Raadsvoorstel gewijzigd vaststellen omgevingsvisie
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Commissie R&E: Afdeling: Zaaknummer:
2 april 2025 Ruimtelijke ontwikkeling 1103643
Raadsvergadering: Portefeuillehouder: Programma:
23 april 2025 Wethouder van Tilborg Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing
Voorstel tot het gewijzigd vaststellen van de ontwerp-omgevingsvisie
1. Voorgesteld besluit 1. Het gewijzigd vaststellen van de ontwerp-omgevingsvisie. 2. Akkoord gaan met de reacties op ingediende zienswijzen conform de nota van zienswijzen.
2. Eerdere besluitvorming 6 november 2024: het ontwerp van de omgevingsvisie vrijgeven voor inspraak 3. Samenvatting De raad van Baarle-Nassau stelt het ontwerp van de omgevingsvisie gewijzigd vast. Tijdens de inspraaktermijn zijn 13 zienswijzen ontvangen. In de nota van zienswijzen zijn de zienswijzen samengevat en voorzien van een reactie. Enkele zienswijzen geven aanleiding tot gewijzigde vaststelling. Daarnaast worden er enkele ambtshalve wijzigingen voorgesteld die de omgevingsvisie verduidelijken.
Voorstel 4. Inleiding De omgevingsvisie is een integrale visie met strategische hoofdkeuzen van beleid voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn. Bovendien is het een verplicht instrument voor gemeenten. De Omgevingswet zegt het volgende over een omgevingsvisie. Een omgevingsvisie, bevat: a. Een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. b. De hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkelingen, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied. c. De hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid. In de omgevingsvisie zetten we de koers uit op weg naar 2040 voor onze fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie vervangt na vaststelling onze huidige ‘Omgevingsvisie Baarle-Nassau’, die onder de werking van de Wet ruimtelijke ordening tot stand is gekomen (formeel een structuurvisie). De omgevingsvisie is beleidsarm opgesteld met een beperkte mate van participatie, omdat het met name een update is van de omgevingsvisie die in 2019 is vastgesteld. Sommige thema’s omvatten nieuw beleid. Deze onderwerpen zijn: transitie buitengebied, woningbouw, gezondheid en de energietransitie en duurzaamheid. Op deze onderwerpen hebben sinds 2019 veel ontwikkelingen plaatsgevonden en het is daarom noodzakelijk om op deze onderwerpen de visie te actualiseren. Zaaknummer: 1103643
Hiervan zijn de thema’s ‘wonen’ en ‘energietransitie en duurzaamheid’ doorontwikkeld in nieuw beleid, een programma ‘Wonen’ en een strategie ‘Duurzaamheid’. De hierin opgenomen strategische beleidsuitgangspunten zijn in de ontwerp omgevingsvisie overgenomen. De ontwerp-omgevingsvisie heeft met ingang van 5 december 2024 tot en met 2 januari 2025 vier weken ter inzage gelegen. Daarbij werd de mogelijkheid geboden om een zienswijze in te dienen. In totaal zijn er 13 zienswijzen ingediend. In bijlage 1 is de Nota van zienswijzen opgenomen. Hierin zijn samenvattingen van de ingediende zienswijzen opgenomen met een reactie op onderdelen van deze zienswijzen. Enkele zienswijzen hebben geleid tot een voorstel om de omgevingsvisie gewijzigd vast te stellen. Daarnaast worden enkele ambtshalve wijzigingen voorgesteld. De wijzigingen zetten we hieronder op een rij. Zandpaden: De heemkundekring Amalia van Solms wees in de zienswijze op de beschrijving en ontwikkelingsrichting van de jonge landschappen. In deze voormalige heidegebieden zijn zandpaden aanwezig. De open gebieden lijken veel op elkaar, maar er zijn nuanceverschillen waardoor ze apart worden genoemd. Het viel de heemkundekring op dat behoud van zandpaden niet expliciet is benoemd in de Bedafsche Heide en Tommelsche Heide en wel expliciet is benoemd in de overige voormalige heidegebieden.
In de beschrijving van de gebieden, die is gebaseerd op de landschapsanalyse van de omgevingsvisie 2019, worden de zandpaden in alle voormalige heidegebieden genoemd en van belang geacht. Het is dan ook logisch om in de ontwikkelingsrichting van alle voormalige heidegebieden het behoud van zandpaden op te nemen. Quadripunt: Tussen de Visweg en de randweg ligt een bijzonder punt dat het quadripunt wordt genoemd. Op dit punt komen 4 ‘landsgrenzen’ samen (formeel tot op ongeveer 3 meter afstand). Dit punt ligt in deelgebied 3 van de transformatiegebieden en wordt niet met name genoemd. De bijzondere situatie heeft echter wel waarde, zodat we adviseren het quadripunt te benoemen in het overzicht van uitgangspunten op bladzijde 51: ‘Aandacht voor de enclavesituatie, met in het bijzonder het quadripunt’. Beschrijving ontstaansgeschiedenis kernen: In de gebiedsgerichte uitwerking worden de kernen beschreven. De heemkundekring heeft waardevolle aanvullingen aangeleverd waarmee we de beschrijvingen kunnen uitbreiden. Voorgesteld wordt de teksten bij 'Ontstaansgeschiedenis Ulicoten', 'Ontstaansgeschiedenis BaarleNassau' en 'Unieke enclavesituatie' (met behoud van de 1e zin in het ontwerp) toe te voegen. Schrijfwijze Castelre: In de ontwerp-omgevingsvisie wordt Castelre geschreven als Castelré. De officiële schrijfwijze van Castelre is echter zonder accent aigu.
Voorgesteld wordt om dit in de vast te stellen omgevingsvisie aan te passen. Legenda kaarten: In de ontwerp-omgevingsvisie staan op enkele plaatsen kaarten. In de kaarten zijn enkele legendaeenheden opgenomen die abusievelijk niet zijn aangepast na de conceptronde. Op bladzijde 11 staat een overzichtskaart van de gehele gemeente. Hierop staat het invloedsgebied natura 2000-gebieden opgenomen. Er bestaat echter geen formeel invloedsgebied en in de omgevingsvisie komt dit ook niet terug in de tekst. Op de kaart dient deze legenda-eenheid verwijderd te worden.
Zaaknummer: 1103643
Op bladzijde 46 staat een kaart van het dorp Baarle-Nassau. Hierop staan 2 typen transformatiegebied opgenomen. We hebben in de tekst van de omgevingsvisie aangegeven dat er 4 deelgebieden zijn. Er is geen onderscheid tussen typen transformatiegebied, zodat de kaart hierop aangepast dient te worden. Op bladzijde 58 staat de kaart over het buitengebied. Hierop staat de legenda-eenheid ‘natuur’ met een wit vlak. Op de kaart staan geen witte vlakken. Er is wel een legenda-eenheid ‘groen/bebossing’ met donkergroene vlakken. Dit betreft het natuurnetwerk en daar dient de legenda-eenheid ‘natuur’ op te worden toegepast. Thema Evenwichtig buitengebied: In dit thema is de volgende tekst opgenomen: “Op de hoge zandruggen zien we naast bos, nietgrondgebonden agrarische bedrijven.” Deze tekst is te beperkend en kan een verkeerd beeld schetsen. Er zijn ook nog andere vormen van landbouw geschikt op de hoge, droge zandruggen, met name vormen van landbouw die zich richten op bodemverbetering (sponswerking).
Hightech vollegrondslandbouw met een sterke focus op de bodem (inzet van precisietechnieken, plaats/tijd/gewas-specifieke bemesting en gewasbescherming) en Natuurinclusieve/Biologische landbouw, die natuurlijke principes als uitgangspunt neemt door de bodem te beschermen en de biodiversiteit te stimuleren (gebruik van bodembedekkers, gewasrotatie, bloemstroken, kruidenrijk grasland, niet-kerende-grondbewerking en recycling van natuurlijke grondstoffen) passen hier ook. Voorgesteld wordt om de tekst aan te passen: “In de beekdalen vind je natuur en extensieve, natuurinclusieve landbouw. Op de hellingen bevinden zich grondgebonden agrarische bedrijven met een sterke focus op een gezonde bodem, zoals de inzet van hightech gewasbemesting/bescherming en natuurinclusieve/biologische landbouw, die natuurlijke principes als uitgangspunt neemt. Op de hoge zandruggen zien we naast (voedsel)bos, hightech vollegrondslandbouw en biologische/natuurinclusieve landbouw, ook niet-grondgebonden agrarische bedrijven. Al deze bedrijven zijn economisch vitaal en circulair en hebben oog voor natuur en milieu. Sommigen hebben een brede bedrijfsvoering waarin ze recreatie en andere functies combineren met productie van voedsel en/of biobased (bouw) materialen voor de (regionale) markt.” In hetzelfde thema staat onder het kopje Duurzame landbouwtransitie stimuleren, hetzelfde.
Die tekst dient ook aangevuld te worden conform het bovenstaande. Toelichting op paragraaf 4.2 Omgevingskwaliteit Het versterken en verbeteren van de omgevingskwaliteit willen we bevorderen. De provinciale omgevingsverordening biedt de mogelijkheid om een bouw- of gebruiksactiviteit mogelijk te maken die ten doel heeft de omgevingskwaliteit te versterken en voor dat doel de middelen genereert, ‘Maatwerk met als doel omgevingskwaliteit’. Dit is een voorbeeld van het ‘voor wat, hoort watprincipe’ dat we hanteren voor bepaalde ontwikkelingen. Een veel voorkomende ontwikkeling in het buitengebied is het saneren van een agrarisch bedrijf dat stopt of is gestopt. Het slopen van bebouwing, het beëindigen van milieubelastende activiteiten of het afwaarderen van gronden ten behoeve van natuur zijn verbeteringen van de omgevingskwaliteit. De mogelijkheden om een woning aan het buitengebied toe te voegen (niet zijnde een stedelijke ontwikkeling) zijn gelimiteerd tot bebouwingsconcentraties. In paragraaf 4.5 zijn mede daarom de bebouwingsconcentraties in de gemeente Baarle-Nassau benoemd op basis van de uitgangspunten die in paragraaf 4.3 zijn uitgewerkt. Ruimtelijke ontwikkelingen dienen te worden getoetst aan de omgevingsvisie en de daarin opgenomen ontwikkelingsrichting van een gebied.
In de omgevingsvisie van Baarle-Nassau zijn meerdere ontwikkelingsrichtingen opgenomen die in samenhang als toetsingskader dienen te worden beschouwd. De thematische visielijnen in hoofdstuk 2, de algemene ontwikkelingsrichting Zaaknummer: 1103643
van het buitengebied in paragraaf 4.1, de thematische uitgangspunten voor wonen, werken, recreëren en voorzieningen in paragraaf 4.2, de ontwikkelingsrichtingen per landschapstype en de ontwikkelingsrichtingen voor gebieden zoals de kernen en bebouwingsconcentraties. De bebouwingsconcentraties zijn verdeeld in drie typen. Iedere bebouwingsconcentratie heeft een beschrijving en een ontwikkelingsrichting. Het toevoegen van woningen in bebouwingsconcentraties wordt gekoppeld aan verbetering van omgevingskwaliteit. Vanwege een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is het niet wenselijk om onbeperkt woningen aan het buitengebied toe te voegen. De verdeling van bebouwingsconcentraties in drie typen geeft hier richting aan. In bebouwingsconcentraties type 1 mogen nieuwe woningen op zowel nieuwe als bestaande bouwkavels worden gebouwd. De verbetering van omgevingskwaliteit hoeft niet ter plaatse te worden gerealiseerd, wel in de gemeente zelf en bij voorkeur in de directe omgeving. Indien de ontwikkeling niet zelf tot voldoende verbetering van omgevingskwaliteit kan komen, kan ook een bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen worden gedaan door storting van een bijdrage aan een fonds. In paragraaf 5.5 ‘Kostenverhaal en financiële bijdrage’ stellen we voor om een fonds in te stellen waarin bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen kunnen worden gestort.
Dergelijke fondsen worden ook wel ‘groenfonds’, ‘landschapsfonds’ of ‘fonds kwaliteitsverbetering’ genoemd en zijn bedoeld om ruimtelijke ontwikkelingen een bijdrage te laten doen aan verbeteringen van de fysieke leefomgeving, zoals verbetering van landschappelijke waarden, inrichting natuur, aanleg recreatievoorzieningen, stedelijke herstructurering enzovoort. In artikel 8.21 Omgevingsbesluit staan de categorieën van ontwikkelingen waarvoor een financiële bijdrage gevraagd kan worden. De omgevingsvisie of een programma vormt de basis voor het vragen van een financiële bijdrage. In het geval van het toevoegen van een woning op basis van de maatwerkbepaling in de provinciale omgevingsverordening zal de waarde van de verbetering van de omgevingskwaliteit gelijk dienen te zijn aan € 125.000 (beleidsregel GS d.d 5-12-2023). In bebouwingsconcentratie type 2 kunnen nieuwe woningen alleen op bestaande bouwkavels worden gerealiseerd. Tevens dient de verbetering van de omgevingskwaliteit in de bebouwingsconcentratie zelf plaats te vinden en kan niet worden volstaan met een bijdrage aan het fonds. Indien de verbetering van omgevingskwaliteit niet geheel de waarde heeft die in de provinciale beleidsregel wordt genoemd, mag deze worden aangevuld met een bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen.
In dergelijke gevallen dient er echter wel sprake te zijn van een aanzienlijke kwaliteitsverbetering door de ruimtelijke ontwikkeling. In bebouwingsconcentraties type 3 gaan we terughoudend om met het toevoegen van nieuwe woningen. In dergelijke bebouwingsconcentraties is vaak sprake van cultuurhistorische waarden en een zeer lange status quo qua ruimtelijke ontwikkeling. Het toevoegen van nieuwe bebouwing mag hier niet te licht worden opgevat. In de beschrijving per bebouwingsconcentratie type 3 is aangegeven in welke gevallen het toevoegen van een woning kan worden overwogen. In deze bebouwingsconcentraties dient in het geval van eventuele nieuwbouw de verbetering van omgevingskwaliteit ook in zijn geheel op de locatie of directe omgeving plaats te vinden. Er kan ook alleen gebruik worden gemaakt van bestaande bouwkavels. Paragraaf 5.5 Kostenverhaal en financiële bijdrage De Omgevingswet biedt ruimte voor de ontwikkeling van activiteiten in de fysieke leefomgeving. Voor de ontwikkeling van gebieden zal ook de overheid vaak kosten moeten maken, bijvoorbeeld voor de aanleg van openbare voorzieningen en het wijzigen van het omgevingsplan. De aanleg van voorzieningen vindt in veel gevallen plaats voor rekening van de gemeente. De initiatiefnemers van de ontwikkeling profiteren meer van de aanleg van die voorzieningen dan andere burgers en Zaaknummer: 1103643
bedrijven. Om die reden is het gerechtvaardigd om de kosten te verhalen op de initiatiefnemers. De Omgevingswet verplicht overheden om de kosten voor werken, werkzaamheden en maatregelen naar evenredigheid te verhalen op de initiatiefnemers die profijt hebben van de aan te leggen openbare voorzieningen. Naast het kostenverhaal kan ook een vrijwillige financiële bijdrage gebiedsontwikkeling worden afgesproken. Dat is een bijdrage voor ontwikkelingen die niet onder het kostenverhaal vallen, maar wel bijdragen aan de kwaliteit van een gebied. Voorbeelden hiervan zijn de aanleg van ecologische verbindingszones, nieuwe natuur, recreatievoorzieningen. Dit soort ontwikkelingen zijn veelal niet direct toe te rekenen aan de ruimtelijke ontwikkeling. In een programma zullen de hoofdlijnen van de bekostiging en planning van de ontwikkeling waar de vrijwillige financiële bijdrage voor is bedoeld worden uitgewerkt. In dit programma zal het volgende worden beschreven: • Omschrijving van het gebied dat ontwikkeld gaat worden. • Het verband aangeven tussen de activiteit en de ontwikkeling waaraan wordt bijgedragen. • Ingaan op de financiering van de ontwikkeling. • Een indicatie geven van de gewenste bijdrage. • Ingaan op de planning en realisatie van de ontwikkeling.
5. Argumenten 1.1 De omgevingsvisie is een door de Omgevingswet voorgeschreven instrument Iedere gemeente dient in 2027 een omgevingsvisie te hebben vastgesteld die de visie geeft op de fysieke leefomgeving. De vast te stellen omgevingsvisie vervangt de omgevingsvisie die in 2019 onder de werking van de Wet ruimtelijke ordening is vastgesteld. De vast te stellen omgevingsvisie is een update van die eerder vastgestelde omgevingsvisie. Er is weinig nieuw beleid in opgenomen. Beleidsuitgangspunten die vanaf 1 januari 2024 in programma’s zijn opgenomen, zijn wel terug te vinden in de omgevingsvisie. De vast te stellen omgevingsvisie is geen statisch document. Het is een start van het bouwen aan een beleidshuis dat bestaat uit de 6 kerninstrumenten voor het gebruiken en beschermen van de leefomgeving. De 6 kerninstrumenten zijn: Instrument Omgevingsvisie, Programma Decentrale regels Algemene rijksregels
Omgevingsvergunning Projectbesluit
Toelichting Door- en/of uitwerking van beleid Omgevingsplan, omgevingsverordening Omgevingswet, Omgevingsbesluit, Besluit kwaliteit leefomgeving, Besluit activiteiten leefomgeving enz.
Bevoegd gezag Gemeenteraad College Gemeenteraad Rijk, Minister
College Rijk, provincie of waterschap
De omgevingsvisie en het programma bewegen zich op het terrein van beleidsontwikkeling. In de omgevingsvisie worden de hoofdlijnen door de raad uitgezet. In programma’s kan het college deze hoofdlijnen uitwerken en doorontwikkelen zodat het beleid (ambities en doelstellingen) ten uitvoer kunnen worden gebracht. We staan nog aan het begin van het gebruiken van deze instrumenten. Het is echter wel duidelijk dat beleidsontwikkeling nooit stil staat. De invoering van de Omgevingswet heeft daar niets aan veranderd. De Omgevingswet maakt het echter wel mogelijk om Zaaknummer: 1103643
flexibeler met beleid om te gaan. Als op enige moment een onderdeel van de omgevingsvisie aan verandering of aanvulling toe is, kan dit worden verwezenlijkt door de omgevingsvisie op dat onderdeel te wijzigen. Er dient wel in de gaten gehouden te worden dat de omgevingsvisie een integraal document is. Wijzigingen zouden niet moeten leiden tot tegenstrijdigheden in beleid. Hetzelfde geldt voor programma’s. Programma’s kunnen ook gewijzigd en bijgesteld worden. Op deze manier kan er snel ingespeeld worden op veranderingen in de samenleving. De omgevingsvisie en programma’s worden gepubliceerd op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO), ‘regels op de kaart’. Op die manier zijn ze toegankelijk en raadpleegbaar voor een ieder. 1.2 De wijzigingen ten opzichte van de ontwerpversie komen deels voort uit zienswijzen en zijn hierboven gemotiveerd. Dit raadsvoorstel stelt voor om de ontwerp-omgevingsvisie gewijzigd vast te stellen. Enkele wijzigingen komen voort uit ingediende zienswijzen en enkele wijzigingen komen voort uit ambtshalve geconstateerde opmerkingen die de omgevingsvisie verbeteren. 6. Risico’s en kanttekeningen 1.1 Niet van toepassing 7. Alternatieven Niet van toepassing 8. Lasten, baten en dekking Investering: niet van toepassing Eenmalige kosten: niet van toepassing Structurele kosten: niet van toepassing Dekking: niet van toepassing 9.
Relatie tot Baarle-Hertog De gemeente Baarle-Hertog is geïnformeerd over de ontwerp-omgevingsvisie. De gemeente BaarleHertog heeft hier geen opmerkingen over gemaakt. In de omgevingsvisie hebben we rekening gehouden met de plannen van de gemeente Baarle-Hertog, met name als het gaat over de plannen in de transformatiegebieden in Baarle-Nassau. 10. Relatie tot ABG-Organisatie Voor alle drie ABG-gemeenten wordt een omgevingsvisie voorbereid. Het uitgangspunt is om de vorm van de omgevingsvisies voor de drie gemeenten hetzelfde te houden. De inhoud is uiteraard geheel afgestemd op de gemeente die het betreft. 11. Communicatie en vorm van participatie De ontwerp-omgevingsvisie is voor een groot deel een update van de omgevingsvisie die in 2019 is vastgesteld. De beleidsonderwerpen ‘wonen’ en ‘energietransitie en duurzaamheid’ hebben eigen voorbereidingstrajecten doorlopen, waarna de vastgestelde strategische beleidsuitgangspunten in dit ontwerp zijn overgenomen. Zaaknummer: 1103643
In 2022 is een digitale enquete gehouden onder de inwoners. Deze enquete had tevens tot doel informatie te vergaren over de beleidsonderwerpen ‘wonen’, ‘duurzaamheid’ en ‘groen’. Op 21 december 2023 heeft een bijeenkomst voor inwoners en bedrijven plaatsgevonden waar ongeveer 70 belangstellenden aan hebben deelgenomen. Deze bijeenkomst beoogde informatie op te halen over met name de gebiedsgerichte uitwerking voor het buitengebied en het in voorbereiding zijnde programma ‘Wonen’. 12. Vervolg Planning: Na vaststelling van de omgevingsvisie zal deze bekend worden gemaakt en worden gepubliceerd op het DSO.
BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN BAARLE-NASSAU P.W.M. Geurts M.H.M.R. de Hoon- Veelenturf Secretaris burgemeester
Bijlage(n): Bijlage 1 Nota van zienswijzen
Zaaknummer: 1103643
DE RAAD VAN DE GEMEENTE BAARLE-NASSAU; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders nr. 1103643;
gelet op het bepaalde in artikel 3.1 Omgevingswet; besluit: 1. Het ontwerp van de omgevingsvisie gewijzigd vast te stellen conform de wijzigingen zoals genoemd in de nota van zienswijzen. 2. Akkoord gaan met de reacties op ingediende zienswijzen conform de nota van zienswijzen.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 23 april 2025
DE GEMEENTERAAD VAN BAARLE-NASSAU
J.J.M. Nuijen Griffier
M.H.M.R. de Hoon- Veelenturf Voorzitter
Zaaknummer: 1103643