Bijlage 1 - Jaarstukken 2025
Tekst van het document
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
83
Financiering Inleiding Regelgeving met betrekking tot de uitvoering van taken op het gebied van treasury is opgenomen in de Wet Financiering Decentrale Overheden (wet Fido). Het doel van deze wet is onder andere om op een verantwoorde, prudente en professionele wijze de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie (financieringsactiviteiten) van de gemeente middels een statuut te regelen.
Treasurystatuut Het beleid op dit onderdeel is voor onze gemeente vastgelegd in het Treasurystatuut 2019 gemeente Baarle-Nassau (raad 18 december 2019).
Renteschema a.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
€
341.441
b.
De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten
€ €
29.763 311.678
€
311.678
d1. Rente over eigen vermogen
+/+ €
-
d2. Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
+/+ € €
311.678
-/-
305.985
-/-
c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/- €
-
-/- €
-
+/+ €
-
c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
e.
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
f.
Renteresultaat op het taakveld Treasury
Nadelig
€
5.693
Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet heeft betrekking op financieringsvormen met een looptijd tot maximaal 1 jaar. De kasgeldlimiet bepaalt het bedrag dat maximaal met kort geld mag worden gefinancierd en wordt berekend op basis van een vast percentage (8,5%) van het begrotingstotaal. Op basis van de begroting 2025 is de kasgeldlimiet voor de gemeente Baarle-Nassau voor 2025 geraamd op € 2,417 miljoen. De kasgeldlimiet is in 2025 enkel in het tweede kwartaal overschreden.
Renterisiconorm De renterisiconorm is direct gerelateerd aan het budgettaire risico. De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in, dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
85
Tabel renterisico en renterisiconorm
1.Renteherzieningen op vaste schuld 2.Aflossingen Renterisico (1+2) 3.Begrotingstotaal 4.Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage Renterisiconorm (3 x 4)
Begroot 2025
Werkelijk 2025
0 320.000 0
0 280.000 0
25.119.000 28.435.000 20% 20% 5.023.800 5.687.000
Toets renterisiconorm
5.Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
4.703.800 5.407.000
Bovenstaande tabel laat zien dat de renterisiconorm voor de rekening 2025 € 5.687.000 bedraagt. Gezien het renterisico van € 280.000 kan gesteld worden dat de renterisiconorm niet is overschreden.
Leningsbehoefte en leningenportefeuille Bij aanvang van 2025 bedroeg de leningportefeuille € 6.560.000. In 2025 zijn geen langlopende leningen aangetrokken en heeft voor € 280.000 aan aflossingen plaatsgevonden. Aan het einde van 2025 bedroeg de leningportefeuille € 6.280.000.
Houdbare overheidsfinanciën Rijk en decentrale overheden In Europa zijn regels afgesproken over de overheidsfinanciën. Zij bepalen de normen voor het begrotingstekort (EMU-saldo) en de overheidsschuld (EMU-schuld). De Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet HOF) bevat het benodigde wettelijke instrumentarium voor het bereiken en in stand houden van houdbare overheidsfinanciën. De meest in het oog springende afspraak is het bereiken van begrotingsevenwicht op middellange termijn. Hiermee wordt uitdrukking gegeven aan de noodzaak van structurele reductie van het EMU-tekort en het garanderen van een houdbare EMU-schuld. De beheersing van het EMU-saldo is een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het Rijk en de decentrale overheden. De eindverantwoordelijkheid voor de overheidsfinanciën als geheel ligt bij het Rijk. Gemeenten dienen hun tekort te houden onder de af te spreken percentages. Het Rijk wil gemeenten een boete opleggen via een korting op het Gemeentefonds wanneer zij de aan hen toegewezen EMU-norm overschrijden
Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor hoeft de Nederlandse staat minder geld te lenen op de financiële markten en daalt de staatsschuld. Schatkistbankieren is ingevoerd voor gemeenten, provincies, waterschappen, en gemeenschappelijke regelingen. Dit heeft een positief effect op de omvang van de EMU-schuld.
86
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
Bedrijfsvoering Inleiding De bedrijfsvoering van onze gemeente is sinds 1 januari 2016 ondergebracht in de ABG-organisatie. Het is een ambtelijke fusie, de deelnemende gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen zijn bestuurlijk zelfstandig. Om binnen die context van verschillende besturen de vele uitdagingen in de samenleving slagvaardig aan te kunnen pakken, is een stevige organisatie vereist. Eén ABG-kantoor Voor de versterking van die slagvaardigheid gaat de ABG-organisatie een nieuw, gezamenlijk kantoor aan het Anne Frankplein in Rijen (ver)bouwen. Eind 2025 is de aanbesteding hiervoor succesvol afgerond, passend binnen het beschikbare krediet. Vanuit één kantoor kunnen we elkaar straks gemakkelijker ontmoeten, werken we meer verbonden samen en leveren we uiteindelijk een nog betere dienstverlening. Ontwikkelkoers Externe adviseurs van Berenschot hebben in het afgelopen jaar uitgebreid onderzoek gedaan naar een toekomstbestendige organisatieontwikkeling en kostenverdeling van de ABG-organisatie. Uit hun eindrapport blijkt dat de ABG-organisatie op een belangrijk kantelpunt staat. De basis is voor een groot deel op orde, maar verdere ontwikkeling is nodig om duurzaam in te kunnen spelen op de toenemende complexiteit van gemeentelijke opgaven.
Berenschot signaleert onder andere een beperkte strategische oriëntatie, onvoldoende borging van processen en beperkte sturingsmogelijkheden. Op basis van deze bevindingen is een ontwikkelkoers uitgezet die richting geeft aan de groei naar een professionele dienstverlener. Deze koers bestaat uit drie opeenvolgende plateaus: 1. Basis hernieuwen en grip krijgen (2025–2027); 2. Sturing optimaliseren (vanaf 2026); 3. Uitgroeien tot professionele dienstverlener en lerende organisatie (vanaf 2028).
Het ABG-bestuur heeft vervolgens een voorgenomen besluit genomen over de organisatiekoers en de directie de opdracht gegeven om binnen de bestaande begroting aan de slag te gaan met plateau 1. Via Raadsinformatiebrieven zijn de raden in december hiervan op de hoogte gebracht. Daarin is ook de procedure geschetst voor de verdere besluitvorming over de volgende fases. Nieuwe CAO In juni 2025 is de nieuwe CAO 2025-2027 definitief vastgesteld. In die CAO zijn onder andere afspraken gemaakt over salarisstijgingen, IKB-doelen en inclusie. Daarnaast moet de werkgever vanaf 2026 een regeling vaststellen voor een vergoeding van reiskosten woon-werkverkeer. Het ABGbestuur heeft aan deze verplichting invulling gegeven door het vaststellen van een duurzame groene mobiliteitsregeling, die inmiddels ook in werking is getreden. Maatregelenpakket Met het oog op de aangekondigde bezuinigingen vanuit het Rijk (het zogenaamde ‘ravijnjaar’) heeft de ABG-organisatie eind 2024 een maatregelenpakket vastgesteld om een bijdrage te leveren aan de financiële opgaven waar de gemeenten zich vanaf 2026 voor geplaatst zien. Begin 2025 heeft de gemeenteraad van Alphen-Chaam hierop een zienswijze ingediend, waarin werd opgeroepen tot een aanvullende bezuiniging. Het ABG-bestuur heeft deze zienswijze niet overgenomen en de motivering bij deze keuze toegelicht in de begroting 2026.
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
87
Jaarstukken ABG-organisatie Voor een nadere toelichting op de resultaten van de ABG-organisatie verwijzen wij naar haar jaarstukken. Rechtmatigheidsverantwoording van het college van burgemeester en wethouders De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het college van burgemeester en wethouders toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de raad vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de raad op 18 februari 2026 vastgestelde normenkader 2025 van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken.
Deze grens is door de raad bepaald en bedraagt € 100.000. A. Begrotingscriterium De begrotingsrechtmatigheid heeft betrekking op het financiële handelen binnen het kader van de geautoriseerde begroting.
Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) dienen de afwijkingen in de jaarrekening herkenbaar te worden opgenomen en van een toelichting te worden voorzien. Als blijkt dat de gerealiseerde uitgaven op programmaniveau hoger zijn dan geautoriseerd, is er sprake van begrotingsonrechtmatigheid. Er zijn verschillende typen begrotingsoverschrijdingen. De verschillen tussen de geautoriseerde lasten en de gerealiseerde lasten worden hieronder per programma weergegeven. Programma's In onderstaande tabel zijn de afwijkingen tussen de lasten en baten in de gewijzigde begroting en de werkelijke lasten en baten weergegeven. Programma
Lasten
Baten
Begroting
0: Bestuur en ondersteuning
2.036
1.796
1: Veiligheid
1.103
1.134
2: Verkeer, vervoer en waterstaat
1.251
1.468
3: Economie
243
244
1
20
21
-1
1
4: Onderwijs
952
984
32
470
387
83
115
5: Sport, cultuur en recreatie
2.148
2.132
-16
180
151
29
13
6: Sociaal domein
10.602
9.153
-1.450
3.520
1.724
1.796
347
7: Volksgezondheid en milieu 8: Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 9A: Algemene dekkingsmiddelen
3.674
3.977
303
2.389
2.769
-380
-77
1.907
1.584
-322
1.242
915
327
5
663
535
-128
20.828
20.295
533
405
9B: Overhead
4.609
4.841
232
419
403
16
249
9C: Vennootschapsbelasting
0
0
0
0
0
0
0
9D: Onvoorzien
0
0
0
0
0
0
0
9E: Reserves
941
586
-355
1.300
1.271
29
-326
30.128
28.435
-1.694
30.782
28.210
2.573
879
Subtotaal programma's
88
Saldo
Afwijking
Realisatie
Realisatie
Begroting
Saldo
Begroting
-240
270
218
52
31
20
15
4
36
218
125
42
83
300
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
-188
Uit het overzicht valt op te maken, dat het saldo van lasten en baten bij de programma's 0 en 7 hoger zijn dan begroot (reserves buiten beschouwing gelaten). Tevens zijn bij de programma's 5, 6, 8 en 9A de lasten hoger dan begroot maar staan daar ook hogere baten tegenover (reserves buiten beschouwing gelaten). Hieronder geven we een korte toelichting op de grootste afwijkingen. Programma 0 Bestuur en ondersteuning De overschrijding op de lasten bedraagt € 240.000 en dit heeft één hoofdoorzaak: • Per 1 januari 2028 worden de opgebouwde pensioenen van de (oud)wethouders verplicht overgedragen aan het ABP. Het ABP hanteert echter andere uitgangspunten ten aanzien van de pensioenopbouw. Hierdoor moest een extra storting plaats vinden om per 1 januari 2028 aan de verplichte waardeoverdracht te kunnen voldoen. Deze overschrijding past binnen bestaand beleid. Programma 5 Sport, cultuur en recreatie De overschrijding op de lasten bedraagt € 16.000. Hier staan ook een bedrag van € 29.000 aan hogere baten tegenover. De belangrijkste oorzaak is: • De terug te vorderen btw op het project "Vervangen veldverlichting sportpark Boschoven" is hier verantwoord als last. Deze btw is hier tevens verantwoord als baat via de Specifieke Uitkering Sport (Spuk-sport). Programma 6 Sociaal Domein De overschrijding op de lasten bedraagt € 1.450.000.
Hier staan ook een bedrag van € 1.796.000 aan hogere baten tegenover. De belangrijkste oorzaak is: • De lasten en baten met betrekking tot de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne zijn niet geraamd. De lasten bedragen € 1.628.000 en de baten bedragen € 1.625.000. Programma 7 Volksgezondheid en milieu De onderschrijding op de baten bedraagt € 380.000. Hier staat een bedrag aan lagere lasten tegenover van € 303.000. Per saldo een verschil van € 77.000. De belangrijkste oorzaak is: • Tegenover de lager baten binnen de exploitatie riolering ad. € 437.000 staat ook een bedrag aan lagere lasten van € 364.000. Per saldo een verschil van € 73.000. Dit verschil ontstaat doordat als gevolg van de lagere lasten ook minder btw wordt toegerekend aan de exploitatie riolering. Dit past binnen het bestaand beleid. Programma 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing De overschrijding op de lasten bedraagt € 322.000. Hier staan ook een bedrag van € 327.000 aan hogere baten tegenover. De belangrijkste oorzaken zijn: • De geraamde lasten voor grondexploitaties zijn met € 93.000 overschreden (nadeel). Hiertegenover staat dat ook de geraamde baten met € 123.000 zijn overschreden (voordeel). Per saldo is sprake van een voordeel op de lasten en baten van € 29.000. Hiertegenover staat een nadeel van € 29.000 op de post reserves.
Binnen de totale exploitatie 2025 is het resultaat op de grondexploitaties dus neutraal. • De geraamde lasten voor private ontwikkelingen zijn met € 278.000 overschreden. Hiertegenover staan ook hogere baten (€ 225.000). Per saldo is dus sprake van een nadeel van € 53.000. Dit betreft kosten op private ontwikkelingen waarvan achteraf is gebleken dat wij deze niet meer kunnen verhalen op de initiatiefnemers. Algemene dekkingsmiddelen De overschrijding op de lasten bedraagt € 128.000. Hier staan ook een bedrag van € 533.000 aan hogere baten tegenover. De belangrijkste oorzaken zijn:
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
89
•
•
Ten gunste van de voorziening debiteuren (excl. sociale zaken) is, op basis van een risicoanalyse van de openstaande vorderingen, een extra storting gedaan (€ 80.000). Deze extra storting wordt met name veroorzaakt door openstaande vorderingen met betrekking tot 4 opgelegde dwangsommen (deze zijn verantwoord als baat op programma 8). De hogere baten worden met name veroorzaakt door een hogere algemene uitkering (€ 390.000), inclusief de afrekeningen over de jaren 2023 en 2024
Conclusie Het college is van mening dat de kostenoverschrijdingen passen binnen de in de financiële verordening gemaakte afspraken. Investeringskredieten Bij één investeringskrediet is sprake van een overschrijding. •
Voorbereidingskrediet Loveren, fase 2
overschrijding > € 20.000
Voorbereidingskrediet Loveren, fase 2 Omdat de haalbaarheidsstudie meer tijd heeft gevraagd dan verwacht is het voorbereidingskrediet overschreden. De kosten worden uiteindelijk ondergebracht binnen een grondexploitatie. B. Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving, zowel intern als extern. Met onze interne controles sluiten we aan bij de goedkeurings- en rapporteringstoleranties die de accountant hanteert. In nauwe samenspraak met de accountant hebben we de omvang van de steekproeven en de uit te voeren controles bepaald. De controles zijn uitgevoerd op de financiële hoofdprocessen. Rechtmatigheidsfouten moeten in de verantwoording opgenomen en toegelicht worden indien zij boven het door de raad vastgestelde verantwoordingsbedrag uitkomen.
Aanbestedingsrechtmatigheid De regels over aanbesteden staan in de Aanbestedingswet 2012 en het Aanbestedingsbesluit. Het ten onrechte niet toepassen van de Aanbestedingswet 2012 met betrekking tot deze Europese aanbestedingsnormbedragen bij een aanbesteding van opdrachten, leidt tot een financiële rechtmatigheidsfout. In 2025 hebben er geen onrechtmatigheden met betrekking tot Europese aanbestedingen plaatsgevonden. C. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Naast misbruik en oneigenlijk gebruik kan er sprake zijn van fraude. De term fraude is juridisch niet gedefinieerd. Er zijn geen gevallen van fraude bekend. Conclusie rechtmatigheid 2025 Het college is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens.
90
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
Verbonden partijen Inleiding In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan de zogenoemde ‘verbonden partijen’ van de gemeente Baarle-Nassau. Voor gemeenten geldt soms dat de optimale schaal waarop taken moeten worden uitgevoerd niet overeenkomt met de schaal van de gemeente. Om die taken toch op het daarvoor geëigende schaalniveau uit te kunnen voeren, is een groot aantal samenwerkingsverbanden tot stand gekomen. Niet elk samenwerkingsverband is echter een verbonden partij. Met ‘verbonden partijen’ worden rechtspersonen bedoeld waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: een zetel in het bestuur of het hebben van stemrecht. Met een financieel belang wordt bedoeld dat de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld die ze kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partijen kunnen worden verhaald op de gemeente. Uitgangspunt bij deelname in een Verbonden Partij is dat de samenwerking de gemeente kansen biedt in het realiseren van de doelstellingen in de begroting. Bij een Verbonden Partij is de gemeente enerzijds (mede) eigenaar van de rechtspersoon alsook klant van diezelfde partij. Dit kan wel eens leiden tot conflictsituaties.
Daarnaast staat de Verbonden Partij als rechtspersoon op afstand en is de gemeentelijke invloed beperkter dan wanneer de beleidsuitvoering in eigen beheer wordt gedaan. Dit brengt zowel bestuurlijke, politieke alsmede financiële risico’s met zich mee. Het is dan ook zaak om ervoor te zorgen dat de belangen van de gemeente Baarle-Nassau voortdurend worden meegewogen in de besluitvorming van de Verbonden Partijen. Deze paragraaf is om twee redenen van belang voor de raad. Op de eerste plaats voeren de verbonden partijen vaak beleid uit dat de gemeente in principe ook zelf kan doen. De gemeente blijft de uiteindelijke verantwoordelijkheid houden voor het realiseren van de beoogde doelstellingen van de programma’s. Er blijft dus voor de raad nog steeds een kaderstellende en controlerende taak over bij die programma’s. De tweede reden betreft de kosten - het budgettaire beslag - en de financiële risico’s die de gemeente met de verbonden partijen kan lopen en de daaruit voortvloeiende budgettaire gevolgen. Kortom, het aangaan en onderhouden van contacten met verbonden partijen is van belang om af te wegen wat de meest doelmatige manier is om een taak uit te voeren, welke manier de meeste garantie geeft dat de taak wordt uitgevoerd zoals de gemeente voor ogen staat en op welke manier de gemeente voldoende inhoudelijk en financieel inzicht heeft in het uitvoeren van een taak.
Aangezien het gaat om taken en activiteiten waartoe de raad de kaders uitzet, zijn deze afwegingen voor de raad van belang. In de tabellen van het overzicht verbonden partijen zijn onder andere financiële gegevens opgenomen per verbonden partij. Aangezien bij het opstellen van de jaarstukken van de gemeente de financiële gegevens van verbonden partijen nog niet bekend zijn, zijn de gegevens van de jaarrekening van het voorgaande jaar opgenomen.
Visie en beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen Samenwerkingsverbanden kunnen belangrijke voordelen opleveren met betrekking tot kosten, doelmatigheid en kwaliteit van de te leveren producten. Individuele gemeenten zijn soms te klein om kwalitatief goede producten tegen een acceptabele kostprijs te leveren. Samenwerking kan zich uitstrekken over alle beleidsterreinen (programma’s) en op het gebied van de bedrijfsvoering. Een samenwerking kan diverse vormen aannemen (bijvoorbeeld: openbaar lichaam, gemeenschappelijke
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
91
regeling, centrumgemeente). Soms zijn verbonden partijen wettelijk voorgeschreven zoals de Veiligheidsregio en de Omgevingsdienst. Bij het aangaan van een samenwerking met een verbonden partij, hanteert de gemeente de volgende kaders: 1. Er is sprake van een publiek belang. 2. Het publieke belang kan niet goed behartigd worden door middel van subsidies, regelgeving, toezicht of het inkopen van diensten of producten. 3. Een verbonden partij is de beste manier om de taken uit te voeren. 4. De (financiële) risico’s die gepaard gaan met het aangaan van een verbonden partij staan in een redelijke verhouding tot het te dienen publieke belang. Dit is verder uitgewerkt in de Nota Verbonden Partijen. Deze nota is in 2021 regionaal geëvalueerd en er zijn aanbevelingen geformuleerd. Deze aanbevelingen heeft de gemeenteraad overgenomen. In de nieuwe bestuursperiode werken we deze aanbevelingen verder uit. Eind 2021 zijn ook alle besluiten genomen waardoor Baarle-Nassau per 1 januari 2022 is toegetreden tot Regio Hart van Brabant.
Overzicht verbonden partijen Gemeenschappelijke regelingen
92
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
Grondbeleid Algemeen Het grondbeleid van de gemeente is een belangrijk sturingsinstrument voor de invulling van de aanwezige en toekomstige bouwmogelijkheden in onze gemeente. Op basis van dit beleid realiseert de gemeente doelstellingen op het gebied van ruimtelijke ordening, volkshuisvesting en economisch beleid. In september 2020 heeft de gemeenteraad van Baarle-Nassau de nieuwe nota grondbeleid vastgesteld. De nota grondbeleid geeft het juridische- en beleidsmatige kader aan waarbinnen de gemeente opereert.
Uitgangspunt is actief grondbeleid, maar met de huidige mogelijkheden van kostenverhaal en sturing via het omgevingsplan (Ow), voorheen bestemmingsplan, en overeenkomst of grondexploitatieplan, dienen bij elke mogelijkheid van grondaankoop de risico’s en kosten goed in beeld gebracht te worden. Naast het uitgangspunt van actief grondbeleid wordt situationeel grondbeleid toegepast. Dit wil zeggen dat er per situatie wordt gekeken op welke wijze de gemeente haar capaciteiten het beste kan inzetten om op een locatie de gewenste ontwikkeling te realiseren. Ook bij private ontwikkelingen kunnen we sturen op ruimtelijke en volkshuisvestelijke doelen. Dit doen we dan via de invulling van het benodigde ruimtelijke plan en het afsluiten van (anterieure)overeenkomsten. Waar voorheen op grond van de Grondexploitatiewet kostenverhaal (van te maken gemeentelijke kosten) gepleegd werd, is dit nu op basis van de omgevingswet. Beleidsdocumenten Wet- en regelgeving, het Besluit Begroting en Verantwoording (hierna; BBV), de al lopende bestemmingsplannen en onder de omgevingswet het omgevingsplan vormen de algemene kaders van het te voeren grondbeleid. Onder andere de nota grondbeleid en de notitie grondprijzen sluiten hier op aan.
Actief grondbeleid Van actief grondbeleid is sprake als de gemeente grond koopt, die bouw- en woonrijp maakt en weer verkoopt of in erfpacht uitgeeft aan ontwikkelaars, aannemers en/of particulieren. Bij actief grondbeleid exploiteert de gemeente gronden voor eigen rekening en risico. Bouwgronden in exploitatie hebben betrekking op grondexploitaties in de uitvoeringsfase, waarvan de gronden in eigendom zijn van de gemeente, waarvoor de raad een grondexploitatiecomplex en een grondexploitatiebegroting heeft vastgesteld.
De gemeente Baarle-Nassau heeft in 2025 één lopende grondexploitatie waarvoor door de gemeenteraad in het verleden een exploitatieopzet is vastgesteld. In tabel 1 hieronder zijn de lasten en baten van deze woningbouwexploitatie opgenomen die in de jaarstukken 2025 zijn verantwoord. Tevens zijn per exploitatie de nog te verwachte lasten en baten in de toekomst en het verwachte resterende (dus exclusief reeds genomen winsten) resultaat op eindwaarde opgenomen. Exploitatie (woningbouw) Maaijkant 2e fase Totaal
Boekwaarde per 31-122024 -742.619 -742.619
Lasten 2025
Winstneming 2025
Baten 2025
435.483 435.483
-
46.151 46.151
Boekwaarde Verwachte Verwachte Verwachte per 31-12lasten baten eindwaarde 2025 -260.985 259.472 15.213 -16.726 -260.985 259.472 15.213 -16.726
Verwacht eindjaar 2028
Tabel 1 grondexploitaties per 31 december 2025
In tabel 2 worden de verwachte resterende resultaten (op eindwaarde), zoals deze zijn opgenomen in de jaarstukken 2025, vergeleken met de verwachte resterende resultaten (op eindwaarde) zoals die zijn opgenomen in de jaarrekening 2024. Voor de verschillen wordt in deze paragraaf per exploitatie een toelichting gegeven.
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
93
Exploitatie (woningbouw)
Verwachte EW jaarstukken 2024
Maaijkant 2e fase Totaal
35.393 35.393
Verwacht eindjaar per 31-12-2024 2027
Verwachte EW jaarstukken 2025
Verwacht eindjaar per 31-12-2025
16.727 16.727
Verschil EW 2024-2025
2028
-18.666 -18.666
Tabel 2 verwachte eindwaarde december 2024 ten opzichte van december 2025
De opbouw van het totale resultaat (het verwachte resterende resultaat op eindwaarde plus de gerealiseerde tussentijdse winstnemingen tot en met december 2025) wordt in de tabel hieronder weergegeven. Exploitatie (woningbouw) Maaijkant 2e fase Totaal
Verwachte EW Tussentijdse Totaal resultaat jaarstukken winstnemingen project (EW) 2025 t/m 2025 16.727 16.727
118.498 118.498
135.225 135.225
Tabel 3 totale resultaat per project
Onderstaand volgt een toelichting op de grootste afwijkingen en wordt de eindwaarde (afgerond op duizendtallen) per ultimo 2025 vergeleken met de eindwaarde per ultimo 2024 en zijn de effecten, waar nodig, van de volgende uitgangspunten verwerkt: • Tarieven voor interne uren (conform ABG beleid); • Indexering van de kosten en opbrengsten; Maaijkant, 2e fase De ontwikkeling van de woonwijk Maaijkant 2e fase is in uitvoering. Het bestemmingsplan is onherroepelijk verklaard. Het resterende bouwvolume (vijf rijwoningen en drie patiowoningen) is verkocht aan een ontwikkelaar. Het gebied is bouwrijp gemaakt en de voorbereidingen voor het woonrijpmaken zijn gereed. De verwachting is dat dit voor de zomer van 2025 wordt afgerond. Deze grondexploitatie kent een verwacht positief saldo en heeft een restant looptijd van twee jaar.
Het verloop van het verwachte resultaat (eindwaarde) laat het volgende beeld zien: • Jaarstukken 2024 (per 31-12-2024); € 35.000; • Begroting 2026 (per 30-06-2025); € 83.000; • Jaarstukken 2025 (per 31-12-2025); € 17.000. In vergelijking met de jaarstukken 2024 is het verwachte resultaat (eindwaarde) afgenomen met € 18.000. Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door indexatie van de nog te realiseren civiele kosten en plankosten. Daarnaast zijn er extra kosten opgenomen voor een speeltoestel en openbare verlichting. Het saldo van de tot dusver gerealiseerde tussentijdse winstnemingen, per ultimo 2025, bedraagt € 118.000. Het saldo van de toekomstige winstnemingen bedraagt naar verwachting € 35.000. Dit betekent voor dit project een totaal verwacht positief resultaat (op eindwaarde) van € 135.000. Faciliterend grondbeleid Faciliterend grondbeleid (ook passieve complexen genoemd) houdt in dat de gemeente zelf geen grondexploitaties voert maar dit overlaat aan private ontwikkelaars. De gemeente 'faciliteert' deze gebiedsontwikkelingen door te investeren in plankosten, welke kosten vervolgens zullen worden verhaald op betrokkenen (middels een zogenaamde anterieure overeenkomst). Deze vorm van verrekening wordt in veruit de meeste gevallen toegepast. In de overige gevallen wordt vooraf geen overeenstemming bereikt tussen een private ontwikkelaar en de gemeente.
Afhankelijk van of de ruimtelijke procedure onder de nieuwe of oude wetgeving valt wordt in die situatie de
94
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
kostenverrekening gebaseerd op enerzijds een exploitatieplan en het sluiten van een nadere (posterieure) overeenkomst onder de Wro of anderzijds kostenverhaalregels onder de omgevingswet. Zoals genoemd in de inleiding is publiekrechtelijk kostenverhaal anders geregeld onder de Ow. Het exploitatieplan is met het inwerkingtreding van de Ow komen te vervallen. Daarnaast is behalve het traditionele kostenverhaal tevens (publiekrechtelijk) kostenverhaal zonder tijdvak geïntroduceerd. Er zijn vanaf januari 2024 twee stromen. De traditionele vorm van publiekrechtelijk kostenverhaal heeft net als voorheen een duidelijk eindbeeld, fasering en einddatum. Het nieuwe systeem, kostenverhaal zonder tijdvak, is bestemd voor organische gebiedsontwikkeling, waarbij geen duidelijk eindbeeld en fasering zijn. Hierbij gaat het om plannen met een globale functieaanduiding die op verschillende manieren kan worden uitgewerkt. De gemeente Baarle-Nassau is momenteel niet betrokken bij dergelijke plannen. Alle private ontwikkelingen zijn geactualiseerd, de resultaten hiervan zijn verwerkt in de jaarstukken 2025. Winst- en verliesneming grondexploitaties Voor projecten waarin niet alle kosten gedekt worden door opbrengsten vormen wij een voorziening (op basis van de netto contante waarde). We brengen dit bedrag ten laste van de algemene reserve grondexploitatie.
Bij de bepaling van de winstneming wordt de "percentage of completion" regel uit het BBV toegepast. Daarbij wordt een deel van het verwachte eindresultaat tussentijds als winst genomen (en gedoteerd aan de algemene reserve grondexploitatie) naar rato van de gerealiseerde baten en lasten.
Jaarlijks bezien we bij de samenstelling van de jaarstukken of we gronden moeten afwaarderen (en een verliesvoorziening moeten treffen) en of we winst moeten nemen. Tabel 4 geeft het verloop van de boekwaarde van de diverse grondexploitaties weer. Aangevuld met de dotaties aan de verliesvoorziening geeft de tabel tevens inzicht in het totale resultaat van de grondexploitaties. Omschrijving In exploitatie genomen gronden Totaal
Omschrijving
Stand per 31-12-2024 -742.619 -742.619
435.483
0
Baten 2025
46.151
0
0
Dotatie verliesvoorziening 2025 0 0
0
0
0
Stand per 31-12-2024
Voorziening verwachte verliezen Totaal resultaat grondexploitaties Tabel 4 balanspost voorraden
435.483
Winstneming 2025 0 46.151
Lasten 2025
Lasten 2025
Baten 2025
46.151
Stand per 31-12-2025 -260.985 -260.985 Stand per 31-12-2025 0
0
Het totale resultaat van de grondexploitaties over 2025 bedraagt € 46.000 als gevolg van winstnemingen. Reserves grondbedrijf Het weerstandsvermogen van het grondbedrijf bestaat uit de algemene reserve grondexploitatie en dient ter dekking van onvoorzienbare risico’s. Dotaties en onttrekkingen vinden plaats als gevolg van winst- en verliesneming op de lopende grondexploitaties. Het saldo van de algemene reserve
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
95
grondexploitatie (deze is niet gemaximeerd) per 31-12-2025 bedraagt € 1.278.000. Dit bedrag is gereserveerd om mogelijke risico’s op te vangen. Risicoparagraaf Met bouwgrondexploitaties zijn meer dan gemiddelde risico’s gemoeid. De exploitatie strekt zich uit over een groot aantal jaren en het gaat om grote investeringen. De opbrengsten worden veelal pas na de gemaakte kosten genoten en het is altijd de vraag of de verwachte opbrengsten ook gerealiseerd worden. Er wordt geprobeerd zoveel mogelijk risico’s te kwantificeren en deze in de grondexploitatieberekeningen mee te nemen. In de grondexploitatie moet voldoende weerstandscapaciteit aanwezig zijn om risico’s op te kunnen vangen.
96
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
Enclavesituatie Inleiding Vanwege de unieke enclavesituatie waarmee onze gemeente te maken heeft, is, vanaf 2006 t/m 2022, door het Rijk een bedrag beschikbaar gesteld ter dekking van de extra kosten die hiermee gepaard gaan. Dit bedrag werd via de maatstaf "vast bedrag" als onderdeel van de algemene uitkering uitgekeerd. In 2022 is dit bedrag voor het laatst uitgekeerd en betrof het een bedrag van € 542.575. Extra kosten Onderstaand een overzicht van de extra kosten als gevolg van de enclavesituatie: • Intergemeentelijk overleg zorgt op meerdere fronten voor extra tijdsinzet. Enerzijds hebben we de specifieke functie van Euroambtenaar in het leven geroepen, anderzijds is er structureel overleg binnen de BGTS. Bij elk werk dat grensoverschrijdend is wordt extra overleg gevoerd en dit vergt extra tijd van bestuur en medewerkers. • Het opstellen van een gezamenlijk plan of visie kost veel extra tijd en geld door de verschillende wet- en regelgeving van beide landen. • De exploitatie van de milieustraat is duurder. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de afwijkende wetgeving waardoor de openingstijden ruimer zijn. • De reconstructie van wegen valt duurder uit vanwege de afwijkende normen die beide landen hanteren. De strengste norm wordt hierbij gehanteerd. • De nutsvoorzieningen brengen extra kosten met zich mee.
• Extra verkeerssignalisatie is nodig op juridische gronden en om duidelijkheid te verkrijgen in welk land men zich bevindt. • Openbare orde en veiligheid vereist onderling extra afstemming (bijvoorbeeld op het gebied van evenementen). Daarnaast zorgt verschil in wetgeving voor brandveiligheid ervoor dat de investeringen in gebouwen hoger uitvallen. • De bibliotheek heeft te maken met twee wetgevingen. • Extra kosten voor peuterspeelzaalwerk en kinderopvang in verband met Belgische concurrentie. • In Vlaanderen is ‘cultuur’ een kerntaak van gemeenten, in Nederland niet. Als gevolg daarvan draagt Baarle-Nassau soms financieel bij aan de culturele ambities van Baarle-Hertog. • Versterken internationale bestuurskracht.
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
97
Duurzaamheid Duurzaamheid is sterk verbonden met de andere onderwerpen uit onze jaarrekening. Vanuit de Strategie Duurzaamheid en de daaruit volgende Uitvoeringsagenda, zijn we ook in 2025 aan de slag gegaan om te zorgen voor een gezonde en veilige leefomgeving. We hebben maximaal ingezet om te zorgen dat onze inwoners op een haalbare en betaalbare manier hun woningen kunnen verduurzamen, om zo te zorgen voor meer leefcomfort en een lagere energierekening. De inzet van onze mensen en middelen is daarom gecentreerd rondom de wijkaanpak en isolatieopgave. Het programma Duurzaamheid komt in verschillende hoofdstukken van de jaarrekening voor. In deze paragraaf hebben we de belangrijkste onderdelen op het gebied van duurzaamheid verzameld. De nummering verwijst naar de onderdelen uit deze jaarrekening. 1. Sport, cultuur en recreatie Sport en bewegen voor iedereen Sporten en bewegen bevordert de gezondheid en sport verbroedert. Een gezonde leefstijl maakt inwoners weerbaarder en voorkomt maatschappelijke kosten. Daarom is ingezet op het stimuleren dat meer mensen sporten en bewegen in een gezonde omgeving. Hiervoor is uitvoering gegeven aan het sportbeleid Baarle-Nassau Beweegt' in samenhang met het plan van aanpak voor het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA).
Daarbij is ook aandacht besteed aan kennis en maatregelen om mensen tegen onder andere hitte, allergieën, uv-straling en infectieziekten te beschermen nummering. Natuur en openbaar groen Het ecologisch bermbeheer is inmiddels ingebed in onze werkwijze. In samenwerking met regiogemeenten en het waterschap zijn bermen en sloten ecologisch verantwoord gemaaid. Bij herinrichtingsprojecten leggen we het openbaar groen en bij-vriendelijk aan . Hiermee hebben we rekening gehouden met klimaatadaptatie en biodiversiteit. Erfgoed Erfgoed vormt de basis van onze identiteit. Archeologie laat zien dat onze gemeente een rijke bewoningsgeschiedenis kent. Onze unieke enclave situatie met Baarle-Hertog, historische gebouwen, oude kernen en historische groenstructuren maken onze gemeente tot een sfeervolle en aangename plek om te verblijven. Eigenaren van erfgoed zijn bij contactmomenten over onderhoud of aanpassingen, waar passend, geïnformeerd over mogelijkheden om te verduurzamen, onder andere via landelijke regelingen.
2. Sociaal domein Bevorderen van bestaanszekerheid In 2023 hebben we onderzoek gedaan naar het bereik en de effectiviteit van het armoede/ minima beleid en de kansen van verbetering van dit beleid. Op basis hiervan hebben we in 2024 de meedoen-regelingen verbreed. Daarnaast zetten we in op een betere bekendheid van regelingen en waar mogelijk vereenvoudigen we de regelingen en aanvraagprocedures. Ook in 2025 hebben we ingezet op maatregelen om energie-armoede tegen te gaan, vanuit de landelijke regelingen. 3. Volksgezondheid en milieu Riolering Het beleid en het beheer van de riolering is vastgelegd in het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) voor de periode 2021-2025. Hierin zijn activiteiten benoemd om de riolering te onderhouden en te verbeteren, , waaraan ook in het afgelopen jaar uitvoering is gegeven Belangrijke
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau
99
aandachtspunten hierin zijn niet alleen de gevolgen van de klimaatomslag, maar ook die van energietransitie en circulaire economie. Daarnaast is gestart met de Systeemanalyse Stedelijk Water (SSW) die inzicht geeft in de staat van het stedelijk watersysteem. De uitkomsten hiervan vormen een belangrijke bouwsteen voor het nieuwe Water- en Rioleringsprogramma (WRP) dat het vGRP vanaf 2026–2027 zal vervangen. Verminderen restafval en meer gescheiden afval inzamelen Er is verder uitvoering gegeven aan het afvalbeleid met als leidraad het nastreven van de landelijke VANG (Van Afval Naar Grondstof-)doelstellingen. Het uiteindelijk doel is het verminderen van het gebruik van nieuwe grondstoffen en het toewerken naar geen restafval in 2050. Schone Lucht Akkoord (SLA) In het coalitieakkoord 2022-2026 is opgenomen dat we verder invulling geven aan het Schone Lucht Akkoord. Voor deze opgave zetten we vooral in op communicatie en stimuleringsmaatregelen. In 2024 is de regionale verkenning afgerond om met meerdere gemeenten in de regio Hart van Brabant (incl. AC en GR) samen te werken met de Provincie. In 2025 heeft de gemeenteraad ingestemd met het voorstel om deel te nemen aan het Schone Lucht Akkoord.
Duurzaamheid Bewustwording en stimuleren van bewoners en bedrijven om zelf maatregelen te treffen op het gebied van CO2-reductie en klimaatadaptatie, circulariteit Inwoners, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties zijn via verschillende kanalen en op regelmatige basis geïnformeerd over de ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast zijn ze zoveel mogelijk betrokken in de route naar een duurzamere leefomgeving. Effecten van klimaatverandering (hittestress, wateroverlast, droogte, overstroming) verminderen of voorkomen Er is met onze partners (in regionaal verband) samengewerkt en uitvoering gegeven aan de regionale klimaatagenda, onder meer door klimaatadaptatie te borgen in lokaal beleid en in projecten in de openbare ruimte. Uitvoering geven aan de energietransitie In 2025 is de Regionaal Plan Energiesysteem: West-Brabant Energie in Balans (RPE WBEB) vastgesteld, ook zijn we gestart met het opstellen van het Warmteprogramma (de nieuwe Transitievisie Warmte) en hebben we met de raad een aantal uitgangspunten bepaald. Daarnaast zijn we aan de slag gegaan met de Lokale Aanpak Isolatie, waarbij inwoners subsidie hebben gekregen voor het isoleren van hun woning. Circulariteit Er is samengewerkt met partijen (o.a. Regio West-Brabant en ondernemersverenigingen) om de circulariteit in de gemeente verder te stimuleren.
Daar sluiten we aan bij regionale initiatieven en samenwerkingen om de circulaire economie in onze gemeente te stimuleren, zoals het convenant biobased bouwen en telen. In een circulaire economie worden producten en grondstoffen steeds opnieuw gebruikt. Nieuwe grondstoffen worden (als ze benodigd zijn) op een duurzame manier gewonnen. Duurzame mobiliteit Er is ingezet op het stimuleren van schone en duurzame vormen van mobiliteit binnen de gemeente. We hebben zowel inwoners als bedrijven waar mogelijk ondersteund bij de overgang van fossiele naar elektrische mobiliteit. Daarnaast is gewerkt aan het verder verduurzamen van de mobiliteit van onze eigen organisatie.
100
Jaarstukken 2025 Baarle-Nassau