3.10 - College B&W - Raadsinformatiebrief Landelijke tarieven gecertificeerde instellingen
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan
De gemeenteraad van de Gemeente Baarle-Nassau
Van
Het college van burgemeester en wethouders
Portefeuillehouder
Wethouder van de Laak
Onderwerp
Landelijke tarieven gecertificeerde instellingen
Datum collegevergadering
16 april 2024
Zaaknummer
1076964
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------1. Inleiding De afgelopen jaren bent u met regelmaat geïnformeerd over de situatie van jeugdbescherming in Brabant. Met deze brief brengen wij u op de hoogte van de meest recente ontwikkelingen in de jeugdbescherming: de implementatie van landelijke tarieven voor Gecertificeerde Instellingen (GI’s). 2. Inhoudelijk Aanleiding voor de landelijke tarieven GI’s De jeugdbescherming staat landelijk bezien onder grote druk. Er is sprake van een crisissfeer rondom GI’s: we zien een haperend stelsel, een toenemende complexiteit en juridisering van de gezinsproblematiek, veranderende opvattingen over jeugdbescherming en een oplopende werkdruk. GI’s kampen met een toename van verzuim en verloop en komen moeilijk aan personeel. Ten opzichte van de landelijke trend staan we er in Brabant relatief goed voor. De Brabantse jeugdzorgregio’s hebben de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in de samenwerking onderling en met de GI’s. Zo is er nu een provinciale Leading Coalition, een bestuurlijk netwerk met gemeenten, zorgpartners en veiligheidspartners. Daarnaast hebben de regio’s ook veel geïnvesteerd in Jeugdbescherming Brabant (JBB); in samenwerking en financiën. JBB heeft een interne doorontwikkeling gemaakt, die hoopvolle resultaten laat zien.
Het aantal kinderen dat wacht op een vaste jeugdbeschermer is sterk teruggelopen. Hier mogen we met elkaar trots op zijn en tegelijkertijd is er nog veel te doen. Met gepast optimisme kunnen we vooruitkijken. In opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft KPMG onderzoek gedaan naar de gemiddelde kostprijsberekening en onderzoek naar de bekostigingsvormen voor de GI’s. Met de uitkomsten van de onderzoeken hebben het Rijk, de VNG en de GI’s bestuurlijke afspraken gemaakt over een landelijk tarief vanaf 2024, inclusief een bijbehorende handreiking landelijk tarief en bekostiging jeugdbescherming en jeugdreclassering. Dit landelijk tarief voor de GI’s gaat in per 1 januari 2024. In Brabant hebben de vijf jeugdzorgregio’s samengewerkt om de landelijke tarieven in de verschillende gemeenten door te voeren. De Bestuurscommissie Jeugd van de GR Regio Hart van Brabant heeft op 22 februari 2024 het besluit genomen tot invoering van de landelijke tarieven.
Vervolgens zijn de overeenkomsten en het administratieprotocol conform dit besluit aangepast. Het landelijk tarief maakt mogelijk dat: 1. Kinderen, gezinnen en betrokkenen kunnen vertrouwen op de oplettendheid, zorg en aandacht vanuit de jeugdbescherming. 2. De werkdruk voor professionals omlaaggaat. 3. Er rust en ruimte ontstaat voor de beweging naar het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Opbouw van de tarieven De landelijke tarieven zoals vastgesteld in de handreiking zijn basistarieven, gebaseerd op het landelijke kostprijsonderzoek. Het landelijk tarief wordt uitgedrukt als een bedrag per maatregel ondertoezichtstelling, voogdij of jeugdreclassering. De handreiking benoemt ook een beperkt aantal onderwerpen waarover je regionaal afspraken kunt of moet maken. Deze onderwerpen hebben te maken met de bedrijfsvoering van een specifieke GI en kunnen leiden tot een opslag dan wel korting op het landelijk basistarief. De vijf Brabantse jeugdzorgregio’s hebben tariefafspraken gemaakt met JBB. De VNG heeft soortgelijke afspraken gemaakt met de landelijk werkende GI’s, William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (WSS) en Leger des Heils Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (LJ&R). De VNG heeft het onderhandelingsresultaat met de landelijke instellingen gedeeld met alle jeugdzorgregio’s.
De uitkomst is aldus dat JBB, WSS en LJ&R elk een iets ander tarief per maatregel ontvangen. Deze tarieven zijn wel volledig in lijn met de landelijke basistarieven en de onderwerpen in de handreiking. In Brabant kennen we sinds 2022 de regeling bijzondere pupilkosten. GI’s ontvangen een opslag op het tarief, zodat zij bepaalde kosten voor een (voogdij)pupil naar eigen inzicht zelf kunnen vergoeden. Dit draagt bij aan minder administratieve lasten voor de GI’s. De regeling bijzondere pupilkosten is eind 2023 geëvalueerd door de Brabantse jeugdzorgregio’s en GI’s. Alle partijen zijn positief over de uitwerking en uitvoering van de regeling. We worden hierin landelijk ook als voorbeeldregio gezien. Daarom wordt de regeling bijzondere pupilkosten gehandhaafd in 2024. Er wordt hiervoor een aparte opslag toegekend. In de landelijke basistarieven zijn geen pupilkosten opgenomen. De landelijke tarieven en bijbehorende afspraken zijn vastgelegd in addenda op de overeenkomsten jeugdbescherming en jeugdreclassering. Daar waar sprake is van specifiek Brabantse aanvullende afspraken, zijn deze per GI in separate aanvullende overeenkomsten vastgelegd.
Kosten en dekking De totale kosten jeugdbescherming en jeugdreclassering voor gemeenten komen met de invoering van de nieuwe tarieven 5 tot 10% hoger uit ten opzichte van 2023, als de vergelijking wordt gemaakt met zowel de structurele als incidentele kosten. De uiteindelijke kostenstijging is hierbij afhankelijk van het aantal ingezette maatregelen jeugdbescherming en jeugdreclassering per gemeente. In Hart van Brabant is in de begroting 2024 reeds rekening gehouden met een structurele post ter grootte van het aandeel van Hart van Brabant in de incidentele middelen die JBB in de afgelopen jaren heeft ontvangen. Hierdoor leiden de extra kosten voor de maatregelen die bij de GI's worden ondergebracht niet tot hogere uitgaven jeugdbescherming en jeugdreclassering in de begroting van 2024 en verder.
Rijk en gemeenten hebben de afspraak gemaakt dat zij beide structureel zullen bijdragen aan de extra kosten voortkomende uit de handreiking. Het verschil tussen de huidige tarieven en het nieuwe tarief bedraagt landelijk € 60 miljoen op jaarbasis. Het Rijk draagt hieraan vanaf 2024 structureel € 30 miljoen per jaar bij. Gemeenten betalen het resterende bedrag. Deze rijksbijdrage komt via het Gemeentefonds beschikbaar. In de meicirculaire 2024 wordt de rijksbijdrage kenbaar gemaakt en deze bedraagt naar verwachting: • €11.030 voor de gemeente Alphen-Chaam • €9.431 voor de gemeente Baarle-Nassau • €40.530 voor de gemeente Gilze en Rijen Het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming als wenkend perspectief Er wordt met het Toekomstscenario gewerkt aan een toekomstbestendig en eenvoudiger stelsel. Op dit moment krijgen kinderen en gezinnen niet altijd de hulp en ondersteuning die zij nodig hebben. Het Rijk wil de jeugdbescherming daarom vereenvoudigen en beter organiseren. Het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming biedt perspectief voor de langere termijn. Regio Hart van Brabant is één van de elf proeftuinen. De proeftuinen laten bemoedigende resultaten zien, maar brengen op de korte termijn nog geen verlichting voor de GI’s. Het landelijk tarief is een interventie voor de korte en middellange termijn die leidt tot een reële bekostiging van de GI’s.
Zo kunnen zij voldoende personeel werven en behouden om de meest kwetsbare kinderen en gezinnen te helpen. Uiteraard blijft dit wel een forse uitdaging in de krappe arbeidsmarkt. De vijf Brabantse jeugdzorgregio’s maken met de GI’s ook afspraken over hun inzet ten behoeve van het Toekomstscenario of andersoortige inzet in het vrijwillig kader. Voor de inzet van een jeugdbeschermer in het vrijwillig kader betalen zij het uurtarief dat in het landelijk kostprijsonderzoek is vastgesteld. Tot slot We hebben vertrouwen dat de landelijke tarieven de GI’s in staat stellen om de uitvoering van jeugdbescherming en jeugdreclassering voor kwetsbare gezinnen kwalitatief verder te verbeteren. Hiermee kan de werkdruk voor jeugdbeschermers verminderen en kunnen GI’s hun medewerkers ook inzetten voor het Toekomstscenario. Hoe dit in de praktijk gaat uitwerken, is de komende periode onderwerp van gesprek met de GI’s. 3. Procedureel Deze raadsinformatiebrief dient puur ter informatie over de huidige stand van zaken met betrekking tot de vaststelling van de landelijke tarieven voor de GI’s. Dit betekent dat er in principe geen vervolg komt. Uiteraard zullen wij de gemeenteraad blijven informeren over eventuele significante ontwikkelingen of wijzigingen aangaande dit onderwerp.