CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

1463658 Jaarstukken 2025 en Ontwerpbegroting 2027 VRU bijlage 1B Ontwerpbegroting VRU 2027 en geactualiseerde begroting VRU 2026

Raadsvergadering 8 juli 2026, gemeente BaarnBij agendapunt: Jaarstukken VRU 2025 en Ontwerpbegroting 2027 incl. geactualiseerde begroting 2026 Veiligheidsregio Utrecht33.879 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Ontwerpbegroting VRU 2027 & geactualiseerde begroting VRU 2026 Algemeen bestuur (vastgesteld 30 maart 2026)

V R U punt N L

1

Inhoudsopgave 1 1.1 1.2

Leeswijzer Opbouw begroting Proces begroting 1.2.1 Kadernota VRU 2027 1.2.2 Zienswijzen Kadernota VRU 2027 en toekomstscenario’s 1.2.3 Zienswijzen Ontwerpbegroting VRU 2027 & geactualiseerde begroting VRU 2026 1.2.4 Begroting VRU 2027 & geactualiseerde begroting VRU 2026

5 5 5 5 6

2 2.1 2.2 2.3

Hoofdlijnen Begroting in één oogopslag Ontwikkelingen Financieel kader 2.3.1 Loonaanpassing 2.3.2 Prijsaanpassing 2.3.3 FLO-overgangsrecht en tweede loopbaanbeleid 2.3.4 Brede doeluitkering rampenbestrijding 2.3.5 Samenvatting effect mutaties financieel kader 2.3.6 Gemeentelijke bijdrage gezamenlijke basistakenpakket 2.3.7 Vergoeding individueel gemeentelijk pluspakket

8 8 9 10 11 12 14 16 17 18 19

3 3.1

Programmaplan Brandweer- Toekomstbestendige brandweerzorg 3.1.1 Waar gaan we voor? 3.1.2 Wat gaan we doen om daar te komen? 3.1.3 Waar sturen we op? Risicobeheersing - Veilige en gezonde leefomgeving 3.2.1 Waar gaan we voor? 3.2.2 Wat gaan we doen om daar te komen? 3.2.3 Waar sturen we op? Crisisbeheersing & GHOR - Versterking crisisbeheersing 3.3.1 Waar gaan we voor? 3.3.2 Wat gaan we doen om daar te komen? 3.3.3 Waar sturen we op? Meldkamer Midden-Nederland Veiligheidsregio's 3.4.1 Waar gaan we voor?

20 22 22 23 29 30 30 31 34 35 35 37 40 40 40

3.2

3.3

3.4

7 7

2

3.5

3.6 4 4.1

4.2 4.3

4.4

4.5

4.6

3.4.2 Wat gaan we doen om daar te komen? 3.4.3 Waar sturen we op? Ondersteuning 3.5.1 Waar gaan we voor? 3.5.2 Wat gaan we doen om daar te komen? 3.5.3 Overhead 3.5.4 Onvoorzien Samenvatting effect mutaties beleidsontwikkelingen

41 42 42 42 44 46 47 47

Paragrafen Bedrijfsvoering 4.1.1 Personeel en organisatie 4.1.2 Huisvesting 4.1.3 Interne beheersing en rechtmatigheid Openbaarheidsparagraaf Verbonden partijen en overige partijen 4.3.1 De Werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio's (WVSV) 4.3.2 Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en Stichting Waarborgfonds Veiligheidsregio’s Onderhoud kapitaalgoederen 4.4.1 Kapitaalgoederen 4.4.2 Onderhoud gebouwen en installaties 4.4.3 Onderhoud materieel Financiering 4.5.1 Financieringsportefeuille 4.5.2 Risicobeheer 4.5.3 Verloop reserves Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.6.1 Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) 4.6.2 Vrijwilligheid brandweerpersoneel 4.6.3 Overeenkomst van opdracht (OvO) 4.6.4 Milieurisico PFAS 4.6.5 Vitaalverklaring veiligheidsregio’s 4.6.6 Indexeringssystematiek 4.6.7 Overige onvoorziene exploitatierisico’s 4.6.8 Bedrijfscontinuïteit/ stroomuitval 4.6.9 Kengetallen

48 48 48 52 52 54 55 55 55 56 56 57 57 58 58 59 61 66 67 68 69 70 71 71 72 72 72

3

5 5.1

5.2

5.3

5.4

6 6.1 6.2 6.4 6.5 6.6 6.7 6.8 6.9

Financiën Baten en lasten 2026 & 2027 5.1.1 Baten en lasten per programma 5.1.2 Baten en lasten per categorie 5.1.3 Incidentele baten en lasten Meerjarenraming 2027-2031 5.2.1 Meerjarenraming 2026-2031 5.2.2 Raming meerjarig verloop reserves Gemeentelijke bijdrage 2026-2031 5.3.1 Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage 2026-2031 5.3.2 Gemeentelijke bijdrage 2026-2031 per gemeente 5.3.1 Gemeentelijke bijdrage en vergoedingen 2026-2031 per gemeente Uiteenzetting financiële positie 5.4.1 Geprognosticeerde balans 5.4.2 EMU-saldo

74 74 74 75 76 78 78 79 80 80 80 81 82 82 83

Bijlagen Overzicht bijstelling gemeentelijke bijdrage gezamenlijk basistakenpakket (GBTP) Baten en lasten per taakveld Vergoedingentabel 2026 en 2027 Compensatiebedragen 2026 en 2027 Verdelingsgrondslag gemeentefonds gemeentelijke bijdrage GBTP 2026 en 2027 Investeringen begroting 2026a en 2027 Crisisprojecten Begrippen en afkortingen

84 84 86 88 89 90 91 92 97

4

1 Leeswijzer 1.1

Opbouw begroting ▪ ▪ ▪

Technische toepassing van het financiële kader (hoofdstuk 2). Toekomstscenario’s en bestuurlijke opdrachten (hoofdstuk 3). Risico’s (hoofdstuk 4).

Figuur 1 Opbouw begroting nleiding

eleidsbegro ng

inanci le begro ng

eeswijzer 2 oofdlijnen

rogrammaplan 4 aragrafen

inancieel egro ng 202 20 0 emeentelijke bijdrage vergoeding Uiteenze ng nanci le posi e

Deze begroting is als volgt opgebouwd: ▪ Eerst worden de hoofdlijnen (H2) weergegeven met daarin de begroting in één oogopslag, de actuele ontwikkelingen en de financiële kaders op basis van de Kadernota VRU 2027; ▪ Daarna volgt de beleidsbegroting waarin het programmaplan (H3) en de paragrafen (H4) inzicht bieden in de uitvoering van de bestuursagenda en waarin ook de beheersmatige aspecten zijn opgenomen; ▪ Tenslotte volgt de financiële begroting (H5) met daarin de baten en lasten specifiek voor de jaren 2026 en 2027, gevolgd door de meerjarenraming voor de jaren 2027 t/m 2030 en een uiteenzetting van de financiële positie. Tevens bevat de financiële begroting een aantal (deels verplichte) bijlagen.

1.2

Proces begroting

Hieronder volgt een beschrijving van het proces van de totstandkoming van de Begroting VRU 2027 & geactualiseerde begroting VRU 2026, vanaf de Kadernota VRU 2027 met daarin opgenomen de kaders voor de begroting 2027 en de geactualiseerde begroting 2026 tot de voorliggende begroting. 1.2.1 Kadernota VRU 2027 In de kadernota VRU 2027 zijn de (financiële) kaders voor de begroting 2027 en de geactualiseerde begroting 2026 weergegeven. Een concept van de Kadernota VRU 2027 is in het

5

najaar van 2025 besproken met de gemeentelijke ambtenaren en in oktober 2025 voorgelegd aan de adviescommissie gemeentesecretarissen veiligheid (AGV) en de bestuurlijke adviescommissie (BAC) bedrijfsvoering en financiën. Het dagelijks bestuur heeft vervolgens ingestemd met de Kadernota VRU 2027. Op 1 december 2025 is de Kadernota VRU 2027 besproken en vastgesteld in het algemeen bestuur van de VRU. 1.2.2 Zienswijzen Kadernota VRU 2027 en toekomstscenario’s Op 9 december 2025 zijn de kadernota VRU 2027 en de toekomstscenario’s aan de gemeenteraden aangeboden. De raden zijn hierbij in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze uiterlijk op 3 maart 2026 kenbaar te maken. De ingekomen zienswijzen zijn in een aparte zienswijzenotitie opgenomen en voorgelegd aan het bestuur. Voorlopig beeld Op 12 maart 2026 is van alle gemeenten een reactie ontvangen op de uitnodiging om een zienswijze in te dienen over de toekomstscenario’s en de kadernota VRU 2027. Vier gemeenten hebben aangegeven geen zienswijze in te dienen. Drieëntwintig zienwijzen zijn definitief en drie reacties zijn nog in concept. Alle gemeenten die een (voorlopige) zienswijze ingediend hebben, stemmen in met het scenario ‘op orde’. Veel gemeenten vragen hierbij nogmaals aandacht voor de financi le gevolgen die dit voor hen heeft, maar erkennen dat dit scenario noodzakelijk is.

Een aantal gemeenten geeft aan, hoewel in te stemmen met het scenario ‘op orde’, te verwachten dat ten aanzien van de thema’s waarover nog besluitvorming moet plaatsvinden er naar een andere oplossing gezocht wordt dan de vraag om extra financiële middelen. Eén gemeente stelt bij de instemming met het scenario ‘op orde’ de voorwaarde om dit over twee jaar te evalueren en daarbij na te gaan of aan diverse randvoorwaarden voldaan is en of financiële bijsturing nodig is. Er zijn ook gemeenten die aangeven in te stemmen met het scenario ‘op orde’ tot en met 2030, maar voor de periode daarna de komende jaren ombuigingsvoorstellen verwachten waardoor de gemeentelijke bijdrage naast inflatie niet extra zal stijgen in 2031. Een enkele gemeente heeft verzocht om, gezien de toenemende risico’s in de directe leefomgeving en de taken van de VRU daarbij, ook te verkennen wat het betekent als gekozen wordt voor het scenario ‘op koers’. Door deze gemeenten wordt gevraagd om een financiële uitwerking voor de bijdrage van dit scenario. In de zienswijze op de kadernota wordt meermaals waardering uitgesproken voor het opvangen van de BDUR korting van 10% binnen de eigen middelen zonder hiervoor extra bijdragen van deelnemers te vragen. Daarbij worden ook ernstige zorgen geuit over de kwaliteit en continuïteit van de dienstverlening als het Rijk dit handhaaft.

Verwacht wordt dat veiligheidsregio’s hierover in gesprek gaan met het Rijk. Benoemd wordt dat de kostenstijging, vanwege de gemeentelijke bijdrage aan de VRU die toeneemt door stijgende lonen en prijzen en noodzakelijke investeringen, de begroting en

6

uiteindelijk inwoners beïnvloedt. Er worden zorgen uitgesproken over de structurele stijging van de gemeentelijke bijdrage. Een aantal keren wordt verzocht om een definitieve keuze ten aanzien van de huisvesting. Meegegeven wordt dat uitstel van besluitvorming zorgt voor onzekerheid over de continuïteit, kwaliteit en betaalbaarheid van huisvesting. Het bestuur wordt gevraagd hier zo snel mogelijk duidelijkheid over te geven. Voor nu wordt nadrukkelijk aandacht gevraagd voor de stapeling van effecten door de loon- en prijsindexering, investeringen door de toekomstscenario’s en mogelijke wijzigingen in de financieringssystematiek. Verzocht wordt om bij de verdere uitwerking expliciet inzichtelijk te maken wat de cumulatieve meerjarige effecten zijn per gemeente, inclusief een doorkijk naar 2030. Gevraagd wordt om de komende jaren rekening te blijven houden met de financiële situatie van gemeenten en ervoor te zorgen dat de kosten zoveel mogelijk gespreid en transparant zijn. Dit zodat kosten voorspelbaar en beheersbaar blijven. Daarnaast wordt opgeroepen om spaarzaam, zorgvuldig, weloverwogen en terughoudend om te gaan met toekomstige voorstellen die om extra financiële middelen vragen.

Op basis van de zienswijzen wordt voorgesteld om definitief in te stemmen met het scenario ‘op orde’ en de kaders voor de begroting ongewijzigd te verwerken in de begroting VRU 2027 en geactualiseerde begroting 2026. 1.2.3 Zienswijzen Ontwerpbegroting VRU 2027 & geactualiseerde begroting VRU 2026 [volgt na behandeling ontwerpbegroting in AB 30 maart 2026] 1.2.4 Begroting VRU 2027 & geactualiseerde begroting VRU 2026 [volgt na behandeling ontwerpbegroting in AB 30 maart 2026]

7

2 Hoofdlijnen 2.1

Begroting in één oogopslag

Figuur 2 Uitgaven 2027

Figuur 3 Inkomsten 2027

8

2.2

Ontwikkelingen

In de Bestuursagenda VRU 2024-2027 is het beleid vastgelegd ten aanzien van de taken van de VRU. De thema’s van de bestuursagenda VRU 2024-2027 zijn herkenbaar opgenomen in het programmaplan en de paragrafen. De voorliggende begroting heeft betrekking op het derde en vierde jaar van de huidige beleidsperiode 2024-2027. Deze begroting bevat naast de reguliere bijstelling van het financiële kader (§ 2.3) ook de uitwerking van de besluitvorming over de toekomstscenario’s en de bestuurlijke opdrachten (hoofdstuk 3). Hoofdstuk 4 geeft inzicht in de financiële positie, het risicobeheer en de beheersaspecten van de VRU. Op verzoek van het algemeen bestuur zijn op basis van de bestuursagenda toekomstscenario’s uitgewerkt. Ter voorbereiding op de besluitvorming hierover is in kaart gebracht welke investeringen noodzakelijk zijn om de huidige taakuitvoering op peil te houden en welke besparingsopties zijn onderzocht. Hierbij zijn eveneens de benodigde investeringen voor natuurbrand- en waterongevallenbestrijding meegenomen. Het bestuur heeft geconcludeerd dat extra middelen om op orde te komen, zoals opgenomen in de toekomstscenario’s, nodig zijn. Door de voorgestelde maatregelen zetten we gefaseerd stappen om vanaf 2030 op orde te zijn.

Hierbij is een zorgvuldige afweging gemaakt op basis van het uitgangspunt dat de gevraagde investeringen onvermijdbaar en onuitstelbaar zijn en zonder extra middelen niet realiseerbaar (onoplosbaar) zijn. De volgende onderwerpen zijn van invloed op de financieringssystematiek maar zijn geen onderdeel van de begrote lasten en baten zoals opgenomen in voorliggende ontwerpbegroting. 1. Indexeringssystematiek 2. Volumecomponent 3. Compensatiemechanisme De onderwerpen indexeringssystematiek en de volumecomponent worden geagendeerd voor bespreking tijdens de bestuursconferentie in september 2026. Een voorstel over een de afbouw van het compensatiemechanische wordt gelijktijdig met de ontwerpbegroting VRU 2027 en geactualiseerde begroting VRU 2026 voorgelegd aan het algemeen bestuur (30 maart 2026). Het voorstel over de afbouw van het compensatiemechanisme heeft als doel om tot een uniforme verdeling van de gemeentelijke bijdrage voor het basistakenpakket (GBTP) te komen, geheel volgens de afgesproken verdeelsleutel van het subcluster crisisbeheersing en brandweer van het gemeentefonds.

Hierbij wordt ook voorgesteld om de separate algemene bijdrage (€ 40.000), die de gemeente Vijfheerenlanden aanvullend structureel betaalt als gevolg van de vorming van de gemeente Vijfheerenlanden per 1 januari 2019, op te nemen in de gemeentelijke bijdrage voor het GBTP en te verdelen naar rato van de “objectieve” budgetten voor crisisbeheersing en brandweer van het gemeentefonds. De afbouw van het compensatiemechanisme kan leiden tot herverdeeleffecten per individuele gemeente. De afbouw van de structurele bijdrage van de gemeente Vijfheerenlanden leidt tot een geringe verhoging van de bijdrage voor het GBTP (0,1%).

9

2.3

Financieel kader

De ontwikkeling van het gemeentefonds is van invloed op de begroting van de VRU. De voorliggende begroting is gebaseerd op de septembercirculaire 2025 van het gemeentefonds. Conform artikel 4.2 A van de Gemeenschappelijke Regeling vormen de ijkpuntscores van het Gemeentefonds voor het onderdeel ‘Crisisbeheersing en brandweer’ de grondslag voor het relatieve aandeel van de gemeenten in de totale bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket (hierna GBTP). De ijkpuntscores leiden niet tot een verandering van de totale bijdrage voor het GBTP. De ijkpuntscores worden alleen gebruikt om de verdeling tussen de gemeenten onderling te berekenen. Op totaalniveau is de bijstelling van de ijkpuntscores dus per saldo neutraal. Per gemeente kunnen wel verschuivingen plaatsvinden, afhankelijk van de ontwikkeling van de ijkpuntscores in relatie tot de gemiddelde trend van alle VRU-gemeenten gezamenlijk. In tabel 1 zijn de percentages voor de begroting 2027 en de geactualiseerde begroting 2026 opgenomen op basis van de septembercirculaire 2025 van het gemeentefonds. Ter vergelijking zijn ook de percentages uit de begroting VRU 2026 vermeld, die is vastgesteld op 7 juli 2025. Tabel 1 Verdelingsgrondslag (relatief aandeel ijkpuntscores) bijdrage GBTP Verdelingsgrondslag bijdrage GBTP Gemeente Begroting 2026

Mutatie (q) maatstaven

Begroting 2026a en 2027

Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort U Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist

11,41% 1,85% 1,07% 1,30% 3,04% 3,00% 0,65% 3,15% 2,15% 1,98% 0,85% 0,87% 4,44% 0,66% 0,36% 1,24% 3,15% 4,40% 32,02% 3,51% 4,60% 3,73% 1,59% 3,52% 0,83% 4,65%

0,074% -0,009% -0,002% -0,008% -0,013% -0,019% 0,005% -0,003% -0,013% 0,004% -0,001% -0,005% 0,059% 0,007% 0,001% -0,002% -0,002% -0,091% 0,043% -0,021% 0,037% 0,019% -0,008% -0,023% 0,000% -0,028%

11,49% 1,84% 1,07% 1,29% 3,02% 2,99% 0,65% 3,15% 2,13% 1,98% 0,85% 0,86% 4,49% 0,67% 0,36% 1,24% 3,15% 4,31% 32,06% 3,49% 4,63% 3,75% 1,58% 3,50% 0,83% 4,62%

TOTAAL

100,00%

0,000%

100,00%

10

2.3.1 Loonaanpassing De gemeentelijk bijdrage wordt geïndexeerd op basis van artikel 4.3 van de Gemeenschappelijke Regeling. De loonaanpassing volgt de algemene loonontwikkeling(1). In tabel 2 is de stelpost voor loonontwikkeling inclusief het financiële effect van de loonontwikkeling op de bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket (GBTP) opgenomen. Tabel 2 Stelpost loonontwikkeling Loonontwikkeling loongevoelige budgetten Financieel Jaar Begroting Begroting Begroting Bijstelling effect GBTP 2026 2026a 2027 (x € .000) 2025 2026 Subtotaal 2026

4,8% 3,4% 8,2%

4,8% 2,6% 7,4%

4,8% 2,6% 7,4%

0,0% -0,8% -0,8%

-638 -638

2027 Subtotaal 2027

-

-

5,7% 5,7%

5,7% 5,7%

4.881 4.881

8,2%

7,4%

13,1%

4,9%

4.243

Totaal

In de begroting is voor 2025 tot en met 2027 een stelpost voor loonontwikkeling opgenomen die is gebaseerd op de indexcijfers uit de septembercirculaire 2025 van het Rijk. Voor 2025 en 2026 is de stelpost voor de loonontwikkeling structureel verlaagd van 8,2% naar 7,4%. We werken met een stelpost, omdat we de precieze omvang van de werkelijke loonontwikkeling voor de periode na de einddatum van het huidige CAO-akkoord nog niet weten. De stelpost is gebaseerd op de loonontwikkeling zoals deze is berekend door het Centraal Planbureau (CPB). De werkelijke loon- en premieontwikkeling wordt na vaststelling van de cao en premiebijdragen verrekend met de stelpost. Vervolgens wordt een eventueel positief of negatief effect incidenteel en structureel verrekend met de gemeentelijke bijdrage zodat uiteindelijk de werkelijke loon- en premieontwikkeling wordt betaald. In tabel 3 is de omvang van de stelpost weergegeven. Tabel 3 Omvang stelpost loonontwikkeling dr x € 1.000) Omvang stelpost loonontwikkeling Jaar Begroting Begroting Begroting 2026 2026a 2027 2025 2026 Subtotaal 2026

3.625 2.810 6.435

3.625 2.172 5.797

3.625 2.172 5.797

2027 Subtotaal 2027

-

-

4.881 4.881

6.435

5.797

10.678

Totaal

1 Bijdrageverordening, artikel 1: de loonontwikkeling conform de Collectieve Arbeidsregeling (CAR) en mutaties in de premieplichtigen van de

werkgever op basis van wet CAR en rechtspositieregeling.

11

Onderhandelingsresultaat Cao-veiligheidsregio’s Op 2 februari jl. is een onderhandelingsresultaat bereikt over de arbeidsvoorwaarden voor personeel in dienst van de veiligheidsregio’s voor een periode van twee jaar vanaf augustus 2025. De omvang van de stelpost voor loonontwikkeling (7,4%) die wij hiervoor in de begroting hebben opgenomen sluit daarmee structureel volledig aan op de afspraken uit het onderhandelingsresultaat (7, %) plus de verhoging van de werkgeverspremie’s per -1-26 (0,1%). Dit betekent dat de loongevoelige budgetten structureel met het juiste percentage zijn geïndexeerd. Zodra het Cao-akkoord definitief is vastgesteld wordt de stelpost afgewikkeld. Incidenteel ontstaat er een voordeel door de gefaseerde verhogingen van de lonen en vergoedingen voor brandweervrijwilligers, omdat de loonontwikkeling inclusief werkgeverspremies per 1 augustus 2026 stijgt van 4,2% naar 7,3% en aanvullend vanaf 1 januari 2027 naar 7,4%. Vervolgens zijn de cao-afspraken voorzien tot 1 augustus 2027. Dit betekent dat er een incidenteel voordeel in 2026 ontstaat over een periode van 7 maanden van 3,1% en in 2027 over een periode van 7 maanden van 5,7% (-/- 0,2% reservering voor stijging werkgeverspremies per 11-2027).

De gefaseerde loonontwikkeling uit het onderhandelingsresultaat leidt hiermee tot een incidentele verlaging van de gemeentelijke bijdrage ( T ) in 202 (€ , 0 miljoen) en 2027 (€ 2,75 miljoen) ten opzichte van de bijdrage voor het GBTP zoals opgenomen in de vastgestelde kadernota. In voorliggende ontwerpbegroting is dit incidenteel voordeel voor gemeenten verwerkt (tabel 4). Tabel 4 Inzet stelpost loonontwikkeling 2026 en 2027 dr x € 1.000) Inzet stelpost loonontwikkeling Jaar Begroting Begroting Begroting 2026 2026a 2027 Omvang stelpost 2026 Inzet stelpost 2026 Incidenteel voordeel 2026

5.797 4.302 1.495

Omvang stelpost 2027 Inzet stelpost 2027 Incidenteel voordeel 2027 Effect GBTP (incidenteel voordeel)

5.797 5.797 4.881 2.134 2.748

1.495

2.748

2.3.2 Prijsaanpassing Voor de prijsbijstelling van de prijsgevoelige budgetten hanteert de VRU de procentuele mutatie van het indexcijfer ‘ rijs bruto binnenlands product’ (pbbp) zoals het C heeft berekend(2). Dit staat beschreven in artikel 1 sub j van de Bijdrageverordening VRU. In aansluiting op de gegeven indices die het Rijk heeft opgenomen in de septembercirculaire voor het gemeentefonds, hebben wij de indexatie van specifiek de investeringsbudgetten gebaseerd op het (lagere) CPB indexcijfer ‘prijs bruto overheidsinvesteringen’ (iboi)(3).

2 Prijsindexen CPB MEV 2025 (m.b.t. 2026) en CEP 2025 (m.b.t. 2024,2025,2027). 3 Gepubliceerd in tabel 4.2.2 van de septembercirculaire 2025.

12

Jaarlijks vindt een correctie plaats op basis van de geactualiseerde cijfers over de voorliggende twee jaren ten opzichte van de begroting. Zo indexeren we nooit te veel of te weinig. De ontwikkeling van de prijsindexcijfers (pbbp en iboi) en de relatie met de vastgestelde begroting 2025 is weergeven in respectievelijk tabel 5 en 6. Tabel 5: Ontwikkeling CPB indexcijfer 'Prijs bruto binnenlands product (pbbp)' Prijsbijstelling algemene prijsgevoelige budgetten Financieel Jaar Begroting Begroting Begroting Bijstelling effect GBTP 2026 2026a 2027 (x € .000) 2024 2025 2026 Subtotaal 2026

4,0% 2,7% 2,6% 9,3%

5,1% 3,6% 2,5% 11,2%

5,1% 3,6% 2,5% 11,2%

1,1% 0,9% -0,1% 1,9%

288 236 -26 498

2027 Subtotaal 2027

-

-

2,5% 2,5%

2,5% 2,5%

668 668

9,3%

11,2%

13,7%

4,4%

1.166

Totaal

Voor 2026 bedraagt de prijsbijstelling voor de algemene prijsgevoelige budgetten 1,9% en voor 2027 is de prijsontwikkeling op 2,5% geraamd. De cumulatieve prijsbijstelling voor de algemene prijsgevoelige budgetten komt vanaf 2027 daarmee op 4,4%. Tabel 6: Ontwikkeling CPB indexcijfer 'Prijs bruto overheidsinvesteringen (iboi)' Prijsbijstelling investeringsbudgetten Financieel Jaar Begroting Begroting Begroting Bijstelling effect GBTP 2026 2026a 2027 (x € .000) 2024 2025 2026 Subtotaal 2026

3,0% 2,3% 2,2% 7,5%

3,5% 3,3% 2,5% 9,3%

3,5% 3,3% 2,5% 9,3%

0,5% 1,0% 0,3% 1,8%

70 139 42 251

2027 Subtotaal 2027

-

-

2,5% 2,5%

2,5% 2,5%

354 354

7,5%

9,3%

11,8%

4,3%

605

Totaal

Voor 2026 bedraagt de prijsbijstelling voor de investeringsbudgetten 1,8% en voor 2027 is de prijsontwikkeling op 2,5% geraamd. De cumulatieve prijsbijstelling voor de investeringsbudgetten komt vanaf 2026 daarmee op 4,3%. De gewogen prijsbijstelling voor alle prijsgevoelige budgetten komt daarmee op € ,9% voor 2026 en 2,5% voor 2027. In tabel 7 is het financiële effect van de prijsaanpassing voor alle prijsgevoelige budgetten en opgenomen.

13

Tabel 7: Financieel effect prijsontwikkeling op gemeentelijke bijdrage GBTP dr x € 1.000 Prijsbijstelling (gewogen) Jaar Bijstelling pBBP Iboi Begroting (gewogen) 2026a/2027 2026a/2027 2026a/2027 2024 2025 2026 Subtotaal 2026a

0,9% 0,9% 0,0% 1,9%

288 236 -26 498

70 139 42 251

358 375 16 749

2027 Subtotaal 2027

2,5% 2,5%

668 668

354 354

1.022 1.022

Totaal

4,4%

1.166

605

1.771

2.3.3 FLO-overgangsrecht en tweede loopbaanbeleid Het financiële kader van de lasten FLO-overgangsrecht bestaat uit een structurele en een incidentele component. Schommelingen in de kostenprognose worden geëgaliseerd via de bestemmingsreserve ‘ asten O-overgangsrecht’. De actualisatie van de meest recente kostenprognose wordt nog verwerkt in de meerjarenraming van de begroting 2027 en de geactualiseerde begroting 2026 na vaststelling van een nieuwe Cao voor de veiligheidsregio’s. Op basis van de huidige inzichten en de cao-afspraken over het FLO-overgangsrecht zien we geen aanleiding het huidig meerjarig financiële kader bij te stellen. Dit betekent dat we de budgetten voor het FLO-overgangsrecht bij het opstellen van de begroting 2027 en de geactualiseerde begroting 2026 nu alleen verhogen met de reguliere loon- en prijsaanpassing. In tabel 8 is de geactualiseerde meerjarenraming voor het FLO-overgangsrecht weergegeven. Tabel 9 geeft een actueel inzicht in het financiële effect op de gemeentelijke bijdrage voor het gezamenlijk basistakenpakket (GBTP) voor het jaar 2026 en 2027.

14

Tabel 8: meerjarenraming FLO-overgangsrecht en tweede loopbaan 2026-2030 dr

x € 1.000

Meerjarenraming FLO overgangsrecht en tweede loopbaan

2026a

2027

2028

2029

2030

Begroting 2026 Lasten FLO-overgangsrecht en tweede loopbaan Storting/ onttrekking reserves FLO-overgangsrecht Storting/ onttrekking reserves FLO-tweede loopbaan Lasten FLO-overgangsrecht & 2e loopbaan begroting 2026

2.948 215 183 3.346

3.091 66 189 3.346

3.091 66 189 3.346

3.091 66 189 3.346

3.091 66 189 3.346

Begroting 2026a en 2027 Lasten FLO-overgangsrecht en tweede loopbaan Storting/ onttrekking reserves FLO-overgangsrecht Storting/ onttrekking reserves FLO-tweede loopbaan

3.042 54 247

3.270 60 197

3.270 60 197

3.270 60 197

3.270 60 197

3.344

3.527

3.527

3.527

3.527

-2

181

181

181

181

Lasten FLO-overgangsrecht & 2e loopbaan begroting 2026a en 2027 Mutatie structurele lasten FLO-overgangsrecht en tweede loopbaan

De actualisatie van de meerjarenraming leidt niet tot een mutatie van de gemeentelijke bijdrage. Na vaststelling van een nieuwe Cao voor de Veiligheidsregio’s wordt de kostenprognose voor de FLO nog geactualiseerd en als incidentele mutatie budgetneutraal verwerkt in de geactualiseerde begroting 2026 en de ontwerpbegroting 2027. Tabel 9: Financieel effect mutatie lasten FLO-overgangsrecht dr

x € 1.000

FLO-overgangsrecht en tweede loopbaan

FLO-overgangsrecht & 2e loopbaan begroting 2026 FLO-overgangsrecht & 2e loopbaan kaders 2026a en 2027 Mutatie lasten FLO-overgangsrecht en tweede loopbaan Correctie loon- en prijsaanpassing * Totaal effect

Financieel effect 2026a en 2027 Begroting Begroting Begroting 2026 2026a 2027 3.346 -

3.346 3.344 -2

3.346 3.527 181

-

2 -

-181 -

*De loon- en prijsaanpassing met betrekking tot de FLO-lasten is onderdeel van de totale loon- en prijsaanpassing (zie § 2.3.1 en 2.3.2). Om dubbeltelling te voorkomen is een correctie toegepast.

15

2.3.4 Brede doeluitkering rampenbestrijding Op grond van het Hoofdlijnenakkoord en de uitwerking in het regeerprogramma is de rijksbijdrage Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) vanaf 2026 met 10% gekort voor alle veiligheidsregio’s. De korting is evenredig over alle onderdelen van de BDuR toegepast. De omvang van de rijksbijdrage BDuR voor de VRU bedraagt volgens de decemberbrief 2025 van het Rijk voor 2026 € 4,5 miljoen. Voor 2027 is de DuR geraamd op € , miljoen. Dit is inclusief de structurele korting van 0% (€ ,4 miljoen). Om een verhoging van de gemeentelijke bijdrage te voorkomen zijn hiervoor bij de kadernota VRU 2027 de volgende maatregelen getroffen: ▪ Structurele aframing van 10% van het geoormerkte BDuR-budget voor versterking Crisisbeheersing (€ 0, miljoen); ▪ Structurele verrekening van eerder gereserveerde stelposten voor loon- en prijsontwikkeling (LPO) van de BDuR 2024 en 2025 (€ 0,7 miljoen); ▪ Structurele bijstelling en raming van LPO van de BDuR voor 2026 en 2027 (€ 0,4 miljoen); ▪ Incidentele onttrekking aan de algemene reserve ter dekking van het restant tekort voor 2026 (€ 0,3 miljoen). Door deze maatregelen leidt de 10% korting die het Rijk heeft doorgevoerd op de BDuR-budgetten niet tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage. De begrote omvang van de rijksbijdrage BDuR en de taakgebonden BDuR-budgetten zijn in de volgende tabel weergegeven.

Tabel 10: omvang rijksbijdrage BDuR en mutaties dr

x € 1.000

Brede doeluitkering Rampenbestrijding Rijksbijdrage Brede Doeluitkering BDuR Algemeen BDuR-middelen versterking crisisbeheersing Rijksbijdrage Brede Doeluitkering BDuR kadernota VRU 2027 Toekenning BDuR versterking/intensivering regionale weerbaarheid Rijksbijdrage Brede Doeluitkering BDuR (beschikking dec. 2025)

Financieel effect GBTP 2026 2026a

2027

10.426 3.007 13.433

11.050 3.015 14.065 450 14.515

11.047 3.015 14.062 1.408 15.469

Prognose Loon-en prijsontwikkeling (LPO) BDuR Prognose LPO BDuR 2026 (2%) Prognose LPO BDuR 2027 (2%) Prognose LPO rijksbijdrage BDuR cf. kadernota VRU 2027

225 225

285 285

285 287 572

Incidentele dekking van 10% korting uit algemene reserve Onttrekking aan algemene reserve cf. kadernota VRU 2027

1.088 1.088

287 287

-

Prognose rijksbijdrage BDuR begroting (incl.incidentele dekking 10%)

14.746

15.087

16.041

Taakuitvoering basistakenpakket Taakuitvoering versterking crisisbeheersing Taakuitvoering versterking/intensivering regionale weerbaarheid Inzet middelen voor taakuitvoering

-11.739 -3.007 -14.746

-11.622 -3.015 -450 -15.087

-11.619 -3.015 -1.408 -16.041

-

-

-

Financieel effect op gemeentelijke bijdrage (GBTP)

16

De rijksbijdrage BDuR algemeen wordt toegekend en aangewend als algemeen dekkingsmiddel voor de taakuitvoering van de VRU. De BDuR-budgetten voor specifieke taken zijn gefaseerd toegekend. De laatste tranche van de middelen voor versterking van crisisbeheersing is met ingang van 2026 toegevoegd. Op het totaal toegekende budget voor versterking van crisisbeheersing, is net als op de algemene rijksbijdrage BDuR, een korting van 10% doorgevoerd. Op 15 oktober 2025 zijn, in het kader van de versterking en intensivering van de regionale weerbaarheid op het gebied van crisisbeheersing, aanvullende afspraken gemaakt tussen de minister van Justitie en Veiligheid, het Veiligheidsberaad en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Voor deze taak is landelijk een structureel bedrag beschikbaar gesteld van € 8 miljoen in 202 en € 2 miljoen vanaf 2027. Aan de VRU is voor deze taak via de rijksbijdrage BDuR een bedrag van € 0,45 miljoen voor 202 en € 1,41 miljoen structureel vanaf 2027 toegekend. 2.3.5

Samenvatting effect mutaties financieel kader

Tabel 11 Effect mutaties financieel kader op bijdrage GBTP dr

x € 1.000

Samenvatting mutaties financieel kader

Bijstelling ijkpuntscores gemeentefonds* Loonaanpassing Prijsaanpassing Lasten FLO-overgangsrecht Brede doeluitkering Rampenbestrijding Subtotaal mutatie financieel kader structureel

Financieel effect GBTP Actualisatie Begroting 2026 2027 -638 749 111

4.243 1.771 6.015

Loonaanpassing incidenteel door fasering cao-mutaties Subtotaal mutatie financieel kader incidenteel

-1.495 -1.495

-2.748 -2.748

Totaal mutatie bijdrage GBTP

-1.384

3.267

*De bijstelling van de ijkpuntscores leidt alleen tot onderlinge verschuivingen tussen de bijdragen van gemeenten.

Voor 2026 wordt de gemeentelijke bijdrage voor het gezamenlijk basistakenpakket (GBTP) op basis van bijstelling van het financieel kader per saldo verlaagd met 1,4 miljoen. Voor 2027 wordt de gemeentelijke bijdrage voor het GBTP op basis van bijstelling van het financieel kader per saldo verhoogd met € ,3 miljoen. Hierin is vanaf 2027 een structurele verhoging van 6,0 miljoen verwerkt conform de kadernota VRU 2027. Aanvullend is een incidentele teruggave voor 2027 verwerkt als gevolg van een gefaseerde loonsverhoging op basis van een recent afgesloten Cao-principeakkoord voor de veiligheidsregio’s.

17

2.3.6 Gemeentelijke bijdrage gezamenlijke basistakenpakket In tabel 12 staan de nummers van de paragrafen weergegeven waarin de inhoudelijke onderbouwing van de financiële mutaties is opgenomen. Tabel 12 Gemeentelijke bijdrage gezamenlijke basistakenpakket (GBTP) 2026 en 2027 per gemeente (b dr

x € 1.000)

Gemeente

Bijdrage Bijstelling Stelpost Stelpost Prijs Prijs Beleid Beleid Bijdrage Incidentele GBTP ijkpuntsc. loonloon(pBBP) (iboi) knelpunten bestuurl. GBTP bijstelling begroting Gemeente- bijstelling bijstelling bijstelling bijstelling toekomsts. opdrachten begroting 2026a VRU 2026 fonds 2026a (str.) 2026a (inc.) 2026a (str.) 2026a (str.) 2026 (inc.) 2026a (str.) VRU 2026a (§ 2.3)

(§ 2.3.1)

(§ 2.3.1)

(§ 2.3.2)

(§ 2.3.2)

(H3)

(§ 3.1.2.7)

Stelpost Stelpost Prijs Prijs Beleid Beleid loonloon(pBBP) (iboi) ontwikkel. bestuurl. bijstelling bijstelling bijstelling bijstelling toekomsts. opdrachten 2027 (str.) 2027 (inc.) 2027 (str.) 2027 (str.) 2027 (str.) 2027 (str.)

(§ 2.3.1+ H3)

(§ 2.3.1)

(§ 2.3.1)

(§ 2.3.2)

(§ 2.3.2)

(H3)

(§ 3.1.2.7)

Bijdrage GBTP begroting VRU 2027

Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist

12.420 2.042 1.196 1.432 3.431 3.383 735 3.090 2.198 2.154 986 992 4.718 749 414 1.371 3.474 4.992 34.847 4.024 4.203 4.269 1.812 3.871 940 5.099

81 -10 -3 -9 -15 -22 5 -3 -4 5 -1 -6 64 7 1 -2 -3 -101 47 -24 41 19 -10 -25 -1 -31

-73 -12 -7 -8 -19 -19 -4 -20 -14 -13 -5 -5 -29 -4 -2 -8 -20 -28 -205 -22 -30 -24 -10 -22 -5 -29

-172 -28 -16 -19 -45 -45 -10 -47 -32 -30 -13 -13 -67 -10 -5 -19 -47 -64 -479 -52 -69 -56 -24 -52 -12 -69

57 9 5 6 15 15 3 16 11 10 4 4 22 3 2 6 16 21 160 17 23 19 8 17 4 23

29 5 3 3 8 7 2 8 5 5 2 2 11 2 1 3 8 11 80 9 12 9 4 9 2 12

198 32 18 22 52 51 11 54 37 34 15 15 77 11 6 21 54 74 552 60 80 64 27 60 14 80

-11 -2 -1 -1 -3 -3 -1 -3 -2 -2 -1 -1 -4 -1 -0 -1 -3 -4 -30 -3 -4 -4 -1 -3 -1 -4

12.529 2.037 1.196 1.426 3.423 3.369 741 3.094 2.199 2.163 986 989 4.793 758 415 1.373 3.479 4.901 34.972 4.008 4.255 4.297 1.806 3.854 941 5.079

-26 -4 -2 -3 -7 -7 -1 -7 -5 -4 -2 -2 -10 -2 -1 -3 -7 -10 -72 -8 -10 -8 -4 -8 -2 -10

561 90 52 63 148 146 32 154 104 97 42 42 219 33 17 61 154 211 1.565 170 226 183 77 171 41 226

-316 -51 -29 -35 -83 -82 -18 -87 -59 -54 -23 -24 -123 -18 -10 -34 -86 -119 -881 -96 -127 -103 -43 -96 -23 -127

77 12 7 9 20 20 4 21 14 13 6 6 30 4 2 8 21 29 214 23 31 25 11 23 6 31

41 7 4 5 11 11 2 11 8 7 3 3 16 2 1 4 11 15 114 12 16 13 6 12 3 16

588 94 55 66 155 153 34 161 109 101 44 44 230 34 18 64 161 221 1.641 179 237 192 81 179 43 237

-4 -1 -0 -0 -1 -1 -0 -1 -1 -1 -0 -0 -2 -0 -0 -0 -1 -2 -12 -1 -2 -1 -1 -1 -0 -2

13.449 2.184 1.281 1.529 3.665 3.608 794 3.347 2.370 2.322 1.054 1.058 5.153 811 444 1.472 3.731 5.247 37.541 4.288 4.626 4.597 1.933 4.134 1.008 5.449

Totaal

108.842

-

-638

-1.495

498

251

1.721

-94

109.085

-226

4.881

-2.748

668

354

5.120

-37

117.098

18

2.3.7

Vergoeding individueel gemeentelijk pluspakket

Tabel 13 Vergoeding individueel gemeentelijk pluspakket (IGPP) 2026 en 2027 4 dr

x € 1.000

Gemeente Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Totaal

Vergoeding IGPP Mutatie TUO Vergoeding IGPP Mutatie TUO Vergoeding IGPP begroting VRU incl. loon- & prijs- begroting VRU incl. loon- & prijs- begroting VRU 2026 aanpassing 2026 2026a aanpassing 2027 2027 487 34 24 21 52 19 121 24 68 203 591 93 73 151 11 230 382

9 0 0 0 -1 2 0 1 4 10 0 0 0 4 7

496 34

511 35

389

16 1 1 1 -5 0 4 1 3 6 20 -5 3 0 1 7 12

2.585

38

2.623

68

2.702

24

21 53 18 124

25

69 207 601 93 73 151 11 234

26

22 52 18 127

25

72 214 621 95 77 151 12 241 401

In de kadernota VRU 2027 is aangegeven dat de herijking van de doorbelasting van materiele en personele kosten voor beheerpakketten van de brandweerposten wordt doorgevoerd bij de ontwerpbegroting VRU 2027. Op basis van voortschrijdend inzicht wordt deze herijking in samenhang bezien met de bestuurlijke opdracht over de organisatie van onze huisvesting. Voor de toekomstscenario’s is een analyse gemaakt van de doorbelasting van kosten voor overig maatwerk zoals opgenomen in taakuitvoeringsovereenkomsten. Na afstemming met de betrokken gemeenten worden de aanpassingen in de kadernota VRU 2028 verwerkt.

4 De vergoedingen voor het individueel gemeentelijk pluspakket (IGPP) 2026 en 2027 kunnen gedurende het hele jaar wijzigen als gevolg van

nieuwe TUO-afspraken voor maatwerk met individuele gemeenten.

19

3 Programmaplan De klassieke rol van de veiligheidsregio is die van brandweerorganisatie gericht op incidentbestrijding (blussen en redden) en adviseur met specifieke expertise op het voorkomen en beperken van incidenten (brandveiligheid). Brandbestrijding is steeds complexer geworden. De woningbrand blijft, maar het blussen van zonnepanelen, elektrische auto’s en buurtbatterijen is erbij gekomen. Niet alleen neemt het risico op brand hierdoor toe maar ook de wijze waarop de brandbestrijding plaatsvindt wijzigt. Ook is incidentbestrijding al lang niet meer het enige wat van ons gevraagd wordt. Wij opereren binnen een breed domein. Langdurige, multidisciplinaire en complexe crises geven ons een andere rol. De wereld verandert en ontwikkelingen zijn complexer en doen zich steeds sneller en op grote schaal voor. Maatschappelijke onrust in Nederland, geopolitieke onrust in de wereld, klimaatverandering en digitalisering zijn voorbeelden van ontwikkelingen die invloed hebben op de rol van de overheid en wat inwoners daarvan verwachten of nodig hebben. Dat heeft ook gevolgen voor onze taakuitvoering. Daarnaast nemen wettelijke verplichtingen en veiligheidseisen toe. Eén van de taken van de veiligheidsregio is het opstellen van een risicoprofiel en zorgen dat we voorbereid zijn als risico’s zich voordoen. De geopolitieke situatie is instabiel.

De oorlog in Oekraïne en cyberdreigingen van statelijke actoren versterken het gevoel van onveiligheid. Door overbelasting van het elektriciteitsnet en de toenemende afhankelijkheid van digitale infrastructuur nemen ook de risico’s op grootschalige en langdurige stroomuitval toe. De gevolgen van verstoringen kunnen enorm zijn en leiden tot maatschappelijke ontwrichting bij zorginstellingen, verkeersmanagement en drinkwatervoorzieningen. Deze combinatie van factoren maakt ons kwetsbaar. Deze ontwikkelingen leiden tot een aanvullende taak voor gemeenten en de veiligheidsregio ten aanzien van de civiele veiligheid. Lokale brandweerkazernes zijn hierbij een belangrijke schakel. De veiligheidsregio zal in de praktijk samen met de gemeenten fungeren als dichtstbijzijnde overheid voor inwoners in onze steden en dorpen. De gevolgen van klimaatverandering zijn ook concreet zichtbaar in onze regio. Er is sprake van langere periodes van droogte, extreem weer zoals hoosbuien en stormen en een toenemende kans op onbeheersbare natuurbranden. We hebben te maken met een verhoogd natuurbrandrisico op de Utrechtse Heuvelrug en in aangrenzende gemeenten. Ook om ons heen zien we de directe gevolgen van de risico’s.

Vanuit de regio hebben we recent bijvoorbeeld bijstand verleend aan de natuurbrand in Ede en een zeer grote natuurbrand op de Loonse & Drunense Duinen waar tientallen hectares natuur verloren zijn gegaan. Enkele jaren geleden zijn wij binnen de regio geconfronteerd met de valwind in Leersum en op andere plaatsen zien we grote incidenten door extreem zware regenval en overstromingen zoals in Limburg en Duitsland. Daarnaast hebben ook demografische ontwikkelingen binnen onze regio effect op onze taakuitvoering, zo blijft het inwoneraantal de komende jaren groeien. De VRU is de grootste veiligheidsregio van Nederland, met een sterk netwerk van vrijwilligers en beroepskrachten. Onze

20

brandweerzorg is robuust en efficiënt en behoort tot de goedkoopste van Nederland. Daar zijn we trots op, we gaan zuinig en zinnig om met gemeenschapsgeld. Maar doordat wij sinds de start van de VRU continu hebben gestuurd op efficiency en kostenbeheersing betekent dit ook dat nieuwe investeringen noodzakelijk zijn. Alleen dan kunnen we onze huidige taakuitvoering in stand houden en blijven voldoen aan de wettelijke verplichtingen en veiligheidseisen. To komstsc r o’s et algemeen bestuur heeft verzocht om toekomstscenario’s uit te werken voor de uitvoering van de bestuursagenda. Daarnaast heeft het bestuur gevraagd inzicht te geven in mogelijke besparingen en de gevolgen daarvan voor onze taakuitvoering. Alle onderdelen van de VRU zijn hierin meegenomen. Ook is verzocht om bij de middelen die noodzakelijk zijn, na te gaan welke mogelijkheden er zijn om deze gefaseerd op te nemen. Op basis van deze analyses zijn in december 2025 keuzes voorgelegd aan het algemeen bestuur. De maatregelen die zijn voorgesteld, zorgen ervoor dat we gefaseerd vanaf 2030 op orde zijn. In de toekomstscenario’s zijn de uitgangspunten geformuleerd die ons helpen deze keuzes te maken. Leidraad daarbij is dat de maatregelen kosteneffectief en noodzakelijk moeten zijn.

Dit betekent dat we ons hierbij alleen hebben gericht op de noodzakelijke vereisten om onze taakuitvoering verantwoord voort te kunnen zetten met een organisatie die adaptief en wendbaar is, zodat we voorbereid zijn op de uitdagingen van morgen. Het algemeen bestuur heeft op 1 december 2025 besloten de beschrijving van de toekomstscenario’s vast te stellen, deze ter zienswijze aan de gemeenteraden aan te bieden en de financiële consequenties integraal te verwerken in de ontwerpbegroting 2027. In tabel 14 zijn de incidentele en structurele financiële consequenties en het effect op de gemeentelijke bijdrage weergegeven.

21

Tabel 14 Financieel overzicht toekomstscenario’s dr

x € 1.000

Incidenteel

Onderwerp

2026

Structureel 2027

2028

2029

2030

na 2030

Brandweer Autonome ontwikkelingen

500

1.234

1.742

1.742

1.742

Goed werkgeverschap

100

671

878

878

878

878

Keuzes op basis van voortschrijdend inzicht

168

275

341

341

988

2.144

Onderbouwde afweging van risico's Subtotaal Brandweer Voorstellen Natuurbrand- en waterongevallenbestrijding*

4.281

-

-

-

-

-

600

768

2.180

2.961

2.961

3.608

7.903

-

648

648

648

648

648

768

2.828

3.609

3.609

4.256

8.551

Doorbelasten dienstverlening liftopsluitingen

-

-94

-94

-94

-94

-94

Doorbelasten dienstverlening ambulancezorg

-

-37

-37

-37

-37

-37

Totaal bestuurlijke opdrachten brandweer

-

-131

-131

-131

-131

-131

Autonome ontwikkelingen

-

188

188

188

188

188

Goed werkgeverschap

-

57

57

57

57

57

Subtotaal Risicobeheersing

-

245

245

245

245

245

Goed werkgeverschap

-

400

400

400

400

400

Subtotaal Crisisbeheersing

-

400

400

400

400

400

2.153

1.476

1.476

1.476

1.476

1.476

-

171

171

171

171

171

Subtotaal Ondersteuning

2.153

1.647

1.647

1.647

1.647

1.647

TOTAAL TOEKOMSTSCENARIO'S

2.921

4.989

5.770

5.770

6.417

10.712

Onttrekking aan algemene reserve (via resultaatbestem.'25)

-1.200

-

-

-

-

-

Totaal dekkingsmiddelen

-1.200

-

-

-

-

-

Financieel effect op gemeentelijke bijdrage (GBTP)

1.721

4.989

5.770

5.770

6.417

10.712

Subtotaal Brandweer inclusief voorstellen NBB en WO Bestuurlijke opdrachten brandweer

Risicobeheersing

Crisisbeheersing

Ondersteuning Autonome ontwikkelingen Goed werkgeverschap

* vooruitlopend op besluitvorming algemeen bestuur 30 maart 2026

3.1

Brandweer- Toekomstbestendige brandweerzorg

3.1.1 Waar gaan we voor? Binnen de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) hebben we een fijnmazig netwerk van brandweerposten. Die kazernedichtheid koesteren we en hebben we nodig om de brandweerzorg te leveren. Maar de omgeving verandert. Nieuwe technologieën en maatschappelijke ontwikkelingen brengen zowel nieuwe risico’s als nieuwe mogelijkheden voor de brandweer.

22

Onder andere door de geopolitieke situatie en de gevolgen van klimaatverandering wordt een grotere rol van de brandweer verwacht in het kader van veerkracht en weerbaarheid. De uitdaging is om de samenleving veilig en veerkrachtig te houden, met een brandweerorganisatie die paraat, vakbekwaam en toekomstbestendig is. Wij zijn trots op onze medewerkers en op het vrijwilligersmodel dat de basis vormt van onze brandweerorganisatie. Het netwerk van vrijwilligerskazernes is een essentieel onderdeel van onze operationele kracht en levert een belangrijke bijdrage aan zowel de veiligheid als de lokale verbondenheid. Onze medewerkers worden vanwege de aard van het werk frequent ingezet in risicovolle situaties. Als werkgever dragen wij de verantwoordelijkheid om hun arbeidsveiligheid te waarborgen. Daarom investeren wij structureel in vakbekwaamheid, kwalitatief hoogwaardige persoonlijke beschermingsmiddelen, betrouwbaar materieel, veilige werkomstandigheden en de mentale gezondheid van onze mensen. 3.1.2

Wat gaan we doen om daar te komen?

3.1.2.1

Doel: doorontwikkelen paraatheid

Geplande activiteiten en resultaten: Activiteiten die wij in het kader van paraatheid in 2026 en 2027 uitvoeren zijn onder andere: - Doorontwikkeling piketorganisatie - Implementeren RIS (repressief informatie systeem) - Update dekkingsplan - Onderzoeksopdracht herpositionering van posten - Uitvoering activiteiten t.b.v. de energietransitie Taakuitvoering (deels) gedekt uit middelen toekomstscenario’s (TS): § TS Onderwerp toekomstscenario’s (TS) 3.1.1 Uitbreiding brandweerzorg Amersfoort Door de groei van Amersfoort worden de wettelijke gebiedsgerichte opkomsttijden in het noordelijk deel van de stad niet altijd gehaald. Vanwege de grootte van het stedelijk gebied en de verwachte verdere groei van Amersfoort, zijn maatregelen noodzakelijk om de benodigde slagracht te vergroten en de wettelijke opkomsttijden te behalen. De maatregelen om dit op te lossen worden gefaseerd ingevoerd. 3.1.2 Bijstelling roosterfactor Het rooster op de beroepskazernes kan met het huidige aantal beroepsbrandweerlieden niet meer volledig gevuld worden. Om de paraatheid te blijven garanderen, is een verhoging van de roosterfactor voor beroepspersoneel noodzakelijk. 3.1.4 Energietransitie en incidentbestrijding gevaarlijke stoffen

23

We worden geconfronteerd met nieuwe risico’s op het gebied van elektrificatie, grootschalige energieopslagsystemen en het toegenomen transport van gevaarlijke stoffen. Het is noodzakelijk dat medewerkers beschikken over de juiste kennis, materieel en materiaal om deze risico’s veilig te kunnen voorkomen, beperken en bestrijden. 3.4.1 Materiële paraatheid De kosten voor de aanschaf van materieel zijn in de afgelopen jaren sterk gestegen. Dit komt onder andere door gestegen grondstofprijzen, strengere veiligheids- en milieueisen en toegenomen loonkosten. Deze kosten zijn hoger dan waarmee in de reguliere indexatie van de begroting rekening is gehouden. Om het huidige materieel zoals vastgelegd in het materieel- en personeelsbeheer- en spreidingsplan te behouden, is structureel aanvullende dekking nodig voor alle voertuigen. 3.4.2 Herzien afschrijvingstermijn tankautospuiten van 20 naar 15 jaar In de praktijk is gebleken dat een afschrijvingstermijn van 20 jaar voor tankautospuiten niet haalbaar is omdat de technische levensduur van de voertuigen korter is. Uit een inventarisatie bij andere veiligheidsregio’s blijkt dat 15 jaar de maximale afschrijvingstermijn is. 3.4.3 Personele paraatheid en inzet Bij onze vrijwilligers hebben we te maken met een hoger verloop van personeel en een verminderde inzetbaarheid overdag.

Daarnaast leveren vrijwilligers een bijdrage in onze kazerneringsroosters. Door deze factoren ontstaat druk op de paraatheid van de vrijwillige kazernes. Investeringen op het vlak van inzicht in beschikbaarheid door middel van tweewegpagers verhoogt de paraatheid. Ook het continueren van de AED-taak leidt tot een geringe verhoging van de kosten.

3.1.2.2

Doel: versterken vakbekwaamheid

Geplande activiteiten en resultaten: Activiteiten die wij in het kader van Vakbekwaamheid in 2026 en 2027 uitvoeren zijn onder andere: - Verkenning interregionale samenwerking Midden Nederland - Organisatorische inrichting centrum digitaal leren en communiceren Taakuitvoering (deels) gedekt uit middelen toekomstscenario’s (TS): § TS Onderwerp toekomstscenario’s (TS) 3.1.3 Externe invloeden vakbekwaamheid Landelijke eisen en externe ontwikkelingen en verplichtingen zijn van invloed op vakbekwaamheid. Het is voor ons brandweerpersoneel noodzakelijk de opleidingseisen op te volgen en ervoor te zorgen dat veilig opgetreden kan worden. 3.2.1 Versterking vakbekwaamheid Uit een benchmark, uitgevoerd door Berenschot, blijkt dat dat het voorbereiden van hulp en zorg (waaronder vakbekwaamheid) onder het landelijke gemiddelde ligt. Op

24

basis van deze resultaten is er onderzoek gedaan naar de benodigde structurele capaciteit om de basistaken te kunnen uitvoeren en te kunnen anticiperen op landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen. 3.7.2 Onderbouwde afweging van risico's Er zijn werkzaamheden die op basis van een overeenkomst van opdracht worden uitgevoerd. Hierbij gaat het vooral om instructiewerkzaamheden en de logistieke ondersteuning van de brandweer. Hier zijn arbeidsvoorwaardelijke en fiscale risico’s aan verbonden die zijn opgenomen in de risicoparagraaf van de begroting. 3.1.2.3

Doel: innovatie toepassen t.b.v. arbeidsveiligheid

Geplande activiteiten en resultaten: Voor het vergroten van de arbeidsveiligheid door middel van innovatie werken wij in 2026 en 2027 onder andere aan de volgende activiteiten: - Organisatorisch inbedden van innovatie - Voortzetten pilot 360 graden verkenning en rapporteren over de bevindingen (TDV-Lucht) - Voortzetten pilot onderwaterdrones (ROV) en rapporteren over de bevindingen (TDVWater) - Opzetten project blus- en verkenningsrobot (TDV-Land) Taakuitvoering (deels) gedekt uit middelen toekomstscenario’s (TS): § TS Onderwerp toekomstscenario’s (TS) 3.2.2 Vergroten arbeidsveiligheid Nieuwe risico’s als gevolg van klimaatverandering en energietransitie vragen iets anders van onze medewerkers. et leidt voor hun veiligheid ook tot nieuwe risico’s. De arbeidsveiligheid wordt daadwerkelijk vergroot door de inzet van robotica. Om te zorgen dat de arbeidsveiligheid zo hoog mogelijk is, is investeren noodzakelijk.

3.1.2.4

Doel: verstevigen natuurbrandbeheersing

Geplande activiteiten en resultaten: Wij leveren in 2026 en 2027 een bijdrage aan de uitvoering van het programma gezamenlijke aanpak natuurbrandbeheersing; - Er wordt vanuit de VRU intensief samengewerkt met gemeenten, provincie en natuurbeherende organisaties. - We gaan de (repressieve) samenwerking met Gooi en Vechtstreek verder onderzoeken. Taakuitvoering (deels) gedekt uit middelen toekomstscenario’s (TS): § TS Onderwerp toekomstscenario’s (TS) 3.2.3 Natuurbrandbeheersing Het risico op natuurbranden, maar ook het daadwerkelijke aantal, neemt toe door klimaatverandering. Bij natuurbrandbestrijding is het nodig een handcrew team in te kunnen zetten om een stoplijn te creëren bij een natuurbrand.

25

3.1.2.5

Doel: vinden, boeien en binden van onze brandweermensen

Geplande activiteiten en resultaten: Activiteiten die wij binnen dit kader in 2026 en 2027 uitvoeren zijn onder andere: - Bevorderen lokale identiteit - Verbeteren van proces besluitvorming en communicatie - Verbeteren samenwerking tactische laag - Versterken van gezonde en meer eenduidige werkcultuur op posten. 3.1.2.6

Doel: verbeteren bedrijfscontinuïteit brandweer en weerbaarheid

Geplande activiteiten en resultaten: Activiteiten die wij in het kader van bedrijfscontinuïteit brandweer en weerbaarheid uitvoeren in 2026 en 2027 zijn onder andere: - Voorzien in noodstroomoplossing voor alle VRU locaties nkoop en uitrol van ‘eigen’ communicatienetwerk - Uitwerken alternatieve logistieke routering bij verstoring van de bedrijfsvoering - Inrichten van lokale actiecentra met (communicatie)middelen om de hulpverlening lokaal te kunnen coördineren. 3.1.2.7 Financieel overzicht middelen to komstsc r o’s brandweer n de toekomstscenario’s is een financiële paragraaf opgenomen. Hierin staat welke middelen structureel (gefaseerd) nodig zijn om op orde te komen. Conform besluitvorming door het AB op 1 december 2025 zijn de financiële consequenties van de toekomstscenario’s integraal verwerkt in de meerjarenraming van voorliggende ontwerpbegroting. Enkele onderwerpen uit de toekomstscenario’s zullen ook in 2026 leiden tot operationele en financiële knelpunten. Het is noodzakelijk om voor 2026 maatregelen te nemen om te kunnen blijven voldoen aan onze wettelijke taakuitvoering en aan de eisen van vandaag. Overeenkomstig de uitgangspunten die zijn geformuleerd in de toekomstscenario’s zijn de voorgestelde maatregelen kosteneffectief en noodzakelijk. Deze knelpunten zijn daarmee onvermijdbaar, onoplosbaar en onuitstelbaar.

Het algemeen bestuur heeft bij de besluitvorming over de kadernota VRU 2027 besloten om ter overbrugging van 2026 incidenteel middelen voor deze knelpunten toe te kennen voor 2026. Het volgende overzicht geeft een totaalbeeld van de incidenteel en structureel toegekende middelen voor maatregelen uit de toekomstscenario’s, overeenkomstig de besluitvorming over de kadernota VRU 2027 en de toekomstscenario’s.

26

Tabel 15 Financieel overzicht toekomstscenario’s Brandweer dr

x € 1.000

Structureel

Incidenteel

Onderwerp

2026

2027

2028

2029

2030

na 2030

TOEKOMSTSCENARIO'S Brandweer Autonome ontwikkelingen Uitbreiding brandweerzorg Amersfoort, fase 2 Bijstelling roosterfactor beroepspersoneel

2.539 500

700

1.021

1.021

1.021

1.021

Externe invloeden vakbekwaamheid

-

164

351

351

351

351

Energietransitie en incidentbestrijding gevaarlijke stoffen

-

370

370

370

370

370

500

1.234

1.742

1.742

1.742

4.281

Versterking vakbekwaamheid

100

300

507

507

507

507

Vergroten arbeidsveiligheid

-

326

326

326

326

326

Natuurbrandbeheersing

-

45

45

45

45

45

100

671

878

878

878

878

66

66

513

994

Subtotaal autonome ontwikkelingen Goed werkgeverschap

Subtotaal goed werkgeverschap Keuzes op basis van voortschrijdend inzicht Materiële paraatheid

-

Herzien afschrijftermijn tankautospuiten 20 → 15 jaar

-

675

Personele paraatheid en inzet

168

275

275

275

475

475

Subtotaal keuzes op basis van voortschrijdend inzicht

168

275

341

341

988

2.144

Onderbouwde afweging van risico's

-

-

-

-

-

600

Subtotaal onderbouwde afweging van risico's

-

-

-

-

-

600

Voorstellen Natuurbrand- en waterongevallenbestrijding*

-

648

648

648

648

648

Subtotaal onderbouwde afweging van risico's

-

648

648

648

648

648

TOTAAL TOEKOMSTSCENARIO'S Brandweer

768

2.828

3.609

3.609

4.256

8.551

Financieel effect op gemeentelijke bijdrage (GBTP)

768

2.828

3.609

3.609

4.256

8.551

* vooruitlopend op besluitvorming algemeen bestuur 30 maart 2026

Naast de wettelijke taken verricht de brandweer ook taken met een dienstverlenend karakter. Het algemeen bestuur heeft verzocht om de mogelijkheden te verkennen voor het doorbelasten van kosten voor dienstverlening in het kader van liftopsluitingen en afhijsingen en tilassistentie ten behoeve van de ambulancedienst. De besluitvorming over deze bestuurlijk opdrachten is verwerkt in voorliggende ontwerpbegroting. Tabel 16 geeft een overzicht van de kosten die wij gaan doorbelasten aan derden.

27

Tabel 16 Financieel overzicht doorbelasting kosten Brandweer aan derden dr

x € 1.000

Onderwerp

Structureel

Structureel

2026

2027

2028

2029

2030

na 2030

Bestuurlijke opdrachten brandweer Doorbelasten dienstverlening liftopsluitingen

-94

-94

-94

-94

-94

Doorbelasten dienstverlening ambulancezorg

-

-37

-37

-37

-37

-94 -37

Totaal bestuurlijke opdrachten brandweer

-94

-131

-131

-131

-131

-131

Financieel effect op gemeentelijke bijdrage (GBTP)

-94

-131

-131

-131

-131

-131

Binnen de VRU rukt de brandweer jaarlijks gemiddeld 350 keer uit voor een liftopsluiting waarbij sprake is van dienstverlening. Het gaat dan om prio 2 meldingen die niet spoedeisend zijn. Het algemeen bestuur heeft op 7 juli 2025 besloten om de kosten voor liftopsluitingen door te belasten. De geschatte baten voor het doorbelasten van de kosten voor liftopsluitingen bedragen vanaf 202 € 94k. Een verkenning van de doorbelasting van kosten voor dienstverlening aan de ambulancedienst levert naar verwachting een voordeel van € 7k op. Een belangrijke en veelvoorkomende taak hiervan betreft de assistentie van de ambulancedienst bij het afhijsen van patiënten of het verlenen van tilassistentie.

28

3.1.3

Waar sturen we op?

Tabel 17 Productie-indicatoren Brandweer Nr. Productie-indicatoren

Realisatie 2025

Begroting 2026 & 2027

Incidenten bestrijden 1

Het totaal aantal incidenten

8.365

8.700

2

Het totaal aantal incidenten voor brandbestrijding

4.057

4.200

2a. Het aantal incidenten voor gebouwbranden

695

850

2b. Het aantal incidenten voor overige branden

2.598

2.100

764

1.250

3.387

3.700

3a. Het aantal incidenten voor technische hulpverlening

40

100

3b. Het aantal incidenten voor hulpverleningen m.b.t. dieren

274

350

2.260

2.350

813

650

762

650

159

150

2c. Het aantal incidenten voor (on)echte of (on)terechte OMS-meldingen 3

Het aantal incidenten voor hulpverlening

3c. Het aantal incidenten voor overige hulpverlening, waaronder assistentie politie en ambulance 3d. Het aantal incidenten voor AED-inzet 4 5

Het aantal incidenten voor basishandelingen bij de bestrijding van ongevallen met gevaarlijke stoffen Het aantal incidenten voor ondersteuning bij waterongevallen

6

Het aantal geredde slachtoffers

68

-

7

et aantal inzetten voor en in buurregio’s

319

300

Vakbekwaamheid 8

Aantal cursisten dat de opleiding Manschap A heeft afgerond

66

96

9

Aantal cursisten dat de opleiding Bevelvoerder heeft afgerond

11

18

Meldkamer 10 Het aantal meldingen dat bij de regionale alarmcentrale is aangenomen

33.156

11 Verwerkingstijd meldingen

55 sec.

Tabel 18 Prestatie-indicatoren Brandweer Nr. Prestatie-indicatoren

Realisatie 2025

Begroting 2026 & 2027

Paraatheid & Vakbekwaamheid 1 2

De opkomsttijden van de brandweer zijn overeenkomstig de eisen van het dekkingsplan uitgevoerd (meettijden) De paraatheid van de brandweer is overeenkomstig de eisen van het dekkingsplan gegarandeerd

82%

80%

Ja

Ja

15%

15%

Jeugdbrandweer 3

Het percentage jeugdbrandweerleden dat doorstroomt naar de reguliere brandweer ten opzichte van het aantal jeugdleden dat de jeugdbrandweer verlaat op 18/19 jarige leeftijd

29

3.2

Risicobeheersing - Veilige en gezonde leefomgeving

3.2.1 Waar gaan we voor? De VRU zet zich in voor een veilige en gezonde leefomgeving. Samen met andere partijen zoeken we naar de kwetsbaarheden, risico’s en kansen in onze regio. iervoor bouwen wij aan een robuust netwerk waarin plaats is voor onze huidige partners, maar we ook op zoek gaan nieuwe partijen en lokale initiatieven. Met als doel om samen tot lokale en regionale oplossingen te komen. De VRU treedt hierbij op als adviseur en als kennis- en netwerkmakelaar. 3.2.1.1 Veilige leefomgeving Wij werken risicogericht, dat wil zeggen dat we ons zoveel mogelijk richten op het beperken van die risico’s, waarbij we de meeste veiligheidswinst kunnen boeken. iervoor is al veel geïnvesteerd in de samenwerking met gemeenten op het gebied van advisering, vergunningverlening en toezichthouden. Wij zetten ons in om vroegtijdig in het proces als partner en adviseur betrokken te zijn bij de beoordeling van initiatieven en ontwikkelingen. Daarvoor zoeken we samen met andere relevante partijen naar de kwetsbaarheden, risico’s en kansen in onze regio en waar nodig op landelijk niveau. 3.2.1.2 Veerkrachtige redzame samenleving De VRU zet zich in voor een veilige en gezonde leefomgeving. Onze ambitie is om bij te dragen aan veiligheid. Elke dag weer, steeds beter.

In relatie tot de opgave voor het verhogen van de maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht waar Nederland voor staat, betekent dit dat de VRU zich samen met gemeenten en andere publieke en private partners, maatschappelijke organisaties en inwoners zo goed mogelijk wil voorbereiden en toerusten om crises te voorzien, te voorkomen en zo nodig te beheersen. De (zelf)redzaamheid van inwoners, bedrijven en instellingen vormt een cruciaal onderdeel van de weerbaarheid en veerkracht van een samenleving. Het doel dat de VRU met het versterken van de weerbaarheid en veerkracht in regio Utrecht wil bereiken is: ‘Maatschappelijke ontwrichting voorkomen door het versterken van de veerkracht en weerbaarheid van de totale samenleving in regio Utrecht, in samenwerking met de gemeenten, het Rijk, (vitale) partners, het bedrijfsleven en inwoners van de regio.’ De visie op veerkracht vormt de basis van het programma Veerkracht. 3.2.1.3 Breed gezamenlijk netwerk Er is de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in de samenwerking met gemeenten om samen op te trekken op het gebied van advisering, vergunningverlening en toezichthouden. Wij zetten in op onze rol van kennis- en netwerkmakelaar, waarbij we de deskundigheid van diverse partners bundelen. Er zijn steeds meer gegevens over de fysieke en sociale leefomgeving digitaal beschikbaar.

Deze gegevens vormen voor ons een belangrijke bron waarmee we inzicht krijgen in de risico’s die spelen in onze regio. nformatie-uitwisseling is voor ons van belang om onze partners in een vroeg stadium te kunnen adviseren over veiligheidsaspecten. Doordat wij beschikken over een risicobeeld en informatie- en datagestuurd willen werken, houden wij zicht op de veiligheid in ons verzorgingsgebied. Daarbij is een breed gezamenlijk netwerk met partners

30

die bijdragen aan veiligheid voor ons noodzakelijk; niet alleen tijdens een incident of crisis maar ook in de fase voorafgaand. 3.2.2

Wat gaan we doen om daar te komen?

3.2.2.1

Doel: optimaliseren van een veilige leefomgeving

Geplande activiteiten en resultaten: We werken in 2026 en 2027 risicogericht aan de volgende grootste opgaven: - Natuurbrand We versterken en intensiveren waar mogelijk de Gezamenlijke Aanpak Natuurbrandbeheersing, samen met repressie, crisisbeheersing en communicatie en onze partners. Belangrijk onderdelen hierin zijn de gebiedsgerichte aanpak met de negen natuurbrandgemeenten en risicocommunicatie. Tot slot zetten we in op het bevorderen kennis binnen de eigen organisatie en bij partners. - Klimaatverandering We voeren de Routekaart Waterweerbaarheid (voorheen Plan van Aanpak Waterveiligheid) uit met partners, stimuleren kennisoverdracht en handelingsperspectief naar gemeenten en interne teams, en leggen dwarsverbanden met het programma Veerkracht en het in kaart brengen van kritieke voorzieningen. - Energietransitie We bouwen kennis op over nieuwe technologische ontwikkelingen en versterken de inzichten die we al hebben, zodat wij adequaat de werkzaamheden kunnen uitvoeren voor onze gemeenten in de regio alsmede de provincie. We verspreiding deze kennis en zorgen voor handelingsperspectief binnen de VRU-organisatie en partners. - Stedelijke verdichting en duurzaam bouwen We starten met het in kaart brengen van de risico’s, bouwen aan inzicht en netwerkvorming.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17071150/1