RU21.02.11C Memo Commissie landschappelijke inpassing Gebroeders van Eijk transport.docx
Tekst van het document
MEMO ZAAKNUMMER: 2020075064 AAN
: Commissie Ruimte
VAN NAMENS DEZE
: College van B&W, portefeuillehouder wethouder H.A.M. van Moorsel : Team Ruimte, C.A.M. van Vroonhoven
DATUM
: 6 januari 2021
ONDERWERP
: Landschappelijke inpassing Gebroeders van Eijk transport
Samenvatting Deze memo is tot stand gekomen naar aanleiding van een vraag in de Commissie ruimte tijdens de rondvraag op dinsdag 24 november 2020. Deze vraag ging over de landschappelijke inpassing Gebroeders van Eijk. Samenvatting vraag: Hoe staat het met de landschappelijke inpassing van transportbedrijf Van Eijk? Er diende destijds gewacht te worden op eventuele plannen voor een luchtbrug tussen SHI en Van Eijk. Kan de landschappelijke inpassing aangekaart worden bij Van Eijk, nu duidelijk is dat de luchtbrug niet meer aan de orde is? De afgelopen jaren hebben we onze bestemmingsplannen geactualiseerd. Voor de bedrijventerreinen heeft dit in 2013 geresulteerd in één integraal plan voor alle bedrijventerreinen. Dit bestemmingsplan was gericht op het behouden en beheren van de bestaande juridisch-planologische situatie. Tegen het actualisatieplan voor de bedrijventerreinen is destijds beroep ingesteld door enkele omwonenden. In het beroep werd gesteld dat het bestemmingsplan ‘Asten Bedrijventerreinen 2013’ voorzag in een significante uitbreiding van het bedrijf van de gebroeders Van Eijck. Een deel van het terrein van Van Eijk Transport aan de Laarbroek zou in afwijking van het voorheen geldende bestemmingsplan de bestemming "Bedrijventerrein" hebben gekregen.
Dit deel van het kavel werd feitelijk gebruikt als parkeerterrein en zou onder het voorheen geldende bestemmingsplan een agrarische bestemming hebben gehad. Gesteld werd dat anders dan de raad had beoogd het actualisatieplan in een uitbreiding van het bedrijfsperceel voorzag. De Raad van State was van oordeel dat dit niet het geval was (zie bijgevoegde uitspraak van 17 september 2014 (2.1 t/m 2.6)). Zo concludeerde de Raad van State dat het bouwvlak niet was vergroot en er enkel sprake was van een geringe uitbreiding van het bestemmingsvlak. Aangezien deze uitbreiding het gevolg was van gewijzigde feitelijke omstandigheden (het komen te vervallen van een weg) en het desbetreffende stuk grond al geruime tijd in gebruik was als parkeerterrein, is er destijds door gemeente Asten niet om landschappelijke inpassing dan wel een fondsbijdrage gevraagd. Een bijdrage aan het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit (in de vorm van landschappelijke inpassing en/of een fondsbijdrage) is namelijk alleen aan de orde bij nieuwe ontwikkelingen waarvoor een ruimtelijke procedure moet worden doorlopen. Het bestemmingsplan uit 2013 betrof een algehele herziening van het bestemmingsplan en geen aanpassing van het bestemmingsplan om een nieuw (bouw)plan mogelijk te maken.
Er is dus niets contractueel vastgelegd betreft een landschappelijke inpassing of beplantingsplan tussen de gemeente en Van Eijk Transport.
Vervolgens kwam het idee van Van Eijk Transport om over de Keskesweg een luchtbrug te realiseren. Dit plan is niet doorgezet en enkel bij een idee gebleven. Er is dan ook geen planologische procedure voor deze nieuwe ontwikkeling doorlopen waarbij afspraken over landschappelijke inpassing konden worden gemaakt. Op basis hiervan kon gemeente Asten ook geen landschappelijke inpassing eisen/opleggen. Op dit moment liggen er dus geen afspraken betreft een landschappelijke inpassing tussen van Eijk transport en de gemeente. Bijlagen: Bijlage uitspraak 201307909/1/R3 woensdag 17 september 2014 Documentnummer: 2021002306
2/2