CConstaterende datBaarn
Koppel je AI →
Document · PDF

1079459 Omgevingsvergunning Koningsweg 4 bijlage 08 Quickscan ecologie.pdf

Raadsvergadering 18 december 2024, gemeente BaarnBij agendapunt: Omgevingsvergunning Koningsweg 4 - bouw 10 appartementen3.734 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ADRES: POSTCODE: PLAATS:

Koningsweg 4 3743 EV Baarn

NAAM:

Van der Mark Advies

ADRES:

Wieringenmeen 5

POSTCODE:

3844 NB

PLAATS:

Harderwijk

TELEFOONNUMMER:

06-22977717

CONTACTPERSOON:

Dhr. J. van der Mark

E-MAILADRES:

vandermarkadvies@gmail.com

NAAM:

Baecx B.V.

VELDWERKER:

Dhr. S.P.M. (Matthijs) Bax

DATUM:

8 november 2022

PROJECTNUMMER:

P221108-01

PROJECTLEIDER:

Dhr. J. (Jasper) Smits

PROJECTMEDEWERKER:

Mevr. J. (Jaëlla) Thomassen

Het geldige rapport is degene met het hoogste versienummer. Eerdere versies met lager(e) versienummer(s) komen met de komst van een opvolgend versienummer te vervallen. Hieraan kunnen geen rechten worden ontleend. Versienummer

Autorisatiedatum

Wijzigingen

1

17 november 2022

Geen; eerste uitgifte

ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN. NIETS UIT DEZE UITGAVE MAG VOOR ZAKELIJK GEBRUIK WORDEN VERVEELVOUDIGD, OP WELKE WIJZE OOK, ZONDER VOORAFGAANDE (SCHRIFTELIJKE) TOESTEMMING VAN BAECX B.V.

Pagina

Samenvatting

4

1.

Inleiding

5

2.

Verantwoording 2.1 Aanleiding 2.2 Doelstelling

5 5 5

3.

Vooronderzoek 3.1 Plangebied 3.2 Beschermde gebieden (Natura 2000 en NNN) 3.3 Nationale Databank Flora en Fauna

6 6 7 8

4.

Veldwerk 4.1 Veldbezoek 4.2 Waarnemingen Flora 4.3 Waarnemingen Fauna 4.4 Overige waarnemingen

9 9 9 9 10

Conclusies en aanbevelingen

A. Foto’s B. Tekening C. Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten D. Vrijstelling per provincie E. Wet- en regelgeving

11

In opdracht van Van der Mark Advies is een ecologische quickscan uitgevoerd op de locatie Koningsweg 4 te Baarn. De aanleiding is de voorgenomen sloop van de aanwezige bebouwing (een zorgcentrum). Vervolgens wordt er nieuwgebouwd gerealiseerd. Deze rapportage geeft een eerste inschatting van mogelijke effecten op gebieden en op potentieel aanwezige beschermde flora en fauna. Aan de hand van het vooronderzoek en het veldwerk concludeert en adviseert Baecx B.V. het volgende:

Binnen het plangebied zijn mogelijk beschermde soorten aangetroffen. De aanwezige bomensingels kunnen dienen als potentiële vliegroutes voor vleermuizen.

Vleermuizen Binnen het plangebied zijn geen fysieke waarnemingen of sporen gedaan van vleermuizen. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Wel is een deel van de locatie potentieel zeer geschikt als verblijfslocatie voor vleermuizen. Een nader onderzoek wordt daardoor sterk aanbevolen. Gierzwaluw Binnen het plangebied zijn geen gierzwaluwen of (potentiële) nestplaatsen waargenomen. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Huismus Binnen het plangebied zijn geen nesten, individuele huismussen en/of roepende paartjes van de huismus waargenomen. Ook zijn er geen nest- en/of verblijfsplaatsen vastgesteld. De sloop van de gebouwen en de nieuwbouwplannen hebben daarom aannemelijk geen negatieve gevolgen voor de huismus. Binnen het plangebied zijn er waarnemingen gedaan van merels, enkele kleine zangvogels, spreeuwen en eksters rondom in de bomen. Verder zijn er binnen het plangebied geen overige waarnemingen gedaan van insecten, amfibieën, reptielen, vissen en grondgebonde zoogdieren. Te allen tijde is de zorgplicht van toepassing. Verstorende werkzaamheden dienen zo beperkt mogelijk gehouden te worden. Zodra er ook werkzaamheden buiten de reikwijdte van dit onderzoek plaatsvinden, dient een aanvullende quickscan uitgevoerd te worden.

Initiatiefnemers zijn wettelijk verplicht om voorgaand aan het uitvoeren van een ingreep onderzoek te laten doen naar de mogelijke effecten op beschermde flora en fauna en beschermde gebieden (Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland (NNN). Bovendien is het in sommige gevallen verplicht melding te doen van het kappen van houtopstanden. Daarnaast dient er mogelijk een ontheffing of vergunning aangevraagd te worden bij het bevoegd gezag via de Omgevingsvergunning of rechtstreeks bij de provincie.

In opdracht van Van der Mark Advies is een ecologische quickscan uitgevoerd op de locatie Koningsweg 4 te Baarn. De aanleiding is de voorgenomen sloop van de aanwezige bebouwing (een zorgcentrum). Vervolgens wordt er nieuwgebouwd gerealiseerd.

Deze rapportage geeft een eerste inschatting van mogelijke effecten op gebieden en op potentieel aanwezige beschermde flora en fauna. Indien (negatieve) effecten op beschermde gebieden en beschermde soorten aanwezig zijn en/of de aanwezigheid hiervan niet afdoende kan worden aangetoond of uitgesloten, is nader onderzoek noodzakelijk. Het doel van de ecologische quickscan is het in kaart brengen van de te verwachten effecten op beschermde gebieden en soorten in de directe omgeving van het plangebied. De quickscan betreft geen gerichte inventarisatie naar soorten. De volgende vragen dienen beantwoord te worden: • Welke beschermde natuurwaarden en flora en fauna zijn in het plangebied aanwezig of te verwachten? • Heeft de ingreep mogelijk effecten op de potentieel aanwezige natuurwaarden? Zo ja, welke effecten zijn dit? • Houden deze effecten mogelijk een overtreding van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming in? • Welke mogelijkheden zijn er om deze negatieve effecten te minimaliseren of te voorkomen? • Is nader onderzoek noodzakelijk? • Is ontheffing of vergunning van de Wet natuurbescherming noodzakelijk?

De locatie is gesitueerd in Baarn en gelegen op het perceel kadastraal bekend als BAA01 L 343. De oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 2390 m². Het plangebied bestaat uit: • Aan de noordzijde woonwijk/woningen; • Aan de oostzijde bomenrij en woningen; • Aan de zuidzijde straat en woningen; • Aan de westzijde bomenrij en woningen.

Afbakening plangebied

Zorgcentrum Het gebouw dateert uit 1953 en is opgetrokken uit stenen spouwmuren met deels open stootvoegen. Het dak is voorzien van dakpannen met daaronder dakbeschot en is afgewerkt met overstekken. Daarnaast is het dak voorzien van houten spanten en gordingen. Het zorgcentrum is in goede staat doordat het recentelijk is gerenoveerd.

Het plangebied ligt niet in een Natura 2000-gebied of in een NNN-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied t.o.v. het plangebied is ‘Oostelijke Vechtplassen’. Dit Natura 2000-gebied ligt op circa 10,5 kilometer afstand ten westen van het plangebied. Beschermd NNN-gebied, ‘Baarnse Bos’, ligt op circa 425 meter afstand ten zuidwesten van het plangebied. In de bestaande situatie zijn diverse menselijke invloeden aanwezig in de zone tussen het plangebied en beschermde Natura 2000 en/of NNN gebieden. Het betreft woonwijken, wegen, bedrijfsactiviteiten en spoorlijn. Als gevolg van de bestaande situatie zullen de voorgenomen werkzaamheden aannemelijk géén verdere negatieve effecten opleveren zoals geluids- en visuele verstoringen. De afstand tussen het plangebied en de beschermde gebieden is hiervoor te groot. De werkzaamheden zullen naar verwachting geen invloed hebben op beschermde natuurgebieden. Overtreding van de Wet natuurbescherming t.o.v. Natura 2000 en/of NNN is niet aan de orde.

Met behulp van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is een lijst gemaakt van beschermde soorten die mogelijk aanwezig kunnen zijn in en rondom het plangebied. In onderstaande tabel is weergegeven welke beschermde soorten en welke functies rondom het plangebied aanwezig kunnen zijn. Tijdens het veldwerk dient beoordeeld te worden of deze soorten ook daadwerkelijk (in potentie) aanwezig zijn. FLORA FAUNA CHECK Soort

Beschermingsregime

Functie

Protocol

Baardvleermuis

Habitatrichtlijn

zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw

mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig

Franjestaart

Habitatrichtlijn

zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw

mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig

Gewone dwergvleermuis

Habitatrichtlijn

Gewone grootoorvleermuis

Habitatrichtlijn

Kleine dwergvleermuis

Habitatrichtlijn

Laatvlieger

Habitatrichtlijn

Ruige dwergvleermuis

Habitatrichtlijn

Gierzwaluw

Vogelrichtlijn

paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw massa winterverblijfplaats paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw kraamverblijfplaats in gebouw paarverblijfplaats in gebouw winterverblijfplaats in gebouw zomerverblijfplaats in gebouw nestlocatie

mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig mogelijk aanwezig

Huismus

Vogelrichtlijn

nestlocatie

mogelijk aanwezig

Op 8 november 2022 is het plangebied bezocht door dhr. S.P.M. (Matthijs) Bax. Tijdens het veldbezoek is het plangebied en de directe omgeving daarvan geïnventariseerd op de aanwezigheid van ruimtelijk structuren en habitats. In algemene zin wordt bij het veldwerk gebruik gemaakt van een verrekijker, zaklamp, endoscoop en mobiel met fotocamera en NDFF-invoerportaal (Nationale Databank Flora en Fauna). De weersomstandigheden waren als volgt: 17 °C, half bewolkt, geen neerslag. Opgemerkt dient te worden dat het veldbezoek een momentopname betreft.

Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten waargenomen. Rondom het plangebied zijn bomensingels, met daartussen verschillende struiken. Daarnaast zijn er ook verschillende beukenhagen en andere soorten aanwezig.

Vleermuizen Binnen het plangebied zijn er geen waarnemingen gedaan van vleermuizen. Wel zijn een groot deel van de muren voorzien van open stootvoegen. Er is vogelschroot aanwezig onder alle dakpannen. Deze dakpannen sluiten goed aan. Wel is de kier onder de vogelschroot en panlat, boven het houten dakbeschot, toegankelijk voor vleermuizen. Er zijn spinnenwebben aanwezig in de open stootvoegen, maar dit is in deze periode van het jaar geen overtuigend bewijs dat de vleermuizen geen gebruik maken van de locatie. Op de tekening in bijlage B zijn de bomenstructuren aangegeven, deze kunnen dienen als potentiële vliegroute. Gierzwaluw Het plangebied is niet geschikt als (potentiële) nestplaats voor gierzwaluwen. Er zijn geen ventilatieschachten aanwezig of ruimte onder de dakpannen. Ook bevatten de muren geen geschikte vliegopeningen, spleten en/of kieren. Binnen het plangebied zijn geen waarnemingen en/of sporen aangetroffen van gierzwaluwen. Huismus Binnen het plangebied zijn geen waarnemingen gedaan, en/of sporen aangetroffen, van huismussen. De ruimte onder de dakpannen is voor huismussen niet toegankelijk vanwege de aanwezige vogelschroot. Achter de regenpijpen zijn geen nesten aanwezig. Binnen het plangebied is er klimopaanwezig, deze is geïnspecteerd maar hierin bevinden zich geen huismussen of huismusnesten.

Naast de in het vooronderzoek aangetroffen soorten is er ook gekeken naar overige Fauna in het algemeen. Vogels Binnen het plangebied zijn merels, enkele kleine zangvogels, spreeuwen en eksters rondom in de bomen waargenomen. Insecten Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten waargenomen of te verwachten. Amfibieën/reptielen/vissen Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten te verwachten. De soorten zijn niet waargenomen en er zijn tevens ook geen geschikte verblijfsplaatsen aanwezig. Grondgebonden zoogdieren Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten waargenomen of te verwachten.

Aan de hand van het vooronderzoek en het veldwerk concludeert en adviseert Baecx B.V. het volgende:

Binnen het plangebied zijn geen beschermde soorten aangetroffen. De aanwezige bomensingels kunnen dienen als potentiële vliegroutes voor vleermuizen. Twee bomen dienen gekapt te worden, zie bijlage B.

Vleermuizen Binnen het plangebied zijn geen waarnemingen of sporen gedaan van vleermuizen. Volgens het Kennisdocument Gewone dwergvleermuis, Gewone grootoorvleermuis en Ruige dwergvleermuis van BIJ12, paragraaf 2.2, kan van nader onderzoek afgezien worden als op basis van de best beschikbare verspreidingsgegevens of de ecologische quickscan duidelijkheid is dat er geen overtreding van een verbodsbepaling is te verwachten. Voor de Baardvleermuis, Franjestaart, Kleine dwergvleermuis en Laatvlieger is geen Kennisdocument van BIJ12 beschikbaar. Ondanks dat er geen waarnemingen of sporen van vleermuizen zijn aangetroffen, kan er niet uitgesloten worden dat de locatie niet gebruikt wordt door vleermuizen. Dit vanwege de genoemde open stootvoegen en de kier tussen de panlat en het houten dakbeschot. Een nader ecologisch onderzoek naar vleermuizen wordt dringend aanbevolen. Gierzwaluw Binnen het plangebied zijn geen gierzwaluwen of (potentiële) nestplaatsen waargenomen. Volgens het Kennisdocument Gierzwaluw van BIJ12, paragraaf 2.2, kan van nader onderzoek afgezien worden als op basis van de best beschikbare verspreidingsgegevens duidelijk is dat aanwezigheid van een soort niet te verwachten valt of als de ingreep zodanig beperkt is dat er geen overtreding van een verbodsbepaling is te verwachten. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk.

Huismus Binnen het plangebied zijn geen nesten, individuele huismussen en/of roepende paartjes van de huismus waargenomen. Ook zijn er geen nest- en/of verblijfsplaatsen vastgesteld. De sloop en nieuwbouwplannen van de schuren hebben daarom aannemelijk geen negatieve gevolgen voor de huismus. Volgens het Kennisdocument Huismus van BIJ12, paragraaf 2.2, is het afhankelijk van de grootte van het plangebied van de uit te voeren activiteiten hoeveel en welk onderzoek nodig is. Nader onderzoek achten we derhalve niet noodzakelijk. Binnen het plangebied zijn er waarnemingen gedaan van merels, enkele kleine zangvogels, spreeuwen en eksters rondom in de bomen. Verder zijn er binnen het plangebied geen overige waarnemingen gedaan van insecten, amfibieën, reptielen, vissen en grondgebonde zoogdieren.

Te allen tijde is de zorgplicht van toepassing. Verstorende werkzaamheden dienen zo beperkt mogelijk gehouden te worden. Zodra er ook werkzaamheden buiten de reikwijdte van dit onderzoek plaatsvinden, dient een aanvullende quickscan uitgevoerd te worden.

Bijlage A

Overzicht

Overzicht

Overzicht

Overzicht met beukenhaag

Haag

Overzicht bomen westzijde locatie

Gevel zonder open stootvoegen

Klimop tegen gevel

Detailfoto’s open stootvoegen met spinnenwebben

Detailfoto’s open stootvoegen met spinnenwebben

Gevel met open stootvoegen

Muur met open stootvoegen

Gevel met open stootvoegen

Gevel met open stootvoegen

Detailfoto’s kier tussen panlat en vogelschroot en dakbeschot

Detailfoto’s kier tussen panlat en vogelschroot en dakbeschot

Te verwijderen boom

Te verwijderen boom

Overzicht

Overzicht

Voorgevel

Detail open stootvoeg kopse gevel

Te verwijderen boom

Te verwijderen boom

Bijlage B

Onderzoekslocatie Bebouwing Bomen Heggen Bomen die gekapt zullen worden Projectnummer: P221108-01 Locatie: Koningsweg 4 te Baarn

Bijlage C

Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten Soort Steenuil Athene noctua Gierzwaluw Apus apus Huismus Passer domesticus Roek Corvus frugilegus Grote gele kwikstaart Motacilla cinerea Kerkuil Tyto alba Oehoe Bubo bubo Ooievaar Ciconia ciconia Slechtvalk Falco peregrinus Boomvalk Falco subbuteo Buizerd Buteo buteo Havik Accipiter gentilis Ransuil Asio otus Sperwer Accipiter nisus Wespendief Pernis apivorus Zwarte wouw Milvus migrans Blauwe reiger Ardea cinerea Boerenzwaluw Hirundo rustica Bonte vliegenvanger Ficedula hypoleuca Boomklever Sitta europaea Boomkruiper Certhia brachydactyla Bosuil Strix aluco Brilduiker Bucephala clangula Draaihals Jynx torquilla Eidereend Somateria mollissima Ekster Pica pica Gekraagde roodstaart Phoenicurus phoenicurus Glanskop Parus palustris Grauwe vliegenvanger Muscicapa striata Groene specht Picus viridis Grote bonte specht Dendrocopos major Hop Upupa epops Huiszwaluw Delichon urbicum IJsvogel Alcedo atthis Kleine bonte specht Dendrocopos minor Kleine vliegenvanger Ficedula parva Koolmees Parus major Kortsnavelboomkruiper Certhia familiaris macrodactyla Oeverzwaluw Riparia riparia Pimpelmees Parus caeruleus Raaf Corvus corax Ruigpootuil Aegolius funereus Spreeuw Sturnus vulgaris Tapuit Oenanthe oenanthe Torenvalk Falco tinnunculus Zeearend Haliaeetus albicilla Zwarte kraai Corvus corone Zwarte mees Periparus ater Zwarte roodstaart Phoenicurus

ochruros Zwarte specht Dryocopus martius

Categorie 1

Uitleg categorie Nesten die buiten het broedseizoen ook als vaste rust- en verblijfplaats dienen

2 2 2 3 3 3 3 3 4 4 4 4 4 4 4 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5

Nesten van koloniebroeders die op dezelfde plaats broeden en daarin honkvast zijn of afhankelijk zijn van bebouwing Nesten van vogels die ieder jaar op dezelfde plaats broeden en daarin honkvast zijn of afhankelijk zijn bebouwing

Vogels die ieder jaar gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn om een nest te bouwen

Nesten zijn alleen beschermd in het broedseizoen, wel is een inventarisatie gewenst

Bijlage D

Vrijstelling per provincie De volgende soorten zijn voor alle provincies vrijgesteld: Zoogdieren: • Aardmuis Microtus agretis • Bosmuis Apodemus sylvaticus • Dwergmuis Micromys minutus • Dwergspitsmuis Sorex minutus • Egel Erinaceus europaeus • Gewone bosspitsmuis Sorex araneus • Haas Lepus europeus • Huisspitsmuis Crocidura russula

• •

Konijn Oryctolagus cuniculus Ondergrondse woelmuis

• • • • •

Pitymys subterraneus Ree Capreolus capreolus Rosse woelmuis Clethrionomys glareolus Veldmuis Microtus arvalis Vos Vulpes vulpes Woelrat Arvicola terrestris

Amfibieën en reptielen: • Bruine kikker Rana temporaria • Gewone pad Bufo bufo • Kleine watersalamander Triturus vulgaris • Meerkikker Pelophylax ridibundus (Rana ridibunda) • Middelste groene kikker / Bastaardkikker Pelophylax klepton esculentus (Rana esculenta) De volgende soorten zijn in de provincies Overijssel, Gelderland, Flevoland, Zeeland, NoordBrabant en Noord-Holland niet vrijgesteld van de Wet natuurbescherming: • Bunzing Mustela putorius • Hermelijn Mustela erminea • Wezel Mustela nivalis De volgende soorten zijn in de provincie Zuid-Holland niet vrijgesteld van de Wet Natuurbescherming: • Ondergrondse woelmuis Pitymys subterraneus • Tweekleurige bosspitsmuis Sorex coronatus De volgende soorten zijn in Limburg alleen in vaste perioden vrijgesteld: • Eekhoorn Sciurus vulgaris: maart - april - juli - november • Hazelworm Anguis fragilis: juli - september • Levendbarende hagedis Zootoca vivipara: 15 augustus - 15 oktober • Molmuis Arvicola scherman: jaarrond • Steenmarter Martes foina: 15 augustus – februari De volgende soort is alleen in de provincie Noord-Brabant vrijgesteld van de Wet natuurbescherming: • Wild zwijn Sus scrofa

Bijlage E

Bijlage E Wet- en regelgeving WET NATUURBESCHERMING Sinds 1 januari 2017 is in Nederland de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze wet omvat zowel soort- als gebiedsbescherming en vervangt hiermee de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en Faunawet en de Boswet. Gebiedsbescherming Vanuit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn lidstaten verplicht speciale beschermingszones (Natura 2000-gebieden) aan te wijzen. Elk Natura 2000-gebied heeft instandhoudingsdoelstellingen t.a.v.: • Leefgebieden voor vogelsoorten (Vogelrichtlijn) • Natuurlijke habitatten en de habitatten van soorten (Habitatrichtlijn) Gebiedsbescherming Artikel 2.7, lid 2 Wet natuurbescherming: Het is verboden om activiteiten binnen en buiten een Natura 2000-gebied uit te voeren die, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen: 1. 2.

de kwaliteit van de natuurlijke habitatten of de habitatten van soorten in dat gebied kan verslechteren, of een significant verstorend effect kan hebben op de soorten waarvoor dat gebied is aangewezen.

De activiteit kan alleen uitgevoerd worden als het Bevoegd Gezag een vergunning verleend. Voor werkzaamheden die uitgevoerd worden in nationaal belang is de minister van Economische Zaken Bevoegd Gezag. Soortbescherming In de Wnb wordt onderscheid gemaakt tussen drie beschermingsregimes: • Vogelrichtlijnsoorten • Habitatrichtlijnsoorten • Andere soorten (nationale soorten) Per beschermingsregime zijn aparte verbodsbepalingen opgesteld, zie onderstaande tekstvak. Deze verbodsbepalingen gelden overal in Nederland en kunnen daarom van invloed zijn op ruimtelijke ingrepen en/of het herzien/opstellen van bestemmingsplannen. Deze activiteiten dienen getoetst te worden aan de Wet natuurbescherming. De toetsing omvat: • Inventarisatie van het (mogelijk) voorkomen van wettelijk beschermde dier- en plantensoorten in het plangebied en de directe omgeving daarvan, • Inventarisatie en beoordeling van (significant) nadelige effecten t.g.v. de activiteit op beschermde soorten die binnen het plangebied en/of de directe omgeving daarvan aanwezig zijn, • Indien nodig, een opname van maatregelen die de (significant) negatieve effecten op de beschermde soorten en diens habitatten mitigeren en/of compenseren.

Soortbescherming Vogelrichtlijnsoorten: artikel 3.1 Wet natuurbescherming: Hieronder vallen alle van nature in Nederland in het wild voorkomende vogels. 1. 2. 3. 4.

Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben. Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen.

Habitatrichtlijnsoorten: artikel 3.5 Wet natuurbescherming: Hieronder vallen alle dieren uit de Habitatrichtlijn, bijlage IV, onderdeel a, het Verdrag van Bern, bijlage II en het Verdrag van Bonn, bijlage I, en alle planten uit de Habitatrichtlijn, bijlage IV, onderdeel b en het Verdrag van Bern, bijlage I. 1.

2. 3. 4. 5.

Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren. Het is verboden eieren van de dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen. Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn of bijdrage I bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen of af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Andere soorten: artikel 3.10, lid 1 Wet natuurbescherming: Hieronder vallen nationaal beschermde soorten. a) b) c)

In het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten genoemd in de bijlage, onderdeel A bij deze wet, opzettelijk te doden of te vangen; De vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen; Vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B bij deze wet, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Ontheffing en vrijstellingen Wanneer ten minste 1 verbodsbepaling uit bovenstaande artikelen overtreden wordt, dient een ontheffing aangevraagd te worden bij het Bevoegd Gezag waarin de activiteit plaatsvindt. Een ontheffing geeft de initiatiefnemer de mogelijkheid om onder voorwaarden de wet te overtreden. Vrijstellingen beschrijven handelingen en situaties waarin de wet niet van toepassing is. Deze kunnen verkregen worden wanneer er: • Geen andere bevredigende oplossing bestaat, • Geen negatief effect is op de staat van intandhouding van de soort, • Er voldaan is aan de in de wet genoemde belangen (art. 3.3, lid 4b, art. 3.8, lid 5b en art. 3.10, lid 2).

Voor vogels kan echter geen beroep gedaan worden op belang “Dwingende reden van groot openbaar belang”. Wanneer overtreding van de verbodsbepalingen voorkomen kan worden door het treffen van mitigerende maatregelen, is het aanvragen van een ontheffing niet nodig. Wel kan in dergelijke gevallen toch ontheffing aangevraagd worden om de te treffen maatregelen goed te laten keuren. Indien het bevoegd gezag de maatregelen goedkeurt, wordt door hen een “positieve afwijzing” afgegeven. Bij de aanvraag van een ontheffing zijn een activiteitenplan en/of een compensatieplan noodzakelijk. Hierin staan de bevindingen uit de ecologische quickscan vermeld en worden maatregelen beschreven die uitgevoerd dienen te worden om ervoor te zorgen dat de nadelige effecten op beschermde plant- en diersoorten zoveel mogelijk te voorkomen, dan wel te beperken. Voor de soorten uit beschermingsregime “Andere soorten” geldt een vrijstelling van de verbodsbepalingen uit artikel 3.10, mits een door het ministerie van EZ goedgekeurde gedragscode van toepassing is op de activiteit. Indien aantoonbaar gewerkt kan worden volgens een dergelijke gedragscode, hoeft geen ontheffing aangevraagd te worden voor overtreding van één of meerdere verbodsbepalingen uit artikel 3.10 van de Wnb.

Indien er geen goedgekeurde gedragscode van toepassing is op de activiteit of het niet mogelijk is om volgens een dergelijke gedragscode te werken, dient bij overtreding van verbodsbepalingen wel een ontheffing aangevraagd te worden. Zorgplicht (artikel 1.11 Wet natuurbescherming) Voor alle plant- en diersoorten (inclusief onbeschermde soorten) geldt de zorgplicht. Dit houdt in dat (mogelijke) nadelige gevolgen voor planten en dieren, voor zover mogelijk, zoveel mogelijk vermeden dienen te worden. De Zorgplicht dient hiermee als vangnet voor de onbeschermde soorten in Nederland.

NATUURNETWERK NEDERLAND Het Natuurnetwerk Nederland (NNN), voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS), omvat beschermde gebieden die zijn aangewezen t.b.v. ecologische verbindingen tussen natuurgebieden. Deze gebieden vormen hiermee een ecologisch netwerk waarvan de natuurwaarden niet mogen worden aangetast. De (mogelijke) effecten dienen daarom ook getoetst te worden op deze natuurwaarden. De provincie waarbinnen het plangebied valt is tevens Bevoegd Gezag.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14834062/1