210113 Verslag Debat in de Raad 13 januari 2021
Tekst van het document
Gemeente Baarn Bijeenkomst “Debat in de Raad” Verslag van de openbare bijeenkomst, gehouden op woensdag 13 januari 2021
Voorzitter:
de heer H.J. van Hardeveld
Raadsgriffier:
mevrouw C.B.H. Heusingveld
Aanwezig:
de heer A.B. Bentura (D66), de heer P.A.H. Blokker (Voor Baarn), de heer J.J.G. Bosman (GL), de heer R.M. Bruins (CU-SGP), mevrouw S. Bruijstens (PvdA), mevrouw S. Diemel-Dijkhuizen (GL), de heer M. Eijbaard (PvdA), de heer M.A.C. van Grinsven (Voor Baarn), de heer J.M. Jonkers (D66), mevrouw M.J. Koenders-van der Vrugt (VVD), de heer J.F. de Leeuw (GL), de heer A.F.M. van der Linden (PvdA), mevrouw A.M. Martens (VVD), de heer A.L.W.G. van der Meij (VVD), mevrouw S.H.B. Oortman Gerlings-van Hal (VVD), mevrouw M.K.J. Papo-Schreuder (VVD), de heer P.S.P. Schilder (D66), de heer M.R.N. Schouten (Voor Baarn), de heer M.A. Schrijver (D66), mevrouw M.J. Stam (BOP), de heer A.R. Stolk (VVD), mevrouw C.J. Struijk-Cramer (D66), mevrouw E.G.L. Visser-Eschauzier (Voor Baarn) en de heer R. van Wijk (CDA)
Overige aanwezigen:
de heer T.G.W. Jansma (wethouder), de heer H.B. Prakke (wethouder), de heer A.B.A. van Roshum (wethouder) en mevrouw J.L. Vissers (wethouder)
1.
Opening, vaststelling agenda en mededelingen
De VOORZITTER heet iedereen om 20.00 uur van harte welkom. De heer JONKERS verzoekt om agendapunt 14 van de agenda te halen. De VOORZITTER concludeert dat agendapunt 14 vervalt. 2. Vaststellen verslag van Debat in de Raad van 9 december 2020 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Beleidsnota Sociaal Domein Baarn 2021-2024 (181583) Mevrouw PAPO begrijpt dat met deze nota het beleid meetbaar wordt en dat er meer grip is op de kosten. Baarn bereidt zich met de beperkte budgetten die er zijn voor op de toenemende zorgvraag. De VVD hecht veel waarde aan de input van de adviesraad en complimenteert de adviesraad met hun goede inhoudelijke bijdragen. De heer BENTURA stemt in met de visie en vindt de infographics een welkome bijdrage. Met het voorstel kan worden ingestemd. 1
Mevrouw BRUIJSTENS is blij met de voortzetting van het actieprogramma Een tegen Eenzaamheid en andere mooie projecten zoals de Bibliotheek op school. De armoederegisseurs ondersteunen met veel kennis en empathie de meest kwetsbare inwoners. Om grip op de zorgkosten te houden zet de gemeente in op beheersende maatregelen en gaat het werk maken van kostenbeperking. Daarbij zal onder meer worden gecommuniceerd naar de inwoners dat passende zorg niet hetzelfde is als gewenste zorg. Dat klinkt allemaal niet hartverwarmend en bij vlagen wordt het zelfs onheilspellend. De gemeente staat binnen het budget voor een flinke financiële opgave maar het beperkte budget mag nooit een belemmering zijn om de zorg en ondersteuning te geven die mensen nodig hebben. Het ervoor zorgen dat de taken kunnen worden uitgevoerd binnen het budget is een mooi streven maar mag geen doel op zich worden. Het moet in de eerste plaats gaan over mensen en niet over geld. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat de menselijke maat niet uit het zicht verdwijnt en dat de zorgvraag van de inwoners ten alle tijde centraal blijft staan? De heer BLOKKER constateert dat er sprake is van een omgekeerde toets waarbij maatwerk binnen ieders bereik komt en er wordt ook een pleidooi gehouden voor het omkeren van de beleidscyclus.
Deze nota doet het echter andersom en gaat eerst beleid maken en vervolgens kijken hoe het uitgevoerd gaat worden. Er wordt eerst gekeken naar de praktijk, de zorgbehoefte-effecten en de uitvoering en dan pas wordt dat in het beleid vastgelegd. Bij de uitwerking van deze nota dient de genoemde methodiek te worden betrokken. Hoe groot is het belang van het bieden van maatwerk in het sociaal domein voor de komende jaren in Baarn? Als wordt ingestemd met deze nota wordt ook ingestemd met de volgende uitgangspunten: van maatwerk naar groepsaanbod, van ondersteunen naar voorkomen dat een bezuinigingsoperatie in het sociaal domein tot gevolg heeft en het moet binnen de bestaande budgetten worden uitgevoerd. Als de overige raadsleden in de toekomst een keuze moeten maken tussen behoud van en kwaliteit van de zorg of toch het verhogen van het zorgbudget, waar kiezen zij dan voor? De heer BOSMAN merkt op dat de budgetten voor de jeugdzorg jaar op jaar tekort zijn. Kwetsbare kinderen zien oneindig veel hulpverleners en worden vaker uit hun vertrouwde omgeving en netwerk door geplaatst en soms zelfs opgesloten en afgezonderd.
Heeft de wethouder kennis genomen van het manifest ‘Stop de carrousel’ van de Stichting Het vergeten kind waarin ze oproept om een einde te maken aan excessen in de jeugdzorg en de zorg voor kwetsbare kinderen duurzaam te verbeteren? Zo ja, onderschrijft de wethouder de 6 aanbevelingen uit het manifest? Is de wethouder het met GroenLinks eens dat noodzakelijke veranderingen in de jeugdzorg op gespannen voet staan met een bezuinigingsopgave en zo ja, hoe wordt ervoor gezorgd dat adequate jeugdzorg waarin het belang van het kind centraal staat blijft bestaan? Afhankelijk van de antwoorden van het college zal in het debat worden ingebracht hoe de gemeente ervoor gaat zorgen dat de jeugdzorg overeind blijft en wordt verbeterd. Mevrouw STAM zegt dat de schema’s en tabellen inhoudelijk niet veel toevoegen. Hopelijk wordt er vaart gezet achter de inventarisatie van het vastgoed waarbij het behoud van vastgoed voor maatschappelijke initiatieven en doeleinden zal worden meegenomen.
De kostenvermindering wordt vooral gezocht in een strengere toegang tot de zorg, kortere zorgtrajecten en een afname van individuele arrangementen door het aanbieden van groepsarrangementen maar worden de ambities binnen het sociaal domein ook verminderd of blijven die op hetzelfde niveau? Ook wordt aandacht gemist voor de stijging van de bureaucratische administratieve kosten die, zoals uit landelijk onderzoek naar voren komt, een fors deel beslaan van de totale kosten. Welk effect hebben de voorgenomen maatregelen inzake zorggebruik in aantallen cliënten et cetera op de ambities die Baarn heeft uitgesproken ten aanzien van het sociaal domein? Kan het college aangeven of de administratieve kosten voor de 3 d’s in het sociaal domein ook in Baarn zijn gestegen 2
in de afgelopen jaren? Waarom wordt daar in dit beleidsplan ten aanzien van de bezuinigingsvoorstellen geen aandacht aan besteed? Is het college bereid om te onderzoeken of en waar ook op de indirecte kosten valt te bezuinigen? De heer BRUINS geeft aan dat de fractie zal instemmen met het voorliggende raadsvoorstel. Wethouder VAN ROSHUM zal de complimenten ten aanzien van de leesbaarheid van de nota overbrengen. Het groepsaanbod is altijd maatwerk gericht. Dan gaat het vooral om geïndiceerde zorg maar bij voor-geïndiceerde zorg kan ook al in groepsaanbod veel worden georganiseerd als het gaat om dagactiviteiten et cetera. Het is voor inwoners zelf vaak goed als er gebruik wordt gemaakt van groepsaanbod maar per individu wordt bekeken wat het beste past. Iedereen die zorg nodig heeft krijgt die zorg. Het zal nooit zo zijn dat zorg wordt ontzegd, ook al staan de kosten onder druk. Het zou ontzettend jammer zijn als de discussie zou ontstaan dat zorg gaat voor andere zaken zoals dat in andere gemeenten ontstaat. De raad zal tijdig worden geïnformeerd wanneer de zorgkosten sterk stijgen waardoor er begrotingstechnische problemen ontstaan. Er verschijnen dagelijks veel rapporten en manifesten en spreker heeft het door GroenLinks genoemde manifest niet gelezen. In ieder geval zal het betreffende rapport worden gelezen.
Een belangrijk uitgangspunt is dat het kind centraal wordt gesteld en er zal ook wel in het manifest staan dat er eigenlijk te weinig financiële middelen zijn bij gemeenten om daar goed uitvoering aan te geven. Recent is een rapport verschenen waarin werd aangegeven dat gemeenten 1,6-1,8 miljard euro eigenlijk tekort komen om uitvoering te geven aan de zorgvraag. Hopelijk wordt er na de komende Tweede Kamer-verkiezingen ook gedacht aan dit domein. Er zal een onderzoek worden gedaan of ook op de indirecte kosten een bezuinigingsslag mogelijk is. Daar is zeker aandacht voor maar er kan een tandje bij. De ambities zoals beschreven in de nota staan recht overeind, afgezet tegen de verschuiving van kosten. Misschien zal in de komende jaren regelmatig met elkaar het gesprek moeten worden gevoerd of de ambities niet moeten worden bijgesteld omdat er wellicht niet voldoende financiële middelen voorhanden zijn. De heer BLOKKER vraagt of goed wordt begrepen dat de komende bezuinigingen het maatwerk niet in de weg staan. Wethouder VAN ROSHUM herhaalt dat maatwerk het uitgangspunt is. De heer BLOKKER gaat ervan uit dat iedereen in de raad dezelfde kwaliteit wil bieden met de ambities die zijn uitgesproken en dat iedereen zorg wil op het individu gericht maar de gemeente zal met de huidige budgetten tegen een plafond oplopen.
Als toch de keuze straks moet worden gemaakt tussen kwaliteit die nu wordt geboden en de euro’s, gaat de raad dan voor kwaliteit van de zorg of dat er geen euro’s mogen worden bijgelegd? Mevrouw STAM zegt dat het streven moet zijn om ook specialistische hulp te verzorgen maar het liefst zo min mogelijk door in het voortraject inwoners zodanig te helpen dat die specialistische zorg, en uitgezonderd groepen die dat sowieso altijd nodig zullen hebben, minder wordt maar dat lukt nog steeds niet. Daar moet nog veel inzet op worden gepleegd om de basisvoorzieningen effectiever te laten zijn naast vermindering van de administratieve kosten. Mevrouw BRUIJSTENS vindt dat de gemeente altijd voor kwaliteit moet gaan. Door het leveren van de juiste zorg op de juiste momenten kan worden voorkomen dat de gemeente later in problemen komt.
3
De heer BOSMAN zegt dat er altijd een groep zal blijven waar gezond leven gewoon niet gaat en die niet met preventie uit reguliere zorg te halen is. Daar zal de gemeente toch voor moeten zorgen. Het mag niet zo zijn dat wanneer iemand eind november problemen krijgt het antwoord wordt gegeven dat het budget op is en dat betrokkene in januari moet terugkomen. De heer BENTURA geeft aan dat voor D66 de kwaliteit van de zorg voorop staat. Als gedurende de rit tegen het maximum van de budgetten wordt aangelopen zal het gesprek met elkaar weer moeten worden aangegaan. De heer BOSMAN geeft aan dat hij aan de wethouder inmiddels het betreffende manifest per e-mail heeft gestuurd en daarom is het niet zinvol om op dit moment over de jeugdzorg verder een debat te voeren. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 4. Scenariokeuze woningbouwlocatie gasontvangststation (192128) Mevrouw DIEMEL merkt op dat het Baarnhuis een mooi initiatief heeft ontwikkeld dat in andere gemeenten al is uitgewerkt. In Eemnes is het een groot succes en de verwachting is dat daar in Baarn ook veel belangstelling voor is. Er zijn echter ook inwoners in Baarn die al jaren op de wachtlijst staan voor een betaalbare eengezinswoning. De locatie die nu vrijkomt is een prachtige plek voor kinderen dicht bij de Trits en dicht bij de voetbalvelden.
De fractie heeft daarom nog geen keuze gemaakt tussen beide scenario’s en is heel benieuwd hoe de andere fracties hierover denken. De heer SCHOUTEN zegt dat ook Voor Baarn nog geen definitief standpunt heeft ingenomen. Kies je voor 16 woningen ten behoeve van verstandelijk beperkte jongeren of voor 11 sociale woningen voor Baarnse (jongere) woningzoekenden? Voor welke doelgroep is deze locatie het meest geschikt? Voor de Stichting Baarnhuis is dit niet de gedroomde locatie maar komt een andere betere locatie beschikbaar? Sluit het huisvesten van de ene doelgroep de andere doelgroep uit? Is er een mix mogelijk tussen starters en het Baarnhuis? De heer VAN DER LINDEN constateert dat de beide scenario’s die overblijven alle twee vallen onder de noemer sociaal. De keuze voor woonzorg is heel goed te begrijpen want voor deze doelgroep zijn er weinig mogelijkheden in Baarn. Een probleem kan worden de financiering van deze variant. Ook dienen er waarborgen te worden geschapen dat de toekomstige inwoners een binding hebben met Baarn en ook de ouders dienen een binding te hebben met de gemeente of in ieder geval met de regio. Verder zullen er 2 woningen aan de Drakenburgerweg gesloopt moeten worden. De gemeente is bestuurlijk en ambtelijk in gesprek met de huidige bewoners en zij dient zich ruimhartig te schikken naar de redelijke wensen van de bewoners.
De fractie wil op de hoogte worden gehouden van de voortgang van deze gesprekken en wenst nadere informatie over de verhuiskostenvergoeding en de inrichtingsregeling. Welke waarborgen kunnen er gegeven worden met betrekking tot de binding aan Baarn voor de bewoners en hun ouders? Wat wordt bedoeld met de inrichtingsregeling? Is de wethouder bereid om de fractie op de hoogte houden over het overleg met de huidige bewoners? Is de wethouder bereid de fractie te informeren over de verhuiskostenvergoeding en de inrichtingsregeling? Mevrouw OORTMAN GERLINGS is van mening dat het college de juiste afweging heeft gemaakt door te kiezen voor het scenario woonzorg. Dit is een prachtig initiatief vanuit de samenleving wat
4
ook nog eens betaalbaar is en de fractie zal, zoals het er nu naar uitziet, instemmen met de 3 beslispunten. Mevrouw STAM merkt op dat de voorkeur van de fractie uitgaat naar het scenario woonzorg van het Baarnhuis. Het is hiervoor een geschikte locatie want nog dicht genoeg bij het centrum, bij de Trits en bij zorgverleners. Een vergelijkbaar concept is in omringende gemeenten met succes gerealiseerd. Ouders houden zeggenschap en het is voor een doelgroep die in de samenleving nog te vaak aan de zijlijn staat. De heer BRUINS vindt dit ook een mooi initiatief dat prima kan worden uitgevoerd. Daarom zal voor het raadsvoorstel worden gestemd. De heer VAN WIJK is blij met de keuze uit 3 modellen waarbij bij model 1 de hoge kosten van de verplaatsing van het gasontvangststation mogelijk gedekt gaan worden maar het is sociaal gezien niet de meest elegante oplossing. Van 11 sociale eengezinswoningen zullen vele Baarnaars profijt kunnen hebben of 16 zorgwoningen voor begeleid wonen. De fractie is er ook nog niet uit. Kan de wethouder in het vervolg bij nieuwbouwprojecten een indicatie geven hoe de mandjes gevuld zijn en in welk mandje het project gaat vallen? Mevrouw STRUIJK is ook van mening dat de locatie heel geschikt is voor het realiseren van het woonzorginitiatief voor jongeren met een verstandelijke beperking. Er is echter ook veel behoefte aan sociale woningbouw in Baarn.
Deze jongeren hebben net zoals jongeren zonder een verstandelijke beperking recht op een betaalbare woning in Baarn en daarom zal worden gegaan voor het voorstel van het college. Wethouder JANSMA legt uit dat een mix van starterswoningen en zorgwoningen niet mogelijk is omdat de kavel smal is en daarom zijn die 2 huizen nodig om in ieder geval het Baarnhuis te realiseren. Er zijn namelijk minimaal 16 woningen nodig om de businesscase rond te krijgen om straks voldoende zorg kunnen leveren. Daarmee is de kavel gevuld. Als de hoogte wordt ingegaan, wordt absoluut niet uitgekomen met de parkeerbalans. Die is al lastig bij de 11 sociale woningen wanneer dat de keuze zou zijn. Met alleen het Baarnhuis kan een andere parkeerbalans worden toegepast omdat dan alleen verzorgers en bezoekers daar parkeren. De gemeente kan binding met Baarn niet garanderen. De stichting gaat zijn eigen statuten maken en ziet in ieder geval voldoende aanbod vanuit Baarn en voor de stichting is van belang dat er binding is met de regio. Nauwlettend zal worden nagegaan hoe dit vorm wordt gegeven in de stichtingsakte. Bij inrichtingskosten gaat het bijvoorbeeld erom of de vaatwasser mee kan verhuizen naar het nieuwe huis en vloerbedekking. Dat zijn praktische zaken die nu worden uitgewerkt met beide families. Bij de verhuiskosten gaat het om ongeveer € 6000.
De inrichtingskosten zijn natuurlijk ook afhankelijk van de keuze die de mensen maken welke woning ze gaan betrekken. De raad wordt op de hoogte gehouden over de vordering van de gesprekken. De mensen zullen goed worden begeleid. De gemeente verzorgt bijvoorbeeld de inschrijving bij Eemland Wonen en dat zij op de hoogte worden gehouden van de woningen die beschikbaar komen want zij krijgen een preferente positie zodat ze een geschikte woning kunnen krijgen binnen afzienbare tijd. De raad wordt over de vorderingen hiervan op de hoogte gehouden. In de laatste woonvisie is ervoor gekozen om goed te kijken wat de doelgroepen zijn. Er is gezegd dat er behoefte is aan een x aantal woningen in een bepaalde prijscategorie. Dat is verdeeld in een aantal mandjes, bijvoorbeeld een prijscategorie tot 2 ton, van 2-3 ton en boven de 3 ton. Daarnaast een categorie huur en als er initiatieven komen wordt gekeken of dat past in een van die mandjes. Daarbij is evenwichtige bevolkingsopbouw het uitgangspunt. Het is lastig om dit bij elke woningbouwlocatie aan te geven. Er is afgesproken dat de raad bij de perspectiefnota een overzicht 5
krijgt van alle projecten die gerealiseerd zijn, die worden gerealiseerd en alle mogelijke toekomstige projecten. Bij de afgelopen perspectiefnota is dit verdeeld in mandjes. Bij elk nieuw project zal het worden aangegeven maar als het al in de lijst staat van projecten die zijn gerealiseerd of gaande zijn, zal daarnaar worden verwezen. De heer VAN WIJK zegt dat het fijn zou zijn dat als er een nieuw project is het college aangeeft in welk mandje het valt zodat een afweging kan worden gemaakt over welke prioriteiten worden meegegeven. In het scenario van de 16 woningen zijn de 2 bestaande huurwoningen nodig. Is die ruimte ook nodig bij de 11 woningen of kunnen ze dan blijven staan? De heer VAN DER LINDEN geeft aan dat de fractie nauwlettend in de gaten zal houden of een en ander ook goed wordt opgevolgd want de huishoudens in de 2 woningen worden wel de dupe van dit plan. Wethouder JANSMA zegt dat in het scenario van de 11 sociale woningen ook rekening is gehouden met het opnemen van deze 2 gemeentewoningen. Als die moeten blijven staan komen er minder woningen en dus ook minder opbrengsten. In scenario 1 worden het dan maar 4 woningen in plaats van 6. De heer VAN WIJK vraagt wat dan de verhouding is tussen de totale kosten die gemaakt moeten worden om de mensen van de 2 woningen te laten verhuizen.
Dan wordt gauw gekomen op 10-€ 12.000 per gezin ten opzichte van de wellicht 2 woningen die dan niet gerealiseerd kunnen worden in het nieuwbouwproject. Wethouder JANSMA legt uit dat dit kan worden gehaald uit het kostenoverzicht in de bijlagen. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. 5. Principeverzoek herontwikkeling omgeving Boemerang (192148) Mevrouw OORTMAN GERLINGS merkt op dat deze extra ontsluiting niet zal zorgen voor een enorme verkeerstoename op de Plataanlaan terwijl het wel de smalle Heuveloordstraat ontlast en er komen weer woningen bij in Baarn. De heer BRUINS geeft aan dat hij in het plan Heuveloordstraat een woning heeft gekocht en daarom onthoudt hij zich van commentaar. Mevrouw STRUIJK zegt dat het goed is dat het type woningen zo gelijk mogelijk gerealiseerd wordt als de woningen in de Heuveloordstraat zodat het een mooi klein wijkje wordt. Mevrouw STAM heeft waardering voor het plan van de 3 twee-kappers maar kan niet instemmen met de voorgestelde kap van 16 bomen en met name niet met de kap van de 6 bomen aan de Plataanlaan. Deze 6 bomen zijn beeldbepalend en slechts boom nummer 3 is in de bomeneffectrapportage als slecht gekarakteriseerd.
Het advies om 5 van de 6 bomen aan de Plataanlaan te kappen is wat gemakzuchtig en lijkt vooral te zijn ingegeven door een snellere en goedkopere sloop van de Boemerang en de bouw van de woningen. Delen de overige fracties het standpunt dat te weinig waarde wordt gehecht aan de waarde van de beeldbepalende bomen aan de Plataanlaan en dat gezocht moet worden naar een creatievere oplossing waarbij de bomen met uitzondering van nummer 3 gespaard blijven? 6
De heer SCHOUTEN zegt dat dit alles afwegende de beste optie is. Met de sloop van dit pand komt een definitief einde aan een roemrucht verleden. De fractie zal instemmen met het plan gezien de toezegging van de wethouder vorige week dat de Boemerang zo snel mogelijk gesloopt wordt en dat er dan snel een ontsluiting komt voor onder andere het bouwverkeer. De heer BOSMAN is van mening dat het een gemiste kans is dat niet tegelijk het binnenterrein wordt herontwikkeld. Bij de herontwikkeling van de Boemerang heeft de fractie al eerder aangegeven dat extra woningen in het duurdere segment onbespreekbaar zijn. Baarn schreeuwt om betaalbare woningen en daarom zal niet worden ingestemd met dit raadsvoorstel. De heer EIJBAARD meldt dat de fractie kan instemmen met het voorliggende voorstel. De heer VAN WIJK is tevreden met dit voorstel, mede gezien het achterliggende plan voor de Heuveloordstraat. Mevrouw STAM meldt dat de bomen aan de Plataanlaan karakter aan de laan geven en het is zonde dat de bomen op een na zouden moeten verdwijnen. Als er creatiever wordt gedacht zou het moeten lukken om een aantal bomen te behouden. De heer BOSMAN is er voorstander van dat zoveel mogelijk bomen worden behouden. Mevrouw OORTMAN GERLINGS is van mening dat middels de bomenanalyse heel zorgvuldig is gekeken naar de bomen.
Natuurlijk is het jammer dat er bomen weg moeten en de vraag is of het college nog mogelijkheden ziet voor een creatiever plan om een aantal bomen te kunnen behouden. De heer EIJBAARD vindt dat het onnodig kappen van bomen zoveel mogelijk moet worden voorkomen. Een motie die het college oproept om nog eens zorgvuldig naar het behoud van de bomen te kijken zal zeker worden gesteund maar aan de andere kant zijn er ook heel veel bomen in de gemeente en word je gauw bij postzegelplannen geconfronteerd met het kappen van bomen. Als dat steeds voorrang wordt gegeven kun je in de toekomst ook geen ontwikkelingen meer plegen. Er zal worden meegedacht met een eventuele motie maar het is voor de fractie niet doorslaggevend om in de besluitvormende raad tegen het voorstel te stemmen. Mevrouw STRUIJK behoudt ook het liefst zoveel mogelijk bomen maar heeft vertrouwen in het onderzoek dat is gedaan. Het zijn grote bomen die redelijk dicht bij elkaar staan en als je daar wilt ontwikkelen zul je daar iets mee moeten. In de ontwikkeling zou rekening kunnen worden gehouden met het terugplaatsen van een aantal bomen langs de laan. Mevrouw STAM wijst erop dat in de bomeneffectrapportage staat dat met zorgvuldig handelen bomen aan de Plataanlaan, minus nummer 1 en 2, tijdens het sloopproces gehandhaafd kunnen blijven.
Er zou nog eens goed naar moeten worden gekeken of daar mogelijkheden zijn wanneer bij de sloop zorgvuldig wordt gehandeld. Over het indienen van een motie zal worden nagedacht. De heer SCHOUTEN ziet de motie van de BOP tegemoet maar het zal geen reden zijn om tegen het voorstel te stemmen. Wethouder JANSMA wijst erop dat in het rapport staat dat het geen zin heeft om de bomen te behouden en dat ze beter direct kunnen worden gekapt. Dat wordt niet gedaan want veel van die bomen zijn vergunningsplichtig. Dan gaat het niet om de bomen die bij de Boemerang zelf gaan sneuvelen maar er wordt pas een aanvraag om kap gedaan voor de bomen op de rest van het perceel 7
op het moment dat het bestemmingsplan onherroepelijk is. In die fase wordt bekeken of het mogelijk is om meer bomen te behouden dan de ene die wordt aangegeven. In ieder geval is het zo dat als er bomen op het perceel gekapt moeten worden er altijd de trits is van herplant op het perceel zelf, herplant buiten het plangebied c.q. bomenfonds. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekpunt naar de raad gaat. Vervolgens wordt de vergadering geschorst. De VOORZITTER heropent de vergadering. 6. Principeverzoek meervoudig gebruik ijsbaanterrein Baarn (191777) Mevrouw KOENDERS is er een groot voorstander van dat het huidige ijsbaanterrein breder en efficiënter inzetbaar wordt. Zo komt er een versterking van diverse sport gerelateerde activiteiten. Wat betreft de vergunningverlening voor het toekomstig gebruik van het ijsbaanterrein voor festivals en evenementen. De huidige gebruiksvergunning staat namelijk geen andere dan de huidige evenementen toe en het is belangrijk dat dit kader gehandhaafd blijft. Het ijsbaanterrein mag geen concurrent worden van het centrum omdat in het centrum de levendigheid moet worden behouden met zoveel mogelijk festivals en evenementen. De heer VAN GRINSVEN zegt dat door het asfalteren van de ijsbaan er een snellere kans voor een ijsbaan bij lichte vorst in de winter.
Er komen zo meer mogelijkheden voor sportactiviteiten en culturele evenementen. Dit is een uitstekende aanvulling op de huidige activiteiten en evenementen in Baarn maar de huidige evenementen in het centrum moeten wel worden behouden. Zullen de evenementen die nu in het centrum worden gehouden zoals bijvoorbeeld het Cultureel Festival, het All Together Festival en Koningsdag verplaatst worden naar het terrein van de ijsbaan? De heer VAN WIJK is zeer tevreden met de initiatieven om de multifunctionaliteit van de ijsbaan te bevorderen. Ook het toepassen van zonnepanelen wordt van harte toegejuicht en met name de postcoderoos zodat bewoners die geen mogelijkheid hebben voor zonnepanelen op hun eigen dak toch van zonne-energie kunnen gebruikmaken. Er is veel tijd geïnvesteerd door de vrijwilligers van de ijsbaanvereniging. Alle mogelijkheden dienen op dit terrein te worden aangepakt voor sport en evenementen.
Hoe staat de raad tegenover het idee om een nieuwe beheersstichting te initiëren om een optimaal uitgangspunt te hebben voor de nieuwe functionaliteiten? Hoe staan college en raad er tegenover om de geplande zonnepanelen te verhogen om de grond daaronder efficiënter te kunnen gebruiken? Kan de wethouder de raad informeren over de voorwaarden van de nieuwe huurovereenkomst voor het gebruik van het huidige ijsbaanterrein? Mevrouw BRUIJSTENS zal instemmen met het raadsvoorstel en wenst de stichting veel succes bij de volgende stappen in het proces. De heer BENTURA kan instemmen met het voorstel. Is er voor de verharding gekeken naar een duurzame doorlaatbare oplossing voor de basis van de ondergrond? De heer DE LEEUW is heel blij met het idee van de zonnepanelen en met de postcoderoos is sprake van participatie van de burgers. Het is een stap naar verdere verduurzaming van de gemeente. Onder andere de skeelerbaan is een heel goed idee. Er is alle vertrouwen in dat het exploiteren van het terrein en het gebouw op een reguliere wijze gebeurt. 8
Mevrouw STAM vindt het een goed plan en het is fantastisch dat de mensen van de ijsbaan in samenwerking met sportverenigingen tot dit plan zijn gekomen. De heer BRUINS geeft aan dat de fractie voor het voorstel zal stemmen. Wethouder JANSMA legt uit dat de huidige gebruikersvergunning het niet toestaat dat de evenementen in het centrum straks naar het ijsbaanterrein gaan. Als iemand zich meldt bij het bestuur van de ijsbaanvereniging voor een evenement zal hiervoor een vergunning moeten worden aangevraagd en die wordt getoetst op de uitgangspunten zoals bijvoorbeeld een levendig centrum. Dat betekent dat ze daarvoor geen vergunning krijgt. Een doorlaatbare verharding is niet mogelijk. Die moet juist water vasthouden want anders komt er geen laag ijs op. De verharding moet enigszins doorlaatbaar zijn en er is gekeken wat de meest duurzame oplossing is. Het is een principeverzoek en het komt daarom een aantal keren bij de raad terug. Mevrouw KOENDERS vraagt of goed is begrepen dat het college de huidige vergunningsverlening handhaaft en dat in dat kader nieuwe vergunningsaanvragen zullen worden beoordeeld. Wethouder JANSMA zegt dat er natuurlijk evenementen zijn die nu niet in het centrum plaatsvinden maar wel mogelijk nieuw zijn. Dan zou misschien ook een vergunning op grond van de huidige gebruikersvergunning niet goed zijn maar dan moet die worden verleend.
De kermis staat bijvoorbeeld nu alleen op het parkeerterrein en die kan niet op grond van de huidige gebruikersvergunning voor een stuk op het ijsbaanterrein worden gezet. Dan zal de huidige gebruikersvergunning dus moeten worden aangepast. Het college toetst dus op basis van de concrete aanvraag en hanteert daarbij de uitgangspunten die bijvoorbeeld gaan over het levendig centrum. De heer VAN WIJK vindt het heel erg jammer dat de zonnepanelen op de grond komen te staan terwijl er al zo weinig ruimte in Baarn is. Beter is als ze als op een dak worden gelegd zodat daaronder wat gedaan kan worden. De gasleiding ligt er maar ook in de kantine worden er dingen gedaan. Mevrouw STAM heeft juist vorige week van de wethouder begrepen dat dit niet kan omdat er leidingen liggen. Mevrouw KOENDERS en BRUIJSTENS sluiten zich aan bij de woorden van mevrouw Stam. De heer VAN WIJK vraagt of de raadsleden er positief tegenover staan om het huidige bestuur van de ijsbaanvereniging aan te vullen met kennis en ervaring van omringende stichtingen om de professionalisering van het terrein te optimaliseren. Mevrouw STAM vraagt of de heer Van Wijk hier de stichting over heeft gehoord. De heer VAN WIJK zegt dat hij dit idee niet met de stichting heeft besproken. Mevrouw STAM stelt dat ze er dan niets over gaat zeggen.
Mevrouw BRUIJSTENS vraagt welk probleem de heer Van Wijk hiermee probeert op te lossen.
9
De heer VAN WIJK zegt dat de stichting is gefixeerd op de ijsbaan terwijl met onderhavig voorstel wordt beoogd om verbreding van het gebruik te krijgen. Door het stichtingsbestuur aan te vullen met kennis en ervaring wordt ze hiermee geholpen. Mevrouw KOENDERS wil niet op de stoel van de stichting gaan zitten en het stichtingsbestuur heeft al aangegeven heel capabel te zijn in de oplossingen die ze aandraagt en is capabel genoeg om eventueel kennis van elders op te zoeken. De heer BLOKKER vraagt of de heer Van Wijk dan bijvoorbeeld denkt aan Seste of de Trits. Gezien de plannen die het bestuur van de ijsbaan en de vrijwilligers hebben ontwikkeld is daar sprake van meer kennis dan alleen van ijs. De heer VAN WIJK zegt dat hij inderdaad zat te denken aan de expertise van de Trits en Seste. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 7. Voorontwerp bestemmingsplan Drakenburgergracht Zorg 2020 (191760) De heer SCHOUTEN vindt dat zo snel mogelijk moet worden begonnen en heeft alle vertrouwen in de directies van Amerpoort en Sherpa. Mevrouw KOENDERS begrijpt heel goed dat beide zorginstellingen mee moeten in de toekomstige ontwikkelingen in de zorg van hun cliënten en dat dit planologisch mogelijk moet worden gemaakt.
Mevrouw STRUIJK zegt dat alles er goed doordacht uitziet en dat er voldoende rekening wordt gehouden met de unieke boslocaties van Sherpa en Amerpoort. De heer VAN DER LINDEN geeft aan dat de fractie zal instemmen met het voorstel. Mevrouw DIEMEL is hierover ook erg enthousiast en zal instemmen met het voorstel. De heer VAN WIJK gunt beide instellingen de uitbreiding met 20% van harte en wenst hen veel succes met een snelle realisatie. De heer BRUINS kan zich ook vinden in het voorliggende raadsvoorstel. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 8. Verklaring van geen bedenkingen hondenuitlaatplaatsen Landgoed Pijnenburg (192107) De heer VAN GRINSVEN zou graag zien dat ook voor het munitieterrein een verklaring van geen bedenkingen wordt afgegeven. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zegt dat niet alleen veel HUSsen maar ook veel hondenbezitters en de honden zelf blij zullen zijn met het voorstel, zeker ook gezien het vele thuiswerken in deze coronatijd.
10
De heer VAN WIJK memoreert dat de fractie eerder van mening was dat dit veel sneller moest worden gerealiseerd maar fijn dat de insprekers vorige week de fractie op de feiten wees. Enerzijds is er sprake van het belang van de landgoedeigenaar die als ondernemer gebruik maakt van de gedoogmogelijkheid en investeringen doet en de HUSsen die ook verder moeten maar er mag ook geen uitbreiding van het bos plaatsvinden. Er blijven natuurlijk hondenuitwerpselen liggen en een opruimplicht is erg moeilijk te realiseren maar er wordt gesproken over 30.000-50.000 kg hondenuitwerpselen in een jaar. Deze ontlasting is een bron van ziektekiemen en mogelijk van infectieziekten. Dit gaat de grond in maar de volgende dag lopen daar weer honden en mensen doorheen. Hoe moet met dit probleem worden omgegaan? De heer BOSMAN heeft er begrip voor dat de heer Insinger probeert om de hoge kosten van het beheer van het landgoed te drukken maar GroenLinks is van mening dat 3 hondenuitlaatplaatsen op het landgoed een ongewenste ontwikkeling is. Natuur is er namelijk niet alleen voor de mens voor ontspanning en om er geld aan te verdienen maar het heeft in eerste instantie waarde in zichzelf.
Welke visie hebben andere fracties op natuur en welke consequenties trekken zij daaruit voor dit plan? Daarnaast dient er sprake te zijn van consistent beleid voor dit gebied ten westen van de Amsterdamsestraatweg aan de hand van een in de toekomst te ontwikkelen gebiedsvisie. De heer EIJBAARD heeft op dit onderwerp nog geen standpunt ingenomen. Enerzijds begrip voor de standpunten van de heer Insinger en het college maar het kan niet zo zijn dat de natuurgebieden rondom Baarn de deuren sluiten en de bossen van Pijnenburg en Staatsbosbeheer rondom Baarn de uitlaatgebieden van de hele regio worden. Het gaat hier al om het drukst bezochte gedeelte van de Utrechtse Heuvelrug en dat wordt hiermee nog meer belast. Is de wethouder bereid om met de colleges van omringende gemeenten in gesprek te gaan of hen een brief te sturen om ervoor te zorgen dat ook zij beleid ontwikkelen om HUSsen in hun gebied mogelijk te maken? Het gebrek aan een gebiedsvisie op het buitengebied maakt dat de gemeente elke keer wanneer er sprake is van dit soort ontwikkelingen achter de feiten aanloopt. Vorig jaar heeft de PvdA een motie ingediend om een gebiedsvisie op te stellen nadat het bestemmingsplan Soestdijk actief is geworden.
Zijn de andere fracties bereid om die motie naar voren te halen en om direct te beginnen met het opstellen van een gebiedsvisie? Zeker nu Soestdijk weer is uitgesteld loopt de gemeente het gevaar achter de feiten aan te lopen wat betreft ontwikkelingen in het buitengebied. De heer Insinger is van mening dat voor het gewenste vierde hondenuitlaatterrein geen vergunning nodig is omdat het munitieterrein op dit moment geen opengesteld gebied is. Hij wil dit zeker ontwikkelen en zou graag weten of uitvoering mogelijk is en welke redenen er zijn om dat nu niet te doen omdat ook nu al het gebruikt wordt als terrein voor de hondenschool om daar reddingshonden te trainen. Mevrouw STAM geeft aan dat de BOP-fractie geen fan is van omheinde HUSsen in NNN-gebied. HUSsen zijn echter een realiteit en een verdienmodel geworden en ook het enorme hondenbezit is een realiteit. Nu natuurorganisaties in het Gooi geen HUSsen meer willen toelaten zoeken zij naar een alternatief gebied. Op het Landgoed Pijnenburg betekent dit echter een concentratie van HUSsen op een beperkt aantal hectares en daarmee een concentratie van uitwerpselen en verstoring van fora en fauna. Door de concentratie van HUSsen blijft het overgrote deel van het landgoed echter gevrijwaard van groepen honden en vervuiling en verstoring van flora en fauna en de overlast van wandelaars die dat met zich mee zou brengen.
De oplossing van de HUSsen is dan minder nadelig dan een enorme toename van groepen honden op het gehele landgoed. Op welke manier denkt de wethouder de nadelige effecten van een hondenuitlaatplaats op het omheinde terrein en daarbuiten te monitoren en of daar via de vergunningverlening consequenties aan kunnen worden verbonden? 11
De heer JONKERS zegt dat het een feit is dat in bepaalde natuurgebieden het niet meer is toegestaan om daar met HUSsen te lopen. De landgoedeigenaar heeft geprobeerd om daar een oplossing voor te vinden en D66 juicht dat initiatief toe. Een van de insprekers deed de suggestie om te kijken of deze omheinde terreinen misschien wat meer kunnen worden gespreid en of er misschien ook iets mogelijk is bij een boer of in de polder of elders. Het college zou de vergunning zo spoedig mogelijk moeten verlenen of het waar mogelijk gedogen want dat is in de huidige coronatijd waarin veel mensen thuiswerken een gewenste situatie. Wethouder JANSMA geeft aan dat altijd een brief kan worden gestuurd naar colleges van omringende gemeenten maar hij heeft er geen grote verwachtingen van want een aantal gemeenten hebben al beleid of een beleid om het niet te gaan doen. Het munitieterrein wordt op dit moment gebruikt voor de opleiding van de politie en dat is een wezenlijk ander gebruik. Omdat het gebruik wezenlijk wijzigt is er nu een ontheffing nodig en dat zou dan als een besluit moeten worden opgenomen. In een vergunning kan van alles worden opgenomen maar het is moeilijk te handhaven omdat daarvoor de capaciteit niet beschikbaar is en die capaciteit gaat ook niet worden ingezet om daar constant controle op uit te oefenen.
De boa’s worden al belast met veel extra taken en die kunnen dit er niet bij hebben. Mevrouw STAM legt uit dat de vraag was of er mogelijkheden zijn om de kwaliteit van het terrein te monitoren en of daar iets in de vergunning over kan worden opgenomen. Wellicht zou zelfs de provincie die monitoring kunnen doen. Wethouder JANSMA zegt dat hij op deze vraag schriftelijk zal terugkomen, of dit eventueel kan worden gemonitord, wie dat zou moeten doen en welke consequenties dat zal hebben. Als de raad over 14 dagen het besluit neemt gaat de procedure lopen maar de druk wordt gezien want een aantal terreinen is al in gebruik en het college wil zo snel mogelijk de situatie legaal maken zoals het hoort te zijn. De heer EIJBAARD begrijpt dat de wethouder bereid is om een brief te sturen. Heeft hij dan nog behoefte aan een opdracht van de raad via een motie? Wethouder JANSMA zegt dat hij goed heeft geluisterd en dat hij daaraan genoeg heeft. De heer BOSMAN vraagt of de overige raadsleden van mening zijn dat zo snel mogelijk tot een gebiedsvisie moet worden gekomen om in de toekomst steeds discussies over postzegelplannen te voorkomen. De heer EIJBAARD wijst erop dat de raad al heeft afgesproken dat die gebiedsvisie gemaakt gaat worden. Gezien al deze ontwikkelingen kan daar niet op worden gewacht en moet er direct mee worden begonnen.
Dit hoeft de ontwikkeling van Soestdijk niet in de weg te staan. Mevrouw STAM vindt dit een uitstekend voorstel en het zal worden gesteund. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zegt dat het ontwikkelen van een gebiedsvisie een goed idee is maar onderhavig voorstel kan direct doorgaan. De heer SCHOUTEN is van mening dat zo’n gebiedsvisie lopende ontwikkelingen niet in de weg mag staan wat anders geeft dit veel vertraging op verschillende dossiers.
12
De heer JONKERS is ook van mening dat er wat betreft onderhavig voorstel niet op moet worden gewacht maar goed nadenken over een visie voor de omgeving is altijd verstandig. Misschien moet er ook een visie komen over hoe Baarn er over 20 of 10 jaar uit moet zien. De heer EIJBAARD zegt dat het inderdaad niet de bedoeling was dat alle ontwikkelingen die er nu zijn hiermee stop worden gezet. In zo’n gebiedsvisie zou je met elkaar kunnen praten over welke ontwikkelingen je wel wilt en aan welke voorwaarden die ontwikkelingen moeten voldoen. Zo’n gebiedsvisie zou dus een meer positieve grondhouding moeten hebben. De betreffende motie wordt met vertrouwen tegemoet gezien. De heer JONKERS vindt het een mooie suggestie om te kijken wat er wel kan. Er is immers al eerder gesproken over de ongelijkheid van wat op het ene landgoed kan op het andere landgoed niet kan en dat kan dan misschien ook een beetje worden gelijkgeschakeld. De heer BOSMAN is het eens met de vorige 2 sprekers. Eigenaren van gebieden, natuurorganisaties, de gemeente en eventueel de provincie dienen hier intensief bij te worden betrokken om te komen tot een gezamenlijk eindresultaat waar ieder plan in de toekomst aan kan worden getoetst. De heer VAN WIJK maakt zich ernstig zorgen over de hoeveelheid hondenuitwerpselen op zo’n terrein. Dat blijft liggen, het trekt in de grond en de HUSsen lopen erdoorheen.
Het geeft verhoging van de hoeveelheid stikstof en daarmee van planten die niet gewenst zijn. Vooral het hygiënische deel is een probleem. De consequenties ervan zijn niet te overzien. De heer VAN GRINSVEN heeft juist begrepen dat de HUSsen zelf verantwoordelijk zijn voor het opruimen van de hondenpoep en dat zij dus verantwoordelijk zijn voor het schoonhouden van de hondenuitlaatplaatsen. De heer EIJBAARD wijst erop dat bij zo’n hondenuitlaatplaats altijd een kruiwagen staat waardoor de HUSsen ervoor kunnen zorgen dat het ook wordt opgeruimd. In de rest van het bos kun je overal die drollen vinden en dan wordt ook niet gevraagd aan de hondenbezitter om het op te ruimen. Als in het bos hondenpoepzakjes verplicht worden gesteld zullen de mensen die vaak laten liggen en dan komt er overal plastic in het bos. Dat is dus ook niet een goede oplossing. De oplossing zoals die is gekozen door de heer Insinger is voldoende. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zegt dat hierover afspraken kunnen worden gemaakt en de vraag is of het aantal kilo’s die de heer Van Wijk noemt wel klopt. De wethouder sprak al eerder over het beheer van die terreinen. Er kunnen in ieder geval dus goede afspraken over gemaakt worden. Mevrouw STAM geeft aan dat dit een van de aanleidingen voor haar was om te vragen of de kwaliteit van zo’n gebied kan worden gemonitord.
Het is goed om een soort nulmeting te doen en om het dan met een zekere regelmaat te blijven volgen. De heer BOSMAN vindt het moeilijk te overzien wat dit precies voor de bodem betekent maar het opruimen van de uitwerpselen is in ieder geval een behoorlijke klus als een HUS bijvoorbeeld 10 honden uitlaat. De heer JONKERS zegt dat het aan de landgoedeigenaar is om ervoor te zorgen dat het allemaal beheersbaar blijft. Van de heer Insinger is begrepen dat hij dit heeft uitbesteed aan de HUSsen en die hebben er ook belang bij dat als de viervoeters weer in de auto stappen hun poten zijn ontdaan van ontlasting. 13
De heer EIJBAARD memoreert dat de wethouder duidelijk heeft gezegd dat wanneer het munitieterrein als zodanig in gebruik wordt genomen daar een vergunning voor nodig is. De initiatiefnemer stelt dat hij dit terrein nodig heeft en dat hij het sowieso in gebruik gaat nemen. Hoe staan de andere raadsfracties hierin? De heer VAN GRINSVEN ziet graag dat het munitieterrein ook als hondenuitlaatplaats kan worden ingericht. Mevrouw OORTMAN GERLINGS zegt dat het in onderhavig voorstel om 3 hondenuitlaatplaatsen gaat en de wethouder heeft toegezegd dat wanneer er terrein wordt toegevoegd het opnieuw in de raad wordt behandeld. De heer JONKERS geeft aan dat op het moment dat dit wordt behandeld daarnaar zal worden gekeken. De heer BOSMAN heeft er liever geen een hondenuitlaatplaats maar als het munitieterrein een optie zou zijn zou je kunnen zeggen dat wanneer het wordt aangenomen er een af kan. Mevrouw STAM is geen fan van al te veel omheiningen in een NNN-gebied en vooralsnog is 3 het maximum. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk naar de raad gaat. 9. Kadernota Veiligheidsregio Utrecht 2022 (189835) De heer STOLK gaat akkoord met het voorstel en ook met de verhoging van de bijdrage maar hopelijk kan het college daarvoor bewerkstelligen dat Baarn de hoogwerker terugkrijgt.
De heer VAN DER LINDEN meldt dat de fractie kan instemmen met de kadernota en de te verzenden reactiebrief. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 10. Najaarsnota 2020 en Kadernota 2020 RID Utrecht (194041) De heer VAN WIJK geeft als raadsrapporteur, ook namens de heer Bruins, een kort verslag. De raadsrapporteurs hebben meermalen overleg gevoerd met de RID en ook met raadsrapporteurs van andere deelnemende gemeenten. Er kan worden ingestemd met het voorstel om geen zienswijze in te dienen. De raadsrapporteurs Baarn zijn bezig met het voorbereiden van een motie ten dienste van alle deelnemers om een aantal mogelijkheden binnen de RID te optimaliseren zoals een meer actief beleid bij de deelnemende gemeenten om tot een centrale keuze te komen en optimaal gebruik te maken van de kracht van deze gemeenschappelijke regeling. De heer VAN DER LINDEN ziet met belangstelling de motie tegemoet want de RID is een zorgpunt. In het verleden is voortdurend gezegd dat het voordeliger zou worden maar het wordt alleen maar duurder. In deze tijd van digitalisering moet het zo optimaal mogelijk worden. De fractie kan instemmen met de kadernota en de te verzenden reactiebrief.
14
De VOORZITTER vraagt of de aangekondigde motie nog voor de besluitenraad komt. De heer VAN WIJK geeft aan dat het een bespreekpunt moet worden. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekpunt naar de raad gaat. 11. Tweede wijziging Algemene Plaatselijke Verordening Baarn 2019 (191869) De heer JONKERS heeft de vorige keer 2 vragen gesteld. De ene was of je met een artikel over een appel in de hand niet het risico loopt dat je 2 keer gestraft wordt. Daarnaast een vraag over loslopende honden. Ook daarover stond een artikel in de APV en dan is de vraag of in elk park en de bossen binnen de bebouwde kom een hond niet meer los mag lopen. Verder ziet de APV er prima uit en het is verstandig om die te updaten. Wethouder JANSMA meldt dat bij artikel 2.48 een derde lid wordt toegevoegd. Tot nu toe was het zo dat wanneer werd geconstateerd dat wanneer je dronken was of vernielingen aanrichtte je daarop kon worden aangepakt maar dat was in de praktijk moeilijk te constateren. Het artikel dat nu wordt toegevoegd is een zogenaamd voorfaseartikel. Dat betekent dat op het moment dat de handhavers constateren dat iemand in het openbaar gebied alcohol nuttigt daarop al kan worden geverbaliseerd. Betrokkene wordt dus niet ook nog geverbaliseerd voor openbare dronkenschap of baldadigheid.
Verbaliseren van de combinatie nuttigen van alcohol in de openbare ruimte en bijvoorbeeld baldadigheid is dus niet mogelijk. Op dit moment is het niet toegestaan om je hond los te laten lopen bij openbare speelplaatsen en langs wegen. In voorgesteld artikel wordt het verboden om in de gehele bebouwde kom je hond los te laten lopen. Er zijn een aantal plekken aangewezen als losloopgebied en dat is dus een uitzonderingsregel. Het college heeft een aanwijzingsbevoegdheid om voor die locaties apart een aanwijzing te maken. Dan is het duidelijk en voor de mensen ook handhaafbaar. De heer JONKERS kan prima leven met de gegeven antwoorden. Het is goed om een aantal gebieden aan te wijzen waar honden wel los mogen lopen. Hopelijk vindt die aanwijzing op korte termijn plaats. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 12. Begrotingswijziging januari 2021 (193529) De heer SCHRIJVER stelt het zeer op prijs dat bepaalde cijfers in de begroting in overeenstemming worden gebracht met het BBV. Conclusie: De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 13. Raadsinformatiebrief Aanpak inwonersparticipatie 2021 (195238) Mevrouw OORTMAN GERLINGS vindt het belangrijk dat juist in deze crisistijd de gemeente extra goed luistert naar de inwoners.
Al bij de behandeling van de communicatienota begin 2019 is toegezegd dat er een voorstel zou komen voor inwonersparticipatie via een soort discussieplatform
15
maar dat is nog steeds niet ontvangen. De fractie is bang dat dit van de actiepuntenlijst is afgevoerd en vinden de andere fracties ook dat deze raadsinformatiebrief wel erg mager is? Wethouder PRAKKE zegt dat dit inderdaad al enige tijd op de toezeggingenlijst staat. Op zich is het geen probleem om heel snel een online discussieplatform in het leven te roepen maar daar komen zaken uit die moeten worden opgepakt en het vraagt heel veel van Communicatie terwijl deze afdeling door corona al zwaar belast is. Daarnaast vraagt het ook wat technische aanpassingen zodat het meteen in het zaaksysteem opgevolgd kan worden. Daarom is besloten om nog even een pas op de plaats te maken. Dit onderdeel zal meegenomen worden met de vernieuwing van de website in 2021 en derhalve zal het dit jaar worden ingevoerd. De heer SCHRIJVER vindt het een mooi initiatief. Vooral de bijlage heeft een duidelijke ingang om de zaak aan te pakken en daarnaast is het mooi dat wordt uitgegaan van de kracht en betrokkenheid en de inzichten van de bevolking. Ook de jeugd wordt er expliciet bij betrokken en het is mooi dat het in een breder kader wordt getrokken zoals van de Omgevingswet. D66 heeft een motie ingediend om inwonersparticipatie te bevorderen en daarin worden 3 soorten participatie onderscheiden, namelijk de collectieve vraagstukken, de collectieve beslissingen en collectieve diensten.
Deze drieslag is enigszins terug te vinden in de participatieladder maar vinden de andere partijen en het college dat deze drieslag voldoende herkenbaar is in voorliggend voorstel? Hopelijk blijft de raad nauw betrokken hierbij. De heer BLOKKER stelt dat communicatie heel belangrijk is maar het is moeilijk om op de juiste wijze te communiceren en in contact te blijven met de inwoners. Wat voor ligt is in ieder geval een prima uitgangspunt. In het verleden is al eerder geprobeerd om het wijk- en buurtgericht werken van de grond te krijgen en het is een uitdaging om in 2021 dit weer te bewerkstelligen. Hopelijk wordt er dan ingezoomd op een buurt en op de initiatieven die er leven. Deze ontwikkeling zal met belangstelling worden gevolgd. De heer BOSMAN meldt dat de drieslag die de heer Schrijver noemde GroenLinks zeer aanspreekt en dat de fractie de toekomstige ontwikkelingen op dit gebied langs die meetlat wil leggen. Mevrouw OORTMAN GERLINGS heeft begrepen dat er een informatieavond komt waar dieper wordt ingegaan op bewonersparticipatie en daar wordt met grote belangstelling naar uitgezien. 14. Raadsinformatiebrief Raad van advies Subsidie exploitatie van sportaccommodaties Baarn (198864) Dit agendapunt is vervallen. 15.
Raadsinformatiebrief Evaluatie GR BBS (198868) Mevrouw STAM meldt dat de fractie deze raadsinformatiebrief heeft geagendeerd, mede naar aanleiding van een opmerking in de rapportage van Twijnstra en Gudde ‘dat de toekomst van de BBS een strategische afweging vraagt over de ambities in het sociaal domein en over welke rol BBS daarin speelt. Op dit moment wordt dit gesprek niet gevoerd, ook niet door de 3 gemeenteraden.’ Einde citaat. De aanbevelingen die uit de evaluatie komen zijn behoorlijk ingrijpend, met name de aanbeveling wat voor toekomst de BBS-gemeenten voor ogen hebben voor de BBS-organisatie en de aanbeveling om de lokale teams volledig onder te brengen bij de BBS. Uit de raadsinformatiebrief en de beantwoording van de technische vragen wordt begrepen dat de 3 gemeenten een aantal opties gaan verkennen en er naar streven om voor 1 april met een voorstel te komen voor de colleges. 16
Het gaat om een behoorlijk grote wijziging, een nieuwe stip aan de horizon is, en dat zou met een raadsvoorstel moeten worden bekrachtigd. Graag een reactie van de wethouder en de andere fracties hierop. Wethouder JANSMA legt uit dat eerst de 3 gemeenten met elkaar in gesprek gaan op collegeniveau. Hopelijk is dat voor april rond binnen de colleges en dan zal er een voorstel naar de raad komen. Er wordt gekeken naar alle mogelijke varianten en dan wordt dit voorgelegd aan de raad. Het staat al op de jaarplanning geagendeerd.
Mevrouw STAM vraagt of in het raadsvoorstel diverse scenario’s worden voorgelegd of I keuze. Wethouder JANSMA zegt dat de pro’s en de contra’s van diverse scenario’s naast elkaar worden gelegd en dat de raad hiervan kennis krijgt. Vervolgens zal aan de raad een voorkeurscenario worden voorgelegd en dan kan de raad afwegen waarom de andere zijn afgevallen.
De heer BLOKKER constateert dat er in de brief staat dat de aanbevelingen 3 tot en met 6 aan de raad worden voorgelegd indien er sprake is van een wijziging van de door de raad vastgestelde kaders maar dat is toch wat enger dan wat de wethouder nu gelukkig aangeeft. Wat betreft de aanbevelingen I en 2 wordt de raad geïnformeerd indien die financiële consequenties hebben maar het is fijn dat de wethouder deze toezegging heeft gedaan.
De heer VAN DER LINDEN vraagt wanneer de aanbevelingen worden geïmplementeerd want het wordt op deze wijze wel een lang proces. Het doel van het rapport is om zo snel mogelijk te komen tot een organisatie die doelgericht en efficiënt de taken uitvoert voor de bewoners. Ongetwijfeld gebeurt dit zeer zorgvuldig maar het schiet niet op. Wethouder JANSMA legt uit dat een knip is gemaakt in de 6 aanbevelingen omdat er aanbevelingen zijn die nu al plaatsvinden want die zijn niet nieuw. Tijdens de presentatie in november is ook gezegd dat het rapport soms achterloopt op de feitelijke situatie want er wordt bijvoorbeeld al gewerkt aan de archivering- en de digitaliseringslag en er wordt gestroomlijnd dat de zaken helder zijn waar de directeur voor verantwoordelijk is. Dat zijn bedrijfsorganisatorische besluiten en daar gaat de raad niet over. De andere 2 aanbevelingen is de stip op de horizon en dat gaat de raad dus echt aan. Er is ook in 2015-2017 toen de BBS is opgericht gezegd van eerst even rust en ergens in 2020 wordt gekeken wat de toekomst van de BBS is.
Binnen de 3 gemeenten wordt er verschillend over gedacht en tussen de gemeenten wordt er soms verschillend over gedacht maar er is één gemeenschappelijke regeling en juist de efficiency vraagt om eenduidigheid van de 3 gemeenten over welke taken wel en welke taken niet, lokaal team wel of lokaal team niet, werkgeverschap wel of werkgeverschap niet, hoe wordt de couleur locale vormgegeven. Dat vraagt om gezamenlijkheid.
16. Sluiting De VOORZITTER sluit de vergadering om 22.53 uur.
Aldus vastgesteld in de openbare bijeenkomst “Debat in de Raad” van 10 februari 2021.
De griffier,
De voorzitter, mevrouw MJ. Koenders-van de Vrugt
17