Raadsvoorstel Horecabeleid gemeente Asten 2025
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL ZAAKNUMMER: 07431001488 Onderwerp: Horecabeleid gemeente Asten 2025
Bijlage(n): 2
Vergadering van: 23 september 2025
p.h.: LM
de raad van de gemeente Asten
Samenvatting Het huidige horecabeleid Beleidsplan horeca, sport en recreatie-inrichtingen van de gemeente Asten dateert uit 2008 en is aan actualisatie toe. De maatschappelijke ontwikkelingen, veranderende wensen vanuit ondernemers, en de noodzaak tot betere ruimtelijke sturing en handhaving maken het noodzakelijk om het beleid te herzien. Met het Horecabeleid gemeente Asten 2025 wordt een actueel, integraal en toekomstbestendig kader neergelegd voor de ontwikkeling van horeca binnen de gemeente. Er is gekozen voor een gebiedsgerichte benadering, waarin wordt uitgegaan van de verschillende functies en kenmerken van het buitengebied, de dorpskernen, woongebieden en bedrijventerreinen. Dit ontwikkelkader biedt ruimte voor passende horecavormen per gebied en voorkomt ongewenste versnippering of overlast. Om de ruimtelijke keuzes juridisch en beleidsmatig stevig te verankeren, worden hoofdstukken 4.1 en 4.2 uit het horecabeleid opgenomen in de Omgevingsvisie van de gemeente Asten. Hiermee wordt horecaonderdeel van het integrale ruimtelijk beleid van de gemeente, in lijn met de Omgevingswet. De sluitingstijden voor natte horeca (zoals cafés en bars) worden in het weekend verruimd van 02.00 uur naar 03.00 uur. Deze wijziging komt tegemoet aan de wensen van ondernemers en sluit aan bij regionale ontwikkelingen.
Voor paracommerciële instellingen (zoals sportkantines, dorpshuizen en buurthuizen) worden andere uniforme schenk- en sluitingstijden vastgesteld. Hiermee wordt rechtsgelijkheid bevorderd en ontstaat er meer duidelijkheid voor instellingen en toezichthouders. Het beleid bevat een duidelijk overzicht van toegestane activiteiten voor paracommerciële instellingen. Daarmee wordt transparantie en rechtszekerheid geboden aan verenigingen en stichtingen. Tenslotte wordt het mogelijk voor paracommerciële instellingen omdat structureel hun gebouw ter verhuren aan derden en structureel koffietafels een condoleancebijeenkomsten te organiseren.
Door de integratie van maatschappelijke aspecten van het horecabeleid ontstaat er samenhang met het sociaal domein en andere gemeentelijke beleidsterreinen. Er wordt gekozen voor een toezichtmodel dat uitgaat van vertrouwen in goedwillende ondernemers, gecombineerd met streng optreden bij misbruik of herhaaldelijke overtreding. Dit model verlaagt de toezichtlast, stimuleert naleving van de regels en maakt efficiënter gebruik van gemeentelijke capaciteit mogelijk. Beslispunten 1. vast te stellen het horecabeleid gemeente Asten 2025, waarin a. er een gebiedsgericht ontwikkelkader is opgenomen voor het buitengebied, de kernen, woonwijken en bedrijventerreinen, waarmee wordt gestuurd op een zorgvuldige en passende ontwikkeling van horeca in deze delen van de gemeente; b. de onderdelen hoofdstuk 4.1 en 4.2 van het horecabeleid worden geïntegreerd in de omgevingsvisie, zodat het horecabeleid ook ruimtelijk wordt verankerd; c. de sluitingstijden voor de zogenaamde natte horeca op zaterdag en zondag worden verruimd van 02.00 uur naar 03.00 uur, waarmee wordt aangesloten op de wensen van ondernemers; d. voor paracommerciële instellingen uniforme schenk- en sluitingstijden zijn vastgesteld, wat zorgt voor duidelijkheid; e.
het structureel verhuren van gebouwen aan derden door sportverenigingen en het structureel organiseren van koffietafels en condoleancebijeenkomsten gemeenschapshuizen, hetgeen in strijd is met artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet en te bepalen dat in het beleid een duidelijk overzicht wordt opgenomen van de toegestane activiteiten van paracommerciële instellingen ter bevordering van transparantie en rechtszekerheid; f. er aandacht is voor de maatschappelijke aspecten van horeca; g. het toezichtmodel “high trust–high penalty” wordt geïntroduceerd, dat uitgaat van vertrouwen in ondernemers en paracommerciële instellingen; 2. te bepalen dat het horecabeleid gemeente Asten 2025, hoofdstuk 4.1 en 4.2, onderdeel gaat uitmaken van de Omgevingsvisie; en 3. in te trekken het Beleidsplan horeca, sport en recreatie-inrichtingen gemeente Asten 2008. Aanleiding Het huidige horecabeleid Beleidsplan horeca, sport en recreatie-inrichtingen van de gemeente Asten dateert uit 2008 en is sindsdien slechts beperkt aangepast. Sinds 2014 is het beleid ongewijzigd gebleven en zijn lokale wensen en ontwikkelingen op andere beleidsterreinen niet meegenomen. Gezien de huidige wensen uit de gemeenschap en kansen voor toerisme en recreatie en economie, is een herziening noodzakelijk.
Daarnaast sluit het bestaande beleid niet meer aan bij de actuele ruimtelijke sociale- en economische ambities van de gemeente. Het horecabeleid gemeente Asten 2025 heeft raakvlakken met diverse andere beleidsvelden en sluit aan bij belangrijke programma's en plannen binnen de gemeente Asten. Wensen en bedenkingen commissie Bestuur en Samenleving. Op 12 juni jl. is het concept-horecabeleid besproken in de commissie Bestuur en Samenleving, in het kader van het bespreken de van wensen en bedenkingen. Tijdens deze commissiebehandeling is
geconcludeerd dat het concept op dat moment nog onvoldoende uitgewerkt was om ter besluitvorming aan de raad te worden voorgelegd. Specifiek is geconstateerd dat nadere uitwerking noodzakelijk is op de volgende onderdelen: De positionering en regulering van horeca in het buitengebied; De mogelijkheden voor maatwerk ten aanzien van sluitingstijden; De inrichting en momenten van evaluatie van het horecabeleid; Het verkrijgen van inzicht in de concurrentiepositie van bestaande horecaondernemers. Om op deze onderdelen voortgang te boeken, hebben sindsdien aanvullende gesprekken plaatsgevonden. Op 7 juli jl. heeft een overleg plaatsgevonden met de fractie “Samen voor Asten”, waarin is ingegaan op de gewenste beleidskaders voor horeca in het buitengebied. Op 10 juli jl. heeft er een constructief gesprek plaatsgevonden met de voorzitter van de lokale afdeling van Koninklijk Horeca Nederland (KHN) alsmede met een aantal horecaondernemers. In dit gesprek is met name stilgestaan bij de ervaren concurrentiepositie van bestaande ondernemingen binnen de gemeente. Onder het kopje “Argumenten” wordt ingegaan op de wensen en bedenkingen van de commissie Bestuur en Samenleving. Doelstelling Het nieuwe horecabeleid beoogt de horeca in de kernen en het buitengebied te versterken en meer ondernemingsvrijheid te bieden en ruimte te creëren voor innovatie.
Daarnaast biedt het nieuwe horecabeleid meer uniformiteit in regels voor vergunningen, sluitingstijden, paracommerciële instellingen en handhaving. Tenslotte bevordert het beleid de leefbaarheid, toerisme, inclusie en volksgezondheid.
Argumenten 1.a Het opstellen van nieuwe ontwikkelkaders voor het vestigen van horecabedrijven is gewenst en noodzakelijk. Voor verschillende gebieden, het buitengebied, de kernen, woongebieden en bedrijventerreinen, is een ontwikkelkader opgesteld, waarmee wordt gestuurd op de gewenste ontwikkeling van horeca in deze gebieden. Door gebiedsgericht beleid te voeren, ontstaat er meer grip op waar welke vormen van horeca wenselijk en passend zijn. Daarnaast helpen kaders ongewenste ontwikkeling of versnippering van horeca tegen te gaan. Toelichting commissie Bestuur en Samenleving kaders buitengebied. De kaders van het buitengebied zijn tekstueel herschreven. Daarnaast zijn de paragrafen 3.3.1.3, 3.3.1.4 , 4.4 en 4.4.1 van het concept-horecabeleid gewijzigd en aangevuld. Het gaat met name om het toestaan van zelfstandige horecalocaties in het buitengebied waarbij het adviesrecht van de raad geldt. De raad krijgt hier de mogelijkheid om de "regie” te houden voor wat betreft het vestigen van horeca in het buitengebied. Daarnaast blijven de bestaande “ondergeschikte horeca” functies in het buitengebied behouden in het Omgevingsplan. Het horecabeleid doet hier geen afbreuk aan maar maakt ook niet direct meer mogelijk. Via de procedure van de buitenplanse omgevingsactiviteit kan de horecaondernemer een ruimere bestemming aanvragen.
1.c. Het verruimen van de sluitingstijden voor de natte horeca. De afgelopen jaren is gebleken dat veel horecaondernemers goed kunnen omgaan met ruimere sluitingstijden. Uit de evaluatie van de pilot met verruimde sluitingstijden is gebleken dat de horecaondernemers zich over het algemeen goed aan de gestelde voorwaarden hebben gehouden. 1.3 Meer uniformiteit van regels voor paracommerciële instellingen. Voor paracommerciële instellingen gelden er uniforme schenk- en sluitingstijden. Dit draagt bij aan duidelijkheid voor zowel de instellingen zelf als voor toezichthouders. Het voorkomt willekeur en interpretatieverschillen, waardoor het toezicht eenvoudiger en consistenter kan worden uitgevoerd. Daarnaast zorgt uniformiteit ervoor dat alle paracommerciële instellingen onder gelijke voorwaarden opereren, wat het gevoel van eerlijkheid en rechtsgelijkheid versterkt. Toelichting commissie Bestuur en Samenleving uniformiteit. Er wordt met name gekozen voor uniformiteit om de verschillen in schenk- en sluitingstijden op te heffen. Hierdoor ontstaat er minder discussie en meer consistentie. Mochten paracommerciële instellingen activiteiten organiseren, anders dan in de statuten vermeld, dan kunnen zij een evenementenvergunning aanvragen. 1.4 Meer duidelijkheid over de activiteiten van paracommerciële instellingen.
Het geven van meer duidelijkheid en inzicht in de toegestane activiteiten van paracommerciële instellingen bevordert transparantie en rechtszekerheid. Door aan te geven welke activiteiten wel en niet zijn toegestaan, ontstaat er duidelijkheid voor verenigingen, stichtingen en andere paracommerciële instellingen over hun speelruimte. Tegelijkertijd helpt het de instellingen hun maatschappelijke functie te blijven vervullen, zoals het bevorderen van sport, cultuur of ontmoeting. Ook voor toezichthouders en handhavers biedt deze duidelijkheid een beter kader voor controle en handhaving, wat bijdraagt aan een gelijk speelveld voor alle horeca-aanbieders in de gemeente. Het structureel verhuren van gebouwen aan derden door sportverenigingen waar alcohol wordt geschonken, evenals het structureel toestaan van koffietafels en condoleancebijeenkomsten door gemeenschapshuizen, is in strijd met artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet, waarin is bepaald dat de burgemeester slechts twaalf keer per jaar ontheffing kan verlenen voor bijeenkomsten van zeer tijdelijke aard. Toelichting commissie Bestuur en Samenleving koffietafels en condoleance-bijeenkomsten. Voor horecaondernemers moet het mogelijk blijven om op kleinschalige basis, voor een beperkt aantal gasten, koffietafels aan te bieden.
Voor grootschaligere bijeenkomsten, te denken valt aan koffietafels en condoleances die niet passen (qua aantal bezoekers) in de reguliere horeca, ligt het voor de hand deze zoveel mogelijk te faciliteren via de gemeenschapshuizen. Hiermee wordt recht gedaan aan hun maatschappelijke functie. De concrete aantallen worden op een later moment opgenomen in de exploitatievergunning. Ten aanzien van het prijsbeleid is het uitgangspunt dat gemeenschapshuizen geen marktverstorende tarieven hanteren. Om hierop zicht te houden, zal de gemeente steekproefsgewijs commerciële tarieven opvragen bij de gemeenschapshuizen. Op basis daarvan wordt beoordeeld of sprake is van marktconform handelen.
1.5 Meer inzicht in de maatschappelijke aspecten. Meer inzicht in maatschappelijke aspecten van het horecabeleid zorgt voor een beter gebalanceerde afweging tussen economische en sociale belangen. Het beleid besteedt expliciet aandacht aan thema’s zoals alcohol- en drugsgebruik, gehoorschade en inclusie van mensen met een beperking. Door de maatschappelijke aspecten van het horecabeleid actief mee te nemen, ontstaat er meer draagvlak voor het beleid. Bovendien draagt beleidsintegratie bij aan een samenhangende aanpak binnen het sociaal domein, handhaving en openbare orde. Horecabeleid staat daarmee niet op zichzelf, maar wordt onderdeel van een breder gemeentelijk streven naar een gezonde en leefbare woonomgeving. 1.6. Een passend handhavingsbeleid. Het nieuwe toezichtmodel ‘high trust–high penalty’ stimuleert naleving door ondernemers, met minder bureaucratie en gerichte handhaving. Het model gaat uit van vertrouwen: horecaondernemers krijgen ruimte en worden als professionele partners benaderd. Dit verlaagt de toezichtlast voor goedwillende ondernemers en versterkt het onderlinge vertrouwen tussen gemeente en bedrijfsleven. Tegelijkertijd bevat het model een duidelijk signaal: wie de regels overtreedt, wordt streng aangepakt.
Zwaardere sancties bij misbruik zorgen voor een afschrikkend effect en vergroten het gevoel van rechtvaardigheid bij ondernemers die zich wél aan de regels houden. Door deze aanpak kan het toezicht meer risico gestuurd plaatsvinden, waardoor gemeentelijke capaciteit doelgerichter en efficiënter wordt ingezet. Dit leidt tot een effectiever gebruik van toezicht middelen en versterkt het gezag van de handhaving. Toelichting commissie Bestuur en Samenleving evaluatie horecabeleid Het horecabeleid zal 2x per jaar geëvalueerd worden tijdens het bestuurlijk horecaoverleg. Het horecabeleid geldt zowel voor horecaondernemers als paracommerciële instellingen.
2.1 Samenhang met ruimtelijke ontwikkeling. Hoofdstuk 4.1 en 4.2 van het horecabeleid gaan over de ruimtelijke aspecten van horeca. Deze onderwerpen sluiten naadloos aan bij de integrale benadering van de fysieke leefomgeving in de Omgevingsvisie. 2.2 Wettelijke integratie onder de Omgevingswet. Onder de Omgevingswet is het wenselijk om beleidskeuzes met betrekking tot de fysieke leefomgeving, zoals de positionering en ontwíkkeling van horecavoorzieningen, in één samenhangend beleidsdocument onder te brengen. Door dit in de Omgevingsvisie op te nemen, wordt voldaan aan de eisen van integraliteit en afstemming. 2.3 Duidelijkheid en rechtszekerheid. Door het beleid op te nemen in de Omgevingsvisie, wordt het voor initiatiefnemers, burgers en ondernemers duidelijk welk ruimtelijk beleid de gemeente hanteert ten aanzien van horeca. Dit draagt bij aan transparantie en voorspelbaarheid. 3.1 Voorkomen van beleidsmatige dubbelingen en tegenstrijdigheden. Door het oude beleidsplan in te trekken, wordt voorkomen dat er tegenstrijdige beleidsstukken bestaan die verwarring of juridische onduidelijkheid kunnen veroorzaken. 3.2. Efficiënter beleid en uitvoering. Het schrappen van het oude plan draagt bij aan beleidsmatige vereenvoudiging en voorkomt dat beleidsmakers, vergunningverleners of handhavers terug moeten vallen op verschillende documenten. 3.3 Versterking integraliteit.
Door het oude plan te vervangen door een beleid dat geïntegreerd is in de Omgevingsvisie, ontstaat er een meer samenhangend beleidskader dat aansluit bij de doelen van de Omgevingswet. Risico’s 1.1 Het verruimen van de sluitingstijden. Horecaondernemers kunnen gaan aandringen op verdere verruiming op andere dagen. Daarnaast kan latere sluitingstijden leiden tot meer geluidsoverlast of verstoring van de openbare orde. 1.2 De uniformiteit van regels. Uniforme regels kunnen in de praktijk onvoldoende aansluiten bij de diversiteit van instellingen, bijvoorbeeld sportvereniging en gemeenschapshuis. Er kan weerstand ontstaan als de instellingen ervaren dat hun maatschappelijke rol wordt beperkt. 1.3 De activiteiten van paracommerciële instellingen. Paracommerciële instellingen die nu activiteiten organiseren die straks niet meer zijn toegestaan, kunnen hun functie of inkomstenbron verliezen. Beperking van activiteiten kan de functie van deze instellingen als ontmoetingsplek in dorpen of wijken onder druk zetten. 1.4 Koffietafels en condoleancebijeenkomsten.
Het beleid is deels in strijd met hogere wetgeving. Daarnaast is in artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet opgenomen dat de burgemeester een ontheffing kan verlenen. De burgemeester kan met het oog op bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen ontheffing verlenen van de bij of krachtens dit artikel gestelde regels. Alternatieven 1.1 Geen actualisatie van het beleid. Zonder actualisatie blijven de huidige ontwikkelkaders voor horeca in de gemeente gebaseerd op verouderde inzichten en ruimtelijke ordening. Nieuwe trends in horeca, digitalisering, veranderend bezoekersgedrag of ontwikkelingen in het buitengebied worden dan onvoldoende opgevangen. Zonder uniformering blijven er mogelijk verschillen bestaan in schenktijden of toegestane activiteiten tussen instellingen. Dit zorgt voor onduidelijkheid, vergroot het risico op oneerlijke concurrentie met reguliere horeca en maakt handhaving lastiger. Zonder aandacht voor maatschappelijke aspecten mist het beleid aansluiting op bredere gemeentelijke doelen. Daardoor blijft het horecabeleid een losstaand instrument. Het alternatief niets doen, leidt tot beleidsmatige achterstand, juridische kwetsbaarheid, beperkte uitvoerbaarheid en gemiste kansen voor ondernemers en samenleving.
Daarmee komt de geloofwaardigheid van de gemeente als regisseur van de leefomgeving en economische ontwikkeling onder druk te staan. Het alternatief, niets doen, leidt tot beleidsmatige achterstand, juridische kwetsbaarheid, beperkte uitvoerbaarheid en gemiste kansen voor ondernemers en samenleving. Planning en uitvoering Het horecabeleid van de gemeente Asten 2025 treedt in werking op de dag na publicatie en wordt jaarlijks geëvalueerd tijdens het bestuurlijk horecaoverleg. In de huidige exploitatievergunningen van de gemeenschapshuizen zal een begrenzing worden opgenomen ten aanzien van het organiseren van koffietafels en condoleancebijeenkomsten. Toekomstagenda Asten 2030 / Vitale democratie - Vitale kernen: horeca als motor van levendige dorpscentra. - Transformatie buitengebied: ruimte voor agrarisch ondernemerschap. - Toerisme en recreatie: aantrekkelijke en gastvrije gemeente. - Inclusieve samenleving: toegankelijke horeca voor iedereen. Astens Manifest/participatie Voor de ontwikkeling van het nieuwe horecabeleid is een zorgvuldig participatieproces doorlopen. Tijdens een brede informatieavond kregen ondernemers, maatschappelijke organisaties, verenigingen, stichtingen, de werkgroep Inclusie en inwoners de kans om hun ideeën en aandachtspunten te delen over de verschillende onderdelen van het beleid.
Daarnaast zijn twee gerichte bijeenkomsten georganiseerd met onder andere Koninklijke Horeca Nederland en lokale horecaondernemers. Ook voor paracommerciële instellingen, zoals sportverenigingen, stichtingen en gemeenschapshuizen, is een aparte sessie gehouden. Naast deze bijeenkomsten hebben er individuele gesprekken plaatsgevonden met diverse paracommerciële instellingen. De input uit al deze participatiemomenten is meegenomen en verwerkt in het uiteindelijke horecabeleid.
Juridische context Het horecabeleid maakt vestiging van horeca in het buitengebied mogelijk. In het beleid staat opgenomen dat nieuwe horeca-initiatieven door de gemeente aan duidelijke criteria worden getoetst. Onderstaande criteria kun je uit het beleid afleiden: Per geval kan bekeken worden of een horecaonderneming op een bepaalde plek qua aard en omvang past in de omgeving. Hierbij wordt er getoetst aan verschillende omgevingsfactoren zoals bijvoorbeeld geluid, geur, parkeren, groen enzovoort. Gekeken wordt naar ruimtelijke en milieutechnische aspecten, veiligheid, duurzaamheid, gezondheid en esthetiek. Alleen plannen die hieraan voldoen en goed zijn ingepast in hun omgeving, krijgen groen licht. Nieuwe horeca moet altijd passen in het landschap. We geven de voorkeur aan het benutten van bestaande bebouwing. Nieuwbouw is mogelijk, maar alleen als deze goed past bij de omgeving en binnen de kaders van het omgevingsplan. De ontwikkeling van horecavoorzieningen richten we primair op het deelgebied Groen Genieten, zoals opgenomen in de Omgevingsvisie Asten. In andere gebieden staan we horeca alleen toe als deze geen onevenredige negatieve invloed heeft op omliggende functies en bedrijven. Elke ontwikkeling moet zorgvuldig worden ingepast in het landschap.
Landschappelijke elementen moeten behouden blijven, en cultuurhistorische of architectonische waarden mogen niet onnodig worden aangetast. Deze criteria zijn niet objectief en duidelijk. Voor een horecaondernemer is niet duidelijk waaraan hij moet voldoen wil hij in het buitengebied een horecabedrijf beginnen. Het zou kunnen dat het college de mogelijkheid van de raad krijgt om de duidelijke criteria op te stellen maar dit lees je niet terug in het beleid. In het beleid wordt op diverse plekken gesproken over het leveren van maatwerk in het buitengebied. Maar maatwerk is hier niet het juiste instrument. Maatwerk in deze neigt naar willekeur en naar rechtsonzekerheid. Gemeenschapshuizen en koffietafels. Het horecabeleid maakt mogelijk dat de gemeenschapshuizen koffietafels en condoleancebijeenkomsten mogen organiseren. Gemeenschapshuizen zijn paracommerciële instellingen. In artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet is opgenomen dat de burgemeester een ontheffing kan verlenen De burgemeester kan met het oog op bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen ontheffing verlenen van de bij of krachtens dit artikel gestelde regels.
De Alcoholwet omschrijft een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard als een situatie waarin het schenken van alcohol een incidenteel karakter heeft en plaatsvindt buiten reguliere horecagelegenheden.
Het gaat hierbij bijvoorbeeld om evenementen die een specifieke, tijdgebonden aanleiding hebben en van korte duur zijn. Zoals een buurtfeest, een sporttoernooi, festival of een culturele festiviteit. Kenmerkend is dat deze gelegenheden een unieke en eenmalige aard hebben. Zo vallen reguliere of periodieke evenementen (zoals een wekelijks terugkerende markt) hier niet onder. De tijdelijkheid wordt doorgaans ingevuld als een evenement dat plaatsvindt binnen één tot enkele dagen, waarbij de exacte duur vaak wordt afgestemd op de aard van het evenement en het gemeentelijke beleid. Daarnaast moet de activiteit zodanig zijn ingericht dat de alcoholverstrekking strikt gebonden is aan het evenement zelf en alleen plaatsvindt onder voorwaarden die misbruik of overlast voorkomen. Dit maakt een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard een uitzondering op het verbod om buiten een reguliere alcoholwetvergunning zwak-alcoholhoudende dranken te verstrekken. Een koffietafel of condoleancebijeenkomsten vallen niet onder bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen. Mocht u al van mening zijn dat het daar wel onder kan vallen dan zou er een ontheffing door de burgemeester verleend moeten worden voor maximaal 12 dagen. Het zonder meer toestaan van koffietafels en condoleancebijeenkomsten is in strijdt met de Alcoholwet.
Wat komt hierna? Onduidelijk is hoe de implementatie van dit beleid plaats gaat vinden, moeten er nadere regels komen en zo ja van wie? Moeten bestaande vergunningen aangepast worden en zo ja ambtshalve of op aanvraag. Financiële toelichting Het nieuwe horecabeleid heeft geen financiële impact op de bestaande budgetten. Communicatie Het horecabeleid gemeente Asten 2025 wordt bekend gemaakt door het plaatsen van een advertentie in het gemeentelijk nieuwsblad Peelbelang en het plaatsen van een gemeentelijk bericht op de website van de gemeente Asten. De horecaondernemers en paracommerciële instellingen worden via een brief geïnformeerd. Bijlage(n)/ter inzage Naam 1. Raadsbesluit 2. Horecabeleid gemeente Asten 2025
Documentnummer 2024188645 2024164526
RAADSBESLUIT Onderwerp: Horecabeleid gemeente Asten 2025
Dagtekening: 23 september 2025
De raad van de gemeente Asten;
gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 26 augustus 2025. gehoord het advies van de commissie Samenleving en Bestuur van 11 september 2025;
besluit: 1. vast te stellen het horecabeleid gemeente Asten 2025, waarin a. er een gebiedsgericht ontwikkelkader is opgenomen voor het buitengebied, de kernen, woonwijken en bedrijventerreinen, waarmee wordt gestuurd op een zorgvuldige en passende ontwikkeling van horeca in deze delen van de gemeente; b. de onderdelen hoofdstuk 4.1 en 4.2 van het horecabeleid worden geïntegreerd in de omgevingsvisie, zodat het horecabeleid ook ruimtelijk wordt verankerd; c. de sluitingstijden voor de zogenaamde natte horeca op zaterdag en zondag worden verruimd van 02.00 uur naar 03.00 uur, waarmee wordt aangesloten op de wensen van ondernemers; d. voor paracommerciële instellingen uniforme schenk- en sluitingstijden zijn vastgesteld, wat zorgt voor duidelijkheid; e. het structureel verhuren van gebouwen aan derden door sportverenigingen en het structureel organiseren van koffietafels en condoleancebijeenkomsten gemeenschapshuizen, hetgeen in strijd is met artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet en te bepalen dat in het beleid een duidelijk overzicht wordt opgenomen van de toegestane activiteiten van paracommerciële instellingen ter bevordering van transparantie en rechtszekerheid; f. er aandacht is voor de maatschappelijke aspecten van horeca; g. het toezichtmodel “high trust–high penalty” wordt geïntroduceerd, dat uitgaat van vertrouwen in ondernemers en paracommerciële instellingen; 2.
te bepalen dat het horecabeleid gemeente Asten 2025, hoofdstuk 4.1 en 4.2, onderdeel gaat uitmaken van de Omgevingsvisie; en 3. in te trekken het Beleidsplan horeca, sport en recreatie-inrichtingen gemeente Asten 2008.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Asten van 23 september 2025.
De raad voornoemd, griffier, mr. M.B.W. van Erp-Sonnemans
voorzitter, A.A.H.C.M. van Extel-van Katwijk