1.21 - Bijlage 4 - Reactie GGD WB op Ingekomen richtlijnen beleidsbegroting 2026
Tekst van het document
Reactie op ingekomen financiële en beleidsmatige richtlijnen begroting GGD West-Brabant 2026
maart 2025
In het onderstaande overzicht vindt u de door ons ontvangen financiële en beleidsmatige richtlijnen voor onze beleidsbegroting 2026, die uit de college- en raadsbehandelingen zijn gekomen. In de laatste kolom is aangegeven of én eventueel hoe dit binnen de GGD West-Brabant is toegepast.
Gemeente 1.
Alle 16 gemeenten
2.
Alle 16 gemeenten
3.
Alle 16 gemeenten
Richtlijnen Raad Beleidsmatige richtlijnen: De GGD geeft in kaders en Beleidsbegroting 2026 duidelijk weer met welke concrete plannen invulling gegeven gaat worden aan de in het beleidsplan 2023-2026 ‘Wij maken samen gezond gewoon’ opgenomen 4 ambities en laten ze hun 3 gezonde geluiden horen.
Antwoord GGD
Wij verwachten dat zij in samenspraak met de deelnemende gemeenten in 2026 een vervolg van het beleidsplan opstelt en presenteert. Gezien de afnemende financiële middelen in 2026 verwachten gemeenten beleidsmatige keuzes te moeten maken. Om deze keuzes gedegen voor te kunnen bereiden is meer gedetailleerd inzicht nodig in het aanbod en in de geleverde producten en kosten. Wij verwachten van de GGD dat zij deze informatie leveren.
Hieraan komen we tegemoet.
Hier voldoen we aan. De inhoudelijke beleidsbegroting is opgebouwd uit doelen en stappen op de 4 pijlers uit de Toekomstvisie ‘we maken samen gezond gewoon’.
De GGD West-Brabant stelt op basis van de wettelijke en aanvullende basistaken jaarlijks een begroting op, waarover we in de bestuursrapportage en de jaarstukken halfjaarlijks verantwoorden richting ons bestuur en de gemeenten. Het betreft een collectieve begroting voor de 16 gemeenten in de regio West-Brabant met ook een collectieve verantwoording. Daarnaast geven we per gemeente inzicht in de (half)jaarlijkse productiegegevens van onze GGD. Deze factsheets ontwikkelen we continu door. Om verder aan de behoefte vanuit de Verbonden Partijen tegemoet te komen stellen we voor om meer in detail inzicht te geven in en verantwoording te geven op de inzet van de GGD op de plusproducten per gemeente. Daarnaast zijn we te allen tijde bereid om met de raden in gesprek te gaan over ons werk in de uitvoering van de Publieke
1
Gezondheid voor de regio West-Brabant en voor een specifieke gemeente.
4.
Drimmelen
5.
Drimmelen
1.
Alle 16 gemeenten
2.
Alle 16 gemeenten
3.
Alle 16 gemeenten
Aanvullende inhoudelijke richtlijnen Wij verwachten van de GGD dat de toekomstige GGD-begrotingen prestatie-indicatoren bevatten.
Er wordt kritisch gekeken naar de uitvoering van het beleid en mogelijke bezuinigingsopties onder andere door het prioriteren van uitvoering. Financiële richtlijnen: We verwachten van het bestuur van de gemeenschappelijke regeling dat zij een structureel sluitende meerjarenbegroting, waarin vier jaar vooruit wordt gekeken, aanbiedt aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling vermeldt duidelijk de uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting voor het komende jaar. In de begroting voor het komende jaar neemt de gemeenschappelijke regeling ook een overzicht op met de bijdragen voor de komende vier jaar per deelnemer. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting opgenomen, behalve als dit eerder door het algemeen bestuur is besloten. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet,
Vanaf begroting 2025 zijn er nieuwe prestatie-indicatoren per ambitie vanuit ons meerjarenbeleidsplan opgenomen, welke we blijvend doorontwikkelen. Vanaf 2025 verantwoorden we hierop in de bestuursrapportage en de jaarverantwoording. Daarnaast geven we inzicht in onze productiecijfers aan de hand van de factsheets per gemeente. Er is in de beleidsbegroting 2026 een taakstelling van -4% opgenomen, gebaseerd op beleidsinhoudelijke keuzes.
Hieraan wordt voldaan.
In de beleidsbegroting 2026 is een taakstelling van -4% verwerkt.
Hieraan wordt voldaan. We hebben in 2024 een analyse op de reserves gedaan en het algemeen bestuur heeft de herijkte reserves in 2024 opnieuw vastgesteld.
2
4.
Alle 16 gemeenten
dan legt de gemeenschappelijke regeling de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de gemeenschappelijke regeling in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting voor het komende jaar stijgt maximaal met de geldende CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de prijsontwikkeling uit de meest recente circulaire. Voor het opstellen van zowel de kaderbrief als de begroting gebruikt de gemeenschappelijke regeling de dan meest recente circulaire voor zowel de loon- als de prijsindex. Hiervoor gebruiken we de meest recente ramingen zoals opgenomen in het Centraal Economisch Plan van het Centraal Plan Bureau. Voor de loonontwikkeling wordt hierbij ‘de index van de loonvoet sector overheid’ gevolgd en voor de prijsontwikkeling ‘de index van de netto materiele consumptie’. De verbonden partij geeft bij de kaderbrief en de begroting een specificatie weer van de verhouding lonen/prijzen in haar exploitatiebegroting.
Voor het opvangen van afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de werkelijke prijsontwikkeling houdt de verbonden partij een beperkte algemene reserve aan om de bedrijfsvoering in het lopende boekjaar te kunnen continueren zonder dat hiervoor een beroep moet worden gedaan op de deelnemers en een zienswijzenprocedure moet worden gevolgd. Uiteraard wijzigt de deelnemersbijdrage ook wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen.
Hieraan wordt voldaan. Wij proberen toekomstige loonkostenstijgingen ingegeven vanuit de CAO te absorberen binnen de toegekende indexatie voor onze lonen. In geval van substantiële afwijkingen en loonkosten ontwikkelingen leggen we dit voor aan het algemeen bestuur. We volgen hierbij de systematiek ‘trapje op-trapje af’ met onze gemeenten.
3
5.
Alle 16 gemeenten
6.
Alle 16 gemeenten
7.
Alle 16 gemeenten
a.
14 gemeenten, m.u.v. Geertruidenberg Altena
b.
Geertruidenberg
Een besluit van het algemeen bestuur van een verbonden partij tot instelling van een algemene reserve is goed gemotiveerd, onderbouwd en voorzien van bijbehorende spelregels. Op dit besluit van het algemeen bestuur wordt een zienswijzemogelijkheid geboden aan de deelnemende gemeenten bij de conceptbegroting(wijziging). De algemene reserve wordt aangevuld tot de maximale hoogte zoals vastgesteld door het algemeen bestuur. Voor het bepalen van de omvang van de (beperkte) algemene reserve kan het algemeen bestuur een advies vragen aan de accountant, maar de algemene reserve bedraagt niet meer dan 8% van de totale lasten in de begroting (uitgangspunt is en blijft dat de weerstandscapaciteit bij de deelnemers wordt aangehouden). Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het algemeen bestuur. Over een dergelijk voorstel besluit het algemeen bestuur. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de gemeenschappelijke regeling de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. Ook geeft de gemeenschappelijke regeling inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit.
Aanvullende financiële richtlijnen In verband met de verwachte neerwaartse bijstelling van het Gemeentefonds in 2026 beschrijft de gemeenschappelijke regeling in de kadernota en de begroting 2026 in hoeverre de bijdrage van de gemeente/deelnemers gelijk blijft aan of beperkt stijgt ten opzichte van de bijdrage voor 2025. Dit kan door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. De gemeente Geertruidenberg gaat enkel akkoord met de begrotingen 2026 van de Verbonden Partijen als daarin de nullijn voor 2026 wordt
Hieraan wordt voldaan.
Hieraan wordt voldaan. Het algemeen bestuur besluit over de bestemming van een positief jaarresultaat.
Hieraan wordt voldaan in de beleidsbegroting 2026.
Er is in de beleidsbegroting 2026 een taakstelling van -4% opgenomen, uitgewerkt in beleidsinhoudelijke keuzes.
Het algemeen bestuur heeft de GGD West-Brabant een taakstelling van 4% opgelegd t.o.v. de inwonersbijdrage 4
c.
Altena
gehanteerd, tenzij afwijking van die lijn noodzakelijk is om te kunnen voldoen aan wettelijk verplichte taken of door de gemeenteraad van Geertruidenberg vastgestelde beleidsdoelstellingen De gemeenteraad heeft het college van burgemeester en wethouders opgedragen, vanuit het perspectief dat de gemeenschappelijke regelingen de broekriem moeten aanhalen (motie 2 juli 2024, CU), alleen akkoord te gaan met conceptbegrotingen van de gemeenschappelijke regelingen voor 2026 als daarin slechts een inflatiecorrectie wordt nagestreefd, tenzij afwijking van die lijn noodzakelijk is om te kunnen voldoen aan wettelijk verplichte taken of door onze raad vastgestelde beleidsdoelstellingen.
van begroting 2024. Deze taakstelling is verwerkt in de beleidsbegroting 2026. Hieraan wordt voldaan. Het algemeen bestuur heeft de GGD West-Brabant een taakstelling van 4% opgelegd t.o.v. de inwonersbijdrage van begroting 2024. Deze taakstelling is verwerkt in de beleidsbegroting 2026.
5