RU21.02.11A Memo Schone Lucht Akkoord.pdf
Tekst van het document
MEMO ZAAKNUMMER: 2020070308 AAN
: Commissie Ruimte
VAN NAMENS DEZE
: College van B&W, portefeuillehouder wethouder J.P.E. Bankers : Team Ruimte, D.P.J. van Roosmalen
DATUM
: 20 november 2020
ONDERWERP
: Memo: Schone Lucht Akkoord
Samenvatting Vanuit de commissie is de vraag gesteld om informatie over de mogelijkheden van het Schone Lucht Akkoord (SLA). Het SLA biedt met name ten aanzien van landbouw mogelijkheden voor Asten. Hierbij moet echter nog de afweging worden gemaakt of de vereiste ambtelijke inzet opweegt tegen het te verwachten resultaat. Deze afweging wordt in de komende periode gemaakt. Doel Schone Lucht Akkoord Het SLA streeft ernaar in 2030 minimaal 50% gezondheidswinst uit binnenlandse bronnen te realiseren ten opzichte van 2016. Het SLA richt zich hierbij op verschillende sectoren en emissiebronnen: mobiliteit, mobiele werktuigen, industrie, woningen, binnenvaart & havens en de landbouw. Om het doel te bereiken wordt ingezet op generieke maatregelen waarmee de luchtverontreiniging in heel Nederland wordt verminderd en een gerichte aanpak op plekken waar de blootstelling het hoogst is en de mogelijke gezondheidswinst het grootst. Pilot Landbouw De Pilot Landbouw richt zich met name op een betere werking en verdere uitrol van beschikbare technieken om emissies uit stallen van veehouderijen te reduceren en het ondersteunen van en verplichten van ondernemers voor het nemen van extra emissie reducerende maatregelen. Daarnaast wordt er ingezet op het ontwikkelen van een gebiedsgerichte aanpak in het kader van de Omgevingswet.
Mogelijkheden voor Asten Voor Asten zijn de generieke maatregelen beperkt interessant. Als het bijvoorbeeld gaat om maatregelen zoals het scholen van vergunningverleners en toezichthouders op de juiste werking van emissiebeperkende systemen ligt hier vooral een rol voor de ODZOB. De ODZOB is daarom ook al betrokken bij de Pilot Landbouw. De gerichte aanpak bestaat voornamelijk uit experimenten op basis van de Crisis- en herstelwet. Deze experimenten bestaan in hoofdzaak uit twee soorten: Meer ruimte voor innovatieve stalsystemen In de huidige geurwetgeving is de minister het bevoegd gezag voor de toepassing van innovatieve stalsystemen. Met invoering van de omgevingswet verschuift dit naar het lokale bevoegd gezag. Dit experiment loopt daarop vooruit. Hierdoor is het mogelijk ondernemers meer ruimte te geven om bijvoorbeeld emissie reducerende technieken te combineren. Hierbij wordt wel de kanttekening geplaatst dat wanneer er sprake is van
een grotere reductie van emissies dan op basis van de huidige technieken mogelijk is er ruimte ontstaat om meer dieren te houden. Meer eisen stellen bij uitbreiding Bedrijven die nu op slot zitten doordat ze de geurnormen overschrijden kunnen alsnog uitbreiden door gebruik te maken van de 50 procent regel. In sommige gevallen is het echter mogelijk om met betaalbare maatregelen een grotere milieuwinst te behalen dan wettelijk vereist. De Crisis- en herstelwet biedt het bevoegd gezag mogelijkheden deze extra maatregelen op te leggen. Afweging ondertekenen Schone Lucht Akkoord Het SLA is met name experimenteel van karakter en de lessen die geleerd worden zullen in een later stadium ook gedeeld worden. Daarom moet de afweging worden gemaakt of het meedoen aan de experimenten opweegt tegen de vereiste ambtelijke inzet. Deze afweging zal in de komende periode worden gemaakt.
Bijlagen: (indien van toepassing noem bijlage met Document-nr.)
2/2