CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

RU23.10.03E Bijlage bij de toelichting 3 - Quickscan flora en fauna

Raadscommissie Ruimte 10 oktober 2023, gemeente AstenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan ‘Asten Prins Bernhardstraat 1 2022’ (adviserend)3.866 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

erl Buro Ma L a n

d s c

h a p

,

l o E c o

g i e

&

ant

t e R u i m

l i j k e

O rd

e n i n

g

B M- R APPOR T 2021

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan J. va n Suijle kom, 29 se p te mb e r 2021

Inhoud Blz 1

Inleiding

3

1.1

Algemeen

3

1.2

Methode / doel

3

1.3

Beschrijving van het plangebied en de ingrepen

3

2

Wet- en regelgeving

4

2.1

Wet natuurbescherming

4

3

Bronnenonderzoek

8

3.1

Data uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF)

8

3.2

Gebiedsbescherming

8

4

Resultaten van het veldonderzoek

8

4.1

Algemeen

8

4.2

Beschermde soorten: resultaten en verwachting

8

5

Conclusie en advies

11

Conclusie

11

Advies

11

Literatuur

13

I m p re ss i e v a n h e t plangebied F oto ’s : B u ro M a e r l a n t 16-09-2021.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

2

1 Inleiding 1.1 Algemeen In het plangebied Prins Bernhardstraat 1 te Asten is men voornemens de aanwezige bebouwing te slopen voor de realisatie van nieuwbouw. Voor dit doel heeft Buro Maerlant een ecologische quickscan uitgevoerd. Het veldbezoek werd uitgevoerd op 16 september 2021.

1.2 Methode / doel De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek en de verslaglegging daarvan. Tijdens het veldonderzoek is het plangebied onderzocht op de aanwezigheid van diersporen zoals uitwerpselen, krab- en graafsporen, en is de vegetatie bekeken. Tevens zijn waarnemingen van aanwezige diersoorten gedaan. Op basis van expert-judgement is een inschatting gemaakt van het mogelijke voorkomen van beschermde soorten. Dit is afgewogen tegen de toekomstige ontwikkelingen. Doel van het onderzoek is een goed onderbouwde inschatting te geven, zodat kan worden gehandeld conform de Wet natuurbescherming.

1.3 Beschrijving van het plangebied en de ingrepen Het plangebied Prins Bernhardstraat 1 (vanaf nu ‘het plangebied’) is gelegen in het centrum van Asten en omvat een aantal winkelpanden met een bovenwoning, deels met een laagbouw uitbouw aan de achterzijde en een licht verruigde binnenplaats (figuur 1). Men is voornemens 9 appartementen te realiseren met op de begane grond winkelruimten. De bebouwing wordt voor dit doel gesloopt. Fi guur 1 S i t ueri ng v an het pl angebi ed i n rood B ron l ucht f ot o: Googl e.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

3

Wet- en regelgeving 2.1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de nieuwe Wet natuurbescherming in werking getreden. Deze wet vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. De Europese Habitatrichtlijn en de Vogelrichtlijn zijn in deze wet geïmplementeerd. Bevoegdheden inzake ontheffingen en vrijstellingen komen met deze wet te liggen bij de provincie. In sommige situaties is het Rijk bevoegd gezag. Soortbescherming: drie beschermingsregimes De Wet natuurbescherming kent inzake soortbescherming drie aparte beschermingsregimes: voor soorten van de Vogelrichtlijn, van de Habitatrichtlijn inclusief het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn en voor andere nationaal beschermde soorten. Per beschermingsregime gelden aparte verbodsbepalingen en bijbehorende vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden (zie onderstaande tabel).

Ta b e l 1 Ver bo d s b e p a l i n g e n Wet n a t u u r b e sc h e r m i n g . B ron: b ro c h u re so o r t b es ch er m i n g b i j r u i m t e l i j ke ingrep e n , M i n i st e r i e v an Ec o n o m i sc h e Z a k e n.

Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime andere

Vogelrichtlijn § 3.1 Wn

Habitatrichtlijn § 3.2 Wn

soorten § 3.3 Wn

Art 3.1 lid 1

Art 3.5 lid 1

Art 3.10 lid 1a

Het is verboden in het wild

Het is verboden soorten in hun

Het is verboden soorten opzettelijk

levende vogels opzettelijk te

natuurlijke verspreidingsgebied

te doden of te vangen

doden of te vangen.

opzettelijk te doden of te vangen

Art 3.1 lid 2

Art 3.5 lid 4

Art 3.10 lid 1b

Het is verboden opzettelijk

Het is verboden de voortplan-

Het is verboden de vaste voort-

nesten, rustplaatsen en eieren

tingsplaatsen of rustplaatsen

plantingsplaatsen of rustplaatsen

van vogels te vernielen of te

van dieren te beschadigen of te

van dieren opzettelijk te beschadi-

beschadigen, of nesten van

vernielen

gen of te vernielen

Art 3.1 lid 3

Art 3.5 lid 3

Niet van toepassing

Het is verboden eieren te

Het is verboden eieren van

rapen en deze onder zich te

dieren in de natuur opzettelijk te

hebben

vernielen of te rapen

Art 3.1 lid 4 en lid 5

Art 3.5 lid 2

Het is verboden vogels op-

Het is verboden dieren opzette-

zettelijk te verstoren, tenzij de

lijk te verstoren

vogels weg te nemen

Niet van toepassing

verstoring niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort Niet van toepassing

Art 3.5 lid 5

Art 3.10 lid 1c

Het is verboden plantensoorten

Het is verboden plantensoorten in

in hun natuurlijke verspreidings-

hun natuurlijke verspreidingsgebied

gebied opzettelijk te plukken en

opzettelijk te plukken en te ver-

te verzamelen, af te snijden, te

zamelen, af te snijden, te ontworte-

ontwortelen of te vernielen

len of te vernielen

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

4

Ontheffing en vrijstelling Op basis van een ontheffing of een vrijstelling is overtreding van de verbodsbepalingen in principe mogelijk. Aangetoond dient te worden dat er sprake is van geen andere bevredigende oplossing (alternatief), er sprake is van een door de wet genoemd belang (bijvoorbeeld volksgezondheid of openbare veiligheid) en de ingreep geen afbreuk doet aan de gunstige instandhouding van de soort. Nieuw in de wet is dat voor alle soorten de mogelijkheid wordt geboden te werken volgens een goedgekeurde gedragscode. Indien aan bovenstaand wordt voldaan geldt een vrijstelling als aantoonbaar wordt gewerkt volgens een goedgekeurde gedragscode. De verbodsbepalingen zijn gericht op het individu, echter wordt bij de beoordeling of kan worden afgeweken van de bepalingen gekeken naar de gunstige instandhouding van de soort. De zorgplicht blijft in de Wet natuurbescherming evenwel van toepassing, óók voor niet beschermde soorten, dit houdt in dat iedereen voldoende zorg in acht neemt voor alle planten en dieren en de leefomgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld, echter kan hierop door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd. Jaarronde bescherming vogels Nesten van vogels zijn doorgaans alleen beschermd tijdens het broedseizoen.

Van een beperkt aantal vogelsoorten zijn nesten ook in de niewe wet buiten het broedseizoen en dus jaarrond beschermd (zie tabel 2). Categorie

Omschrijving Jaarrond beschermde nesten

Ta b e l 2 B e sc h e r m i n g sc a tegori e ë n n e s t e n , w a a rop d e v e r b o d sb e p a l i ngen v a n a r t i k e l 3 . 1 en 3. 5 W n b v a n t o e p a s s i n g z i j n : J a a r ro n d (1 t/ m 4 ) o f t i j d e n s h e t b ro e d se i z o e n ( c a t eg o r i e 5 ).

1

Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats (voorbeeld: steenuil).

2

Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk zijn van bebouwing of biotoop. De fysiekke voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: roek, gierzwaluw en huismus).

3

Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: ooievaar, kerkuil en slechtvalk).

4

Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen (voorbeeld: boomvalk, buizerd en ransuil). Niet jaarond beschermde nesten Let op: onderbouwing en eventueel nader onderzoek echter gewenst. Indien sprake is van zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden, zijn ook deze nesten beschermd.

5

Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen (voorbeeld: boerenzwaluw, ekster, groene specht en spreeuw.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

5

Van alle categorieën vogels in hierboven genoemde tabel is het belangrijk aan- of afwezigheid van nesten / territoria aan te tonen en sprake is van een mogelijk effect. Via een omgevingscheck en eventueel nader onderzoek is dit mogelijk. Voor categorie 5 - soorten is een potentie inschatting doorgaans voldoende. Gebiedsbescherming In de Wet natuurbescherming is gebiedsbescherming op vergelijkbare wijze geregeld als de voormalige Natuurbeschermingswet 1998. Ook in de Wet natuurbescherming wet beoogt men bescherming van gebieden die nationaal en internationaal van belang zijn. Het betreft de bescherming van gebieden op Nederlands grondgebied die vanuit de Europese Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn zijn aangewezen. Gezamenlijk vormen deze gebieden een Europees netwerk: Natura 2000. De status van beschermde natuurmonumenten is bij de inwerkingtreding van de nieuwe wet komen te vervallen. Het merendeel van de voormalig beschermde gebieden maken onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederland en zijn op deze wijze beschermd. Ingrepen en effecten In de Wet natuurbescherming is bepaald, dat handelingen of projecten die mogelijk schadelijk invloed hebben op Natura 2000-gebieden vergunningsplichtig zijn. Door middel van toetsing wordt bepaald of sprake is van effecten,en zo ja in welke mate dit is. Toetsing vindt plaats in drie fasen:

» » orientatiefase of voortoets; » » verstorings- en verslechteringstoets (bij mogelijke negatieve, maar géén significant negatieve effecten);

» » passende beoordeling (kans op significant negatieve effecten). Als uit de verstorings- en verslechteringstoets blijkt, dat sprake is van mogelijk negatieve effecten dient in een aanvullende toetsing een effectbeoordeling plaats te vinden en is een vergunning nodig. Het bevoegd gezag (de provincie en in sommige situaties het Ministerie) verleent een vergunning onder strikte voorwaarden, waarbij met voldoende mitigerende en compenserende maatregelen de instandhoudingsdoelstellingen zijn gewaarborgd.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

6

3 Bronnenonderzoek 3.1 Data uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) Voor het onderzoek zijn de gegevens uit de NDFF middels quickscanhulp opgevraagd. Het betreft waarnemingen van beschermde soorten krachtens de Wet natuurbescherming binnen een straal van 0 tot 5 km ten opzichte van het plangebied. Dit is exclusief algemene beschermde soorten waarvoor bij ruimtelijke ingrepen een provinciale vrijstelling geldt. De gegevens zijn in de onderstaande tabel weergegeven (tabel 4). Tab e l 4 Dat a u i t d e N D F F : w aa r n e m i n g e n s t r i kter b e sc h e r m de s o o r t e n i n d e om g e v i n g v a n h e t pla n g e b i e d . © ND F F - q u i c k s c a nhu l p . n l d . d . 2 9 - 0 9 202 1 .

Naam grote vos teunisbloempijlstaart Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Grote Gele Kwikstaart Havik Huismus Ooievaar Roek Slechtvalk Sperwer Steenuil Das Eekhoorn Gewone dwergvleermuis Gewone grootoorvleermuis Watervleermuis Kamsalamander Poelkikker grote weerschijnvlinder iepenpage kleine ijsvogelvlinder Vermiljoenkever Bosbeekjuffer Hazelworm Levendbarende hagedis Kluwenklokje Grote modderkruiper Kerkuil Ransuil Wespendief Zwarte Wouw Bever Bunzing Damhert Gewone/Kleine dwergvleermuis Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis Laatvlieger Steenmarter Waterspitsmuis Wezel

Groep Dagvlinders Nachtvlinders Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Amfibieën Amfibieën Dagvlinders Dagvlinders Dagvlinders Geleedpotigen Libellen Reptielen Reptielen Vaatplanten Vissen Vogels Vogels Vogels Vogels Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren

Afstand 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km

Bij de uitwerking van de resultaten van het veldonderzoek (zie hier onder) wordt een verwachting uitgesproken in hoeverre deze beschermde soorten ín het plangebied aanwezig kunnen zijn en in hoeverre effecten zijn te verwachten.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

7

3.2 Gebiedsbescherming Het plangebied is niet direct nabij Natura 2000-gebieden gelegen. Deze gebieden bevinden zich op afstand van ruim 5 kilometer of meer ten opzichte van het plangebied. Effecten zijn op deze afstand grotendeels uit te sluiten doordat sprake is van lokatie gebonden activiteiten. Emissie van stikstof kán op grotere afstand een aandachtspunt zijn. Stikstofgevoelige habitas binnen de Natura 2000- gebieden bevinden zich eveneens op deze afstand ten opzichte van het plangebied. Conform het recentelijk vastgestelde Besluit stikstofreductie en natuurverbetering (juli 2021) is de bouw - aanlegfase, inclusief de sloop, inzake stikstof niet meer vergunningsplichtig. De gebruiksfase is echter niet vrijgsteld in de nieuwe wet. Nieuwbouw wordt conform de huidige regels gasloos uitgevoerd, zodat voor de gebruiksfase alleen gemotioriseerd verkeer relevant is. Een verkeersgeneratie van 2000 bewegingen licht verkeer en 200 middelzwaar vrachtverkeer (winkels) per etmaal en een stikstofuitstoot van circa 110 kg op jaarbasis levert in Aerius (d.d. 29-09-2021) nog geen depositie op naar stikstofgevoelige habitats op deze afstand. De verkeersgeneratie zal met zekerheid aanmerkelijk lager zijn. Het aspect stikstof vormt naar verwachting geen belemmering. Indien een stikstofberekening benodigd is, zal dit kunnen worden aangetoond.

Zones productiebos aan de rand van Asten op een afstand van circa 800 meter ten opzichte van het plangebied maken onderdeel uit van het dichtstbijgelegen Natuurnetwerk Nederland (of NNN). Dit is ruim buiten de invloedssfeer van het plan. Effecten op het Natuurnetwerk zijn redelijkerwijs uit te sluiten.

4 Resultaten van het veldonderzoek 4.1 Algemeen Het veldonderzoek werd uitgevoerd in de middag van 16 september 2021. Er was sprake van de volgende weersomstandigheden: half/ licht bewolkt, enige wind, en een temperatuur van circa 20 °C. Biotopen In het plangebied waren de volgende biotopen aanwezig:

» » Bebouwing van diverse aard en ouderdom. De bebouwing was opgetrokken uit baksteen met deels een pannedak en deels platte daken. Muren van één pand waren voorzien van een spouw met open stootvoegen. Een recentere aanbouw vertoonde een strakke afwerking.

» » Verharde binnenplaats met opslag van relatief jongen bomen (onder meer de gewone esdoorn en de robinia) en lichte verruiging met algemene grassen (onder meer het rood zwenkgras), de grote brandnetel en canadese fijnstraal tussen scheuren.

» » Openbaar groen bestaande uit strakke blokhagen en een perk met een lage bodembedekker.

» » Verhardingen overig. In de omgeving zijn de volgende biotopen aanwezig:

» » Winkelcentrum met diverse bebouwing en spaarzaam aanwezig openbaar groen Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

8

4.2 Beschermde soorten: resultaten en verwachting Planten In de omgeving van het plangebied ontbreken waarnemingen van beschermde vaatplanten binnen een straal van 5 km (zie data NDFF in tabel 4). In het plangebied zijn geen beschermde planten aangetroffen, en kon het mogelijke voorkomen op basis van het habitat op voorhand worden uitgesloten. Het plangebied was op enkele plekken op de binnenplaats na volledig verhard. Beschermde muurplanten werden niet aangetrofffen in het plangebied. Muren waren gaaf en onbegroeid. Op basis van het aangetroffen habitat kan de aanwezigheid van beschermde vaatplanten worden uitgesloten. Zoogdieren algemeen In de nabijheid van het plangebied zijn de eekhoorn, de das, de wolf, de bever en diverse kleinere marters aangetroffen, waaronder de steenmarter. In het plangebied ontbrak voor de meeste soorten op voorhand geschikte biotoop door de ligging in een sterk bebouwde omgeving en deze op enkele plekken na was verhard. De eekhoorn en de steenmarter kunnen in de ruimere omgeving worden verwacht. Onder meer door de aanwezigheid van een park. Het plangebied zelf was voor beide soorten ongeschikt. De bebouwing was ontoegankelijk voor grondgebonden zoogdieren en in het bijzonder de steenmarter. De binnenplaats had voor de eekhoorn niets te bieden. Sporen van grondgebonden zoogdieren werden niet aangetroffen.

De aanwezigheid van strikt beschermde grondgebonden zoogdieren kan op basis van deze habitatscan redelijkerwijs worden uitgesloten. Vleermuizen Verblijfplaatsen In de omgeving van het plangebied zijn diverse soorten vleermuizen waargenomen, waaronder de gewone dwergvleermuis en de laatvlieger in de nabije omgeving. De meeste soorten zijn in meer of mindere mate gebouwbewonend. De rosse vleermuis prefereert doorgaans bomen. In het en/of nabij plangebied stonden geen voor vleermuizen geschikte bomen (met holten of andere toegankelijke delen). De bebouwing is echter beoordeeld als gedeeltelijk toegankelijk en geschikt voor vleermuizen. Het betreft het pannendak van een bovenwoning en een gevel met een spouw met open stootvoegen. De bebouwing, kan functie hebben als kraamverblijf, zomerverblijf, paarverblijf en mogelijk als winterverblijf voor kleinere aantallen dieren. Als massawinterverblijf is de bebouwing ongeschikt, daar deze zich bevinden in grotere gebouwen met voldoende volume en bufferwaarde. Voorafgaand aan de ingrepen aan de bebouwing is nader onderzoek nodig om zekerheid te krijgen over de aan- of afwezigheid van vleermuizen en welke functies aanwezig zijn. Doordat moderne gebouwen vrij eenvoudig geschikt gemaakt kunnen worden voor vleermuizen, kan worden gesteld dat op voorhand afdoende mogelijkheden te creëren zijn in de nieuwe situatie.

Foerageergebied en vliegroutes Het plangebied heeft door de aanwezigheid van de bebouwing zelf en aanwezige, zij het

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

9

spaarzame, beplantingen op de binnenplaats enige potentie als foerageergebied. Door het geringe oppervlak geschikt foerageergebied in relatie tot overig foerageergebied in de omgeving, kan op voorhand worden gesteld dat geen sprake is van essentieel foerageergebied. Elementen die een belangrijke functie kunnen hebben als vliegroute ontbraken in de omgeving van het plangebied. In deze bebouwde context vliegen vleermuizen meer diffuus, ook over de bebouwing heen zonder dat een vast patroon wordt gevolgd. Negatieve effecten op de navigeer- en foerageermogelijkheden van vleermuizen zijn redelijkerwijs uit te sluiten. Vogels Algemeen In het plangebied werden tijdens het veldbezoek geen vogels aangetroffen. In zowel de bebouwing zelf (pannendak) als de beplantingen rondom de bebouwing kunnen echter diverse vogels tot broeden komen. Door met de ingrepen rekening te houden met broedende vogels worden effecten eenvoudig voorkomen. Jaarrond beschermde soorten De bebouwing is beoordeeld als potentieel geschikt voor de huismus. Het betreft het pannendak. In het plangebied zelf en de ruime omgeving werden geen huismussen gezien of gehoord. Vrij waarschijnlijk komt de huismus niet voor in het plangebied. In de periode april - medio juni kan de aan- of afwezigheid van de huismus met zekerheid worden aangetoond.

Het pannendak is daarnaast op dezelfde plekken (kieren tussen pannen op grotere hoogte) potentieel geschikt voor de gierzwaluw. In de periode 1 juni - 15 juli kan de aan- of afwezigheid worden vastgesteld. In het plangebied zijn geen sporen aangetroffen van uilen. De bebouwing was ongeschikt voor uilen. De aanwezigheid van nesten van uilen kan op basis van deze habitatscan redelijkerwijs worden uitgesloten. In of direct nabij het plangebied zijn geen sporen (of potenties) aangetroffen van roofvogels. De aanwezigheid van nesten van roofvogels binnen de invloedssfeer van de ingrepen kan worden uitgesloten. Insecten In de omgeving van het plangebied zijn de kleine ijsvogelvlinder en de teunisbloempijlstaart aangetroffen. In het plangebied ontbraken potenties door de afwezigheid van specifieke waardplanten. Overige soortgroepen Voor de overige door de Wet natuurbescherming strikter beschermde soortgroepen ontbreekt geschikt leefgebied in het plangebied temeer doordat open water ontbreekt en het plangebied grotendeels was verhard. Effecten zijn ook niet aan de orde.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

10

5 Conclusie en advies Conclusie Soorten In het plangebied of binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden, zijn de volgende potentiële natuurwaarden aangetroffen waar rekening mee gehouden dient te worden:

» » Kans op de aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen in de te slopen bebouwing; » » Kans op de aanwezigheid van nesten van de huismus en de gierzwaluw in de te slopen bebouwing;

» » Algemene broedvogels (niet jaarrond beschermd). Effecten Doordat de werkzaamheden op het land plaatsvinden, beperkt van aard zijn, en preventief afdoende maatregelen kunnen worden getroffen, zijn over het algemeen géén negatieve effecten op strikter beschermde soorten te verwachten. Echter, is het noodzakelijk nader onderzoek naar vleermuizen, de huismus en de gierzwaluw uit te voeren om actueel gebruik van de bebouwing vast te kunnen stellen voorafgaand aan de sloop. Na uitvoer van het onderzoek kunnen, indien noodzakelijk, gepaste maatregelen worden getroffen. Beschermde gebieden Het plangebied ligt niet in beschermde gebieden krachtens Natura 2000, EHS / de Provinciale Verordening. Er is voldoende aannemelijk gemaakt, dat effecten van de plannen op beschermde gebieden in de ruimere omgeving uit te sluiten zijn.

Advies Nader onderzoek en preventieve maatregelen zijn benodigd conform onderstaand advies. Vleermuizen Aanbevolen wordt voorafgaand aan de sloop nader onderzoek uit te voeren naar vleermuizen conform het vleermuizenprotocol. Het onderzoek dient volgens het huidige protocol (versie 2021) te bestaan uit drie bezoeken in midden mei tot midden juli, waarvan minimaal één bezoek in juni, en twee bezoeken in de periode midden augustus tot 1 oktober, allen met een onderlinge tussenpoos van minimaal 20 dagen. Huismus Aanbevolen wordt nader onderzoek uit te voeren naar de huismus. In de periode 1 april - midden juni zijn hiervoor twee (ochtend)bezoeken nodig. Gierzwaluw Aanbevolen wordt nader onderzoek uit te voeren naar de gierzwaluw conform het kennisdocument Gierzwaluw van BIJ12: 3 bezoeken in de periode 1 juni - 15 juli.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

11

Aanpak vogels algemeen Doordat de kans bestaat dat broedende vogels in of nabij de te slopen bebouwing aanwezig kunnen zijn, wordt aanbevolen de sloop uit te voeren buiten het broedseizoen (ná half juli en vóór half maart). Indien een ter zake deskundige heeft vastgesteld, dat geen in gebruik zijnde nesten aanwezig zijn, is het ook mogelijk binnen deze periode te werken. Het verstoren van broedende vogels is conform de Wet natuurbescherming niet toegestaan.

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

12

Literatuur Broekhuizen, S., B. Hoekstra, V. van Laar, C. Smeenk, en J.B.M. Thissen, 1992. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. KNNV Uitgeverij, Utrecht. Diepenbeek, A. van, 1999. Veldgids Diersporen (tweede druk, 2003). KNNV Uitgeverij, Utrecht. Meijden, R. van der, 2005. Heukel’s flora van Nederland. Wolters-Noordhoff, Groningen.

Internet » » Google maps » » http://www.natuurindegemeente.nl/aandeslagmetdenatuurwet/wp-content/uploads/2016/12/Soortenbescherming_bij_ruimtelijke_ingrepen_1.3_15122016.pdf

» » https://calculator.aerius.nl/ » » https://kaartbank.brabant.nl/viewer/app/natuurbeheerplan » » https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/googlemapszoek2.aspx » » www.nederlandsesoorten.nl

Buro Maerlant Dorpsstraat 17 4271 AA Dussen T 085 877 86 85 E info@BuroMaerlant.nl I www.BuroMaerlant.nl KvK 69667705

Asten Prins Bernhardstraat 1 Ecologische quickscan

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=e918a7d8-ac72-4242-bd04-0745181d6080