SB24.04.07A RV Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL ZAAKNUMMER: 1003200 AGENDANUMMER: 07 Commissie Samenleving en Bestuur op 18 april 2024 Onderwerp: Bijlage(n): Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder
-3-
Vergadering van: 14 mei 2024
Agendanummer:
p.h.:
24.05.XX
JB
de raad van de gemeente Asten Samenvatting De heer L.J.M. van de Moosdijk, woonachtig te Someren, is in 2022 benoemd als wethouder in de gemeente Asten. De Gemeentewet (art. 36a) bepaalt dat een wethouder -net als een raadslid- ingezetene is van de gemeente. Na eerdere ontheffingen van deze verplichting in 2022 en 2023 wordt aan de raad voorgesteld deze ontheffing wederom met een jaar te verlengen. Beslispunten De raad besluit de heer L.J.M. van de Moosdijk voor de duur van één jaar ontheffing te verlenen van het woonplaatsvereiste als wethouder van de gemeente Asten. Inleiding De heer van de Moosdijk is sinds 17 mei 2022 wethouder in Asten. Zowel in 2022 als in 2023 heeft de raad hem voor de duur van een jaar ontheffing van het woonplaatsvereiste verleend. Artikel 36a van de Gemeentewet bepaalt in lid 3 dat de ontheffing in bijzondere gevallen, telkens met een periode van maximaal één jaar, kan worden verlengd. Wat willen we bereiken Met een nieuwe ontheffing van de verplichting om woonachtig te zijn in Asten kan het wethouderschap door de heer Van de Moosdijk worden voortgezet. De raad dient een gemotiveerd besluit te nemen en de individuele omstandigheden van de wethouder af te wegen tegen de wettelijke woonplaatsverplichting.
Wat gaan we daarvoor doen Doel van de woonplaatsverplichting is het waarborgen van de voeling en binding van de bestuurder met de lokale gemeenschap: kennen en gekend worden. Aan de raad wordt voorgesteld om op grond van de bijzondere omstandigheden zoals genoemd in bijgevoegde aanvraag te besluiten de ontheffing te verlenen. Mogelijke alternatieven Alternatief is het niet verlenen van een ontheffing. Zonder een ontheffing kan het wethouderschap niet langer worden vervuld. Risico’s Indien de ontheffing vanaf 17 mei 2024 niet wordt verlengd en de wethouder vervolgens ook niet aan de feitelijke woonverplichting voldoet dient hij op grond van artikel 47, 1e lid
van de Gemeentewet onmiddellijk ontslag uit de functie van wethouder te nemen. Laat hij dit na dan moet de gemeenteraad hem ontslag verlenen. Wat mag het kosten Het voorstel kent geen (directe) financiële consequenties. Wethouders hebben ten laste van de gemeente aanspraak op vergoeding van woon-werkverkeer. Bijlage(n) - raadsbesluit - aanvraag ontheffing woonplicht - Artikel 36a gemeentewet
1003252 1003202 1003251
RAADSBESLUIT Onderwerp:
Dagtekening:
Agendanummer:
Ontheffing woonplaatsvereiste wethouder
14 mei 2024
24.05.XX
De raad van de gemeente Asten; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 26 maart 2024 met zaaknummer 1003200; gehoord het advies van de commissie Samenleving en Bestuur van 18 april 2024; besluit: 1. de heer L.J.M. van de Moosdijk voor de duur van één jaar ontheffing te verlenen van het woonplaatsvereiste als wethouder van de gemeente Asten. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Asten van 14 mei 2024. De raad voornoemd, griffier, mr. M.B.W. van Erp-Sonnemans
voorzitter, A.A.H.C.M. van Extel-van Katwijk
3/3