (nogmaals) te benoemen dat de restafvalcontainer vaker geleegd zou moeten worden. De meeste van deze respondenten hebben daarbij een voorkeur voor de inzamelfrequentie zoals die was voor invoering van het omgekeerd inzamelen, te weten eens in de twee weken. Redenen die hiervoor genoemd worden, zijn dat de container anders te snel vol is, te zwaar wordt en/of gaat stinken. Een aantal inwoners vindt dat laatste met name in de zomer een probleem, en vindt dat de inzamelfrequentie alleen in de warme maanden verhoogd hoeft te worden. 2.3 Plastic, metaal en drankenkartons (PMD) Met de invoering van het omgekeerd inzamelen kregen bewoners van de laagbouw in Baarn een container voor PMD. Deze kwam in de plaatsen van de zakkeninzameling. Inwoners van wijken met enkel grote percelen, ontvingen de container met oranje deksel al medio 2018 (fase 1). Inwoners van wijken met gemengde perceelgrootten, gebruiken deze container sinds april 2020 (fase 2).

De respondenten waarderen de inzameling van hun PMD gemiddeld met een rapportcijfer 6,4. Grafiek 4 laat zien dat inwoners over het algemeen tevreden zijn met het gebruiksgemak van de PMD-container: twee derde van de respondenten geeft hiervoor een 5 of hoger op een schaal van 1 tot 7. Dit komt vrijwel overeen met de tevredenheid over de inzamelfrequentie. Een nadeel van de PMD-container ten opzicht van andere inzamelmethoden, is dat deze extra ruimte inneemt in de tuin. Uit grafiek 5 blijkt dat de helft van de respondenten vindt dat ze niet genoeg ruimte in de tuin hebben om alle containers te stallen. Slechts een derde van de respondenten is het wel eens met deze stelling. 66 inwoners geven in het opmerkingenveld aan dat ze graag minder containers aan huis zouden hebben. 77 respondenten (deels overlappend met de hiervoor genoemde 66) zouden graag zien dat de gemeente overstapt op nascheiding van PMD, of de mogelijkheden hiertoe onderzoekt. Een andere oplossing die door enkele respondenten wordt aangedragen om het aantal minicontainers per huishouden te verminderen, is om meer gebruik te maken van (ondergrondse) verzamelcontainers voor restafval, PMD en/of papier. Een ander nadeel van bronscheiding van PMD kan zijn dat inwoners het soms lastig vinden om te beoordelen welke verpakkingen bij het PMD mogen. Er zijn namelijk veel uitzonderingen op de regels.

6 op de 10 respondenten denkt echter goed te weten welke soorten plastics, metaal en drankenkartons in de container met oranje deksel gedeponeerd mogen worden. Hoewel dit een meerderheid is, laat dit ook nog veel ruimte voor verbetering.

4

100% 90%

26%

23%

25%

26%

16%

16%

16%

17%

6% 6% 6%

9%

Het gebruiksgemak van de PMD-container

Hoe vaak de PMD-container wordt geleegd

80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%

1 (zeer ontevreden)

7% 3%

2

3

4

5

6

7 (zeer tevreden)

Grafiek 4. Tevredenheid met diverse aspecten van de PMD-container 1/2

100% 90% 80%

13%

18%

21%

70% 60%

43%

17%

50% 40%

24% 17%

30% 20% 10%

17%

25%

5%

0% Er is voldoende plek in mijn tuin voor de containers Helemaal oneens

Oneens

Het is voor mij duidelijk wat er wel en niet in de PMD-container mag Neutraal

Eens

Helemaal eens

Grafiek 5. Tevredenheid met diverse aspecten van de PMD-container 2/2 2.4 Informatievoorziening Met de invoering van omgekeerd inzamelen zijn er meerdere aspecten van de afvalinzameling veranderd. Inwoners zijn daarover op meerdere momenten door de gemeente en door RMN geïnformeerd. Grafiek 6 laat zien hoe tevreden respondenten zijn met de informatie die zij hebben ontvangen over de (veranderingen in) de afvalinzameling. Grofweg de helft is tevreden, een kwart is neutraal en een kwart is ontevreden. Uit grafiek 7 blijkt dat 6 op de 10

5

respondenten weet waar ze terecht kunnen met vragen over de afvalinzameling. De Recyclingcoaches van RMN zijn echter nog erg onbekend.

7%

10%

9%

19% 12%

19%

1 (zeer ontevreden)

24%

2

3

4

5

6

7 (zeer tevreden)

Grafiek 6. Tevredenheid met informatie over (veranderingen in) de afvalinzameling

100% 90%

4% 14%

10%

80%

19%

70% 60%

45% 27%

50% 40% 30%

27% 41%

20% 10%

10%

0%

4% Het is voor mij duidelijk waar ik terecht kan met Ik ben bekend met de Recyclingcoaches van RMN vragen over afval en wat ze doen Helemaal oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Helemaal eens

Grafiek 7. Stellingen over informatievoorziening

6

2.5 Ideeën en opmerkingen van inwoners Aan het eind van de enquête is een open vraag gesteld, om inwoners de gelegenheid te geven aanvullende suggesties en ideeën te delen. Veel opmerkingen hadden betrekking op onderwerpen die ook in de gesloten vragen aan de orde kwamen en zijn eerder in deze rapportage al genoemd. Onderstaande tabel geeft een overzicht van vaak voorkomende opmerkingen en ideeën over andere thema’s op het gebied van afvalinzameling.

Opmerking/idee Leeg de minicontainer en/of verzamelcontainer voor papier vaker (want meer afvalaanbod door de coronamaatregelen) Leeg de GFT-container vaker (al dan niet alleen in de zomer) Vereenvoudig het inzamelschema (een vaste inzameldag in de week) Behoud omgekeerd inzamelen De afvalinzameling is te duur/de kosten zijn te hoog Voer een variabel tarief voor restafval in (diftar) Tabel 1. Ideeën en opmerkingen van inwoners over afvalinzameling

Aantal keer genoemd 28 22 11 11 17 7

2.6 Conclusies Uit de enquête blijkt dat inwoners het belangrijk vinden om hun afval te scheiden en dat ze weten waar ze terecht kunnen met vragen over de afvalinzameling, maar dat zij weinig enthousiast zijn over het omgekeerd inzamelen. De inzameling van het PMD kan op een voldoende rekenen, maar de helft van de respondenten geeft aan eigenlijk niet genoeg ruimte in de tuin te hebben voor alle containers. Veel inwoners zouden daarom liever terug gaan naar minder containers. Over het restafval zijn de respondenten minder positief. De helft van de inwoners die hun grijze minicontainer behouden heeft, vindt dat deze niet vaak genoeg geleegd wordt. De groep die zijn restafval naar een ondergrondse container moet brengen, geeft een onvoldoende voor de inzameling van deze afvalstroom en is met name ontevreden over het gebruiksgemak van en de loopafstand naar de verzamelcontainer.

7

3. Milieu Met het verhogen van de service op grondstoffen en het verlagen van de service op restafval worden inwoners verleid om hun afval beter te scheiden. Dit deel van de tussenevaluatie gaat in op de ontwikkeling van de ingezamelde hoeveelheden van de diverse afvalstromen, en wat dit betekent voor het scheidingspercentage. Ook wordt ingegaan op de kwaliteit van het ingezamelde PMD en de mate waarin dit gerecycled wordt. 3.1 Ontwikkeling ingezamelde hoeveelheden Onderstaande grafiek laat de ingezamelde hoeveelheden restafval, GFT, PMD en papier zien tussen 2014 en 2020, op basis van de meest recente gegevens van RMN. In dit rapport genoemde jaarcijfers over 2020 zijn voorlopige cijfers. 250

Kilogram per inwoner

200

150

100

50

0 2014

2015 Fijn restafval

2016

2017 GFT

2018 PMD

2019

2020

papier

Grafiek 8. Ontwikkeling ingezamelde hoeveelheden De blauwe lijn laat zien dat de implementatie van het omgekeerd inzamelen niet tot een trendbreuk in de restafvalreductie heeft geleid. Het fijn restafval laat de afgelopen vijf jaar een stabiel dalende trend zien, met een gemiddelde afname van 12,8 kilogram per inwoner per jaar sinds 2015. In de toename van de ingezamelde hoeveelheid PMD is het afgelopen jaar wel een trendbreuk te zien: deze stroom nam toe van 18,8 kilogram per inwoner in 2019 naar 33 kilogram per inwoner in 2020. Baarn was op dat vlak het afgelopen jaar de best presterende RMN-gemeente. Opvallend is dat ook het GFT flink is toegenomen. Dit kan een positief effect zijn van de aandacht voor afvalscheiding rondom de implementatie van het omgekeerd inzamelen. De ingezamelde hoeveelheid papier blijft de laatste jaren schommelen rond de 50 kilogram per inwoner. De wijzigingen in ingezamelde hoeveelheden in 2020 ten opzichte van 2019 zijn niet alleen toe te schrijven aan omgekeerd inzamelen, maar ook voor een deel aan corona: de maatregelen rondom het virus hebben in veel gemeenten tot meer aanbod van huishoudelijk afval geleid. 8

Al met al is het recyclingpercentage de afgelopen jaren met 7 procentpunt toegenomen, van 63% in 2014 naar 70% in 2020. De doelstelling uit het GGP van 75% gescheiden inzameling in 2020 is daarmee dus bij lange na niet gehaald.

40 35

4

Kilogram per inwoner

30 25 21

18

16

11

20 33

15 10 5

12

14

16

19

0 2016

2017 Apart ingezameld

2018

2019

2020

Nog in restafval

Grafiek 9. Ontwikkeling PMD Waar grafiek 8 liet zien dat er meer gescheiden PMD vrijkomt, toont bovenstaande grafiek aan dat dit gepaard gaat met steeds minder PMD in het restafval. In 2020 is 89% van het vrijgekomen PMD gescheiden ingezameld en zat er gemiddeld nog maar 4 kilogram PMD per inwoner in het restafval. De grafiek laat ook zien dat de totale hoeveelheid PMD vorig jaar is toegenomen, waarschijnlijk als gevolg van covid-19. Met de ingang van dit jaar vindt voor het restafval uit de regio’s Amersfoort en Veenendaal additionele nascheiding plaats. Dat betekent dat de natte fractie (GFT) en nog resterende kunststoffen en drankenkartons zo goed als mogelijk worden afgescheiden, voordat het restafval wordt verbrand. 3.2 Kwaliteit PMD Voor een goede verwerking van grondstoffen is het van belang dat de kwaliteit van de ingezamelde stromen goed is, anders kunnen er problemen ontstaan bij de verwerker. De afvalstromen mogen dus niet teveel vervuiling bevatten. In augustus 2020 is in opdracht van de AVU door Eureco een sorteeranalyse uitgevoerd van het PMD dat is ingezameld in minicontainers bij laagbouw en het PMD dat is ingezameld in zakken bij hoogbouw. De resultaten van de steekproeven, elk met een omvang van 5 kubieke meter, zijn weergegeven in grafiek 10 en tabel 2. Het aandeel stoorstoffen wordt beoordeeld op gewicht.

Dat betekent dat de percentages snel kunnen oplopen, want de meeste stoorstoffen zijn zwaarder dan schoon PMD.

9

100% 16%

90% 80%

4%

39%

70% 60%

6%

50% 40% 30%

80% 55%

20% 10% 0% Laagbouw mc Verpakking PMD

Hoogbouw zak Niet verpakking

Stoorstoffen

Grafiek 10. Sorteeranalyse PMD

Stoorstoffen Klein chemisch/gevaarlijk afval Met gevarenlogo Kadavers Thuiszorg en PMD corona Totaal type 1

Laagbouw mc 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,04%

Hoogbouw zak 0,1% 0,4% 0,0% 0,1% 0,62%

Plastic folie te groot, te zwaar Plastic voorwerpen te groot, te zwaar Metaal te groot, te zwaar Som type 2a

1,2% 2,3% 0,0% 3,5%

2,5% 0,3% 0,0% 2,9%

Volle verpakkingen Papier, hout, glas, textiel, etc. Zakken niet gescheiden afval Som type 2b Totaal type 2 Tabel 2. Samenstelling PMD

0% 28% 8% 35% 39%

3% 8% 1% 12,4% 15%

Uit de sorteeranalyse blijkt dat de inzameling middels een minicontainer leidt tot aanzienlijk meer vervuiling van het PMD. De grootste groep stoorstoffen bestaat uit grondstoffen die in een andere (verzamel)container thuishoren, zoals papier, hout, glas en textiel. Deze categorie stoorstoffen (type 2b) wordt het residu genoemd. Het percentage residu in de minicontainers is hoog in vergelijking met de benchmark. Dit kan te maken hebben met het serviceniveau van de verschillende grondstoffen. De inzamelfrequentie van PMD in Baarn is hoger dan gemiddeld bij gemeenten met vergelijkbaar beleid. Daarnaast is in Baarn het serviceniveau van PMD hoger dan van de afvalstromen in het residu. 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9718377/1