Bijlage 2 Was-wordt-lijst GR Nazorg gesloten stortplaatsen
Tekst van het document
Was-wordt-lijst gemeenschappelijke regeling Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen Artikel huidige GR
Herziene tekst
Dilemma/afweging/commentaar
Artikel 1 Begripsbepalingen
Artikel 1 Definities
1.1 Deze regeling verstaat onder: a. de regeling: deze gemeenschappelijke regeling b. een (deelnemende) gemeente: de aan deze regeling deelnemende gemeente c. openbaar lichaam: het openbaar lichaam Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen d. college: college van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten e. raad: gemeenteraad van de deelnemende gemeenten
1. Deze regeling verstaat onder: − colleges van burgemeester en wethouders: colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten; − gemeente: de aan deze regeling deelnemende gemeente; − openbaar lichaam: het openbaar lichaam Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen; − raad: gemeenteraad van de deelnemende gemeenten; − regeling: deze gemeenschappelijke regeling.
Dit artikel wordt niet inhoudelijk gewijzigd. Het gaat om technische wijzigingen en aanpassingen van de lay-out.
1.2 Waar in deze regeling artikelen van enige wet of andere wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, komen in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, burgemeester en wethouders en de burgemeester, onderscheidenlijk het openbaar lichaam, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter.
2. Waar in deze regeling artikelen van een wet of andere wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, komen in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, burgemeester en wethouders en de burgemeester, onderscheidenlijk het openbaar lichaam, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter.
Artikel 2
Artikel 2 Openbaar lichaam
Er is een openbaar lichaam, genaamd 'Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen', gevestigd te Breda. Het gebied van de regeling omvat het grondgebied van de deelnemende gemeenten.
Het openbaar lichaam ‘Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen' is gevestigd in Breda. Het gebied van de regeling omvat het grondgebied van de Regionale Stortplaats Zevenbergen en Afvalstoffenberging Bavel-Dorst en Zevenbergen. De deelnemende gemeenten hebben in het verleden afval gestort op deze locaties.
Artikel 3 Doel
Artikel 3 Doel
Het openbaar lichaam heeft tot doel de belangen van de deelnemende gemeenten te behartigen bij de nazorg van de Regionale Stortplaats Zevenbergen en de Afvalstoffenberging BavelDorst.
Het openbaar lichaam heeft tot doel de belangen van de deelnemende gemeenten te behartigen bij de nazorg van de Regionale Stortplaats Zevenbergen en de Afvalstoffenberging BavelDorst.
Artikel 4 Taken en bevoegdheden van het openbaar lichaam
Artikel 4 Taken en bevoegdheden van het openbaar lichaam
1. Het zitting nemen in de Bestuursraad van het Provinciaal Nazorgfonds ter waarborging van het toezicht op de doelmatige aanwending van de voor de RSZ betaalde nazorggelden; 2. Het nakomen van de contractuele verplichtingen van de gemeenschappelijke
Het openbaar lichaam heeft de volgende taken en bevoegdheden: a. zitting nemen in de Bestuursraad van het Provinciaal Nazorgfonds om het toezicht op de doelmatige aanwending van de voor de
Dit artikel wordt gewijzigd. In het artikel wordt nu opgenomen dat de regeling betrekking heeft op het grondgebied van de voormalige stortplaatsen in plaats van het grondgebied van de deelnemende gemeenten.
Dit artikel wordt niet gewijzigd.
Dit artikel wordt niet inhoudelijk gewijzigd. Het gaat om technische wijzigingen en aanpassingen van de lay-out.
regeling inzake de eindafwerking en nazorg van de gesloten stortplaats Bavel-Dorst en Zevenbergen; 3. Een adequaat beheer voeren over de voor de nazorg beschikbare fondsen/middelen.
Regionale Stortplaats Zevenbergen betaalde nazorggelden te waarborgen; b. het nakomen van de contractuele verplichtingen van de gemeenschappelijke regeling over de eindafwerking en nazorg van de Regionale Stortplaats Zevenbergen en Afvalstoffenberging Bavel-Dorst; c. het voeren van een adequaat beheer over de voor de nazorg beschikbare fondsen/middelen.
Artikel 5 Het algemeen bestuur
Artikel 5 Het algemeen bestuur
5.1 De colleges wijzen uit hun midden een lid van het algemeen bestuur en zijn plaatsvervanger aan. Elk lid van het algemeen bestuur heeft in de vergaderingen van het algemeen bestuur één vaste stem. Als een lid van het algemeen bestuur een gemeente van meer dan 20.000 inwoners vertegenwoordigt, wordt de vaste stem vermeerderd met telkens één stem voor elke 20.000 inwoners of een gedeelte daarvan boven de 20.000 inwoners.
1. De colleges van burgemeester en wethouders wijzen uit hun midden een lid van het algemeen bestuur aan.
5.2 Een college kan een door hem aangewezen (plaatsvervangend) lid ontslag verlenen als het lid zijn vertrouwen niet meer geniet. Het ontslag wordt enkel verleend nadat dit lid zich heeft
2. Elk lid van het algemeen bestuur heeft in de vergaderingen van het algemeen bestuur één vaste stem. Als een lid van het algemeen bestuur een gemeente van meer dan 20.000 inwoners vertegenwoordigt, wordt de vaste stem vermeerderd met telkens één stem voor elke 20.000 inwoners of een gedeelte daarvan boven de 20.000 inwoners. 3. De colleges van burgemeester en wethouders kunnen een door hen aangewezen lid ontslag verlenen als het lid hun vertrouwen niet meer geniet. Het ontslag wordt enkel verleend nadat dit lid zich heeft kunnen
Dit artikel wordt inhoudelijk gewijzigd. In de praktijk wordt niet met plaatsvervangers gewerkt. Om deze reden wordt het aanwijzen van een plaatsvervanger geschrapt. Verder is er sprake van een technische wijziging en is de lay-out van het artikel aangepast.
kunnen verantwoorden. De artikelen 49 en 50 van de Gemeentewet zijn van toepassing.
verantwoorden. De artikelen 49 en 50 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing.
Artikel 6 Het dagelijks bestuur
Artikel 6 Het dagelijks bestuur
6.1 Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en maximaal vier leden, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen.
1. Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en maximaal vier leden, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen.
6.2 Het dagelijks bestuur heeft in ieder geval de volgende taken en bevoegdheden: a. het voorbereiden van al hetgeen het algemeen bestuur ter overweging en beslissing zal worden voorgelegd; b. het uitvoeren van de besluiten van het algemeen bestuur; c. het beheren van de inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam; d. het vertegenwoordigen van de regeling in de bestuursraad als bedoeld in artikel 4.1.
Artikel 7 De voorzitter
Dit artikel wordt inhoudelijk niet gewijzigd. Het gaat om technische wijzigingen en aanpassingen van de lay-out.
2. Het dagelijks bestuur heeft in ieder geval de volgende taken en bevoegdheden: a. het voorbereiden van alles dat aan het algemeen bestuur ter overweging en beslissing zal worden voorgelegd; b. het uitvoeren van de besluiten van het algemeen bestuur; c. het beheren van de inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam; d. het vertegenwoordigen van de regeling in de Bestuursraad als bedoeld in artikel 4 onder a van deze regeling.
Artikel 7 De voorzitter
7.1 1. Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden een een voorzitter aan. De voorzitter van het voorzitter aan. De voorzitter van het algemeen algemeen bestuur is ook voorzitter van het bestuur is tevens voorzitter van het dagelijks dagelijks bestuur.
Dit artikel wordt inhoudelijk niet gewijzigd. Het gaat om technische wijzigingen en aanpassingen van de lay-out.
bestuur Deze roept de vergaderingen van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur bijeen 2. De voorzitter roept de vergaderingen van het en leidt deze vergaderingen. algemeen bestuur en het dagelijks bestuur bijeen en leidt deze vergaderingen. 7.2 Het dagelijks bestuur kiest uit zijn midden een plaatsvervangend voorzitter, die de voorzitter bij 3. Het dagelijks bestuur kiest uit zijn midden een diens afwezigheid vervangt. plaatsvervangend voorzitter, die de voorzitter bij zijn afwezigheid vervangt. 7.3 De voorzitter ondertekent de stukken, die van het 4. De voorzitter ondertekent de stukken, die van algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur het algemeen bestuur en van het dagelijks uitgaan. bestuur uitgaan. 7.4 5. De voorzitter vertegenwoordigt het openbaar De voorzitter vertegenwoordigt het openbaar lichaam in en buiten rechte. Hij kan deze lichaam in en buiten rechte. Hij kan deze vertegenwoordiging aan een door hem aan te vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde opdragen. wijzen gemachtigde opdragen.
Artikel 8 Participatie Bij besluitvorming op grond van deze regeling wordt er geen gebruik gemaakt van (burger)participatie.
Artikel 8 Inlichtingenplicht 8.1
Dit wordt een nieuw artikel als gevolg van een wetswijziging. Omdat er sprake is van uitvoering van beleidsarme taken, is ervoor gekozen om geen gebruik te maken van (burger)participatie.
Vanwege de nieuwe actieve informatieplicht wordt een zesde lid aan dit artikel toegevoegd. In 1. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur dit lid is opgenomen in welke gevallen het en de voorzitter verstrekken de inlichtingen Artikel 9 Inlichtingenplicht
Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken de inlichtingen die worden gevraagd door een of meer leden van de deelnemende raden, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang. 2.
die worden gevraagd door een of meer leden algemeen bestuur de raden van de deelnemende van de raden, tenzij het verstrekken ervan in gemeenten actief informeert. strijd is met het openbaar belang. De rest van het artikel wordt inhoudelijk niet Een lid van het algemeen bestuur verstrekt de gewijzigd. Het gaat om technische wijzigingen en inlichtingen die worden gevraagd door een of aanpassingen van de lay-out. meer leden van de raad van de gemeente waarvan hij afkomstig is, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang.
8.2 Een lid van het algemeen bestuur verstrekt de inlichtingen die worden gevraagd door een of meer leden van de raad van de gemeente waarvan hij afkomstig is, tenzij het verstrekken ervan in strijd 3. Een lid van het algemeen bestuur verstrekt de is met het openbaar belang. inlichtingen die worden gevraagd door een of meer leden van het college dat hem heeft 8.3 aangewezen, tenzij het verstrekken ervan in Een lid van het algemeen bestuur verstrekt de strijd is met het openbaar belang. inlichtingen die worden gevraagd door een of meer leden van het college dat hem heeft aangewezen, 4. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het verstrekt het dagelijks bestuur de inlichtingen openbaar belang. die worden gevraagd door een of meer leden van het algemeen bestuur of door het college 8.4 van burgemeester en wethouders van een of Onverminderd het bepaalde in 8.1 verstrekt het meer deelnemende colleges, tenzij het dagelijks bestuur de inlichtingen die worden verstrekken ervan in strijd is met het openbaar gevraagd door een of meer leden van het belang. algemeen bestuur dan wel een of meer leden van de deelnemende colleges, tenzij het verstrekken 5. De inlichtingen, zoals bedoeld in het eerste tot ervan in strijd is met het openbaar belang.
en met het vierde lid, worden zo spoedig mogelijk schriftelijk verstrekt, maar in ieder 8.5 geval binnen 30 dagen nadat het verzoek is De in de 8.1 tot en met 8.4 bedoelde inlichtingen ontvangen. worden zo spoedig mogelijk schriftelijk verstrekt, maar in ieder geval binnen 30 dagen nadat het 6. Als er sprake is van een calamiteit waardoor verzoek is ontvangen. het milieu of de omgeving bedreigd worden, of
als zich een situatie voordoet die leidt tot een extra bijdrage van de deelnemende gemeenten, deelt het algemeen bestuur dit onverwijld schriftelijk mee aan de raden van de deelnemende gemeenten.
Dit artikel wordt gewijzigd. Gebleken is dat niet iedere gemeente hierover bepalingen in het 9.1 1. Een lid van het algemeen bestuur is reglement van orde heeft opgenomen. Om deze Een lid van het algemeen bestuur is verantwoording schuldig aan het college van reden wordt dit artikel aangepast. verantwoording schuldig aan het college dat hem burgemeester en wethouders van de als lid heeft aangewezen voor zijn optreden in het gemeente dat hem als lid heeft aangewezen algemeen bestuur. Het afleggen van voor zijn optreden in het algemeen bestuur. Hij verantwoording vindt plaats op de wijze zoals legt deze verantwoording zo spoedig mogelijk geregeld in het reglement van orde voor de af nadat het college van burgemeester en vergaderingen van het desbetreffende college. wethouders hem daarom heeft gevraagd. Artikel 9 Verantwoording
Artikel 10 Verantwoording
9.2 2. Een lid van het algemeen bestuur is Een lid van het algemeen bestuur is verantwoording schuldig aan de raad van de verantwoording schuldig aan de raad van de gemeente waarvan hij afkomstig is. Hij legt gemeente waarvan hij afkomstig is. Het afleggen deze verantwoording zo spoedig mogelijk af van verantwoording vindt plaats op de wijze zoals nadat de raad hem daarom heeft gevraagd. geregeld in het reglement van orde voor de vergaderingen van het college van die gemeente. 3. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het 9.3 algemeen bestuur verantwoording schuldig De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en voor hun optreden in het dagelijks bestuur. Zij ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur leggen deze verantwoording zo spoedig verantwoording schuldig voor hun optreden in het mogelijk af nadat het algemeen bestuur hun dagelijks bestuur. daarom heeft gevraagd.
Artikel 10 Personeel en organisatie
Artikel 11 Personeel en organisatie
10.1 De voorzitter, het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur worden voor hun taakuitvoering bijgestaan door ambtelijke ondersteuning.
1. De voorzitter, het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur worden voor hun taakuitvoering bijgestaan door ambtelijke ondersteuning.
Dit artikel wordt inhoudelijk niet gewijzigd. Het gaat om technische wijzigingen (verduidelijking) en aanpassingen van de lay-out.
2. De ondersteunende taken worden ondergebracht bij één van de deelnemende gemeenten waarbij een dienstverleningsovereenkomst wordt gesloten.
10.2 Deze ondersteuning wordt in de vorm van een dienstverleningsovereenkomst geregeld. De ondersteunende taken worden ondergebracht bij één van de deelnemende gemeenten. Het openbaar lichaam heeft geen eigen personeel in dienst.
3. Het openbaar lichaam heeft geen eigen personeel in dienst.
Artikel 11 Financiële bepalingen
Artikel 12 Financiële bepalingen
Ten aanzien van de organisatie van de administratie en van het beheer van de vermogensvoorwaarden alsmede van de controle daarop zijn de artikelen 212 tot en met 215 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
Ten aanzien van de organisatie van de administratie en van het beheer van de vermogensvoorwaarden alsmede van de controle daarop zijn de artikelen 212 tot en met 215 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
Dit artikel wordt niet gewijzigd.
Artikel 12
Artikel 13 Kosten en bijdragen
De kosten voor de gemeenten voortvloeiend uit deze regeling worden gedekt uit de renteopbrengsten van de getroffen voorzieningen en indien nodig met een bedrag per inwoner.
De kosten voor de gemeenten die uit deze regeling voortvloeien, worden gedekt uit: a. renteopbrengsten van het doelvermogen van Bavel-Dorst; b. opbrengsten van het Provinciaal Nazorgfonds dat bij de provincie NoordBrabant is ondergebracht; c. een bijdrage van de deelnemende gemeente op basis van een bedrag per inwoner, vast te stellen bij de begroting.
Dit artikel wordt gewijzigd. De bestaande praktijk wordt verduidelijkt.
Dit artikel wordt gewijzigd. De bepalingen over het meerjarenbeleidsplan worden verwijderd 13.1 1. Jaarlijks zendt het dagelijks bestuur aan de omdat er in de praktijk geen Het algemeen bestuur stelt vierjaarlijks, bij de raden van de deelnemende gemeenten meerjarenbeleidsplan wordt gemaakt. Er is aanvang van een nieuwe raadsperiode, een een brief met daarin de algemene immers sprake van beleidsarme uitvoering. meerjarenbeleidsplan vast waarin de financiële financiële en beleidsmatige kaders. In deze en inhoudelijke vooruitzichten worden brief zijn de door de deelnemende Verder worden de data verwijderd. Deze data uiteengezet. De jaarlijkse begroting dient te gemeenten gegeven richtlijnen verwerkt. zijn immers opgenomen in de Nota Verbonden passen binnen deze kaders. Daarnaast bevat de kaderbrief kort de Partijen. In het vierde lid wordt naar de van belangrijkste opgaven voor het komende toepassing zijnde Nota Verbonden Partijen 13.2 jaar. Voorstellen voor nieuw beleid, die verwezen. De elementen die in het meerjarenbeleidsplan niet door de deelnemende gemeenten zijn naar voren dienen te komen, zijn: opgenomen in de richtlijnen, worden in a. de doelen die de gemeenschappelijke deze kaderbrief gedaan en expliciet regeling zal nastreven en/of prestaties die vermeld als nieuw beleid. de gemeenschappelijke regeling de deelnemende gemeente zal leveren; 2.
Jaarlijks zendt het dagelijks bestuur de ontwerpbegroting voor het volgende Artikel 13 Begroting en meerjarenbeleidsplan
Artikel 14 Kaderbrief en begroting
b. de kosten die aan de in het vorige lid genoemde doelen voor de gemeenten gezamenlijk en voor elke gemeente afzonderlijk verbonden zullen zijn; c. een overzicht van de risico’s van de gemeenschappelijke regeling en een uiteenzetting over de wijze waarop deze risico’s worden beheerst. 3.
begrotingsjaar, vergezeld van een toelichting, aan de leden van het algemeen bestuur en de raden van de deelnemende gemeenten met het verzoek aan de raden om hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren te brengen. Op wijzigingen van de begroting is het voorgaande lid voor zover mogelijk van overeenkomstige toepassing, tenzij deze wijzigingen geen invloed hebben op de hoogte van de gemeentelijke bijdragen.
13.3 Jaarlijks vóór 1 februari zendt het dagelijks bestuur aan de raden van de deelnemende gemeenten een brief met daarin de algemene financiële en beleidsmatige kaders. In deze 4. Als er een Nota Verbonden Partijen van brief zijn de door de deelnemende gemeenten toepassing is, worden voor het toezenden gegeven richtlijnen verwerkt. Daarnaast bevat van de kaderbrief en de ontwerpbegroting de kaderbrief kort de belangrijkste opgaven de termijnen aangehouden zoals die in voor het komende jaar. Voorstellen voor nieuw deze nota zijn opgenomen. beleid, die niet door de deelnemende gemeenten zijn opgenomen in de richtlijnen, worden in deze kaderbrief gedaan en expliciet vermeld als nieuw beleid. 13.4 Jaarlijks uiterlijk 15 april, zendt het dagelijks bestuur de ontwerpbegroting voor het volgende begrotingsjaar, vergezeld van een toelichting, aan de leden van het algemeen bestuur en de raden van de deelnemende gemeenten met het verzoek aan de raden om hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren te brengen. De raden sturen hun
zienswijzen vóór 1 juli naar het dagelijks bestuur. 13.5 Op wijzigingen van de begroting zijn voorgaande bepalingen zo mogelijk van overeenkomstige toepassing, tenzij de wijzigingen geen invloed hebben op de hoogte van de gemeentelijke bijdragen.
Dit artikel wordt gewijzigd. De data worden verwijderd. Deze data zijn immers opgenomen 14.1 1. Het dagelijks bestuur zendt de voorlopige in de Nota Verbonden Partijen. In het vierde lid Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks vóór 15 jaarrekening aan het algemeen bestuur en wordt naar de van toepassing zijnde Nota april de voorlopige jaarrekening aan het aan de colleges en raden van de Verbonden Partijen verwezen. algemeen bestuur en aan de colleges en raden deelnemende gemeenten. Bij deze van de deelnemende gemeenten. Bij deze voorlopige jaarrekening worden eveneens voorlopige jaarrekening worden eveneens de de volgende bescheiden overgelegd: het volgende bescheiden overgelegd: het jaarverslag, de berekening van de door de jaarverslag, de berekening van de door de gemeenten te betalen bijdragen en de gemeenten te betalen bijdragen en de accountantsverklaring. accountantsverklaring. 2. Het resultaat van de jaarrekening vloeit 14.2 terug naar de deelnemende gemeenten. Het resultaat van de jaarrekening vloeit terug Hiervan kan worden afgeweken met een naar de deelnemende gemeenten. Hiervan kan voorstel tot resultaatsbestemming dat aan worden afgeweken middels een voorstel tot het algemeen bestuur wordt voorgelegd. resultaatsbestemming dat aan het algemeen bestuur wordt voorgelegd. 3. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast.
Het besluit tot vaststelling van de 14.3 jaarrekening strekt – voor zover het daarin opgenomen ontvangsten en uitgaven Artikel 14 Jaarrekening en verslag
Artikel 15 Jaarrekening en verslag
Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening betreft – het dagelijks bestuur tot vóór 1 juli vast. Het besluit tot vaststelling van décharge, behoudens later in rechte de jaarrekening strekt – voor zover het daarin gebleken valsheid in bewijsstukken en opgenomen ontvangsten en uitgaven betreft – andere onregelmatigheden. het dagelijks bestuur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in 4. Als er een Nota Verbonden Partijen van bewijsstukken en andere onregelmatigheden. toepassing is, wordt voor het toezenden van de voorlopige jaarrekening de termijn aangehouden zoals die in deze nota is opgenomen.
Artikel 16 Zienswijze Naast de wettelijk verplichte mogelijkheden tot het indienen van een zienswijze, wordt aan de raden eveneens de mogelijkheid geboden om over de voorlopige jaarrekening een zienswijze in te dienen.
Artikel 15 Toetreding
Artikel 17 Toetreding
Dit wordt een nieuw artikel als gevolg van een wetswijziging. Omdat de gemeenschappelijke regeling geen beleid maakt, wordt voorgesteld om geen andere zienswijzemogelijkheid op te nemen dan de mogelijkheid voor het indienen van een zienswijze over de voorlopige jaarrekening.
Dit artikel wordt inhoudelijk niet gewijzigd. De wijzigingen zijn technisch van aard.
Het is voor niet-deelnemende gemeenten niet Het is voor niet-deelnemende gemeenten niet mogelijk om toe te treden tot deze regeling. mogelijk om toe te treden tot deze regeling, behalve in het geval van een gemeentelijke herindeling.
Artikel 16 Uittreding 16.1
Artikel 18 Uittreding
Dit artikel wordt inhoudelijk gewijzigd.
Een deelnemende gemeente kan uittreden 1. Een deelnemende gemeente kan uittreden door toezending aan het algemeen bestuur van door toezending aan het algemeen bestuur een daartoe strekkend besluit van de van een daartoe strekkend besluit van het onderscheiden bestuursorganen van de college van burgemeester en wethouders gemeente. Er geldt een opzegtermijn van een van die gemeente. Er geldt een kalenderjaar. opzegtermijn van een kalenderjaar. 16.2 2. De uittreding treedt in werking op de Het dagelijks bestuur doet een voorstel aan de eerste dag na die van bekendmaking in het raden van de deelnemende gemeenten over de gemeenteblad van de gemeente Breda, financiële verplichtingen alsook over de tenzij het besluit een latere datum overige gevolgen van de uittreding. Tenminste aangeeft. twee/derde van het aantal gemeenten dient daarmee in te stemmen. 3. Na uittreding is de uittredende gemeente verplicht tot de volgende betalingen: 16.3 a. een eenmalige afkoopsom, te storten De uittreding treedt in werking op de eerste in het Provinciaal Nazorgfonds. Op dag na die van bekendmaking in de verzoek van het openbaar lichaam Staatscourant door het daartoe bevoegde wordt door de provincie Noordgemeentebestuur, tenzij het besluit een latere Brabant bepaald hoeveel er in totaal datum aangeeft. door de gemeenschappelijke regeling in het Provinciaal Nazorgfonds zou moeten worden gestort.
Het algemeen bestuur maakt vervolgens een verdeling op basis van het inwoneraantal en stelt het door de uittredende gemeente te storten bedrag vast. De situatie voor de overige deelnemende gemeenten blijft ongewijzigd. b. een door het algemeen bestuur te bepalen eenmalige afkoopsom voor de nazorg van de Afvalstoffenberging
De wijziging in het eerste lid is technisch van aard. Het tweede lid wordt gewijzigd als gevolg van een wetswijziging. Per 1 juli 2022 worden (wijzigingen van) gemeenschappelijke regelingen bekendgemaakt in het gemeenteblad in plaats van in de Staatscourant. Het college van burgemeester en wethouders van Breda is voor deze regeling bevoegd om dit te doen en om die reden is ervoor gekozen om expliciet naar het gemeenteblad van Breda te verwijzen. Het derde lid is gewijzigd als gevolg van een wetswijziging. In de regeling moeten onder meer voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden en gevolgen van de uittreding worden opgenomen. Omdat er sprake is van een eeuwigdurende nazorg, worden er afkoopsommen en kosten voor het beheer in rekening gebracht bij de uittredende gemeente. Het vierde lid is opgenomen om te voorkomen dat aan de uittredende gemeente gelden uit het Provinciaal Nazorgfonds dan wel het doelvermogen Bavel-Dorst moeten worden uitbetaald. Vanwege de eeuwigdurende nazorg kunnen deze middelen in de toekomst immers weer hard nodig blijken.
Bavel-Dorst. Op verzoek van het openbaar lichaam wordt door de beheerder het doelvermogen bepaald. Het algemeen bestuur maakt vervolgens een verdeling op basis van het inwoneraantal en stelt het door de uittredende gemeente te betalen bedrag vast. c. een jaarlijks aan het openbaar lichaam te betalen factuur voor de beheerkosten van de Regionale Stortplaats Zevenbergen en de Afvalstoffenberging Bavel-Dorst. De hoogte hiervan wordt bepaald door het algemeen bestuur waarbij op de totale beheerkosten een verdeling op basis van het inwoneraantal wordt toegepast. 4. Eventuele overschotten van de benodigde doelvermogens op het moment van uittreding worden niet verrekend met de uittredende gemeente. In dat geval wordt geen afkoopsom in rekening gebracht.
Dit artikel wordt inhoudelijk niet gewijzigd. Het gaat om technische wijzigingen en 17.1 1. Zowel het dagelijks bestuur als de colleges aanpassingen van de lay-out. Zowel het dagelijks bestuur als de colleges van burgemeester en wethouders kunnen kunnen aan het algemeen bestuur voorstellen aan het algemeen bestuur voorstellen Het vierde lid wordt gewijzigd als gevolg van doen inzake wijziging van de regeling. doen over wijziging van de regeling. een wetswijziging. Per 1 juli 2022 worden Artikel 17 Wijziging
Artikel 19 Wijziging
(wijzigingen van) gemeenschappelijke regelingen bekendgemaakt in het gemeenteblad in plaats van in de Staatscourant. Het college van burgemeester en wethouders van Breda is voor deze regeling bevoegd om dit te doen en om die reden is ervoor gekozen om expliciet naar het 17.3 3. Een wijziging is tot stand gekomen, als de gemeenteblad van Breda te verwijzen. Een wijziging is tot stand gekomen, wanneer de colleges van burgemeester en wethouders colleges van tenminste drie/vierde van het van tenminste drie/vierde van het aantal aantal deelnemende gemeenten zich voor deelnemende gemeenten zich voor hebben verklaard. hebben verklaard. 17.2 2. Als het algemeen bestuur het wenselijk Indien het algemeen bestuur van de regeling acht, stuurt het dagelijks bestuur het door het wenselijk acht, doet het dagelijks bestuur het algemeen bestuur vastgestelde het door het algemeen bestuur vastgestelde voorstel aan de colleges van burgemeester voorstel toekomen aan de colleges. en wethouders.
17.4 4. De wijziging treedt in werking op de eerste De wijziging treedt in werking op de eerste dag dag na die van bekendmaking in het na die van bekendmaking in de Staatscourant gemeenteblad van de gemeente Breda, door het daartoe bevoegde gemeentebestuur, tenzij het besluit een latere datum tenzij het besluit een latere datum aangeeft. aangeeft.
Artikel 18 Opheffing
Artikel 20 Opheffing
18.1 De regeling wordt opgeheven wanneer de colleges van tenminste drie/vierde van het aantal deelnemende gemeenten daartoe besluiten.
1. De regeling wordt opgeheven wanneer de colleges van het aantal deelnemende gemeenten unaniem daartoe besluiten.
18.2 De opheffing treedt in werking op de eerste dag na die van bekendmaking in de Staatscourant door het daartoe bevoegde
2. De opheffing treedt in werking op de eerste dag na die van bekendmaking in het gemeenteblad van de gemeente Breda, tenzij het besluit een latere datum aangeeft.
In het eerste lid wordt de tekst ‘tenminste drie/vierde van het aantal deelnemende gemeenten’ vervangen door ‘unaniem’. De nazorgverplichting blijft immers ook zonder de gemeenschappelijke regeling bestaan. Het tweede lid wordt gewijzigd als gevolg van een wetswijziging. Per 1 juli 2022 worden (wijzigingen van) gemeenschappelijke regelingen bekendgemaakt in het gemeenteblad in plaats van in de
gemeentebestuur, tenzij het besluit een latere datum aangeeft. 18.3 In geval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regels. Hierbij kan van een of meer bepalingen van de regeling worden afgeweken. 18.4 Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de deelnemende gemeenten gehoord, vastgesteld; het liquidatieplan wordt ter kennisneming toegestuurd aan Gedeputeerde Staten. 18.5 Het definitieve afwikkelingsvoorstel voor de liquidatie en de bijbehorende vereffening naar de deelnemers (inclusief accountantsverklaring) wordt door het algemeen bestuur op voordracht van het dagelijks bestuur vastgesteld.
3. In geval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regels. Hierbij kan van een of meer bepalingen van de regeling worden afgeweken.
Staatscourant. Het college van burgemeester en wethouders van Breda is voor deze regeling bevoegd om dit te doen en om die reden is ervoor gekozen om expliciet naar het gemeenteblad van Breda te verwijzen.
4. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de deelnemende gemeenten gehoord, vastgesteld.
Het vierde lid is aangepast als gevolg van een wetswijziging.
5. Het definitieve afwikkelingsvoorstel voor de liquidatie en de bijbehorende vereffening naar de deelnemers (inclusief accountantsverklaring) wordt door het algemeen bestuur op voordracht van het dagelijks bestuur vastgesteld. 6. Zo nodig blijven de organen van het openbaar lichaam ook na het tijdstip van de opheffing in functie, totdat de liquidatie is beëindigd.
18.6 Zo nodig blijven de organen van het openbaar lichaam ook na het tijdstip van de opheffing in functie, totdat de liquidatie is beëindigd.
Artikel 18a Archief en Wet openbaarheid van Artikel 21 Archief en Wet open overheid bestuur
Aan dit artikel is een nieuw tweede lid toegevoegd. Met deze wijziging wordt
1. 18a.1 Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de organen van het openbaar lichaam. 2.
Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de aangesloten bij het bepaalde in de archiefbescheiden van de organen van het dienstverleningsovereenkomst. openbaar lichaam. Het dagelijks bestuur stelt voorschriften op voor het beheer van archiefbescheiden die nog niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.
18a.2 De voorzitter is belast met het beheer van de archiefbescheiden van de organen van het openbaar lichaam, voor zover deze 3. De voorzitter is belast met het beheer van archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbescheiden van de organen van de archiefbewaarplaats. het openbaar lichaam, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht 18a.3 naar de archiefbewaarplaats. Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van de organen van het 4. Voor de bewaring van de over te brengen openbaar lichaam wordt aangewezen de archiefbescheiden van de organen van het archiefbewaarplaats van de gemeente Breda. openbaar lichaam wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente 18a.4 Breda. Met het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de organen van het 5. Met het toezicht op het beheer van de openbaar lichaam, voor zover deze archiefbescheiden van de organen van het archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar openbaar lichaam, voor zover deze de archiefbewaarplaats, is belast de archivaris archiefbescheiden niet zijn overgebracht van de gemeente Breda. naar de archiefbewaarplaats, is belast de archivaris van de gemeente Breda. 18a.5 Het dagelijks bestuur brengt tweejaarlijks 6.
Het dagelijks bestuur brengt tweejaarlijks verslag uit aan het algemeen bestuur over de verslag uit aan het algemeen bestuur over uitoefening van de aan hen opgedragen zorg de uitoefening van de aan hen opgedragen voor de archiefbescheiden van de organen van zorg voor de archiefbescheiden van de het openbaar lichaam. organen van het openbaar lichaam.
18a.6 7. De archivaris van Breda brengt De archivaris van Breda brengt tweejaarlijks tweejaarlijks verslag uit aan het dagelijks verslag uit aan het dagelijks bestuur over het bestuur over het toezicht op het beheer toezicht op het beheer van de van de archiefbescheiden van de organen archiefbescheiden van de organen van het van het openbaar lichaam die niet of nog openbaar lichaam die niet of nog niet zijn niet zijn overgebracht naar de overgebracht naar de archiefbewaarplaats. archiefbewaarplaats. 18a.7 8. De deelnemers aan de regeling stellen De deelnemers aan de regeling stellen tijdig tijdig aan het dagelijks bestuur van het aan het dagelijks bestuur van het openbaar openbaar lichaam de archiefbescheiden lichaam de archiefbescheiden beschikbaar die beschikbaar die nodig zijn voor de nodig zijn voor de uitvoering van de uitvoering van de overgedragen taken. overgedragen taken. 9. In een verklaring van terbeschikkingstelling 18a.8 wordt de periode van In een verklaring van terbeschikkingstelling terbeschikkingstelling geregeld en het wordt de periode van terbeschikkingstelling toezicht op het beheer van de ter geregeld en het toezicht op het beheer van de beschikking gestelde archiefbescheiden. ter beschikking gestelde archiefbescheiden. 10.
In de verklaring van terbeschikkingstelling 18a.9 kunnen nadere voorwaarden aan de In de verklaring van terbeschikkingstelling terbeschikkingstelling worden gesteld. kunnen nadere voorwaarden aan de terbeschikkingstelling worden gesteld. 11. De colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende 18a.10 gemeenten blijven verantwoordelijk voor De colleges van de deelnemende gemeenten de afhandeling van verzoeken op grond van blijven verantwoordelijk voor de afhandeling de Wet open overheid voor documenten van verzoeken op grond van de Wet die bij hen berusten. openbaarheid van bestuur ten aanzien van stukken die bij hen berusten.
Artikel 19 Overgangsbepaling
Artikel 22 Overgangsbepaling
Het openbaar lichaam Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen treedt, in opdracht en onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten, in de plaats van de rechten en plichten van voormalig Milieu en Afval Regio Breda voor de zaken aangaande de genoemde stortplaatsen.
Het openbaar lichaam Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen treedt, in opdracht en onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten, in de plaats van de rechten en plichten van voormalig Milieu en Afval Regio Breda voor de zaken aangaande de genoemde stortplaatsen.
Artikel 23 Evaluatie Er vindt geen periodieke evaluatie plaats van deze regeling. Wel kan het algemeen bestuur besluiten tot een evaluatie van de juridische bepalingen van deze regeling.
Dit artikel wordt niet gewijzigd.
Dit wordt een nieuw artikel als gevolg van een wetswijziging. Omdat er sprake is van een eeuwigdurende nazorgplicht en er omdat er geen beleid wordt gemaakt, wordt voorgesteld om geen periodieke evaluaties plaats te laten vinden.
Artikel 24 Intrekking De Gemeenschappelijke regeling nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen zoals die in werking is getreden op 1 maart 2011, wordt ingetrokken.
Dit artikel is nieuw ingevoegd omdat er een nieuwe regeling wordt vastgesteld in plaats van een wijziging van de huidige regeling. Hiervoor is gekozen vanwege het grote aantal artikelen dat wijzigt.
Artikel 25 Ingangsdatum en duur van de regeling Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking in het
Dit artikel is nieuw ingevoegd omdat er een nieuwe regeling wordt vastgesteld in plaats van een wijziging van de huidige regeling.
gemeenteblad van Breda en wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.
Hiervoor is gekozen vanwege het grote aantal artikelen dat wijzigt.
Artikel 20 Slotbepalingen
Artikel 26 Slotbepaling
Het gemeentebestuur van de gemeente Breda draagt zorg voor bekendmaking in de Staatscourant van het besluit tot vaststelling van de regeling, van de besluiten tot wijziging en opheffing van de regeling en van de besluiten tot toetreding en uittreding en stuurt een afschrift van deze besluiten naar gedeputeerde staten.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda draagt zorg voor bekendmaking in het gemeenteblad van het besluit tot vaststelling van de regeling, van de besluiten tot wijziging en opheffing van de regeling en van de besluiten tot toetreding en uittreding.
Dit artikel wordt gewijzigd als gevolg van een wetswijziging. Per 1 juli 2022 worden (wijzigingen van) gemeenschappelijke regelingen bekendgemaakt in het gemeenteblad in plaats van in de Staatscourant. Met dit artikel wordt het college van burgemeester en wethouders van Breda aangewezen om dit te doen.
Artikel 21
Artikel 27 Citeertitel
Daarnaast is toezending aan gedeputeerde staten als gevolg van een wetswijziging komen te vervallen.
21.1 Deze regeling kan worden aangehaald als De wijziging wordt aangegaan voor onbepaalde ‘Gemeenschappelijke regeling nazorg gesloten tijd en treedt in werking op 1 maart 2011. De stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen’. besluiten worden opgenomen in het register, als bedoeld in artikel 27, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 21.2 De regeling kan worden aangehaald als 'Gemeenschappelijke regeling nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen'.
Dit artikel wordt gewijzigd als gevolg van een wetswijziging. Per 1 juli 2022 is het register waarnaar in dit artikel wordt verwezen, komen te vervallen.