3.12-Toezichtoordeel VTH documenten 2021
Tekst van het document
Provincie Noord-Brabant
Beoordelingsformulier IBT 2021 systematisch toezicht omgevingsrecht Gemeente Baarle-Nassau Procesinformatie Beoordeelde documenten: Beleidsplan VTH:
Beleidsplan VTH 2020-2024, incl. bijlagenboek
Uitvoeringsprogramma VTH:
Uitvoeringsprogramma VTH 2021
Evaluatieverslag VTH:
Evaluatie Uitvoeringsprogramma VTH 2020
Naam beoordelaar: Rick Damme
Beoordeling afgerond: 04 mei 2021
Reactie gevraagd: 04 mei 2021
Reactie ontvangen: 11 mei 2021
Reactie verwerkt: 12 mei 2021
Beoordelingsvragen Deze beoordelingsvragen zien op de tijdigheid/actualiteit en kwaliteit van de wettelijk vereiste VTHdocumenten van gemeenten. De wettelijke basis daarvan ligt in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) met bijbehorende uitvoeringsbesluiten (procescriteria VTH) en de provinciale Verordening systematisch toezichtinformatie Noord-Brabant. Via de Invoeringswet Omgevingswet wordt de huidige regelgeving van de procescriteria VTH uit de Wabo opgenomen in de Omgevingswet met bijbehorende Omgevingsbesluit. Naar verwachting treedt de Omgevingswet per 1 januari 2022 in werking. Het doel van de wetgever is dat provincies, gemeenten en waterschappen hun VTH-organisatie zodanig professioneel inrichten dat een goede kwaliteit van de uitvoering van die taken is gewaarborgd. Daaronder verstaat de wetgever met name dat de VTH-taken op een strategische en programmatische manier worden gedaan met aandacht voor onderlinge afstemming van de werkzaamheden. Dat levert een stevige bijdrage op aan het realiseren van een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. En deze op een duurzame en doelmatige wijze te behouden en te ontwikkelen voor het bereiken van maatschappelijke opgaven. Met interbestuurlijk toezicht draagt de provincie bij aan een bestendig en veilig Brabant met een sterke kwaliteit van het openbaar bestuur.
Een bestuur dat het goede voorbeeld geeft richting burgers en bedrijven. Een bestuur waar de mensen op kunnen vertrouwen. Een tijdige en goede naleving van de wettelijke procescriteria is niet alleen wettelijke verplicht. Het is ook belangrijk voor een goede sturing op de VTH-beleidscyclus en voor de instandhouding van een professionele VTH-structuur. Om risico's te voorkomen op het gebied van volksgezondheid, veiligheid of onomkeerbare schade aan de leefomgeving. De ambitie van de provincie is samen met gemeenten en waterschappen ervoor te zorgen dat alle VTHdocumenten 100% actueel en op tijd zijn en voldoen aan de procescriteria VTH. De beoordelingsvragen en de criteria voor de beoordeling 'Voldoet', 'Voldoet gedeeltelijk' of 'Voldoet niet', staan in het uitvoeringsprogramma IBT 2021. De normering voor het eindoordeel is toegelicht onderaan dit format van het beoordelingsformulier. De beoordelingsvragen zijn in concept op 7 december 2020 gemaild aan de contactpersonen IBT Omgevingsrecht bij gemeenten en waterschappen en als nieuwsbericht gepost op de SharePoint-website IBT Omgevingsrecht met gelegenheid voor reactie. Er is één reactie ontvangen. Het definitieve beoordelingsformulier is vervolgens op 21 december 2020 gepubliceerd op de SharePoint-website.
1
Provincie Noord-Brabant
Verordening kwaliteit VTH 1 a. Evalueren B&W jaarlijks over de naleving van de kwaliteitscriteria VTH voor de eigen organisatie en de omgevingsdienst en doen zij daarover mededeling aan de gemeenteraad? 1b. Als blijkt dat de kwaliteitscriteria VTH niet zijn of niet konden worden nageleefd, motiveren B&W dan de reden waarom en hoe wel voor de gestelde kwaliteit wordt gezorgd? (Modelverordening kwaliteit VTH art. 5 lid 2 en 3) Toelichting wetgever: Van de naleving van de kwaliteitscriteria wordt jaarlijks mededeling gedaan aan de gemeenteraad. Het gaat hier om een belangrijke inhoudelijke mededelingsplicht die kan worden meegenomen in bestaande jaarlijkse rapportages, in de op grond van het Besluit omgevingsrecht op te stellen documenten. Omgekeerd wil het evenmin zeggen dat, als de criteria (nog) niet in alle relevante taken worden toegepast, dat de kwaliteit per definitie te wensen zal overlaten. In dit geval wordt gemotiveerd waarom de criteria niet toegepast zijn of konden worden en hoe wel voor de gestelde kwaliteit wordt gezorgd. Definitief oordeel: Voldoet. De gemeente doorloopt jaarlijks de beleidscyclus, waarbij ook op actieve wijze de Kwaliteitscriteria worden betrokken. Uit Ş 2.3 (Doelen en activiteiten) blijkt dat de gemeente jaarlijks o.a. de kritieke massa beschouwd.
In het evaluatieverslag (Ş 2.4) wordt de personele capaciteit geëvalueerd, waarna geconcludeerd wordt dat de gemeente voldoet aan de kwaliteitscriteria. Ook de OMWB heeft laten zien, dat zij voldoet aan de kwaliteitscriteria voor zover het activiteiten betreft die de ABG-organisatie door haar laat uitvoeren. Het evaluatieverslag wordt ter kennisname aan de gemeenteraad aangeboden, waarmee ook voldaan wordt aan het tweede deel van vraag 1 a. Bovendien wordt nog een aparte memo voorbereid, waarmee de gemeenteraad wordt geïnformeerd over de evaluatie van de kwaliteitscriteria. Beleidsplan 2. Stellen B&W voor de taken, niet zijnde de basistaken van de omgevingsdienst, het VTH-beleid vast in een of meer documenten waarin gemotiveerd wordt aangegeven welke doelen zij zichzelf stellen en welke activiteiten zij daartoe zullen uitvoeren? (Bor 7.2 lid 1) Toelichting wetgever: Het is de bedoeling dat gemeenten en waterschappen ieder voor zich VTH-beleid vaststellen en schriftelijk vastleggen. Dat kan in een gezamenlijk VTH-beleidsdocument of apart. VTH-beleid bevat het geheel van prioriteiten, doelstellingen, strategie en werkwijze. Voor vergunningverlening hoort daar een analyse van inzichten, technieken en werkwijzen bij. Het op elkaar afstemmen van doelen van vergunningverlening en handhaving is belangrijk. VTH-beleid wordt, indien nodig, ook afgestemd met andere bestuursorganen.
Met wie hangt af van de vraag welke andere bestuursorganen door het beleid worden geraakt, bijv. omdat samenwerking aan de orde is. Een goede interne afstemming tussen de werkeenheden vergunningverlening en handhaving en met andere werkterreinen binnen de eigen organisatie is ook van belang. Handhavingsdoelen zijn gebaseerd op een probleemanalyse. Met inzicht in de regelgeving waar de organisatie met handhaving over gaat en de kansen op- en effecten van overtredingen voor de fysieke leefomgeving. De probleemanalyse is de basis voor welke activiteiten nodig zijn om de gestelde doelen te bereiken en welke prioriteiten daarbij gelden. Vergunningverleningsdoelen zijn gebaseerd op een risicoanalyse. Op basis daarvan is prioriteren en verschillen in diepgang van toetsing aanbrengen mogelijk. 2
Provincie Noord-Brabant
Samen met een analyse van inzichten, technieken en werkwijzen, kan dit worden ingezet bij het anticiperen op het fluctueren van het aantal omgevingsvergunningaanvragen en meldingen in de tijd. Het formuleren van VTH-doelen in termen van resultaat (outcome) is niet makkelijk maar wel wenselijk. Voor handhaving kan daarbij worden gedacht aan naleefgedrag en omgevingseffect/milieukwaliteit en voor vergunningverlening aan effecten in de markt en omgevingseffect/milieukwaliteit. Definitief oordeel: Voldoet. Op 1 7 december 2019 hebben B&W een nieuw beleidsplan VTH voor de periode 2020 tot 2024 vastgesteld. Een bijlagenboek maakt hier deel van uit. In het bijlagenboek zijn naast de beleidsdoelstellingen de activiteiten opgenomen. Bovendien ontbreken ook indicatoren niet, zij het dat hier geen aantallen of percentages zijn benoemd om de prestatie te meten. Een compliment voor deze werkwijze! 3. Bezien B&W regelmatig, maar in ieder geval naar aanleiding van de evaluatie bedoeld in artikel 7.7, tweede lid, het vastgestelde VTH-beleid en passen ze dit in ieder geval bij gebleken noodzaak zo spoedig mogelijk aan? (Bor 7.2 lid 8) Toelichting wetgever: Het VTH-beleid wordt regelmatig bezien en waar nodig aangepast. De periode waarop het beleid betrekking dient te hebben, is niet voorgeschreven.
Het ligt echter voor de hand dat het beleid betrekking heeft op een periode van minstens een jaar. Het bestuursorgaan is vrij om een langere periode te kiezen. Het feit dat de periode waarvoor het beleid wordt vastgesteld meerdere jaren kan bedragen, neemt niet weg dat ten minste eenmaal per jaar moet worden bezien of het vastgestelde beleid door wijziging van het desbetreffende document moet worden aangepast. Tussentijdse aanpassingen doorvoeren en opnemen als beleid is ook mogelijk. Definitief oordeel: Voldoet. Uit Evaluatie uitvoerinasproaramma VTH2020, Hoofdstuk 1 ílnleidinaì:
In de wet- en regelgeving is vastgelegd dat de gemeente moet beschikken over een beleid op het gebied van de fysieke leefomgeving. Eind 2019 is het nieuwe VTH-beleid 2020-2024 vastgesteld. [...] Het uitvoeringsprogramma wordt op zijn beurt weer jaarlijks geëvalueerd. Die evaluatie kan leiden tot het aanpassen van het beleid. Zo ontstaat er een continu proces van opstellen, uitvoeren en aanpassen van alle taken die op het gebied van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht moeten worden uitgevoerd. 4. Maken B&W het VTH-beleid bekend aan de gemeenteraad? (Bor 7.2 lid 9) Toelichting wetgever: De gemeenteraad is het politiek verantwoordelijke orgaan. Doel is om hen informatie te verschaffen om intern toezicht te kunnen uitoefenen ^ horizontale verantwoording). In welke vorm of op welke wijze dat plaatsvindt is aan het bestuursorgaan zelf. Definitief oordeel: Voldoet. In het B&W-voorstel van 20 november 201 9 staat dat B&W besluiten het VTH-beleid ter kennisname te sturen naar de gemeenteraad. Uitvoeringsprogramma 5. Maken B&W het uitvoeringsprogramma VTH bekend aan de gemeenteraad? (Bor 7.3 lid 4) Toelichting wetgever: 3
Provincie Noord-Brabant
De gemeenteraad is het politiek verantwoordelijke orgaan. Doel is om hen informatie te verschaffen om intern toezicht te kunnen uitoefenen ^ horizontale verantwoording). In welke vorm of op welke wijze dat plaatsvindt is aan het bestuursorgaan zelf. Definitief oordeel: Voldoet. Met de raadsmemo van 1 8 januari 2021 wordt de raad geïnformeerd over het uitvoeringsprogramma. 6. Stellen B&W het uitvoeringsprogramma VTH jaarlijks vóór 1 februari vast? (Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant art. 3 lid 1 en lid 2 onder b en lid 4 en lid 6 en art. 6) Toelichting wetgever: Jaarlijks wordt het uitvoerings- en handhavingsbeleid uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma met de uit te voeren activiteiten in het komende jaar. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet. Het uitvoeringsprogramma is op 26 januari 2021 door B&W vastgesteld. Borging van middelen 7. Zorgen B&W ervoor dat voor het onderdeel VTH: a.
de voor het bereiken van de gestelde doelen en de voor het uitvoeren van de aangegeven activiteiten benodigde en beschikbare financiële en personele middelen inzichtelijk worden gemaakt en in de begroting worden gewaarborgd?; b. de wijze van berekening van de benodigde financiële en personele middelen, bedoeld onder a, inzichtelijk wordt gemaakt?; c. voor de uitvoering van de uitvoeringsprogramma's van de eigen organisatie en de omgevingsdienst voldoende financiële en personele middelen beschikbaar zijn en dat deze middelen zo nodig worden aangevuld of de uitvoeringsprogramma's zo nodig worden aangepast? (Bor 7.5) Toelichting wetgever: De gemeente zorgt ervoor dat de voor de uitvoering van het VTH-beleid benodigde en beschikbare financiële en personele middelen in de begroting worden opgenomen en worden toegelicht. Definitief oordeel: Voldoet. De beschikbare formatie voor zowel de gemeente als voor de ABG-organisatie is weergegeven in een tabel in Ş 2.2. Ş 3.7 gaat in op de te verwachten aantallen Wabo-aanvragen. Aan de hand van kengetallen wordt in Ş 3.8 door middel van een berekening inzicht gegeven in de benodigde personele capaciteit voor vergunningverlening. Uit Ş 3.6 [Financiële middelenl:
Het budget voor de taken van de OMWB (milieu) is vastgelegd in het werkprogramma 2021. In de begroting is hiervoor een apart budget opgenomen.
4
Provincie Noord-Brabant
Borging van middelen In artikel 7.5 van de BOR wordt aangegeven dat de middelen van de uitvoering inzichtelijk moeten worden gemaakt en geborgd moeten worden. Alle activiteiten die wij het komende jaar gaan uitvoeren zoals beschreven in dit uitvoeringsprogramma om de doelstellingen uit het Uitvoerings- en handhavingsbeleidsplan 2020-2024 te behalen, vallen binnen de middelen die zijn opgenomen in de begroting van 2020. Als blijkt dat de middelen niet toereikend zijn kunnen ze in de 1e of 2e turap bijgesteld worden. Verbeterpunten: Opgemerkt wordt dat in bovenstaande alinea (uit Ş 3.6 (Financiële middelen) vermeld wordt 'de begroting van 2020'. Is hier sprake van een omissie? Kennelijk zal hier bedoeld zijn 'de begroting van 2021'. Reactie gemeente: Klopt. Dit moet de begroting van 2021 zijn. Verwerking reactie: Akkoord. De reactie blijft ongewijzigd: Voldoet. Monitoring 8. Zorgen B&W voor de registratie van gegevens betreffende het aantal ontvangen klachten over mogelijke overtredingen? (Bor 7.6 lid 2 en Mor 1 0.6 onder e) Toelichting wetgever: Om te kunnen vaststellen of de handhavingsdoelen worden bereikt, is het de bedoeling dat het bestuursorgaan een methodiek hanteert voor monitoring en evaluatie.
Onderdeel daarvan is een goede registratie van in ieder geval het aantal ontvangen klachten over mogelijke overtredingen van wet- en regelgeving over omgevingsrecht (Wabo en betrokken wetten). Definitief oordeel: Voldoet. Uít Ş 4.3 (Mílíeul:
Behandeling klachten Burgers kunnen 24/7 hun klachten over o.a. geluid, stank en bodemvervuiling melden bij de MilieuKlachtenCentrale. De klachten worden geregistreerd en behandeld door de OMWB. Jaarlijks ontvangen we van de OMWB hier een overzicht van. De gegevens worden verwerkt in het jaarverslag VTH. We streven ernaar om alle klachten doelmatig te behandelen. Dat houdt in dat tijdig onderzoek wordt gedaan naar de oorzaak van de klacht en dat waar nodig aanschrijving volgt van het bedrijf, dan wel een afwijzing van de klacht omdat aan de milieuregels wordt voldaan. Uit Ş 4.8 [Klachten/meldinaenl:
De gemeente Baarle-Nassau streeft ernaar om alle klachten en meldingen doelmatig te behandelen. Om de klacht/meldingsbereidheid zo hoog mogelijk te maken zijn er diverse manieren om een klacht/melding in te kunnen dienen. Klachten van burgers kunnen worden ingediend via (info@baarle-nassau.nl) of in de BuitenBeter app. Daarnaast is het ook mogelijk via het algemene en/of het twitteraccount van de boa’s een klacht of melding te doen. Alle genoemde systemen worden dagelijks geraadpleegd. De binnengekomen klachten/meldingen worden doorgezet naar de behandelende afdeling. De klachten/meldingen gaan onder andere over overlast, zwerfafval en strijdige situaties. De meeste klachten en meldingen worden door de toezichthouders en boa’s afgehandeld. De boa’s zijn ook in de avonden en weekenden werkzaam waardoor ook dan de klachten kunnen worden afgehandeld. Voor calamiteiten buiten kantoortijden is een storingsnummer beschikbaar. De klachten en meldingen worden geregistreerd in het zaaksysteem (Greenvalley) van de gemeente. 5
Provincie Noord-Brabant
9. Behandelen B&W klachten die betrekking hebben op de naleving van de Wabo en de betrokken wetten? (Wabo 5.2 lid 1c) Toelichting wetgever: Het bestuursorgaan heeft de wettelijke taak om klachten te behandelen die gaan over de naleving van wet en regelgeving omgevingsrecht waar de gemeente met handhaving over gaat. Op basis van ontvangen klachten kan ter plaatse onderzoek plaats vinden of er sprake is van een overtreding en zo ja, welke actie nodig is om de overtreding, en daarmee de klacht, te beëindigen. Aandacht voor communicatie over voortgang en afhandeling van ontvangen klachten is van belang. Dat geldt ook voor de afwikkeling van ingediende klachten waarvoor gemeente of waterschap niet het bevoegd gezag is. Een transparante klachtenstrategie kan daarbij behulpzaam zijn. Definitief oordeel: Voldoet. De toezicht- en handhavingstaken van de gemeente Baarle-Nassau bestaan onder andere uit onderzoeken en afhandelen van klachten en meldingen. Buiten kantoortijd neemt de klachtendienst van de OMWB de klachten aan. Indien nodig volgt een controle. Dit gebeurt wanneer meerdere klachten in korte tijd worden gedaan en wanneer de gemeente een bedrijf op de aandachtlijst zetten. 10.
Dragen de bestuursorganen er in ieder geval zorg voor dat de organisatie van de bestuursorganen en van de omgevingsdienst ook buiten de gebruikelijke kantooruren bereikbaar en beschikbaar is? (Bor 7.4 lid 2 onder d) Toelichting wetgever: Het bestuursorgaan dient de organisatie zo in te richten dat deze binnen en buiten gebruikelijke kantooruren bereikbaar is voor het melden van acute klachten en beschikbaar is voor het behandelen van incidenten. Bereik- en beschikbaarheid kunnen ook in samenwerking met een andere handhavingsorganisatie in de regio worden gerealiseerd. Definitief oordeel: Voldoet. Burgers kunnen 24/7 hun klachten over o.a. geluid, stank en bodemvervuiling melden bij de MilieuKlachtenCentrale. De klachten worden geregistreerd en behandeld door de OMWB. Ook zijn de boa's bereikbaar via twitter. Uit Ş 4.8 [Klachten/meldinaenl:
De gemeente Baarle-Nassau streeft ernaar om alle klachten en meldingen doelmatig te behandelen. Om de klacht/meldingsbereidheid zo hoog mogelijk te maken zijn er diverse manieren om een klacht/melding in te kunnen dienen. Klachten van burgers kunnen worden ingediend via (info@baarle-nassau.nl) of in de BuitenBeter app. Daarnaast is het ook mogelijk via het algemene en/of het twitteraccount van de boa’s een klacht of melding te doen.
6
Provincie Noord-Brabant
Rapportage H. Evalueren B&W jaarlijks of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma's VTH voor de eigen organisatie en de omgevingsdienst zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen? (Bor 7.7 lid 2) Toelichting wetgever: Een cyclisch verlopend uitvoeringsproces wordt door middel van evaluatie afgesloten met een rapportage over en verantwoording van de uitgevoerde activiteiten aan de gemeenteraad. Daarbij wordt getoetst of de geleverde inspanningen ook het bereiken van de uitvoeringsdoelstellingen hebben opgeleverd. Indien deze doelstellingen zijn bereikt, zal dit in algemene zin leiden - indirect - tot positieve effecten op de omgevingskwaliteit. Indien deze doelstellingen niet zijn bereikt, kan dit leiden tot conclusies en aanbevelingen over aanpassingen van het VTH-beleid, het uitvoeringsprogramma of de uitgevoerde VTHactiviteiten. Voor input voor het uitvoeringsprogramma van het komende jaar is het belangrijk dat de interne evaluatie voorafgaand aan het opstellen van het uitvoeringsprogramma wordt gedaan. Het uitvoeren van externe audits kan een nuttige functie vervullen bij het verbeteren van de organisatie en werkwijzen van het VTH-beleid.
Naast IBT-audits door de provincie, valt ook te denken aan horizontale, benchmark-achtige externe audits, waarbij bijvoorbeeld de ene gemeente de taakuitvoering van een andere gemeente bekijkt. Horizontale audits passen als zodanig goed in het versterken van de horizontale kwaliteitsborging. Voorlopig oordeel: Voldoet gedeeltelijk. Voornamelijk wordt een kwantitatieve verantwoording afgelegd. In kwalitatieve zin is aangegeven wat is bereikt en wat betreft de prioritering voor het komende jaar dient te worden aangepast. Uit onderstaande tekst uit het beleidsplan blijkt dat de evaluatie in positieve zin in ontwikkeling is. Bij het Toezichtoordeel Omgevingsrecht 2020 heeft de gemeente als reactie op de tekortkoming aangegeven dat wordt gewerkt aan een nieuw digitaal systeem. Met dit systeem is de verwachting ook kwalitatief beter te kunnen gaan monitoren. Als IBT wachten wij de ontwikkelingen af.
Uit het beleidsplan, S 2.3 (Doelen en activiteiten): Om te meten moet er gemonitord worden. Momenteel gebeurt dit beperkt en veelal kwantitatief en niet kwalitatief. Op het moment van schrijven wordt een nieuw digitaal systeem aanbesteed om dit beter te monitoren. Naar verwachting kunnen we dit systeem vanaf 2021 inrichten. Tekortkomingen: De evaluatie legt geen relatie met gestelde doelen. Voornamelijk wordt een kwantitatieve verantwoording afgelegd. Verbeterpunten: Evalueer jaarlijks in hoeverre activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen. Reactie gemeente: De gemaakte opmerking is terecht. De monitoring is veelal kwantitatief. Dit moet kwalitatief worden. Inmiddels is een nieuw systeem aangeschaft (Centric Leefomgeving). We zijn in 2021 bezig met het inrichten van het nieuwe systeem. Dit gebeurt in Equalit-verband (dus met meerdere gemeenten). Er wordt momenteel via verschillende bouwteams gekeken hoe het nieuwe systeem (Centric Leefomgeving) zo goed mogelijk ingericht kan worden met de komst van de 7
Provincie Noord-Brabant
Omgevingswet. Voor de ABG-organisatie zal het systeem ook nog voor de Wabo gebruikt gaan worden. Bij het inrichten van de zaaktypen wordt ook gekeken welke informatie men eruit wil halen voor een kwalitatieve meting en hoe dat geregeld kan worden. Verwerking reactie: De toelichting is geen aanleiding het voorlopig oordeel aan te passen. Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk. 12. Maken B&W het evaluatieverslag VTH bekend aan de gemeenteraad? (Bor 7.7 lid 3) Toelichting wetgever: Zie toelichting bij vraag 5. Definitief oordeel: Voldoet. Met de raadsmemo van 14 april 2021 is de raad geïnformeerd over de vaststelling van het Evaluatieverslag VTH 2020.
13. Stellen B&W het evaluatieverslag VTH jaarlijks vóór 1 mei vast? (Ve rordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant art. 3 lid 1 en lid 2 onder d en lid 5 en lid 6 en art. 6) Toelichting wetgever: Jaarlijks evalueert een gemeente of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma's zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de vastgestelde beleidsdoelen. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet. Met de vaststelling op 28 april 2021 hebben B&W voldaan aan de Verordening.
Eindoordeel Op basis van de behaalde scores en conform de vastgestelde beoordelingscriteria en normen, is het eindoordeel: voldoet. Aantal
Punten
Toetsingsvragen
13
Score Voldoet (2 punten)
12
24
Score Voldoet gedeeltelijk (1 punt)
1
1
Score Voldoet niet (0 punten)
0
0
Totaal aantal punten
-
25
Eindoordeel o.b.v. punten
25/26 x 100 = 96,15
Toelichting eindoordeel:
ä 80 = Voldoet ä 60 en < 80 = Voldoet gedeeltelijk < 60 = Voldoet niet
8