CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

1383972 Bomenbeleidsplan Baarn 2025-2035 bijlage 1 Bomenbeleidsplan 2025-2035

Raadsvergadering 17 december 2025, gemeente BaarnBij agendapunt: Bomenbeleidsplan Baarn 2025-203519.762 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

9 alinea's met “ontwerp”: 124 363 368 436 438 439 452 453 459

Bomenbeleidsplan Baarn 2025 -2035

14 / 11 / 2025

Inhoud 1

Inleiding, doelstelling en kader

5

2

Beleid en visie

7

2.1

Kaders en samenhang met beleid

7

2.2

Gemeentelijk beleid

7

2.3

Wet- en regelgeving en provinciaal en nationaal beleid voor bos en natuur

8

3

De huidige situatie

11

3.1

Huidig boombestand

11

3.1.1

Boomsoorten

11

3.1.2

Groeiplaatsen

13

3.1.3

Vitaliteit en toekomstverwachting

13

3.1.4

Conclusies huidig boombestand

14

3.2

Landelijke normen en richtlijnen

15

3.3

Omgevingsfactoren en bomen

17

3.3.1

Klimaat en bomen

17

3.3.1.1

Stedelijk hitte eiland effect en hittestress per buurt

17

3.3.1.2 Schaduw per buurt

18

3.3.1.3 Wateroverlast

19

3.3.1.4 Conclusies klimaat

19

3.3.2

Gezondheid en bomen

20

3.3.2.1 Boomkroonbedekking

20

3.3.2.2 Zicht op drie bomen

21

3.3.2.3 Afstand tot een groene koele plek

22

3.3.2.4 Conclusies gezondheid

22

3.3.3

Natuur en bomen

23

3.3.4

Identiteit en bomen

24

3.4

Bomen en de energietransitie

26

4

Opgaven en de beleidsmatige strategie

31

4.1

Belangrijkste kansen en knelpunten

31

4.2

Gebiedsgerichte aanpak

33

4.2.1

De noordoostkant van Baarn

34

4.2.2

Centrum

35

4.2.3

Zuidwest Baarn

37

4.3

Structuuraanpak

38

4.3.1

De waarden van de boomstructuur van Baarn

39

4.3.2

Beleidsaanpak op structuurniveau

41

4.4

Thematisch beleid

44

4.4.1

Verjonging en omvorming boombestand

44

4.4.2

Bomen en de energietransitie

46

4.4.3

Bomen en nieuwbouw

47

2 | Bomenbeleidsplan Baarn

5

Planvorming en planuitwerking

49

5.1

Hoe werken we samen

49

5.2

Groennorm

51

5.3

Ontwerp

52

6

Kappen en bescherming

55

6.1

Hoe werkt het kapbeleid

55

6.2

Adviezen voor aanscherping van het kapbeleid

58

6.3

Werken rondom bomen

59

7

Beheer (doorwerking naar beheerplan)

61

7.1

Gemeentelijke bomen

61

7.2

Private bomen

64

8

Communicatie

67

8.1

Communicatie, bewustwording en educatie

67

8.2

Participatie van dit boombeleidsplan

68

8.3

Participatie bij uitvoering van dit boombeleidsplan

69

8.4

Overheidsparticipatie en initiatieven van inwoners

69

9

Doorwerking boombeleid

71

9.1

Uitvoeringsagenda

71

9.2

Instrumenten

72

Colofon

73

Bomenbeleidsplan Baarn | 3

Linde op rotonde Eemweg, 2023

1 Inleiding, doelstelling en kader In het boombeleidsplan 2013-2023 werd al gesteld dat bomen en boomstructuren beeld- en karakter bepalend zijn voor Baarn. Dit was in 2013 aanleiding om een boombeleidsplan op te stellen dat ervoor zorgt dat het boombestand van Baarn kwalitatief en kwantitatief duurzaam op orde blijft. Het vigerende boombeleidsplan is inmiddels meer dan 10 jaar oud, het is tijd voor een volgende stap in het boombeleid van Baarn.

Het nieuwe boombeleid van Baarn zet niet alleen in op het behoud van bestaande waarden en kwaliteiten, maar richt zich expliciet op de doorontwikkeling naar een gezonde en klimaatrobuuste leefomgeving waarin bomen een cruciale rol spelen. We zien dat het huidige boombestand terugloopt in vitaliteit en dat er buurten zijn waar de aanwezige boomkroonbedekking tekortschiet om hittestress te voorkomen. Het nieuwe boombeleid kijkt daarom naar het boombestand zelf, maar ook naar de rol die bomen spelen in de omgevingsfactoren klimaat, gezondheid, identiteit en natuur. Daarmee haakt Baarn aan op de koers die het Rijk heeft ingezet om groen niet als doel op zich te presenteren, maar als middel om ruimtelijke vraagstukken in de steden en dorpen op te lossen. Een ander focuspunt in het nieuwe beleid is de implementatie en doorwerking van het boombeleid naar uitvoeringsplannen, realisatie en beheer. De urgentie om bomen een steviger positie in beleid en uitvoering te geven is groot. Wanneer we dit niet doen, moeten we ons realiseren dat de leefbaarheid van Baarn in rap tempo achteruit zal gaan als gevolg van klimaatverandering en een boombestand dat in vitaliteit snel terugloopt. Om deze reden kiest Baarn ervoor een bomennorm te gaan hanteren die het beschermen en aanplanten van bomen minder vrijblijvend maakt.

Om het beleidsplan in de juiste context te plaatsen wordt er gekeken naar relevant beleid binnen Baarn zelf, maar ook naar provinciaal en Rijksbeleid. Zo is het Rijk momenteel bezig de Europese Natuurherstelverordening uit te werken welke grote doorwerking naar gemeentelijke bomen zal hebben. Het nieuwe boombeleidsplan gaat verder uit van een gedegen 0-meting waarin het Baarnse boombestand in brede zin wordt gewogen. Zowel het boombestand zelf als de rol van bomen in klimaat, gezondheid, natuur en identiteit wordt in beeld gebracht. Dit geeft richting aan het boombeleid. Het boombeleid richt zich op zowel bomen in openbaar als in privaat gebied in lijn met de Europese Natuurherstelverordening. Wel leggen we de nadruk op gemeentelijke bomen omdat hierbij de invloed van het beleid uiteraard het grootste zal zijn. Door als gemeente een helder en ambitieus boombeleid neer te zetten zullen inwoners en andere boombeherende instanties worden uitgedaagd om mee te doen. Samen op weg naar een gezonde groene leefomgeving in Baarn met bomen in de hoofdrol!

Bomenbeleidsplan Baarn | 5

Plataan bij Breitnerlaan, 2022

2 Beleid en visie 2.1 Kaders en samenhang met beleid Het boombeleidsplan staat niet op zichzelf. Het is nauw verweven met het gemeentelijke groenbeleid en andere relevante beleidsterreinen, en wordt hier ook wederzijds door beïnvloed. In deze paragraaf volgt een overzicht van het huidige (vigerende) beleid dat richting geeft aan het boombeleid.

2.2

Gemeentelijk beleid

Sinds 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht, waarmee alle eerdere wetgeving op het gebied van wonen, ruimte, infrastructuur, milieu en water is samengevoegd. Eén van de kerninstrumenten van deze wet is de Omgevingsvisie. De gemeente Baarn werkt aan een eigen Omgevingsvisie, maar tot die tijd blijft de Toekomstvisie/Structuurvisie Baarn 2030 leidend. In voorbereiding op de Omgevingsvisie zijn in 2022 de ‘Staat van Baarn’ en in 2024 de ‘Hoofdlijnennotitie Omgevingsvisie Baarn’ opgesteld. Een centrale keuze uit de hoofdlijnennotitie is het streven naar een beweegvriendelijke inrichting van de buitenruimte, waarbij fietsen en wandelen volwaardige alternatieven voor de auto worden. Daarnaast ligt de focus op het klimaaten waterrobuust maken van de leefomgeving, wat vraagt om meer ruimte voor groen en water. Hiervoor is een langetermijnvisie op de buitenruimte en een andere inrichting nodig. Naast de Omgevingsvisie wordt daarom gewerkt aan een Visie op de Openbare Ruimte. In deze visie wordt ingezet op meervoudig ruimtegebruik en minder ruimte voor (geparkeerde) auto’s.

Daarnaast zijn er recreatieve groene trekpleisters zoals Kasteel Groeneveld, Paleis Soestdijk en Lage Vuursche. De ambitie is om bezoekers van deze locaties te stimuleren ook het centrumgebied van Baarn te bezoeken, waarbij vergroening van het centrum een belangrijke opgave is. Groenvisie 2020 en groenuitvoeringsplan De Groenvisie ‘Vorstelijk Groen’ (2020) vormt het overkoepelende beleidskader voor al het gemeentelijk groenbeleid, waaronder het boombeleidsplan. In de visie wordt ingezet op drie pijlers: • • •

Vorstelijk Groen: behoud en versterking van de unieke groene kwaliteiten Duurzaam Groen: focus op lange termijn en toekomstbestendigheid Kwalitatief Groen: behoud en doorontwikkeling van bestaande kwaliteiten

Binnen de bebouwde kom wordt onderscheid gemaakt tussen Hoofdgroen, Wijkgroen en Buurtgroen: •

•

•

Hoofdgroen vormt het aaneengesloten netwerk van groenelementen met een belangrijke rol voor de identiteit en ruimtelijke herkenbaarheid van Baarn. De kaart cultuurhistorie uit de Beleidsnota Erfgoed vormt hiervoor de basis. Wijkgroen heeft een structurerende en verbindende functie op wijkniveau. Behoud en versterking hiervan zijn speerpunten. Buurtgroen betreft het groen in overige straten en is van belang voor de directe leefomgeving van bewoners. Behoud hiervan wordt waar mogelijk nagestreefd.

De hoofdlijnennotitie benadrukt dat de dorpse identiteit en de bijbehorende kwaliteit behouden moeten blijven. Bomen zijn beeldbepalend voor het dorpse en landschappelijke karakter van Baarn. Kenmerkend is de overgang van de bosrijke Utrechtse Heuvelrug en het polderlandschap Eemland. Ook het groene erfgoed zoals oude bomenlanen, Peking en Canton dragen bij aan de identiteit van Baarn.

Bomenbeleidsplan Baarn | 7

Het behoud en de doorontwikkeling van het hoofdgroennetwerk zijn uitgewerkt in het Groenstructuurplan. Dit boombeleidsplan specificeert hoe de hoofdboomstructuur hier onderdeel van uit dient te maken. Het Uitvoeringsplan Groenvisie 2021-2030 beschrijft de activiteiten waarmee het groen in de hoofdstructuur, wijken en buurten behouden en waar mogelijk versterkt kan worden. Hierbij geldt het principe van ‘werk met werk maken’: vervanging van groen vindt zoveel mogelijk gelijktijdig plaats met onderhoud aan de infrastructuur, conform de planning van het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte. Gemeentelijk biodiversiteitsbeleid en klimaatadaptatiebeleid Behoud en het versterken van het bomenbestand van Baarn kan een middel zijn om de biodiversiteit te versterken. Tegelijkertijd wordt met het versterken van het bomenbestand een positieve bijdrage geleverd aan het veranderende klimaat. Op dit moet heeft de gemeente Baarn echter geen separaat strategisch beleid voor klimaatadaptatie en biodiversiteit.

2.3 Wet- en regelgeving en provinciaal en nationaal beleid voor bos en natuur Wet natuurbescherming en Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de Wet natuurbescherming geïntegreerd in de Omgevingswet. Deze wetgeving heeft als doel de bescherming van natuurgebieden, dier- en plantensoorten en het Nederlandse bosareaal. De provincie is bevoegd gezag met betrekking tot het natuurbeleid. De belangrijke uitgangspunten voor het boombeleidsplan zijn: •

•

•

Behoud soortenrijkdom: Het beschermen van biodiversiteit en het voorkomen van uitsterven van kwetsbare soorten. Bosbeheer: Bossen mogen worden benut voor houtproductie, mits herplant plaatsvindt en geen schade wordt toegebracht aan beschermde soorten. Herplantplicht: Kap van bos (groter dan 10 are of rijbeplantingen van meer dan 20 bomen buiten de bebouwde kom) is meldingsplichtig bij de provincie en verplicht tot herplant.

Bescherming van soorten en nesten • Beschermde soorten: De wettelijke bescherming geldt zowel binnen als buiten de bebouwde kom. • Broedseizoen: Bomen met nesten mogen niet gekapt worden tijdens het broedseizoen. Sommige vogels hebben jaarrond beschermde nesten. • Uitzonderingen: Kappen mag alleen als het broedsucces niet wordt verstoord en na ecologisch onderzoek. Europese Natuurherstelverordening In alle EU-landen geldt sinds 2024 de Natuurherstelverordening (NHV). Deze Europese verordening moet ervoor zorgen dat ecosystemen niet alleen beschermd maar ook hersteld worden. Een ecosysteem is een systeem dat uit dieren en planten bestaat in een gebied. Ze zijn afhankelijk van elkaar om te overleven. Ze hebben daarvoor schone lucht, schoon water en een gezonde bodem nodig. Voor het gemeentelijke boombeleid is met name artikel 8 Herstel van

8 | Bomenbeleidsplan Baarn

stedelijke ecosystemen, artikel 10 Herstel van Bestuiverspopulaties en artikel 12 Herstel van bosecosystemen en artikel 13 de Aanplant van drie miljard extra bomen relevant. Met betrekking tot artikel 8 dient er tot 31 december 2030 in de totale nationale oppervlakte stedelijke groene ruimte en stedelijke boomkroonbedekking geen achteruitgang plaats te vinden. Na 2030 dient een toenemende trend gerealiseerd te worden naar een door de lidstaten nader te bepalen bevredigend niveau. De Rijksoverheid dient in de zomer van 2026 een concept natuurplan in. Hierin is opgenomen hoe de Rijksoverheid invulling wil geven aan het voldoen aan de Natuurherstelverordening. Hiermee wordt ook duidelijk wat dit exact voor het gemeentelijke boombeleid betekent. De verordening benadrukt echter het belang van het behoud van boomkroonbedekking. Strategisch Bosbeleid Utrecht (2022) De provincie Utrecht streeft naar uitbreiding, versterking en toekomstbestendigheid van het bosareaal. Deze ambitie geldt met name buiten de bebouwde kom. Kernpunten zijn: • •

Uitbreiding bosareaal: Doelstelling om 1.500 hectare extra bos te realiseren in 2040. Biodiversiteit: Nadruk op vitaal en gevarieerd bos, met aandacht voor maatschappelijke waardering.

Provinciaal Landschapsuitvoeringsplan Het landschapsuitvoeringsplan bevat afspraken en richtlijnen voor het behoud, herstel en de ontwikkeling van het landschap in de provincie. Het uitvoeringsplan valt onder het Utrechts Programma Landelijk Gebied (hierna; UPLG). Hierin is de doelstelling opgenomen om 5% van het agrarisch gebied te voorzien van groene dooradering in 2030, en 10% in 2050. Dit kan onder ander worden bereikt door de aanleg van houtwallen, (knot)bomenrijen en heggen. Het is van belang dat deze structuren aansluiten op de groen-blauwe structuren binnen de bebouwde kom.

Groen Groeit Mee en Convenant Duurzaam Bouwen voor Nieuwbouw In het samenwerkingsprogramma Groen Groeit Mee (hierna; GGM) werken 41 partijen samen aan meer en beter groen in de provincie Utrecht. Hierbij is het doel dat het groen mee groeit met de geplande woningbouw binnen de provincie. In de provinciale omgevingsverordening schrijft de provincie voor dat groen evenwichtig moet meegroeien met de woningbouw bij uitleglocaties boven de vijftig woningen. Om gemeenten en projectontwikkelaars te helpen bij de invulling van die voorwaarde, ontwikkelde de provincie Utrecht de handreiking Groen bij Uitbereidingslocaties. Naast Groen Groeit Mee werkt de provincie Utrecht aan een convenant Duurzaam Bouwen. Er zijn afspraken gemaakt met daarin prestatieeisen om schade door extreem weer bij nieuwbouw en bestaande bouw te voorkomen. Voor nieuwbouw wordt dit uitgewerkt in een covenant Duurzaam Bouwen. Vooruitlopend op het convenant hebben 30 partijen, waaronder alle 26 Utrechtse Gemeenten, de intentieverklaring Klimaatadaptief Bouwen ondertekend. Prestatieeisen die het meest relevant zijn voor het gemeentelijke boombeleid zijn: Onder Hitte • Tenminste 40% schaduw in het plangebied op de hoogste zonnestand (21 juni) voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer zich verplaatst en minimaal 30 % op buurtniveau.

• Koele, schaduwrijke verblijfsplekken zijn op loopafstand (300 meter) aanwezig en openbaar toegankelijk Onder Biodiversiteit • Het horizontale en verticale groenoppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe structuren in de bredere omgeving ingericht (met minimaal 30 % groen op buurtniveau, boomkroonoppervlak telt mee).

Bomenbeleidsplan Baarn | 9

Acaciabomen in bloei in Acacialaan, 2025

3 De huidige situatie Om boombeleid te maken met maximale impact moeten we goed weten hoe Baarn er in 2025 voor staat op het gebied van bomen. Deze zogenoemde 0-situatie maakt het mogelijk de ambities met bomen te vertalen naar opgaven: wat is er nodig om vanuit de bestaande situatie naar de gestelde ambitie te komen. Deze werkwijze maakt het mogelijk een beleidsplan te maken dat vertaald kan worden naar uitvoeringsplannen en budgetten wat de doorwerking van het beleid zal verbeteren. We voeren de 0-meting uit op het bestaande bomenbestand zelf en aan de hand van de vier thema’s: Klimaat, Gezondheid, Natuur en Identiteit Om de gemeten waardes in perspectief te plaatsen koppelen we deze regelmatig aan landelijke normen of richtlijnen zoals de Landelijke Bomennorm, de Handreiking Groen in en om de stad (GIOS) en de 3-30-300 regel. Voordat we de gemeten waarden presenteren wordt een beknopte toelichting op de normen en richtlijnen gegeven. Tot slot kijken we ook hoe het Baarnse bomenbestand zich verhoudt tot de energietransitie waar Baarn voor staat. In hoeverre gaan beide goed samen en welke kansen of knelpunten kunnen we in beeld brengen.

3.1

Huidig boombestand

Het bestaande boombestand vormt het groene kapitaal van Baarn. Een gezonde boom kan meer dan honderd jaar oud worden en zo langdurig bijdragen aan een gezonde en aantrekkelijke buitenruimte. We beoordelen de huidige bomen aan de hand van een aantal criteria: • • • •

Boomsoorten, welke soorten zijn dominant en hoe zijn de soorten verdeeld over Baarn; Groeiplaatsen, staan bomen in verharding of in beplanting; Vitaliteit, toekomstverwachting en conditie, hoe gezond en duurzaam is het boombestand Leeftijd, hoe oud het is het huidige boombestand en wat betekent dat voor het beleid.

3.1.1

Boomsoorten

Het huidig bomenbestand bestaat uit 10.182 bomen (peiljaar 2025). Er zijn om dit moment 74 verschillende soorten. Wat opvalt bij de binnen Baarn aanwezige boomsoorten is de grote dominantie van een beperkt aantal soorten. Zo bestaat het totale boombestand van Baarn voor bijna 1/3 uit Eiken en Beuken. Twee inheemse en zeer waardevolle boomsoorten die passen bij het historische karakter van Baarn. Echter ook twee soorten die zeer kwetsbaar zijn voor klimaatverandering. Ze kunnen niet goed tegen extremen in temperatuur en de vochthuishouding van de bodem. Onderstaand een overzicht van de tien meest voorkomende boomsoorten:

In de bijlage 0-meting is per criterium een uitgebreide analyse gegeven, in het hoofdrapport nu de belangrijkste conclusies per criterium.

De tien meest voorkomende boomsoorten in stuks

Bomenbeleidsplan Baarn | 11

Overzicht veelvoorkomende boomsoorten

Overzicht typen groeiplaatsen Baarn

12 | Bomenbeleidsplan Baarn

Een tweede belangrijke constatering is dat sommige buurten vrijwel volledig beplant zijn met één soort. Dit heeft vaak een historische achtergrond, om een bepaald beeld te creëren per buurt. Deze eenzijdigheid brengt risico’s met zich mee. Bij een monocultuur zijn bomen gevoeliger voor ziektes en plagen. Als een bepaalde soort wordt getroffen dan kan in korte tijd de hele straat of buurt aangetast worden. Door klimaatverandering komen steeds extremere schommelingen in temperatuur en grondwaterstand voor, ook een reden waardoor boomsoorten die dat slecht verdragen kunnen gaan uitvallen. Daarnaast heeft een lage boomsoortendiversiteit negatieve gevolgen voor de bredere biodiversiteit. Monoculturen kunnen leiden tot een afname van soortenrijkdom, wat het gehele ecosysteem verzwakt. De villawijken van Baarn en Lage Vuursche laten een vrij extreme vorm van monocultuur zien.

3.1.2 Groeiplaatsen Een goede groeiplaats is misschien wel de meest belangrijke voorwaarde voor een gezond boombestand. De kwaliteit en omvang van de groeiplaats bepaalt in hoge mate of een boom goed groeit en de omvang die de boom dus kan bereiken. Daarnaast zijn bomen in een goede groeiplaats gezonder en minder kwetsbaar zoor ziekten en plagen en klimaatverandering. In algemene zin zijn groeiplaatsen in verharding minder goed dan in beplanting. Staan bomen toch in verharding dan is een degelijke ondergrondse inrichting met voldoende doorwortelbaar volume en beluchting cruciaal. In de kaart op de volgende bladzijde is zichtbaar dat er nog heel veel bomen in verharding staan (21%) en dat dit probleem zich concentreert in een aantal buurten en straten. Later in dit beleidsplan zal blijken dat dit een directe relatie heeft met de daar aanwezige tekorten in boomkroonbedekking. Lage Vuursche springt er positief uit, hier hebben de meeste bomen een mooie groeiplaats.

3.1.3 Vitaliteit en toekomstverwachting Gezonde bomen met een goede toekomstverwachting vormt een belangrijk doel bij duurzaam boombeleid en beheer. Wanneer we kijken naar de vitaliteit van het huidige boombestand dan zien we dat een fors deel van het boombestand in goede of redelijke conditie is (bron: meest recente VTA Greenpoint). Echter slechts 1/3 van de bomen is in goede conditie en ruim 17% van het boombestand is in een matige of nog slechtere conditie. Het is van belang na te gaan wat de oorzaken van de verminderde conditie zijn en hierop maatregelen te nemen. Verder in dit beleidsplan gaan we daar nader op in en geven we richting aan inrichting en beheer. Wanneer we kijken naar de toekomstverwachting van de bomen in Baarn dan zien we ook een aantal aandachtspunten. Op basis van de leeftijdsopbouw, conditie en de verwachte resterende levensduur wordt tot 2035 een verlies van circa 2.811 bomen voorzien (-27,6%). Dit verlies concentreert zich in enkele deelgebieden waar de bestaande structuren grotendeels of geheel verdwijnen. Uit de bijlage 0-meting blijkt dat vanaf 2027 de eerste significante verliezen optreden, oplopend tot een versnelling in 2030 en een sterke piek in 2035. In de navolgende afbeeldingen een impressie van de verwachte afname van bomen in het centrum.

Conditie

Aantallen

Percentage boombestand

Goed

3.484

34,2 %

Redelijk

4.382

43,0 %

Matig

1.233

12,1 %

Slecht

410

4,0 %

Dood

91

0,9 %

Niet ingevuld

582

5,7 %

10.182

100.00 %

Totaal

Tabel vitaliteit boombestand uit VTA

Bomenbeleidsplan Baarn | 13

Voor heel Baarn zien we de volgende ontwikkeling op basis van de verwachte levensduur van het boombestand: • • •

2027: verlies van 106 bomen (-1,1%); 2030: verlies van 437 bomen (-4,5%); 2035: verlies van 2.268 bomen (-30,8%).

De scherpe daling in 2035 duidt op het einde van de levensverwachting van een substantieel deel van het bestand. Het bomenbeleidsplan zal zich dus moeten richten op verjonging en het behoud van toekomstbomen om de continuïteit van structuren en functies te waarborgen. De komende jaren moet daarom nadrukkelijk worden ingezet op herplant en diversificatie, zodat uitval tijdig wordt opgevangen. Daarnaast richt het beleidsplan zicht op het verbeteren van de vitaliteit van bestaande bomen om zo de verwachte uitval tegen te gaan.

Impressie van huidig areaal, het betreft een uitsnede ter hoogte van het centrum 14 |Bomenbeleidsplan Baarn

3.1.4 Conclusies huidig boombestand Het huidige boombestand is op dit moment nog voor het overgrote deel in een goede tot redelijke staat wat betekent dat het boombestand in potentie de komende jaren kan blijven bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving in Baarn. Uit de analyse van soorten, vitaliteit, groeiplaatsen en levensverwachting blijkt echter dat het boombestand onder druk staat. Het is noodzakelijke om zowel in de groeiplaatsen van de bestaande bomen als in de samenstelling van het sortiment in te grijpen om ook op de lange termijn een boombestand met een goede vitaliteit te behouden. Bestaande bomen moeten op veel locaties een grotere groeiplaats, bij voorkeur in beplanting, krijgen. De soortensamenstelling binnen Baarn moet worden omgevormd naar een meer divers en klimaatrobuust sortiment. Uiteraard zal de omvorming van het sortiment met respect voor historische boomsoorten moeten plaatsvinden. Boomsoorten die kwetsbaar zijn voor klimaatverandering maar op een historisch waardevolle plek staan, kunnen door een verbetering van de groeiplaats en gericht beheer nog lang gezond blijven.

Impressie van het areaal in 2035, het betreft een uitsnede ter hoogte van het centrum

3.2 Landelijke normen en richtlijnen Baarn heeft de ambitie om met een groennorm te gaan werken. Het gebruik van landelijke normen of richtlijnen geeft houvast bij het werken aan een vitaal boombestand en een gezonde leefomgeving. We toetsen binnen dit boombeleidsplan Baarn aan twee landelijke methodes om groen te normeren: • •

De Handreiking Groen in en om de stad (GIOS) van het ministerie van VRO (2024) De Bomennorm van het Norminstituut Bomen (2024)

Handreiking GIOS In 2024 hebben de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK nu VRO) en Landbouw, Natuur en Voedsel Kwaliteit (LNV nu LVVN) de Handreiking Groen in en om de Stad (GIOS) gepubliceerd. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/ rapporten/2024/05/31/handreiking-groen-in-enom-de-stad Het doel van de Handreiking is om groen een volwaardige positie te geven in het ruimtelijk domein. De in de Handreiking beschreven systematiek zorgt ervoor dat gemeenten groene opgaven aanpakken in samenhang met de andere opgaven die spelen binnen het bebouwd gebied, zoals verstedelijking, verduurzaming en de energietransitie. De Handreiking GIOS gaat uit van het principe dat groen integraal bijdraagt aan een gezonde leefomgeving.

Schaalniveaus GIOS

Binnen GIOS zijn verschillende normen en eisen opgesteld op verschillende schaalniveaus. De onderstaande figuur laat dit schematisch zien. Op buurtniveau wordt gestuurd op leefkwaliteit en kijkt men naar de hoeveelheid boomkroonbedekking, het zicht op 3 bomen en de bereikbaarheid van een groene koele plek. We gebruiken deze toetswaarden in de 0-meting (zie paragraaf 3.3) en de definitie van opgaven in het nieuwe boombeleid (hoofdstuk 4 en 5).

Bomenbeleidsplan Baarn | 15

Landelijke bomennorm Nagenoeg tegelijk met de Handreiking GIOS heeft het Norminstituut, in samenwerking met prof. Cecile Konijnendijk, de Bomennorm gelanceerd. https://www.norminstituutbomen. nl/bomennorm/ Deze norm is gebaseerd op het wetenschappelijk breed geaccepteerde principe dat 30% boomkroonbedekking een maat is voor een gezonde leefomgeving. De Bomennorm heeft dit vertaald naar 2,2m3/m2 boomkroonvolume omdat het Norminstituut Bomen stelt dat het kroonvolume van een boom meer zegt over de baten van bomen dan de kroonoppervlakte. Echter zowel de 2,2m3/m2 als de 30% boomkroonbedekking kunnen worden gehanteerd. In het Baarnse boombeleid hanteren we de 30% regel omdat deze nauwkeuriger te bepalen is, met name op privaat gebied (met behulp van satellietdata).

Tabel behorende bij Bomennorm, bron: Norminstituut Bomen 2024

16 | Bomenbeleidsplan Baarn

Een eigen norm Op dit moment is er binnen Baarn nog geen sprake van een concrete groennorm of bomennorm. Als onderdeel van het nieuwe boombeleid stellen we met het voorliggende beleidsplan een harde bomennorm voor. In paragraaf 5.2 en hoofdstuk 9 wordt dit verder uitgewerkt.

3.3 Omgevingsfactoren en bomen Bomen hebben zoals gezegd een grote impact op de leefomgeving van mensen en dieren. Vitale bomen dragen bij aan een gezonde, biodiverse en klimaatbestendige buitenruimte. Daarnaast spelen bomen een grote rol in de identiteit van een plek. Ze vertegenwoordigen daarbij vaak een hoge cultuurhistorische waarde. In deze paragraaf beschrijven we hoe Baarn ervoor staat op het gebied van klimaat, natuur, gezondheid en identiteit, bekeken vanuit het perspectief van het Baarnse boombestand. In de bijlage 0-meting zijn weer de uitgebreide metingen met uitleg en onderbouwing weergegeven, hier de beknopte en meest relevante conclusies.

3.3.1.1 Stedelijk hitte eiland effect en hittestress per buurt Het stenige centrum en de buurten daar direct omheen laten een sterk effect zien op de temperatuur van de buitenruimte. Een gemiddeld hogere temperatuur tot 1,5 graden lijkt misschien beperkt, maar is op de gemeten schaal van 0-2 graden Celsius fors:

De analyse 0-meting is voor het dorp Baarn zelf en voor Lage Vuursche uitgevoerd. In de bijlage 0-meting is de complete analyse weergegeven. In dit hoofdrapport zijn de resultaten voor Lage Vuursche beperkt zichtbaar gemaakt omdat deze kleine kern op alle parameters perfect scoort. Het beleid is er daarmee op gericht vooral bestaande waarden te behouden.

3.3.1 Klimaat en bomen Om het boombestand te beoordelen vanuit het aspect klimaat kijken we naar effecten van klimaatverandering zoals hittestress en wateroverlast, maar ook naar parameters die van grote invloed zijn op deze effecten zoals de hoeveelheid schaduw in een buurt. Uiteraard is er een grote overlap tussen klimaat en gezondheid, een klimaatbestendige inrichting van de buitenruimte zorgt ook voor een gezondere leefomgeving. Concreet zijn de volgende analyses gedaan: • • •

Stedelijk hitte eiland effect en bomen

Meting stedelijk hitte eiland effect Meting schaduw per buurt en op routes Meting wateroverlast

Bomen in groen geven meer koelte

Bomenbeleidsplan Baarn | 17

Het hitte eiland effect wordt veroorzaakt door een combinatie van een te kort aan boomkroonbedekking, veel gebouwen die hitte uitstralen en te weinig groen op maaiveld. Dit laatste zorgt er namelijk voor dat bomen beter groeien en dus een grotere kroon ontwikkelen, maar ook dat er meer verdamping en verkoeling plaatsvindt. Onderstaand is dit goed zichtbaar. Niet geheel onverwacht scoort Lage Vuursche op deze parameter heel goed en is er van hitte geen sprake.

3.3.1.2 Schaduw per buurt Schaduw is een goede graadmeter voor een gezonde leefomgeving. We kijken hier naar schaduw door groen en schaduw die veroorzaakt wordt door gebouwen. Gebouwen stralen ook hitte uit dus geeft boomkroonbedekking een beter beeld van een gezonde leefomgeving. Deze analyse van de boomkroonbedekking volgt in paragraaf 3.2.2

Schaduw per buurt

In de schaduw analyse zien we in de navolgende kaarten zowel voor de schaduw op buurtniveau als voor de schaduw op belangrijke loop- en fietsroutes dat noordelijk Baarn er negatief uit springt. Het zuiden en westen scoren erg goed en zijn zeer schaduwrijk, de waarden liggen daar ver boven de normen. Het centrum en zuidoost Baarn laten wel weer duidelijke opgaven zien.

Schaduw op belangrijke routes langzaam verkeer

18 | Bomenbeleidsplan Baarn

3.3.1.3 Wateroverlast

3.3.1.4 Conclusies klimaat

In eerste instantie hebben bomen geen grote impact op het veroorzaken of tegengaan van wateroverlast. Wel kunnen locaties met structurele wateroverlast uiteraard zorgen voor slechte groeiomstandigheden voor bomen. We kijken echter vooral naar deze parameter omdat locaties met wateroverlast vragen om meer maaiveldgroen, bij voorkeur in de vorm van bijvoorbeeld wadi’s. Dit vormt een grote koppelkans met het werken aan een vitaal boombestand. Deze extra groene plekken vormen een uitstekende groeiplaats voor nieuwe of bestaande bomen. Onderstaand een overzicht van locaties met veel wateroverlast. Plekken waar maaiveldgroen noodzakelijk is en bomen een waardevolle toevoeging:

Ondanks dat Baarn als kern een beperkte omvang heeft, is er al sprake van een stevig stedelijk hitte eilandeffect. Daarnaast zien we dat de noordoostkant van het dorp duidelijk meer hittestress effecten laat zien dan het bosrijke zuidwesten. Meer vitale bomen in een goede groeiplaats (in volle grond) zijn hard nodig in de gebieden waar hitte-effecten nu al optreden. Zeker wanneer we weten dat deze effecten de komende jaren alleen maar zullen toenemen en bomen tijd nodig hebben om te groeien, is dit een urgent punt. Door de extra bomen te combineren met het oplossen van wateroverlast wordt de inzet van middelen extra effectief.

Kaart wateroverlast

Bomenbeleidsplan Baarn | 19

3.3.2 Gezondheid en bomen Er is steeds meer kennis beschikbaar over het verband tussen groen en een gezonde leefomgeving. Zo is er wetenschappelijk breed consensus over het feit dat 30% boomkroonbedekking per buurt als norm kan gelden voor een gezonde leefomgeving. Dit sluit aan bij de 3-30-300 regel en de recent gelanceerde landelijke Bomennorm, beide hanteren deze 30% regel. Daarnaast blijkt uit onderzoek van bijvoorbeeld de WUR dat het zicht op vitaal groen bijdraagt aan de gezondheid van mensen in de vorm van bijvoorbeeld stressvermindering. In het kader van gezondheid meten we concreet de volgende waarden: • • •

gehaald of benaderd. Hier is dus sprake van een buitengewoon hoge boomkroonbedekking, dat geldt ook voor Lage Vuursche.

Meting hoeveelheid boomkroonbedekking per buurt Meting zicht op 3 bomen per buurt Meting van de bereikbaarheid van een groene koele plek voor bewoners in een buurt.

3.3.2.1 Boomkroonbedekking Het grote verschil tussen een meting van schaduw en een meting van boomkronen is dat groene schaduw voor veel meer verkoeling zorgt dan schaduw door gebouwen. Immers gebouwen stralen ook zelf weer hitte uit en bomen zorgen via evaporatie voor verkoeling van de lucht. Daarnaast is voldoende boomkroonbedekking (BKB) een goede indicator voor de vitaliteit van het boombestand. Goed ontwikkelde bomen leveren een veel hogere bijdrage aan de boomkroonbedekking. Wat direct opvalt bij de meting van BKB is de overlap met de meting van hittestress. Ook op het gebied van boomkroonbedekking is het noorden en oosten van Baarn in minder goede staat dan andere delen van het dorp. Zowel op privaat gebied als op openbaar gebied zien we hier hetzelfde beeld waarbij de Staatsliedenwijk er negatief uit springt met een totale BKB van 10%. Ook de Professorenwijk, de Schilderswijk, Eemdal-Noord en het centrum scoren met 13% zeer ruim onder de genoemde streefwaarde van 30%. Vooral aan de zuidwestkant van Baarn liggen de waarden veel hoger en is de 30% waarde al

20 | Bomenbeleidsplan Baarn

Boomkroonbedekking totaal per buurt Baarn

Boomkroonbedekking totaal Lage Vuursche

3.3.2.2 Zicht op drie bomen Dan de analyse van het zicht op 3 bomen, een eis uit de Handreiking Groen in en om de stad en vanuit de 3-30-300 regel, laat zien dat op dit gebied Baarn goed scoort. Het aantal bomen dat mensen kunnen zien vanuit hun woning is dus op orde. Het is goed hierbij te vermelden dat hierbij modelmatig wordt gekeken en niet specifiek naar waar een raam of deur in een woning zit. We kijken naar zicht op bomen vanaf een voor-, zij- of achtergevel. Deze parameter is echter alleen waardevol in combinatie met de parameter boomkroonbedekking. Immers als er voldoende bomen zijn, maar heel weinig boomkroonbedekking dan weten we dat de bomen vaak klein en waarschijnlijk minder vitaal zijn. Wanneer we de metingen van boomkroonbedekking en het zicht op drie bomen combineren weten we dat de bomen in de noordelijke en oostelijke wijken gemiddeld een veel minder grote omvang hebben dan bomen in het zuiden en westen. Onderstaand een aantal beelden van bomen in de meer noordelijke wijken:

Professorenbuurt

Kaart zicht op 3 bomen

Staatsliedenwijk

Voldoende bomen in aantal maar een lage boomkroonbedekking.

Bomenbeleidsplan Baarn | 21

3.3.2.3 Afstand tot een groene koele plek

3.3.2.4 Conclusies gezondheid

Juist voor kwetsbare doelgroepen zoals ouderen is het van groot belang dat zij op korte afstand van de woning een groene koele plek kunnen bereiken. Dergelijke plekken dragen bij aan de mentale gezondheid door het beleven van groen en de potentie van deze plekken om elkaar als buurtbewoners te ontmoeten. Bomen vormen op deze plekken uiteraard een belangrijke voorwaarde voor verkoeling. Bij de selectie van geschikte groene koele plekken wordt gekeken naar een combinatie van voldoende groen, maar ook naar de daadwerkelijke temperatuur op deze plekken op een hete zomerdag. Dat betekent dat sommige groene plekken dus afvallen simpelweg omdat het er te heet wordt. Daarnaast is de toegankelijkheid van de geïdentificeerde groene plekken niet meegenomen in deze analyse. Dit betekent dat het kan zijn dat een klein deel van deze plekken in werkelijkheid niet als groene koele verblijfsplekken kunnen worden aangemerkt. In de kaart is zichtbaar dat er binnen Baarn een beperkt aantal groene koele plekken aanwezig is, maar dat het voldoet om het grootste deel van het dorp toegang te geven tot deze plekken binnen de streefwaarde van 300m loopafstand (bron Handreiking GIOS en 3-30-300 regel). Wel zien we ook een aantal aandachtsgebieden verspreid over het dorp. Het toevoegen van bomen is daar gewenst.

Wat opvalt in de analyse op gezondheid is dat er voldoende bomen in Baarn staan om aan de eis van zicht op groen te voldoen. In lijn met de schaduwanalyse in de vorige paragraaf blijken de noordelijke en zuidoostelijke buurten echter een flink tekort aan boomkroonbedekking te hebben. Hetzelfde geldt voor het centrum. Het inzicht dat niet het aantal bomen maar de omvang van de bomen het grootste probleem vormt, geeft richting in de te nemen maatregelen. Maatregelen in groeiplaatsen zullen zorgen voor een betere ontwikkeling van het bestaande bomenbestand. Uiteraard zullen bomen die weinig of geen potentie hebben vervangen moeten worden want in sommige buurten staat een overmaat aan boomsoorten (kersen, pruimen, etc.) die erg klein blijven en dus niet gaan zorgen voor verbetering van de boomkroonbedekking. Het realiseren van extra groene koele plekken kan aangepakt worden wanneer een buurt aan de beurt is voor groot onderhoud of een reconstructie. Soms is het plaatsen van enkele extra bomen al voldoende en kan er al veel sneller gewerkt worden aan ‘’gaten’’ in het netwerk van groene koele plekken.

Bereikbaarheid van een groene koele plek 22 | Bomenbeleidsplan Baarn

3.3.3 Natuur en bomen Bomen dragen op meerdere manieren bij aan de natuurwaarden in Baarn. Als objecten bieden bomen voedsel, nest en schuilgelegenheid voor diverse diersoorten. In een grotere structuur zorgen bomen voor geschikte en veilige foerageer en migratieroutes voor bijvoorbeeld vleermuizen. Hoe diverser een boombestand in soorten en leeftijdsopbouw is, hoe groter de bijdrage aan biodiversiteit. Er is op dit moment geen duidelijk overzicht hoe huidige boomstructuren binnen de bebouwde kom een bijdrage leveren aan de biodiversiteit in de gemeente Baarn. Wel is er met het boek “Natuur en Baarn’ inzicht gekomen in de veel voorkomende soorten binnen de bebouwde kom. In dit boek is een indeling gemaakt in vier gebieden 1. Centrum Gebied, 2 Boomrijk gebied, 3 Gevarieerd gebied en 4. Waterrijk gebied. Per deelgebied zijn in de bijlage 0-meting relevante diersoorten benoemd die afhankelijk zijn van bomen met bepaalde eigenschappen. Belangrijke aandachtspunten voor het boombeleid: • Oude bomen in verval hebben vaak een hoge natuurwaarde en moeten dus niet overal direct weggehaald worden. Daar waar het veilig kan spelen ze een belangrijke rol in het lokale ecosysteem. • Inheemse bomen dragen bovengemiddeld bij aan de biodiversiteit, maar zijn vaker kwetsbaar voor klimaatverandering.

Het beleid zal dus richting moeten geven aan een duurzaam evenwicht tussen inheemse bomen en exoten met een zo goed mogelijke bijdrage aan lokale flora en fauna. • Groenbeheer moet aandacht hebben voor het laten liggen van blad en dood hout en actief bijdragen aan structuur in de vegetatie. Dit betekent voor bomen dat de overgang naar struiken en gras zo geleidelijk mogelijk plaatsvindt en bomen daar waar het veilig kan ook laag vertakt mogen zijn.

Bomenbeleidsplan Baarn | 23

3.3.4 Identiteit en bomen Stedelijke groenstructuren spelen een grote rol bij de identiteit van steden. Ze geven inzicht in de ontstaansgeschiedenis en dragen bij aan de herkenbaarheid van de leefomgeving. Bossen, parken, tuinen en lanen vormen niet alleen een esthetisch kader, maar bieden ook ruimte voor ontmoeting en recreatie. Het aanwezige groen weerspiegelt gemeentelijke keuzes op het gebied van duurzaamheid, gezondheid en leefkwaliteit. Baarn heeft haar historische groenstructuren behouden. In Hoog Baarn zijn lanen en zichtlijnen met eiken- en beukenrijen duidelijk zichtbaar. In naoorlogse wijken is de bomenstructuur minder prominent en ontbreken soms schakels. Villawijken bevatten vaak waardevolle bomenrijen en groepsbeplantingen die nog niet volledig zijn opgenomen in de hoofdboomstructuur, wat kansen biedt voor versterking van de dorpsidentiteit. In de drie afbeeldingen op de volgende pagina zijn de cultuurhistorische waardenkaart en de boomhoofdstructuur eerst separaat en daarna gecombineerd weergegeven. Dit laat zien dat de boomhoofdstructuur nog veel historische lijnen begeleidt en benadrukt.

24 | Bomenbeleidsplan Baarn

Wat opvalt bij de boomhoofdstructuur uit het Boombeleidsplan 2013-2023 is dat de boomstructuren op kaart allemaal identiek zijn weergegeven. Het is niet helder wat de functie of achtergrond van een specifieke boomstructuur is. Dit maakt de bescherming van de boomhoofdstructuur wel eenduidig maar tegelijk lastig. Je weet nu namelijk niet welke eigenschappen van een specifieke structuur er beschermd moeten worden. Zo kan een bomenlaan een weg begeleiden zonder dat het heel relevant is met welke boomsoort dat gebeurt of hoe deze bomen geplant zijn. Echter wanneer een structuur een historische dubbele eikenlaan betreft dan zijn soort en plantwijze zeer relevant. Door de boomhoofdstructuur dus beter te definiëren ontstaat een betere basis voor bescherming en kan die bescherming ook beter onderbouwd worden. De informatie over de boomhoofdstructuur is op zichzelf ook heel waardevol om als historische kennis goed te documenteren. Onder een weergave van enkele historische boomstructuren:

Cultuurhistorische waardenkaart uit ‘’De staat van Baarn’’ zonder boomhoofdstructuur

Boomhoofdstructuur Baarn, Boombeleidsplan 2013-2023, zonder cultuurhistorische waardenkaart

Boomhoofdstructuur in lichtgroen gecombineerd met cultuurhistorische waardenkaart

Bomenbeleidsplan Baarn | 25

3.4

Bomen en de energietransitie

De energietransitie en het bomenbestand vragen beide veel ruimte in de ondergrond. Waar bomen essentieel zijn voor klimaatadaptatie, biodiversiteit en leefkwaliteit, is de energietransitie essentieel voor klimaatmitigatie, en vraagt om de aanleg van warmtenetten en extra kabels. Deze twee opgaven botsen letterlijk in de ondergrond, waardoor een zorgvuldige en slimme benutting van de beschikbare ruimte noodzakelijk is. Zonder goede planning bestaat het risico dat bomen worden opgeofferd, of dat de energietransitie vertraging oploopt door ruimtegebrek. Door tijdig vooruit te plannen kunnen bestaande bomen worden beschermd, krijgen nieuwe bomen voldoende groeiruimte en is er tegelijkertijd voldoende ruimte voor de aanleg van nieuwe energienetwerken. Omdat bomen een lange levensduur hebben, en afhankelijk zijn van een stabiele groeiplaats, is het onwenselijk om

Kaart beschikbare ruimte ondergrond 26 | Bomenbeleidsplan Baarn

deze plekken vaker open te breken. Dit vraagt om afstemming in een vroeg stadium en een toekomstbestendige verdeling van de ruimte. Om mogelijke knelpunten zichtbaar te maken zijn kaarten opgesteld waarin de beschikbare ondergrondse ruimte is weergegeven. Hierin zijn onder meer kabels, leidingen, riolering en het bomenbestand opgenomen. Over het algemeen schetst bijgevoegde overzichtskaart een redelijk positief beeld. Naast overzichtstekeningen zijn er diverse profielen getekend waarin kabels en leidingen en bomen zijn gecombineerd. Hierbij is met name gekeken naar straten die behoren tot de boomhoofdstructuur. In alle profielen is weergegeven hoeveel vrije ruimte er beschikbaar is voor nieuwe energie en voor bomen. We geven hiervan twee voorbeelden, in de Bijlage ‘’Ruimte voor energie’’ is het volledige overzicht gegeven van situatiekaarten en profielen.

In de Plataanlaan is nog relatief veel vrije ruimte. De kabels en leidingen liggen dicht bij elkaar. Aan één zijde van de boom is veel ruimte, deze ruimte zou gereserveerd kunnen worden voor de boom, waardoor deze extra groeiruimte krijgt. Het andere vrije deel zou dan gereserveerd kunnen worden voor de energietransitie.

Op de Eemweg is veel minder ruimte beschikbaar en zijn keuzes of acties nodig. Door kabels en leidingen te herschikken en compacter neer te leggen, kan er veel ruimte worden gecreëerd, voor zowel energie als bomen.

Bomenbeleidsplan Baarn | 27

Modelmatige situaties Wat betreft de combinatie van bomen en ondergrondse ruimte zijn er vier modelmatige situaties te onderscheiden, met elk een eigen handelingsperspectief. 1.

Veel ondergrondse ruimte, weinig boomkroonbedekking –Goede kansen voor energietransitie en extra bomen en/of het verbeteren van groeiplaatsen van bestaande bomen. Ruimte benutten of reserveren. 2. Veel ondergrondse ruimte, voldoende boomkroonbedekking – Er is ruimte voor de energietransitie zonder risico voor het bestaande bomenbestand. Belangrijk is om deze ruimte tijdig vast te leggen en te reserveren. 3. Weinig ondergrondse ruimte, weinig boomkroonbedekking – Onderzoeken of kabels en leidingen compacter of anders geordend kunnen worden, zodat er alsnog ruimte ontstaat voor zowel bomen als energie. Deze gebieden zijn urgent omdat ze vragen om maatregelen die veel (procedure-)tijd kosten. 4. Weinig ondergrondse ruimte – voldoende boomkroonbedekking – Hier is een risico voor bestaande bomen. Wanneer er nieuwe energienetten worden aangelegd, lopen bestaande bomen het risico te verdwijnen. Inpassing van energienetten vragen net als bij punt drie om aan lange voorbereidingstijd.

28 | Bomenbeleidsplan Baarn

In een overzichtskaart, zie pagina hiernaast, is inzichtelijk gemaakt hoe de ruimte voor de energietransitie zich verhoudt tot de aanwezigheid en eventuele tekorten aan bomen. Daarvoor is een combinatie gemaakt van boomkroonbedekking en beschikbare ondergrondse ruimte per buurt. Hierbij is gekeken naar de omvang van de aanwezige bomen en niet naar het aantal bomen. Hierbij is op buurtniveau een gemiddelde situatie weergegeven om gebiedsgericht te kunnen programmeren. Bij het projectmatig aanpakken van een buurt moet uiteraard de nuance worden gezocht en op straatniveau worden gekeken. Op de kaart ‘’Ruimte in de ondergrond en boomkroonbedekking’’ is zichtbaar dat er drie van de vier eerder beschreven situaties met elk een eigen handelingsperspectief veel voorkomen. De situatie met weinig ruimte, maar voldoende bomen komt zeker voor maar voert in geen enkele buurt de boventoon. De energietransitie en het bomenbeleid vragen om een integrale aanpak. Alleen door bovengrondse en ondergrondse opgaven samen te koppelen, kan de gemeente toekomstbestendig worden ingericht. In het boombeleid ligt de nadruk op het ordenen van de ondergrond en het versterken en ruimte geven aan bestaande bomen. Daarover later in dit beleidsplan meer.

Kaart boomkroonbedekking en beschikbare ondergrondse ruimte voor energie/bomen

Bomenbeleidsplan Baarn | 29

Bomen op de Brink, 2008

4 Opgaven en de beleidsmatige strategie De kern van het vernieuwde Baarnse boombeleid wordt gevormd door de ambitie om bomen maximaal te laten bijdragen aan een gezonde, groene en aantrekkelijke leefomgeving. Bomen en groen zijn daarbij geen doel op zich maar een middel om opgaven zoals hittestress en wateroverlast tegen te gaan. Daarmee vormen de bomen dus geen extra ruimteclaim in integrale gebiedsopgaven, maar een oplossing voor thema’s als gezondheid, klimaat, natuur en identiteit. De juiste boom op de juiste plek draagt op hetzelfde moment bij aan elk van deze vier thema’s. We benadrukken hier nogmaals dat deze werkwijze noodzakelijk is om de leefbaarheid in de straten en buurten van Baarn op een goed niveau te houden. Wanneer we nu niet harder sturen op voldoende en gezonde bomen in Baarn, dan zullen straten en buurten steeds warmer en onaantrekkelijker worden. In dit hoofdstuk werken we op basis van de 0-meting uit hoofdstuk 3 het beleid verder uit. We beschrijven eerst de belangrijkste kansen en knelpunten uit de 0-meting en vertalen die naar beleidsmatige opgaven met een bijpassende aanpak. We onderscheiden bij de beleidsmatige aanpak in het boombeleid drie pijlers: • • •

De gebiedsgerichte aanpak zoals het tegengaan van hittestress in het centrum De structuur aanpak, zoals het nader uitwerken van de boomhoofdstructuur De thematische aanpak zoals het toewerken naar een klimaatrobuust boomsortiment

4.1 Belangrijkste kansen en knelpunten Wanneer we de diverse metingen uit de totale 0-meting combineren ontstaat er een helder overzicht van de opgaven die er per gebied spelen. De kaart op de volgende pagina laat een aantal opgaven in samenhang zien. In deze paragraaf beschrijven we kort de getoonde opgaven die als basis dienen bij de aanpak en vormgeving van het boombeleid. Bestaande bomenbestand De vitaliteit en levensverwachting van het Baarnse bomenbestand is nog redelijk tot goed, maar staat in een aantal gebieden onder druk. Dit komt onder andere door de kwaliteit van de groeiplaatsen (te klein en in verharding) en het sortiment. Door het toepassen van een (te) beperkt aantal boomsoorten in bepaalde buurten, is het sortiment extra kwetsbaar voor ziekten en plagen en klimaatverandering. In 2035 zal, als er niks gebeurt, volgens de meest recente veiligheidsinspectie ongeveer 1/3 van het totale

boombestand wegvallen met als belangrijkste impactgebieden: • •

• • •

Torenlaan: volledig verval van de bestaande boomstructuur; Javalaan, Oosterstraat, Regenboog en Componistenwijk Oost: integraal grote uitval van bomen, waarbij herplant onvermijdelijk is; Bestevaerweg: 80–90% verlies van de bestaande boomstructuur; Bisschopsweg: kaalslag/verlies van de boomstructuur; Drakenburgerweg: verlies van noordelijke strook straat- en laanbomen.

Maatwerk in boomsoorten en groeiplaatsen per gebied is noodzakelijk waarbij direct naar een klimaatbestendig sortiment wordt toegewerkt. Gezondheid Er is in 9 van de 16 buurten van Baarn een fors te kort aan boomkroonbedekking, in deze buurten is minder dan 20% boomkroonbedekking bij een streefwaarde van 30%. De noord- en oostrand van Baarn en het centrum laten de grootste

Bomenbeleidsplan Baarn | 31

tekorten zien. In de Staatsliedenwijk is met 10% de opgave het grootst. Belangrijkste oorzaken en dus ook oplossingen liggen in de groeiplaatsen van de bomen (klein en in verharding), de gekozen kleine boomsoorten en te weinig beschikbare ondergrondse ruimte door kabels en leidingen. De bereikbaarheid van een groene koele plek voor alle inwoners van Baarn (binnen 300m) is in vijf deelgebieden nog niet gerealiseerd. Dit zijn aandachtsgebieden om te zoeken naar extra groen of naar groen waar door het toevoegen van bomen een groene koele plek ontstaat. Klimaat De analyse van hittestress en het stedelijk hitte eiland effect laten eenzelfde beeld zien als de analyse van boomkroonbedekking. De noord- en oostrand laten samen met het centrum het meest negatieve beeld zien terwijl het zuiden en westen van Baarn generiek koeler zijn. Het gebrek aan voldoende vitale bomen is een hoofdoorzaak samen met een gebrek aan maaiveldgroen. Beide zijn noodzakelijk om hitte te dempen. Het oplossen van wateroverlast is een koppelkans

Kaart met gecombineerde opgaven uit 0-meting 32 | Bomenbeleidsplan Baarn

omdat dit vraagt om extra groen op maaiveld wat zorgt voor verkoeling én een betere groeiplaats voor bomen. Identiteit De identiteit van Baarn wordt in hoge mate bepaald door groen. Zowel de bosgebieden als de historische lanen zijn kenmerkend voor Baarn. De vastgelegde boomhoofdstructuur zorgt daarbij voor extra bescherming van de meest waardevolle bomen. Op dit moment is daarbij onvoldoende duidelijk wat de waarde is van de verschillende onderdelen van de hoofdboomstructuur. Welke specifieke waarden willen we per structuur beschermen? Vragen die daarbij gesteld kunnen worden: • • •

Is die waarde gekoppeld aan een van oudsher aanwezige boomsoort? Of aan een specifiek wegprofiel met bijvoorbeeld een dubbele bomenrij? Of gaat het alleen om de begeleiding van een belangrijke ontsluitingsweg en telt vooral het formaat van de boom?

Wanneer we beter vastleggen wat we beschermen kunnen eventuele maatregelen voor behoud of ontwikkeling daar beter op afgestemd worden. De landschappelijke analyse laat zien dat het niet ondenkbaar is dat het beter definiëren van de hoofdboomstructuur ook leidt tot het toevoegen van enkele ontbrekende structuren. Natuur Er is op dit moment geen goed zicht op hoe huidige boomstructuren binnen de bebouwde kom een bijdrage leveren aan de biodiversiteit in de gemeente Baarn. Wel weten we uit de publicatie van het boek “Natuur en Baarn’ dat oudere bomen, bomen met zaden en noten en afwisseling in het stedelijke landschap belangrijk zijn voor de aanwezige diersoorten. Vooral inheemse bomen bieden daarbij voedsel voor een breed scala aan diersoorten. Daarmee is de notie van belang dat bijna 60% van het Baarnse bomenbestand inheems is en nog eens 13,5% ingeburgerd (soort is succesvol aangepast en verspreid binnen Nederland).

4.2

Gebiedsgerichte aanpak

In de gebiedsgerichte aanpak kijken we naar de grootste kansen en knelpunten per deelgebied en vertalen die naar beleid. De daarbij benoemde aanpak voeren we bij voorkeur uit tijdens een natuurlijk interventiemoment zoals groot onderhoud of herinrichting van een straat of buurt. We onderscheiden de volgende drie deelgebieden: • • •

Noordoost; Centrum; Zuidwest.

Het toewerken naar een gevarieerder sortiment past goed bij de ontwikkeling van natuurwaarden van het boombestand in Baarn. Het klimaatbestendig maken van het boombestand staat op gespannen voet met het toepassen van zoveel mogelijk inheemse bomen. Deze zijn gemiddeld gevoeliger voor klimaatverandering. Energie De beschikbare ondergrondse ruimte voor nieuwe energie is op veel plekken wel aanwezig op dit moment. Ook in samenhang met de groeiplaatsen van bomen is nieuwe energie in een groot deel van Baarn inpasbaar. Alleen in het centrum en langs de oostflank van Baarn zien we dat er geen ruimte is voor nieuwe energie in combinatie met een tekort aan bomen. Dit vraagt aandacht. Daar waar er nu ruimte is zal deze gereserveerd moeten worden voor de toekomst omdat zowel bomen als nieuwe energie vragen om een lange termijnaanpak.

Bomenbeleidsplan Baarn | 33

4.2.1 De noordoostkant van Baarn

Urgentie/ knelpunten • Veel bomen in verharding in heel kleine groeiplaatsen • Veel kleine boomsoorten zoals kers en pruim, deze bomen worden vaak maximaal 6m hoog • Boomkroonbedekking erg laag, structureel tussen 10% en 20% • Hittestress (met name noord) hoog • Sortiment niet klimaatrobuust, veel monoculturen en bomen beperkt vitaal door kleine groeiplaatsen. Kansen • Er is op dit moment op veel plekken ruimte in de ondergrond voor de energietransitie en bomen • De meeste buurten zijn nog aan de beurt voor groot onderhoud, dit is een koppelkans • Energietransitie vormt koppelkans • Er is ruimte voor vergroening in straatprofielen, met name in parkeerstroken Beleidskeuzes • De buurten in het noordoosten van Baarn vragen bij herinrichting of groot onderhoud om een grootschalige aanpak van de ondergrondse groeiplaatsen van bomen. Tijdens deze natuurlijke interventiemomenten krijgen bomen een groeiplaats mee die

34 | Bomenbeleidsplan Baarn

passend is bij de boomsoort en zodanig dat een boom tot volle wasdom kan komen. Hierbij hanteren we in de basis de eisen uit het Handboek Bomen (Norminstituut Bomen, 2022) voor de afmeting van de groeiplaats. Uiteraard is dit een streefwaarde die ingepast moet worden in de ruimtelijke mogelijkheden en in samenhang met andere ruimteclaims. In de straatprofielen lijkt in eerste instantie de parkeerstrook de meest geschikte aanleiding om groeiplaatsen van bomen te vergroten (zie voorbeeld afbeelding hieronder)

Groene parkeerplaatsen ondergronds ingericht als groeiplaats voor bomen

•

•

Tegelijk met het omvormen van groeiplaatsen zal gekeken moeten worden naar het boomsortiment. De overmaat aan kleine boomsoorten in sommige buurten en straten moet worden omgevormd naar boomsoorten die meer groeipotentie hebben. Daarnaast moet de focus liggen op een divers boomsortiment. Later in het boombeleidsplan volgt meer over het toewerken naar een robuust en klimaatbestendig boombestand. Uiteraard ligt de focus bij omvorming eerst op de minder vitale bomen waardoor ook de draagkracht van het boombestand wordt verbeterd. Buurten die niet op korte termijn aan de beurt zijn voor een groot interventiemoment, maar wel een boombestand hebben waarvan de

•

•

groei stagneert, zullen extra aandacht krijgen in het beheer(plan). In deze buurten worden groeiplaatsen kwalitatief verbeterd via gericht beheer. Dit betreft maatregelen zoals het verbeteren van de bodemstructuur of het toevoegen van voedingsstoffen. Mogelijke maatregelen zijn: » Pneumatische injectie van voedingsstoffen; » Ploffen ofwel breken van de bodemstructuur voor meer zuurstof; » Inwerken van compost in de groeiplaats of mulch op de groeiplaats; » Het boren van voedingskokers en deze vullen met voeding voor de bomen; » Etc. In buurten met zeer weinig boomkroonbedekking zoals de Staatsliedenwijk zijn op korte termijn meer en grotere bomen nodig. Dat betekent dat naast het verbeteren van groeiplaatsen van bestaande bomen het creëren van extra groeiplaatsen voor nieuwe bomen ook noodzakelijk is. Dit krijgt bij herinrichting of groot onderhoud dus uitdrukkelijk de aandacht. We hanteren daarvoor een bomennorm zodat dit vertrekpunt ook juridisch geborgd wordt. We gaan actief over tot het stimuleren van groen en met name bomen in private tuinen. We doen dat door het organiseren van een buurtbijeenkomst in alle buurten van Baarn waarin we gebruik maken van de 0-meting (hoe staan we ervoor) en laten zien wat de gemeente al doet of gaat doen (goede voorbeeld). Hierbij liggen er uiteraard koppelkansen zoals het samen inkopen van groen bij een groot project binnen een buurt.

4.2.2 Centrum

Urgentie/ knelpunten • Hittestress in de vorm van een stevig hitte eilandeffect veroorzaakt door een gebrek aan bomen en het hoge aandeel bomen in verharding (zie voorbeeld afbeelding hieronder) • Wateroverlast door een gebrek aan maaiveldgroen wat ook weer bijdraagt aan meer hitte. • Lage boomkroonbedekking. • Beperkte groene uitstraling centrum. • Weinig ondergrondse ruimte wat het toevoegen van bomen, zeker in samenhang met de energietransitie lastig maakt.

Voorbeeld centrum, kleine bomen in krappe plantplaatsen Bomenbeleidsplan Baarn | 35

Kansen • Door beperkte ondergrondse ruimte is het toevoegen van groen op maaiveld een geschikte ingreep. Door plantvakken rond bestaande bomen aan te leggen, worden groeiplaatsen verbeterd. • Het in de toekomst toevoegen van bomen is kansrijk in combinatie met de mobiliteitstransitie en energietransitie. Beide opgaven vragen om een herbeoordeling van straatprofielen ondergronds en bovengronds. Daarbij kan bijvoorbeeld het langzaam weren van de auto uit het centrum en het herschikken van kabels en leidingen, ruimte voor bomen bieden. Dit is een proces van lange adem maar vraagt nu al om het reserveren van ruimte. • Bakken met bomen en pergola’s kunnen op de korte termijn ingezet worden om hitte tegen te gaan en de aantrekkelijkheid van het centrum te vergroten.

•

We starten met het gesprek over ondergrondse ruimte en bomen. Door te denken in profielen en zowel ondergronds als bovengronds ruimte voor bomen te zoeken gaan we op weg naar een groener centrum met meer grote bomen. In de meest stenige en krappe straten zijn technische oplossingen voor de combinatie van bomen en kabels en leidingen een optie (zie afbeelding). Het advies is om voor het centrum ontwerpprofielen voor de toekomst op te stellen die nu al inzicht geven in de ruimteverdeling op de langere termijn. Het is daarbij zelfs mogelijk deze profielen in het omgevingsplan op te nemen en ruimtes zo duurzaam te reserveren (hierover later meer).

Beleidskeuzes • In het centrum zetten we in op een geleidelijke omvorming van plantplaatsen richting groenvakken met bomen. Omdat het centrum niet op korte termijn voor groot onderhoud staat gepland, is het beleid er nu op gericht om de meest urgente (warme) straten en pleinen de komende jaren verder te vergroenen. Vakken die gevuld zijn met robuuste vaste planten vragen weinig onderhoud en zorgen voor een betere waterhuishouding van de bomen. Dit betekent dat de bomen beter bestand zijn tegen klimaatverandering. Technische maatregelen maken combinaties van bomen en kabels en leidingen mogelijk

36 | Bomenbeleidsplan Baarn

4.2.3 Zuidwest Baarn

Urgentie/ knelpunt • Het boomsortiment bestaat hier uit een (zeer) beperkt aantal soorten waarbij beuk, eik en linde de boventoon voeren. Met name beuk en eik zijn zeer kwetsbaar voor klimaatverandering. • Door beperkte variatie in soorten en leeftijden van de bomen is er een groot risico op gelijktijdige uitval van bomen door ziektes of afname van vitaliteit als gevolg van klimaatverandering. • Het groene beeld in de zuidwestelijk wijken wordt voor een fors deel bepaald door grote private percelen met een historisch hoge waarde (oude landgoederen). Dit is zeer waardevol en tegelijk kwetsbaar door beperkte sturingsmogelijkheden. De beperkte hoeveelheid openbare ruimte maakt dit effect groter.

hittestress. Daarnaast is er over het algemeen voldoende ruimte om de energietransitie in te passen. Regie houden over beschikbare ruimte is hier van belang. Beleidskeuzes • Het boombeleid richt zich in dit deel van het dorp op een langzame omvorming van het boomsortiment naar een meer divers en klimaatrobuust sortiment. Tegelijk weten we dat juist de oude eiken- en beukenlanen door klimaatverandering vanzelf zullen gaan uitvallen. Op basis van een op te stellen verjongingsplan zullen de minst vitale bomen periodiek worden vervangen. Voor de Boomhoofdstructuur geldt dat we juist wel kijken naar wat grootschaliger vervanging omdat hier een homogeen beeld in de structuur zelf van groot belang is. Bij vervanging wordt gekeken naar het toevoegen van nieuwe soorten en tegelijk is er aandacht voor de historische soorten. Bij bomen met een zeer hoge historische waarde zetten we extra in op het verbeteren van de vitaliteit van de bomen door snoei en groeiplaatsverbetering. Zo kunnen ook bomen die kwetsbaar zijn voor klimaatverandering nog langer mee. Later meer over het omvormen van het boombestand naar een toekomstbestendig sortiment. • Net als bij het centrum maken we ontwerpprofielen voor de toekomst die ervoor zorgen dat de nu beschikbare ondergrondse ruimte voor de energietransitie wordt gereserveerd zonder de ruimte voor bomen te beperken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16258123/1