CConstaterende datBaarle-Nassau
Koppel je AI →
Document · PDF

3.5-Bijlage Doelmatigheidsonderzoek art. 213a Gemeentewet “Is de huidige formatie boa’s toereikend en toekomstbestendig voor Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen”

Gemeenteraad (openbaar) 28 september 2022, gemeente Baarle-NassauBij agendapunt: Reeds geagendeerd tijdens commissievergaderingen13.894 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Alle activiteiten die de gemeenten het lopende jaar uitvoert, zoals beschreven in de uitvoeringsprogramma’s om de doelstellingen uit het beleidsplan VTH 2020-2024 te behalen, moeten vallen binnen de middelen die zijn opgenomen in de begroting van dat jaar. Mocht blijken dat de middelen niet toereikend zijn dan kunnen ze deze in de 1e of 2e tussentijdse rapportage bijstellen. Ook bestaat de mogelijkheid om het uitvoeringsprogramma aan te passen21.

Het onderzoeksteam heeft geen besluitstuk aangetroffen inzake verandering van kostenberekening op basis van daadwerkelijke inzet. In de stukken constateerde het onderzoeksteam wel dat er een wijziging heeft plaatsgevonden van de kostenverdeling boa’s22. De daarin benoemde urenregistratie trof het onderzoeksteam niet aan in de stukken. Hiermee kan het onderzoekteam geen uitsluitsel geven of de kostenverdeling een juiste weergave en afspiegeling is van de werkelijkheid en hoe deze heeft plaatsgevonden .

20

22

Volgens het visiestuk “Samen Sterker” – ‘Groter worden om klein te blijven’ Volgens artikel 7.5 van de BOR moeten de middelen van de uitvoering namelijk inzichtelijk moeten worden gemaakt en geborgd. 21

Bron, ‘Artikel 213a onderzoek BOA’s d.d. 19-04-2022’, afdeling Financiën-Control

23

Op basis van de afdeling financiën afgegeven kostenverdeling is te zien dat de verdeling op basis van verdeelsleutel of daadwerkelijk verbruik elkaar niet veel ontlopen. Baarle-Nassau heeft een licht hoger verbruik van de boa-inzet dan Gilze en Rijen en Baarle-Nassau. Zie onderstaande tabel 6.

Eind 2016 is het voorstel gekomen om de boa-formatie uit te breiden, waar de grootte van de groei nog niet besloten is. In januari 2017 is besloten om de formatieruimte te verhogen met 2 fte. In de uitwerking en financiële middelen was slechts ruimte voor een groei van 1,5 fte. In 2019 heeft de correctie plaatsgevonden waar alsnog het tekort van 0,5 fte is aangevuld, waarmee de uiteindelijke formatie uitkomt op 4,5 fte. Zie bijlage III voor de formatie-ontwikkeling

Tabel 6 - verschil financieel verrekensysteem

De financiële middelen voor 2018 tot en met 2021 bestaat uit eigen personeel, externe inhuur en een flexibele schil (gebruik makend van de boa-pool ten behoeve van inzet op Drank- en Horecawet handhaving (DWH))24.

Door het gebrek aan data zoals urenregistratie op gemeenteniveau als een niet volledig ontsloten meet/registratiesysteem van boa-activiteiten gerelateerd aan (alle) doelstellingen (zie hoofdstuk 3) is het voor het onderzoeksteam niet mogelijk om een toetsing te doen op plausibiliteit van de verdeling van kosten. Daarnaast is de looptijd voor de verrekenmethode op basis van daadwerkelijk verbruik (principe ‘Betalen en Genieten”) te kort en hiermee te voorbarig om een uitspraak te doen over de effectiviteit en efficiëntie van de huidige informatie in relatie tot de doelstellingen.

4.3

Beschikbare middelen 'boa'

Start Bij de start van de ABG op 1 januari 2016 is de boa-formatie vastgesteld op 2,5 fte23. Dit was 0,5 fte lager dan de formatie in de drie gemeenten samen vóór de ambtelijke fusie. Gilze en Rijen bracht namelijk 2 fte in en Baarle-Nassau en Alphen-Chaam ieder 0,5 fte (samen dus 3 fte). Dat betekent dat bij aanvang van de ABG-organisatie een formatiekrimp is van 0,5 fte is. 23

Volgens memo ap 8b memo inzake formatie en urenverdeling boa’s

Figuur 8 - financiële ontwikkeling inzet boa's

24

Volgens memo corsanr 18int65943 – formatie en urenverdeling buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s)

24

Op basis van de beschikbaar gestelde data is inzicht verkregen in de jaarlijkse financiële ruimte25, werkelijke uitgaven.

ABG-organisatie Financiële ontwikkeling Uit de grafiek (figuur 3 – financiële ontwikkeling inzet boa’s) maakt het onderzoeksteam op dat: • In 2016 fte de inzet is gegroeid van 2,5 fte naar 4 fte en behoefte is structurele formatie-uitbreiding waarvoor een voorstel is ingediend. • Januari 2017 formeel is besloten om de formatie uit te breiden met 2fte en in de uitvoering slechts ruimte is voor 1,5 fte in financiële middelen en groei. • In 2019 heeft de financiële correctie plaatsgevonden. De ontbrekende 0,5fte is financieel als formatie technische aangevuld. • Het budget groeit jaarlijks tot en met 2020. • De inzet eigen personeel wordt aangevuld door externe inzet. • De structurele formatie niet op niveau is. • Onduidelijk is voor welke activiteiten de externe inhuur is ingezet (zoals DWH, evenementen, incident of uitvoering van basistaken). • Onduidelijk is of bij externe inzet gebruik is gemaakt van bestaande convenanten/ samenwerkingsovereenkomsten. • Sinds 2019 is formatie hoger dan het beschikbare budget. • In 2018 is beduidend minder externe inzet geweest ten opzichte van voorgaande dan opvolgende jaren. Onderzoeksteam heeft geen verklaring voor deze afwijking kunnen waarnemen. Mogelijk zit dit deels in de urenregistratie die een hoge mate van onzekerheid heeft, volgens memo ‘formatie en urenverdeling boa’s'.

4.4

Beschouwend

Op basis van de huidige informatie is een stijgende kostenlijn te zien met een dalende geregistreerde/ gemeten boa-activiteiten (hoofdstuk 3). Het onderzoeksteam kan op basis van de beschikbare gegevens niet achterhalen wat de reden is van de stijgende kosten als ook de dalende geregistreerde/ gemeten boa-activiteiten. Het onderzoeksteam sluit niet uit dat COVID-19 een rol heeft gespeeld in de huidige ontwikkelingen. Het onderzoeksteam heeft onvoldoende informatie om hierover uitsluitsel te geven. Voor een goede analyse en of verklaring beveelt het onderzoeksteam dan ook aan om meer kwantitatieve informatie, zoals een urenregistratie per gemeente als deze ook per activiteit bij te houden. Als ook de verdeling tussen inzet van eigen personeel en externe inhuur per activiteit. Het onderzoeksteam raad aan een verdiepend onderzoek uit te voeren om een beter beeld te vormen op de ontwikkelingen vanuit financieel perspectief als op de boa-activiteiten. Mocht er geen data op dit gebied beschikbaar te zijn, is aan te raden om te starten met de registratie van deze data.

Kijkend naar de beschikbare middelen, realisatie en ontwikkelingen is op te maken dat de beschikbaar gestelde financiële middelen niet dekkend is voor de gerealiseerde inzet.

25 Volgens financiën aangeleverde ‘informatieafdeling Financiën Control Artikel 213A onderzoek BOA’s d.d. 19-04-2022

25

5 Benchmark In antwoord op de vraag “In hoeverre is de inzet van boa’s vergelijkbaar is met die van andere gemeenten op inwoneraantal en oppervlakte?” hebben we een vergelijkingsonderzoek uitgevoerd. De informatie in dit hoofdstuk is gebaseerd op documentstudie.

5.1

Inleiding

Bij het uitvoeren van het vergelijkingsonderzoek is het onderzoeksteam als volgt aan de slag gegaan.

De benchmark is opgedeeld in 4 processtappen. De eerste stap is de voorbereidende fase, waarin de achtergronden, context en complexiteit in kaart is gebracht. In de volgende fase, onderzoeksfase, is gezocht naar soortgelijke organisatie. Naast de vergelijking met andere organisaties is ook gekeken naar samenwerkingsverbanden, inwonersaantal en oppervlakte. Bij de derde fase is een analyse uitgevoerd op de ingewonnen informatie. Uiteindelijk is de benchmark afgesloten met bevindingen en een conclusie. Vergelijking met ABG-organisatie Nederland kent in totaal 33 ambtelijke samenwerkingsverbanden (zie bijlage IV). Deze zijn echter niet één op één met elkaar vergelijkbaar. Dit komt door enerzijds het type organisatie, de soort dienstverlening of de omvang op inwonersaantal en grondgebied. Het onderzoeksteam heeft op basis van aantal kenmerken typerend voor de ABG-organisatie een vergelijkend onderzoek uitgevoerd met andere gemeenten en ambtelijke organisatie (zie bijlage IV – totaaloverzicht benchmark).

Figuur 9 - benchmark proces

Figuur 10 - benchmark gemeente/ ambtelijke samenwerkingsverbanden

26

In figuur 10 (vertaling benchmark in matrix-overzicht) wordt zichtbaar dat de ABG-organisatie uniek is om haar samenstelling. Geen één van de onderzochte gemeenten of ambtelijke organisatie heeft een vergelijkbare samenstelling zoals de ABG-organisatie. Dit maakt de ABG-organisatie moeilijk en ieder in ieder geval niet één op één vergelijkbaar met andere organisaties.

de complexiteit en de volwassenheid van de handhavingsorganisatie van andere gemeenten en of er sprake is van een ambtelijke organisatie. Zie bijlage V voor het overzicht van inzet boa’s.

Van de 33 ambtelijke samenwerkingsverbanden is weinig tot geen (beleids)informatie beschikbaar. Op basis van de beschikbare informatie is het beeld dat bij de ambtelijke samenwerkingsverbanden een centraal beleid en uitvoeringsprogramma wordt opgesteld. Dit verschilt van de ABG-organisatie waar geen overkoepelend beleid op ABGorganisatieniveau is op het gebied van handhavings- of boa-beleid, dit wordt op gemeentelijk niveau opgesteld.

Naast het vergelijkend onderzoek voor wat betreft ambtelijke samenwerkingsverbanden en gemeenten, is ook gekeken naar samenwerkingsverbanden voor wat betreft de inzet van boa’s.

Uit onderzoek blijkt dat het voor gemeenten een worsteling blijft om te komen tot een goede afweging voor de inzet van de boa’s en het uitvoeren van de (basis)taken. Dit heeft deels te maken met de veranderende rol van de boa’s in de afgelopen jaren als ook de groei in activiteiten door terugtrekkende politie als door capaciteitstekorten.

5.2

Inwonersaantal en oppervlakte

Zoals hiervoor aangegeven is de ABG-organisatie een unieke organisatie. De combinatie van inwoneraantal en grondoppervlakte maakt de vergelijking met andere organisatie niet mogelijk. Er zijn vergelijkbare organisaties en gemeenten op inwonersaantal of grondoppervlakte, maar niet in een combinatie met de alle zes de kenmerken zoals grensgebied en het hebben van enclaves. Ondanks dat het niet één op één vergelijkbaar is voor wat betreft ABGkenmerken is op losse elementen wel een beeld te vormen. Daarin wordt zichtbaar dat de ABG-organisatie zowel op inwonersaantal als grondoppervlakte de inzet van boa’s onder het gemiddelde is, vergeleken met andere organisatie/gemeenten. Hierbij is geen rekening gehouden met

5.3

Samenwerkingsverbanden op boa-inzet

Bij de samenwerkingsverbanden blijft het personeel in dienst van de betreffende gemeenten, maar is een convenant van samenwerking opgesteld voor de inzet zoals boa’s. Hierbij kan iedere organisatie eigen beleid en uitvoering aanhouden en wanneer capaciteit niet toereikend is, wordt een beroep gedaan op de samenwerkende gemeenten. Mocht daar geen ruimte voor ondersteuning aanwezig zijn, zal uiteindelijk een beroep worden gedaan op externe versterking (waar het mogelijk is). Samenwerkingsverbanden geven aan het lastig te vinden om tot een juiste inzet van de boa-capaciteit te komen, mede omdat er geen landelijke norm is. De ABG-organisatie heeft in de opzet kenmerken van een samenwerkingsverband, maar verschilt op het punt dat het personeel bij de ABG-organisatie onder ABG-organisatie valt en niet onder de gemeenten.

5.4

Beschouwend

Een goede balans vinden tussen het optimaal uitvoeren van de (basis)taken en de inzet van boa’s lijkt een generiek probleem voor zowel gemeenten, ambtelijke samenwerkingsverbanden als samenwerkingsverbanden op boa-inzet. Dit heeft deels te maken met de veranderende rol van de boa’s in de afgelopen jaren als ook de groei in activiteiten door terugtrekkende politie als door capaciteitstekorten.

27

Gemeenten, ambtelijke samenwerkingsverbanden als samenwerkingsverbanden op boa-inzet worstelen allen met de juiste verhouding tussen het realiseren van activiteiten en beschikbare boa capaciteit. Daarnaast is de inrichting van de meeste organisaties nog jong en zal zowel de organisatie, proces als sturing verder geprofessionaliseerd moeten worden. Op basis van de vergelijking heeft het onderzoeksteam geen concrete formatie aantallen aangetroffen die als richtlijn kunnen worden gebruikt waarop de ABG- organisatie haar basisformatie kan vaststellen. Wel is op basis van de beschikbare data en gemaakte analyse te zien dat de ABGorganisatie op inwonersaantal als grondoppervlakte voor wat betreft de inzet van boa’s onder het gemiddelde ligt in vergelijking met de andere organisaties.

6 Conclusie en aanbevelingen 6.1

Conclusie

Centrale vraag was: Is de huidige formatie Boa’s toereikend en toekomstbestendig is voor Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen? De hoofdconclusie en antwoord op de vraag die uit dit onderzoek naar voren is gekomen is dat de belangrijkste (beleids-)doelstellingen en prioriteiten die zijn gesteld te talrijk zijn om daadwerkelijk richting te kunnen geven aan de praktijk en dat het behalen daarvan met de huidige formatie boa’s blijvend aandacht vraagt en ontoereikend blijkt. Dit moet gezien worden in het licht waarin de huidige handhavingspraktijk zich bevindt. Deze conclusie is gebaseerd op de volgende deelconclusies: •

In de afzonderlijke gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen zijn de beleidskaders volledig en actueel Op gemeenteniveau trof het onderzoeksteam bij Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen beleidskaders aan voor het Veiligheidsbeleid en VTH-beleid en -uitvoeringsprogramma’s. Inhoudelijke zijn er veel overeenkomsten, waarbij elke gemeente eigen accenten legt.

•

Monitoring, terugkoppeling, inhoudelijke sturing (operationaliseren van beleid en doelen) worden niet volledig waargemaakt Het onderzoeksteam heeft documentatie aangetroffen waarin over prestaties van boa resultaten en taakstellingen wordt gerapporteerd, maar omsluiten niet het volledige boa-beleid en de beleidsdoelstellingen die t.a.v. de boa’s zijn gesteld. Het onderzoeksteam kan dan ook geen uitspraak doen in hoeverre de beoogde prestaties van het Boa-beleid inmiddels zijn gerealiseerd.

28

•

Dit is mede een gevolg vanwege de talrijkheid aan prioriteiten om daadwerkelijk richting te kunnen geven aan de praktijk. Uit alle beleidsdocumenten samen volgen een veelheid aan doelstellingen, prioriteiten en actiepunten, aangevuld met meldingen van burgers die inzet vraagt van de boa.

•

Dit maakt dat, naast het gegeven dat er meldingsgericht wordt gewerkt, beleidsdoelstellingen niet volledig gehaald kunnen worden met de beschikbare capaciteit. Uit evaluatiecijfers blijkt dat de aantallen controles (structureel) geen aansluiting vinden bij de taakstelling. In de opvolgende jaren worden de doelstellingen niet herijkt. De doelstellingen blijven nagenoeg hetzelfde.

•

De lijst van prioriteiten vraagt daardoor om extra prioritering: gegeven het feit dat de gemeente op al deze terreinen wil handhaven. Het onderzoeksteam heeft uit de documenten niet kunnen constateren dat het verantwoordelijk management aantoonbaar stuurt op het bereiken van de doelen. Wel gaven respondenten aan dat coördinatoren en verantwoordelijk portefeuillehouders regelmatig over de voortgang worden geïnformeerd.

•

Verschuivingen van taken en het capaciteitstekort bij de politie, de ontwikkeling naar een meer professionele handhaver en het groeiende onveiligheidsgevoel bij burgers maken daarnaast een herijking van de formatie (inzet) van boa’s niet alleen gerechtvaardigd, maar naar de toekomst toe ook noodzakelijk. Het onderzoeksteam stelt vast dat genoemde ontwikkelingen die zich de afgelopen jaren hebben ingezet, hebben aangetoond een extra (kwalitatieve) inzet vragen van boa’s.

•

Bovenstaande deelconclusies worden ondersteund door vergelijkend onderzoek Een goede balans vinden tussen het optimaal uitvoeren van de (basis)taken en de inzet van boa’s lijkt een generiek probleem voor

zowel gemeenten, ambtelijke samenwerkingsverbanden als samenwerkingsverbanden op boa-inzet. Daarnaast trof het onderzoeksteam op basis van het vergelijkend onderzoek geen concrete formatie aantallen aan die als richtlijn kunnen worden gebruikt waarop de ABG- organisatie haar basisformatie kan vaststellen. Wel is op basis van de beschikbare data en gemaakte analyse te zien dat de ABG-organisatie op inwonersaantal als grondoppervlakte voor wat betreft de inzet van boa’s onder het gemiddelde ligt in vergelijking met de andere organisaties. De huidige formatie blijkt ontoereikend te zijn op basis van de hiervoor benoemde deelconclusies. Het onderzoeksteam kan echter niet aangeven welke formatie wel toereikend is. Daarvoor is verdiepend onderzoek nodig en beveelt het onderzoeksteam aan om eerst een 0-meting uit te voeren en vervolgens effectiviteits- efficiëntiemaatregelen door te voeren in de handhavingspraktijk. Wanneer een 0-meting is uitgevoerd kunnen toekomstige realisatie hiertegen afgezet worden en de voortgang gemeten worden. Dan wordt tevens ook de impact duidelijk van de doorgevoerde maatregelen op effectiviteit en efficiency.

29

6.2

Aanbevelingen

Het is aan te bevelen om expliciet een relatie te leggen tussen output, outcome en het beleidsdoel waar dit aan bijdraagt. Dit maakt het mogelijk om structureel en systematisch doeltreffendheid en doelmatigheid van beleid te monitoren, te evalueren en er verantwoording over af te leggen. Zo kan namelijk beter in beeld worden gebracht in welke mate beleid doeltreffend is. Bovendien draagt dit inzicht bij aan het maken van effectgerichte keuzes om de doeltreffendheid te vergroten. Op deze manier kunnen trends en ontwikkelingen over langere periode ook beter in beeld worden gebracht en kunnen er beter uitspraken worden gedaan over de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid. Concreet bevelen wij daarom de volgende punten aan: Aanbevelingen beleid • Prioriteren in beleidsdoelstellingen Het is aan te bevelen om te prioriteren en/of het verminderen in het (talrijke) aantal beleidsdoelstellingen en actiepunten t.a.v. inzet van boa’s. In de praktijk blijkt dat het niet mogelijk is om alle veiligheids- en handhavingsproblematiek op te pakken. Het prioriteren in beleidsdoelstellingen en deze vervolgens zo concreet (SMART) mogelijk te omschrijven biedt de ABG-organisatie en de afzonderlijke gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen de mogelijkheid om het beleid op een overzichtelijke en controleerbare wijze uit te voeren.

Aanbeveling sturing en monitoring • Stel een procesbeschrijving op in de beleidscyclus van de boa’s: Voor een betere sturing en vergroten van de leercirkel op het realiseren van de (beleids)doelen, is het aan te bevelen om een procesbeschrijving voor de beleidscyclus op te stellen. Dit om de (interne) samenwerking en afstemming te bevorderen (tussen beleid en operatie), maar ook om de taken, bevoegdheden en de werknormering voor de boa’s effectiever af te bakenen. De procesbeschrijving dient tenminste de verschillende

processtappen en een beschrijving, doel, uitvoerder en beslisser per stap te bevatten. Laat de procesbeschrijving vaststellen op directieniveau.

•

Verbeter de inzichtelijkheid van de informatie die betrekking heeft op de behaalde resultaten van de boa’s: Het is aan te bevelen om de taakstellingen (aantallen controles op de verschillende activiteiten) en resultaten hiervan te voorzien van een duiding, zodat dit aan bv. de raad aanvullend inzicht biedt in de mate waarin deze resultaten bijdragen aan de maatschappelijke effecten, zoals bijvoorbeeld het veiligheidsgevoel van de burgers. Presenteer dit via bijvoorbeeld een top-5, inclusief toelichting. Geef verder de belangrijkste stijgers/dalers weer inclusief een toelichting hierop. Het is ook aan te bevelen effectmetingen te laten uit voeren gebaseerd op doelstellingen en indicatoren en metingen die reeds beschikbaar zijn. • Koppel de resultaten aan de beleidsdoelen; Het is aan te bevelen om deze resultaten te benoemen en te laten zien aan welke beleidsdoelen deze zijn gekoppeld. Aanbevelingen registratie- en monitoringssysteem • Optimaliseer het gebruik van (een) registratie- en sturingssysteem Het is aan te bevelen om te onderzoeken naar effectievere inzet en gebruik van het huidige registratiesysteem. Momenteel wordt gebruik gemaakt van verschillende systemen en gefragmenteerd gebruik. Tevens is het niet gekoppeld aan resultaatmeting in bredere zin.

Indien uitbreiding of verbetering van het bestaande systeem niet mogelijk is of onvoldoende effectief is, is het aan te bevelen om te onderzoeken welke op de markt aanwezige producten de mogelijkheid bieden tot een optimaal registratieen monitoringssystematiek dat resultaatsmetingen aan bredere vastlegging van (financiële) middelen koppelt. Een systeem dat bijvoorbeeld naast de resultaatmetingen – zoals het laten zien van de grootste stijgers – ook analysemogelijkheden biedt.

30

Aanbeveling Financiën • Koppeling registratie- en monitoringssysteem Het is aan te bevelen om idealiter het registratie- en sturingssysteem te koppelen aan de bredere vastlegging van (financiële) middelen op gemeentelijk en ABG-organisatieniveau. Hiermee kan de effectiviteit en efficiency worden gemeten van inzet boa’s in verhouding met gemeten resultaat (per gemeente). Bijkomend voordeel is dat de administratieve doorbelasting naar gebruik (inzet boa’s) automatisch verwerkt en doorberekend zal kunnen worden per gemeente.

boa’s en politie en heldere afbakening van taken en daarmee inzet van boa’s. Door(ontwikkeling) professionaliteit handhaver • Bestendig en borg kwaliteit Het is aan te bevelen om uren vrij te maken in de werkplanning voor opleiding en training om kennis en kwaliteit te bestendigen en door te ontwikkelen. Laat dit ook opnemen en vastleggen in het persoonlijk opleidingsplan van boa’s.

• Investeren in facilitaire middelen Het is aan te bevelen om te onderzoeken in welke facilitaire middelen geïnvesteerd moet worden om de effectiviteit en efficiëntie van de werkzaamheden van de boa’s verder te verhogen en te optimaliseren. Denk daarbij aan ondersteuningsmiddelen in de dagdagelijkse praktijk zoals voldoende en adequate vervoersmiddelen. Ontwikkelingen in verschuivingen in taken en capaciteitstekort politie • Baken de taken af. Het is aan te bevelen om de rolverdeling tussen boa en politie scherp neer te zetten, zodat de inzet voor boa’s duidelijk is. Gemeenten kunnen een belangrijke rol spelen in het vaststellen van heldere afspraken. Denk hierbij aan duidelijkheid scheppen in het ‘leefheidbaarheidscriterium’, door bijvoorbeeld helder af te spreken welke handhavingstaken vallen onder de noemer ‘leefbaarheid’ en het werkterrein van de boa’s en waar de taken van de politie beginnen als het gaat om het handhaven van de openbare orde en de veiligheid. • Zorg voor een goede informatie-uitwisseling. Gebrek aan goede en structurele informatie-uitwisseling kan een optimale (externe) samenwerking mogelijk in de weg staan. Gemeente kunnen een rol spelen in het stroomlijnen van de informatie-voorziening door bijvoorbeeld structurele overleggen tussen relevante handhavingspartners in het leven te roepen. Dit zorgt voor een optimale samenwerking tussen 31

Nabeschouwing

– namelijk het doelmatiger en doeltreffender werken en daarmee een hoger maatschappelijk doelbereik en impact- in acht te worden genomen.

Wij willen tot slot wijzen op drie aandachtspunten die van belang zijn bij het gevolg geven aan de aanbevolen verbeteringen. Het gaat daarbij de volgende drie punten: 1) Mensen en systemen 2) Gedrag en cultuur 3) Bureaucratie Allereerst geldt dat voor implementatie van de aanbevelingen voldoende capaciteit beschikbaar moet zijn. Daarnaast is het aan te bevelen dat de capaciteit die ingezet wordt beschikt over de gevraagde competenties, vaardigheden en bevoegdheden. Wanneer de ingezette capaciteit niet afdoende of over de juiste competenties, vaardigheden en/of bevoegdheden beschikken zal mogelijk extra inzet, opleiding en/ of scholing noodzakelijk zijn. Daarbij zijn er (allereerst) ook systemen nodig die geschikt zijn voor het doel van registratie, monitoring, sturing en analyse en die - zo nodig gelijktijdig - toegankelijk is voor meerdere gebruikers. Ten tweede zijn gedrag en cultuur van wezenlijk belang om een doorontwikkeling te kunnen maken naar een volwassen handhavingspraktijk, zowel in horizontale als in verticale lijn. Hoewel de aanbevelingen vooral gericht zijn op beleidsmatige en organisatorische kant, zijn beleidskaders, richtlijnen en structuren alleen onvoldoende voor een adequate doorontwikkeling. Het is nodig dat het monitoren en (bij)sturen structureel deel gaat uitmaken van het werk en zich niet beperkt tot gezette (jaarcyclus)momenten.

Tot slot merken wij op dat, hoewel het her prioriteren van beleidsdoelstellingen en speerpunten, het nader concretiseren daarvan en het introduceren van nieuwe registratiesystemen weliswaar onvermijdelijk lijkt, het doel en de proportionaliteit hiervan voortdurend aandacht verdient. Bij de implementatie van een nieuwe werkwijzen dient mede het voordeel

32

Bijlagen BIJLAGE I: Lijst geïnterviewde personen

Naam Mevrouw De Hoon - Veelenturf De Heer Alssema De heer Brenninkmeijer Jeroen Klijberg Boa Kjell Winkelhof Mike Brekelmans Paul Geurts Joep Laming Jeroen Vermeer

Functie Burgemeester Burgemeester Burgemeester Buitengewoon opsoringsambtenaar Buitengewoon opsoringsambtenaar (coordinator) Buitengewoon opsoringsambtenaar Afdelingsmanager Veiligheid, Vergunningen en Handhaving Financieel adviseur veiligheid en vergunningen en coordinator cluster planning en control Adviseur openbare order en veiligheid voor de burgemeester van Gilze en Rijen

Organisatie Baarle Nassau Gilze en Rijen Alphen Chaam ABG-organisatie ABG-organisatie ABG-organisatie ABG-organisatie ABG-organisatie ABG-organisatie

33

BIJLAGE II: Toetsingskader

Onderwerp

Toetstingskader

A. Effectief Beleid

1. Het beleid is gebaseerd op een transparante probleemanalyse; 2. De uitgangspunten en doelen worden consistent doorvertaald in de uitwerking van het beleid; 3. Er is een SMART doel (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden) voor het maatschappelijk effect, dus concreet en haalbaar; 4. Er zijn een SMART doelen voor de output (prestaties voor de relevante organisatie onderdelen). 1. Het is vooraf helder welk budget de ABG-organisatie ter beschikking heeft voor de uitvoering van het beleid; 2. Het is achteraf helder welke middelen zijn ingezet voor het bereiken van de afgesproken prestaties. Het gaat hierbij onder meer om de verhouding tussen input en output;

B. Inzicht in middelen

C. Sturing

D. Efficiency

3. Het is helder waartoe het budget/middelen BOA dienen en hoe deze middelen ingezet mogen worden. 1. De gemeentelijke ambitie en bijbehorende beleidsdoelen zijn bestuurlijk vastgesteld; 2. De taken en verantwoordelijkheden voor het realiseren van de doelen zijn helder verdeeld en vastgelegd, en bekend bij medewerkers. 3. Deze verdeling kent geen overlap en werkt in de praktijk naar ieders tevredenheid. 4. De gemeente verzamelt gegevens over de voortgang in het bereiken van de eigen doelen. 5. Het verantwoordelijk management stuurt aantoonbaar op het bereiken van de doelen en informeert de portefeuillehouders/burgemeesters regelmatig over de voortgang. 1. Informatie over de inzet van middelen voor de verschillende geleverde prestaties is inzichtelijk; 2. De organisatie kan de informatie over de efficiency goed beoordelen bijvoorbeeld door een vergelijking in de tijd of met andere gemeenten door middel van een benchmark; 3. Beleidsinformatie a. de informatie is betrouwbaar: de verschillende zaken worden goed gemeten; en valide: de goede zaken worden gemeten; b. de informatie is volledig (het betreft de beschikbaarheid van gegevens, die alle relevante indicatoren afdekken om de beleidsrealisering te kunnen meten in het licht van de gestelde doelen); c. de informatie is actueel c.q. heeft betrekking op de onderzoeksperiode; d.

de informatie komt tijdig beschikbaar om eventuele bijsturing mogelijk te maken.

34

BIJLAGE III: Ontwikkeling formatieruimte boa’s

35

BIJLAGE IV: Ambtelijke samenwerkingsverbanden

36

BIJLAGE V: Benchmark Gemeente Borne Losser Haaksbergen Oost Gelre Bronckhorst Berkelland Raalte ABG Arnhem Nijmegen Apeldoorn Enschede BAR-organisatie Veenendaal Heerlen

Aantal boa's inwoners oppervlakte (km2) boa per 1.000 inwoners boa per km2 3 23.000 26,2 0,13 0,11 3 22.000 99,6 0,14 0,03 4 24.000 105,5 0,17 0,04 2 30.000 109,7 0,07 0,02 2,8 36.000 283,6 0,08 0,01 4 44.000 258,7 0,09 0,02 3,2 37.295 172,3 0,09 0,02 4,5 43.995 235,5 0,10 0,02 39 127.000 101,5 0,31 0,38 37 170.681 57,6 0,22 0,64 17 158.099 341,2 0,11 0,05 25 158.553 142,7 0,16 0,18 26,8 155.539 425 0,17 0,06 15 65.589 19,72 0,23 0,76 25 86.832 45,53 0,29 0,55

37

Bronnenlijst • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Alphen Chaam Beleidsnota handhaving Gemeente Alphen-Chaam S A16IT00151 13 Bijlage handhavingsbeleid 2016-2020 risicomatrix Focusblad 2021 AC 03 Integraal veiligheidsbeleid A-C VTH-beleidsplan 2020-2024 AC 19int09200 VTH-beleidsplan Bijlagenboek 2020-2024 AC 19int09202 BN Beleidsnota integrale handhaving 2016-2020 S 16int01119 1 19ink48169 Integraal veiligheidsbeleid BN 02 BN-beleidsnota integrale handhaving 2016-2020 S 16int01119 1 Concept hhbeleid BN 19int03367 Focusblad 2021 BN 03 VTH-beleidsplan 2020-2024 BN 19int09205 GR VTH-beleidsplan 2020-2024 GR S 19int09184 1 VTH-beleidsplan Bijlagenboek 2020-2024 GR S 19int09185 1 GR VTH risicomatrix S 19int09187 1 GR Handhaving beleidsplan Gilze en Rijen 2016-2020 S 16int00474 7 GR handhavingsbeleid 2016-2010 risicomatrix compleet S 16int00495 1 Focusblad 2021 GIlZE-RIJEN 03 Integraal veiligheidsbeleid G-R NW Programma veiligheid 2018-2022 VTH-programma 2018 AC Uitvoeringsprogramma Alphen-Chaam 2019 18int09188 Uitvoeringsprogramma VTH 2020 gemeente Alphen-Chaam Uitvoeringsprogramma VTH 2021 Alphen-Chaam Uitvoeringsprogramma VTH 2022 Alphen-Chaam VTH-programma 2018 BN Uitvoeringsprogramma VTH 2019 Baarle-Nassau Uitvoeringsprogramma VTH 2020 gemeente Baarle-Nassau Evaluatieverslag 2018 GR Evaluatieverslag 2019 GR 20int01124

• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Uitvoeringsprogramma VTH 2021 Baarle-Nassau Uitvoeringsprogramma VTH 2022 Baarle-Nassau RE Vraag over uitvoeringsprogramma BN Vastgesteld HUP 2018 GR S 17int14445 5 Uitvoeringsprogramma 2019 Uitvoeringsprogramma VTH 2020 gemeente Gilze en Rijen Uitvoeringsprogramma VTH 2021 Gilze en Rijen Uitvoeringsprogramma VTH 2022 Gilze en Rijen VTH-programma 2018 GR Toelichting Uitvoeringsprogramma Evaluatieverslag VTH 2019 AC Evaluatieverslag VTH 2018 S 19int01464 1 Evaluatie uitvoeringsprogramma VTH 2020 Alphen-Chaam Evaluatieverslag VTH 2019 Alphen-Chaam 20int04278 Evaluatieverslag VTH 2020 Alphen-Chaam Vragen AC Evaluatieverslag VTH 2019 Vragen fractie GBA over het Evaluatieverslag VTH 2019 ALC Evaluatie uitvoeringsprogramma VTH 2018 BN Evaluatie uitvoeringsprogramma VTH 2019 20int00694 Evaluatie uitvoeringsprogramma VTH 2020 Baarle-Nassau Evaluatieverslag 2020 BN Evaluatieverslag 2020 BN (02) Evaluatie programma veiligheid 2018-2021 (002)

38

• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Evaluatie uitvoeringsprogramma VTH 2020 Gilze en Rijen Evaluatieverslag 2020 GR 1(2021-1637381181815) Evaluatieverslag gegevens boa 201 AC 18int01281 1 jaarverslag VTH 2017 AC aanvulling vergunning BN-aanvulling vergunning Formatie 2017 GR aanvulling vergunningen Voorbeeld AC 2017 18INT03866 GLR Jaarstukken 2017 definitief 20180615 ALC Jaarstukken 2017 (behorende bij accountantsverslag) 20190903 ALC Jaarstukken 2018 (definitief) 20200520 ALC Jaarstukken 2019 Definitief 20201006 ALC Programmabegroting 2021 20210608 ALC Jaarstukken 2020 - Definitief 20220201 Kostenverdeelstaat 2021 – tm dec (na acc. controle) ADV 2016-11-11 Bijlagen bij B&W advies formatie Boa’s S 16int13830 1 Ap 6 jaarstukken 2016 na accountantscontrole Ap 8b memo inzake formatie en urenverdeling boas Begroting OMWB 2021 def BLN definitieve Jaarstukken 2016 incl. aanpassing budgetten 3D’s (d.d. 7 juni 2017) BLN Jaarstukken 2019 – college d.d. 19.05.2020 definitief BLN Jaarstukken 2020 definitief (met aangepaste SISA) Buiten Beter 2019 Buiten Beter 2021 Definitieve Jaarstukken 2017 GLR Jaarstukken 2018 25-06-2019 GLR Jaarstukken 2019 – definitief met aanpassing sisa GLR Jaarstukken 2020 definitief na verwerking erratum Benchmark en Ontwikkelscan Handhaving – gemeente Raalte vs1 Definitief-convenant-toezicht-en-handhaving-openbare-ruimte Exb-2021-15940

•

Informatieafdeling Financiën Control Artikel 213A onderzoek BOA’s d.d.19-042022

• • • • • • •

Jaarstukken ABG 2019

• • • •

BOA Convenant 08 12 2013-1 S 13int16239 1

• • • • •

Handhavingsarrangement politie boa (Markdal)

• • • • • •

3Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving

• • • • •

Toelichting stappen op procedure

Jaarstukken ABG 2020 Toelichting financiële afwijkingen BN-milieu Uren BOA Getekend voorblad Langstraat 26-08-2021 Handhavingsarrangement Langstraat aug 2021 Bestuurlijke aanwijzing Toezichthouders Horeca (incl. Gilze Rijen) S 14int01265 1 Brabant alcohol- en horecasanctiebeleid S 16int06130 1 Convenant ondertekend door burgermeesters Toetredingsdocument Gilze Rijen tot Boa Convenant Baronie 17 maart 2014 S 14int01266 1 Getekende Gemeenschappelijke Regeling ABG S 15int02683 1 Governance fusie S 14int00344 4 Visie op de organisatie S 16int00155 2 Gilze en Rijen Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving Besluit Buitengewoon opsporingsambtenaar 11 november 1994 Fte vergunningverlening voor 2021 Handhavingsarrangement Langstraat aug 2021 Regeling domeinlijsten boa Toelichting procedures individuele akte van opsporingsbevoegdheid o.b.v. een categoriale aanwijzing Transitie veehouderij Impact op vergunningverlening in 2021 Van rechtswege verleende vergunning 2020 Gilze Rijen Wet kwaliteitsborging ALC-vragen GGD-adviezen

39

• • • •

Handhaving door BOA-Werkorganisatie CGM

• • • • • • • • • • • • • • • • •

VTH Uitvoeringsprogramma UW werkorganisatie

• • • • • • • •

RE weigeringen APB BZW 2020

Handhavingsuitvoeringsprogramma (HUP) 2016 (2016) Toezicht en handhaving Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening en Toezicht & Handhaving 2018 Wabo, APV en bijzondere wetten – Werkorganisatie Duivenvoorde. Bijlage 2 – VTH-risicomatrix_19int09187 Bijlage 3 – AC VTH verordening_19int09198 Bijlage 3 – BN VTH verordening_19int90204 Bijlage 4 – 20181012 05.3 Gemeenschappelijk-Uitvoeringskader 19int09191 Bijlage 5 – 20181012 05.4 Omgevingsanalyse-OMWB 19int09192 Bijlage 6 – mandaat OMWB AC 19int09199 Bijlage 6 – mandaat OMWB BN 19int09203

• • • • • • • • • •

20211029 PJ MinJ&V

• •

Veiligheidsmonitor CBS 2021

•

Visiedocument VNG, HANDHAVING STERK IN DE OPENBARE RUIMTE Omdat de burger dat van ons verwacht, Den haag, maart 2016

•

Artikel ‘De handhaver verschijnt’ door: Marten Muskee, in VNG Magazine nummer 15, 8 oktober 2021

•

Verkenning politie over samenwerking met Boa’s, ‘Boa en politie, niet naast elkaar maar met elkaar’, door: Auke van Dijk, Jord Koppejan, Jos Speetjens, 2018

• •

Voortgangsbrief boa's november 2021, TK, 12 november 2021

Afwijken van advies OMWB Bezwaar, beroep, hoger beroep 2019 BIBOB voor de drie gemeente Evenementenkalender 2019 ABG GGG-adviezen 2019 Van rechtswege verleende vergunning 2019 Baarle-Nassau GLR technische vragen D66 mbt commissie Middelen 31 mei 2021 VTH Overzicht bezwaar beroep en zienwijzen in 2020_20int09546 RE vraag over Thiekon – Aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van milieu-inrichting (revisie)(Thiekon) aan Haansbergseweg 28 en 30 Nijverheidslaan 17 19 en 21 in Rijen

Tk-bijlage-1-eerste-beschouwing-jenv-ten-behoeve-van-de-visie-over-boa-s Voorbeeld AC 2017 Wetboek van Strafvordering Wet op de Economische Delicten Invoeringswet Politiewet 1993 Besluit Buitengewoon Opsporingsambtenaar (BBO) Politiewet 2012 en de Ambtsinstructie voor de Politie. https://wetten.overheid.nl/BWBR0041447/2020-06-10 Buitengewoon veilig Onderzoek naar taken en arbeidsomstandigheden van boa’s en de samenwerking met politie, DSP-groep, oktober 2020. Sociale veiligheid organiseren, Naar herkenbaarheid in de publieke ruimte, Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling, Den Haag 2004

Eerste beschouwing ten behoeve van de visie over de boa functie en het boa bestel, memo, TK, 12 november 2021

Vraag Raad over GGD-adviezen ALC Begroting_OMWB_2021_def Fte vergunningverlening voor 2021 RE Vraag over uitvoeringsprogramma BN Toelichting financiële afwijkingen BN-milieu Transitie veehouderij Impact op vergunningverlening in 2021 Wet kwaliteitsborging

40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11834019/1