CConstaterende datBaarle-Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 - Kadernotitie Nazorg Gesloten Stortplaatsen 2027

Gemeenteraad (openbaar) 24 juni 2026, gemeente Baarle-NassauBij agendapunt: Raadsvoorstel kaderbrieven 20271.887 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kadernotitie 2027 gemeenschappelijke regeling

Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen Inleiding In het kader van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dient de GR Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen (GR NGS) als gemeenschappelijke regeling een kadernotitie op te stellen, die richtinggevend moet zijn voor de opstelling van haar begroting voor het aankomend begrotingsjaar 2027. De begroting 2027 wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken opgenomen in de primitieve begroting, tenzij dit al is besloten door het Algemeen Bestuur. De begroting voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Dit betekent dat de daarin voorgeschreven gegevens in de begroting worden opgenomen. Indien indexering van kosten noodzakelijk is, is het prijsindexcijfer van de algemene prijsontwikkeling BBP uit de septembercirculaire 2025 van 2,5% de basis voor de begroting 2027. Voor alle van toepassing zijnde financiële richtlijnen wordt verwezen naar de bijlage bij deze kadernotitie. Algemene informatie GR NGS is een in 2011 opgerichte gemeenschappelijke regeling met de status van openbaar lichaam tussen 10 gemeenten in de regio Baronie. GR NGS is de (gedeeltelijke) rechtsopvolger van GR Milieu en Afval Regio Breda (MARB).

De status van openbaar lichaam vloeit voort uit de grote mate van zelfstandig handelen, die samenhangt met het doel: het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten bij de eeuwigdurende nazorgverplichtingen van de Regionale Stortplaats Zevenbergen en de Afvalstoffenberging Bavel-Dorst. Deze twee stortplaatsen worden vanuit de wet verschillend benaderd. Stortplaatsen waar op of na 1 september 1996 afval is gestort, vallen onder de (Nazorgregeling) Wet milieubeheer en stortplaatsen die eerder zijn gesloten onder de Omgevingswet. Dat betekent dat de regionale stortplaats Zevenbergen valt onder de Wet milieubeheer en afvalstoffenberging Bavel-Dorst onder de Omgevingswet. Stortplaats Zevenbergen De Wet milieubeheer stelt dat de provincie verantwoordelijk wordt voor de nazorg nadat voor de stortplaats een sluitingsverklaring is afgegeven door de provincie. Hiervoor dient o.a. een plan opgesteld te worden waarin wordt aangegeven op welke wijze de stortplaats na afgifte van de sluitingsverklaring kan worden beheerd, zodanig dat deze geen nadelige gevolgen voor het milieu veroorzaakt: het nazorgplan. Op basis van dit nazorgplan wordt vervolgens door middel van een landelijk hiervoor gehanteerd rekenmodel bepaald hoe hoog het doelvermogen op het moment van overdracht aan de provincie zou moeten zijn om de eeuwigdurende nazorg te bekostigen.

Naast de technische inhoud van het nazorgplan zijn de rekenrente en het overdrachtsjaar die meegenomen worden in de berekening van grote invloed op de uitkomst hiervan. In 2018 is naar aanleiding van het uitvoeren van de 5-jaarlijkse ALM-studie door de provincie NoordBrabant (PNB) de rekenrente van 5,06% naar 3,65% bijgesteld. Naar aanleiding hiervan is een overeenkomst tussen PNB en de Brabantse exploitanten, waaronder GR NGS, afgesloten waarin is afgesproken dat er binnen een periode van 5 jaar onderzocht zou worden of er mogelijkheden zijn om het benodigde doelvermogen omlaag te brengen. Tevens was hierin opgenomen dat PNB gedurende Kadernotitie 2026 versie 1.1 | Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen

|1

de looptijd van de overeenkomst geen heffingsaanslag op zou leggen naar aanleiding van de verlaagde rekenrente. Deze overeenkomst is in juni 2024 afgelopen. Vanaf het aangaan van deze overeenkomst werd er al vrijwel direct gesproken over een verlenging van de overeenkomst met vijf jaar. PNB en de exploitanten hebben altijd de intentie gehad om de overeenkomst te verlengen maar in het bestuurlijk overleg in 2024 is besloten om dit niet te doen. De provincie heeft begin 2024 naar aanleiding van een nieuwe ALM-studie de rekenrente formeel vastgesteld op 3,45% en heeft later datzelfde jaar aangegeven dat er een heffingsaanslag wordt opgelegd n.a.v. de gewijzigde rekenrente. Afgesproken is dat de tussentijdse nazorgplannen van de exploitanten geactualiseerd worden. Het tussentijdse nazorgplan voor stortplaats Zevenbergen wordt uiterlijk halverwege januari ingediend bij de provincie. Vervolgens wordt dit door de provincie beoordeeld en vastgesteld door Gedeputeerde Staten. Op basis van het vastgestelde tussentijdse nazorgplan wordt vervolgens een berekening van het doelvermogen gemaakt waarop de heffing gebaseerd zal zijn. PNB heeft aangekondigd de heffingsaanslag eind Q1 2026 op te leggen. In de afgelopen periode is er door GR NGS op aangestuurd om een overdrachtsdatum ver in de toekomst op te nemen in het nazorgplan.

Daarbij werd verwacht dat de op dit moment in het nazorgfonds aanwezige gelden voor stortplaats Zevenbergen zo goed als toereikend zouden zijn, waardoor er geen heffing, dan wel slechts een beperkte en beheersbare heffing, noodzakelijk zou zijn. Inmiddels is het duidelijk dat de provincie hiermee niet akkoord gaat en wordt ernaar gestreefd om op een eerder moment afspraken te maken m.b.t. de nazorg, het moment van overdracht en het (benodigde) doelvermogen. Het streven van GR NGS is om de heffing zoveel mogelijk binnen de GR op te vangen, hetgeen echter afhankelijk is van de keuzes van de provincie. Er wordt geadviseerd om, evenals in de voorgaande jaren, melding te maken van de aanstaande heffing in de risicoparagraaf. Gezien de huidige hoge factor van onzekerheid omtrent de hoogte van de heffing wordt er terughoudend gecommuniceerd. Daarbij wordt zoveel mogelijk samengewerkt met de andere Brabantse exploitanten en met PNB. Stortplaats Bavel-Dorst De stortplaats Bavel-Dorst valt niet onder de Wet milieubeheer en de financiering van de eeuwigdurende nazorg blijft dus de verantwoordelijkheid van de gemeenschappelijke regeling. Sweco Nederland B.V. is vergunninghouder, eigenaar en uitvoerende partij van de overeengekomen nazorgtaken. De GR NGS beheert het nazorgfonds. Een jaarlijkse bijdrage vanuit de deelnemende gemeenten is noodzakelijk om het doelvermogen op peil te houden.

GR NGS is gebonden aan het schatkistbankieren. Het beheer van Bavel-Dorst wordt uitgevoerd als ware het een stortplaats die wel onder de Wet milieubeheer valt. Hierdoor liggen de kaders voor het eeuwigdurende beheer vast. Uit onderzoek naar de afdeklaag van Bavel-Dorst is gebleken dat gesteld kan worden dat deze minstens 100 jaar mee kan in plaats van 50 jaar. Naar aanleiding hiervan is het nazorgplan voor Bavel-Dorst geactualiseerd en is het benodigde doelvermogen bijgesteld. Sinds 2023 behaalt de GR NGS inkomsten uit de rentestand. Het behaalde resultaat van 2023 en 2024 is in respectievelijk 2024 en 2025 uitgekeerd aan de gemeenten o.b.v. de bijdrage die iedere gemeente doet. Alle middelen voor Bavel-Dorst zijn belegd in de schatkist en genereren (minimale) renteopbrengsten. In het provinciale nazorgfonds, waar ook de circa € 14 miljoen voor Zevenbergen onderdeel van is, wordt vanaf eind 2019 weer belegd, waardoor hier weer een rendement gehaald wordt op de gelden. Derhalve is het voordeliger om de kosten van pre-nazorg te betalen uit de voorziening voor Bavel-Dorst. Hierdoor ontstaat er een vordering vanuit Bavel-Dorst op de stortplaats Zevenbergen. Bedrijfsvoering De gemeenschappelijke regeling heeft zelf geen personeel in dienst. Middels een dienstverleningsovereenkomst is de volledige bedrijfsvoering ondergebracht bij de gemeente Breda.

In grote lijnen is de taakuitvoering te splitsen in: Kadernotitie 2026 versie 1.1 | Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen

|2

-

Beheer van het vermogen; Control van het technisch beheer; Advisering van Dagelijks en Algemeen Bestuur; Ondersteuning op secretarieel en administratief gebied.

Financiële informatie De financiële verplichtingen uit hoofde van de eeuwigdurende nazorg van Bavel-Dorst worden gefinancierd uit een doelvermogen dat in 2027 qua omvang zal zijn afgestemd op de contant gemaakte nazorgkosten uit het in 2025 geactualiseerde nazorgplan van 2025. Dotatie en bijdrage In de begroting 2026 is vastgesteld dat de bijdrage voor de deelnemende gemeenten € 663.295 bedraagt. Vanaf november 2022 worden uit deze bijdrage niet alleen de (jaarlijkse) kosten voor de nazorg van Bavel-Dorst betaald maar ook voor de locatie Zevenbergen. Gezien de inflatie is een aanpassing van dit bedrag vanaf 2027 voorzien. Kaders met betrekking tot bijdrage Bavel-Dorst 2027-2030 Naar aanleiding van de door Sweco opgestelde kostenraming voor de gesloten stortplaats wordt voorzien dat de toekomstige kosten voor onderhoudswerkzaamheden hoger zullen uitvallen. Vooralsnog wordt uitgegaan van een aanpassing van de bijdrage van de deelnemende gemeenten conform het eerder vastgestelde indexeringspercentage. Ontwikkelingen stortplaats Zevenbergen Zoals hierboven is vermeldt is de provincie voornemens een heffing op te leggen en is het op dit moment nog niet duidelijk hoe hoog deze wordt. Het beheer en onderhoud (pre-nazorg) wordt uitgevoerd door Attero.

De kosten hiervoor worden conform overeenkomst pre-nazorg tussen GR NGS en Attero voor 80,3% betaald door GR NGS en voor 19,7% door Attero.

Kadernotitie 2026 versie 1.1 | Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen

|3

Bedrijfsvoeringskosten Gezien de ontwikkelingen rondom de overdracht van stortplaats Zevenbergen, wordt voorgesteld om de uren voor benodigde technische, financiële en secretariële ondersteuning te handhaven op het niveau van de afgelopen jaren en deze te indexeren. De overige kosten blijven gehandhaafd op het niveau van 2026.

BESLUIT: De kadernotitie 2027 voor de Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen vast te stellen. Aldus besloten op 4 december 2025

G.J.A.M. de Weert Voorzitter

Kadernotitie 2026 versie 1.1 | Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen

|4

Bijlage 1

Financiële richtlijnen

1. Van het Dagelijks Bestuur (DB) van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) wordt verwacht dat hij een structureel financieel-sluitende meerjarenbegroting, waarin vier jaar vooruit wordt gekeken, aanbiedt aan de deelnemers. De gehanteerde begrotingsuitgangspunten door de GR dienen in de begroting 2027 van de GR inzichtelijk te worden gemaakt. In de begroting 2027 dient een overzicht te worden opgenomen met de meerjarige bijdrage (2027 t/m 2030) per deelnemer. 2. De begroting en jaarrekening dienen te voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). 3. De begroting dient conform nullijn te worden opgesteld, op basis van ongewijzigd beleid. Dat wil zeggen dat geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting mogen worden opgenomen, tenzij dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. 4. De begroting bevat een overzicht met het verloop van de (bestemmings)reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de GR de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt.

Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de GR in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen. 5. De begroting 2027 dient te worden opgesteld op basis van een gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage ten opzichte van het begrotingsjaar 2026. Als dit leidt tot beleidsmatige keuzes dienen deze aangegeven te worden in de kaders voor de begroting 2027. 6. De GR beschrijft in de begroting 2027 in hoeverre de bijdrage van de gemeente/deelnemers gelijk kan blijven aan de bijdrage voor 2026. Dit kan door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. 7. Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De GR kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het algemeen bestuur. Hierover neemt het algemeen bestuur een besluit. 8. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de GR de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersmaatregelen. Ook geeft de GR inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit.

Kadernotitie 2026 versie 1.1 | Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen

|5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16958018/1