CConstaterende datBaarle-Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectief wonen en woningbouw 2021 versie 16 juni 2021

Commissie Ruimte en Economie 14 september 2021, gemeente Baarle-NassauBij agendapunt: Ingekomen stukken3.439 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Concept Perspectief op wonen en woningbouw sub regio Breda e.o. 2021 1 Inleiding Het laatste Perspectief dat gemeenten van de sub regio Breda hebben vastgesteld dateert van 2019. In algemene zin zijn de vraagstukken die spelen op de woningmarkt toegenomen en vaak ook complexer geworden. In grote lijnen werken alle gemeenten aan vergelijkbare opgaven voor nieuwbouw en de bestaande voorraad. Er zijn lokaal wat verschillende accenten. Er is bestuurlijk op hoofdlijnen consensus dat het tijd is voor meer dan afstemming van visies en plannen. Voor eind 2021 worden daarvoor minimaal de gewenste contouren van meer intensieve samenwerking vastgesteld. Tot die tijd werken we gericht aan de uitwerking van diverse bestuursopdrachten. Dat doen we overigens vanaf 2021 intensiever samen met corporaties. De gedeelde wens is vanaf 2022 ook met diverse marktpartijen tot regionale (prestatie)afspraken te komen. 2. Relevante uitgangspunten voor het Perspectief Voor dit perspectief zijn de volgende documenten, ambities en afspraken(kaders) uitgangspunt: 1. Provinciale Interim-Omgevingsverordening (IOV) en Brabantse Agenda Wonen 2. Werkafspraken 3. Uitgangspunten versterken regionale samenwerking vanaf 2021 4. Regionale Investeringsagenda/verstedelijkingsafspraken Breda-Tilburg 5.

Intensievere samenwerking met de corporaties Ad 1 De IOV stelt dat regio’s tenminste eens per bestuursperiode een Regionale Omgevingsagenda opstellen. De uitwerking van de regionale omgevingsagenda bevat tenminste afspraken over duurzame verstedelijking. Deze afspraken over duurzame verstedelijking worden jaarlijks gemaakt. De afspraken: a. maken duidelijk hoe het (sub-)regionale woningbouwprogramma, zowel in kwantitatieve, kwalitatieve als ruimtelijke zin, de komende jaren worden ingezet; b. zijn gericht op zorgvuldig ruimtegebruik en op een realistische, flexibele en vraaggerichte planning en programmering van woningbouw; c. zijn er op gericht overprogrammering te voorkomen en gaan waar nodig in op deprogrammering; d. worden gemaakt, rekening houdend met (toekomstige) binnenstedelijke transformatieopgaven en het aanpakken en voorkomen van leegstand; e. de werkwijzen die gehanteerd worden, de voorwaarden waaraan voldaan moet worden, en het (sub)regionale besluitvormingsproces dat doorlopen wordt om nieuwe woonlocaties te ontwikkelen of bestaande locaties van functie te laten veranderen. Concentratie van verstedelijking is een belangrijk provinciaal beleidsuitgangspunt. Op Brabantse schaal betekent dit dat een belangrijk deel van de woningbouw gerealiseerd wordt in de stedelijke concentratiegebieden.

De provincie kijkt serieus naar plannen van landelijke kernen die voorzien in een behoefte en bijdragen aan de versterking van de Omgevingskwaliteit, hierbij rekening houdend met de belangen die in de regio spelen. Ontwikkelingen buiten het stedelijk gebied dienen onder meer te passen binnen de doelstellingen en uitgangspunten van de regionale afspraken.

Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

Ad 2 In 2019 zijn kwantitatieve en kwalitatieve kaderafspraken gemaakt voor de bestaande voorraad, de woonomgeving en programmering van nieuwbouw. Die afspraken zijn met de kennis van nu en een doorkijk naar tenminste 2030 geactualiseerd. Zie bijlage 1. In aanvulling op deze werkafspraken hanteren provincie en gemeenten nog de volgende uitgangspunten: - We zijn alert op overprogrammering: de enorme woningbouwopgave waar we voor staan heeft een sterk accent op de korte en middellange termijn oftewel de eerstkomende 10 tot 15 jaar. Voor de korte termijn beschikken gemeenten over (ruim) voldoende hard planaanbod. Hiermee wordt de voortgang van de woningbouw van jaar op jaar gewaarborgd. Voor de middellange en lange termijn behouden we de nodige flexibiliteit. Hiermee kan worden ‘meebewogen’ met ontwikkelingen aan de vraagzijde. - We sporen elkaar maximaal aan wat betreft de realisatie van plannen. Dat doen we onder andere door een actief beroep te doen op onder andere rijksbudgetten en optimale inzet van provinciale middelen. - We leggen met elkaar regionaal de kwalitatieve puzzel. Breda legt daarbij de focus op binnenstedelijk bouwen (centrumstedelijk). Regiogemeenten ‘completeren’ dit door te bouwen voor andere huishoudens en dus andere kwaliteiten. Alle gemeenten nemen kaderstellend de bouw van sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen in hun programma’s op.

Nadere afspraken over doelgroepen en specifieke woonvormen vloeien voort uit de lopende bestuursopdrachten. Ad 3 We willen onze samenwerking als overheden, maar ook met corporaties en marktpartijen, op een hoger plan brengen. Eind 2021 presenteren we een voorstel hoe we dat praktisch voor ons zien. Voorlopige uitgangspunten voor samenwerking zijn: -

Zoveel mogelijk richten we ons op regionale woningbouwprogrammering en thema’s die ons binden;

-

We laten regionale woningbouwprogrammering aansluiten op de vraag van nu en straks;

-

Binnen elke gemeente is ruimte voor opgaven om (kwetsbare) groepen passend te (blijven) huisvesten en om het lokale DNA te versterken;

-

We werken met bindende sub regionale afspraken;

-

We werken open en transparant (onder andere via monitoring en gegevensdeling)

Ad 4 Regionale Investeringsagenda Bestuurders van de woonregio Breda hebben tot en met april 2021 een verkenning en inventarisatie uitgevoerd van hun gezamenlijke ambities en bovenlokale opgaven. Met deze verkenning en inventarisatie, die is neergelegd in een zogenaamde regionale investeringsagenda (RIA), bieden de bestuurders aan om een samenhangende, substantiële en herkenbare bijdrage te leveren aan: 1. de opgaven van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en de provinciale omgevingsvisie 2. (versnelling van) de woningbouwopgave (nationaal 1 miljoen extra woningen tot 2030); Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

3. de provinciale verstedelijkingsstrategie. Met het nieuwe instrument van de RIA doen de gemeenten een concreet voorstel aan het Rijk om meerjarig samen te werken aan gezamenlijke opgaven en ambities. En om samen met provincie en private regionale partijen het beleid hierop af te stemmen en investeringen te bundelen. Achtergrond ambitie en inzet woonopgaven De regio Breda is een van de snelst groeiende regio’s voor wonen en werken buiten de Randstad richting 2040. In de regio wonen op dit moment 465.000 mensen. Breda is centrumstad van de regio, omringd door de sterke voorsteden Etten-Leur en Oosterhout, de woonkernen van de uitgestrekte gemeente Altena en de landelijke gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Drimmelen, Geertruidenberg en Zundert. Deze gemeenten tezamen vormen een daily urban system met onder andere een gezamenlijke woningmarkt1. Het mozaïek van steden en dorpen levert een zeer divers aanbod aan woonmilieus. Als een van de grootste groeiregio’s voor wonen buiten de Randstad ervaart de regio momenteel de gevolgen van het huidige woningtekort, de daarbij behorende prijsstijgingen en de druk op de betaalbaarheid van de regio voor vooral de midden- en lagere inkomens. Voldoende beschikbare en betaalbare woningen zijn zeer dringend nodig om het tekort terug te dringen. Dit vraagt om een versnelling van de woningbouwproductie.

Een extra opgave ligt op het gebied van sociale huur; in een regio waarin duurzame groei en inclusiviteit centraal staan moet er ook daarvoor voldoende plek zijn. Ook het creëren van voldoende aanbod voor starters op de woningmarkt is noodzakelijk. De kwalitatieve opgave ligt in het creëren van meer doorstroming door het toevoegen van de juiste woning (ook belangrijk voor starters) én het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad. De centrale ambitie in het regionale woningmarktbeleid is het terugdringen van de druk op de woningmarkt door een versnelling van de woningbouwproductie. Zeker nu de laatste bevolkingsprognose laat zien dat de regio toegroeit naar 485.000 inwoners in 2030 en naar 495.000 inwoners in 2040. Waarbij die groei in de periode ‘30-’40 vrijwel geheel voor rekening komt van de centrumstad). De regio Breda staat gezamenlijk voor de kwantitatieve opgave van het toevoegen van minimaal 18.315 woningen in de periode 2020 tot 2030 (conform provinciale prognose 2020). Dit is nodig om de huishoudensgroei te kunnen faciliteren. Kijkend naar de groei- en verstedelijkingsambities van de regio Breda bevat deze RIA een extra woningbouwopgave, bovenop de provinciale prognose. De omvang van de ‘plus’ wordt geraamd op 11.995 woningen. De totale woningbouwopgave volgens de RIA is daarmee ca. 30.000 woningen tot 2030.

In de periode 2030 tot 2040 is de ambitie van de gemeenten gericht op de toevoeging van ca. 17.750 woningen. Deze woningbouw voorziet primair in de groeiende behoeften in de sub regio en draagt verder bij aan het versterken van het vestigingsklimaat en de stedelijke en regionale economie.

1 De gemeente Moerdijk (met name de kern Zevenbergen) is onderdeel van het daily urban system, maar maakt vooralsnog geen

onderdeel uit van de subregio Breda e.o.. De gemeente Moerdijk maakt wel onderdeel uit van de Regionale InvesteringsAgenda. De genoemde getallen zijn hierop gebaseerd. Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

Verstedelijkingsakkoord Breda-Tilburg In de NOVI worden regionale verstedelijkingsstrategieën aangekondigd voor die regio’s waar het Rijk partner is. De stedelijke regio Breda-Tilburg is één van de stedelijke regio’s waarvoor een verstedelijkingsakkoord zal worden uitgewerkt. Het verstedelijkingsakkoord gaat een afsprakenkader bieden met het Rijk over de uitvoering van onder andere de woonopgaven in deze stedelijke regio. Verstedelijking betekent in het kader van dit perspectief dat we de leefbaarheid van verschillende woonmilieus versterken door passende woningen op passende plekken toe te voegen. Zo ontstaat een stedelijke regio die voldoet aan de woningbehoefte van onze inwoners. Vanuit die kwalitatieve ambities dragen we tegelijkertijd substantieel bij aan het tegengaan van het nationale woningtekort. Ad 5 Corporaties zijn sinds 2019 vaste gesprekspartner. In vrijwel elke gemeente lopen wacht- en zoektijden op voor woningzoekenden. De sociale huursector kraakt in haar voegen. Wat precies de effecten zullen zijn van de corona-crisis laat zich raden. Samen met de corporaties hebben we een goed beeld wat er aan sociale en middeldure nieuwbouw en investeringen in de bestaande huurvoorraad nodig is. Er is veel werk aan de winkel. Het lijkt niet meer dan logisch de samenwerking een verdere impuls te geven.

Corporaties zien in eerste aanleg een rol als sparringpartner/adviseur bij het realiseren en verhuren van voldoende betaalbare sociale en middeldure huurwoningen. Corporaties hebben en zorgen voor een goed, actueel, beeld van behoeften van verschillende doelgroepen. Op dit moment werken we samen actief aan de realisatie van specifieke vormen van huisvesting voor spoedzoekers. Omdat verschillende corporaties in meer gemeenten actief zijn ontstaan kansen om vergelijkbare vraagstukken en opgaven meer inhoudelijk te bespreken en tot sub regionale afspraken te komen. Denk hierbij aan afspraken over woonruimteverdeling (zie bestuursopdracht sociale huurvoorraad en taakstelling statushouders). Wens van de corporaties is om voor specifieke onderwerpen tot sub regionale prestatieafspraken te komen. Daarvoor willen we in 2021 de basis leggen.

Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

3. Uitwerking bestuursopdrachten In het licht van de hiervoor beschreven documenten, ambities en afsprakenkaders richt de sub regio zich in 2021 concreet op de volgende bestuursopdrachten: a) Sociale woningvoorraad b) Aanpak Nieuwe Woonvormen en Zelfbouw c) Digitale afstemming en monitoring woningbouwprogrammering d) Taakstellende opgaven beschermd wonen en maatschappelijke opvang e) Bewaken voortgang taakstelling statushouders Hieronder in essentie waar we, deels gefaseerd, aan werken. In een apart document staan de bestuursopdrachten meer uitgebreid beschreven. Per opdracht maken we inzichtelijk wat beoogde resultaten zijn, welke stappen worden gezet, wie ermee aan de slag gaan en welke specifieke inzet van mensen en middelen nodig is om de opdrachten uit te werken. 3a. Sociale huurwoningvoorraad Cijfers en feiten van gehanteerde data/systemen woonruimteverdeling laten zien dat er in alle gemeenten een toenemende druk is op de sociale huurwoningmarkt. De gemiddelde wachttijden lopen overal op. Er ontstaan fricties over verhuisstromen die niet meer in balans zijn. In enkele gemeenten roept dat vragen op. Zowel bestuurlijk als bij groepen woningzoekenden. Actueel zijn er gemeenten die nadenken over het nemen van specifieke maatregelen om de kansen voor eigen inwoners te vergroten.

Wij willen samen met de corporaties onderzoeken wat de praktische effecten zijn van de huidige systematiek. Het gaat dan met name om slaagkansen voor diverse doelgroepen. We kijken onder andere naar verhuisstromen. Ook brengen we in beeld hoe de verdeling van de sociale huurwoningvoorraad er in onze regio uitziet en hoe die zich verhoudt tot de inwoners die op basis van hun inkomen ‘recht’ hebben op een sociale huurwoning. Bedoeling is dat we voor onze gemeenten alle data en effecten goed in beeld brengen. Om vervolgens vast te stellen of specifieke maatregelen of regionale afspraken nodig zijn en zo ja hoe we daar het beste op kunnen sturen. 3b. Aanpak Nieuwe Woonvormen en Zelfbouw We zien een toenemende vraag naar nieuwe woonvormen in onze gemeenten. In ons actuele woningbouwprogramma zien we in enkele gemeenten interessante voorbeelden. De komende jaren willen we, in lijn met het ‘Actieprogramma nieuwe woonvormen en zelfbouw’ van de provincie en het landelijke manifest ‘Passend beleid voor collectieve en andere woonvormen’ als regio nog nadrukkelijker ruimte bieden. In 2021 leggen we hier de basis voor. 3c.. Afstemming en monitoring woningbouwprogrammering Onze sub regio kiest vanaf 2021 voor verdergaande samenwerking op het gebied van wonen.

Onderdeel van de beoogde samenwerking is het gezamenlijk monitoren van het woningbouwprogramma en de stand van zaken van de woningbouwopgave. We sluiten daarvoor aan bij de verschillende dashboards die zijn ingericht in het datasysteem Valtimo dat inmiddels door de gemeente Breda wordt gehanteerd. Voorbereidende werkzaamheden vinden in 2021 plaats. Implementatie en gebruik starten in 2022.

Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

3d. Taakstellende opgaven beschermd wonen en maatschappelijke opvang In goed overleg met corporaties en zorgpartijen in de sub regio worden kader- en taakstellende afspraken gemaakt om passende woonruimte aan te bieden. De afspraken worden vastgelegd in een convenant dat voor eind 2021 wordt ondertekend. Voorbereiding en coördinatie verloopt via een zogeheten huisvestingsnetwerk. We trekken hierbij nadrukkelijk op met de beleidsterreinen zorg en welzijn. 3e. Bewaken voortgang taakstelling statushouders De taakstelling voor 2021 is veel hoger dan vorige jaren. Gemeenten en corporaties streven ernaar de taakstelling zo goed als mogelijk in te vullen. Feit is dat jaarlijks een beperkt aantal passende huurwoningen beschikbaar komt. De wachtlijsten en -tijden lopen inmiddels hard op voor regulier woningzoekenden. Gemeenten stemmen de voortgang van hun taakstelling af en maken zo nodig afspraken over gemeenteoverstijgende oplossingen. In 2021 werken we verder aan eerder vastgestelde opdrachten voor het souterrain van de woningmarkt en het afsprakenkader Arbeidsmigranten Souterrain van de woningmarkt Kern van deze opdracht was het samen met corporaties uitvoering geven aan hun bod om voor spoedzoekers tijdelijke en permanente vormen van huisvesting te realiseren in/vanaf 2021. Diverse gemeenten hebben daarvoor een rijksbijdrage ontvangen.

Er worden ruim meer dan de beoogde minimaal 200 tijdelijke woningen vanaf 2021 geplaatst in onze sub regio. Samen met de corporaties blijven we in gesprek over de noodzaak om vanaf 2022 aanvullende plannen te ontwikkelen en realiseren. Woonitems afsprakenkader arbeidsmigranten Medio 2021 hebben gemeenten van de sub regio het afsprakenkader vastgesteld. Eén van de kaderafspraken is dat gemeenten in West-Brabant bereid zijn een bijdrage te leveren aan voldoende en kwalitatief goede huisvesting voor het aantal arbeidsmigranten dat in hun eigen dan wel in andere gemeenten binnen de regio werkzaam is. Uitgangspunten daarbij zijn 1. Als eerste zijn de bedrijven verantwoordelijk voor het goed huisvesten van arbeidsmigranten. 2. Als de huisvesting niet of niet volledig bij de bedrijven gerealiseerd kan worden, komt de gemeente in beeld. 3. In gevallen waarin de huisvesting niet volledig is te realiseren in de gemeente waarin het bedrijf is gevestigd, worden er subregionaal afspraken gemaakt over de opvang en inrichting van grootschalige opvang. Binnen onze sub regio zien wethouders wonen erop toe dat alle gemaakte woonafspraken worden nagekomen. Het accent ligt in 2021 vooral bij het updaten van beleid en het leveren van een actieve bijdrage aan een themabijeenkomst. Ook zal stevig worden ingezet op handhaving.

Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

4. Capaciteit en middelen In de bestuursopdrachten staat welke inzet gemeenten, provincie en corporaties bestuurlijk en ambtelijk leveren om het beoogde resultaat te bereiken. Partijen garanderen dat de hiervoor benodigde capaciteit beschikbaar is. Politiek-maatschappelijke processen en diverse ontwikkelingen kunnen aanleiding zijn om bestuursopdrachten tussentijds aan te passen en/of te besluiten tot nieuwe bestuursopdrachten. Partijen bepalen samen wat daarvoor nodig is en zorgen voor tijdige besluitvorming over benodigde capaciteit en middelen. Budget/bijdragen 2021 Voor lopende bestuursopdrachten wordt nu alleen rekening gehouden met bijdragen van gemeenten voor de uitwerking van het onderwerp Valtimo.

Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

Bijlage 1: Werkafspraken Perspectief wonen & woningbouw 2021 A. Focus bestaande woningvoorraad 1. De bestaande kwaliteiten van de woningvoorraad vormen de basis voor de lokale en regionale woonopgaven. Deels baseren gemeenten zich daarvoor op regionaal onderzoek dat eerder door Fakton is uitgevoerd. Verder hanteren diverse gemeenten in eigen opdracht ontwikkelde (gebiedsen wijk) profielen. 2. Deze woonopgaven bestaan voornamelijk uit verduurzaming van de woningvoorraad, het meer toekomstbestendig maken gelet op de vergrijzing en actief inspelen op ontwikkelingen in wonen met zorg (intra- en extramuraal). 3. Het oplossen van leegstand in bestaand binnenstedelijk gebied en het bevorderen van (tijdelijke) transformatie van gebouwen en functies heeft nog steeds prioriteit. B. Focus op de kwaliteit en leefbaarheid van de bestaande omgeving 4. Vanuit zorgvuldig ruimtegebruik wordt primair ingezet op bestaand stedelijk gebied en de kansen voor transformatie en herbestemming. 5. Bij woonopgaven binnen bestaand stedelijk gebied wordt nadrukkelijk de relatie met de opgaven op het gebied van energietransitie en klimaatadaptatie in beeld gebracht. C. Kwalitatieve kaders 6. Actief inspelen op een meer specifieke vraag naar vernieuwende, tijdelijke en flexibele woonconcepten en combinaties van wonen, werken en zorg; 7. Afstemmen van nieuw te realiseren en te herontwikkelen woonmilieus; 8.

In ieder geval voor de nieuwbouw gedeelde criteria voor een goede prijs-kwaliteit verhouding. Ambitie is in de lijn van de landelijke Actieagenda 2021 ook voor noodzakelijke ingrepen (zoals verduurzamen en levensloopbestendigheid) in de bestaande voorraad samen met corporaties en marktpartijen tot gedeelde criteria te komen. D. Nieuwbouw: 130% plancapaciteit, adaptief programmeren, afspraken maken over plannen/ambities en keuzen maken 9. Kwantitatief bouwen we voor de vraag op basis van actuele sub regionale marktinformatie. 10. Op basis van de IOV (art. 5.18) zijn de provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognose (primair) richting gevend. 11. Kijkend naar de groei- en verstedelijkingsambities van de regio Breda, zoals geformuleerd in de RIA en het Verstedelijkingsakkoord SRBT, zetten de gemeenten in op een extra versnelling in de woningbouwproductie.

Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

12. Gemeentelijke woningbouwprogramma’s gaan voor de periode tot 2030 uit van gemiddeld 130% 2 capaciteit, waarbij nadrukkelijk adaptief wordt geprogrammeerd om actief in te kunnen spelen op veranderingen en nieuwe kansen. Lokaal en/of sub regionaal onderzoek en afspraken tussen gemeente(n), marktpartijen en/of corporaties vormen de inhoudelijke basis voor te realiseren programma’s. 13. Nieuwbouw staat deels in het teken van een strategische toevoeging op de (tekorten of het gemis aan bepaalde woningtypen/woonmilieus in de) bestaande woonvoorraad. 14. In principe wordt ingezet op inbreiding en transformatie van locaties en functies om aan de (boven)lokale behoeften te kunnen voldoen. In sommige gemeenten is die ruimte beperkt of ontbreekt ze. Dan is uitleg een ruimtelijke keuze, onderbouwd aan de hand van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Een keuze die gelet op de gedeelde meerjarige ambitie van de RIA en het verstedelijkingsakkoord de komende jaren in verschillende gemeenten zal worden gemaakt.

2 Zoals in de kamerbrief van Ollongren van 6 november 2020 over voortgang versnelling woningbouw staat. Tekst: ‘In de

provincies waar dat nodig is heb ik afspraken gemaakt over uitbreiding van de plancapaciteit. Als uitgangspunt hanteer ik daarbij 130% plancapaciteit tot 2030 in die gebieden met de grootste opgave. 130% is daarbij niet een doel op zich, maar een middel om een grotere zekerheid te krijgen dat de benodigde woningbouwproductie gehaald kan worden. Met meer dan 100% plancapaciteit kan vertraging van plannen en planuitval opgevangen worden.’ Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

Bijlage 2: Praktische afspraken uitleglocaties sub regio Breda: 1. Om zicht te houden op de totale ambitie van de subregio en een gevoel te ontwikkelen over de kwaliteit van de op die locaties bedachte toevoegingen worden de woningbouwambities van de gemeenten minimaal jaarlijks in de subregio besproken. 2. Alle nieuwe uitlegleglocaties (lees: de locaties buiten het bestaand stedelijk gebied in voorontwerpfase) vanaf 75 woningen in stedelijke kernen en vanaf 25 woningen in landelijke kernen worden op bestuurlijk niveau afgestemd. 3. Afstemmen houdt in dat de betreffende gemeente een beknopte notitie opstelt met o.a. een korte toelichting op het plan, afweging binnenstedelijke alternatieven (oftewel onderbouwing waarom deze uitleg nodig is en de behoefte niet binnenstedelijk opgelost kan worden), motivering van de woonmilieus en voor wie gebouwd wordt, fasering (bij voorkeur afgeronde deelplannen die zelfstandig kunnen bestaan), planologische voorwaarden en de relatie met de provinciale prognoses. Deze toelichting wordt ruimschoots voor de stuurgroep ambtelijke besproken in de werkgroep Wonen. 4. Middels een brief van de bestuurlijk voorzitter van de subregio wordt het standpunt van de bestuurders aan de betreffende gemeente medegedeeld. Deze brief wordt aan de bestemmingsplanstukken toegevoegd, waarmee e.e.a.

regionaal is afgestemd conform de afspraken in het vastgestelde Regionaal Perspectief op Wonen. 5. Woningbouwplannen die na bovengenoemde afstemming wezenlijk wijzigen worden opnieuw ter afstemming aangeboden aan de subregio.

Alphen-Chaam – Altena - Baarle-Nassau - Breda – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg – Oosterhout – Zundert

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10500417/1