CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

1140510 Principeverzoek Plataanlaan 1 Bijlage 8 Archeologisch onderzoek

Raadsvergadering 19 februari 2025, gemeente BaarnBij agendapunt: Principeverzoek Plataanlaan 1 - bouw 10 appartementen5.345 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bureau voor Archeologie Rapport 991 Plataanlaan-Heuveloordstraat, Baarn, gemeente Baarn: inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de karterende fase

2

Colofon titel:

Bureau voor Archeologie Rapport 991. PlataanlaanHeuveloordstraat, Baarn, gemeente Baarn: inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de karterende fase

auteur:

F. Roodenburg (KNA prospector)

autorisatie:

A. de Boer (KNA senior prospector)

datum:

30 januari 2021

ISSN:

2214-6687

© Bureau voor Archeologie Koningsweg 244 Utrecht T 030 245 18 95 E info@bureauvoorarcheologie.nl I https://www.bureauvoorarcheologie.nl

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

3

Administratieve gegevens Projectnummer

2020041801

Provincie

Utrecht

Gemeente

Baarn

Plaats

Baarn

Toponiem

Plataanlaan-Heuveloordstraat

Centrum locatie (m RD)

147.810; 469.710 (x; y)

Omvang plangebied

2.210 m2

Kadastrale gegevens

gemeentecode: 68, sectie: K, nummer(s): 1203, 2131

ARCHIS onderzoeksmeldingsnummer

4936768100 (ABO)

Soort onderzoek

Inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de karterende fase

Opdrachtgever

Van der Mark Advies

Uitvoerder

Bureau voor Archeologie

Kaartblad

32A

(RO) kader onderzoek

Aanvraag omgevingsvergunning en bestemmingsplanwijziging

Periode van uitvoering veldwerk

18 januari 2021

Bevoegde overheid

Gemeente Baarn

Deskundige namens bevoegde overheid

Onbekend

Status goedkeuring bevoegde overheid

Onbekend

Beheerder en plaats van documentatie

Digitale documentatie: ARCHIS en E-Depot Vondstdocumentatie: Bureau voor Archeologie

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

4

Figuur 1: Het onderzoeksgebied (rood) met plangebied (blauw; www.opentopo.nl).

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

5

Inhoudsopgave 1

2 3 4 5 6 7 8 9

Samenvatting...............................................................................................7 Inleiding.......................................................................................................8 1.1 Doelstelling en vraagstelling.................................................................8 1.2 Samenvatting van het vooronderzoek...................................................9 1.3 Huidige situatie...................................................................................10 Gespecificeerde archeologische verwachting............................................11 Methodiek..................................................................................................13 Werkwijze..................................................................................................14 Resultaten en bodemkundige interpretatie.................................................15 5.1 Archeologische interpretatie................................................................17 Waardestelling en Selectieadvies..............................................................18 Conclusie...................................................................................................19 Advies........................................................................................................20

Literatuur...................................................................................................21 Figuren......................................................................................................22 Bijlage 1: Boorbeschrijvingen.....................................................................30

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

6

Lijst met Figuren Figuur 1: Het onderzoeksgebied (rood) met plangebied (blauw; www.opentopo.nl)........................................................................................4 Figuur 2: Topografische kaart..............................................................................22 Figuur 3: Archeologische beleidskaart van de gemeente Baarn (Keunen, Frank, en Boshoven 2018)....................................................................................23 Figuur 4: Nieuwe situatie.....................................................................................24 Figuur 5: Achtertuin van de Eemnesserweg 60. Foto genomen tijdens veldwerk. .................................................................................................................. 25 Figuur 6: Achtertuin van de Eemnesserweg 58. Foto genomen tijdens veldwerk. ..................................................................................................................

25 Figuur 7: Het plangebied gezien vanaf de Plataanlaan (Google Maps Street view, augustus 2018)..........................................................................................26 Figuur 8: Resultaten van het eerder uitgevoerde verkennend booronderzoek (Roodenburg 2020)....................................................................................26 Figuur 9: Boorpuntenkaart..................................................................................27 Figuur 10: Schematische weergave van boorprofielen........................................28 Figuur 11: Verbreiding deels intacte B-horizont, aangegeven met bruin ingevulde boorpunten.................................................................................................29

Lijst met Tabellen Tabel 1: Verzamelde vondsten............................................................................16

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

7

Samenvatting Bureau voor Archeologie heeft inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de karterende fase uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden aan de Plataanlaan-Heuveloordstraat te Baarn. De vraagstelling van het onderzoek luidt: hoe kan rekening gehouden worden met eventuele archeologische waarden bij de voorgenomen ontwikkeling? Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA, protocol 4003. Voorafgaand aan het huidige onderzoek is een bureau- en booronderzoek in de verkennende fase uitgevoerd. Hieruit bleek dat de bodem in het westelijk deel van het plangebied een deels intacte B-horizont aanwezig is wat betekent dat hier archeologische resten uit het Neolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen aanwezig kunnen zijn. Daarom is in dit deel van het plangebied een karterend booronderzoek uitgevoerd. Het doel van dit onderzoek is het bepalen van de aan- of afwezigheid van archeologische resten die zich manifesteren als een strooiing van artefacten. De kartering is gebaseerd op de Leidraad IVO Karterend booronderzoek, methode A4. In het onderzoeksgebied van 570 m2 zijn zeven boringen gezet met een 15 cm Edelmanboor. De opgeboorde grond is nat gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 3 mm. Alle boringen zijn tot in de C-horizont gezet, vijf boringen zijn tot 100 cm -mv gezet, één tot 150 cm -mv en één tot 200 cm -mv.

De bodem blijkt deels verstoord te zijn maar in het westen van het onderzoeksgebied is een deels intacte B-horizont aanwezig. De A-horizont bevat veel materiaal dat gekoppeld kan worden aan de aanleg van de woonwijk om het plangebied in de loop de tweede helft van de 19e eeuw en de 20e eeuw. Het betreft onder andere hoogovenslakken, baksteenfragmenten, kachelgrit, leisteenbrokjes, glas, industrieel wit aardewerk en ongeglazuurd roodbakkend aardewerk. Op basis van deze resultaten en gehanteerde methode kan worden geconcludeerd dat in het plangebied geen vindplaats aanwezig is die zich manifesteert als een strooiing van artefacten. Naar verwachting zijn geen archeologische resten in het plangebied aanwezig. Bureau voor Archeologie adviseert het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Dit onderzoek is met grote zorgvuldigheid uitgevoerd. Het is echter nooit uit te sluiten dat bij de graafwerkzaamheden toch archeologische resten worden aangetroffen op plaatsen en dieptes waar die niet worden verwacht. Eventuele archeologische resten is men verplicht te melden bij de Minister van OCW in overeenstemming met de Erfgoedwet uit 2015. In dit geval wordt aangeraden om contact op te nemen met de gemeente Baarn.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

8

1

Inleiding Bureau voor Archeologie heeft een archeologisch booronderzoek uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden aan de Plataanlaan-Heuveloordstraat te Baarn. Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd in het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning en een bestemmingsplanwijziging. De ligging van het plangebied is weergegeven in fig. 1. Vanwege het gemeentelijke archeologische beleid moet voor de beoogde ontwikkeling een archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. In het plangebied is eerder een verkennend archeologisch booronderzoek uitgevoerd waaruit bleek dat in het westelijk deel van het plangebied een deels intacte bodem aanwezig is.Op deze locatie kunnen archeologische resten uit het Neolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen aanwezig zijn. Dit deel van het plangebied is het onderzoeksgebied en omvat een zone van 570 m2. Om deze verwachting te controleren en verfijnen is besloten een karterend archeologisch booronderzoek uit te voeren in het westelijk deel van het plangebied. Het onderzoek is uitgevoerd onder certificaat BRL SIKB 4000,1 in overeenstemming met de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA versie 4.1). Met de bevindingen wordt aan het einde van het rapport een advies gegeven hoe bij het project rekening kan worden gehouden met archeologische waarden.

1.1

Doelstelling en vraagstelling Het doel van het veldonderzoek is het controleren en verfijnen van de archeologische verwachting zodat een beslissing genomen kan worden over hoe met eventuele archeologische waarden rekening moet worden gehouden bij de voorgenomen werkzaamheden. Het veldonderzoek is uitgevoerd als booronderzoek (IVO – O) en betreft de karterende fase. De volgende onderzoeksvragen zijn in dit onderzoek gebruikt: 1.

Zijn er archeologische indicatoren aanwezig, en zo ja wijzen deze op een vindplaats (geef aard, datering, ligging)?

2.

Worden (mogelijke) archeologische waarden verstoord door de voorgenomen bodemingrepen? Zo ja, op welke wijze?

3.

Welke maatregelen kunnen worden genomen om voldoende rekening te houden met deze (mogelijke) archeologische waarden?

4.

Indien vervolgonderzoek wordt geadviseerd: Welke methode(n), techniek(en) en strategie(ën) van Inventariserend veldonderzoek zijn hiervoor geschikt?

1

https://www.kiwa.nl/upload/certificate/00094278.pdf

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

9

1.2

Samenvatting van het vooronderzoek Afbakening plan- en onderzoeksgebied Het plangebied staat afgebeeld in fig. 1. Het plangebied ligt in de gemeente Baarn in de gelijknamige plaats. De locatie ligt aan de Plataanlaan en Heuveloordstraat binnen de percelen van de Plataanlaan 1 en Eemnesserweg 58 en 60. Het plangebied is 70 m lang en 40 m breed en heeft een omvang van 2.210 m2. Het onderzoeksgebied voor het booronderzoek omvat circa 570 m2. Het plangebied wordt in het oosten begrensd door de Plataanlaan (fig. 2). Ten noorden van het plangebied ligt het terrein van muziekvereniging Crescendo en ten zuiden de adressen Eemnesweg 56, 58 en 60. Het westelijk deel van het plangebied ligt in de tuinen van nummer 58 en 60 waarbij het plangebied met heggen en schuttingen is begrensd. Overheidsbeleid In het gebied geldt een vastgesteld gemeentelijk archeologisch beleid (fig. 3). Op de gemeentelijke archeologische beleidskaart uit 2018 heeft het plangebied een middelhoge (of onbekende) archeologische verwachting. In het zuidwesten grenst het plangebied aan een historische bewoningslocatie. Het beleid is dat bij ingrepen van meer dan 100 m2 en waarbij dieper wordt gegraven dan 30 cm onder maaiveld rekening gehouden moet worden met archeologische waarden. Ontwerp c.q.

inrichtingsplan; De beoogde ingreep bestaat uit de sloop van de bestaande bebouwing en realisatie van zes woningen (drie dubbelwoningen, fig. 4). Aard en omvang van de toekomstige verstoring Bij de beoogde ingreep vinden graafwerkzaamheden plaats. De details van de werkzaamheden zijn nog niet bekend. Voor dit onderzoek wordt verondersteld dat bij de aanleg van de funderingen het bouwvlak wordt uitgegraven tot 80 cm onder maaiveld. Elke woning heeft een omvang van 90 m2, wat inhoudt dat de totale omvang van de verstoring 540 m2 omvat. Milieutechnische condities, In het bodemloket is geen informatie beschikbaar over de locatie.2 Het plangebied ligt op de bodemkwaliteitskaart in Zone 1: klasse Industrie (BG); klasse Wonen (OG). In de bovengrond zijn verhoogde waarden voor lood en zink waargenomen.3 Grondwaterpeil Het grondwaterpeil is onbekend. De grondwaterstand zal door de beoogde ingrepen waarschijnlijk niet veranderen. Consequentie van de ingrepen Door uitvoeren van graafwerkzaamheden kunnen mogelijk archeologische resten worden vergraven.

2 3

Rijkswaterstaat Ministerie van Infrastructuur en Milieu Marmos Bodemmanagement 2013

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

10

1.3

Huidige situatie Bebouwing en functie Het westelijk deel van het plangebied is in gebruik als tuin en is begroeid met gras en struiken (fig. 5 en 6). Langs de grenzen van de percelen staan bomen en struiken. In het oostelijk deel van het plangebied staat ‘De Boemerang’, een gebouw met een maatschappelijke functie (fig. 7). Dit gebouw heeft volgens Basisadministratie Adressen en Gebouwen een bouwjaar van 1975.4 Bestemmingsplan Een verbeelding van het bestemmingsplan is opgenomen in fig. 6. In het bestemmingsplan is een dubbelbestemming voor bescherming van het dorpsgezicht opgenomen. Het plangebied ligt in bestemmingsplan Baarn Noord. In het plangebied geldt de dubbelbestemming Beschermd Dorpsgezicht.

4

Kadaster 2013

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

11

2

Gespecificeerde archeologische verwachting Het plangebied ligt op de noordelijke helling van de stuwwal van Baarn. Dit is een gunstige bewoningslocatie vanaf het Paleolithicum tot en met de Nieuwe tijd. Door uitputting van de grond als gevolg van akkerbouw en intensieve veeteelt kunnen in de loop van de Bronstijd tot en met de Nieuwe tijd heide en zandverstuivingen zijn ontstaan. De historische kern van Baarn ligt op circa 700 meter ten oosten van het plangebied. Baarn wordt voor het eerst in bronnen uit de 14e eeuw wordt genoemd. Een vindplaats met vroegmiddeleeuwse resten ligt ongeveer 450 meter ten zuidoosten van het plangebied (maar buiten de historische kern). Op het kadastraal minuutplan van 1811 tot 1832 is het plangebied aangegeven als dennenbos met in het uiterste westen een tuin en een bos hakhout. Mogelijk is in het plangebied een enkeerdgrond gevormd die archeologische resten heeft afgedekt. Het westelijk deel van het plangebied is vanaf het einde van de 19e eeuw een tuin en het oostelijk deel heide. De tuin behoort tot een historisch erf dat op circa 40 m ten zuiden van het plangebied ligt. Mogelijk heeft in de eerste helft van de 20e eeuw in het westen van het plangebied bebouwing gestaan.

Bij archeologisch onderzoek is gebleken dat in het westen van het plangebied een deels intacte B-horizont aanwezig is wat erop duidt dat sporen uit het Neolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen aanwezig kunnen zijn.5 De verwachting wordt als volgt gespecificeerd: 1: Datering Neolithicum tot en met Vroege Middeleeuwen. 2: Complextype Archeologische resten uit de periode van (vroege) landbouwsamenlevingen en staatssamenlevingen gerelateerd aan bewoning, economie, infrastructuur, rituelen en begravingen. 3: Omvang Archeologische resten gerelateerd aan bewoning uit genoemde periode kunnen worden beschouwd als vlakelementen met variabele omvang (klein tot groot). Sommige complextypen kunnen zich ook als puntelementen manifesteren (begravingen, depots) of als lijnelementen (wegen, watergangen, percelering). 4: Diepteligging Vanaf circa 50 cm -mv of dieper. 5: Gaafheid en conservering (fysieke kwaliteit) Archeologische resten kunnen goed zijn geconserveerd dankzij ligging onder een plaggendek. Door erosie en zandverstuiving kunnen archeologische resten zijn verdwenen. In de Bronstijd tot en met Nieuwe tijd kunnen zandverstuivingen zijn ontstaan door ontbossing als gevolg van menselijk handelen. Organische archeologische resten zijn waarschijnlijk vergaan door de lage grondwaterstand en relatief hoge zuurgraad van zand. 5

Roodenburg 2020

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

12 6: Locatie Archeologische resten kunnen aanwezig zijn in de zone met (deels) intacte Bhorizonten. Deze zone ligt in het westen van het plangebied (fig. 8). 7: Uiterlijke kenmerken (prospectie kenmerken): Archeologische resten kenmerken zich door een spreiding van artefacten of door de aanwezigheid van een sporenniveau. 8: Mogelijke verstoringen De bovenste 50 cm van de bodem is waarschijnlijk verstoord door moderne werkzaamheden gezien de aanwezigheid van slakmateriaal uit hoogovens.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

13

3

Methodiek Het veldonderzoek is uitgevoerd zoals voorgeschreven in de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie 4.1,6 in het bijzonder het hoofdstuk ”protocol 4003 inventariserend veldonderzoek overig”. Het veldonderzoek is uitgevoerd volgens specificatie “VS03 Uitvoeren booronderzoek”. Het onderzoek is gerapporteerd volgens specificatie “VS05 Opstellen standaardrapport IVO - O/P”. Het veldonderzoek is een inventariserend veldonderzoek (specificatie VS03), karterende fase. De boringen zijn gezet met het doel de archeologische waarden te karteren. Tijdens dit karterend veldonderzoek is het terrein systematisch onderzocht op de aanwezigheid van vondsten. Deze methode is toegepast om middelgrote archeologische vindplaatsen op te sporen die zich manifesteren als een vondstenspreiding. De kartering is gebaseerd op de Leidraad IVO Karterend booronderzoek, methode A4:7

6 7

•

Prospectie type:

vondststrooiing van overwegend vuursteen met een lage vondstdichtheid.

•

Datering:

Paleolithicum – Neolithicum

•

Complextype:

Huisplaats(en)

•

Omvang:

Middelgroot: 200 tot 1000 m2

•

Boorgrid:

8 x 10 m

•

boordiameter:

15 cm Edelmanboor

•

waarnemingstechniek: 3 mm zeef

SIKB 2018 Tol, Verhagen, en Verbruggen 2012

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

14

4

Werkwijze De werkwijze in het veld was als volgt: Boortype:

15 cm Edelmanboor.

Aantal boringen:

Zeven.

Boordiepte:

De boringen zijn gezet tot 30 cm in de top van de C-horizont. Vijf boringen zijn tot 100 cm -mv gezet, één tot 150 cm -mv en één tot 200 cm -mv.

Grid:

De boringen zijn geplaatst in een regelmatig verspringend 8 m x 10 m grid.

Waarnemingswijze: De opgeboorde grond is systematisch uitgelegd op een plastic zeil. Representatieve uitgelegde boorprofielen zijn gefotografeerd. De opgeboorde grond is met water gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 3 mm. Classificatie bodemtextuur en archeologische indicatoren: De opgeboorde grond is beschreven op basis van de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 1.1 (ASB 1.1), dit omvat NEN 5104.8 Locatie bepaling X en Y: De X en Y coördinaten van de boringen zijn bepaald door middel van een GPS met WAAS en GLONASS correctie met een nauwkeurigheid van 2 m. Hoogte bepaling: De Z coördinaat is na afloop van het veldwerk bepaald aan de hand het AHN.9 De gegevens zijn digitaal in het veld geregistreerd. Het veldwerk is uitgevoerd op 18 januari 2021 door F. Roodenburg (KNA Prospector) en C. de Jong (junior Prospector). Voorgaand aan het veldwerk is een plan van aanpak opgesteld. Het Plan van Aanpak is geregistreerd in ARCHIS3.

8 9

Bosch 2008; Nederlands Normalisatie Instituut 1989 Kadaster en PDOK 2014

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

15

5

Resultaten en bodemkundige interpretatie De locaties van de boringen zijn in fig. 9 weergegeven. De boorgegevens staan in Bijlage 1. Met de gegevens is een schematische doorsnede gemaakt. Deze is weergegeven in fig. 10. Alle opgeboorde grond is kalkloos, zwak siltig en zwak grindig. Het grondwater is tijdens het onderzoek niet aangeboord. Onder andere op basis van de kleur en bijmengingen kunnen de volgende pakketten worden onderscheiden: Pakket 1: A-horizont Humeus grijsbruin of bruingrijs zand. Het pakket is in alle boorprofielen aanwezig. De top van het pakket ligt aan het maaiveld (583 en 626 cm NAP). Het pakket is 45 tot 170 cm dik. In het pakket bevinden zich fragmenten baksteen, glas, aardewerk, hoogovenslakken, leisteen, kachelgrit. Ook is een fragment van een pijpenkop en een pijpensteel gevonden. Op basis van de kleur, humusgehalte en bijmengingen is dit pakket als A-horizont geïnterpreteerd. Gezien de samenstelling van de bijmengingen is het pakket waarschijnlijk in de 19e of 20e eeuw omgewerkt. In boorprofiel 3 is mogelijk een restant van de B-horizont aanwezig. Onder de laag die tot de B-horizont gerekend zou kunnen worden ligt echter een donkere laag met verbrand materiaal. Waarschijnlijk betreft dit een restant van de oorspronkelijke B-horizont, maar is deze omgewerkt. Deze laag wordt daarom tot de A-horizont gerekend. Pakket 2: B-horizont Bruin zand.

Het pakket is aanwezig in boorprofielen 1, 2 en 5 (fig. 11). De top van het pakket ligt tussen 60 en 75 cm -mv (526 en 561 cm NAP). Het pakket is 5 tot 15 cm dik. In de opgeboorde grond van boring 2 is een vlak kleurloos en doorzichtige glasfragment waargenomen wat erop kan duiden dat het pakket hier is verstoord. Op basis van de kleur is het pakket als B-horizont geïnterpreteerd. Pakket 3: C-horizont Licht geelgrijs zand. Het pakket is in alle boorprofielen aanwezig. De dikte van het pakket is niet bepaald omdat de onderzijde van het pakket beneden de einddieptes van de boringen ligt. In het pakket bevinden zich lagen met roest (een spoor). De top van het pakket ligt tussen 55 en 170 cm -mv (442 en 561 cm NAP). Op basis van de kleur en (afwezigheid van) bijmengingen is het pakket als C-horizont geïnterpreteerd. Er zijn archeologische indicatoren aangetroffen en er zijn vondsten verzameld. Vondst Boring en laag numme (laag: boven- en ondergrens in cm r onder maaiveld)

omschrijving

datering

1

2 (30-50)

1 fragment wit industrieel aardewerk

Nieuwe tijd

2

2 (30-50)

1 fragment rood ongeglazuurd aardewerk

waarschijnlijk Nieuwe tijd.

3

3 (70-75)

Metalen plaatje, mogelijk messing

waarschijnlijk Nieuwe tijd.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

16 4

4 (130-160)

2 fragmenten wit industrieel aardewerk.

Nieuwe tijd

5

4 (130-160)

1 fragment van een pijpenkop.

Nieuwe tijd

6

4 (130-160)

1 fragment roodbakkend keramisch materiaal. Waarschijnlijk baksteen.

Nieuwe tijd

7

4 (160-170)

1 roodbakkend ongeglazuurd aardewerkfragment met zeer dunne ingekerfde streep, waarschijnlijk machinaal aangebracht.

Nieuwe tijd

8

5 (0-50)

1 fragment pijpenkop

Nieuwe tijd

9

5 (0-50)

1 roodbakkend keramisch fragment, waarschijnlijk baksteen.

Nieuwe tijd

10

6 (0-45)

1 roodbakkend ongeglazuurd aardewerkfragment. De andere zijde is verweerd, dus het is onzeker of deze ooit geglazuurd was.

waarschijnlijk Nieuwe tijd

11

7 (0-25)

2 brokken roodbakkend keramisch materiaal, waarschijnlijk baksteenfragmenten.

waarschijnlijk Nieuwe tijd

12

7 (0-25)

2 ongeglazuurde aardewerkfragmenten. 1 gelig en 1 rood.

Neolithicum tot en met Nieuwe tijd.

13

7 (0-25)

1 fragment verbrande klei

Onbekend

14

7 (0-25)

1 fragment industrieel wit aardewerk. Aan één zijde versierd met blauwe strepen en stip

Nieuwe tijd

15

7 (25-50)

1 sterk verweerd fragment rood keramisch materiaal. Mogelijk baksteen. Zacht.

waarschijnlijk Late Middeleeuwen of Nieuwe tijd.

16

7 (25-50)

1 fragment roodbakkend ongeglazuurd aardewerk

waarschijnlijk Nieuwe tijd

Tabel 1: Verzamelde vondsten.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

17

5.1

Archeologische interpretatie In het plangebied kunnen drie pakketten worden onderscheiden. Het bovenste pakket, de A-horizont, bevat veel antropogeen materiaal. Het meeste hiervan kan in de Nieuwe tijd worden gedateerd (hoogovenslakken, pijpenkoppen, doorzichtig kleurloos of groen glas). Het aardewerk is wit industrieel of roodbakkend en ongeglazuurd. Het roodbakkende aardewerk kan niet met zekerheid worden gedateerd omdat er sprake is van sterke verwering; eventueel aanwezig glazuur kan zijn verdwenen. In enkele gevallen kan het smalle baksteenfragmenten betreffen die door de manier waarop ze gebroken zijn voor aardewerk zijn aangezien. De leisteen- en baksteenfragmenten zijn waarschijnlijk ook uit de Nieuwe tijd afkomstig en waarschijnlijk gerelateerd aan het gebruik van het plangebied als tuin of erf in de tweede helft van de 19e eeuw en in de 20e eeuw. Waarschijnlijk is grond opgebracht en vermengd met hoogovenslakken en ander verbrand materiaal. In zones waar (resten van) B-horizonten aanwezig zijn kunnen direct onder de A-horizont nog archeologische sporen aanwezig zijn uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe tijd. Met het booronderzoek kan niet worden uitgesloten dat in de zone met (resten van) B-horizonten een vindplaats aanwezig is die zich uitsluitend door middel van een sporenniveau manifesteert.

De zone is echter klein, en vondstmateriaal dat op een vindplaats wijst is afwezig. Daarom zouden alleen diepere sporen bewaard kunnen zijn gebleven. Het vondstmateriaal wijst echter niet op de aanwezigheid van een nederzetting waardoor de kans dat deze aanwezig zijn klein wordt ingeschat.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

18

6

Waardestelling en Selectieadvies Conform KNA 4.1 vormen een waardestelling (VS06) en selectieadvies (VS07) van vindplaatsen onderdeel van een standaardrapport (VS05). Er zijn echter geen vindplaatsen aangetroffen. Er is daarom geen waardestelling mogelijk en er is geen selectieadvies opgesteld.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

19

7

Conclusie De onderzoeksvragen kunnen als volgt worden beantwoord: 1.

Zijn er archeologische indicatoren aanwezig, en zo ja wijzen deze op een vindplaats (geef aard, datering, ligging)?

In het plangebied zijn voornamelijk archeologische indicatoren uit de Nieuwe tijd aanwezig, bestaande uit hoogovenslakken, baksteenfragmenten, glas, pijpfragmenten, kachelgrit, leisteen en industrieel wit aardewerk. Deze resten zijn waarschijnlijk gerelateerd aan huizenbouw en onderhoud in de omgeving van het plangebied in de tweede helft van de 19e eeuw en in de 20e eeuw. Op basis van deze resultaten wordt geconcludeerd dat in het plangebied geen vindplaats aanwezig is die zich manifesteert als een spreiding van artefacten. 2.

Worden (mogelijke) archeologische waarden verstoord door de voorgenomen bodemingrepen? Zo ja, op welke wijze?

Met het booronderzoek kan niet worden uitgesloten dat in de zone met (resten van) B-horizonten een vindplaats aanwezig is die zich uitsluitend door middel van een sporenniveau manifesteert. De zone is echter klein, en vondstmateriaal dat op een vindplaats wijst is afwezig. De kans dat archeologische resten worden verstoord bij de voorgenomen ingrepen is daarom klein. 3.

Welke maatregelen kunnen worden genomen om voldoende rekening te houden met deze (mogelijke) archeologische waarden?

n.v.t. 4. Indien vervolgonderzoek wordt geadviseerd: Welke methode(n), techniek(en) en strategie(ën) van Inventariserend veldonderzoek zijn hiervoor geschikt? n.v.t.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

20

8

Advies Bureau voor Archeologie adviseert het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Dit onderzoek is met grote zorgvuldigheid uitgevoerd. Het is echter nooit uit te sluiten dat bij de graafwerkzaamheden toch archeologische resten worden aangetroffen op plaatsen en dieptes waar die niet worden verwacht. Eventuele archeologische resten is men verplicht te melden bij de Minister van OCW in overeenstemming met de Erfgoedwet uit 2015. In dit geval wordt aangeraden om contact op te nemen met de gemeente Baarn.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

21

9

Literatuur Bosch, J.H.A. 2008. ‘Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 1.1: Op basis van de Standaard Boor Beschrijvingsmethode versie 5.2’. 2008-U-R0881/A. Deltares-rapport. Kadaster. 2013. ‘BAG-Viewer’. http://bagviewer.geodan.nl/index.html. Kadaster, en PDOK. 2014. ‘AHN2 en 3 - WCS service’. http://nationaalgeoregister.nl. Keunen, L.J., C.J. Frank, en E.H. Boshoven. 2018. ‘“...de schoonheid van een veel bezocht en door de mode begunstigd oord...” Een archeologische waarden- en verwachtingskaart en cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Baarn’. 3391. RAAP-rapport. RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V. Marmos Bodemmanagement. 2013. ‘Bodemkwaliteitskaart gemeente Baarn’. Marmos Bodemmanagement. Gemeente Baarn. https://www.baarn.nl/bestuur-organisatie/beleidsstukken-en-notas_43010/ item/nota-bodembeheer-en-bodenkwaliteitskaart_39889.html. Nederlands Normalisatie Instituut. 1989. Geotechniek: classificatie van onverharde grondmonsters. Delft: Nederlands Normalisatie-instituut. Rijkswaterstaat Ministerie van Infrastructuur en Milieu. ‘Bodemloket’. http://www.bodemloket.nl/. Roodenburg, F. 2020. ‘Plataanlaan-Heuveloordstraat, Baarn, gemeente Baarn: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase’. 956. Bureau voor Archeologie Rapport. Bureau voor Archeologie. SIKB. 2018.

‘BRL 4000: Beoordelingsrichtlijn Archeologie, versie 4.1’. SIKB. https://www.sikb.nl/doc/BRL4000/BRL%20SIKB%204000%20Archeologie %20versie%204_1.pdf. Tol, A.J., J.W.H.P. Verhagen, en M. Verbruggen. 2012. ‘Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek’. SIKB.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

22

Figuren

Figuur 2: Topografische kaart.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

23

Figuur 3: Archeologische beleidskaart van de gemeente Baarn (Keunen, Frank, en Boshoven 2018). De gestippelde zone wijst op de aanwezigheid van een plaggendek met een dikte van meer dan 50 cm.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

24

Figuur 4: Nieuwe situatie. Het onderzoeksgebied is met een blauwe lijn aangegeven.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

25

Figuur 5: Achtertuin van de Eemnesserweg 60. Foto genomen tijdens veldwerk.

Figuur 6: Achtertuin van de Eemnesserweg 58. Foto genomen tijdens veldwerk.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

26

Figuur 7: Het plangebied gezien vanaf de Plataanlaan (Google Maps Street view, augustus 2018).

Figuur 8: Resultaten van het eerder uitgevoerde verkennend booronderzoek (Roodenburg 2020). In boringen 2 en 3 is een deels intacte B-horizont aanwezig. Om deze boorpunten is in rood een zone aangewezen waar archeologische resten aanwezig kunnen zijn. Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

27

Figuur 9: Boorpuntenkaart.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

28

Figuur 10: Schematische weergave van boorprofielen.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

29

Figuur 11: Verbreiding deels intacte B-horizont, aangegeven met bruin ingevulde boorpunten. Rode boorpunten: Blauwe boorpunten: Zwarte lijn: Stippelijn:

Verkennend booronderzoek. Karterend booronderzoek Begrenzing plangebied. Onderzoeksgebied karterende fase.

Bureau voor Archeologie Rapport 991

Baarn Plataanlaan-Heuveloordstraat

Bijlage 1: Boorbeschrijvingen nr.

grens (cm - mv)

grond bijmenging

mediaan

kleur

nieuwvormingen

antropogene bijmengingen

horizonten

boortype

overig

boven onder 1

beschrijver: F. Roodenburg 0

65 zand

zwak humeus; matig grof grijs-bruin zwak siltig; zwak grindig

65

90 zand

90

105

spoor baksteen; spoor glas

A-horizont

15cm- Edelman vlak doorzichtig glas, oranjerode baksteenkruimels; leisteenbrokjes; spoor bruine vlekken; matig kleine spreiding; zand matig afgerond; basis geleidelijk

zwak humeus; matig grof donker-bruinzwak siltig; grijs zwak grindig

A-horizont

15cm- Edelman matig kleine spreiding; omgewerkte grond; zand matig afgerond; basis scherp

105 zand

zwak humeus; matig grof geel-bruin zwak siltig; zwak grindig

B-horizont

15cm- Edelman waarschijnlijk omgewerkt, bruine brokken: dit blijken aan elkaar gekitte zandbrokjes te zijn; matig kleine spreiding; omgewerkte grond; zand matig afgerond; basis geleidelijk

150 zand

zwak siltig; zwak grindig

C-horizont

15cm- Edelman matig kleine spreiding; zand matig afgerond

matig grof licht-geel-grijs

2

beschrijver: F. Roodenburg 0

30 zand

zwak humeus; matig grof donker-grijszwak siltig; bruin zwak grindig

spoor baksteen

A-horizont

15cm- Edelman matig kleine spreiding; oranjerode baksteenkruimels; steenkoolbrokjes, kachel grit; omgewerkte grond; zand matig afgerond; basis scherp

30

60 zand

zwak siltig; matig grof grijs-bruin zwak grindig; zwak humeus

spoor baksteen

A-horizont

15cm- Edelman kachelgrit; leisteenbrokjes; spoor bruine vlekken; oranjerode baksteenkruimels; omgewerkte grond; zand matig afgerond; basis scherp; matig kleine spreiding

60

65 zand

zwak siltig; zwak grindig

matig grof bruin

spoor glas

B-horizont

15cm- Edelman stukje vlak doorzichtig glas; basis geleidelijk; matig kleine spreiding; zand matig afgerond

65

100 zand

zwak siltig; zwak grindig

matig grof geel-grijs

C-horizont

15cm- Edelman matig kleine spreiding; zand matig afgerond

nr.

grens (cm - mv)

grond bijmenging

mediaan

kleur

nieuwvormingen

antropogene bijmengingen

horizonten

boortype

overig

boven onder 3

beschrijver: F. Roodenburg 0

15 zand

zwak humeus; matig grof donker-bruinzwak siltig; grijs zwak grindig

15

60 zand

zwak humeus; matig grof bruin-grijs zwak siltig; zwak grindig

spoor baksteen; A-horizont spoor aardewerkfragmenten

15cm- Edelman oranjerode baksteenkruimels , rood ongeglazuurd aardewerkfragment; matig kleine spreiding; zand matig afgerond; basis scherp

60

70 zand

zwak siltig; zwak grindig

spoor glas

A-horizont

15cm- Edelman doorzichtig dun groen flesglas, oranjerode baksteenkruimels , gesinterd materiaal, pijpensteel ; hoogovenslakken; omgewerkte grond; waarschijnlijk restant B-horizont; zand matig afgerond; matig kleine spreiding; basis scherp

70

75 zand

zwak humeus; matig grof donker-grijszwak siltig; zwart zwak grindig

A-horizont

15cm- Edelman omgewerkte grond; zand matig afgerond; matig kleine spreiding; zwarte brokken gesinterd materiaal ; metaalplaatje onversierd; basis scherp

75

100 zand

zwak siltig; zwak grindig

C-horizont

15cm- Edelman zand matig afgerond; matig kleine spreiding

matig grof bruin

A-horizont

matig grof licht-geel-grijs

4

15cm- Edelman omgewerkte grond; zand matig afgerond; matig kleine spreiding; basis scherp

beschrijver: F. Roodenburg 0

25 zand

zwak humeus; matig grof donker-grijszwak siltig; bruin zwak grindig

spoor baksteen

15cm- Edelman opgebrachte grond; sterk doorworteld, oranjerode baksteenkruimels; plastic; betonbrokjes; veel bruine vlekken; zand matig afgerond; veel zandbrokjes; matig kleine spreiding; basis scherp

25

75 zand

zwak humeus; matig grof grijs-bruin zwak siltig; zwak grindig

spoor baksteen

A-horizont

15cm- Edelman oranjerode baksteenkruimels en brokken; wit industrieel; omgewerkte grond; matig kleine spreiding; zand matig afgerond; basis geleidelijk

75

130 zand

zwak humeus; matig grof bruin-grijs zwak siltig; zwak grindig

spoor baksteen

A-horizont

15cm- Edelman omgewerkte grond; oranjerode baksteenkruimels; spoor bruine vlekken; zand matig afgerond; matig kleine spreiding; basis scherp

nr.

grens (cm - mv)

grond bijmenging

mediaan

kleur

nieuwvormingen

antropogene bijmengingen

horizonten

boortype

overig

A-horizont

15cm- Edelman omgewerkte grond; veel bruine vlekken; zand matig afgerond; spoor zandbrokjes; matig kleine spreiding; oranjerode baksteenkruimels; sinters, hoogovenslakken; modern aardewerkfragment; rood ongeglazuurd aardewerkfragment; basis scherp

boven onder 130

160 zand

matig matig grof bruin-grijs humeus; zwak siltig; zwak grindig

spoor baksteen

160

170 zand

zwak humeus; matig grof bruin-grijs zwak siltig; zwak grindig

spoor baksteen; A-horizont spoor aardewerkfragmenten

170

200 zand

zwak siltig; zwak grindig

matig grof licht-geel-grijs

C-horizont

5

15cm- Edelman omgewerkte grond; rode potscherf geen glazuur ; oranjerode baksteenkruimels ; hoogovenslakken en sinter; zand matig afgerond; matig kleine spreiding; basis scherp 15cm- Edelman zand matig afgerond; matig kleine spreiding beschrijver: F. Roodenburg

0

50 zand

zwak humeus; matig grof donker-bruinzwak siltig; grijs zwak grindig

spoor baksteen; A-horizont spoor aardewerkfragmenten

15cm- Edelman matig kleine spreiding; plastic, oranjerode baksteenkruimels, doorzichtig glas, pijpenkop, mogelijk rood bakkend aardewerkfragment zonder glazuur; omgewerkte grond; zand matig afgerond; basis geleidelijk

50

75 zand

zwak grindig; matig grof bruin-grijs zwak humeus; zwak siltig

spoor baksteen; spoor glas

A-horizont

15cm- Edelman oranjerode baksteenkruimels en -brokken, kachelgrit, doorzichtig glas; basis geleidelijk; omgewerkte grond; zand matig afgerond; matig kleine spreiding

75

80 zand

zwak siltig; zwak grindig

matig grof donker-bruin

B-horizont

15cm- Edelman basis scherp; mogelijk restant Bhorizont; matig kleine spreiding; zand matig afgerond

80

100 zand

zwak siltig; zwak grindig

matig grof geel-grijs

C-horizont

15cm- Edelman matig kleine spreiding; zand matig afgerond

6

beschrijver: F. Roodenburg 0

45 zand

zwak humeus; matig grof donker-bruinzwak siltig; grijs zwak grindig

spoor baksteen; A-horizont spoor aardewerkfragmenten

15cm- Edelman matig kleine spreiding; oranjerode baksteenkruimels; doorzichtig glas; rood ongeglazuurd aardewerkfragment; omgewerkte grond; zand matig

nr.

grens (cm - mv)

grond bijmenging

mediaan

kleur

nieuwvormingen

antropogene bijmengingen

horizonten

boortype

overig

boven onder afgerond; basis scherp 45

55 zand

zwak siltig; zwak grindig

matig grof grijs-bruin

A-horizont

15cm- Edelman mogelijk vermengd met restant Bhorizont; basis scherp; matig kleine spreiding; zand matig afgerond

55

100 zand

zwak siltig; zwak grindig

matig grof licht-geel-grijs

C-horizont

15cm- Edelman matig kleine spreiding; zand matig afgerond

7

beschrijver: F. Roodenburg 0

25 zand

zwak humeus; matig grof bruin-grijs zwak siltig; zwak grindig

spoor baksteen; A-horizont spoor aardewerkfragmenten

15cm- Edelman hoogovenslakken, roodbakkend wit geglazuurd aardewerkfragment, glazuur is deels blauw versierd, oranjerode baksteenkruimels en -brokken, doorzichtig glas; matig kleine spreiding; omgewerkte grond; zand matig afgerond; basis geleidelijk

25

55 zand

zwak grindig; matig grof bruin-grijs zwak humeus; zwak siltig

spoor A-horizont aardewerkfragmenten

15cm- Edelman hoogovenslakken ; wit industrieel aardewerkfragment; spoor bruine vlekken; omgewerkte grond; zand matig afgerond; matig kleine spreiding; basis geleidelijk

55

100 zand

zwak siltig; zwak grindig

C-horizont

15cm- Edelman basis geleidelijk; matig kleine spreiding; zand matig afgerond

matig grof licht-geel-grijs spoor roestvlekken

Coördinaten van de boringen: nr.

X (m RD)

Y (m RD)

Z (cm NAP)

1

147779

469709

616

2

147789

469713

626

3

147799

469719

583

4

147805

469721

612

5

147790

469705

613

6

147799

469710

588

7

147800

469705

596

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15059874/1