CConstaterende datBaarle-Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Uitvoeringsprogramma 2021

Commissie Bestuur en Middelen 15 juni 2022, gemeente Baarle-NassauBij agendapunt: Ingekomen stukken11.980 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het gaat dan om onrechtmatige bewoning. Taakstelling toezicht gebruiksfase Taakstelling

Problematiek

Tijdsbesteding

21

Buitengebied en kernen

Recreatieterrein

Strijdig gebruik/bouwen zonder of in afwijking van vergunning Permanente bewoning recreatiewoningen

Gebieden Handhavingscontroles gebruiksfase Handhavingscontroles permanente bewoning Handhavingsdagen (BIT-acties)

Doorlopend tijdens reguliere controles Projectmatig

Tijdsbesteding toezicht 320 uur (80 x 4 uur) 100 uur 200 uur

Taakstelling juridische ondersteuning Verwacht wordt dat jaarlijks 30 handhavingszaken (750 uur) behandeld zullen worden. Handhavingszaken in het kader van de ruimtelijke ordening in combinatie met de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (de Wabo) zijn vaak wat complexer en vergen in de praktijk meestal veel tijd. Er is daarom uitgegaan van gemiddeld 25 uur per handhavingszaak in plaats van 20 uur. 4.7

APV en bijzondere wetten

Doelstelling Doelen

Indicatoren

         

Inzicht in de veiligheid bij horecabedrijven Borging van de veiligheid van evenementen Terugdringen overlast honden Actieve handhaving afval en zwerfvuil Voorkomen van parkeeroverlast Illegaal stoken Zorgdragen voor een goede verkeersveiligheid Aantal geplande en uitgevoerde controles Aantal en aard van sancties (bestuurlijk/strafrechtelijk) Aard van en aantal geconstateerde overtredingen per taakveld

De APV bevat verbodsbepalingen, al dan niet met de mogelijkheid tot vergunning of ontheffing. De hoogste prioriteit hebben de evenementen, het dumpen van afval, foutief parkeren en verkeersveiligheid. Voor wat betreft de horeca zal het accent liggen op de actualiteit van de drank- en horecavergunning en de leeftijdsgrenzen alcoholgebruik. Tijdens evenementen zal primair worden gecontroleerd op veiligheid door de brandweer. De handhaving van overige APV-voorschriften vindt voor het overgrote deel plaats na klachten en meldingen. De BOA behandelt deze en controleert verder actief op foutief parkeren, het illegaal dumpen van afval, illegaal stoken, evenementen en hondenpoep. Ook het aspect verkeersveiligheid is onderdeel van de werkzaamheden van de BOA. Dit is dan wel hoofdzakelijk een signaalfunctie, de handhaving van verkeersveiligheid is in handen van de politie. Daarnaast heeft ook de uitvoering van het Damoclesbeleid en het afsteken van vuurwerk, plus handhaving en toezicht Kapelstraat e.o. tijdens de vuurwerkperiode, prioriteit. Taakstelling BOA Taakstelling

Periodieke controles Aantal Horeca 20 APV/evenementen 40 Verkeer(sveiligheid)/ parkeren 120 Klachten en meldingen 170 Landelijk onderzoek adreskwaliteit 50 (BRP-onderzoek) Samen Sterk in Brabant 30 Hondenoverlast 40 Zwerfafval 40

22

Uren 40 80 240 340 100 60 80 80

Kappen/inritten/rioolaansluitingen Overige verzoektaken (vuurwerk, geluid, markt) Totaal

25 onbekend

75 60 1155

Opiumwet Dan zijn er nog wat ontwikkelingen op het gebied van het Damocles-beleid. Het Damocles-beleid is in 2019 opnieuw aangescherpt. Uit recente uitspraken van de rechtbank blijkt dat er steeds meer aan motivatie en onderbouwing wordt gevraagd in sluitingsbesluiten. Dergelijke zaken vergen dus meer tijd qua voorbereiding en uitvoering. Daarnaast worden steeds vaker hennepkwekerijen en/of harddrugs in woningen of loodsen ontdekt. Wet aanpak woonoverlast Op 1 juli 2017 is de Wet aanpak woonoverlast in werking getreden. Met deze wet hebben gemeenten een aanvullend instrument gekregen om woonoverlast effectiever aan te pakken. Burgemeesters hebben namelijk de bevoegdheid gekregen om aan veroorzakers van woonoverlast in het uiterste geval een specifieke gedragsaanwijzing op te leggen. De gedragsaanwijzing kan bijvoorbeeld inhouden dat een hond moet worden gemuilkorfd of geen luide muziek mag worden gedraaid. De burgemeester beschikt pas over de bevoegdheid om een gedragsaanwijzing te geven als dit in een gemeentelijke verordening (APV) mogelijk wordt gemaakt. Het is de bedoeling om in 2021 beleid op te stellen hoe er van dit instrument gebruik zal worden gemaakt. Taakstelling juridische ondersteuning Verwacht wordt dat wat betreft APV en bijzondere wetten jaarlijks 10 handhavingszaken behandeld zullen worden.

Dit aantal is inclusief de handhaving op grond van de Opiumwet (Damocles beleid). Dit betekent dat we ook in 2021 handhavend optreden wanneer er in een pand sprake is van hennepteelt of andere vormen van drugsproductie en/of verkoop . Taakstelling Bestuursrechtelijke handhaving Ten aanzien van de taakstelling betekent dit dat jaarlijks 200 uur wordt begroot voor de juridische afhandeling van handhavingszaken (gemiddeld ongeveer 20 uur per dossier). 4.8

Klachten

De gemeente Baarle-Nassau streeft er naar om alle klachten en meldingen doelmatig te behandelen. Om de klacht/meldingsbereidheid zo hoog mogelijk te maken zijn er diverse manieren om een klacht/melding in te kunnen dienen. Klachten van burgers kunnen worden ingediend via (info@baarle-nassau.nl) of in de BeterBuiten app. Daarnaast is het ook mogelijk ia het t ittera ou t a de Boa s ee kla ht of eldi g te doe . Alle ge oe de syste e worden dagelijks geraadpleegd. De binnengekomen klachten/meldingen worden doorgezet naar de behandelende afdeling. Klachten over het niet legen van een afvalcontainer of defecte containers worden door het cluster Buitendienst behandeld en opgelost. Overige klachten gaan onder andere over zwerfafval, verkeerd geparkeerde auto s. De eeste kla hte orde door de BOA s afgeha deld. De BOA s zij ook i de a o de en weekenden werkzaam, zodat ook dan klachten en meldingen kunnen worden afgehandeld. Voor calamiteiten buiten de werktijden is een storingsnummer beschikbaar. De klachten en meldingen worden geregistreerd in het zaaksysteem van de gemeente. Het zaaksysteem Green Valley wordt hiervoor gebruikt. Verder neemt, zoals reeds vermeld, Baarle-Nassau deel aan het project Samen Sterk in Brabant: onder leiding van de ODBN orde et de BOA s e so s toezi hthouders a de deel e e de ge ee te o troles uitgevoerd in bossen en het buitengebied.

Dit is niet alleen gunstig voor het signaleren van zaken als drugsdumpingen en stroperij, de deelnemende medewerkers leren elkaar en elkaars werk kennen. Hierdoor ontstaat een goed functionerend netwerk, waarmee signalen beter opgepikt kunnen worden, wat hopelijk een preventieve uitwerking heeft op ongewenste situaties. 4.9

Urenraming

De gemeente Baarle-Nassau beschikt over een uitvoeringscapaciteit van 3743 uur (2,69 fte s oor de realisatie van het werkprogramma. Voor de uitvoering van het werkprogramma wordt gekozen voor een combinatie van uitvoering binnen de eigen organisatie en het inhuren van externe ondersteuning. 23

Inhuur van externen is voor wat betreft het cluster handhaving beperkt tot inhuur voor omvangrijke of specifieke handhavingszaken en op het cluster toezicht is dit beperkt tot inhuur voor controles die de toezichthouder zelf niet kan verrichten. Verder doet de OMWB de toezicht en handhaving voor wat betreft milieukwesties. Door middel van onderstaande persoonlijke planningen per medewerker wordt inzicht gegeven in de wijze van realisatie van het werkprogramma. Taakstelling Coördinator

Interne uren

Coördinator toezicht en handhaving Totaal

264 264

Taakstelling Toezichthoudend medewerker Bouwen en Wonen Controles realisatiefase (bouwen en slopen, inclusief handhavingscontroles) Handhavingscontrole gebruiksfase Handhavingscontrole permanente bewoning Handhavingsdagen (op thema) Algemene werkzaamheden waaronder voorlichting en afstemming Totaal

Taakstelling Juridisch beleidsmedewerker

Interne uren 485 320 100 200 36 1141

Interne uren

Juridische werkzaamheden milieu Juridische werkzaamheden realisatiefase Juridische werkzaamheden gebruiksfase Juridische werkzaamheden APV en bijzondere wetten Procesgerichte activiteiten (o.a. uitvoeringsprogramma, jaarverslag, beleid) Interne afstemming, advies ad-hoc en overleg Algemene juridische ondersteuning en overige werkzaamheden (o.a. afstemming externe partners en administratieve taken) Subtotaal Aanpak permanente bewoning recreatieverblijven Totaal Taakstelling BOA

50 100 260 200 120 95 122 947 236 1183 Interne uren

Toezicht en klachten van evenementen, verkeer, groen en APV/milieu Totaal

1155 1155

Borging van middelen In artikel 7.5 van de BOR wordt aangegeven dat de middelen van de uitvoering inzichtelijk moeten worden gemaakt en geborgd moeten worden. Alle activiteiten die wij het komende jaar gaan uitvoeren zoals beschreven in dit uitvoeringsprogramma om de doelstellingen uit het beleidsplan VTH 2020-2021 te behalen, vallen binnen de middelen die zijn opgenomen in de begroting van 2021. Als blijkt dat de middelen niet toereiken zijn, kunnen ze in de 1e of 2e tussentijdse rapportage bijgesteld worden of wordt het uitvoeringsprogramma aangepast.

24

5

Procesgerichte taken

Ook in de komende jaren wordt kwaliteitsmanagement één van de belangrijkste pijlers in het kader van de uitvoering van vergunningverlening en handhaving. 5.1

Borging van kwaliteit en voortgang uitvoeringsprogramma

Kwaliteitsmanagement is een middel om constante verbetering van handhavings-, toezichts- en vergunningverleningsactiviteiten te bereiken. Hiermee zullen de prestaties en het vermogen van de organisatie over de gehele linie in stand gehouden én verbeterd worden. Kwaliteitsmanagement heeft de volgende doelstellingen:  Uniformiteit in de uitvoering van handhavingsactiviteiten. Hierdoor wordt eenzelfde hoge kwaliteit gewaarborgd.  Een betere controle op de uitvoering van taken.  Efficiënte en effectieve overdracht tussen de medewerkers onderling.  Het duidelijk in kaart brengen en vastleggen van de werkprocessen en verantwoordelijkheden in de bedrijfsvoering. Activiteiten

Begrote uren

Opstellen beleidsplan, uitvoeringsprogramma en jaarverslag Monitoring handhaving en Omgevingswet Totaal 5.2

100 20 120

Afstemming/Voorlichting/Regionale samenwerking

Interne afstemming Interne afstemming binnen de eigen organisatie is van wezenlijk belang. De handhavingsjuristen hebben regel atig o erleg et toezi hthouders i e de ers hille de lusters, de ollega s an Ruimtelijke Ordening en de algemene juristen. Tussen vergunningverleners en toezichthouders vindt regelmatig overleg plaats, vooral in gevallen waar sprake is van een vergunningaanvraag. Daarnaast vindt in bijzondere gevallen informatie-uitwisseling plaats, ter voorbereiding van een controle. De vergunningverlener krijgt altijd een afschrift van het controlerapport in gevallen waar sprake is van overtredingen van voorschriften en/of illegale activiteiten c.q. uitbreidingen. Voor specifieke controles, zoals recreatie, wordt overleg gepleegd met andere domeinen (met name sociaal domein) en/of clusters (bijv. financiën, GEO, WPR). Via onder andere portefeuillehoudersoverleggen (poho) vindt er natuurlijk ook regelmatig overleg/afstemming plaats met de burgemeester (handhaving) en wethouder (vergunningverlening) als verantwoordelijk portefeuillehouders. Om zo efficiënt mogelijk te werken is eind 2018 afgesproken dat er voor het poho handhaving één aanspreekpunt is, de juridisch medewerker handhaving. Het poho fysiek wordt door de coördinator handhaving en een medewerker van veiligheid bijgewoond. Gebleken is dat deze taakverdeling goed werkt.

Externe afstemming In het VTH beleidsplan 2020-2024 komt de afstemming met externe partijen ruimschoots aan bod. Wij verwijzen dan ook naar het VTH beleidsplan. Afstemming met deze partners is opgenomen in de urenplanning onder algemeen. Hier worden geen aparte uren voor geraamd. Communicatie Belangrijk speerpunt voor de komende jaren is om handhaving te voorkomen en te bevorderen dat burgers en bedrijven uit zichzelf de regels naleven. Burgers moeten hun eigen verantwoordelijkheid nemen.

25

Om ze bewust te maken van deze verantwoordelijkheid en ze te bewegen de regels na te leven (preventieve handhaving) is het onder andere van belang dat er goede voorlichting wordt gegeven, we goed bereikbaar zijn voor vragen, regels duidelijk en uitlegbaar zijn en deze ook zo uitleggen. Ook wanneer het toch tot een formeel handhavingstraject (repressieve handhaving) komt is communicatie met de burger van belang. Zo zal er na het constateren van een overtreding, door de toezichthouder en/of juridisch medewerker inzicht moeten worden gegeven in de aard van de overtreding(en) en het eventueel te volgen handhavingstraject. Het is daarvoor van belang om voor het starten van het formele handhavingstraject eerst contact te leggen met de overtreder. Na dit contactmoment zal het handhavingstraject veelal aanvangen met een vooraankondiging of vooraanschrijving van handhaving waarin de mogelijkheid wordt geboden de overtreding te beëindigen voordat er een formeel besluit (last onder dwangsom of last onder bestuursdwang) volgt en hopelijk door onder andere de goede communicatie niet nodig is. Dit geldt niet wanneer er sprake is van spoedeisendheid of zwaarwegende belangen waar een meer voortvarende manier van handhaven op zijn plaats is (bijvoorbeeld het toepassen van spoedeisende bestuursdwang). Echter ook in deze gevallen is goede communicatie essentieel.

Steeds meer wordt getracht via overleg een handhavingszaak op te lossen. Soort overleggen Interne afstemming en overleg Handhaving Poho handhaving Advies ad-hoc Totaal

Begrote uren 50 25 20 95

26

6

Borging kwaliteit

In dit hoofdstuk wordt beschreven op welke wijze de kwaliteit van de handhavingsactiviteiten zal worden gewaarborgd. Voor strategie en werkwijze wordt verwezen naar het VTH beleidsplan 2020-2024. 6.1

Uitvoering, monitoring en verantwoording

De resultaten van de uitvoering worden jaarlijks gemonitord, geëvalueerd en gerapporteerd. Als er significante afwijkingen zijn tussen planning en realisatie dan worden deze verklaard in het jaarverslag. Indien nodig wordt vervolgens ook de planning weer bijgesteld. Een van de kwaliteitscriteria betreft de monitoring. Het bestuursorgaan dient met behulp van een geautomatiseerd systeem de resultaten en de voortgang te bewaken van: 1 a. de uitvoering van het uitvoeringsprogramma; en b. het bereiken van de in het handhavingsbeleid gestelde doelen. 2. In het systeem worden voorts in het kader van de handhaving verkregen gegevens geregistreerd. Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving beschikken over enkele geautomatiseerde systemen waarin elke verleende vergunning en strijdige situatie, op het gebied van Milieu, Ruimtelijke Ordening, Bouwen, APV en bijzondere wetten, Recreatie en toerisme, waartegen wordt gehandhaafd, wordt ingevoerd, bijgehouden en gemonitord. Door de registratie op het netwerk van de ABG-organisatie kan iedere werknemer op de hoogte zijn tegen welke situaties wordt gehandhaafd, wie de behandelend ambtenaar is, hoever de handhavingsprocedure is gevorderd en of de handhavingsprocedure al dan niet is afgehandeld. Dit bevordert een integrale werkwijze. 6.2

Kwaliteit van de capaciteit

Voor een adequate uitvoering van de taken is naast voldoende personele capaciteit ook de kwaliteit van de personele capaciteit van belang. De afdeling dient over voldoende deskundigheid en/of financiële middelen voor het inhuren van deskundigheid te beschikken voor een goede taakuitvoering en het ontwikkelen van kennis en vaardigheden. 6.3

Werkprocessen

Op 1 januari 2016 is de ABG-organisatie van start gegaan. Dit betekent o.a. dat de processen zijn aangepast aan de nieuwe ambtelijke organisatie. 2021 is alweer het zesde jaar dat deze organisatie werkzaam is. Hoewel er altijd sprake zal zijn van een erfenis uit het verleden, zijn de hedendaagse werkprocessen universeel voor alle drie de gemeenten. Ook het opstellen van eleids ota s e erorde i ge ordt u zo eel ogelijk u i erseel gedaan, uiteraard daar waar nodig en wenselijk aangepast aan de plaatselijke situatie.

27

7

Ontwikkelingen

Hieronder volgt een overzicht van de landelijke, regionale en plaatselijke ontwikkelingen. 7.1

Omgevingswet

Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. De wet bundelt bijvoorbeeld 26 bestaande wetten voor onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Daardoor moet het straks makkelijker zijn om bijvoorbeeld een bouwproject te starten, zoals woningbouw op voormalige bedrijventerreinen. Verder biedt de wet meer ruimte voor particuliere ideeën. Dit komt doordat er meer algemene regels gelden, in plaats van gedetailleerde vergunningen. Het doel staat voorop en niet het middel om er te komen. De houding bij het beoordelen van plannen is ja its i plaats a ee te zij . )o o tstaat rui te oor edrij e e orga isaties o et ideeë te ko e . Door het ontbreken van een digitaal stelsel, maar ook door de Covid-19 crisis is de wet een jaar uitgesteld, van 2021 naar 2022. Of 2022 haalbaar is hangt af van de situatie omtrent corona. Voor de invoering van de Omgevingswet is een budget beschikbaar gesteld. Dit budget wordt benut voor het inhuren van externe deskundigheid, het organiseren van bijeenkomsten voor medewerkers, bestuurders, raadsleden en bewoners en organisaties. 7.2

Private kwaliteitsborging in de bouw

Als het gaat om Wabo vergunningverlening en toezicht staat er een stapsgewijze invoering van de Wet Private kwaliteitsborging op stapel. Hiermee worden de verantwoordelijkheden in de bouw anders neergelegd en wordt de markt primair verantwoordelijk voor de kwaliteit van de bouw. In plaats van de gemeente controleert een (private) kwaliteitsborger gedurende het ontwerp- en uitvoeringsproces of er gebouwd wordt volgens het Bouwbesluit. Voor de gemeente vervalt dan grotendeels de technisch-inhoudelijke toetsing aan het Bouwbesluit. Hiervoor in de plaats komt er een aantal, voornamelijk administratieve, taken bij. Zoals de controle of het juiste instrument van kwaliteitsborging is toegepast en of er sprake is geweest van een erkende kwaliteitsborger. In de vergunningsfase toetsen we in het voorgenomen stelsel dus niet langer aan bouwtechnische voorschriften. Gemeenten houden bij vergunningverlening wel hun taken in het kader van de toetsing aan bestemmingplannen, bouwverordening, welstand en omgevingsveiligheid. Een groot deel van de werkzaamheden in het kader van de vergunningverlening voor het bouwen zal dus blijven bestaan. Nu besteden wij de bouwbesluit- en constructieve toets voor een groot deel uit aan een externe partij. Dit hoeft dan niet meer. Hierdoor heeft deze wetswijziging nauwelijks gevolgen voor de formatie bij vergunningverlening.

Voor wat betreft het toezicht vervalt onze taak om tijdens de bouw te controleren of conform Bouwbesluit wordt gebouwd. In plaats daarvan toetsen wij of toegelaten instrumenten voor kwaliteitsborging worden toegepast die geschikt zijn voor de risicoklasse van het bouwwerk en of de gekozen kwaliteitsborger gerechtigd is om het instrument toe te passen. Wel houden wij het toezicht en de handhaving voor de bestaande voorraad bouwwerken. De Wet kwaliteitsborging borging voor het bouwen zal bij inwerkingtreding alleen gelden voor bouwwerken vallend onder ge olgklasse . Het gaat samengevat om de volgende bouwwerken:      

Grondgebonden woningen Woonboten Vakantiewoningen Bedrijfspanden van maximaal 2 bouwlagen, inclusief een klein kantoor / kantine Fiets- en voetgangersbruggen Overige bouwwerken geen gebouw zijnde tot maximaal 20 meter hoog

Bovenstaande bouwwerken vallen niet onder gevolgklasse 1 indien het monumenten zijn, indien er sprake is van een gelijkwaardige oplossing voor brand- of constructieve veiligheid, indien een melding of vergunning

28

brandveilig gebruik nodig is of indien er een milieuvergunning nodig is. In dat geval vallen de bouwwerken – net als andere bouwwerken – vooralsnog onder het bestaande regime van de gemeentelijke toetsing. In de eerste 3 jaar na invoering van de Wkb wordt geëvalueerd of en zo ja met welke eventuele aanpassingen ook de rest van de bouwwerken onder de Wkb gaan vallen. De wet treedt gelijktijdig met de Omgevingswet in werking. 7.3

Programma Aanpak Stikstof (PAS)

De overheid wil de hoeveelheid stikstof in de natuur (stikstofdepositie) terugdringen. Daarvoor introduceerde zij in 2015 het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Dit programma was ook gericht op het versterken van de natuur en het maakte tegelijkertijd economische ontwikkeling mogelijk. Op 29 mei 2019 heeft de Raad van State vergunningen het Programma Aanpak Stikstof ongeldig verklaard. De uitspraak van de Raad van State heeft verschillende gevolgen. Zowel voor toestemmingverlening en vergunningen, als voor activiteiten die met het PAS waren vrijgesteld van de vergunningplicht. De vergunningverlening voor, en de bouw van, nieuwe huizen, wegen, industrie en agrarische bedrijven is hierdoor grotendeels stil komen te liggen of liep hierdoor vertraging op. Inmiddels is er een nieuwe versie beschikbaar van het nationale instrumentarium voor stikstofdepositie (Aerius) waardoor vergunningen aanvragen weer door kunnen gaan. 7.4

Aanbesteding nieuwe VTH-applicatie

Het huidige VTH- orkflo systee GI“VG gaat er a ge orde . GI“VG is iet O ge i gs etproef e de leverancier heeft aangegeven dit systeem niet verder te ontwikkelen. We zijn daarom in 2020 op zoek geweest naar een nieuw systeem. Dat hebben we samen met andere Equalit-gemeenten gedaan. De aanbesteding hiervan heeft reeds plaatsgevonden. Va af half gaa e erke et het pakket Leefo ge i g a Centric. Voordat we met het pakket kunnen werken moet het pakket ingericht worden. Ook moeten er diverse koppelingen met andere pakketten en sjablonen gemaakt worden. Dit doen we samen met Equalit en deelnemende gemeente. Uitgangspunt voor de inrichting van de processen zijn de door de VNG opgestelde GEMMA werkprocessen. 7.5

BENG

Vanaf 1 januari 2021 gelden er nieuwe energieprestatie-eisen voor nieuwbouw. Na twintig jaar nemen we afscheid van de energieprestatie coëfficiënt (EPC). Daarvoor in de plaats komen nieuwe eisen voor bijna energieneutrale gebouwen (Beng). Hierbij wordt er onder meer gekeken naar de energiebehoefte van een gebouw. De EPC geeft één waarde voor de energieprestatie van een gebouw. Binnen die waarde kan een matige score op het ene aspect worden goedgemaakt door een extra hoge score op een ander aspect. Bijvoorbeeld slechte isolatie compenseren door zonnepanelen. Dat is in BENG niet meer mogelijk. Een gebouw moet namelijk gelijktijdig aan de drie BENG-indicatoren voldoen. Het is niet mogelijk een onvoldoende op de ene indicator te compenseren met een ruime voldoende op een andere. Maar er zijn wel relaties tussen de drie indicatoren. Voor elke indicator geldt straks een eis die varieert voor woningen, utiliteitsgebouwen, onderwijsgebouwen en gezondheidszorggebouwen. Zo mag het primair energiegebruik van nieuwe woningen straks niet hoger zijn dan 25 kWh per m2 per jaar. Ter vergelijking: dit komt ongeveer overeen met een EPC van 0,2. Voor alle soorten gebouwen geldt dat minimaal 50 procent van het gebouwgebonden energiegebruik afkomstig moet zijn van duurzame bronnen. De drie indicatoren zijn: - Energiebehoefte: hoeveel energie heeft een gebouw nodig voor verwarming en koeling.

- primair energieverbruik: de hoeveelheid fossiele brandstof die per jaar die nodig is voor verwarming, koeling, warm water en installaties - aandeel hernieuwbare energie: het percentage hernieuwbare energie van het totale energiegebruik. Zoals toepassing van PV, zonneboiler, bodemenergie, omgevingswarmte, biomassa en externe warmtelevering (mits hernieuwbaar).

29

Bijlage 1 Werkprogramma OMWB 2021

Bijgevoegd als aparte bijlage (20int10977)

30

Bijlage 2 Risicomatrix

Bijgevoegd als aparte bijlage (19int09187)

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11445374/1