CConstaterende datBaarle Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel kaderbrieven 2026

Gemeenteraad (openbaar) 23 april 2025, gemeente Baarle NassauBij agendapunt: Raadsvoorstel Kaderbrieven verbonden partijen4.120 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Commissie B&M: Afdeling: Zaaknummer:

9 april 2025 Intern Advies & Ondersteuning 1104206

Raadsvergadering: Portefeuillehouder: Programma:

23 april 2025 Burgemeester de HoonVeelenturf 0. Bestuur en ondersteuning

Voorstel tot kennisnemen van de kaderbrieven verbonden partijen 2026

1. Voorgesteld besluit 1. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van Regio West-Brabant; 2. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant; 3. Kennis te nemen van de Kaderbrief 2026 van de Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord; 4. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van de GGD West-Brabant; 5. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van Nazorg gesloten Stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen; 6. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van Omgevingsdienst Midden en West-Brabant. 2. Eerdere besluitvorming Eind vorig jaar stelde uw raad de 'richtlijnen begrotingen verbonden partijen’ vast. In dat voorstel schetste u (regionaal afgestemde) richtlijnen per verbonden partij voor de begroting van 2026. De kaderbrieven zijn aan deze richtlijnen getoetst. 3. Samenvatting De gemeente Baarle-Nassau heeft verschillende taken ondergebracht bij verbonden partijen. Dit zijn taken die de gemeente niet zelf kan uitvoeren of die beter uitgevoerd kunnen worden in samenwerking met andere gemeenten, bijvoorbeeld ambulancevoorziening en de GGD. Jaarlijks sturen deze verbonden partijen een kaderbrief toe. In de kaderbrief beschrijven zij de financiële en beleidsmatige kaders die zij hanteren voor hun begroting van het komende jaar.

Om de stukkenstroom voor de gemeenteraad te optimaliseren en verminderen, is er (net als vorig jaar) voor gekozen de stukken en het advies zoveel mogelijk aan te bieden in één voorstel. Voorstel 4. Inleiding Dit voorstel bundelt de door de verbonden partijen ingezonden kaderbrieven voor 2026. In de kaderbrief schetst de gemeenschappelijke regeling de beleidsmatige- en financiële richtlijnen die zij hanteert bij het opstellen van de begroting. Deze kaders zendt zij ter kennisname toe aan de colleges en gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. Er is geen zienswijzeprocedure voorzien bij de kaderbrieven. De mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze heeft de gemeenteraad wél bij de begroting die later dit jaar volgt.

Zaaknummer: 1104206

Geen compleet overzicht Dit voorstel bevat niet alle kaderbrieven van alle gemeenschappelijke regelingen. De afwijkingen: - De ABG-organisatie is ook een gemeenschappelijke regeling. Deze heeft echter eerder dit jaar een apart traject doorlopen, waarop ook zienswijzen konden worden ingediend. - Omdat de kaderbrief en de conceptbegroting zó dicht bij elkaar liggen in tijd, neemt Regio Hart van Brabant de financiële kaders op in de ontwerpbegroting. Daarmee kunnen eventuele zienswijzen door raden ook worden ingebracht op de financiële kaders. De kaderbrief vervalt daarmee als afzonderlijk P&C product. - Per 1 augustus 2026 treedt Baarle-Nassau uit de gemeenschappelijke regeling Regionaal Bureau Leerplicht. Daarom is de kaderbrief niet voor van toepassing. - In december gaven de tien deelnemende colleges groen licht aan de Baronie als netwerksamenwerking. Dit jaar wordt er gewerkt aan het opstellen van een gemeenschappelijke regeling, die per 1 januari 2026 van start zou moeten gaan. Op dit moment is er nog geen kadernota om met u raad te delen. 5. Argumenten 1.1 De kaderbrief van de Regio West-Brabant sluit aan op de gegeven richtlijnen Op 29 januari is de kaderbrief van de RWB vastgesteld door het algemeen bestuur. Aangegeven wordt dat ze goed uit de voeten kunnen met de verschillende richtlijnen die ze door de gemeenten zijn meegegeven.

Een reactie op deze richtlijnen treft u aan in bijlage 2. De bijdragen van gemeenten worden grotendeels bepaald door de afname van producten van de shared services, zoals het kleinschalig collectief vervoer. Op de afname hiervan heeft de RWB geen invloed. Wel is het een groot deel van het totaalbudget van de RWB. Gemeenten betalen aan RWB in 2025 drie bijdragen gerelateerd aan de inwonersaantallen: - De bedrijfsvoering en de strategische agenda (algemene bijdrage/inwoner, 3,4 miljoen euro). - B.V. REWIN West-Brabant (2,8 miljoen euro). RWB is hierbij doorgeefluik. - Het Onderzoek- en Ontwikkelfonds (4,7 ton). Dit bedrag wordt nooit geïndexeerd. De sturingsmogelijkheden om de bijdragen van gemeenten te verminderen zijn daarom volgens de RWB beperkt. Om de indexatie van de loon- en prijsstijging niet alleen te dempen maar volledig te compenseren is een bezuiniging van € 150.000 nodig. Het algemeen bestuur kiest er nu niet voor om die opgave door te zetten naar de verschillende organisatieonderdelen. In 2025 wordt namelijk onderzocht hoe de rolopvatting, inrichting, financiering en rechtsvorm van de verschillende RWBonderdelen vorm moet krijgen. Daarbij wordt nadrukkelijk gekeken naar kostenbesparing.

Met oog op het ravijnjaar zal er echter in de begroting van 2026 wel een besparing van € 157.000 gerealiseerd worden, die de indexering van de algemene bijdrage per inwoner compenseert. Dit gebeurt door aanpassingen in het Onderzoek- en Ontwikkelfonds, waarbij de verwachting is dat met een kleinere gemeentelijke bijdrage evenveel projecten ondersteund kunnen blijven worden. Op basis van de MJB 2025-2028 van RWB zijn voor Alphen-Chaam en Baarle-Nassau de volgende bijdragen aan RWB in de gemeentelijke begroting opgenomen: Gemeente: Alphen-Chaam Baarle-Nassau

2026 € 100.815 € 68.180

2027 € 104.929 € 70.907

2028 € 109.233 € 73.807

2029 € 109.233 € 73.807 Zaaknummer: 1104206

Op basis van de kaderbrief gaan we ervan uit dat de in de tabel genoemde bedragen toereikend zijn. Zodra we de ontwerpbegroting van RWB ontvangen, stemmen we de bedragen opnieuw af. Samenvattend komt er in de begroting van 2026 structureel een verlaging van € 0,22 per inwoner t.a.v. de bijdrage aan het O&O-fonds, waarmee de reguliere indexatie van de algemene bijdrage per inwoner gecompenseerd wordt. In 2025 wordt het onderzoek naar de gewenste toekomstige vormgeving van de RWB-onderdelen afgerond, dat in 2026 geïmplementeerd zal worden. 2.1 De kaderbrief van Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant sluit niet geheel aan op de gegeven richtlijnen Verschillende ontwikkelingen, wereldwijd en nationaal, zijn van invloed op de toenemende maatschappelijke onrust in ons land en in de regio. Juist in deze tijd wordt een beroep gedaan op de Veiligheidsregio om de maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht te vergroten en ons voor te bereiden op langdurige crises. Het Rijk heeft een korting van 10% aangekondigd op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDur). Dit betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden zoals het temporiseren van het beleidsplan 2023-2027 en opnieuw te kijken naar de takendiscusssie.

Naast bezuinigen en heroverwegen van taken zijn er uitdagingen zoals de gestegen energiekosten, informatieveiligheid en het rondkrijgen van de repressieve sterkte bij beroeps-, maar ook bij de vrijwillige posten. Op basis van de kaderbrief voorzien we stijging van de jaarbijdrage vanwege toenemende energiekosten van €326.000 en een kostenstijging van €100.000 voor informatieveiligheid. Daarmee voldoet de kaderbrief niet aan de ‘aanvullende financiële richtlijn’ (zie citaat onder), die de raden van ALC en BLN vorig jaar hebben opgesteld, aangezien de bijdrage van de gemeenten in 2026 wél zal stijgen ten opzichte van 2025. De cijfermatige uitwerking volgt in de begroting 2026. “Wij verwachten dat onze verbonden partijen rekening houden met de verwachte neerwaartse bijstelling van het Gemeentefonds in 2026. In de kadernota beschrijft de gemeenschappelijke regeling in de kadernota en de begroting 2026 op welke manier zij ervoor kunnen zorgen dat de bijdrage van de deelnemers gelijk blijft aan of verminderd ten opzichte van de bijdrage voor 2025. Dit kan door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven.” In onderstaand overzicht vindt u de bedragen uit de begroting 2025 en de regionale verdeelsleutel.

Alphen-Chaam Baarle-Nassau Gilze en Rijen

Begroting 2025 € 706.602 € 516.117 € 1.697.566

Verdeelsleutel 0,89 % 0,66 % 2,16 %

3.1 De richtlijnen rondom de Regionale Ambulancevoorziening (RAV) zijn meegenomen in de kaderbrief Het hele zorgveld is in korte tijd verandert en deze veranderingen gaan nog steeds door. Het doel is de zorg naar de toekomst toe bereikbaar en betaalbaar te houden. Ontwikkelingen als IZA en GALA hebben direct gevolgen voor de RAV en de partners waarmee zij een keten vormt in de zorg voor patiënten. De RAV speelt volop in op deze ontwikkeling. In de kaderbrief worden de belangrijkste inhoudelijke ontwikkelingen toegelicht. U leest hier onder andere onder de onderstaande onderwerpen.

Zaaknummer: 1104206

Een nieuw meerjarenbeleidsplan van 2026 De RAV werkt op dit moment aan een nieuw meerjarenbeleidsplan (2026-2029). Dat doet de RAV met medewerkers en stakeholders. Doel is om het nieuwe plan door het AB in juli 2025 te laten vaststellen. Het plan bevat drie belangrijke thema’s: aantrekkelijk werkgeverschap, netwerksamenwerking en organisatieontwikkeling. Hierbij blijft voorop staan dat de RAV de juiste zorg op het juiste moment moet kunnen bieden. De ontwikkelingen rondom zorgcoördinatie bevorderen de samenwerking tussen de verschillende partners in een regio, zodat schaarse middelen zo efficiënt en effectief mogelijk kunnen worden ingezet. Differentiatie en maatwerk De RAV stelt de patiënt centraal. Zij levert mobiele zorg: de juiste ambulancezorg, op het juiste moment, op de juiste plaats en door de juiste hulpverlener. Dit betekent dat in ieder geval de zorg naar de patiënt wordt gebracht, en waar nodig ook de patiënt naar de zorg. Door zorg- en functiedifferentiatie wordt deze zorg steeds beter afgestemd op de vraag van de patiënt. Immers, de tijd dat de kwaliteit van de ambulancedienstverlening enkel werd afgemeten aan de aanrijtijden ligt inmiddels achter ons. Aanrijtijden blijven natuurlijk wel belangrijk! Dat moge ook blijken uit de nieuwe verbeterde indeling van urgentie.

Deze verbeterde indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus en onderscheidt niet alleen spoedeisende en niet-spoedeisende ambulancezorg, maar ook meldkamerzorg. Het doel van de nieuwe urgentie-indeling is om in geval van echte spoed, in levensbedreigende situaties waarin tijd er echt toe doet, sneller bij de patiënt te zijn en in gevallen waarin dat mogelijk is, iets meer tijd te nemen voor de triage, zodat de patiënt direct op de juiste plek terecht komt en de best passende zorg krijgt. Meer differentiatie en maatwerk derhalve. Innovatie Zoals gezegd is ambulancedienstverlening zoveel meer dan snel patiënten naar het ziekenhuis vervoeren. De RAV innoveert en probeert via vernieuwende activiteiten de ambulancezorg een nog belangrijke plaats te geven in de zorgketen. Pilots als het meten van tropomine in geval van lage verdenking van een hartinfarct voorkomen onnodige opnames en dragen zo bij aan het bereikbaar en betaalbaar houden van (dure) gespecialiseerde zorg. Ook op andere plaatsen in de organisatie zit men niet stil. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een onderzoek naar toepassingsmogelijkheden als van AI als ondersteuning van administratieve processen. Aanvullende richtlijnen begrotingen 2026 nota verbonden partijen Door de gemeenteraad zijn aanvullende beleidsmatige richtlijnen vastgesteld voor de RAV.

Deze richtlijnen zijn meegenomen in de voorliggende kaderbrief. De RAV heeft de juridische entiteit van een gemeenschappelijke regeling. Het algemeen bestuur wordt gevormd door de portefeuillehouders van de deelnemende gemeenten. Wat deze gemeenschappelijke regeling onderscheidt van andere gemeenschappelijke regelingen is dat de bekostiging helemaal verloopt via de zorgverzekeraars. De RAV is een financieel gezonde organisatie, die efficiënt en verantwoord omgaat met publieke middelen. Ook in 2026 wordt geen gemeentelijke bijdrage gevraagd. Er is dan ook geen enkel financieel risico voor de deelnemende gemeenten. Recent is er in de media een publicatie verschenen over aanrijtijden van ambulances. Hierop heeft de RAV Brabant MWN een brief gestuurd aan de colleges en raden. Deze is toegevoegd aan dit verzamelvoorstel (bijlage 8). In de kaderbrief is meer te lezen over hoe de RAV aan haar dienstverlening werkt.

Zaaknummer: 1104206

4.1 De kaderbrief van GGD West Brabant voldoet grotendeels aan de gegeven richtlijnen Het zorglandschap is de achterliggende periode aan verandering en transformatie onderhevig. Vanuit de Rijksoverheid wordt een transformatie naar de voorkant (preventie) gestimuleerd. Het integraal zorgakkoord (IZA) en gezond en actief leven akkoord (GALA) moeten daaraan bijdragen. Het doel is de zorg op de lange termijn voor iedereen betaalbaar en bereikbaar te houden. De GGD is een belangrijke speler in deze ontwikkeling en doet dus ook volop mee in deze ontwikkeling. De kaderbrief is de inhoudelijke en financiële opmaat naar de begroting 2026. In de kaderbrief worden de belangrijkste inhoudelijke en financiële ontwikkelingen toegelicht. De visie van de GGD vertaald naar ambities en activiteiten 2026 De activiteiten van de GGD vinden plaats binnen de kaders van de toekomstvisie: ‘Wij maken gezond gewoon’. Deze 10-jaren visie werd vertaald naar een meerjarenbeleidsplan met de looptijd 20232026. De kaderbrief beschrijft de ambities die de GGD in 2026 wil realiseren voor een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant. De ambities worden opgehangen aan de bekende inhoudelijke pijlers ‘Voorkomen als het kan, beschermen als het moet’, ‘Zelf maar niet alleen’, ‘Iedereen verschillend, allemaal gelijk’ en ‘Overal om ons heen, binnen en buiten”.

2026 is het laatste jaar van de looptijd van het beleidsplan. Dit jaar zal derhalve een nieuw beleidsplan worden op- en vastgesteld. De gemeente Baarle-Nassau zal daar bestuurlijk en ambtelijk aan bijdragen. Intensivering van de samenwerking Mede als gevolg van eerder aangehaalde ontwikkelingen in het zorglandschap dringt steeds meer het besef van samenwerking op alle niveaus door. Dat laat de GGD West Brabant ook zien door de banden met de GGD Hart voor Brabant aan te halen. Steeds vaker worden belangrijke (beleids)documenten samen opgesteld. In de kaderbrief 2026 is ervoor gekozen om de ambities die de GGD West Brabant en de GGD Hart voor Brabant hebben, gelijk op te laten lopen. Zo wordt invulling gegeven aan wat beide GGD’en van belang vinden, namelijk dat gezond gewoon wordt voor iedereen in gelijke mate, waar ook je wieg staat in Brabant. De kaderbrief is dan ook in nauwe samenspraak met GGD Hart voor Brabant tot stand gekomen. Wij verwachten dat de komende periode de samenwerking alleen maar verder wordt geïntensiveerd. Vanuit de positie van onze gemeente (actief in twee regio’s) vinden wij dit een goede ontwikkeling. Aanvullende richtlijnen begrotingen 2026 nota verbonden partijen In het kader van de nota verbonden partijen worden regionaal aanvullende richtlijnen meegegeven. Deze kunnen inhoudelijk en financieel van aard zijn.

Aan de GGD werd een aantal richtlijnen meegeven waar aan grotendeels wordt voldaan. Onderstaand leest u waar de GGD niet (helemaal) aan heeft voldaan. - Beleidsmatige richtlijn 3. Gezien de afnemende financiële middelen in 2026 verwachten gemeenten beleidsmatige keuzes te moeten maken. Om deze keuzes gedegen voor te kunnen bereiden is meer gedetailleerd inzicht nodig in het aanbod en in de geleverde producten en kosten. Wij verwachten van de GGD dat zij deze informatie levert. De GGD heeft de beleidsmatige richtlijn 3 niet in de kaderbrief opgenomen. De behoefte van de gemeenten aan meer gedetailleerd inzicht is er nog steeds, zelfs groter door de te maken keuzes vanwege minder beschikbare middelen in 2026 en de bezuinigingsopgave (ravijnjaar en motie nulllijn aangenomen in een aantal gemeenten).

Zaaknummer: 1104206

- Aanvullende financiële richtlijn De uitwerking van de meeste financiële richtlijnen komen pas terug in de begroting. Er is voor 2026 regionaal een aanvullende financiële richtlijn afgegeven. In verband met de verwachte neerwaartse bijstelling van het Gemeentefonds in 2026 beschrijft de gemeenschappelijke regeling in de kadernota en de begroting 2026 in hoeverre de bijdrage van de gemeente/deelnemers gelijk blijft aan c.q. beperkt stijgt ten opzichte van de bijdrage voor 2025. Dit kan door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. Hieraan wordt gehoor gegeven d.m.v. de bestuurlijke bezuinigingsopgave. Er is een concept voorstel van -4% in de kadernota verwerkt, conform methode ‘Trapje op, trapje af’ met de gemeenten (op basis van de GGD begroting 2024). Van de totale besparingsopgave van € 950.000 zal de GGD € 525.000 opvangen binnen de eigen begroting. De resterende bezuinigingsopgave van € 425.000 over de ‘verandering in werkzaamheden’ wordt verder uitgewerkt en na overleg met het Algemeen Bestuur en in de begroting opgenomen. Er wordt voorgesteld om te stoppen met enkele werkzaamheden maar er zijn ook efficiencyvoorstellen. Door sommige producten te verschuiven van plustaken naar het basistakenpakket kan financieel voordeel (volume) worden behaald. In de kaderbrief 2026 is in bijlage 2 een indicatie van de gemeentelijke bijdragen opgenomen.

De thans voorlopig geraamde bijdrage komt voor Baarle-Nassau neer op € 292.704. Ten opzichte van de bijdrage van € 278.370 (begroting 2025) betekent dit een stijging van € 14.334. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat in het vergelijk tussen 2025 en 2026 er rekening mee moet worden gehouden dat de inspecties in het kader van de wet kinderopvang van de categorie plustaken (2025) is verschoven naar het basispakket (2026). Deze kosten werden tot in 2025 afzonderlijk in rekening gebracht van onze gemeente. Samengevat: deze gemeentelijke bijdrage is gebaseerd op de totale exploitatie van de GGD, inclusief de bezuinigingsvoorstellen en -opgave en de in de gemeenschappelijke regeling afgesproken indexering van lonen en prijzen (nu 3,31%). In de eerste ramingen voor de gemeentebegroting 2026 werd rekening gehouden met Bijdrage GGD (60714000) 291.314,00 Bijdrage WKO (60650000) 7.7870,00 299.101,00 Binnen de ramingen is derhalve voldoende budget aanwezig. 5.1 De kaderbrief van Nazorg Gesloten Stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen past binnen bestaande financiële afspraken De kadernotitie 2026 van de GR NGS gaat uit van ongewijzigd beleid in de begroting 2026. Deze gemeenschappelijke regeling is een beleidsarme regeling en heeft geen personeel in dienst.

Met de gemeente Breda is een dienstverleningsovereenkomst afgesloten waarin de gemeente Breda namens de deelnemende gemeenten de taakuitvoering op zich neemt. De bijdrage van de deelnemende gemeenten (voor Baarle-Nassau € 9.872 en voor Alphen-Chaam € 14.502) blijft gelijk ten opzichte van voorgaande jaren. De kadernotitie is opgesteld met inachtneming van de bestaande (financiële) afspraken. Er is daarom geen aanleiding om de gemeenteraad te adviseren om hierover een reactie te geven aan de Gemeenschappelijke regeling

Zaaknummer: 1104206

6.1 De kaderbrief van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant sluit aan bij de meegegeven richtlijnen Deze kadernota schetst beleidsmatige ontwikkelingen waarmee de OMWB in 2026 mee te maken krijgt. Bijvoorbeeld stikstof en de voorbereidingen op de Kaderrichtlijn Water. Investeringen in deskundigheid in personeel en informatiesystemen blijven belangrijk. Daarnaast is het nodig te investeren in huisvesting om te voldoen aan de eisen van deze tijd. Het Interbestuurlijk Programma (IBP) krijgt ook zijn weerslag. Er wordt gewerkt aan een landelijk kennisnetwerk en het centraal verzorgen van opleidingen via Omgevingsdienst NL. De OMWB wil, naast het uitvoeren van haar kerntaken, proactief inspelen op dynamische uitdagingen in de fysieke leefomgeving. Daarbij is ze een data-gestuurde organisatie die risicogericht toezicht en besluitvorming mogelijk maakt. De OMWB stelt dat het nodig is integraal te gaan werken (intern en extern) om de complexe uitdagingen te kunnen aanpakken. De OMWB wil daarbij een adaptieve organisatie zijn. Ontwikkelingen die in 2026 impact zullen hebben: - Europese milieuwetgeving, die zich vertaalt in richtlijnen en verordeningen m.b.t. luchtkwaliteit, natuurherstel, bodem, stedelijk afvalwater en industriële emissies; - Landelijke wetgeving m.b.t.

stikstof, energie, circulaire economie, water en gezondheid; - Toekomstig toezicht, gericht op de ‘methodiek risicorelevante bedrijven’. De OMWB is hierbij een koploper; - De weerbaarheid om zich aan te passen op bedreigingen, verstoringen en crises. Om de kosten te drukken voor deelnemende gemeenten benoemt de OMWB de volgende keuzemogelijkheden: 1. Afschalen van werk tot minimaal door het AB vastgestelde niveau; 2. Rijksmiddelen benutten. Dit komt tot uitdrukking in subsidies waar de OMWB actief op inzet. Daarnaast zijn IBP-implementatiegelden beschikbaar via het gemeente- of provinciefonds. 3. Efficiencymaatregelen. De OMWB investeert in innovaties die ook potentie voor efficiency hebben. Deze zijn echter nog niet te kwantificeren. 4. Regionale samenwerking voor/met deelnemers op het gebied van bouwtaken, omgevingsplanregels. 5. Archiveringstaken voor deelnemers bij OMWB beleggen (vanaf 2028). 6. Terug in kwaliteitsnormen. Dit heeft niet de voorkeur van de OMWB. Wat betreft de financiële aspecten: de OMWB realiseert zich dat gemeenten vanaf 2026 voor grote financiële uitdagingen worden gesteld. Voor de implementatie van nieuwe beleidsontwikkelingen blijft het uitgangspunt dat deze niet kostenverhogend werken. Behalve voor indexering (+3,5%) bevat de kaderbrief geen voorstellen met financiële consequenties voor het (uur)tarief.

Zaaknummer: 1104206

6. Risico’s en kanttekeningen 1.1 Het is zaak alert te blijven rondom verdere besparingsmogelijkheden Regio West Brabant Met het verlagen van de gemeentelijke bijdrage aan het Onderzoek- en Ontwikkelfonds met € 0,22 per inwoner (gaat van € 0,65 naar € 0,43 per inwoner) wordt invulling gegeven aan de oproep om de gemeentelijke bijdrage niet te laten stijgen. Tegelijkertijd blijft het belangrijk om oog te houden voor verdere besparingsmogelijkheden, zeker in het licht van de steeds verdergaande samenwerking in SRBT- en Baronieverband. Taken die overgebracht worden naar deze samenwerkingsverbanden moeten logischerwijs leiden tot een lagere bijdrage aan de RWB. Daarnaast blijft het zaak alert te zijn op de financiële gevolgen van de aangescherpte inhoudelijke focus binnen de werkzaamheden van de RWB. 2.1 De VRMWB ziet zich geconfronteerd met hogere lasten zonder structurele dekking Rondom de VRMWB spelen een aantal ontwikkelingen die voor hogere lasten zorgen. Hierbij gaat het onder andere om hogere energielasten en aangescherpte wetgeving rondom informatieveiligheid. Voor deze bijkomende kosten is (nog) geen structurele dekking binnen de bestaande begroting gevonden.

3.1 Inhoudelijke aansturing voor de RAV verloopt via het ministerie Gelet op het feit dat de RAV volledig bekostigd wordt vanuit de middelen van de zorgverzekeraars is er voor de gemeenten uit het werkgebied van de RAV geen enkel financieel risico. De inhoudelijke inbreng en daarmee de mogelijkheid om te sturen op de individuele belangen van individuele gemeenten is beperkt. 4.1 Een groot deel van de lasten van de GGD zijn personeelslasten Een aanzienlijk deel van de lasten binnen de exploitatie van de GGD bestaat uit personeelslasten. Gemeenschappelijke regelingen volgen de CAO gemeenten. Op dit moment wordt nog door vakbonden en werkgevers onderhandeld over een nieuwe CAO. Het is zeer wel mogelijk dat de uitkomsten van deze onderhandelingen nog gevolgen gaan hebben voor de definitieve bijdragen die de gemeenten moeten gaan betalen. Indien deze gevolgen nog niet duidelijk zijn bij de vaststelling van de begroting door het AB dan zullen deze middels een begrotingswijziging nadien worden verwerkt. Indien een dergelijke stijging zich voordoet kan hiervoor de stelpost indexeringen worden aangesproken. 5.1 De provincie kan een aanslag opleggen rondom de GR NGS De nazorgplannen voor de instandhouding van de bodemmaatregelen worden momenteel geactualiseerd. Deze geactualiseerde plannen moeten voor 1 juli 2025 bij de provincie zijn ingeleverd.

Op basis hiervan kan de provincie een aanslag opleggen aan de Gemeenschappelijke regeling. Of de provincie een aanslag oplegt en zo ja, wat de hoogte van deze aanslag dan is, is nog onbekend. Desalniettemin adviseert het DB van de GR NGS om hiervan melding te maken in de risicoparagraaf. 6.1 Individuele gemeenten kunnen zelf keuzes maken bij de OMWB In een “aanvullende financiële richtlijn” hebben de raden van ALC en BLN vorig jaar gevraagd om (keuze)maatregelen waardoor de bijdrage niet zou hoeven te stijgen. De OMWB presenteert hiervoor in de Kaderbrief de bovenstaande zestal ‘bouwstenen’. Daarbij is bewust niet gekozen voor aanbodgerichte maatregelen die de kwaliteit van de dienstverlening zouden aantasten. In plaats daarvan richten de opties zich met name op vraaggerichte maatregelen waaruit individuele gemeenten zelf keuzes kunnen maken.

Zaaknummer: 1104206

7. Alternatieven De gemeenteraad kan reageren op een van de binnengekomen stukken. Omdat de behandeling hiervan het toezenden van de ontwerpbegroting kruist, is het logischer om in dat geval een zienswijze in te dienen op de ontwerpbegroting. Hier moet het bestuur van de regeling immers formeel op reageren. 8. Lasten, baten en dekking De kaderbrieven beschrijven de financiële richtlijnen en indexatie. De ontwerpbegrotingen die halverwege dit jaar in uw raad worden besproken, maken duidelijk wat de financiële gevolgen voor Baarle-Nassau zijn. 9. Relatie tot Baarle-Hertog N.v.t. 10. Relatie tot ABG-Organisatie De gemeente Alphen-Chaam en gemeente Gilze en Rijen nemen ook deel aan verschillende verbonden partijen, ook met hen worden de kaderbrieven gedeeld. 11. Communicatie en vorm van participatie Over dit besluit is geen aanvullende communicatie naar inwoners nodig. 12. Vervolg Later dit jaar worden de conceptbegrotingen 2026 van de verbonden partijen aangeboden. BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN BAARLE-NASSAU P.W.M. Geurts M.H.M.R. de Hoon- Veelenturf Secretaris burgemeester

Bijlage(n): 1. Kaderbrief RWB 2026 2. Eerste reactie begrotingsrichtlijnen RWB 3. Kaderbrief VRMWB 2026 4. Kaderbrief RAV 2026 5. Kaderbrief GGD WB 2026 6. Kaderbrief NGS 2026 7. Kaderbrief OMWB 8. Informatiebrief RAV

Zaaknummer: 1104206

DE RAAD VAN DE GEMEENTE BAARLE-NASSAU; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders nr. 1104206; besluit: 1. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van Regio West-Brabant; 2. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant; 3. Kennis te nemen van de Kaderbrief 2026 van de Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord; 4. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van de GGD West-Brabant; 5. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van Nazorg gesloten Stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen; 6. Kennis te nemen van de kaderbrief 2026 van Omgevingsdienst Midden en West-Brabant.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 23 april 2025

DE GEMEENTERAAD VAN BAARLE-NASSAU

J.J.M. Nuijen Griffier

M.H.M.R. de Hoon- Veelenturf Voorzitter

Zaaknummer: 1104206

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15418227/1