CConstaterende datBaarle Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

Kaders begroting ABG 2022

Gemeenteraad (openbaar) 31 maart 2021, gemeente Baarle NassauBij agendapunt: Voorstel tot indienen van zienswijzen op de kaders voor de begroting ABG 20222.652 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

KADERS 2022 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Datum

14 januari 2021

Zaak Green Valley

301998

-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------1. Inleiding Deze notitie geeft de Kaders voor de ABG begroting 2022 weer. Algemene lijn in deze kaders is dat de begroting 2022, behoudens indexeringen, op hetzelfde niveau zal blijven als voor 2021. Wel stellen we voor om in 2021 onderzoek te doen naar de mogelijkheden om de bestaande efficiencytaakstelling te realiseren. Hiervoor is de insteek om een externe adviseur met de stofkam door onze begroting/ bedrijfsvoering te laten gaan. De begrotingsdoelmatigheid wordt gefixeerd op 2025. Hiermee wordt de komende jaren al een aanzienlijk bedrag bespaard. Indien uit het onderzoek blijkt dat er aanvullende bezuinigingen mogelijk zijn, zonder dat dit gevolgen heeft voor de dienstverlening, zullen wij deze zeker implementeren. Vanuit de vastgestelde begroting 2021 ziet het meerjarig uitgangspunt er als volgt uit:

Lasten

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

A. Personeel A1. Salariskosten

23.615.524

23.974.147

24.406.147

24.847.147

A2. Overige personeelslasten

206.087

206.087

206.087

206.087

A3. Personeel gerelateerde kosten

672.037

672.037

672.037

672.037

361.319

361.319

361.319

361.319

Uitbestedingsbudgetten

1.278.793

1.278.793

1.278.793

1.278.793

Huisvesting ICT Facilitaire kosten Materieel Aanvullende kosten

990.298

986.816

982.930

970.411

3.618.341

3.573.200

3.579.437

3.568.727

933.374

929.102

929.102

929.100

685.637

695.879

691.478

714.709

Calamiteitenbudget

120.745

125.889

125.889

125.889

Stelpost indexering overige lasten (A2 t/m E)

265.266

401.322

539.672

680.372

Organisatie- en kwaliteitsontwikkeling

100.000

Begrotingsdoelmatigheid (groei 10% per jaar na 2020)

-181.000

-197.500

-215.650

-215.650

32.666.421

33.007.091

33.557.241

34.138.941

A4. Tijdelijke vervanging/inhuur Tijdelijke vervanging/advieskosten

B. C. D. E. F.

G. Maatwerk Speciale verzoektaken Totaal lasten

Pagina 1 van 7

Baten

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

A1. Diverse personele opbrengsten

597.972

599.438

599.438

599.438

Uitbestedingsbudgetten

3.000

3.000

3.000

3.000

Huisvesting ICT Facilitaire kosten Materieel Aanvullende kosten Maatwerk

9.000

9.000

9.000

9.000

31.640

31.640

31.640

31.640

21.360

21.360

21.360

21.360

1.875.436

1.905.159

1.905.159

1.905.159

Totaal baten

2.538.408

2.569.597

2.569.597

2.569.597

Bijdrage gemeente Alphen-Chaam

7.412.920

7.491.019

7.626.356

7.769.454

A. Personeel A2. Overige personeelsbaten

A3. Personeel gerelateerde baten A4. Tijdelijke vervanging/inhuur Detachering ingehuurd personeel

B. C. D. E. F. G.

Investeringen en (grondexploitatie)projecten Speciale verzoektaken

Bijdrage gemeente Baarle-Nassau

6.376.767

6.446.474

6.565.307

6.690.954

Bijdrage gemeente Gilze en Rijen

16.356.660

16.525.001

16.820.981

17.133.936

Totaal bijdragen gemeenten

30.146.347

30.462.494

31.012.644

31.594.344

Totaal baten

32.684.755

33.032.091

33.582.241

34.163.941

Saldo voor mutatie reserves

18.334

25.000

25.000

25.000

Stoting reserves

-25.000

-25.000

-25.000

-25.000

-

-

-

Onttrekking reserves

6.666

Saldo na mutatie resevers

-

Onderstaande grafiek geeft de verdeling van de kosten over de diverse onderdelen van de ABGorganisatie weer: Verdeling kosten ABG 3% 2% 1% 11% Personeel Inhuur Uitbesteding Huisvesting

3%

4% 1%

ICT Facilitair

75% Materieel Overig

Pagina 2 van 7

2. Nadere duiding van de lasten Binnen de verschillende begrotingsposten (A t/m G) dienen we kaderstellend rekening te houden met onderstaande aanpassingen. A. Personeel Indexering Loon- en prijsindexeringen worden verwerkt in de ABG-begroting. In de vastgestelde meerjarenbegroting zijn we uitgegaan van de indexering zoals die genoemd is in Septembercirculaire van 2019. Dit gaf het volgende beeld. Percentage meerjarenbegroting 2021-2024 Onderdeel salariskosten Onderdeel overige kosten

2022 2,2% 1,7%

2023 2,0% 1,7%

2024 2,0% 1,7%

2025 0% 0%

In de Septembercirculaire 2020 zijn de indexeringen naar beneden bijgesteld. Dit geeft het volgende beeld: Indexering conform Septembercirculaire 2020 Onderdeel salariskosten Onderdeel overige kosten

2022 1,3% 1,5%

2023 1,5% 1,5%

2024 1,5% 1,5%

2025 1,8% 1,5%

Deze indexeringen vanuit de Septembercirculaire 2020 zijn lager dan de indexeringen zoals deze in de huidige vastgestelde (meerjaren) begroting 2021-2024 zijn verwerkt. Loonontwikkeling in relatie tot indexering De huidige CAO SGO (Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties) loopt tot en met 2020. De onderhandelingen voor de nieuwe CAO vanaf 2021 moeten nog gestart worden. Omdat de financiële effecten van de onderhandelingen nog niet kunnen worden ingeschat, wordt voorgesteld om de huidige indexering op de salariskosten (A1) niet te wijzigen op grond van de lagere indexen. Op het moment dat de nieuwe CAO definitief vastgesteld is, kan pas echt worden bepaald of de indexering toereikend is om de eventuele gestegen salarissen/lonen te dekken. Het is overigens de verwachting dat de pensioenpremie vanaf 2021 zal stijgen, waardoor de loonkosten hoger zijn. Een deel van de indexering is dus benodigd om de stijging van de pensioenpremie te bekostigen. De indexering voor de overige personeelskosten (A2 en A3) is voor de periode 2022 tot en met 2024 jaarlijks 0,2% lager. De indexering voor 2021 is 0,3% lager. Dit betekent dat we in 2022 de stelpost indexering met 0,5% naar beneden bijstellen (0,2% voor het jaar 2022 en een correctie van 0,3% voor 2021). Het financiële effect van de lagere indexering op de overige personele kosten vatten we samen in de tabel “financiële effecten”.

Ontwikkelingen In de jaren 2021 en 2022 wordt een aantal wetswijzigingen doorgevoerd die mogelijk invloed hebben op de personele inzet van de ABG-organisatie. Te denken valt aan o.a. Wet Privatisering Kwaliteitsborging, Wet Inburgering en Omgevingswet. Omdat de exacte personele gevolgen momenteel nog onduidelijk zijn, kiezen we ervoor om de huidige vacatureruimte flexibel in te zetten, zodat aanpassing van de formatie op termijn mogelijk is. De eerste inschattingen van de personele consequenties als gevolg van nieuwe wet- en regelgeving wijzen op een verandering in competenties, opleidingsniveau en specialismen van de medewerkers. We monitoren de

Pagina 3 van 7

ontwikkelingen nauwgezet en zullen tijdig rapporteren over de consequenties voor opleidingsbudgetten en formatie. De ABG-organisatie en de drie aangesloten gemeenten bezinnen zich momenteel op de samenwerkingsverbanden waarin ze in de toekomst actief willen zijn, mede op basis van het rapport van I&O/Blaauwberg. Het blijvend op voldoende niveau werken op alle domeinen in twee regio’s (Regio Hart van Brabant en Regio West Brabant) kan alleen met meer personele inzet. De doelstelling is te komen tot een zodanige participatie in beide regio’s dat we effectief én efficiënt de doelstellingen van de ABG-gemeenten kunnen realiseren. Voor de Kaders 2022 gaan we er vooralsnog vanuit dat we dit binnen de bestaande personeelsformatie-omvang kunnen doen, mits er positieve besluitvorming op dit vlak plaatsvindt in de drie gemeenteraden in 2021. Daarnaast blijkt uit een onderzoek van Royal Haskoning DHV dat de ABG-organisatie structureel te weinig personele capaciteit heeft op het gebied van water, riolering en klimaatadaptatie. Via de drie Verbrede Gemeentelijke Rioleringsplannen zal de benodigde formatie moeten indalen in de ABG-organisatie. De dekking vindt plaats via het gesloten circuit van de rioolheffing van de drie gemeenten.

Uitbestedingsbudget: Inzameling huishoudelijk afval De aanbesteding voor de huishoudelijke afvalstromen van Alphen-Chaam en Baarle-Nassau heeft in 2020 plaatsgevonden. In de begroting 2021 hadden we al hogere kosten voorzien van € 210.000. De uiteindelijke inschrijving blijkt echter € 153.000 hoger te zijn. In deze inschrijving is de nieuwe manier van afvalinzameling in Alphen-Chaam verwerkt. Daarnaast stijgen de kosten van afvalinzameling in Gilze en Rijen met € 37.000. In Alphen-Chaam zijn de kosten van de papierinzameling € 30.000 hoger doordat de verenigingen gecompenseerd worden voor de steeds lagere oud-papier-prijzen. De extra kosten van € 220.000 verwerken de gemeenten in de totale kosten van afvalinzameling (zgn. gesloten circuit). Ook voor 2021 zullen de kosten voor inzameling van huishoudelijk afval toenemen. Het effect voor 2021 verwerken we in de 1e tussentijdse rapportage 2021 van de ABG-organisatie. Bovenstaande heeft geen financieel effect op de totale personele kosten. Uitbestedingsbudget: Commissie bezwaarschriften Als gevolg van de harmonisering van de drie commissies bezwaarschriften tot één commissie voor de ABG kan een kostenbesparing van € 10.000 gerealiseerd worden. Dit voordeel nemen we op in de tabel “financiële effecten” in de samenvatting. Koers 2022 e.v.

De personele en organisatorische versterkingen uit het bedrijfsplan leiden tot effect, daarom worden voor 2022 geen grote wijzigingen voorgesteld. Voor de jaren 2023 e.v. is een en ander afhankelijk van de exacte consequenties van bovengenoemde ontwikkelingen. B. Huisvesting Indexering In de meerjarenbegroting 2021-2024 hebben we voor exploitatiekosten van de huisvesting de volgende indexeringen verwerkt in de stelpost indexeringen: Percentage meerjarenbegroting 2021-2024 Onderdeel overige kosten

2022 1,7%

2023 1,7%

2024 1,7%

2025 0%

Pagina 4 van 7

Bovenstaande indexering is gebaseerd op de indexering uit de Septembercirculaire 2019. In de Septembercirculaire 2020 zijn de volgende indexeringen opgenomen: Indexering conform Septembercirculaire 2020 Onderdeel overige kosten

2022 1,5%

2023 1,5%

2024 1,5%

2025 1,5%

Voor de periode 2022 tot en met 2024 zijn deze indexeringen 0,2 % lager dan de indexeringen zoals deze in de huidige vastgestelde (meerjaren) begroting 2021-2024 zijn verwerkt. De indexering voor 2021 is 0,3% lager. Dit betekent dat in 2022 de stelpost indexering met 0,5% naar beneden kan worden bijgesteld (0,2% voor het jaar 2022 en een correctie van 0,3% voor 2021). Het financiële effect van de lagere indexering op de exploitatiekosten van de huisvesting vatten we samen in de tabel “financiële effecten”. Ontwikkelingen Het effect van de besluitvorming in 2020 in de drie gemeenten is dat vooralsnog een centrale huisvesting van de baan is. De financiële effecten voor het gemeentelijk vastgoed zijn meegenomen in de gemeentelijke begrotingen. Vanuit het ABG-bestuur wordt momenteel gewerkt aan een procesvoorstel om te komen tot toekomstbestendige huisvesting van de organisatie. C. ICT Indexering In de ICT-branche worden de prijzen jaarlijks verhoogd met het CBS indexcijfer SBI 2008 zakelijke dienstverlening. Op basis hiervan verwachten we dat ICT-kosten de komende jaren geïndexeerd worden met 2,5% tot 3,5%. We stellen voor om het ICT budget (excl. afschrijvingslasten) vanaf 2023 te verhogen met gemiddeld 3%. Voor 2022 betekent dit in beginsel een kostenverhoging van jaarlijks circa € 90.000.

Voor 2022 wordt voorgesteld de indexering niet door te voeren en pas per 2023 weer te indexeren. Dit (eenmalig) niet indexeren van de ICT-kosten in 2022 heeft overigens wel een structureel effect; we missen de indexering van 2022 namelijk ook in de volgende jaren. De kosten dienen te worden opgevangen binnen de begroting door o.a. de ontwikkelingen te temporiseren. Een nadere uitwerking is te vinden in de tabel “financiële effecten”. Ontwikkelingen Op het gebied van automatisering en gegevensmanagement worden ontwikkelingen voortgezet en wordt verder invulling gegeven aan het Uitvoeringsprogramma van de I-visie. Zo wordt de kantoorautomatisering gaandeweg vervangen, worden applicaties voor verschillende vakafdelingen geoptimaliseerd en wordt geïnvesteerd in de werkplek van de toekomst. Ook voor wat betreft gegevensmanagement worden de capaciteiten en randvoorwaarden verder uitgebouwd. ICT kosten vormen een wezenlijk onderdeel van de ABG-begroting. Dit brengt met zich mee dat we voortdurend kijken of we ICT-kosten qua groei kunnen beperken en zo mogelijk reduceren. Daarvoor zullen we bestuurlijk en ambtelijk binnen Equalit aandacht vragen voor (het sturen op) kosten in relatie tot output. We sluiten daarbij aan bij initiatieven van andere gemeenten en van Equalit zelf. De resultaten hiervan kunnen dan worden meegenomen in 2022 e.v.

Pagina 5 van 7

D. Facilitaire kosten Indexering Voor de indexering op de facilitaire kosten verwijzen we naar de tekst en cijfers zoals deze genoemd zijn bij het onderdeel B Huisvesting. Het financiële effect van de lagere indexering op facilitaire kosten vatten we samen in de tabel “financiële effecten”. Ontwikkelingen De afgelopen jaren zijn de meeste werkplekken in de gemeentekantoren flexibel ingericht. We verwachten een bedrag van circa € 40.000 structureel te kunnen besparen. Deze besparing zetten we in om een deel van de taakstellende begrotingsdoelmatigheid te realiseren (zie onderdeel F). E. Materieel/tractie Indexering Voor de indexering op de kosten voor materieel en tractiemiddelen verwijzen we naar de tekst en cijfers zoals deze genoemd zijn bij het onderdeel B Huisvesting. Het financiële effect van de lagere indexering op kosten voor materieel en tractiemiddelen vatten we samen in de tabel financiële effecten”. F. Aanvullende kosten Ontwikkelingen Vanaf de (meerjaren)begroting 2020 is een stelpost begrotingsdoelmatigheid opgenomen die jaarlijks 10% toeneemt. We stellen voor om de jaarlijkse groei van 10% tot 2025 te handhaven. Binnen het personeelsbudget hebben we inmiddels 60% structureel opgelost en binnen het budget facilitaire kosten kunnen we een bedrag van € 40.000 realiseren.

Voor het oplossen van de resterende taakstellende begrotingsdoelmatigheid onderzoeken we in 2021 de mogelijkheden. In onderstaande tabel geven we een overzicht van de ontwikkelingen van de taakstellende begrotingsdoelmatigheid.

Taakstellende begrotingsdoelmatigheid Realisatie vanuit personeelsbudget Realisatie vanuit budget facilitaire kosten Nog te realiseren

2022 € 197.500 - € 108.500 - € 40.000 € 49.000

2023 € 215.650 - € 108.500 - € 40.000 € 67.150

2024 € 235.615 - € 108.500 - € 40.000 € 87.115

2025 € 235.615 - € 108.500 - € 40.000 € 87.115

3. Nadere duiding van de inkomsten Vanaf 2021 wijzigt het systeem van kostenverdeling van de ABG-organisatie naar de 3 gemeenten. Deze wijziging heeft echter geen financiële consequenties voor de deelnemers. De nieuwe systematiek houdt kortgezegd in dat gemeenten gaan betalen wat ze krijgen en krijgen waarvoor ze betalen. Indien gemeenten meer of minder diensten af willen nemen, dient dit bij de kaderbespreking aangegeven te worden, zodat de directie ook de tijd heeft om bij te kunnen sturen. Er kunnen overigens frictiekosten ontstaan op het moment dat gemeente(n) aanzienlijk minder diensten af willen nemen, omdat dan in het vaste personeelsbestand maatregelen moeten worden genomen.

Pagina 6 van 7

Samenvatting De financiële effecten van bovengenoemde onderwerpen geven het volgende beeld voor de ABGorganisatie: Onderdeel A. Commissie bezwaarschriften A. Bijstelling indexering overige personeelskosten (A2 + A3) B. Bijstelling indexering huisvesting C. Indexering ICT D. Bijstelling indexering facilitaire kosten E. Bijstelling indexering materieel/tractiemiddelen Totaal financieel effect

2022 € 10.000 € 4.400 € 4.900 €0 € 4.700 € 3.500

2023 € 10.000 € 1.800 € 2.000 -€ 90.000 € 1.900 € 1.400

2024 € 10.000 € 1.800 € 1.900 -€ 90.000 € 1.900 € 1.400

2025 € 10.000 -€ 13.200 -€ 14.600 -€ 90.000 -€ 14.100 -€ 10.700

+ = voordeel - = nadeel

€ 27.500

-€ 72.900

-€ 73.000

-€ 132.600

-€ 220.000

-€ 220.000

-€ 220.000

-€ 220.000

A. Inzameling huishoudelijk afval

In onderstaande tabellen geven we aan wat de financiële effecten per gemeente zijn van de kaders voor de begroting 2022. Per saldo wordt de bijdrage per gemeente hoger. Het financiële nadelige effect vanaf 2023 vindt de oorsprong in de indexering voor ICT. De hogere kosten voor afvalinzameling worden in de gemeenten verwerkt in de totale exploitaties voor afvalinzameling en meegenomen in het gesloten circuit. V= Voordeel N= Nadeel

Gemeente Alphen-Chaam (verdeelsleutel 24,6%): Onderdeel Financieel effect Kaders 2022 Inzameling huishoudelijk afval

2022 € 6.765 V € 54.120 N

2023 € 17.933 N € 54.120 N

2024 € 17.958 N € 54.120 N

2025 € 32.620 N € 54.120 N

2023 € 15.746 N € 47.520 N

2024 € 15.768 N € 47.520 N

2025 € 28.642 N € 47.520 N

2023 € 39.220 N € 118.360 N

2024 € 39.274 N € 118.360 N

2025 € 71.339 N € 118.360 N

Gemeente Baarle-Nassau (verdeelsleutel 21,6%): Onderdeel Financieel effect Kaders 2022 Inzameling huishoudelijk afval

2022 € 5.940 V € 47.520 N

Gemeente Gilze en Rijen (verdeelsleutel 53,8%): Onderdeel Financieel effect Kaders 2022 Inzameling huishoudelijk afval

2022 € 14.795 V € 118.360 N

Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9810585/1