3.2 - Bijlage 1 - Addendum SRBT woondeal d.d. 30 januari 2026
Tekst van het document
Addendum SRBT Woondeal 30 januari 2026
Inleiding Aanleiding In voorbereiding op het bestuurlijk overleg met de minister op 5 maart 2026 is het wenselijk een aantal afspraken uit de SRBT Woondeal op dit moment te actualiseren. Het gaat om de volgende afspraken: Woningbouwopgave • De minimale opgave per gemeente voor de periode tot en met 2030 (conform besluitvorming SRBT Woontafel 2024) • De minimale opgave voor de SRBT-woondealregio in de periode van 2025 t/m 2034 • De indicatieve opgave (met name bestaande bouw) voor ouderen in de vorm van nultredenwoningen, geclusterde woningen en zorggeschikte woningen. Locaties • Het overzicht van actuele sleutellocaties De overige afspraken uit de SRBT Woondeal blijven van kracht in afwachting van de actualisatie van de SRBT Woondeal, die in 2026 na bijstelling van provinciale prognoses zal worden voorbereid.
Relatie met gemeentelijk beleid De SRBT Woondeal vormt, samen met het Addendum, een belangrijk kader voor de woningbouwopgaven per gemeente voor de periode tot 2035. Dit helpt ons onder meer bij het opstellen en regionaal afstemmen van lokale volkshuisvestingsprogramma’s. Dit is een verplichting na de inwerkingtreding van de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting.
Wederzijdse inspanning De Woondeal betreft een wederzijdse inspanning. Randvoorwaardelijk daarbij is dat aan de kritische succesfactoren kan worden voldaan. De update van de kritische succesfactoren uit de SRBT Woondeal is opgenomen in dit addendum. z
1. Opgave We zien voldoende en passende woningbouw als een gezamenlijke opgave voor deze regio. Zo willen we een antwoord geven op de mismatch tussen vraag en aanbod in de huidige woningvoorraad. Hiervoor is het noodzakelijk om het bouwtempo te verhogen en sneller en meer passende woningen bij te bouwen. Deze opgave draagt, wanneer goed uitgewerkt, bij aan versterking van onze regio zoals beschreven in de SRBT Ontwikkelstrategie. We vinden het belangrijk dat de woningbouwopgave kan dienen als hefboom voor opgaven als sociale stijging, het verduurzamen en klimaatrobuust maken van de woningvoorraad. Door bijstelling van prognoses en omdat we verder vooruit willen kijken, maken we in dit addendum afspraken voor de periode tot 2035 ter vervanging van de afspraken die gemaakt zijn op 9 maart 2023 in de SRBT Woondeal.
1.1 Woningbouwopgave De woondeal maart 2023 heeft een looptijd van 2022 t/m 2030. Inmiddels is het 2025 en is een deel van de opgave gerealiseerd. Voor het bepalen van de minimale opgave nemen we de resterende woondealopgave t/m 2030 en de provinciale prognose 2031 t/m 2034 als uitgangspunt. We benadrukken dat de provinciale prognose voor de SRBT en de individuele gemeenten een indicatie biedt van de minimale woningbouwopgave. En een belangrijk hulpmiddel voor het goede gesprek in de regio. Partijen benadrukken dat de prognose niet begrenzend mag zijn voor goede projecten, die uitvoering geven aan de Woondeal en in lijn zijn met de uitgangspunten van de SRBT Ontwikkelstrategie. Al kan woningbouw in de ene gemeente (via de verhuisbewegingen van woningzoekenden) natuurlijk wel invloed zijn op projecten in een andere gemeente. Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
De aankomende Wet Regie op de Volkshuisvesting maakt het nog belangrijker om gezamenlijk zorg te dragen voor een goede (sub)regionale samenwerking en regionale afstemming van de woningbouwplanning en programmering binnen deze woningbouwregio (SRBT) Hierbij staat voorop dat we samen aan de slag moeten én willen. Bouw je te weinig? Dan spreken we elkaar aan op hoe er versneld kan worden. Bouw je teveel, maar met inachtneming van bovenstaande kaders? Dan wordt je door de regio, provincie en rijk gecomplimenteerd. De woningbouwopgave is immers een gezamenlijke ambitie. In een aantal gevallen is het belangrijk dat we gemeenten in aanvulling op de prognoses meer ruimte kunnen geven. Dat is in ieder geval nodig wanneer: 1. Gemeenten een aanvullende opgave hebben vanwege kwalitatieve doelen (meer sociale huur gewenst of meer woningen voor aandachtsgroepen) 2. Een specifieke bijdrage leveren aan de SRBT Ontwikkelstrategie (wonen als hefboom) ‘ In 2026 wordt de provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognose geactualiseerd (vaststelling en publicatie wordt rond de zomer verwacht). Met deze update kunnen ook de regionale en gemeentelijke woningbouwopgaven worden geactualiseerd. Binnen de regio bestaat de mogelijkheid – bijvoorbeeld o.b.v. dorpenstrategieën of de ontwikkelstrategie – (sub)regionale afspraken te maken over een andere verdeling van de woningbouwopgave over de gemeenten.
We maken de volgende afspraak; De minimale opgave voor de SRBT-regio voor de periode 2025 t/m 2034 bedraagt 46.149 woningen, waarvan o 19.907 woningen indicatief in de regio Baronie; o 26.242 woningen indicatief in de regio Hart van Brabant Het betreft een doelstelling start bouw. Voor de periode t/m 2030 maakten we al eerder een afspraak over de minimale opgave. Voor de periode 2025 t/m 2030 resteert hieruit (na opleveringen in voorgaande jaren) de volgende opgave per gemeente. Realisatie van deze opgaven is alleen haalbaar als er oplossingen worden gevonden voor de diverse kritische succesfactoren, in samenwerking met provincie en rijk (zie ook hoofdstuk 3). 2025 t/m 2030 Alphen-Chaam
250
Altena
1.771
Baarle-Nassau
35
Breda
6.840
Dongen
826
Drimmelen
890
Etten-Leur
1.044
Geertruidenberg
442
Gilze en Rijen
942
Goirle
855
Hilvarenbeek
495
Loon op Zand
840
Oisterwijk
784
Oosterhout
1820
Tilburg
11.683
Waalwijk
1.840
Zundert
390
SRBT
31749
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
1.2 Opgave ouderenhuisvesting Door de dubbele vergrijzing neemt met name het aantal ouderen met een intensieve zorgbehoefte (24-uurs zorg) sterk toe. Tegelijkertijd wordt de verpleeghuiscapaciteit grotendeels bevroren. Uitgangspunt in dit addendum is het realiseren van woningen in de categorieën: nultredenwoningen, geclusterde woonvormen voor ouderen en zorggeschikte woningen. Deze woningen worden vooral toegevoegd door het aanpassen van de bestaande voorraad. En worden maar voor een klein deel via nieuwbouw toegevoegd. De voorlopige en indicatieve opgave per gemeente in deze paragraaf is gebaseerd op de ABF cijfers voor de periode 2022 t/m 2030 van de Rijksoverheid. De opgave is een richtinggevend getal om een beweging op gang te brengen in de regio en daarmee de juiste stappen te zetten richting de opgave waar we voor staan in de toekomst. Ook de provincie Noord-Brabant heeft de opgave voor de periode tot 2040 geprognosticeerd. Deze cijfers wijken af. We gebruiken in dit addendum de ABF cijfers van de Rijksoverheid als streefgetal voor de korte termijn en maken we de afspraak om op basis van nieuwe prognoses van ABF (verwacht in 2026) en de provincie (2026) de opgave bij te stellen. Deze opgave per gemeente wordt in 2026 uitgewerkt en krijgt een plek in de gemeentelijke volkshuisvestingsprogramma’s. In rood is gearceerd waar dat nog aandacht vraagt.
Als vervolgstap zal deze lokale opgave in het gemeentelijk volkshuisvestingsprogramma nader worden uitgewerkt. Voor het sociale bezit worden hierover vervolgens prestatieafspraken gemaakt met de betreffende gemeente, de huurderkoepel(s) en lokale corporaties.
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
Voorlopige indicatieve opgave ouderenhuisvesting 2022-2030 per gemeente Zorggeschikte Geclusterde Nultreden woningen woningen woningen
Totaal Ouderenhuisvesting
Alphen-Chaam
30
40
45
115
Altena
155
125
550
830
Baarle-Nassau
30
15
105
1501
Breda
375
1.495
2.230
4.100
Dongen
80
110
190
380
Drimmelen
105
60
305
470
Etten-Leur
125
65
240
430
Geertruidenberg
80
145
185
410
Gilze en Rijen
70
185
320
575
Goirle
80
70
180
330
Hilvarenbeek
100
100
255
455
Loon op Zand
80
170
165
415
Oisterwijk
105
220
335
660
Oosterhout
170
300
405
875
Tilburg
530
670
1.050
2.250
Waalwijk
140
485
395
1.020
Zundert
45
105
125
275
SRBT
2300
4360
7080
13740
Bron: Ministerie VRO/ ABF Kritische succesfactoren opgave ouderenhuisvesting Corporaties en gemeenten hebben zorgen over de landelijke definities voor deze woningbouwcategorieën. Met name daar waar het gaat om de rolstoeltoegankelijk en doorgankelijkheid van zorggeschikte woningen. Wij willen hierover met alle partijen, inclusief de regionale zorgkantoren, in 2026 het gesprek voeren. Wens is te komen tot heldere landelijke definities en realistische afspraken over het corporatieaandeel in de opgave. Wens is om het aandeel van de ouderopgave, dat via nieuwbouw wordt gerealiseerd, te kunnen monitoren. Randvoorwaardelijk is dat er voldoende investeringsruimte is bij corporaties, marktpartijen en zorgkantoren voor deze specifieke producten.
2 Overzicht sleutellocaties d.d. 2025 De criteria, die worden gehanteerd voor sleutellocaties, zijn hieronder opgenomen. Niet alle locaties in de lijst voldoen aan deze vereisten. Daarover wordt op subregio niveau het gesprek gevoerd zodat beoordeling alsnog kan plaatsvinden. De criteriazijn leidend en onderstaande lijst van locaties wordt op basis daarvan periodiek bijgewerkt. •
Afstemming: initiatieven/plannen zijn ruimtelijk voorstelbaar én regionaal afgestemd;
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
•
•
• •
Regionale woningbouwopgave: plannen leveren een substantiële bijdrage aan de regionale woningbouwopgave, dan wel aan de lokale woningbouwopgave (minimaal 50 woningen). Onderbouwd is maatwerk mogelijk. Realisatiegericht: plannen dragen bij aan de woningbouwproductie op korte termijn (binnen 5 jaar) en de middellange termijn (t/m 2034) en zijn uitvoerbaar: plannen zijn uitvoeringsgereed of (juridisch) hard, dan wel op korte termijn hard te maken (minimaal in planvorming). Betaalbaarheid: plannen voldoen in principe aan de doelstelling 30-40-30: 30% sociaal en twee derde betaalbaar. Regionale spreiding: er is een uitlegbare verdeling over de verschillende gemeenten (we willen voorkomen dat alleen plannen uit de grote gemeenten in aanmerking komen).
Alphen-Chaam Chaam
Diverse centrumontwikkelingen (circa 8 plannen)
Genderen
Genderen-Zuid
Nieuwendijk
Ons Laant
Sleeuwijk
Tuin van Morgen (Morgenster)
Veen
Den Eng fase 2
Werkendam
Achter de schans
Wijk en Aalburg
Langestraat fase 1
Baarle-Nassau
Loveren fase II
Baarle-Nassau
Rabobank locatie (Singe 1)
Breda
Programma Centrum-Oost
Breda
Programma Gasthuisvelden
Breda
Programma Crossmark
Breda
Programma Crossmark - 't Zoet fase 1
Breda
Hoge Vught
Breda
Sterk West
Breda
Oost
Bavel
Programma Bavel
Teteringen
Woonakker
Prinsenbeek
Beeks Buiten
Breda
Centrum-oost
Dongen
Noorderlaan (Noorderbunder)
s Gravenmoer
5 Turven
Dongen
Glorieux Heuvelpark
Dongen
Berlagestraat / Procureurweg fase 1
Made
Made Oost II fase 1
Made
Made Noord West
Altena
Baarle-Nassau
Breda
Dongen
Drimmelen
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
Lage Zwaluwe
De Biezen III
Drimmelen
Rietlanden
Terheijden
Munnikenhof
Wagenberg
Elzenpark / Verlengde Elsakker
Etten-Leur
Haansberg
Etten-Leur
Lage Vaartkant
3de loc
Centrumplan
1ste loc
Landonk–Kartuizerstraat
2de loc
De Driehoek
3de loc
Achter de Hoeven
Rijen
Stationsomgeving (Mary Zeldenrustlaan 18-20)
Rijen
Tussen de Leijen - fase II
Molenschot
De Nieuwe Erven
Goirle
Locatie Zuidrand Van Besouw
Goirle
Bakertand
Goirle
Bosch en Veld
Goirle
Centrum
Goirle
Molenpark
Diessen
Vroonacker IV
Hilvarenbeek
Gelderakkers III
Kaatsheuvel
Westwaard - fase 3/4
Kaatsheuvel
Centrum - noordzijde
Kaatsheuvel
Park Wijtenburg
Kaatsheuvel
Park Vossenberg
Haaren
Haarendael (Raamse Akkers)
Moergestel
Moergestel - noord (Oostflank SRBT)
Moergestel
Oostelvoortjes II - Heiligenboom Moergestel (Oostflank SRBT)
Oisterwijk
Pannenschuur VI (Oostflank SRBT)
Oosterhout
Pasteurlaan e.o. (4 locaties: Amphia, AvThornstr., KeiwegRidderstr, Leijsenhoek)
Etten-Leur
Geertruidenberg
Gilze en Rijen
Goirle
Hilvarenbeek
Loon op Zand
Oisterwijk
Oosterhout
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
Oosterhout
Oosterhout - oosteind
Oosterhout
Slotjesveld
Oosterhout
Esdoornlaan
Oosterhout
Gebied Wilhelminakanaal zuid (Galvanitas, Lievenshove, Paterserf UWV, Bunthoef, Wilhelminahaven en Voltkwartier)
Tilburg
Binnenstad / Spoorzone / Piushaven
Tilburg
Kenniskwartier
Tilburg
Stappegoor
Tilburg
Verdichting - NPLV noord en west
Tilburg
Smariuskade
Tilburg
SRBT Oostflank (Tilburg-Oisterwijk)
Sprang-Capelle
Landgoed Driessen - fase II
Waalwijk
Akkerlanen
Waalwijk
Centrum
Waalwijk
Els
Klein Zundert
Hooghe Weide
Zundert
Tuinderij fase "De Bie"
Wernhout
Wernhout West
Tilburg
Waalwijk
Zundert
3 Kritische succesfactoren Om onze woningbouwambities te kunnen realiseren, zijn er een aantal kritische succesfactoren (KSF). Op veel van deze randvoorwaarden is verdere beweging en actie nodig. Als dit niet lukt, kan er vertraging optreden en worden afspraken hierop mogelijk niet gehaald. Deze randvoorwaarden zijn door de provincie, samen met de andere provincies, onderzocht en geprioriteerd. Daarnaast zijn er ook andere kritische succesfactoren, zoals de beschikbare capaciteit bij bouwbedrijven. De Brabantse rapportage is onderdeel van een bredere Nationale rapportage die najaar 2025 wordt gepubliceerd. In dit addendum is een samenvattende tekst opgenomen. Door beter inzicht te hebben in omvang en impact van de KSF, kan gerichter het gesprek gevoerd worden met relevante partners als het Rijk, gemeenten, woningcorporaties, waterbedrijven, netbeheerders etc. over het toewerken naar aanpak en oplossing van de KSF. Het onderzoek waar het onderstaande uit komt, wordt via het IPO aan het Rijk voorgelegd en zal daar ook verder besproken worden om tot aanpak en oplossingen te komen. Dat vervolg is daarmee geen onderdeel van dit addendum. De geprioriteerde kritische succesfactoren zijn: 1. 2.
Publiek onrendabele toppen Investeringsruimte woningcorporaties
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
3. 4. 5. 6. 7. 8.
Stikstof Netcongestie Tekort aan ambtelijke capaciteit Vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water en spoor Drinkwater Herstructurering
Impact op de woningbouwopgave in Brabant: KSF
Impact
Termijn
Publiek onrendabele toppen
Korte termijn
Investeringsruimte woningcorporaties
Lange termijn
Stikstof
Korte termijn
Netcongestie
Korte termijn
Tekort ambtelijke capaciteit
Korte termijn
Vervoer gevaarlijke stoffen spoor, weg, water
Korte termijn
Drinkwater
Korte termijn
Herstructurering
Korte termijn
Toelichting per onderdeel (alle genoemde aantallen en bedragen zijn op provinciaal niveau): Publiek onrendabele top: de publiek onrendabele top wordt voor Brabant ingeschat op 2,6 miljard euro (inclusief de bovenplanse infrastructuur). En raakt ca 72.000 woningen, ofwel ca 55% van de woningbouw tot en met 2030. Investeringsruimte woningcorporaties: het ziet er naar uit dat de Brabantse woningcorporaties tot en met 2030 voldoende investeringsruimte hebben om de volkshuisvestelijke opgave te realiseren. De corporaties in de regio SRBT hebben nog niet in beeld of de opgave na 2030 financieel haalbaar is. In de actualisatie van de SRBT Woondeal in 2026 zullen we hierover een toelichting opnemen. Stikstof: 100% van de woningbouwplannen ligt binnen 25 km van een stikstofgevoelig Natura 2000 gebied. Per woningbouwplan moet afgewogen worden of een effect op het Natura 2000 gebied te verwachten is en of daarmee een natuurvergunning moet en kan worden aangevraagd. Veelal zal een natuurvergunning wel benodigd zijn. Omdat per woningbouwplan een afweging gemaakt moet worden, is niet aan te geven welk aandeel van de woningbouw in Brabant hierdoor vertraagt en welke kosten dit met zich meebrengt. Rijksbesluiten zijn nodig om uit de stikstof impasse te komen, omdat de handelingsruimte van andere partijen (incl. de provincie) om tot een oplossing te komen niet groot genoeg is.
Netcongestie: voor netcongestie kunnen op dit moment geen harde conclusies worden getrokken over de impact op de woningbouwopgave, door gebrek aan informatie. Wel is de verwachting dat deze KSF op korte termijn een zeer grote kans geeft op woningbouwvertragingen, waarbij wijzigingen rondom netreserveringen tot extra onzekerheid leiden. Tekort ambtelijke capaciteit: er is een tekort aan ambtelijke capaciteit bij alle gemeenten en in alle disciplines, maar met name projectmanagers, juristen en vergunningverleners. Het totale tekort bedraagt ca 340 fte. Hiermee is een bedrag gemoeid van 410 miljoen euro. Door het gebrek aan ambtelijke capaciteit ontstaat woningbouwvertraging. De inschatting is dat minimaal 16% van de restopgave woondeal vertraagd wordt, ofwel ca 18.500 woningen. Vervoer gevaarlijke stoffen over spoor, weg en water: voor woningbouw moet rekening gehouden worden met externe veiligheid in de zogenoemde aandachtsgebieden (brand, explosie, gifwolk) rond weg, spoor en Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
water. Minstens 35% van de restantopgave woondeal is gelegen binnen de aandachtsgebieden rondom spoor, weg en water. Dit betekent niet per definitie dat al deze woningen risico lopen op woningbouwvertraging en/of kostenverhoging. Met name bij grotere binnenstedelijke ontwikkelingen (spoorzones) kan deze KSF tot een stapeling van complexiteit leiden. Drinkwater: drinkwater is in West-Brabant een acuut vraagstuk en is in heel Brabant voor 2030 nijpend. De verwachting is dat dit niet direct voor de woningbouwopgave een effect heeft op de drinkwaterlevering, aangezien voor de drinkwaterbedrijven een leveringsplicht voor huishoudens geldt. Maar het is onzeker of levering van drinkwater de komende jaren nog gegarandeerd kan worden, zonder waterbesparing en de beschikbaarheid van aanvullende bronnen waar op wordt ingezet. Tegelijk is het gebrek aan drinkwater nu direct van impact op benodigde voorzieningen, zoals winkels en medische centra. De toename van het aantal huishoudens in Brabant vraagt immers ook om uitbreiding van voorzieningen. Herstructurering: herstructurering is niet een belemmerende KSF maar een positieve meekoppelkans voor de woningbouwopgave. Wanneer de herstructureringsopgave en het beter benutten van de bestaande voorraad niet tegelijkertijd worden opgepakt, blijven mogelijkheden liggen om de woningbouwopgave te realiseren.
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
Bijlagen 1. Woningbouwopgave Vastgestelde woningbouwopgave woondeal 2023, realisatie & restant minimale opgave Regionale woondeal 2023 Opgave
Feitelijke groei*
Restant opgave
2022 t/m 2026
2022
2023
2024
2025 t/m 2026
Alphen-Chaam
195
9
63
40
83
Altena
1.270
354
170
270
476
Baarle-Nassau
95
7
50
75
-37
Breda
5.251
858
1.073
400
2920
Dongen
681
193
2
255
231
Drimmelen
601
198
140
50
213
Etten-Leur
1.118
514
355
235
14
Geertruidenberg
400
277
36
-10
97
Gilze en Rijen
832
105
220
75
432
Goirle
615
101
24
150
340
Hilvarenbeek
435
75
50
90
220
Loon op Zand
659
25
91
70
473
Oisterwijk
565
107
99
65
294
Oosterhout
915
390
220
380
-75
Tilburg
8.055
1.296
936
1.035
4.788
Waalwijk
1.180
217
33
170
760
Zundert
310
137
145
45
-17
SRBT-regio
23.177
4.863
3.707
3.395
11.212
Baronie
10.155
2.744
2.252
1.485
3.674
Hart van 13.022 2.119 Brabant Vastgesteld op SRBT Woontafel 28 oktober 2024.
1.455
1.910
7.538
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert
Woondeal opgave
Gerealiseerd
Restant
2024 t/m 2030
2024 (CBS)
Alphen-Chaam
290
40
2025 t/m 2030 250
Altena
2.041
270
1.771
Baarle-Nassau
110
75
35
Breda
7.240
400
6.840
Dongen
1.081
255
826
Drimmelen
940
50
890
Etten-Leur
1.279
235
1.044
Geertruidenberg
432
-10
442
Gilze en Rijen
1.017
75
942
Goirle
1.005
150
855
Hilvarenbeek
585
90
495
Loon op Zand
910
70
840
Oisterwijk
849
65
784
Oosterhout
2.200
380
1.820
Tilburg
12.720
1.037
11.683
Waalwijk
2.010
170
1.840
Zundert
435
45
390
SRBT
35144
3395
31.749
Vastgesteld op SRBT Woontafel 28 oktober 2024.
Alphen-Chaam – Altena – Baarle-Nassau – Breda – Dongen – Drimmelen – Etten-Leur – Geertruidenberg Gilze en Rijen - Goirle – Hilvarenbeek – Loon op Zand – Oisterwijk – Oosterhout – Tilburg – Waalwijk - Zundert