1261797 Regionale Huisvestingverordening Baarn 2025 rvs
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Zaaknummer
1261797
Onderwerp
Regionale Huisvestingverordening Baarn 2025
Besluit in raad
2 juli 2025
Portefeuillehouder(s)
Wethouder Veldhuizen
Naam steller
Marieke Pouw
Status / Vertrouwelijkheid
Openbaar
Voorgestelde beslispunten: 1. De Huisvestingsverordening Baarn 2025 vast te stellen. Samenvatting van het voorstel Door wijzigingen in de Huisvestingswet heeft de gemeente meer instrumenten gekregen om de verdeling van woonruimte te regelen. De aankomende Wet versterking regie op de volkshuisvesting stimuleert daarnaast een intensievere regionale samenwerking op het gebied van volkshuisvesting. Deze beleidsontwikkelingen zijn verwerkt in een regionale modelverordening, waaraan de gemeenten binnen de regio geruime tijd gezamenlijk werken. Het vaststellen van een Huisvestingsverordening behoort tot de bevoegdheid van de gemeenteraad. Aanleiding Achtergrond en regionale samenwerking Op 1 januari 2024 is de Huisvestingswet 2014 gewijzigd. Deze aanpassing biedt gemeenten meer mogelijkheden om de verdeling van woonruimte te organiseren. De aankomende Wet versterking regie op de volkshuisvesting (Wvrv) verplicht bovendien tot intensievere samenwerking tussen gemeenten binnen de regio, met een gezamenlijke aanpak voor de huisvesting van zogenoemde aandachtsgroepen. Tot deze verplichte aandachtsgroepen behoren mantelzorgverleners en -ontvangers, medisch urgenten, en personen die uitstromen uit zorginstellingen, (jeugd)detentie of de seksbranche. Vanuit deze ontwikkelingen is de behoefte ontstaan om samen te werken aan een regionale modelverordening.
Het uitgangspunt daarbij is: regionaal wat regionaal kan, lokaal wat lokaal moet. Hoewel deze samenwerking niet nieuw is — regiogemeenten werken al jaren aan een eerlijke en transparante woonruimteverdeling — is nu afgesproken om deze samenwerking te formaliseren. In het bestuurlijk overleg Wonen van 13 december 2024 is daarom besloten dat de acht regiogemeenten zoveel mogelijk dezelfde verordeningstekst aan hun raden zullen voorleggen. Daarbij is ook afgesproken dat alle acht de Huisvestingsverordeningen uiterlijk op 1 juli 2025 in werking treden. Totstandkoming modelverordening Onder begeleiding van adviesbureau RIGO is in opdracht van regio Amersfoort, samen met gemeenten en woningcorporaties, gewerkt aan een regionale modelverordening. Deze verordening biedt een gemeenschappelijke basis, met optionele artikelen en ruimte voor lokale accenten. In dit voorstel is rekening gehouden met lokale voorkeuren en de tekst sluit volledig aan bij de recent gewijzigde wetgeving. Ook bepalingen uit de nieuwe Wvrv zijn al verwerkt in de tekst. Omdat de opbouw en het taalgebruik
1
van deze nieuwe Huisvestingsverordening sterk afwijkt van de huidige versie, is ervoor gekozen geen ‘was-wordt’tabel op te nemen. In plaats daarvan zijn de belangrijkste wijzigingen toegelicht in de notitie (bijlage 1). Adviestraject Gedeputeerde Staten Voordat de verordening aan de gemeenteraad kon worden voorgelegd, heeft het college advies ingewonnen bij Gedeputeerde Staten (GS). Deze verplichting volgt uit artikel 6 van de Huisvestingswet en geldt sinds 1 januari 2024. De adviesaanvraag is door de regiogemeenten gezamenlijk ingediend. Op 4 maart 2025 is het advies van GS ontvangen, zoals opgenomen in bijlage 5. Dit advies heeft niet geleid tot aanpassingen in de verordeningstekst. De suggesties uit het advies worden wel meegenomen in de verdere regionale samenwerkingsoverleggen. Een gezamenlijke reactie op het advies is eind april verzonden (bijlage 8). Beoogd effect Het realiseren van een zo eerlijk, transparant en rechtvaardig mogelijke verdeling van de schaarse (sociale) huurwoningen in zowel de gemeente Baarn als de woningmarktregio Eemvallei. Daarbij wordt gestreefd naar gelijke kansen voor alle woningzoekenden, met bijzondere aandacht voor aandachtsgroepen en mensen met een lokale binding. Door middel van duidelijke toewijzingscriteria, regionale samenwerking en een gezamenlijk beleidskader wordt een evenwichtige toegang tot betaalbare woonruimte nagestreefd.
Dit draagt bij aan sociale rechtvaardigheid, versterkt de leefbaarheid in wijken en voorkomt ongewenste concurrentie tussen gemeenten in de regio. Argumenten 1.1 De verordening sluit aan op lokale visie en behoefte In de verordeningstekst is rekening gehouden met de behoeftes in Baarn. Er kan tot 50% per jaar met voorrang worden aangeboden aan inwoner (lokale binding). 1.2 Een afgestemde verordening is transparant en zorgt voor gelijke behandeling van woningzoekenden In een krappe woningmarkt is het des te belangrijker om de vrijkomende (sociale) huurwoningen op een zo rechtvaardig en transparant mogelijke wijze te verdelen. Woningzoekenden in Baarn maken deel uit van de woningmarktregio Eemvallei en gebruiken gezamenlijk het zoekplatform ‘DAK’ (voorheen WoningNet). Het hanteren van een uniforme verordening binnen de regio bevordert de duidelijkheid en begrijpelijkheid voor zowel woningzoekenden als voor de uitvoerende organisaties. Dit draagt bij aan een eenduidige en efficiënte uitvoering van het woonruimteverdeelsysteem. 1.3 Een afgestemde verordening maakt het makkelijker in uitvoering en monitoring Regionale samenwerking biedt schaalvoordelen en creëert mogelijkheden voor het efficiënter organiseren van onderdelen van de uitvoering, zoals het instellen van een regionale urgentiecommissie.
Een dergelijke commissie draagt bij aan een uniforme toetsing van urgentieaanvragen binnen de regio en voorkomt verschillen in de interpretatie van dezelfde regelgeving. Dit sluit bovendien aan bij het advies van Gedeputeerde Staten. De kwalitatieve afspraken zullen later wordt vastgelegd. Lokaal houden we de wooncommissie voor de beoordeling van complexe urgentieaanvragen. Daarnaast ligt een deel van de uitvoering van de Huisvestingsverordening bij de woningcorporaties. Een regionale verordening draagt bij aan eenduidigheid in de uitvoering, waardoor woningcorporaties de toewijzing van woningen op een effectieve en uniforme wijze kunnen blijven uitvoeren. 1.4 De verordening sorteert alvast voor op de (straks) verplichte huisvesting aandachtsgroepen Bepalingen uit de Wvrv zijn opgenomen in de modelverordening. De huidige Huisvestingsverordening biedt onvoldoende mogelijkheden om de Wvrv goed toe te passen, omdat urgentie momenteel alleen op lokaal niveau geldt. Met deze nieuwe verordening spelen we in op de (toekomstige) verplichting om aandachtsgroepen te
2
huisvesten en zorgen we voor een evenwichtige verdeling op regionaal niveau. Dit komt onder meer tot uiting in nieuwe urgentiecategorieën en bijbehorende criteria, waaronder eisen voor bovenlokale binding. 1.5. De verordening is juridisch in lijn met de meest recente wetgeving Een gespecialiseerde jurist heeft namens de regio de verordening juridisch aangescherpt en in overeenstemming gebracht met de recente wet- en regelgeving. De verordening is opgesteld op basis van het model van de VNG en is qua structuur afgestemd op het proces van vergunningverlening. 1.6. Er is aantoonbaar sprake van schaarste op de sociale huurwoningmarkt Voorafgaand aan de vaststelling van een Huisvestingsverordening dient te worden aangetoond dat er sprake is van schaarste. Deze schaarste is gemotiveerd en onderbouwd op zowel regionaal als gemeentelijk niveau, en is opgenomen in bijlage 2 bij de verordening. 1.7. Belanghebbenden zijn betrokken bij de vaststelling van de nieuwe verordening Op grond van artikel 6 van de Huisvestingswet is het vereist om belanghebbenden, waaronder instellingen en woningcorporaties, te betrekken bij de totstandkoming van een nieuwe verordening. Woningcorporaties zijn actief betrokken geweest bij de voorbereiding, onder meer door deelname aan de werkgroep.
Huurdersorganisaties zijn geïnformeerd tijdens een regionale bijeenkomst en hebben daarbij hun aandachtspunten kenbaar gemaakt. Deze zijn opgenomen in bijlage 6. 2.1 De huidige verordening moet ingetrokken worden De huidige Huisvestingsverordening dient te worden ingetrokken, aangezien deze niet in overeenstemming is met de bepalingen van de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv). De nieuwe wet- en regelgeving stelt aanvullende eisen aan gemeentelijke verordeningen, met name op het gebied van urgentieverlening, toewijzing van woonruimte en regionale afstemming. Daarnaast is het juridisch niet toegestaan om gelijktijdig meerdere Huisvestingsverordeningen van kracht te laten zijn. Om juridische duidelijkheid en bestuurlijke uitvoerbaarheid te waarborgen, is het noodzakelijk de bestaande verordening in te trekken op het moment dat de nieuwe, op de Wvrv afgestemde, verordening in werking treedt. Algemene risico's 1.1 Het kan zijn dat er later dit jaar wijzigingen moeten worden vastgesteld De voorgelegde verordeningstekst is op dit moment opgesteld met het oog op de inwerkingtreding van de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv), die naar verwachting per 1 januari 2026 van kracht wordt.
Mogelijk zullen op een later moment nog tekstuele of inhoudelijke aanpassingen noodzakelijk blijken om de verordening volledig in overeenstemming te brengen met de definitieve wetstekst. Eventuele wijzigingen in dit kader zullen eveneens ter vaststelling worden voorgelegd bij de regiogemeenten. 2.1 De huidige Huisvestingsverordening is nog geldig Hoewel de huidige Huisvestingsverordening formeel nog geldig is tot 2027, is ervoor gekozen de nieuwe verordening al op een eerder moment vast te stellen. Ook binnen de regio zijn er meerdere gemeenten met een nog geldende verordening. In regionaal verband is afgesproken om gelijktijdig over te gaan tot de inwerkingtreding van de nieuwe verordening. Deze gezamenlijke benadering bevordert de implementatie, versterkt de uitvoeringskracht en draagt bij aan de transparantie en uniformiteit binnen de regio. Kosten, baten en dekking Niet van toepassing Aanpak / Uitvoering
3
Na vaststelling van de Huisvestingsverordening door de gemeenteraad wordt gestart met een aantal uitvoeringsstappen en afspraken. Deze zijn onder te verdelen in vier onderdelen: publicatie, communicatie, regionale afstemming en technische implementatie. 1. Publicatie en juridische afhandeling 2. De verordening wordt omgezet naar het juridische publicatieformat en gepubliceerd op overheid.nl, conform de geldende regelgeving. 3. Communicatie en informatievoorziening 4. De afdeling Ontwikkeling Samenleving zorgt voor de informatievoorziening aan interne en externe partijen die met de verordening te maken kunnen krijgen. Het gaat hierbij onder meer om partijen als BCC, Juridische Zaken, Pit Baarn, de wooncommissie en woningcorporatie Omthuis. 5. Regionale afstemming en vervolgacties • Nadat alle regiogemeenten de verordening hebben vastgesteld, wordt er een overzicht met de gemaakte keuzes en de bijbehorende onderbouwing van schaarstecriteria nagezonden aan Gedeputeerde Staten. • Daarnaast komt het onderwerp regionale urgentiecommissie opnieuw op de bestuurlijke agenda van de regio in het derde kwartaal van 2025 (Q3), voor nadere verkenning en besluitvorming. 1. Technische implementatie en voorbereiding livegang 2. Parallel aan de besluitvormingsprocessen bereiden de woningcorporaties hun systemen (zoals WoningNet en de DAK-app) voor op de livegang per 1 juli 2025.
Ter ondersteuning van dit traject wordt een implementatiegroep samengesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van de woningcorporatie, de betrokken gemeenten en adviesbureau RIGO. Deze groep bewaakt de voortgang en zorgt voor een goede coördinatie van de implementatie. Duurzaamheid nvt Communicatie Op basis van het participatiebeleid is een zorgvuldige afweging gemaakt. Daaruit blijkt dat dit voorstel niet geschikt is voor brede inwonersparticipatie, omdat het gaat om een technisch-juridisch document met beperkte directe gevolgen voor inwoners. Wel is er op andere manieren vormgegeven aan participatie. De woningcorporatie heeft actief meegedacht en meegeschreven aan de verordeningstekst. Daarnaast zijn de huurdersbelangenverenigingen in de regio geïnformeerd tijdens een gezamenlijke bijeenkomst. In overleg met de communicatieafdeling is besloten dat een persbericht of andere (sociale) media-uitingen op dit moment niet nodig zijn. Voor woningzoekenden in Baarn verandert er weinig ten opzichte van de huidige verordening. Het advies is om inwoners vooral op individueel niveau goed te informeren wanneer zij te maken krijgen met de nieuwe regels, bijvoorbeeld bij een urgentieaanvraag. Evaluatie De woningbouwcorporaties zullen via een monitor zicht houden op o.a. binding, urgentie en voorrang. In de regio worden de cijfers en inzichten op jaarlijkse basis besproken en gedeeld.
Indien ongewenste ontwikkelingen worden gesignaleerd, leidt dat tot agendering op de bestuurlijke tafel.
Burgemeester en wethouders van Baarn,
4
drs. C.E. Creveld gemeentesecretaris
M.R. Veldhuizen locoburgemeester
Bijlagen: Bijlage 1. Oplegger toelichting belangrijkste wijziging Bijlage 2. Schaarste onderbouwing Baarn Bijlage 3. Huisvestingsverordening Baarn 2025 Bijlage 4. Toelichting Huisvestingsverordening Baarn 2025 Bijlage 5. Advies Gedeputeerde Staten maart 2025 Bijlage 6. Verslag en aanbevelingen bijeenkomst huurdersbelangenvereniging Bijlage 7. Reactie regiogemeenten op advies GS april 2025 Bijlage A. Uitgesloten woonruimten
5