RU21.09.10 DDD Aanvraag impulsregeling Klimaatadaptatie Brabantse Peel.pdf
Tekst van het document
Indieningsformat Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptatie 2021-2027
Dit format wordt gebruikt om een rijksbijdrage aan te vragen voor de Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 16 oktober 2020, nr. IENW/BSK-2020/195119, houdende vaststelling van een tijdelijke regeling voor versnelling van maatregelen ten behoeve van klimaatadaptatie 20212027 (Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021-2027). De ingevulde en ondertekende aanvraag kunt u sturen naar lmpulsregelingKA@rws.nl
1. Totstandkoming 1.1 Ten behoeve van welke werkregio wordt dit voorstel ingediend? Werkregio Brabantse Peel
1,2 Welke partij fungeert als kassier en aanvrager en ontvangt daarmee de beschikking vanuit het Rijk (NB dit moet een gemeente of provincie uit de werkregio zijn)?
Gemeente/Provincie: Helmond Postadres: Binnen parallelweg 44 Bankrekeningnummer: NL85 BNGH 02850 03739 Contactpersoon bij de kassier (indien anders dan 1,3):
1.3 Wat zijn de contactgegevens van de contactpersoon?
Naam contactpersoon: Isabella de Bok E-mailadres: i.de.bok@helmond.nl Telefoonnummer: + 31 6 28384234 Organisatie: Helmond
1.4 Wat is de adaptatie opgave? Welke prioriteiten kwamen naar voren uit de stresstesten en risicodialogen? Welke aanpak en maatregelen zijn prioritair in de uitvoeringsagenda?
Alle Peelgemeenten hebben in 2019 stresstesten en in 2020 risicodialogen uitgevoerd om de effecten van klimaatverandering in kaart te brengen, kwetsbare locaties te benoemen en te komen tot een handelingsperspectief. Niet alleen van gemeenten en waterschap, maar ook van andere stakeholders die een rol spelen bij het verbeteren van onze leefomgeving. Denk daarbij aan inwoners, bedrijven en instellingen. Deze gezamenlijke inzet moet stapsgewijs gaan leiden tot een klimaatbestendige Peelregio, waar het prettig is om te wonen, te werken en te recreëren. De vier klimaatthema's wateroverlast, droogte, hitte en overstroming staan hierbij centraal.
Wateroverlast De kwetsbaarheden voor wateroverlast verschillen per gemeente. Algemeen beeld is dat elke gemeente uitdagingen heeft om wateroverlast bij extreme buien te beperken. De extreme neerslag in 2016 in de gemeenten Asten, Deurne en Someren en in 2019 in de gemeenten Gemert-Bakel en Helmond geven een duidelijk beeld van de kwetsbare locaties. Bij de theoretische stresstesten wordt het beeld van de "praktijkstresstest" onderschreven.
Hitte In alle gemeenten is hittestress vooral aanwezig op de grote bedrijfsterreinen en in de veelal sterk versteende centrumgebieden. Aangezien de centrumgebieden ook verblijfsgebieden zijn, ligt hierop de focus als het gaat om beperking van hittestress.
Droogte Droogte is voornamelijk een probleem in het landelijk gebied. Natuurgebieden en landbouw hebben te lijden onder de verlaging van de grondwaterspiegel en lange perioden van droogte. Overstroming Overstroming is een probleem in gebieden waar rivieren niet de mogelijkheid hebben om de grote hoeveelheid neerslag die valt af te voeren. De Peelregio is een gebied helemaal bovenstrooms in het watersysteem. De beken en lopen zijn over het algemeen klein en gevoelig voor extreme neerslag. Overstroming is dus vooral een gevolg van lokale hevige neerslag en niet van piekafvoeren van elders. Overstromingen in onze regio gaan dan altijd gepaard met wateroverlast.
1.5 Er zijn enkele randvoorwaarden om in aanmerking te kunnen komen voor een bijdrage uit de impulsregeling klimaatadaptatie. Hieronder kunt u aangeven of deze aanvraag aan de voorwaarden voldoet. Indien één of meerdere vragen met "Nee" beantwoord is, voldoet de aanvraag niet aan de voorwaarden en wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.
Voorwaarden
1.
2.
3.
4.
Alle voorgestelde maatregelen zijn gebaseerd op stresstesten en risicodialogen en terug te vinden in de klimaatadaptatie uitvoeringsagenda's van de betrokken overheden.____________________________________ De rijksbijdrage is nodig om adaptatiemaatregelen te versnellen. Versnellen kan gedaan worden door maatregelen in de tijd naar voren te halen, al geplande maatregelen uit te breiden om daarmee het effect te vergroten of nieuwe maatregelen op te pakken die wegens gebrek aan middelen tot het moment van aanvragen niet geprogrammeerd konden worden._____ De kosten voor de opgevoerde maatregelen betreffen alleen kosten voor de realisatiefase (niet voor de voorbereidings- of onderzoeksfase).________________ De rijksbijdrage betreft alleen de (extra) kosten voor klimaatadaptatie maatregelen ter bestrijding van wateroverlast, droogte of gevolgenbeperking overstromingen. Bij bijvoorbeeld herstructurering van openbare ruimte, waarbij tevens klimaatadaptatie maatregelen worden getroffen, worden alleen de kosten
Voldoen het maatregelenpakket en het bijbehorende investeringsvoorstel aan de beschreven voorwaarde? (doorhalen wat niet van toepassing is)
Ja
Ja
Ja
Ja
van klimaatadaptatiemaatregelen opgenomen. Secundair mogen deze maatregelen natuurlijk bijdragen aan het oplossen van andere klimaatstressen (zoals hitte)._______ 5. Alle voorgestelde maatregelen zijn haalbaar en uitgevoerd voor 31 december 2027.___________________________ 6. De aangevraagde bijdrage wordt ingezet voor klimaatadaptatie maatregelen, het wordt niet ingezet voor regulier of achterstallig onderhoud (klimaatadaptatiemaatregelen kunnen uiteraard wel mee gekoppeld worden met onderhoudsprojecten)._________ 7. Er wordt minimaal 67% cofinanciering ingezet door de werkregio.______________________________________ 8. De cofinanciering bestaat niet uit andere rijksmiddelen (bijvoorbeeld Deltaprogramma Zoetwater of Deltaprogramma Hoogwaterveiligheid)._______________ 9. Het voorstel kan rekenen op bestuurlijk draagvlak en heeft commitment van tenminste twee bestuurslagen (gemeenten, provincie, waterschappen)_______________ 10. De voorgestelde maatregelen worden getroffen door overheden vanuit hun waterbeheertaken in de openbare ruimte. Waterschappen mogen ook op privaat terrein maatregelen uitvoeren, zolang het de eigen waterbeheertaken betreft en het algemeen belang gediend wordt.__________________________________ 11.
De werkregio werkt mee met kennisdeling over behaalde resultaten en opgedane ervaring (bijvoorbeeld via het kennisprogramma klimaatadaptatie of de jaarlijkse monitoring van het Deltaprogramma).
2.
Ja Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Maatregelenpakket en investeringsvoorstel
Hieronder volgen een aantal vragen over het maatregelpakket en de financiering daarvan.
2.1 Hoeveel rijksbijdrage wordt gevraagd (tot maximaal totaal beschikbare bedrag per werkregio)?
Met dit voorstel wordt € 1.293.393,49 (inclusief BTW) aangevraagd. De werkregio financiert zelf € 3.486.356,98 (inclusief BTW). Voor de werkregio is via de verdeelsleutel totaal € 2.651.000 beschikbaar. Het resterende bedrag voor latere aanvragen is daarmee € 1.357.606,51 (incl BTW).
2.2 Welk deel van de kosten van de klimaatadaptatie maatregelen betreft compensabele BTW? Het Ministerie van lenW keert een nettobedrag uit aan de aanvrager en stort de BTW (procentueel overeenkomend met het BTW aandeel van kosten van de maatregelen) in het BTW compensatiefonds. Daar kunnen provincies en gemeenten de compensabele BTW terug vragen. Zie bijlage 3 voor een extra toelichting op de BTW.
De BTW over het totale bedrag is € 829.543,47. De rijksbijdrage van € 1.293.393,49 bestaat uit een netto component van € 1.068.920,24 en een BTW component van € 224.473,25. De netto component wordt direct overgemaakt aan de kassier.
In Bijlage 1 dient u de projecten waar de klimaatmaatregelen genomen worden toe te lichten. De tabel in Bijlage 2 dient een overzicht te geven van het totale pakket aan maatregelen. Geef in de tabel
aan welke type uitvoeringsmaatregelen (zie bijlage 4 voor voorbeelden) er worden voorgesteld en wanneer deze zijn afgerond. Hoe is de financiering van het maatregelenpakket opgebouwd? Welke
organisatie draagt hoe veel bij aan het maatregelenpakket?
2.3 Hoe heeft u beoordeeld dat deze maatregelen kosten effectiever zijn dan andere te kiezen
maatregelen om de klimaatstress te verminderen? Iedere locatie is uniek en heeft zijn eigen problemen en kent ook zijn eigen oplossingsrichtingen. Bij het zoeken naar de juiste oplossing wordt gezocht naar goede klimaatadaptatieve maatregelen tegen betaalbare kosten. Binnen de interne organisaties wordt gekeken waar kansen liggen, zodat we zoveel mogelijk werk met werk kunnen maken en zoveel mogelijk meekoppel kansen benutten. Dat zijn namelijk de belangrijkste factoren die een maatregel kosteneffectief maken. Adviesbureaus ondersteunen bij de uitwerking van de maatregelen en adviseren daarbij om maatregelen nog effectiever te laten zijn, zowel kostentechnisch als klimaatadaptief.
2.4 Welke versnelling of extra adaptatiemaatregelen kunnen ten opzichte van de uitvoeringsagenda ontplooid worden door deze regeling? Probeer dit zo veel mogelijk te kwantificeren.
Middels de impulsregeling worden diverse project versneld en/of uitgebreid. In bijlage 1 worden de projecten omschreven, waarbij ook ingegaan wordt op de versnelling en/of uitbreiding en in bijlage 2 is dit waar mogelijk gekwantificeerd. Samengevat komt dit op het volgende neer: •
•
• • •
De Voorste Heusden wordt uitgebreid met de Patrijsweg. Hierdoor wordt tevens gekozen voor een meer klimaatadaptieve maatregel. Ook wordt het project versneld, doordat de maatregel niet meer afhankelijk is van de herinrichting van het Vorstermansplein; Bij de Reconstructie Jan van Amstelstraat en Borretstraat wordt met de extra financiële impuls actief gezocht naar ruimte voor waterberging en infiltratie in het projectgebied en/of de directe omgeving; In de straat Dennerode in de wijk Rijpelberg wordt middels de impulsgelden 1000m3 extra waterberging aangelegd; In de wijk Koolhof wordt 480m3 extra waterberging aangelegd; In het laag gelegen voomalig beekdal in Someren wordt de Pasakker en De Weerden toegevoegd om ook klimaatadaptief in te richten.
3.
Uitvoering
3.1 Hoe wordt door de werkregio gestuurd over de uitvoering van de maatregelen in dit pakket en eventuele wijzigingen? Hoe wordt binnen de werkregio besloten over eventuele veranderingen binnen het maatregelenpakket? In de werkregio wordt vooralsnog gestuurd over de uitvoering van de maatregelen in dit pakket, inclusief eventuele wijzigingen conform de in mei 2013 opgestarte samenwerkingsovereenkomst Doelmatig Waterbeheer Brabantse Peel. Vanaf dat moment werken de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Helmond, Laarbeek en Someren en waterschap Aa en Maas samen. Sinds 2017 is ook Brabant Water aangehaakt binnen de samenwerking. De zes Peelgemeenten en waterschap Aa en Maas werken op het gebied van klimaatadaptatie ook samen binnen het Intergemeentelijk Afstemmingsoverleg (IGA)
Beide samenwerkingsverbanden signaleren dat de uitdagingen van klimaatadaptatie vragen om een slagvaardige governance en dat de bestaande structuren daarvoor onvoldoende zijn toegerust. Gezamenlijk met de VNG zijn zij op zoek naar een slagvaardige governance structuur en het helder beleggen van de taken. De sturing over de uitvoering van de maatregelen in dit pakket, zal dus worden overgedragen aan de nieuwe structuur.
3.2 Indien relevant, hoe en waarover vindt afstemming met beheerders van het Rijk (Zoals RWS, ProRail, Staatsbosbeheer, Defensie, Rijksgebouwendienst) en/of over andere wel of niet vitaal en kwetsbare netwerken plaats?
Niet van toepassing
4.
Ondertekening
Bestuurlijke ondertekening door ten minste 50% van de partijen binnen de werkregio die deze aanvraag indient. Indien de provincie of waterschap niet binnen de werkregio voorkomen dient formele steunbetuiging georganiseerd te worden door een ‘Letter of Support'. De provincie of waterschap spreekt daarmee goedkeuring uit over dit voorstel maar hoeft daar geen actief onderdeel van te zijn.
Organisatie Gemeente Asten Gemeente Deurne
Naam en functie ondertekenaar Wethouder J.P.E. Bankers Wethouder WA Verhees
Gemeente Gemert- Bakel
Wethouder W. van Zeeland
Gemeente Helmond Gemeente Laarbeek
Wethouder E. de Vries Wethouder M.C, SlaetsSonneveldt__________ Wethouder A.A.H. Swinkels____________ Lid van dagelijks bestuur E.HJ.M. de Groot
Gemeente Someren Waterschap
Datum
22 juA; 202.1
Handtekening