GR24.06.04W Ruimtelijke onderbouwing + onderzoeken Kokmeeuwenweg 15
Tekst van het document
Om de instandhouding van de wettelijke beschermde soorten te waarborgen, moeten negatieve effecten op die instandhouding voorkomen worden. Bij de totstandkoming van een wijzigingsplan waarbij functies gewijzigd worden, moet worden voorkomen dat conflicten met beschermde dier- en plantensoorten ontstaan en dient dus vooraf een beoordeling plaats te vinden. Deze beoordeling heeft plaatsgevonden en hiertoe is het rapport Quickscan Flora en Fauna als bijlage toegevoegd.
4.10.
Landschappelijke inpassing
De betreffende ontwikkeling past niet direct binnen het bestemmingsplan. Daarom dient de impact op de omgeving bepaald te worden. Dit gebeurt op basis van de volgende indicatoren: grootte van de ontwikkeling: toets: er is sprake van een ontwikkeling waarbij het bestemmingsvlak en het bouwvolume wordt verkleind: 0 nieuw of bestaand terrein/bebouwing: toets: er wordt bestaande bebouwing en terreinverharding hergebruikt en overtollige bebouwing of verharding wordt gesloopt resp. verwijderd: + effecten voor de omgeving (geluid, geur, verkeer, aantasting natuur en landschap enz.) toets: het initiatief heeft een positief effect voor de omgeving, bestaande nadelige effecten nemen (gedeeltelijk) af: + gewenste ontwikkeling op basis van beleid: toets: door de afname van het aantal te houden dieren, sloop van stallen/sleufsilo’s, verkleining van het bouwblok en verkoop van landbouwgrond wat omgezet wordt naar natuur is hier sprake van een gewenste ontwikkeling: +
32
Uit bovenstaande bepaling van de impact is op te maken dat er 1x neutraal en 3x een positieve ontwikkeling plaatsvindt. Hierdoor is er sprake van geen impact en is er ook geen sprake van een tegenprestatie. Overigens kan opgemerkt worden dat zoals aangegeven in paragraaf 3.4.3 de beoogde ontwikkeling reeds een kwaliteitsverbetering betreft. Dit omdat de melkveehouderij wordt beëindigd, stallen, sleufsilo’s en een mestsilo worden gesloopt en de landbouwgrond omgezet wordt in natuur. In onderstaande afbeelding zijn de percelen landbouwgrond aangegeven die aangekocht zijn door de provincie en die omgezet worden naar natuur. Deze nieuwe natuur sluit direct aan op het Natura2000 gebied Groote Peel.
Afbeelding 14 Percelen landbouwgrond naar natuur
Aan de rechtse zijde van de weg, waar het bouwblok wordt verkleind tot circa 2275 vierkante meter is sprake van reeds aanwezige tuin/erfbeplanting met een oppervlakte van circa 1375 vierkante meter. De erfbeplanting bestaat aan de zuid-zijde van de locatie uit een 20-tal volgroeide eikenbomen. Ook aan de westzijde staan een 10-tal eikenbomen. Tevens is er langs de openbare weg en aan de noordzijde van de locatie een beukenhaag aanwezig (zie afbeelding 15, 16 en 17). Hiermee is aangetoond dat er, naast de nieuwe ontwikkeling van natuur, reeds erfbeplanting aanwezig is.
33
Afbeelding 15 Aanwezige beplanting
Afbeelding 16 Aanwezige beplanting
34
Afbeelding 17 Aanwezige beplanting
4.11.
Waterparagraaf
4.11.1.
Europees, landelijk en provinciaal beleid
De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) is vanaf 22 december 2000 van kracht. De KRW heeft als doel om te komen tot schone, ecologisch gezonde stroomgebieden, waarin water op een duurzame manier wordt gebruikt. Om dit doel te bereiken is een systematiek opgesteld die alle Europese lidstaten in de nationale wetgeving moeten implementeren en uitvoeren. Per 18 maart 2022 is het Nationaal Waterprogramma 20222027 vastgesteld. Het NWP beschrijft de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid en het beheer van rijkswateren en rijksvaarwegen. Voor het waterbeleid is het NWP een uitwerking van de Nationale Omgevingsvisie. Belangrijke onderdelen van het NWP zijn de Stroomgebiedbeheerplannen, het overstromingsrisicobeheerplan en het Programma Noordzee. De wateropgaven waar Nederland voor staat, de uitdagingen richting de toekomst en de noodzaak van een integrale aanpak vormen de basis voor de 3 hoofdambities van het NWP: • Een veilige en klimaatbestendige delta; • Een concurerende, duurzame en circulaire delta; • Een schone en gezonde delta met hoogwaardige natuur. Provinciale Staten van Noord-Brabant hebben op het Regionaal Water en Bodem programma (RWP) 2022-2027 vastgesteld. Het Regionaal Water en Bodem Programma (RWP) is de opvolger van het Provinciaal Milieu en Waterplan.
Het is onderdeel van het planstelsel voor de wateropgaven in Nederland, samen met het Nationaal Water Programma en de waterbeheerprogramma’s van de waterschappen. Doel van dit nieuwe RWP is een klimaatadaptief Brabant met veilig, schoon en voldoende water en een vitale bodem. Deze opgaven zijn ook van belang voor vrijwel alle andere provinciale opgaven: • wonen en werken; • infrastructuur en mobiliteit; 35
• • • • •
landbouw en voedsel; natuur en biodiversiteit; erfgoed; een concurrerende en duurzame economie; de energietransitie.
Een belangrijke rode draad in het programma is het herstellen van de systeemwerking. Vele generaties lang had het waterbeleid als doel wateroverlast te voorkomen en water zo snel mogelijk af te voeren. Inmiddels weten we beter en is het duidelijk geworden dat het roer om moet: we moeten zuinig zijn op ons water en de bodem, en het wateren bodemsysteem moet toegerust zijn op natte én droge tijden. 4.11.2.
Waterbeheerplan Aa en Maas
Op 19 november 2021 is het nieuwe waterbeheerplan van waterschap Aa en Maas vastgesteld. In dit plan is beschreven welke doelstellingen het waterschap nastreeft in de periode 2022-2027 en hoe zij die doelstellingen wil gaan halen. Het plan geldt van 22 december 2021 tot en met 21 december 2027. Het waterbeheerplan is uitgewerkt in de volgende drie programma’s: 1. Waterveiligheid; Het programma ‘Waterveiligheid’ draait om de bescherming tegen overstromingen vanuit de Maas en het regionale watersysteem. 2. Klimaatbestendig en gezond watersysteem; Het programma ‘Klimaatbestendig en gezond watersysteem’ draait om een goed functionerend watersysteem in normale én in extreem droge en natte situaties: klimaatbestendig, robuust, veerkrachtig en stuurbaar. Daarbij let het waterschap op de hoeveelheid (goede waterpeilen, het vasthouden van water en het omgaan met wateroverlast en droogte); en op de kwaliteit van het water (chemisch en ecologisch). 3. Schoon Water; in het programma ‘Schoon Water’ speelt het zuiveren van afvalwater een centrale rol. Voor bebouwde gebieden heeft het waterschap specifieke doelen geformuleerd.
In bebouwd gebied werkt het waterschap toe naar een klimaatrobuust watersysteem waarin: • Schoon water niet naar de zuivering gaat, maar het grondwater voedt; • De waterkwaliteit geen risico’s geeft voor de volksgezondheid en geschikt is voor een goede ontwikkeling van flora en fauna, maar ook voor recreatie en evenementen; • De kans op wateroverlast en problemen door droogte en hittestress acceptabel is; • De betrokkenheid en het waterbewustzijn van inwoners, bedrijven en andere stedelijke partners is toegenomen. Deze programma’s zijn verder uitgewerkt in het WBP naar concrete doelstellingen. Deze doelstellingen vinden onder andere een doorwerking in de beschikbare instrumenten van het waterschap; Keur, legger, communicatie en stimuleringsmiddelen. 4.11.3.
Keur 2015 en Legger
De Keur is in maart 2015 vastgesteld en dient als een aanvulling op regels uit de Waterwet. De Keur stelt regels t.a.v. de inrichting, het gebruik, beheer en onderhoud en overige werkzaamheden aan rivieren, beken, sloten, grondwater en waterkeringen. Deze regels gelden zowel voor stromen die eigendom zijn van het Waterschap, maar ook die in eigendom zijn van derden (burgers, agrariërs etcetra). De Brabantse waterschappen hebben gezamenlijk de Keur overgenomen om te zorgen voor uniformiteit in de regelgeving. De voorschriften in de Waterwet en de Keur geven aan wat wel en niet mag en welke plichten er zijn. Denk aan activiteiten zoals het lozen in oppervlaktewater, het onttrekken van grondwater, het dempen van een sloot, of het plaatsen van een duiker of brug.
36
Vanuit de Keur wordt regelmatig verbinding gelegd met de ‘legger’. Een legger is een door het waterschap vastgesteld register en geeft een overzicht van: • •
•
Alle aanwezige waterlopen (sloten) en waterkeringen (dijken) inclusief kunstwerken (bijv. stuwen, bruggen, etcetra) Wie verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van sloten en kunstwerken. Dat betekent dat het gaat om de beheertaken en onderhoudsplichten van het waterschap en om de onderhoudsplichten van derden waarop het waterschap toezicht uitoefent. Waar de beschermingszone ligt, die noodzakelijk zijn voor het waterschap om haar beheerstaken te kunnen uitvoeren. Op deze beschermingszone zijn verbodsbepalingen, volgens de keur, van toepassing zijn. Ook is de legger een naslagwerk ten aanzien van waterstaatswerken.
In de directe omgeving van het plangebied is een A watergang gelegen die in de legger is opgenomen. In onderstaand figuur is in blauw de A watergang weergegeven. De beoogde ontwikkeling bevindt zich buiten de beschermingszones.
Afbeelding 18 Uitsnede uit Vastgestelde Legger Oppervlaktewater waterschap Aa en Maas.
4.11.4.
Gemeentelijk beleid
De gemeenteraad van de gemeente Asten heeft op 8 december 2020 het ‘Gemeentelijk Rioleringsplan gemeente Asten 2021-2025’ (GRP) vastgesteld. Dit plan bevat zowel het riolerings- als het waterbeleid omdat dit niet los van elkaar kan worden gezien. De gemeente geeft in dit plan aandacht aan 9 speerpunten: 1. Duurzame waterketen 2. Klimaatbestendige waterketen 3. Grondwaterhuishouding in balans 4. Een klimaatbestendig watersysteem 5. Schoon en gezond water 6. Water als ordenend principe 7. Beleefbaar water 37
8. Verder professionaliseren waterketen 9. Samen werken aan water Om de strategie bij speerpunt 2 te concretiseren is een handreiking hemelwaterbeleid opgesteld. De handreiking geeft duidelijkheid over te hanteren normen ten aanzien van waterberging. In de handreiking zijn 5 categorieën opgenomen: 1. Bestaand (ongewijzigd): Geen extra waterberging wordt vereist. 2. Drukriool buitengebied: Hier geldt een algeheel verbod om hemelwater af te voeren op de drukriolering. Afgedwongen kan worden dat regenwater niet op de drukriolering mag worden geloosd. 3. Nieuwbouw (uitbreiding, inbreiding en bijgebouwen > 40 m², herbouw, aanbouw van 90 m² of meer: Er dient te worden voorzien in een gescheiden afvoer / verwerking van schoon hemelwater en afvalwater. Voor nieuwbouw vereist de gemeente een waterbergingsvoorziening van 60 mm/m² verhard oppervlak. Ook bij herbouw dient eveneens een waterbergingsvoorziening van 60 mm/m² verhard oppervlak te worden aangebracht op eigen terrein met een minimum van 0,5 m³. 4. Verbouw, aanbouw (tot 90 m²), vrijstaande bijgebouwen (tot 40 m²) bij bestaande gebouwen en woonunits op bouwlocaties: Flexibiliteit wordt gegeven om ruimte voor wateropvang te creëren. De gemeente stimuleert initiatieven van particulieren, bedrijven en instellingen voor duurzame omgang met water. 5.
Aanleg van gescheiden riolering: Bij rioolverzwaring of rioolvervanging legt de gemeente een separaat hemelwaterriool aan of wordt het hemelwater ter plaatse geborgen en geïnfiltreerd of geloosd op oppervlaktewater. Hoewel binnen de planlocatie minimaal 4800 m² aan verhard oppervlak wordt gesaneerd, valt de beoogde ontwikkeling binnen de planlocatie onder ‘Bestaand (ongewijzigd)’. Hierdoor is geen extra waterberging vereist. Het afvalwater blijft ongewijzigd geloosd worden op de aanwezige drukriolering.
38
4.12.
Verkeer en parkeren
Verkeer Het plangebied ligt in het buitengebied van Asten en wordt ontsloten door buitenstedelijke (60 km/u) wegen. In het kader van de bedrijfsvoering worden verkeersbewegingen gegenereerd door (middel)zwaar verkeer. Als gevolg van de inkrimping van het veebestand zal deze verkeersgeneratie afnemen. De ontsluitingswegen zijn zodanig ingericht dat zij het verkeer aankunnen. Conform de NSLMonitoringstool is geen sprake van congestie. Voorliggend plan resulteert niet in een negatieve afwenteling van verkeerseffecten. Gesteld wordt dat het aspect verkeer geen belemmering vormt voor de beoogde ontwikkeling. Parkeren Ruimtelijke plannen dienen te voorzien in de eigen parkeerbehoefte. Als gevolg van de beoogde ontwikkeling neemt de parkeerbehoefte ter plaatse van de Kokmeeuwenweg 15 af. Binnen het plangebied is voldoende ruimte voor parkeren van persoonsvoertuigen als transportvoertuigen. Gesteld wordt dat het aspect parkeren geen belemmering vormt voor de beoogde ontwikkeling.
39
5. Uitvoerbaarheid en procedure 5.1.
Economische haalbaarheid
Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in de plantoelichting minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Met de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening is daarbij de verplichting ontstaan om, indien er sprake is van een ontwikkeling waarvoor de gemeente redelijkerwijs kosten moet maken, deze kosten op de initiatiefnemer te verhalen. Voorbeelden hiervan zijn de aanleg van voorzieningen van openbaar nut en de plankosten. Een en ander dient te worden vastgelegd in privaatrechtelijke overeenkomsten met iedere grondeigenaar. Als er met een grondeigenaar geen overeenkomst is gesloten en het kostenverhaal niet anderszins is verzekerd, dient een exploitatieplan te worden opgesteld welke tegelijkertijd met het bestemmingsplan moet worden vastgesteld.
5.2.
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
De uitgangspunten voor het beleid, zoals opgenomen in onderhavig bestemmingsplan, zijn terug te vinden in de vigerende bestemmingsplannen Over het beleid is reeds consensus bereikt. Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Asten heeft aangegeven in te kunnen stemmen met de voorgenomen ontwikkelingen. Bij de voorbereiding van een ruimtelijk besluit moeten burgemeester en wethouders overleg plegen met het waterschap, met andere gemeenten van wie de belangen bij het plan betrokken zijn en met de betrokken rijks- en provinciale diensten. Van het vooroverleg kan worden afgezien indien de betrokken diensten aangeven dat overleg niet noodzakelijk is. 5.2.1. Omgevingsdialoog De omgevingsdialoog is er op gericht om in een vroegtijdig stadium (nog voordat het concrete plan vastligt) kennis te nemen van eventuele bezwaren, wensen en belangen van omwonenden zodat deze reacties bij de uitwerking kunnen worden betrokken. De omgeving is daarbij geen vastomlijnd begrip, maar is sterk afhankelijk van de gewenste ontwikkeling en de effecten die daarmee gepaard gaan op de omgeving.
5.3.
Procedure
Dit bestemmingsplan doorloopt de uniforme openbare voorbereidingsprocedure die is vastgelegd in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht juncto art. 3.9a Wro. Deze procedure houdt in dat het ontwerp-bestemmingsplan na behandeling door het College van burgemeester en wethouders wordt gepubliceerd en zes weken ter inzage wordt gelegd. Het bestemmingsplan zal ook digitaal raadpleegbaar zijn op de site van de gemeente en op www.ruimtelijkeplannen.nl. Belanghebbenden kunnen in die zes weken hun zienswijzen kenbaar maken bij de gemeente. Binnen acht weken na afloop van de termijn dat het ontwerpplan ter inzage heeft gelegen wordt het bestemmingsplan vastgesteld. Daarbij worden eventueel ingediende zienswijzen betrokken. Tegen de vaststelling van een bestemmingsplan staat rechtstreeks beroep open bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
5.4.
Vooroverleg en inzage
Artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening (Bro) geeft aan dat bij de voorbereiding van een bestemmingsplan burgemeester en wethouders overleggen met het bestuur van de bij het plan betrokken waterschap. Waar nodig plegen zij tevens 40
overleg met besturen van andere gemeenten, met de provincie en met eventuele andere diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn.
41
6. Juridische planopzet 6.1.
Inleiding
Onderhavig bestemmingsplan bestaat uit een toelichting, een verbeelding en regels. De verbeelding en de regels vormen het juridisch bindende deel van het plan. Dit dient te allen tijde in onderlinge samenhang bezien en toegepast te worden. De toelichting op de regels en de verbeelding is niet juridisch bindend, dit biedt wel inzicht in de belangenafweging die tot de aanwijzing van het wijzigingsplan heeft geleid. Daarnaast draagt de toelichting bij aan de planinterpretatie.
6.2.
Toelichting op de verbeelding
Op de verbeelding is de bestemming van de gronden gelegen binnen de planlocatie aangegeven. Binnen deze bestemming zijn daarna nadere aanduidingen weergegeven. De juridische betekenis van deze aanduidingen zijn terug te vinden in de regels. Een aantal gegevens hebben juridisch gezien geen betekenis en is alleen op de verbeelding aangegeven ten behoeve van de leesbaarheid van die kaart (zoals topografische en kadastrale gegevens).
6.3.
Toelichting op de regels
Bij het opstellen van de planregels is uitgegaan van het rapport Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012 (SVBP 2012) en conform de systematiek van het bestemmingsplan buitengebied 2009.
42
Bijlagen
43
Arvalis Roermond Steegstraat 5 6041 EA Roermond +31 (0)475 355 700 info@arvalis.nl
Arvalis Venlo Villafloraweg 1 5928 SZ Venlo +31 (0)478 578 257 info@arvalis.nl
Arvalis Nuth Mauritsstraat 11 6361 AV Nuth +31 (0)43 450 5100 info@arvalis.nl
Arvalis Deurne Heuvelstraat 12 5751 HN Deurne +31 (0)493 242 133 info@arvalis.nl
44
15
Kokmeeuwenweg
SITUATIE gemeente sectie nummer(s) 0m
NW
: Asten : D : 3418/3330
NNW
N
NNO
WNW
NO ONO
W
50m
O
WZW
OZO
ZW ZZW
1:1000
ZZO
ZO
Z = Huidige Bouwvlakken
=1,55ha
= koppelteken huidig bouwvlak
arvalis Project Projectlocatie
Bestemmingsplan Vigerende situatie Kokmeeuwenweg 15 5725 TW Asten
Cont. pers. Tekenaar Proj.nr.
EZ PB 220127-001-002
Onderdeel
Situatietekening
Schaal Datum
1:1000 02-02-2023
15
Kokmeeuwenweg
SITUATIE gemeente sectie nummer(s)
NW
: Asten : D : 3418/3330
0m
NNW
N
NNO
WNW
NO ONO
W
50m
O
WZW
OZO
ZW ZZW
1:1000
ZZO
ZO
Z =
Gewenst bouwvlakken
=
Koppelteken
= 0,9ha
arvalis Project Projectlocatie
Bestemmingsplan Gewenste situatie Kokmeeuwenweg 15 5725 TW Asten
Cont. pers. Tekenaar Proj.nr.
EZ PB 220127-001-002
Onderdeel
Situatietekening
Schaal Datum
1:1000 02-02-2023
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Kokmeeuwenweg 15, 5725 TW Asten-Heusden Vleeskuikenhouderij verschilberekening
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RbuCjdrtuhec 20 april 2023, 14:43 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Referentie Wnb 10-10-08 - Referentie Beoogde situatie - Beoogd Referentie Wnb 10-10-08 - Referentie Beoogde situatie - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
2023 2023
132,34 mol/ha/j 12,61 mol/ha/j 0,00 ha 5.961,16 ha 0,00 mol/ha/j 124,68 mol/ha/j
4.455,9 kg/j 735,4 kg/j 2207314 2218017
243,3 kg/j 95,5 kg/j
Groote Peel Groote Peel
2/10
Projectberekening
Beoogde situatie (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 2 4 5
RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
Landbouw | Stalemissies | Stal 3 Landbouw | Stalemissies | Stal 4 Mobiele werktuigen | Landbouw | Bron 2 Anders... | Anders... | heaters Verkeersnetwerk
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
367,5 kg/j 367,5 kg/j 27,2 g/j 0,4 kg/j
76,2 kg/j 6,6 kg/j 12,7 kg/j
3/10
Projectberekening
Referentie Wnb 10-10-08 (Referentie), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 2 3 4 6 7
RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
Landbouw | Stalemissies | Stal 1 Landbouw | Stalemissies | Stal 2 Landbouw | Stalemissies | Stal 3 Landbouw | Stalemissies | Stal 4 Mobiele werktuigen | Landbouw | Bron 2 Anders... | Anders... | heaters Verkeersnetwerk
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
2.080,0 kg/j 515,6 kg/j 930,0 kg/j 930,0 kg/j 82,1 g/j 0,2 kg/j
230,0 kg/j 6,6 kg/j 6,7 kg/j
4/10
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
10 km Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
5/10
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Beoogde situatie" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
5.961,16
Per gebied
Berekend (ha gekarteerd)
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138) Deurnsche Peel & Mariapeel (139) Groote Peel (140) Strabrechtse Heide & Beuven (137) Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux (136) Leudal (147) Sarsven en De Banen (146) Swalmdal (148)
RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
1.891,56
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
2.707,02
0,00
0,00
2.707,02
0,00
0,00
1.325,25
2.652,81
0,00
1.010,40
2.674,15
898,94
5.961,16
124,68
1.891,56
0,51
0,00
1.325,25
1,33
0,00
0,00
1.010,40
124,68
2.266,96
0,00
0,00
898,94
0,28
737,48
2.417,82
0,00
0,00
737,48
0,16
54,58 32,66
2.225,28 2.104,36
0,00 0,00
0,00 0,00
54,58 32,66
0,21 0,22
10,29
2.047,64
0,00
0,00
10,29
0,11
6/10
Projectberekening
Beoogde situatie, Rekenjaar 2023 1
Landbouw | Stalemissies
Naam Stal 3 Uittreedhoogte 1,5 m Locatie X:183071 Y:374239 Uittreeddiameter 3,2 m Wijze van ventilatie Geforceerd Temperatuur 11,85 °C Temporele variatie Dierverblijven Emissie Uittreedrichting Horizontaal Uittreedsnelheid 0,4 m/s Diersoort RAV-code - Omschrijving
BWL-code
NH₃
367,5 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
E5.11 - stal met luchtmengsysteem voor BWL2010.13 17500 NH₃ 0,021 droging strooisellaag in combinatie met een warmtewisselaar (Kippen; vleeskuikens) 2
Landbouw | Stalemissies
Naam Stal 4 Uittreedhoogte 1,5 m Locatie X:183075 Y:374267 Uittreeddiameter 3,2 m Wijze van ventilatie Geforceerd Temperatuur 11,85 °C Temporele variatie Dierverblijven Emissie Uittreedrichting Horizontaal Uittreedsnelheid 0,4 m/s Diersoort RAV-code - Omschrijving
BWL-code
-
NH₃
367,5 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
E5.11 - stal met luchtmengsysteem voor BWL2010.13 17500 NH₃ 0,021 droging strooisellaag in combinatie met een warmtewisselaar (Kippen; vleeskuikens) 3
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Bron 1 X:183217,16 Y:374177,35 722,04 m Buitenweg Van A naar B 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
Max. snelheid
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
367,5 kg/j
-
367,5 kg/j
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
6,0 kg/j 1,5 kg/j 0,2 kg/j
-
-
Voertuigbewegingen
5,0 p/etmaal 5,0 p/etmaal 4,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
7/10
Projectberekening
4
Mobiele werktuigen | Landbouw
Naam Locatie Oppervlakte Naam
Bron 2 X:183245,61 Y:374197,67 1,09 ha
Stageklasse
NOₓ NH₃ Brandstofverbruik
tractor Stage-IIIB, 2011-2013, 56-75 kW, diesel, SCR: 1800 l/j nee verreiker Stage-IIIB, 2011-2013, 56-75 kW, diesel, SCR: 1825 l/j nee 5
Anders... | Anders...
Naam heaters Uittreedhoogte Locatie X:183103,6 Warmteinhoud Y:374234,68 Spreiding Oppervlakte 0,32 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie 6
Bron 1 X:183265,4 Y:374221,82 811,42 m Buitenweg Van A naar B 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
Draaiuren AdBlue verbruik
365 u/j
Max. snelheid
365 u/j
NOₓ
6,6 kg/j
0,0 m 0,000 MW 0m
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Stof Emissie
37,8 kg/j NH₃ 13,5 g/j NOₓ 38,3 kg/j NH₃ 13,7 g/j
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
76,2 kg/j 27,2 g/j
NOₓ
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Voertuigbewegingen
5,0 p/etmaal 5,0 p/etmaal 4,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
6,7 kg/j 1,7 kg/j 0,2 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
8/10
Projectberekening
Referentie Wnb 10-10-08, Rekenjaar 2023 1
Landbouw | Stalemissies
Naam Stal 1 Uittreedhoogte Locatie X:183236 Y:374206 Warmteinhoud Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Dierverblijven Diersoort RAV-code - Omschrijving
1,5 m 0,000 MW BWLcode
Landbouw | Stalemissies
Naam Stal 2 Uittreedhoogte Locatie X:183250 Y:374180 Warmteinhoud Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Dierverblijven Diersoort RAV-code - Omschrijving
1,5 m 0,000 MW BWLcode
Landbouw | Stalemissies
Naam Stal 3 Uittreedhoogte 1,5 m Locatie X:183071 Y:374239 Uittreeddiameter 3,2 m Wijze van ventilatie Geforceerd Temperatuur 11,85 °C Temporele variatie Dierverblijven Emissie Uittreedrichting Horizontaal Uittreedsnelheid 0,4 m/s Diersoort RAV-code - Omschrijving
E5.6 - stal met mixluchtventilatie (Kippen; vleeskuikens) 4
BWL-code
E5.6 - stal met mixluchtventilatie (Kippen; vleeskuikens)
RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
2.080,0 kg/j
515,6 kg/j
NH₃ 4,4
-
281,6 kg/j
NH₃ 13
-
234,0 kg/j
NH₃
930,0 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
Naam Stal 4 Uittreedhoogte 1,5 m Locatie X:183075 Y:374267 Uittreeddiameter 3,2 m Wijze van ventilatie Geforceerd Temperatuur 11,85 °C Temporele variatie Dierverblijven Emissie Uittreedrichting Horizontaal Uittreedsnelheid 0,4 m/s BWL-code
-
NH₃
BWL2005.10 30000 NH₃ 0,031
Landbouw | Stalemissies
Diersoort RAV-code - Omschrijving
NH₃ 13
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
A3.100 - overige huisvestingssystemen Overig 64 (Rundvee; vrouwelijk jongvee tot 2 jaar) A1.100 - overige huisvestingssystemen Overig 18 (Rundvee; melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar) 3
2.080,0 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
A1.100 - overige huisvestingssystemen Overig 160 (Rundvee; melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar) 2
NH₃
-
NH₃
930,0 kg/j 930,0 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
BWL2005.10 30000 NH₃ 0,031
-
930,0 kg/j
9/10
Projectberekening
5
Wegverkeer | Weg
Bron 1 X:183265,4 Y:374221,82 811,42 m Buitenweg Van A naar B 1 Normaal 0m
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 6
Naam
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Mobiele werktuigen | Landbouw
Naam Locatie Oppervlakte
Bron 2 X:183245,61 Y:374197,67 1,09 ha
Stageklasse
Brandstofverbruik
tractor Stage-IIIB, 2011-2013, 56-75 kW, diesel, SCR: 3650 l/j nee verreiker Stage-IIIB, 2011-2013, 56-75 kW, diesel, SCR: 7300 l/j nee 7
Anders... | Anders...
Naam heaters Uittreedhoogte Locatie X:183103,6 Warmteinhoud Y:374234,68 Spreiding Oppervlakte 0,32 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
0,0 m 0,000 MW 0m
-
-
Voertuigbewegingen
6,7 kg/j 1,7 kg/j 0,2 kg/j
In file
5,0 p/etmaal 5,0 p/etmaal 4,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
NOₓ NH₃
230,0 kg/j 82,1 g/j
Draaiuren AdBlue verbruik
Stof Emissie
730 u/j
NOₓ 76,7 kg/j
1460 u/j
NH₃ 27,4 g/j NOₓ 153,3 kg/j NH₃ 54,8 g/j
NOₓ
6,6 kg/j
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022.1_20230405_989cfb3815 Database versie 2022.1_989cfb3815 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/ RbuCjdrtuhec (20 april 2023)
10/10
Gegenereerd op: 6-12-2022
berekend met : V-Stacks Vergunning 2020 Release juli 2020
(c) DNV GL
Page 1
Naam van de berekening: 20221206 Gemaakt op: 2022-12-06 15:27:09 Rekentijd: 0:00:25 Naam van het bedrijf: Berkers, Kokmeeuwenweg 15 plan 2022 Berekende ruwheid: 0,132 m
Brongegevens: Volgnr. BronID
X-coord.
Y-coord.
EP Hoogte
EP Diam.
EP Uittr. snelh. E-Aanvraag
Geb. Hoogte
1
Vleeskuikenstal 3
183 070
374 242
1,5
3,2
0,40
5 775
4,5
2
Vleeskuikenstal 4
183 074
374 272
1,5
3,2
0,40
5 775
4,5
Geur gevoelige locaties: Volgnr. BronID
X-coord.
Y-coord.
Geurnorm
Geurbelasting
3
Veluwsedijk 14
182 958
374 502
10,0
3,6
4
Kokmeeuwenweg 12
183 255
373 928
10,0
1,6
5
Achtermijterbaan 7
183 852
375 030
10,0
0,5
6
Hollideeweg 7
182 035
375 638
5,0
0,2
7
Meijelseweg 68a
182 803
375 994
5,0
0,2
8
Heistraat 17
181 286
376 954
1,0
0,1
9
Meijelseweg 40
181 483
376 941
1,0
0,1
10
Schutter 44
180 600
378 557
1,0
0,0
Gegenereerd op: 6-12-2022
berekend met : V-Stacks Vergunning 2020 Release juli 2020
(c) DNV GL
Page 2
QUICK SCAN FLORA EN FAUNA
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
Datum
: 2 januari 2023
Rapportnummer
: 222-HKo15-nw-v2
Koolweg 64 5759 PZ Helenaveen Tel: 0493-539803 E-mail: mena@m-en-a.nl NL46 INGB 0007735427 KvK: 67445519
Project
: Quick scan flora en fauna in de omgeving Kokmeeuwenweg 15 te Heusden
Opdrachtgever
: VOF Berkers-van Bussel
Datum rapport
: 2 januari 2023
Van toepassing zijnde certificaat Van toepassing zijnde protocollen Nummer certificaat
: NEN-EN-ISO 9001, 2015 : -: EC-KWA-00044
Projectleider Collegiale toets
: Dhr. Ir. W.A. van Aerle : Dhr. A.H.M. Janssen
Voor akkoord: W.A. van Aerle
Voor akkoord: A.H.M. Janssen
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
Inhoudsopgave Hfdst.
Titel
Blz.
1.
Inleiding
1
2. 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6
Inventarisatie flora en fauna Algemeen Beschrijving literatuuronderzoek Natuurnetwerk Nederland Vleermuissoorten Informatie door de KNNV Beschermde natuurgebieden
2 2 3 4 5 6 6
3.
Veldonderzoek door M&A
7
4.
Potentiële natuursoorten en relatie met ontwikkeling
9
5.
Conclusie
12
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3
: Situatietekening en luchtfoto : Foto’s onderzoekslocatie en omgeving : Natuurgegevens provincie Noord-Brabant
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
1. Inleiding Op 2 december 2022 is door VOF Berkers-van Bussel aan M&A Omgeving BV opdracht verleend tot het uitvoeren van een quick scan flora en fauna voor de sloop van twee stallen, een mestsilo en sleufsilo’s op een perceel aan de Kokmeeuwenweg 15 in Heusden. De bestemming van de locatie wordt hiervoor gewijzigd. De uitvoering van de quick scan is een eerste stap om te vermijden dat soorten verstoord of vernietigd kunnen worden bij de uitvoering van nieuwe ontwikkelingen. Met een bureauonderzoek en veldwerkonderzoeken wordt vastgesteld of er bij de plannen sprake kan zijn op overtreding van de Wet natuurbescherming, of dat deze met eenvoudige maatregelen zijn te voorkomen. In verband met de sloop op de locatie dient te worden aangetoond dat er geen negatieve consequenties gelden voor de natuurwaarden in het gebied. De onderzoekslocatie is gesitueerd in het buitengebied ten zuiden van de bebouwde kom van Heusden. Dit natuurwaardenonderzoek beschrijft of het voornemen van de sloop consequenties kunnen hebben voor de in het gebied aanwezige beschermde flora en fauna en met name voor jaarrond beschermde soorten. De luchtfoto en situatietekening van de locatie is weergegeven in bijlage 1.
1
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
2. Inventarisatie flora en fauna 2.1 Algemeen In dit onderzoek zijn de huidige natuurwaarden onderzocht middels actuele literatuurgegevens. Hiervoor kan op een drietal manieren informatie worden verkregen: 1. Literatuuronderzoek door gegevens op te vragen bij het Natuurhistorisch Genootschappen, de provincie, SOVON, Vlinderstichting, RAVON, FLORON, VZZ en EIS. 2. Literatuuronderzoek middels het nemen van contact met plaatselijke natuur- en milieu instanties als IVN-afdelingen, vogelwachten, kringen van het Natuurhistorisch Genootschap etc. 3. Aanvullende hierop, het uitvoeren van een veldonderzoek. In onderhavige situatie zijn in eerste instantie stappen 1 en 3 uitgevoerd. Het opnemen met plaatselijke natuurverenigingen was ons inziens in dit geval niet noodzakelijk, daar de inventarisatie voldoende duidelijke gegevens opleverde. Algemeen doel van het onderzoek is een beeld te krijgen van de aanwezige flora en fauna. Daarbij is de nadruk gelegd op beschermde, bedreigde en schaarse soorten en soorten die specifieke milieuomstandigheden indiceren.
2
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
2.2 Literatuuronderzoek Bij het literatuuronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd; 1. Het Natuurloket (SOVON, De Vlinderstichting, RAVON, EIS Nederland, FLORON, VZZ, BLWG, NMV) 2. Ministerie EZ; Vogel- en Habitatrichtlijngebieden 3. Natuurnetwerk Nederland (natuurbeheerplan Provincie Limburg) 4. Natuurbeheerplan van de gemeente Asten 5. Wet natuurbescherming (van kracht per 1-1-2017) Vervolgens is gekeken naar de status van de waarnemingen binnen de Wet natuurbescherming (Wnb), Commissie van Bern en de Nederlandse Rode Lijst. Voor deze en een aantal extra soorten geldt het “Nee, tenzij” principe als deze soorten in het plangebied voorkomen en bij ingrepen die het leefgebied aantasten. Indien beschermde vogel- en/of zoogdiersoorten voorkomen, gelden binnen de Wet natuurbescherming bij de aanleg van een nieuwe functie in een gebied de voorwaarden van hoofdstuk 3. Hierin wordt voor soorten volgens de Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn het verbod om dieren te doden en verwonden, te verontrusten en de nesten, holen of andere voortplantings- of vaste verblijfplaatsen van deze dieren te verstoren, te beschadigen of weg te nemen. Dit betekent voor permanente nest- en/of verblijfplaatsen van beschermde soorten dat altijd een ontheffing van de Wnb aangevraagd dient te worden bij Gedeputeerde Staten.
Binnen het broedseizoen wordt geen ontheffing verleend voor de verstoring hiervan. Voor beschermde soorten die alleen in het broedseizoen op de locatie nestelen en/of verblijven, betekent dit dat geen bouw- en sloopwerkzaamheden kunnen worden uitgevoerd in deze periode. Over het algemeen betreft deze periode het voorjaar en begin van de zomer, globaal van 15 maart tot 15 juli. Indien binnen deze periode bouw- en / of sloopwerkzaamheden worden verricht, dan moet een ontheffing in het kader van de Wnb bij Gedeputeerde Staten worden aangevraagd.
3
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
2.3 Natuurnetwerk Nederland Natuurnetwerk Nederland (voorheen ecologische hoofdstructuur) is een netwerk van natuurgebieden en verbindingszones. Planten en dieren kunnen zich zo van het ene naar het andere gebied verplaatsen. Op plekken waar gaten in het netwerk zitten, legt de provincie nieuwe natuur aan. In de omgeving van de slooplocatie zijn geen ecologische verbindingszones aanwezig. De locatie is gesitueerd in een Natte Natuurparel behorende bij het Natura 2000 gebied ‘Groote Peel’. De gronden van de onderzoekslocatie zijn niet aangewezen als gewenste nieuwe natuur of te verwerven percelen in het kader van natuurbeheer. Door de sanering van de rundveehouderij op de locatie, kan worden gesteld dat de sloop van de opstallen uiteindelijk een positieve invloed zal hebben op de beschermde natuurgebieden. Door het saneren van de rundveehouderij op de locatie zal de stikstofdepositie voor een groot gedeelte worden gereduceerd.
4
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
2.4 Vleermuissoorten De meest voorkomende soorten in Nederland volgens de ‘Verspreidingsatlas vleermuizen’, maar ook in het betreffende gebied, zijn de Bruine Grootoorvleermuis, de Gewone Dwergvleermuis en de Ruige Dwergvleermuis. Verder komen in de regio de Laatvlieger, Rosse Vleermuis en Baardvleermuis veelvuldig voor in de bebouwde omgeving.
Gewone Dwergvleermuis
Bruine Grootoorvleermuis
De vleermuissoorten hebben een divers leefgebied (bossen, begroeide landschappen, nabij open water etc.). Vleermuizen hebben hun habitat (winter-, kraam-, zomer- en paar-verblijfplaatsen) vaak in bebouwing, bomen of opgaande gewassen. Foerageergebieden en vlieg-/migratieroutes zijn afhankelijk van landschappelijke kenmerken zoals water, lijnvormige landschapselementen (kust, dijken, duinen, rivierdalen en waterpartijen) en kleinschalige groenelementen (parken, kleine bossen). Mogelijke verblijfplaatsen van de zoogdieren zijn gebouwen, bomen, grotten, groeves, kelders, bruggen, tunnels of andere objecten met ruimte.
5
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
2.5 Informatie door het KNNV Bij het KNNV te Zeist, Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging, een vereniging voor veldbiologie, is navraag gedaan over informatie met betrekking tot natuurdata over de locatie Kokmeeuwenweg 15 in Heusden. Uit dit telefonisch contact is duidelijk geworden dat de vereniging van de omgeving geen nadere natuurinformatie heeft.
2.6 Resultaten literatuuronderzoek 2.6.1 Vogel- en Habitatrichtlijngebieden Via het ministerie van EZ zijn de Vogel- en Habitatrichtlijnkaarten beschouwd en hieruit kan worden geconcludeerd dat de locatie vlakbij het Natura 2000 gebied ‘Groote Peel’ is gesitueerd. De ontwikkelingen op het perceel hebben gezien de afstand tot het gebied geen invloed op beschermde natuurgebieden. Door het wegvallen van een groot gedeelte van de stikstof depositie door het saneren van de rundveehouderij op de locatie, zal zelfs een positief effect worden bewerkstelligd voor de Natura 2000 gebieden.
6
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
3. Veldonderzoek door M&A Op 6 december 2022 zijn veldonderzoeken uitgevoerd op de onderzoekslocatie, door W.A. van Aerle. De heer van Aerle heeft deskundigheid op het gebied van flora en fauna en in het bijzonder in inheemse zoogdieren en broedvogels. De buitentemperatuur bedroeg op 6 december 2022 ongeveer 8 °C (van 7.00 tot 9.00 uur), luchtvochtigheid 30% en 6/8 bewolkingsgraad. Er was geen neerslag. Broedvogelsoorten Tijdens de veldbezoeken is gekeken naar flora en fauna. Daarbij is op de locatie van de te slopen gebouwen (2 stallen, mestsilo en sleufsilo’s) rastermatig het gebied verkend. De milieuhinder (geluid, geur, luchtkwaliteit, licht etc.), door de sloop van de gebouwen, zal reeds op een afstand van 100 meter minimaal zijn. Eventuele natuurwaarden op grotere afstand zullen geen enkele invloed meer ondervinden van de werkzaamheden. Tijdens het veldonderzoek in december 2022 zijn een aantal inheemse soorten (Huismussen, Spreeuwen, Koolmezen, Kouwen, Kraaien, Merel, Buizerd) waargenomen. Tijdens het veldonderzoek in de dagperiode zijn geen (verlaten) verblijfplaatsen / nesten van jaarrond beschermde soorten zoals bijvoorbeeld Huismussen of Gierzwaluwen waargenomen. Gierzwaluwen zijn op de locatie niet waarschijnlijk, omdat de mogelijke uitvlieghoogten beperkt zijn.
Gierzwaluwen verkiezen vaak een minimale uitvlieghoogte tussen 4 en 5 meter of hoger en dit is bij de gebouwen op het perceel nauwelijks mogelijk. De agrarische bedrijfsgebouwen zijn onderzocht op eventuele nesten / verblijfplaatsen van vogels, vleermuizen en uilen. Hierbij is niets aangetroffen. Bij de inventarisatie is ook speciale aandacht besteed aan andere kenmerken van broedende vogelsoorten, zoals uitwerpselen en achtergelaten nestmateriaal. In de gebouwen is met name gelet op de aanwezigheid of kenmerken van voormalige aanwezigheid van uilen, vleermuizen of broedvogels. Kieren en gaten in de muren van de stallen en de aansluitingen van de muren op de daken zijn met behulp van een camera (Novascope) geïnspecteerd. Hierbij is gelet op aanwezigheid van soorten, nesten en sporen van broedvogels en vleermuizen. Hierbij zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor de aanwezigheid van fauna.
7
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
Vleermuizen Bij het veldbezoek is met name speciaal gelet op de aanwezigheid van verblijfplaatsen voor vleermuizen. Deze zijn echter niet aangetroffen in de te slopen bebouwing. Op de onderzoekslocatie is verder weinig begroeiing aanwezig. Vanwege de lage buitentemperatuur is geen avondbezoek uitgevoerd. Andere hulpmiddelen, zoals een mistnetonderzoek of boomcamera zijn evenmin om deze reden toegepast. Overige soorten Voor de overige soorten is met name gelet op marterachtigen, zoals de steenmarter, bunzing en hermelijn. Er zijn geen sluip- of vraatsporen aangetroffen van deze soorten. De kans dat deze zullen worden aangetroffen zijn als klein te beschouwen. De bebouwing leent zich namelijk niet als verblijfplaats voor deze soorten, vanwege het feit dat in de stallen regelmatig mensen aan het werk zijn. Op de wei- en akkerlanden rondom het perceel zijn geen sporen van de Das of marterachtigen aangetroffen. Deze kunnen het gebied gebruiken als foeragegebied. Ook op de onderzoekslocatie zelf zijn geen sporen aangetroffen en er zijn voor deze soorten ook geen verblijfplaatsen op de onderzoekslocatie.
8
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
4. Potentiële natuursoorten en relatie met ontwikkeling De fysieke ontwikkeling ter plaatse betreft de sloop van stallen, mestsilo en sleufsilo op het perceel. Het aantal verkeersontwikkelingen zal door de werkzaamheden niet toenemen. De emissie van geluid, geur of stof zal door de nieuwe ontwikkeling ruimschoots binnen de te stellen normering blijven. Door de sanering van de rundveehouderij op de locatie zal de stikstofdepositie voor een groot gedeelte wegvallen, zodat qua stikstofdepositie een positief effect wordt bewerkstelligd op de natuurgebieden. Per natuursoort zal worden aangegeven wat de invloed van de ontwikkeling is op de mogelijk voorkomende natuursoorten zal zijn. Flora Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde soorten planten aangetroffen. Er is dus geen invloed van de ontwikkeling hierop. Vogels Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied geschikt is als onderdeel van het foerageergebied. Er is weinig begroeiing aanwezig op het perceel, zodat broedplaatsen op het perceel schaars zijn. Er zijn tijdens het veldonderzoek een aantal inheemse soorten waargenomen. Er zijn in de te slopen bebouwing geen broed- / verblijfplaatsen aanwezig. Omdat bij de inventarisatie geen beschermde soorten zijn waargenomen, is het niet waarschijnlijk dat verstoring optreedt bij de werkzaamheden.
In de nieuwe situatie blijven de foerageermogelijkheden aanwezig, zodat er netto geen wijzigingen in het gebied optreden voor broedvogelsoorten. Ook in de omgeving blijven ruimschoots voldoende mogelijkheden over, zodat de invloed op de vogels buiten het broedseizoen te verwaarlozen is.
9
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
Zoogdieren Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied niet geschikt is voor grondgebonden zoogdieren, omdat het perceel rond de stallen grotendeels verhard is. Tijdens het veldbezoek zijn ook geen sporen aangetroffen van beschermde zoogdieren. Rondom het plangebied zijn geen sporen of mogelijk verblijfplaatsen aangetroffen van vleermuizen. De te slopen bebouwing is hierop degelijk onderzocht. Het is wel mogelijk dat het gebied wordt gebruikt als foerageergebied. De werkzaamheden tijdens de sloop zullen dus geen verstoring betekenen van eventueel vleermuizen. Ook hiervoor geldt dat er voldoende mogelijkheden in de directe omgeving resteren, zodat de invloed van de ontwikkeling op genoemde soorten als klein beschouwd kan worden. Op de wei- en akkerlanden rondom het perceel zijn geen sporen van de Das en kleine marterachtigen aangetroffen. Deze gebruiken het gebied als foeragegebied, maar op de onderzoekslocatie zelf zijn geen sporen aangetroffen. Reptielen en amfibieën Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat de omgeving van het onderzoeksgebied niet geschikt is als onderdeel van het leefgebied van zowel reptielen als amfibieën. De voorwaarde hiervoor is de aanwezigheid van water in de onmiddellijke nabijheid en dat is hier niet het geval.
Voor reptielen die op droge gronden habiteren is het perceel minder geschikt, vanwege de aanwezigheid van de verhardingen. In de omgeving zijn er ruimschoots habitats mogelijk voor deze soorten. Vlinders en libellen Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksperceel zelf minder geschikt is als onderdeel van het leefgebied van zowel vlinders als libellen, vanwege het ontbreken van waadplanten op het perceel en van water in de directe nabijheid. In de omgeving van het onderzoeksgebied is wel een juiste biotoop voor vlinders en libellen aanwezig. Tijdens het veldbezoek zijn geen soorten geconstateerd.
10
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
Mieren en kevers of overige ongewervelden Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied niet geschikt is voor beschermde soorten kevers, omdat er geen geschikte biotopen aanwezig zijn. Voor het voorkomen van beschermde soorten mieren is de aanwezigheid van open naaldbossen een voorwaarde. Tijdens het veldbezoek zijn geen soorten geconstateerd. Ook hier geldt dat de ontwikkeling op het perceel geen invloed heeft op de aanwezigheid van mieren, kevers of overige ongewervelden in het gebied. Vissen Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat in de omgeving van het onderzoeksgebied geen vissen kunnen voorkomen, omdat er geen water in de directe nabijheid aanwezig is. De sloten in de directe omgeving zijn hiervoor niet geschikt.
11
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
5. Conclusie Door het literatuuronderzoek van de inventarisatie is aangetoond dat het mogelijk is dat in het gebied beschermde flora of fauna (voornamelijk vleermuizen, broed- en wintervogels) voor kunnen komen (zie inventarisatie Natuurloket). In de nabijheid van het perceel zijn tijdens het veldbezoek in december 2022 echter geen waarnemingen gedaan van schaarse soorten. Ook rondom het perceel zijn bij de inventarisaties geen waarnemingen gedaan van beschermde soorten (waaronder jaarrond beschermde soorten, zoals bijvoorbeeld Huismussen, (nesten van) Gierzwaluwen, uilen en vleermuissoorten. Het veldonderzoek, uitgevoerd in de dagperiode op 6 december 2022, zijn buiten het broedvogelseizoen uitgevoerd. Daarom is er speciale aandacht besteed aan andere kenmerken van broedende vogelsoorten. Onder andere uitwerpselen van broedvogelsoorten, achtergebleven nestmaterialen en vraatsporen zijn kenmerken waarop speciaal is gelet. Het veldonderzoek kan daarom als vrij uitvoerig worden beschouwd. Bij de inventarisaties is ook aandacht besteed aan verblijfplaatsen van vleermuizen en nestkasten en -mogelijkheden in het gebied. Bij de inventarisatie van de vleermuizen is extra aandacht besteed aan mestsporen, keutels en vraatsporen.
De kieren en openingen in de te slopen bebouwing zijn onderzocht met een camera (Novascope) en hierbij zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor verblijfplaatsen van fauna. De afstanden tot de ecologische verbindingszones zijn voldoende groot om te kunnen stellen dat de ontwikkelingen in het plangebied een positieve invloed zullen hebben op de beschermde natuurgebieden. Dit is vanwege het wegvallen van een groot gedeelte van de stikstofdepositie door de sanering van de rundveehouderij op de locatie. Door de sloop van de bebouwing op het perceel, wordt het karakter van het gebied in geringe mate beïnvloed. Er verdwijnen echter geen verblijfs- of broedmogelijkheden, gezien de resultaten van de veldonderzoeken.
12
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
Bij de werkzaamheden dient niettemin aandacht te worden besteed aan eventuele verstoring van natuurwaarden in het algemeen. Door extra zorg hieraan de besteden tijdens de sloop- en bouwwerkzaamheden, wordt vermeden dat de dieren hiervan teveel hinder zullen ondervinden. Op grond van deze inventarisatie gelden er geen belemmeringen voor de plannen op grond van de natuurwaarden.
13
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
Bijlage 1 : Situatietekening en luchtfoto
M&A Omgeving BV
ATN01D 03534G0000
ATN01D 03047G0000
ATN01D 03330G0000
1
5
15
Kokmeeuwenweg
4
3
ATN01D 03418G0000 ATN01D 03419G0000
Situatie: gemeente sectie nummer(s) Schaal
: Asten : D : 34118/3330 : 1:2000
ATN01D 02826G0000
Kruisbaan
2
Ì» -´±°»²
®±±¼ ±³´·¶²¼ ©±®¼¬ ¹»-´±±°¬
Doorsnede C-C sleufsilo
Doorsnede D-D
Wanden Vloeren
Wanden : stalen wand Vloeren : betonvloer Dak : zeil Mestopslag
: prefab beton : betonvloer
60000
sleufsilo
50000
T2
sleufsilo
35000
3100
15000
sleufsilo
D
D mestsilo
S3
S4
24380
5000
16000
3500
500
13400
2250 2270
A
3000
A
11
A
A
7
R
tuk s
O
5
2
55 s
tuk s
6
1
S6
jon gv ee en 34 s
T3
sleufsilo
ove rig ru
S5
44 stu ks jon gv ee
nd vee
voergang
ou de rd an 2
jaa r
voergang
12
T4 afstort voergang
kapbox 2270
melk robot
n eie ko elk m 3 5320
G
fietsenberging werkplaats
garage
WOONHUIS
6470
13260
7320
9
14500
5500
13400
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
Bijlage 2 : Foto’s onderzoekslocatie en omgeving
Kokmeeuwenweg 15, Heusden
M&A Omgeving BV
Bijlage 3 : Natuurgegevens provincie Noord-Brabant