Bijlage 6 - 17042025 Samengevoegde wensen en bedenkingen RPE WBEB
Tekst van het document
Afkomstig van
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Altena
Baarle-Nassau
Baarle-Nassau
Baarle-Nassau
Baarle-Nassau
Baarle-Nassau
Bergen op Zoom
Bergen op Zoom
Bergen op Zoom
Bergen op Zoom
Breda
Breda
Breda
Breda
Breda
Breda
Breda
Breda
Breda
Breda
Breda
Drimmelen
Drimmelen
Drimmelen
Drimmelen
Drimmelen
Drimmelen
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Etten-Leur
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Geertuidenberg
Halderberge
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Moerdijk
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Oosterhout
Provincie NB
Provincie NB
Roosendaal, college
Roosendaal, college
Roosendaal, college
Roosendaal, raad
Roosendaal, raad
Roosendaal, raad
Roosendaal, raad
Rucphen
Rucphen
Rucphen
Rucphen
Steenbergen
Steenbergen
Steenbergen
Waterschap Brabantse Delta
Waterschap Brabantse Delta
Waterschap Brabantse Delta
Waterschap Brabantse Delta
Waterschap Brabantse Delta
Waterschap Brabantse Delta
Waterschap Brabantse Delta
Woensdrecht
Zundert
Zundert
Zundert
Zundert
Zundert
Zundert
Zundert
Zundert
Zundert
Wensen en bedenkingen
De lokale energievraag en aanbod een prominentere rol geven. Liever eerder concrete stappen zetten gezien de nijpende situatie op het elektriciteitsnet.
Alternatieve energie voorrang geven.
Energie moet een afwegingscriterium zijn bij ruimtelijke keuzes.
Liever wachten op de resultaten van de energiehubs alvorens we keuzes maken.
Meer aandacht voor afstemming/balans met andere gebiedsopgaven. Een integrale aanpak is noodzakelijk.
Afstemming met andere RES-regio’s en wellicht landelijk is wenselijk vanwege kansrijke grootschalige opwekgebieden elders.
Vanwege het ruimtebeslag voor opwek en opslag boven- en ondergronds naar verwachting vooral op landbouwgronden, moeten de landbouwgronden beter beschermd worden en moet er meer aandacht zijn voor zorgvuldig ruimtegebruik.
Waar sprake is van landgebruik voor energieopgaven (eventueel in combinatie met andere functies) moet er naast een kwantitatieve ook een kwalitatieve benadering gehanteerd worden.
Meer duidelijkheid/uitgangspunten bij het beroep op solidariteit. Wat houdt het in als er op Altena een beroep wordt gedaan? Wie heeft de regie? Wanneer komt de gemeenteraad daarbij in positie?
Starten met besparen en isoleren. Daarbij voor grootschalige opwek vooral sturen op bestaande infrastructuren en meer nadruk op het benutten van bedrijfshallen, bedrijventerreinen, parkeerterreinen en restgronden.
Prioriteit geven aan de principes zekerheid, betrouwbaarheid en veiligheid.
Vanwege verschillen in uitdagingen op gebieds- of sectorniveau door toenemende energievraag, de opgave per gebied en per sector oppakken (haven, bedrijventerreinen, woonkernen).
De identiteit van Altena in ere houden door nieuwe vormen van opwek van duurzame energie passend bij Altena (kleinschalig en innovatief) te stimuleren.
Meer aandacht voor energiebesparing / consuminderen; daar een extra paragraaf voor in de RPE opnemen.
Meer inzetten op waterstof(productie) bij overschot aan elektriciteit.
Ervoor waken dat Altena vanwege de ruimte die zij heeft een speeltuin wordt voor initiatieven van buiten de gemeente.
Realistische en haalbare doelen nastreven met zorg voor onze aarde.
Wens om op korte termijn duidelijke keuzes te maken voor energievoorziening van kernen / delen gemeente.
Aanhaken bij initiatieven in andere gemeenten met betrekking tot kernenergie (Thorizon, MSR). Zorgen over de hoge kosten van plannen voor inwoners en ondernemers. Eerst landelijk rapport afwachten en op orde zijn voordat we in de regio’s ingrijpen.
Zon op daken en niet op landbouwgronden.
O.a. pagina 6 en 14: De tekst 'Als we de energievraag niet of niet helemaal kunnen invullen, leggen we dit terug bij de stedelijke regio's West-Brabant West en Breda-Tilburg die alle belangen tegen elkaar af kan wegen' wekt de indruk dat deze regio's een bevoegdheid hebben. De SRBT is een belangrijke tafel om integrale afwegingen goed te kunnen maken, maar de SRBT heeft geen gezag over de RES WB. De rol van de SRBT moet goed beschreven worden.
De bestuurlijke keuze over groen gas is als volgt geformuleerd: ‘We voeren regie op de opschaling van groen gasproductie’. Belangrijk is om te benadrukken dat er voldoende aandacht is voor de stappen voor het ‘opschalen’. Bijv. de vragen: wat vinden we van groen gas, wat zien we als grootschalig en hoe gaan we om met landschappelijke inpassing. Ook is het een belangrijk dat participatie hierin een grote rol gaat spelen.
In het Regionaal Plan Energiesystemen West Brabant Energie in Balans (RPE-WBEB) wordt amper aandacht besteed aan het feit dat de deelnemende gemeenten weliswaar een regie- en aanjaag- en kader scheppende rol hebben in de energietransitie, maar dat de gemeenten in de regel niet de investeerders zijn in de energie transitiemaatregelen. Voor het behalen van de doelstellingen van de RPE-WBEB zijn andere factoren van een meer doorslaggevende factor. Deze factoren zijn onder meer de prijsontwikkeling van producten en installaties, de prijsontwikkeling van aardgas en elektriciteit, alsmede de energiebelastingen, landelijke subsidies, landelijke wetgeving (eventuele verplichtingen) en tenslotte de investeringsbereidheid van inwoners en ondernemers. Het is noodzakelijk dat in de definitieve RPE-WBEB deze kanttekening wordt opgenomen.
De gemeenteraad van Baarle-Nassau heeft RES 1.0, waarin een opgave is opgenomen van 48 GWh op basis van grootschalige windenergie te realiseren na 2023, op 31 maart 2021 geamendeerd vastgesteld. In het amendement is opgenomen dat Baarle-Nassau: 1. “De verplichtingen die voortkomen uit het besluit (de vaststelling van RES 1.0) inspanningsverplichtingen zullen zijn en geen resultaatverplichtingen."2. "Draagvlak onder bevolking en stakeholders, verkregen door een open participatietraject, voorwaarde is voor het invullen van de lokale opgave voor grootschalige opwek.” De gemeenteraad van Baarle-Nassau hecht er aan deze voorbehouden nogmaals bij de RPE-WBEB onder de aandacht te brengen, waarbij het participatietraject uiteraard voor elke methode van grootschalige opwek, inclusief “groen gas”, doorlopen dient te worden.
Het verdient aanbeveling om voor de te moeilijke afkorting RPE-WBEB een nader te bepalen eenvoudigere werktitel te gebruiken.
Bergen op Zoom levert een forse bijdrage aan de ontwikkeling van een robuust regionaal energiesysteem, door de komst van het 380 kV hoogspanningsstation in Halsteren.
Betreffende bestuurlijke keuze 4, dat de solidariteit voor energieprojecten onderschreven wordt, maar dat Bergen op Zoom eerst zelf meer contouren wil aanbrengen t.b.v. de invulling van de Auvergnepolder, voordat we op de verzoeken van Powerport kunnen reageren.
De gemeente Bergen op Zoom verzoekt om een verduidelijking op initiatieven ten aanzien van onderzoeken naar bovenlokale warmtenetten.
De gemeente Bergen op Zoom vraagt aandacht voor de communicatie naar inwoners en bedrijven over deze RPEWBEB.
Concrete doelen en doelstellingen. Er is een duidelijke wens voor specifiekere, meetbare, haalbare, relevante en tijdgebonden doelstellingen voor verschillende aspecten van de energietransitie.
Transparantie en duidelijkheid. Er is behoefte aan meer transparantie in besluitvorming, toewijzing van middelen en de rollen van verschillende belanghebbenden
Focus op energiebesparing. Het belang van energiebesparing en -efficiëntie wordt benadrukt
Lokaal eigenaarschap en voordelen. De wens wordt geuit dat lokale gemeenschappen meer zeggenschap hebben over energieprojecten en dat de voordelen eerlijk worden verdeeld.
Eerlijkheid en sociale rechtvaardigheid. Er zijn zorgen over de eerlijke verdeling van kosten en baten, met name de bescherming van lage inkomens en het voorkomen dat de energietransitie onevenredig zwaar drukt op kwetsbare groepen.
Netcongestie. De overbelasting van het elektriciteitsnet is een grote zorg. Prioritering en oplossingen zijn nodig om verdere elektrificatie en integratie van hernieuwbare energie mogelijk te maken.
Tekort aan gekwalificeerd personeel. Het gebrek aan gekwalificeerd personeel op beleids- en uitvoeringsniveau wordt als een uitdaging gezien.
Betaalbaarheid. Het handhaven van betaalbare energieprijzen voor consumenten is een punt van zorg. Men wil voorkomen dat huishoudens te zwaar worden belast.
Afhankelijkheid van Amernet. De mogelijke overmatige afhankelijkheid van het warmtenetwerk Amernet en de wens naar alternatieve oplossingen worden genoemd.
• Powerport omvat de gemeenten Moerdijk en Geertruidenberg, waar veel grootschalige energieprojecten gepland staan die van (boven)regionaal of landelijk belang zijn. Deze gemeenten hebben de regio om solidariteit gevraagd bij de ruimtelijke inpassing van deze projecten. • In het Powerport- gebied komen veel energie- en circulaire projecten samen die het (boven) regionaal en/of landelijk belang dienen. • Breda erkent daarbij het belang van Powerport in de (regionale) energietransitie en de ruimtelijke vraagstukken die daaruit voortvloeien. • Breda erkent de noodzakelijke solidariteit bij de ruimtelijke inpassing voor de grootschalige energieprojecten. • naast de solidariteit vanuit Breda en de andere gemeenten binnen de RES-regio West-Brabant, is ook landelijke solidariteit essentieel bij de ruimtelijke inpassing van energieprojecten van nationaal belang, en bij bovenregionale of landelijke projecten moet worden beoordeeld of ze daadwerkelijk een regionaal belang dienen en of inpassing elders beter is. • naast de ruimtelijke effecten creëert de realisatie van Powerport in West-Brabant, met regionale steun, economische en maatschappelijke (o.a. nabijheid energiebron) kansen voor zowel de regio als voor Breda. Breda wil dit in samenhang zien.
Gebrek aan concrete plannen. Er is bezorgdheid over het gebrek aan gedetailleerde implementatieplannen en de behoefte aan specifiekere acties en tijdlijnen.
Het moet niet zo zijn dat de gebiedsgerichte aanpak ertoe leidt dat onze regio alléén aan de lat staat voor de grote uitdagingen in onze regio.
Bestuurlijke keuze 7 geeft aan dat er solidariteit getoond wordt in de gehele regio bij de ruimtelijke opgave en uitdagingen van de Powerport. Deze keuze is belangrijk, maar hieraan in de praktijk uitvoering geven nog veel belangrijker. Wij zien en ervaren dat hier spanning op zit.
Er landt veel in de Powerport regio als het gaat om (boven)regionale en landelijke voorzieningen t.b.v. de energie-infrastructuur. Er zijn nog geen afspraken gemaakt over wat dit concreet betekent in prioritering van het aansluiten van voorzieningen op die infrastructuur. In de basis willen wij vasthouden aan het beginsel dat “wie de lasten neemt, ook de lusten krijgt.” Keuzes hieromtrent staan niet in dit RPE.
Gemeenten die een grote rol op zich nemen in het ruimtevraagstuk voor hernieuwde energiesystemen, ondervinden hier het meeste en als eerste profijt van. Hierbij wordt specifiek gedacht aan voorrang bij netaansluitingen voor vitale voorzieningen zoals lokale energie-initiatieven, scholen en maatschappelijke accommodaties.
De RPE informeert alle deelnemende raden, waterschappen en de provincie proactief en laagdrempelig over relevante ontwikkelingen en geeft hierbij nadrukkelijk ruimte om raden hun kaderstellende rol richting colleges te kunnen vervullen bij de vaststelling van de uitvoeringsplannen.
De potentiekaarten ziet de gemeente Drimmelen niet als leidraad voor locatiekeuzes voor grote energieprojecten. Deze ruimtevraagstukken dienen separaat te worden vastgesteld, aangezien de RPE geen mandaat heeft dit soort keuzes te maken.
Wens: er liggen kansen voor energie-uitwisseling op bedrijventerreinen. Kijk ook naar lokale kansen en voer daarover pilots uit om vooruit te gaan
Wens: breng in beeld wat de grote regionale Energiehubs betekenen voor de lokale ontwikkelingen
Wens: kijk of een pilot voor de opwek van groen gas kan landen op bedrijventerreinen.
Wens: kijk later ook op de opwek van groen gas ook in buitengebied door een coöperatie kan plaatsvinden
Bedenking: wat betekent dit plan voor de grip op deze samenwerking door de lokale raden en hoe kunnen de raden de lokale behoeften borgen?
Bedenking: maak duidelijk wanneer de gemeenteraden (en de besturen van de waterschappen) in positie gebracht worden om op lokaal niveau besluiten te nemen
Wens: laat de proceskeuzes in dit plan ook leidend wordt voor alle energievraagstukken binnen onze gemeente
Wens: zet in op opslag van eenmaal opgewekte energie
Wens: biedt mensen alternatieven om hun huis duurzaam te verwarmen
Wens: Warmte wordt ook een grote uitdaging. Zet daar ook op in bijvoorbeeld door gebruik te maken van geothermie
Wens: pak nu al eerste kansen en wacht niet op een uitvoeringsprogramma en zet daarbij als eerste in op de huizen die nu hun energierekening niet kunnen betalen.
Wens: blijvende aandacht voor rechtvaardigheid en de betaalbaarheid van energie voor inwoners is nodig. Houdt daarbij ook vast aan de afspraak om te streven naar 50% lokaal eigendom uit de RES 1.0
Bedenking: de keuzes van het Rijk om kernenergie wel of niet in te zetten in het toekomstige energiesysteem. Deze keuze ligt niet bij de RES en/of de gemeente maar heeft wel invloed op het RPE, het energiesysteem, de ruimtelijke keuzes en de bijbehorende planning.
Bedenking: voor de ontwikkeling van nieuwe nationale energie-infrastructuur bestaat het risico dat regionale belangen en adviezen onvoldoende worden meegenomen in de besluitvorming. Het is daarom van belang om de regionale kennis en expertise vanuit de RES-samenwerking actief te betrekken en structureel te verankeren in de processen.
Wens: blijvende aandacht houden voor de zonneladder en meervoudig ruimtegebruik bij de keuzes voorde opwek van zonne-energie. De gemeente kan dit ook zien als een kans om grip te krijgen op de ontwikkeling van batterijparken.
Wens: Er zou in het RPE ook gekeken moeten worden naar de risico’s die energie opwekken kunnen veroorzaken voordat men bepaalde vormen inzet. Ook moet er gekeken worden naar het feit of bepaalde manieren en gebruikte materialen ook afbreekbaar zijn of ten minste circulair.
Wens: energie moet betaalbaar blijven voor iedereen
Wens: we moeten zuinig omgaan met energie
Bedenking: het aanpassen van de energie infrastructuur vergt zeer grote investeringen en kost veel tijd
Wens: breng in beeld of procedures voor het doorvoeren van aanpassingen in de energie infrastructuur verkort kunnen worden zonder daarbij de sociale aspecten uit het oog te verliezen
Wens: nieuwe innovaties blijven ondersteunen
Wens: de energietransitie gaat niet snel genoeg. Stel ook een lokale werkgroep energiesysteem voor Etten-Leur in voor het monitoren en vergroten van de inbreng van Etten-Leur in het geheel
Bedenking: we zien graag in het definitieve plan hoe kleine energiecentrales in dit plan passen
Bedenking: we moeten het vertrouwen van onze burgers behouden. Burgers raken in verwarring door steeds veranderende landelijke keuzen tussen groene energie en kernenergie
Wens: we willen graag op de hoogte gehouden worden van de voortgang van de gebiedswerkgroepen (pagina 26)
Wens: subsidies dienen zo min mogelijk naar marktpartijen te gaan
Wens: Etten-Leur moet meer steun geven aan mensen die willen isoleren (pagina 43). Immers energie die niet wordt gebruikt hoef je ook niet op te wekken
Wens: Etten-Leur moet boeren meer stimuleren om groen gas te maken (pagina 50
Wens: maak waterstof uit rest elektriciteit
Wens: zonnepanelen op daken hebben de voorkeur boven ‘zon op veld’
Wens: geef ondersteuning aan onze energiecoöperaties
Wens: maak inzichtelijk wat dit betekent voor Etten-Leur (en de ander gemeenten)
Wens: Investeren in verduurzaming
Wens: breng in beeld wat er qua warmtenet op het bedrijventerrein gerealiseerd kan worden
Wens: blijf ook oog houden voor landelijke ontwikkelingen op het gebied van kernenergie. Deze missen we nu in het voorliggende plan
Wens: kijk ook naar de mogelijkheden voor kleinschalige windturbines
Solidariteit met de Powerport-regio (Geertruidenberg, Drimmelen en Moerdijk) is benoemd als belangrijkste punt binnen de wensen en bedenkingen. In het kader van deze solidariteit wordt o.a. bedoeld: •Dat nabij de gemeentegrenzen van Geertruidenberg geen windmolens zullen worden gebouwd; •Dat er geen grootschalige batterijparken of zonnevelden zullen komen in de gemeente.
In het kader van het converterstation voor Nederwiek 3, waarvoor het Rijk in Geertruidenberg-West een voorkeurslocatie heeft aangewezen, is tijdens De Raad Besluit van 20 februari jl. unaniem een motie aangenomen waarin het college wordt verzocht om zich (samen met de gemeenteraad, inwoners en stakeholders) sterk te maken om er voor zorg te dragen dat onder andere de volgende Bergse voorwaarden onder de aandacht worden gebracht bij de betrokken minister(s): • Duidelijke voorwaarden stellen voor planvorming/start van projecten en realisatie • Compensatie en schadeloosstellingen voor omwonenden; •Participatie en betrokkenheid van de gemeenteraad; • Regio laten meedelen in financiële baten initiatiefnemers; • Compensatieprojecten vastleggen waarbij we verder gaan dan de standaard en reeds toegezegde gelden.
Bij de uitwerking van de afspraken binnen het RPE dient ermee rekening gehouden te worden dat deze plannen voor onze inwoners betaalbaar blijven.
Aansluitend op de behoeften van en mogelijkheden binnen onze gemeente moet er ruimte zijn voor maatwerkoplossingen.
Om de lokale economie en werkgelegenheid te versterken, moeten investeringen in innovatieve technologie en duurzame energiebronnen worden gestimuleerd.
In (de uitvoering van) het RPE moet worden gezorgd voor een zorgvuldige afweging, waarbij de ontwikkelingen het landschap en bestaande functies zo min mogelijk negatief beïnvloeden.
Het RPE moet ruimte bieden voor flexibiliteit om in te spelen op veranderingen in de energiemarkt die effect hebben op de haalbaarheid en effectiviteit van het RPE.
De weerbaarheid van het energiesysteem bij mogelijke (cyber)aanvallen of natuurrampen dient te worden verhoogd door rekening te houden met de aanleg van bijvoorbeeld bypasses en strategische voorraden van onderdelen.
Er zullen in het kader van de onderlinge solidariteit geen grootschalige batterijparken of zonnevelden worden gerealiseerd in de gemeente Geertruidenberg;
Geen wensen en bedenkingen.
Hoe ziet de solidariteit eruit? Kunnen we solidariteit ook aandacht geven zo laag mogelijk in het energiesysteem tussen inwoners?
Welke gemeenten vallen onder de stedelijke regio's West-Brabant West. Krijgen de grote plaatsen voorrang op de kleinere plaatsen omdat daar de behoefte waarschijnlijk groter is?
Zijn andere gemeente bereid om toezeggingen te doen m.b.t. de ruimte die nodig is in het kader van Powerport (zie uitgangspunt mbt solidariteit)?
Kan de balans tussen vraag en aanbod van duurzame energie inzichtelijk gemaakt worden?
De gemeenten Moerdijk en Drimmelen beschikken over veel (stromend) water. Waarom wordt deze mogelijke bron van energieopwekking niet meegenomen in de overwegingen?
Kan er meer Zon op Dak gerealiseerd worden op industrieterrein Moerdijk en het Logistiek Park
Kan er met als voorbeeld de zonnepanelen langs de A58 in Etten-Leur een soortgeklijk project worden gestart langs de A4 bij Heijningen, waarbij de zonnepanelen tevens dienst doen als geluidsscherm voor de kern Heijningen?
Kan de gemeente zelfstandig een warmtebedrijf oprichten al of niet in samenwerking met lokale industriële bedrijven ? Kan er beleid gemaaakt worden om restwarmte van industriéle bedrijven beter te benutten.
Richtingduiding kan gevonden worden in de Social Development Goals (SDG). Opnemen in deze alinea mogelijk?
Het waterschap ook opnemen als partij waarmee watergerelateerde vraagstukken kunnen worden afgestemd.
Waaruit bestaan de werkgroepen Gebiedsaanpak? Nemen inwoners ook deel aan deze werkgroepen?
Delen van de energie tussen diverse gebruikers op momenten dat dat kan.
toevoegen aan alinea 2 : aandacht voor biodiversiteit
Kunnen de lokale energiecoöperaties (Energiek Moerdijk etc) een rol in deze tafel spelen?
Zonnepanelen als geluidschermen plaatsen bij Helwijk en Heijningen mogelijk ?
Meer zonnepanelen plaatsen op daken van distributiecentra en bedijfsgebouwen ter voorkoming van landschapsvervuiling.
Zonnepanelen als geluidsschermen langs de snelwegen. Opwekken van elektriciteit via waterkracht
2e alinea wijzigen: De gemeenteraad kan expliciet voor de nieuwe Res 2.0 eisen dat sociale, lokale participatie altijd een uitgangspunt moet zijn.
Wordt er ook rekening gehouden met de mogelijkheid van kinetische energie bij bijvoorbeeld sluizen in Willemstad of op plaatsen waar grote waterstromen overgaan in smalle waterstromen (plaatsen waar veel stroming is in water).
Wellicht biedt het zogenaamde uitdaagrecht nog toegevoegde waarde in de RES v.w.b. de communicatie
Bij de verdeling van lusten en lasten kan ook gekeken worden naar Brede Welvaart. Dit biedt kansen voor een integrale aanpak. De uitgangspunten van Brede Welvaart eveneens opnemen in deze alinea
De ondersteuning door het platteland voor de stedelijke gebieden dient door waarborging van bijvoorbeeld de voorzieningen ter ondersteuning van de leefbaarheid op het platteland tot uitdrukking te komen.
Verdelingsvraagstuk geldt ook voor de landelijke gebieden zoals tussen A17,Mark en Hollands diep. Ik zie dit niet terug.
Overzicht aanvliegroute is helder; wie neemt nu wanneer initiatief om the starten?
"Bij iedere locatiekeuze voor de powerport" - wordt voorzien dat er ook projecten vanuit het RPE-WBEB in de Powerport gaan landen; dus bovenop de nationale projecten?
"Ook gewone huishoudens kunnen …......zon en wind is"; Is de RPE-WBEB van plan hier stimuleringsmaatregelen te ontwikkelen?
Aanlanding wind op zee Moerdijk en Geertruidenberg actualiseren. Huidige indicatie, beiden realiseren voor 2035; realistisch?
Ontwikkelpad warmtebronnen. In Moerdijk is onderzoek gedaan naar geothermie (omgeving Heijningen/Helwijk). Is dat niet mogelijk als kleinschalige lokale bron?
Groen Gas niet aan "de markt" overlaten. Net als met warmtenetten een betrokkenheid van de overheid waarborgen. Dit om de groengas voorzieningen te vrijwaren van misbruikt vanuit de (illegale) afvalsector. Dus b.v. Mono-vergisting van mest.
Het grootste belang voor de gemeente hierbij moet zijn en blijven de behartiging van de belangen van alle bewoners van Moerdijk. En dat laat zich in 1e instantie financieel vertalen. Geen lastenverzwaring voor de burger!
Ten aanzien van externen: Hierbij mag de vraag gesteld worden, in hoeverre zijn deze zogenaamde experts echte experts. Hoe wordt dit getoetst en op basis van welke resultaten wordt dit bepaald?
Blijvende stimulering door middel van subsidies van individuele burgerinitiatieven tot verduurzaming van de bestaande woningvoorraad;
Behoud van het huidig gasleidingstelsel;
Voorzichtig en terughoudend omgaan met de realisering van Powerports, zulks ter bescherming van het reeds onder druk staande woon- en leefmilieu. Wij zijn voorstander van het trekken van een harde lijn in het landschap;
Voorkomen van de komst van nieuwe elektrisch grootverbruikende ondernemingen (“roofridders”) in Moerdijk en de regio, zoals onder andere datacenters, ter voorkoming van het niet oplossen c.q. voorbestaan van de netcongestie voor de woningbouw;
Geen stimulering van overheidswege van collectieve wijk- of blokverwarming op basis van geothermische en/of restwarmte van bedrijven. Individuele initiatieven op dit gebied op gepaste afstand volgen. Hierbij voorkomen, dat de gemeentelijke overheid in exploitatiesystematiek en/of garantstelling betrokken wordt.
De gemeente Oosterhout denkt graag mee met Powerport gemeenten en wil solidair met hen zijn in de grote energieopgave die op hen afkomt. In een bestuurlijk overleg binnen het verband van de Stedelijke Regio Breda-Tilburg is afgesproken dat de SRBT-gemeenten gaan onderzoeken óf en, zo ja, op welke manier ze (een deel van de) de ruimtelijke vraag vanuit Powerport kunnen opvangen. Ook ten aanzien van de circulaire economie. Het college heeft de wens om op korte termijn bestuurlijk het gesprek te voeren over hoe deze mogelijkheden en de samenwerking met Powerport er uit kan gaan zien.
De gemeenteraad wil ten eerste prioriteit voor de warmtebron van het Amernet. De gemeenteraad van Oosterhout spreekt de wens uit dat in het Regionaal Plan Energiesysteem West-Brabant uitdrukkelijk wordt opgenomen dat het vastleggen van een warmtebron (voor de voeding van het Amernet) zeer hoge prioriteit vraagt en er snel een doorbraak moet worden gevonden voor de instandhouding en mogelijke uitbreiding van het Amernet met waarborgen voor leveringszekerheid en betaalbaarheid.
Daarnaast wil de gemeenteraad graag de wens inbrengen het potentiële nieuwe warmtenet van Moerdijk naar Halderberge, Etten-Leur en Breda door te trekken naar Oosterhout. Dit omdat de uitbreiding vanuit het Amernet nog niet duidelijk is en Oosterhout meer wijken wil gaan aansluiten op een warmtenet.
De gemeenteraad van Oosterhout spreekt de wens uit dat in het Regionaal Plan Energiesysteem West-Brabant uitdrukkelijk wordt opgenomen dat de gemeente Oosterhout een bijzondere positie inneemt vanwege de ligging langs de Rijn-Delta-corridor en de mogelijkheden die dat biedt op het gebied van waterstof. De gemeente Oosterhout wil in het RPE als kartrekker voor het ontwikkelen van waterstof als energiedrager worden benoemd.
De gemeenteraad van Oosterhout spreekt de wens uit om uitdrukkelijk in het RPE op te laten nemen de verwachtingen en mogelijke rollen die gemeenten kunnen vervullen bij hun bijdrage aan de realisatie van de doelstellingen en de meetbaarheid van die bijdrage na realisatie, verwoord in het RPE.
De gemeenteraad spreekt de wens uit om in het Regionaal Plan Energiesysteem (RPE) op te nemen dat aan alle projecten en kleinere bouwwerken, waaronder transformator-behuizingen, die voortvloeien uit de intenties en ambities van dit RPE, de voorwaarde wordt gesteld dat deze projecten en bouwwerken op een groene manier ruimtelijk moeten worden ingepast en dat dit met inheemse beplanting gebeurt.
De wens om op te nemen dat betaalbaarheid voor inwoners een leidend principe is bij alle bestuurlijke keuzes, met bijzondere aandacht voor kwetsbare huishoudens;
De wens om op te nemen dat ingezet wordt op betaalbare oplossingen, waaronder het stimuleren van collectieve energieopwekking en energiecoöperaties, om inwoners direct te laten profiteren van de energietransitie;
De wens om op te nemen dat wordt ingezet op een eerlijke verdeling van de opbrengsten van energieprojecten, onder andere door participatiemodellen die ten goede komen aan lokale gemeenschappen.
Wens om op te nemen in het RPE dat solidariteit tussen gemeenten zo veel mogelijk het uitgangspunt is bij ruimtelijke keuzes, inclusief de verdeling van energie-infrastructuur en nieuwe energiehubs
Wens om op te nemen in het RPE dat regionale afspraken over lastenverdeling, zodat de regio gezamenlijk verantwoordelijkheid draagt voor de ruimtelijke impact van grote energieprojecten.
De voorgelegde ‘bestuurlijke keuzes’ vragen om akkoord op nadere uitwerking van deze vragen waarbij er nog ruimte is voor meerdere opties of richtingen. Hieruit zullen naar verwachting een aantal voorstellen volgen die mogelijk kaderstellend van aard zijn. Wij zien dat dit duidelijker omschreven kan worden in het RPE WBEB.
Ook vragen wij aandacht voor het bestaande en nog te vormen provinciale beleid en hoe dit in samenhang moet worden bezien voor de ontwikkeling van het toekomstige energiesysteem in Brabant.
Het onderdeel over de arbeids-kennispool is summier beschreven en moet worden aangescherpt in de finale versie.
De afspraken in RPE-WBEB sluiten goed aan op de afspraken die we in het kader van de verstedelijkingsstrategie en de investeringsagenda van de SRWBW (stedelijke regio West-Brabant west) met de regiogemeenten en met de provincie maken. Specifiek voor de RPE-WBEB hebben we daarbinnen nadere deelregio’s benoemd.
In het RPE-WBEB worden verschillende regionale, gemeentegrensoverschrijdende afspraken gemaakt. Daarbij gaat de RES West-Brabant uit van wederzijdse solidariteit. Investeringen in de ene deelregio komen waar logisch en mogelijk ook ten gunste van de andere regio’s. Hiermee zetten we de constructieve samenwerking uit RES 1.0 voort. Voor Roosendaal vertaalt zich dit onder meer in een huidige en toekomstige goede samenwerking bij het benutten van de buisleidingenstraat en de mogelijke aantakking van West-Brabant-West op een warmtenet in de Powerport-regio. De in RPE-WBEB genoemde solidariteit van de overige gemeenten met de powerport-deelregio ziet de RES West-Brabant dan ook vooral als uitdrukking van een wederzijdse solidariteit.
Gericht op totaal vraagstuk CO2 om regionaal alles in het werk te stellen om de maatregelen te prioriteren, zodat de effecten op bijv. sociale woningbouw zo snel mogelijk tot uiting komen. Het geld wat beschikbaar is dient zo uitgebreid mogelijk te worden ingezet en zoveel mogelijk subsidiemogelijkheden in te zetten om doelen optimaal te bedienen.
Wens om te komen tot strenge prioritering in maatregelen m.b.t. Energiearmoede. Dit vraagt voldoende aandacht.
Aandacht voor de warmtebronnen in combinatie met afname van afvalverbranding. Hoe toekomstbestendig is dit?
Betrokkenheid bedrijven; privaat publieke samenwerking is belangrijk.
Er gaat relatief veel aandacht naar andere subregio's. De beperkte vraag en aanbod in onze subregio betekent dat we pas later aan bod komen bij uitbreiding van (grootschalige) energie-infrastructuur. Dit betekent dat niet alle ruimtelijke ontwikkelingen gefaciliteerd kunnen worden. Dit zet de ambities voor een aantrekkelijk woon- en ondernemingsklimaat onder druk. Bestuurlijke aandacht hiervoor blijft ook de komende jaren van belang.
Solidariteit richting Zuidelijke Zandgronden is niet helder verwoord. We zijn grote voorstander om eerst de overige energiedragers (naast elektra) te benutten. Daardoor blijft er "elektrificatieruimte" over voor die subregio's die geen andere bronnen beschikbaar hebben.
Netcongestie vormt een bedreiging. Het integraal bekijken van deze opgaven in een gebied is daarbij van groot belang. Dit vraagt solidariteit, omdat deze opgaven vaak gemeentegrens overstijgend zijn of dat er gemeentegrens overstijgende belangen zijn.
Goede balans tussen energiedragers is een forse uitdaging. Het creëren van een goede balans tussen verschillende energiedragers vraagt om zorgvuldige afstemming, terwijl ook het waarborgen van solidariteit tussen gemeenten essentieel is voor een eerlijke verdeling van lusten en lasten. Een andere belangrijke uitdaging is het borgen van betaalbaarheid voor inwoners, zodat de energietransitie voor iedereen haalbaar blijft.
Aan de stuurgroep RES als wens en bedenking kenbaar te maken ten aanzien van het ontwerp RPE-WBEB dat wordt verzocht om het ontwerp RPE-WBEB vast te stellen met op pagina 20 de volgende wijziging: “Betaalbaarheid gaat om zo laag mogelijke kosten voor gebruikers en om zo laag mogelijke maatschappelijke kosten voor de samenleving als geheel. ‘Economisch krachtig’ betreft het bijdragen aan het toekomstig verdienvermogen van Nederland”
Aan de stuurgroep RES als wens en bedenking kenbaar te maken ten aanzien van het ontwerp RPE-WBEB dat wordt verzocht om het ontwerp RPE-WBEB vast te stellen met de volgende wijzigingen: •Op pagina 5 de werkelijk tekst van de klimaatwet op te nemen zijde: “dat we in 2050 95% minder broeikasgassen mogen uitstoten ten opzichte van 1990, waaronder CO2” (zie ook p. 15) •Op pagina 8: De tekst “Nederland heeft als doel om in 2050 geen schadelijke CO2 meer uit te stoten”, te vervangen door de tekst ” Nederland heeft als doel dat we in 2050 95% minder broeikasgassen mogen uitstoten ten opzichte van 1990, waaronder CO2” (zie ook p.15)
Aan de stuurgroep RES als wens en bedenking kenbaar te maken ten aanzien van het ontwerp RPE-WBEB dat wordt verzocht om het ontwerp RPE-WBEB vast te stellen met de volgende wijzigingen: •De tekst op bladzijde 35 ” Belangrijk gegeven is wel dat de ontwikkeltijd (ontwerp, MER, vergunning, bouw) ervoor zorgt dat kernenergie pas ver na 2035 zal bijdragen. Daarom gaat RES West-Brabant hier niet verder op in.” Te vervangen door: “RES West-Brabant zal het landelijk beleid volgen en extra aandacht besteden aan een snelle implementatie van kernenergie”.
Het waterschap beschouwt Water & Bodem sturend als mede leidend in de verdere uitwerking van het energiesysteem van de toekomst Het waterschap heeft samen met de RES-organisatie Water & Bodem sturend een plek gegeven in het RPE. De uitdrukkelijke wens van het waterschap is dan ook om dit expliciet mee te nemen in de uitvoering in de gebiedsgerichte aanpak. De koers en beleidsvoornemens in het Addendum van het Regionaal Water en Bodem Programma, opgesteld door de provincie, zijn hierin leidend. Het eigen Handelingsperspectief Water en Bodem Sturend van het waterschap is hier ook mee in lijn. Een voorbeeld hiervan is de beleidsuitwerking van lokale laagtes. Het waterschap is uiteraard bereid deel te nemen aan de gebiedscoalities om de ingezette koers te vertalen naar de concrete gebieden. Zie de kolom hiernaast voor de linkjes.
Het waterschap vraagt meer aandacht voor circulariteit In het RPE valt op dat het duurzaam gebruik van grondstoffen één keer genoemd wordt in de leidende principes. Later komt het niet terug in de uitvoering. Het waterschap gaat voor een circulaire regio. Wens van het waterschap is dan ook om hier meer invulling aan te geven in de vorm van een onderzoek en / of ambitie.
Blijvende aandacht voor rechtvaardigheid en de betaalbaarheid van energie voor inwoners is nodig. Daarbij ook vasthouden aan de afspraak om te streven naar 50% lokaal eigendom uit de RES 1.0
De keuzes van het Rijk om kernenergie wel of niet in te zetten in het toekomstige energiesysteem. Deze keuze ligt niet bij de RES en/of het waterschap, maar heeft wel invloed op het RPE, het energiesysteem, de ruimtelijke keuzes en de bijbehorende planning.
Voor de ontwikkeling van nieuwe nationale energie-infrastructuur bestaat het risico dat regionale belangen en adviezen onvoldoende worden meegenomen in de besluitvorming. Het is daarom van belang om de regionale kennis en expertise vanuit de RES-samenwerking actief te betrekken en structureel te verankeren in de processen. Het waterschap onderschrijft en ondersteunt de bestuurlijke keuze om solidair te zijn met de Powerport.
Blijvende aandacht houden voor de zonneladder en meervoudig ruimtegebruik bij de keuzes voor de opwek van zonneenergie. Het waterschap ziet ditzelfde principe ook als een kans om grip te krijgen op de ontwikkeling van batterijparken.
Het opnemen van de risico's zoals brand- en explosiegevaar bij duurzame energieopwek en opslag in de verdere uitwerking van het RPE.
Geen wensen en bedenkingen.
Als wens: streven naar een actieve rol in de gebiedscoalitie om strategische invloed te kunnen behouden, prioriteit geven aan netversterking en slimme oplossingen om knelpunten te verminderen en een gezamenlijk actieplan voor de Zuidelijke Zandgronden voor stroom infrastructuur. Bedenkingen: Zundert niet achterstellen bij netuitbreiding. Toevoeging bedenkingen: windenergie: enige gemeente binnen de regio waar al een windmolen staat. Voor waken dat er niet naar Zundert als eerste wordt gekeken, maar eerst naar de andere gemeenten. Kansrijk om daar samen gebruik van te maken, maar wel bij andere gemeenten een beroep.
Wensen: Actieve ondersteuning bieden, geschikte locaties zoeken voor energiehubs, organisatiedraad, ervoor waken dat dorpse karakter niet ten koste gaat van de energiehubs, vooral op bedrijventerreinen. Bedenkingen: Voorkomen dat energiehubs alleen voor grote bedrijven wordt gebruikt, maar ook voor MKB's. Zorg dragen voor duidelijke regie, zodat bedrijven niet in onzekerheid verkeren over hun energievoorziening. Energiehubs prima, maar andere problematiek dan een stad.
Wensen: solidair met de PowerPort enkel als dat voordeel heeft voor de regio. Bedenkingen: regio moet er niet onder lijden. Waakzaam blijven voor ruimte drukken op de agrarische en landbouw karakter en ook dat het niet ten koste gaat van de geringe ruimte van Zundert als dat primair bijdraagt voor de PowerPoort. Niet het probleem van Moerdijk naar Zundert trekken, maar wel solidair zijn naar elkaar. We hebben niet overal invloed op, soms moet het Rijk ook een rol spelen. Actieve Lobby.
Wensen: Samenwerking vooral met Breda en Etten-Leur in stand houden. Strategische plaatsing van batterijen zodat we lokaal ook een positief effect hebben. Bedenkingen: alleen lasten moet voorkomen worden, we moeten ook voordeel eruit halen. Regie over ruimtelijke inpassing en geen ongewenste grootschalige batterij plaatsing op de landbouwgrond.
Wensen: samenwerken met andere gemeenten en daarmee ook kennis delen, het is een grote opgave waarin we moeten zoeken naar handen en voeten hoe we dit gaan vormgeven. Regionale afstemming om te kijken wat anders mogelijk is. Andere mogelijkheden zoeken voor warmteprogrammering dan alleen elektriciteit, zoals groene gas of mest. Zorg ervoor dat bronnen zo efficiënt mogelijk worden gebruikt. Bedenkingen: we liggen wel aan het eind van de kabel, dus Zundert moet wel in beeld blijven.
Bedenking: zorg uiten over geur en financiële rendabiliteit. Wens: blijven zoeken naar andere mogelijkheden.
Wens: zorg dat je altijd andere mogelijkheden hebt voor energie. Reactie van andere gemeenten versterkt elkaar, samen elkaar opzoeken is belangrijk. Lokaal kunnen beslissen over lokale inpassingen.
Wens: Willen graag nog een ander moment voor participatie, buiten de mogelijkheden die al zijn geboden. Bedenkingen: inwoners moeten gehoord worden, ook zij die nog niet gehoord zijn.
Wens: Voeg taken samen, waar dit kan, zodat straten niet te vaak open hoeven.
Reactie (NB: paginanummers verwijzen naar de RPE-versie MET markeringen)
Lokale energievraag- en aanbod heeft inderdaad een grote rol in het RPE. We hebben dit een voorname plek gegeven in het eerste leidende principe over de verantwoordelijkheid voor de balans zo laag mogelijk in het energiesysteem leggen. Bij de verschillen tussen RES 1.0 en het RPE hebben we op p.12 expliciet aangegeven dat de balans tussen de lokale vraag en aanbod van energie in het RPE veel aandacht krijgt.
Het RPE is erop gericht om toe te werken naar een klimaatneutraal West-Brabant met duurzame energie. Vanuit het Klimaatakkoord zijn zon en wind als betrouwbare opwektechnieken voor elektriciteit voorgeschreven. RES WestBrabant heeft in haar bod van 2,2 TWh aangegeven dat zij zich inspant om daarvan 0,2 TWh met innovatieve technieken in te vullen. Bij warmte wordt volop ingezet op innovatieve techniek, die nog niet breed worden toegepast, zoals aquathermie en slibvergisting.
Dat is inderdaad het geval. Op pagina 19 besteden we hieraan nadrukkelijker aandacht.
Het toepassen van energiehubs geeft bedrijven de kans om te groeien, omdat beschikbare energie beter wordt verdeeld. Door met energiehubs aan de slag te gaan, doen we er kennis en ervaring mee op. Die kennis en ervaring verspreiden we actief om tot nog meer hubs te komen.
Dit is in lijn met het RPE. Zie hiervoor 3.2.1 " Gezamenlijke aanpak energie en ruimte". De RES West-Brabant gaat bij de integrale afstemming nauw samenwerken met de stedelijke regio's West-Brabant en Breda-Tilburg.
Wij erkennen het belang van deze afstemming. Onder meer bij de gebiedsaanpak voor de Powerport vragen we ook aandacht voor landelijke solidariteit, omdat de energie-installaties die voorzien zijn voor onze regio ook van landelijk belang zijn.
De integrale afstemming van opwek, opslag en andere onderdelen van het energiesysteem met andere belangen in onze regio, zoals landbouw, geeft de RES West-Brabant invulling via de bijdrage aan de stedelijke regio's. Daar zal de interale afweging plaats van de belangen vinden.
Dit is in lijn met het RPE. We geven hieraan bijvoorbeeld invulling via de gebiedsaanpak door aan te sluiten bij de identiteit en de landschappelijke waarde van een gebied.
De stedelijke regio's gaan een belangrijke rol spelen bij de invulling van solidariteit, juist ook omdat energie een onderdeel is van een veel bredere besluitvorming. De nadere uitwerking, ook wat betreft in positie komen van gemeenteraden, vindt in overleg plaats tussen de deelnemers aan de RES.
Starten met besparen en isoleren is inderdaad een wezenlijik startpunt. Om die reden is besparen en isoleren een onderdeel van het leidende principe op p. 22: "Het startpunt daarbij is energiebesparing".
De RES West-Brabant spreekt over publieke belangen waar u spreekt over principes. Dezelfde strekking wordt bedoeld. Zekerheid, betrouwbaarheid en veiligheid zijn zeker van belang. de RES West-Brabant vult deze op pagina 21 aan met andere publieke belangen voor het energiesysteem, die zijn opgenomen in het Nationale Plan Energiesysteem van de rijksoverheid. Er is geen volgorde in deze belangen, de RES West-Brabant houdt met alle in totaal zes belangen rekening.
Met de gebiedsaanpak zet de RES West-Brabant nadrukkelijk in op de verschillen in uitdagingen in sectoren inspelen.
Dit is in lijn met het RPE. De Res West-Brabant sluit aan bij de identiteit van de gebieden.
Energiebesparing heeft de aandacht binnen de RES. Energiebesparing wordt genoemd in het eerste leidende principe in het RPE, daarmee wordt het belang benadrukt. Vanuit de RES-organisatie wordt gemeenten ondersteuning geboden bij het verbeteren van hulp aan bewoners bij het verduurzamen van hun woning en het organiseren van regionale samenwerking hiervoor.
RES West-Brabant heeft recent een onderzoek naar kansrijke waterstofclusters afgerond. Met Hy Network Services wordt gesproken over aantakkingen op de waterstof backbone. In het kader van de studie naar Altena Energie eiland is waterstof nadrukkelijk in beeld voor mobiliteit over water en de weg.
Het RPE biedt een beleidskader om initiatieven in de regio op elkaar af te stemmen. Daarbij houden de verschillende gemeenten, provincie en waterschappen rekening met elkaar.
Dit is in lijn met het RPE. De RES West-Brabant ziet toe op de invulling van publieke belangen, waaronder de zorg voor onze aarde. Tegelijkertijd houdt de RES West-Brabant oog voor de realiseerbaarheid. Wanneer is wat mogelijk?
Dit is onderdeel van lokaal beleid. Sluit ook goed aan bij het eerderste leidende principe van het RPE: De verantwoordelijkheid voor de balans tussen energievraag en energie-aanbod wordt zo laag mogelijk in het energiesysteem gelegd
RES West-Brabant volgt de landelijke ontwikkelingen rondom kernenergie. Kernenergie komt naar verwachting na 2035 beschikbaar. Het RPE heeft een focus tot 2035.
De provincie Noord-Brabant heeft de zonneladder verplicht gesteld als afwegingskader. Zon op daken staat op trede 1, zon op landbouwgronden op trede 4, als er echt geen andere opties zijn.
Akkoord, zie wijziging hoofstuk 2.4 pagina 14.
Hiervoor loopt de pilot groengas met ZLTO.
Iedere overheidslaag heef haar eigen rol en verantwoordelijkheid in het energiesysteem. De RES West-Brabant focust op de rollen en verantwoordelijkheden van de regio. De RES West-Brabant geeft wel bij de rijksoverheid het gewenste rijksbeleid aan. Hiervoor houdt de RES West-Brabant een lobbyagenda aan, die ook afgestemd wordt met de lobbyisten van de afzonderlijke gemeenten en de provincie. Wat betreft de investeringen in energieopwek heeft u gelijk dat de overheden niet investeren. De netbeheerders die verantwoordelijk zijn voor de netinesteringen zijn wel in publieke handen.
De opgave "Wind na 2030" staat nog steeds in het RPE. Draagvlak onder bevolking en stakeholders, verkregen door een open participatietraject, is een algemeen geldende voorwaarde in het RPE voor het invullen van de lokale opgave voor grootschalige opwek. De gemeente is daarbij zelf verantwoordelijk om haar randvoorwaarden te bewaken of toe te passen.
Als eenvoudige afkorting adviseert de RES West-Brabant de gemeenten, provincie en waterschappen om Regionaal Plan Energiesysteem (RPE) gebruiken.
Het is juist dat het station Halsteren een belangrijke bijdrage levert aan het regionale energiesysteem.
De RES West-Brabant facilieert de dialoog tussen de gemeenten, waarbij rekening gehouden wordt met de processen bij de individuele gemeenten. De Auvergnepolder is hiervan een voorbeeld.
Voor het haalbaarheidsonderzoek West-Brabant zal onderzoek worden gedaan naar de restwarmtebronnen zoals beschreven in paragraaf 5.2.4 'warmtestrategieen' van het RPE.
Dit is in lijn met RPE. Communicatie naar lokale bewoners is de verantwoordelijkheid van de gemeente. De RES faciliteert. Suggestie is om ook hierin samen te werken in gebiedsaanpak
De RES West-Brabant speelt op deze wens in door terug te werken vanuit een lange termijn visie op 2050 naar 2045, 2040, 2035 en 2030. De focus ligt bij de bestuurlijke keuzes op de periode tot 2035. In het uitvoeringsprogramma 20272031 concretiseert de RES West-Brabant de uitvoering van de bestuurlijke keuzes. Er is een passage over de concrete bestuurlijke keuzes in het meerjarig uitvoeringsprogramma opgenomen in de managementsamenvatting (p. 7)
In hoofdstuk 8 wordt de organisatie en governance van de RES in afstemming met de gemeenten, provincie en waterschappen aangegeven.
De verantwoordelijkheid voor de balans tussen energievraag en energie-aanbod wordt zo laag mogelijk in het energiesysteem gelegd. Het startpunt daarbij is energiebesparing. Gezien het belang van energiebesparing is dit opgenomen in de leidende principes in het RPE. Vanuit RES worden (sub)regionale samenwerkingen voor isolatieprogramma's ondersteund om energiebesparing te versnellen.
In de nieuwe energiewet krijgen energiegemeenschappen een sterkere positie. Hier sluiten wij als RES bij aan.
Dit is een terechte zorg. Betaalbaarheid is een actueel onderwerp voor collectieve warmtevoorziening. Het Ministerie van Klimaat en Groene Groei werkt aan beleidsregels om de betaalbaarheid van warmte voor huishoudens te borgen. Bij toekomstig te maken keuzes over het energiesysteem is betaalbaarheid een belangrijk aspect in de afweging, bijvoorbeeld bij de keuze voor een warmtestrategie voor een wijk of buurt.
Ja, dit klopt. Op het schaalniveau van de regio doet de RES West-Brabant dit door de vraag naar energie en het deel dat duurzaam opgewekt wordt in kaart te brengen. Knelpunten worden inzichtelijk en oplossingen in kaart gebracht. Hierin werkt de REs West-Brabant samen met de provincie en Enexis aan prioritering en oplossingen binnen het provinciale Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat en de investeringsplannen van de netbeheerders.
Om die reden werkt de RES West-Brabant nauw samen met arbeids-kennispool en het onderwijs.
Dit is een terechte zorg. Betaalbaarheid is een actueel onderwerp voor collectieve warmtevoorziening. Het Ministerie van Klimaat en Groene Groei werkt aan beleidsregels om de betaalbaarheid van warmte voor huishoudens te borgen. Bij toekomstig te maken keuzes over het energiesysteem is betaalbaarheid een belangrijk aspect in de afweging, bijvoorbeeld bij de keuze voor een warmtestrategie voor een wijk of buurt.
Binnen de RES-regio West-Brabant onderzoekt de RES West-Brabant het komend jaar de haalbaarheid van bovenlokale warmtenetten, incl. de verduurzaming (bijvoorbeeld met aardwarmte) en eventuele uitbreiding van het bestaande Amernet. De RES West-Brabant berekent ook of het financieel haalbaar is, van de warmtebron tot aan de aansluiting in de huizen. Tegelijk onderzoeken gemeenten ook welke lokale warmtebronnen kansrijk zijn, zoals (zeer) lage temperatuur warmte uit de bodem, oppervlaktewater of rioolwater en zonnewarmte. Al deze onderzoeken geven de RES West-Brabant een beter beeld van wat er mogelijk is in onze regio en onder welke voorwaarden, zodat de verschillende warmte strategieën tegen elkaar kunnen worden afgewogen rekening houdend met publieke belangen zoals betaalbaarheid, duurzaamheid en leveringszekerheid.
Tekst op p. 33 is als volgt aangepast: Wij realiseren ons dat de Powerport en de regio een sterke verwevenheid kennen. De realisatie van de Powerport in West-Brabant creëert, met regionale steun, economische en maatschappelijke (o.a. nabijheid energiebron) ontwikkelkansen voor de gehele regio. Solidariteit met de Powerport gemeenten kan alleen in regionaal en integraal verband ingevuld worden. In RES verband willen we dit in samenhang zien. Ook landelijke solidariteit is essentieel bij de ruimtelijke inpassing van energieprojecten van nationaal belang. Bij bovenregionale of landelijke projecten moet worden beoordeeld of deze daadwerkelijk een regionaal belang dienen of inpassing elders beter is. Wij zien als regio de contacten, die het Rijk zoekt met de Powerport-gemeenten om daar energie-infrastructuur te laten landen, ook als te benutten kans zien om wensen vanuit de regio bij het Rijk onder de aandacht te brengen. We volgen nauwgezet de besluitvorming in het Bestuurlijke Overleg van de Powerport gemeenten met de provincie en het Rijk. Dit is een belangrijk overleg om solidariteit te agenderen in de regio en om gaandeweg de opgave te concretiseren. Bij iedere locatiekeuze voor de Powerport stellen wij onszelf de vraag of een deel van de ruimtevraag elders in de regio overgenomen kan worden.
Met de uitkomsten van de planMER zal er eind 2026 een Meerjarig Uitvoeringsprogramma opgesteld worden, waarin op de behoefte aan implementatieplannen ingespeeld wordt. Samenvatting op p.7 is aangepast en bijlage 5 op p. 85.
Bij de bestuurlijke keuze "Solidariteit met de Powerport" wordt aangegeven dat veel energieprojecten die in de Powerport bij elkaar komen, van maatschappelijk en economisch belang zijn voor de gehele regio en die ook gevolgen hebben voor de inrichting van de regio. De regionale belangen zijn sterk met elkaar verweven. West-Brabant bekijkt bij iedere lokatiekeuze voor de Powerport of een deel van de vraag elders in de regio kan worden over genomen. Hierbij kijken wij ook naar solidariteit op landelijk niveau.
Het concreet invullen van solidariteit is complex. Op basis van een goede dialoog en een goede verstandhouding in de regio, zoeken wij naar een goede balans in de opgave. Zie ook regel 42.
Zie regel 42.
In algemene zin kan dit uitgangspunt niet worden aangehouden. Er kunnen ook bovenlokale belangen spelen die voor gaan. Uit het oogpunt van het eerste leidende principe van het RPE "De verantwoordelijkheid voor de balans wordt zo laag mogelijk in het energiesysteem gelegd" sturen wij in het RPE wel op het bij elkaar brengen van vraag en aanbod op lokaal niveau. Voor welke lokale voorzieningen dan prioriteit hebben, heeft de Autoriteit Consument en Markt een maatschappelijk prioriteringskader opgesteld dat de regionale netbeheerder hanteert. De overheden hebben hierin geen formele rol.
Dit is in lijn met het RPE.
De potentiekaarten geven een beeld van de energieopgave, maar krijgen in dialoog een andere duiding. Het is juist dat de RES geen mandaat heeft bij de integrale gebiedsafweging.
Er wordt landelijk, dus ook in regio West-Brabant, sterk ingezet op het realiseren van energiehubs voor, in eerste instantie, industrieterreinen. Met een GTO (Groeps Transport Overeenkomst) wordt energie tussen gebruikers verdeeld.