1454281 Toetreding gemeente Houten tot RMN en wijziging gemeenschappelijke regeling RMN 2027 Bijlage 5 Reactie RMN op ingediende zienswijzen
Tekst van het document
Aan: Gemeenteraad en College van burgemeester en wethouders Gemeenten Baarn, Bunnik, Houten, IJsselstein, Nieuwegein, Soest en Zeist
Uw kenmerk: Ons kenmerk: U26-007 Betreft: Beantwoording ingekomen zienswijzen voorgenomentoetredingsbesluit gemeente Houten bij RMN Datum: 10 februari 2026
Geachte leden van raad en college, Inleiding Op 6 juni 2025 heeft het college van de gemeente Houten per brief het bestuur van Reinigingsbedrijf Midden Nederland (RMN) formeel verzocht toe te mogen treden tot de gemeenschappelijke regeling per 1 januari 2027. Op 10 september 2025 heeft het algemeen bestuur van RMN ingestemd met het ontwerp toetredingsbesluit en besloten deze voor een zienswijze aan te bieden aan de gemeenteraden van zowel de zes huidige deelnemende RMN-gemeenten alsmede de raad van de gemeente Houten. Ons bestuur heeft zienswijzen ontvangen van de gemeenteraden van Baarn, IJsselstein en Nieuwegein. De gemeenteraad van Houten heeft geen zienswijze ingediend maar geeft wel enkele aandachtspunten mee aan het bestuur van RMN. De gemeenteraden van Zeist, Soest en Bunnik hebben besloten geen zienswijze in te dienen op het ontwerp toetredingsbesluit. In de ontvangen zienswijzen worden verschillende onderwerpen benoemd. In deze brief geeft het dagelijks bestuur antwoord op de ingediende zienswijzen. Toetreding gemeente Houten Alle gemeenteraden geven aan te kunnen instemmen met de toetreding van de gemeente Houten tot RMN. Het bestuur van RMN dankt alle gemeenteraden voor het vertrouwen in RMN dat hieruit blijkt. Op de tekst van het ontwerp toetredingsbesluit en de voorgestelde gewijzigde gemeenschappelijke regeling zijn geen opmerkingen ontvangen.
Financieel kader Zowel de gemeenteraad van Nieuwegein, IJsselstein als Baarn geven in hun zienswijze aan als voorwaarde te stellen dat de kosten in 2027 voor de huidige deelnemende gemeenten niet hoger mogen uitvallen dan zonder toetreding van Houten het geval zal zijn geweest. Op moment van schrijven wordt nog ambtelijk gewerkt aan de meerjarenbegroting 2027. Het dagelijks bestuur heeft echter de stellige verwachting dat de kosten (afgezien van
reguliere loon- en prijsontwikkelingen) in 2027 niet zullen stijgen. De reden hiervoor is dat de dekking voor de overhead (indirecte kosten) - een percentage over de directe lasten - met een zevende gemeente een bredere spreiding kent. Hoewel de indirecte kosten met de komst van Houten in absolute zin zullen stijgen (voorzien is vanwege de extra werkdruk in ieder geval een extra medewerker voor het klantencontactcentrum en voor de afdeling P&O), zal door de bredere spreiding per saldo niet tot hogere lasten voor de huidige deelnemers leiden. Daarbij gelden echter wel een aantal kanttekeningen: • Als volwaardige deelnemer van RMN gelden voor de gemeente Houten dezelfde (uur)tarieven als voor de andere gemeenten; • Het vigerende kostenallocatiemodel, waarin de spelregels voor de toewijzing van de kosten zijn vastgelegd, blijft daarbij leidend. • Door de gefaseerde overdracht van taken (eerst afvalinzameling en het recyclingstation, vervolgens na een aantal jaar de reinigingstaken en gladheidbestrijding) zal de volledige spreiding van de dekking voor de overheadkosten ook gespreid plaatsvinden. Met andere woorden pas wanneer Houten het volledige takenpakket afneemt zal het effect van de bredere spreiding van de dekking van de indirecte kosten volledig inzichtelijk zijn.
Overigens heeft ons bestuur tegelijkertijd het voornemen het kostenallocatiemodel met daarin de manier waarop de indirecte kosten over de deelnemende gemeenten wordt verdeeld aan te passen. Met het college van Houten is de afspraak vastgelegd dat alle eenmalige (project)kosten voor rekening van Houten komen. Hiervoor zal het dagelijks bestuur begin 2027 een eindafrekening opstellen. Ook heeft het college van Houten ingestemd met het overnemen van de eventuele desinvesteringskosten van de inmiddels bestelde inzamelvoertuigen wanneer Houten alsnog zal afzien van toetreding tot RMN. Gelet op de positieve zienswijze van de gemeenteraad van Houten acht het bestuur deze kans overigens klein. De gemeente IJsselstein vraagt om een doorrekening per gemeente van de voordelen op het gebied van efficiency, kwaliteit en toekomstbestendigheid. Afgezien van de vraag of deze voordelen altijd financieel zijn en dat efficiencyvoordelen ook in de loop der jaren moeten groeien, heeft RMN de ambtelijke capaciteit niet om dergelijke berekeningen te maken. Wel zullen wij in de ontwerpbegroting 2027 duidelijk aangeven wat de financiële effecten zijn van de toetreding van Houten (ook voor de huidige deelnemers) en welke kostenontwikkeling aan andere oorzaken zoals (autonome) loon- en prijsstijgingen zijn toe te schrijven.
Gevolgen voor de organisatie en personeel De gemeenteraad van Baarn onderschrijft het standpunt van het bestuur dat een gefaseerde overdracht van basistaken noodzakelijk is om de toetreding van Houten zorgvuldig te kunnen laten verlopen. De gemeenteraad van IJsselstein doet een klemmend beroep op het bestuur van RMN om het basis-op-ordetraject af te ronden. Het dagelijks bestuur is van oordeel dat de afgelopen vier jaar (het meerjarenbeleidsplan en bijbehorend verbeterplan is vastgesteld in 2022) de organisatie van RMN forse stappen heeft gezet, maar is het ook met de raad van IJsselstein eens dat vervolgstappen zeker nodig zijn (met name op het gebied van de financiële administratie, het bedrijfsbureau en de uitvoering van de reinigingstaken, waarover verderop meer). De kwaliteitsverbetering van RMN blijft dan ook de volle aandacht houden van
het bestuur. Dit zal ook onderdeel zijn van een nieuw meerjarenbeleidsplan waar momenteel ambtelijk aan wordt gewerkt. Hoewel het dagelijks bestuur net als de raad van IJsselstein voorstander is van verantwoording op basis van KPI's, wijzen wij erop dat de randvoorwaarde wel is dat zowel de werkdruk voor de bestaande ambtelijke organisatie als de kosten voor ICT niet (te veel) mogen stijgen hierdoor. De raad van zowel Nieuwegein als IJsselstein vragen om tweemaal per jaar te worden geïnformeerd over de organisatieontwikkeling van RMN. Ons bestuur zegt dit toe, gekoppeld aan een rapportage over de voortgang van het (medio 2026 nieuw vast te stellen) meerjarenbeleidsplan. De gemeenteraad van Houten verzoekt om het proces van overdracht van basistaken zorgvuldig te begeleiden met aandacht voor de medewerkers die het aangaat. Het dagelijks bestuur schaart zich achter deze oproep. Taken beheer openbare ruimte De gemeenteraad van IJsselstein grijpt het toetredingsverzoek van de gemeente Houten aan om aandacht te vragen voor de taken met betrekking tot de openbare ruimte. De raad van IJsselstein roept het bestuur van RMN op een onafhankelijk onderzoek te initiëren naar de volgende scenario's, inclusief consequenties voor zowel RMN als de individuele gemeentes: 1. Alle BOR taken verplicht voor alle deelnemers; 2.
De BOR taken facultatief worden Ook de raad van Baarn schrijft dat het van essentieel belang is dat er binnen RMN sprake blijft van een zoveel als mogelijk uniform takenpakket voor alle deelnemende gemeenten, of in ieder geval dat elke gemeente over een gelijkwaardige keuzemogelijkheid beschikt ten aanzien van de afname van taken. In de gemeenschappelijke regeling van RMN wordt nadrukkelijk gesteld dat alle gemeenten verplicht zijn alle basistaken af te nemen, met uitzondering van gemeenten die dit voor 2015 ook al niet deden. In de praktijk voert RMN de zogenaamde reinigingstaken voor alle deelnemende gemeenten uit behalve voor de gemeente Nieuwegein, die al sinds de toetreding in 2008 alleen de taken op het gebied van afvalinzameling afneemt. Het dagelijks bestuur van mening dat de discussie over de basistaken van RMN losstaat van het toetredingsverzoek van de gemeente Houten. Uiteraard kan iedere deelnemende gemeente wensen tot wijziging in het dienstenpakket van RMN aan het bestuur kenbaar maken maar het dagelijks bestuur is van mening dat de discussie hierover (evenals het geven van opdrachten voor een eventueel onafhankelijk onderzoek) dient plaats te vinden in het algemeen bestuur van RMN.
Wel wijzen wij u erop dat in de eerste helft van 2024 Inkoopbureau Midden Nederland (IBMN) in opdracht van het algemeen bestuur een marktverkenning heeft uitgevoerd naar de reinigingstaken in de openbare ruimte. Op basis van deze marktverkenning heeft het algemeen bestuur aangegeven geen aanleiding te zien voor verder onderzoek naar het beëindigen van verplichte basistaken.
Inzameling oud-papier door vrijwilligers De gemeenteraad van Houten vraagt om alles in het werk te stellen de papierinzameling met de vrijwilligers van de Oud Papier Actie mogelijk te houden. Een van de voordelen van een gemeenschappelijke regeling ten opzichte van een marktbedrijf is de maatschappelijke betrokkenheid. Daarbij hoort volgens het bestuur ook waardering voor alle vrijwilligers die een maatschappelijk doel dienen, en in dit geval voor de vrijwilligers van OPA-Houten en OPA-Schalkwijk.
Daarbij nemen wij echter ook in ogenschouw dat in de arbeidsongevallenmonitor 2024 van de Arbeidsinspectie staat dat de sector “Waterleidingbedrijven en Afvalbeheer” procentueel de meeste ongevallen gebeuren. Dat betekent dat we in een sector werken met hoge risico’s. Juist daarom voeren wij Risico Inventarisatie- en Evaluaties (zogenaamde RIE’s) uit, en incorporeren veiligheid in onze dagelijkse uitvoering; zowel in periodieke scholing, als in toolbox-meeting tijdens werkoverleggen, als toezicht op het dragen van de vereiste Persoonlijke Beschermingsmiddelen. RMN is daarbij als werkgever verantwoordelijk voor haar werknemers die worden ingezet op de verschillende taken en zal bij incidenten worden aangesproken op zorgvuldig werkgeverschap: Heeft de werkgever er alles aan gedaan om ongevallen en incidenten te voorkomen? Ook de werknemer van RMN heeft een belangrijke verantwoordelijkheid bij het veilig werken. Bij haar eigen en ingehuurde werknemers kan RMN voorwaarden stellen en consequenties verbinden aan overtredingen of afwijkingen van de veiligheidsregels. Bij het werken met vrijwilligers ontbreekt deze formele arbeidsrelatie en kunnen de veiligheidsvoorwaarden en de kennis hiervan slechts indirect getoetst worden. Met andere woorden aan het werken met vrijwilligers bij de inzameling van afval en grondstoffen rusten veiligheidsrisico's.
Mede om deze reden is ook in de gemeente Bunnik, noch bij andere gemeenten binnen RMN, vanaf 2026 geen sprake meer van inzet van vrijwilligers bij de inzameling van oud papier. Vervolgproces Naar verwachting zal het algemeen bestuur op 25 februari a.s. instemmen met het definitieve toetredingsbesluit voor de gemeente Houten en tevens de colleges van zowel de huidige deelnemers als de gemeente Houten te verzoeken in te stemmen met hiermee verband houdende gewijzigde gemeenschappelijke regeling. Artikel 1 van de Wet op de gemeenschappelijke regelingen (Wgr) schrijft voor dat bij zowel het aangaan als het wijzigen van de gemeenschappelijke regeling de gemeenteraad van alle (bestaande en beoogde) deelnemers geconsulteerd dienen te worden: de eerste keer in de vorm van de mogelijkheid een zienswijze in te dienen op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling, de tweede keer dienen de colleges van alle (bestaande en beoogde) deelnemende gemeenten toestemming te vragen aan de gemeenteraad om daadwerkelijk de gemeenschappelijke regeling (opnieuw) te mogen aangaan. De raad kan conform artikel 1 lid 4 van de Wgr deze uiteindelijke toestemming slechts onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Aanpassingen zijn niet langer mogelijk.
Met vriendelijke groet, Namens het dagelijks bestuur van RMN,
John van Engelen Voorzitter Bijlagen: - Ontvangen zienswijzen (gebundeld)
Sietske Klein- De Jong Secretaris-directeur