Bijlage 5 - Zuidelijke Zandgronden
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan
De gemeenteraad van de Gemeente Baarle-Nassau
Van
Het college van burgemeester en wethouders
Portefeuillehouder
Wethouder Adams
Onderwerp
Deelgebied: Zuidelijke zandgronden
Datum collegevergadering
28 januari 2025
Zaaknummer
1099666
RIB-Nummer
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------1. Inleiding Doel van deze RIB is om u meer context te bieden voor het duiden van de nieuwe energiestrategie. Tevens praten we u bij over hoe de gemeente Baarle-Nassau de nieuwe energiestrategie van de RESregio West-Brabant kan inzetten om lokale kansen meer te benutten. 2. Inhoudelijk RES West-Brabant Om maatregelen uit het Klimaatakkoord te realiseren, werken verschillende partijen samen aan een Regionale Energie Strategie: de RES. Dat gebeurt in 30 energieregio’s in Nederland. De gemeente Baarle-Nassau neemt deel aan de Energieregio RES West-Brabant. Dit betreft een samenwerking tussen 16 gemeenten, de provincie Noord-Brabant, het waterschap Brabantse Delta, het waterschap Rivierenland en Enexis. De RES 1.0 en het RPE WBEB In de RES 1.0 van de Energieregio West-Brabant, die in 2021 ook door de gemeenteraad van BaarleNassau is vastgesteld, ligt de focus op de individuele bijdrage per gemeente aan de regionale doelstelling. In deze RES 1.0 is een bod vastgesteld voor West-Brabant, met focus op wind- en zonneenergie die wij in de regio gaan opwekken. Het bod is dat we in 2030 2,2 TWh duurzame elektriciteit opwekken. Dit bod blijft overeind en wijzigt niet.
Echter, gezien actuele ontwikkelingen zoals netcongestie, is het belangrijk om opnieuw strategisch te kijken naar de energieopgave. Dit doen we in de Energieregio West-Brabant via het Regionaal Plan Energiesysteem: West-Brabant Energie in Balans (RPE WBEB). Het RPE WBEB kijkt verder dan 2030, namelijk naar 2035. Er is voor deze titel gekozen omdat het bod van de RES 1.0 blijft staan; de titel RES 2.0 zou de indruk kunnen wekken dat het een gewijzigd bod betreft. Ook dekt de nieuwe titel de lading ten aanzien van een energiesysteem dat in balans moet zijn.
Totstandkoming RPE WBEB De afgelopen tijd is de conceptversie van het RPE WBEB (werktitel RES 2.0) ontwikkeld voor de Energieregio West-Brabant. Over dit proces en de stappen in de besluitvorming bent u op verschillende momenten geïnformeerd. Op 27 mei 2024 vond een informatiebijeenkomst plaats in Oosterhout over de RES 2.0, waar de gemeenteraad van Baarle-Nassau vertegenwoordigd was. Ook bent u in november 2024 geïnformeerd via de brief “Op weg naar de regionale energiestrategie (RES) 2.0”. Op 9 december 2024 vond in Rucphen een radenbijeenkomst plaats over de nieuwe energiestrategie. Tijdens deze bijeenkomst is een toelichting gegeven op inhoud en proces en hebben de aanwezige raadsleden, inclusief die van de gemeente Baarle-Nassau, gebruikgemaakt van de gelegenheid om vragen te stellen. Inhoud RPE WBEB Andere vormen van energie De opwek van duurzame energie in de regio West-Brabant verloopt voorspoedig, maar we zijn nog lang niet klaar. In de RPE WBEB beschrijven we dat we als regio nieuwe energie-infrastructuur moeten aanleggen en alle mogelijke duurzame energiebronnen in onze regio beter moeten benutten. Daarnaast is het belangrijk dat we het bestaande netwerk slimmer gaan gebruiken. Ook willen we het elektriciteitsnet minder belasten. Ten eerste door in te zetten op energiebesparing.
Immers, energie die niet wordt gebruikt, hoeft niet te worden opgewekt of via (nieuwe) infrastructuur te worden vervoerd. Ten tweede kijken we ook naar andere vormen van energie. In de regio West-Brabant focussen we daarbij op warmte, groen gas en waterstof. Benutting van andere energiedragers dan elektriciteit, ontlasten (al dan niet tijdelijk) het elektriciteitsnetwerk. Dit maakt dat overige ambities die vragen om (uitbreiding van) een elektriciteitsaansluiting mogelijk sneller bediend kunnen worden. Denk bijvoorbeeld aan woningbouw en economische ontwikkeling. Deelgebied Zuidelijke Zandgronden In een energiesysteem met steeds meer duurzaam opgewekte energie, wordt de maatschappelijke waarde van energie bepaald door het tijdstip waarop en de locatie waar de energie wordt opgewekt. Bij voorkeur is er een balans tussen vraag en aanbod op het moment dat de energie opgewekt wordt en is de vraag (de plek waar de energie gebruikt wordt) in de nabijheid van het aanbod. Immers, voor energie die niet over grote afstanden getransporteerd hoeft te worden, treden er minder energieverliezen op en zijn er minder investeringen nodig in kostbare energie-infrastructuur. En deze hoeft ook niet ruimtelijk ingepast te worden. Hieruit volgt dat de gebiedscontext van groot belang is bij de transitie van het energiesysteem in onze regio.
Tegen deze achtergrond zet de RES West-Brabant voor het RPE WBEB in op een gebiedsgerichte aanpak. De gemeente Baarle-Nassau vormt samen met de gemeenten Alphen-Chaam, Rucphen en Zundert het deelgebied Zuidelijke Zandgronden. Dit deelgebied kenmerkt zich als volgt: • • • • •
Veel kleinere woonkernen, lage bebouwingsdichtheid, veel open landschappen; Lage energievraag woningbouw, lage energievraag industrie; Weinig mogelijkheden voor de grootschalige opwek van wind- en zonne-energie; Weinig tot geen alternatieve warmtebronnen, dus grotendeels aangewezen op all-electric oplossingen; Groot agrarisch gebied; potentie productie van groen gas.
Grootschalige opwek in de Zuidelijke Zandgronden De gemeente Baarle-Nassau staat net als de andere gemeenten in West-Brabant aan de lat om een bijdrage te leveren aan onze regionale opgave voor het opwekken van duurzame energie. In de Zuidelijke Zandgronden zijn geen regionale warmtebronnen beschikbaar. De mogelijkheden voor grootschalige opwek van windenergie zijn beperkt, onder andere vanwege de beperkingen rondom vliegbasis Gilze-Rijen. Voor de grootschalige opwek van zonne-energie zijn er o.a. beperkingen vanwege de zonneladder: een door het Rijk vastgestelde voorkeursvolgorde voor het plaatsen van zonnepanelen. Doel van de zonneladder is om landbouw- en natuurgronden zoveel mogelijk te ontzien van de opwek van zonne-energie. Daarnaast is extra grootschalige opwek van zonne-energie niet zonder meer wenselijk vanwege netcongestie. Voor meer informatie hierover raden we u aan om de Kamerbrief Zonnebrief van 6 januari 2025 te raadplegen. Om de genoemde redenen is het belangrijk om in ons deelgebied ook het inzetten van alternatieve vormen van energie te verkennen. Ter ontlasting van het elektriciteitsnet is het de moeite waard om voor bebouwingsconcentraties alternatieven voor warmte te onderzoeken, anders dan elektriciteit. Bijvoorbeeld door gebruik van energie uit de bodem of in combinatie met opslag van warmte.
Daarnaast lijken er in de Zuidelijke Zandgronden interessante mogelijkheden te zijn om groen gas te produceren. Groen gas Groen gas vormt als hernieuwbare energiebron een duurzaam alternatief voor aardgas. Groen gas wordt geproduceerd door het maken en opwaarderen van biogas, wat voortkomt uit de vergisting of vergassing van afval- en reststromen uit de landbouw (bijvoorbeeld mest), de voedingsindustrie en waterzuivering. Belangrijk om te vermelden is dat groen gas een transitiebrandstof is, geen eindoplossing. Op langere termijn richting 2050 is de verwachting dat als gevolg van de (landelijke) inzet op een circulaire economie, een verkleining van de veestapel en een hoogwaardige toepassing van biomassa de beschikbaarheid van biomassareststromen voor groengasproductie afneemt. Voor de Zuidelijke Zandgronden is het interessant om gezamenlijk onderzoek te laten doen naar de kansen en knelpunten rondom de productie van groen gas. Naast de technische mogelijkheden dient o.a. te worden gekeken naar juridische aspecten (inclusief lokaal eigenaarschap en zeggenschap), de ruimtelijke inpassing en uiteraard maatschappelijk draagvlak. Het lijkt gunstig om dergelijk onderzoek gezamenlijk met de andere gemeenten in de Zuidelijke Zandgronden op te starten. Immers, het profiel van deze vier gemeenten is vergelijkbaar en collectieve mestvergisters kunnen gemeentegrenzen overschrijden.
Door hier nu al samen in op te trekken, kunnen de mogelijkheden voor een constructieve samenwerking al vanaf de start worden verkend. Zie Memo groen gas (Bijlage 6 bij het raadsvoorstel) voor meer gedetailleerde informatie over groen gas. 3. Afsluiting In deze raadsinformatiebrief hebben we de context geschetst ten aanzien van de RPE WBEB: de nieuwe energiestrategie van de Energieregio West-Brabant. De belangrijkste aandachtspunten zijn de bredere focus van de RPE WBEB op een energiesysteem in balans, het belang van de gebiedscontext, de beperkte mogelijkheden voor grootschalige opwek in de Zuidelijke Zandgronden en het verkennen van mogelijkheden voor de productie van groen gas.