GR21.07.07A Raadsvoorstel Herstelbesluit bestemmingsplan 'Asten Verzamelplan 2019-1'.docx
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL BIJ ZAAKNUMMER: 2021027371 Onderwerp: Herstelbesluit bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’
Bijlage(n): Vergadering van: 5
6 juli 2021
Agendanummer:
p.h.:
21.07.07
de raad van de gemeente Asten Samenvatting De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 7 april 2021 uitspraak gedaan inzake het beroep tegen het bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’. Het beroep richtte zich tegen de beantwoording van de zienswijze van A.B. Veenstra & Zn Zand en Grind B.V. (hierna: Veenstra). De Raad van State heeft het beroep gegrond verklaard en het besluit van uw raad om het bestemmingsplan vast te stellen – voor wat betreft de locatie Beekstraat 20 – vernietigd. De Raad van State draagt uw raad op om binnen 20 weken na uitspraak een nieuw besluit te nemen op de zienswijze van Veenstra. Beslispunten 1. Instemmen met de gewijzigde zienswijzennota. 2. Het analoge en digitale bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’ met planidentificatienummer NL.IMRO.0743.BP02019001-VS02 gewijzigd vaststellen. Inleiding Op 25 juni 2019 heeft uw raad het bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’ vastgesteld. Tegen dit besluit is door Veenstra beroep ingesteld bij de Raad van State. Het beroep richtte zich tegen het antwoord van uw raad op de door Veenstra ingediende zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan. Op 7 april 2021 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan (zie bijlage). De Raad van State heeft het beroep van Veenstra op de volgende punten gegrond verklaard: 1.
Veenstra heeft in zijn zienswijze op het verzamelplan verzocht de bestemming van Beekstraat 20 te wijzigen van ‘Wonen’ in ‘Bedrijf – Agrarisch verwant’. Op het moment van indienen van de zienswijze bevond de bestemmingsplanprocedure zich reeds in vergevorderd stadium. Dit was voor uw raad (onder andere) reden om de locatie niet meer in het verzamelplan op te nemen. De Raad van State oordeelt dat het indienen van een zienswijze een passende en gebruikelijke manier is om een initiatief kenbaar te maken. Dit betekent dat we het initiatief van Veenstra - ondanks het feit dat de procedure al vergevorderd was – inhoudelijk hadden moeten beoordelen. 2. Andere reden om Beekstraat 20 niet in het verzamelplan op te nemen was dat het college van burgemeester en wethouders reeds meerdere keren negatief op het initiatief van Veenstra had besloten. Het gaat daarbij onder andere om het collegebesluit van 26 maart 2019 om geen medewerking te verlenen aan het opstarten van een wijzigingsprocedure (collegebevoegdheid).
JB
De Raad van State oordeelt dat uw raad niet had kunnen volstaan met een verwijzing naar de eerdere besluiten van het college van burgemeester en wethouders. Uw raad had de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het initiatief van Veenstra zelf moeten beoordelen. De Raad van State overweegt daarbij dat het college de eerdere verzoeken van Veenstra heeft afgewezen, omdat ze niet pasten binnen de kaders van de wijzigingsbevoegdheden uit het bestemmingsplan buitengebied. In dat verband merkt de Raad van State op dat het feit dat een initiatief niet binnen een wijzigingsbevoegdheid past niets zegt over de ruimtelijke aanvaardbaarheid ervan. Bovendien reiken de bevoegdheden van uw raad om een bestemming te wijzigen verder dan die van het college. 3. Op het perceel Beekstraat 20 is circa 300 m2 voormalige agrarische bedrijfsbebouwing aanwezig in de vorm van een voormalige kippenschuur. Op grond van het huidige bestemmingsplan valt deze kippenschuur (grotendeels) onder het overgangsrecht. Veenstra heeft in haar zienswijze verzocht de kippenschuur positief te bestemmen als bedrijfsgebouw voor de zand- en grindhandel. De Raad van State oordeelt dat in de zienswijzenota ten onrechte niet op de kippenschuur is ingegaan en dat het bestemmingsplan ook op dit punt onvoldoende zorgvuldig is voorbereid.
In haar uitspraak draagt de Afdeling uw raad op om binnen 20 weken na uitspraak een nieuw besluit te nemen op de door Veenstra ingediende zienswijze. Beoordeling zienswijze Naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State hebben we de zienswijze van Veenstra (alsnog) inhoudelijk beoordeeld. Kort samengevat komen wij tot de volgende conclusies: 1. De zand- en grindhandel van Veenstra is een niet-agrarisch bedrijf. Er is geen sprake van ‘agrarisch verwant bedrijf’ of ‘agrarisch-technisch hulpbedrijf’. Het wijzigen van de bestemming van Beekstraat 20 van ‘Wonen’ in ‘Bedrijf – Agrarisch verwant’ beidt derhalve geen soelaas. 2. De vestiging van niet-agrarische bedrijven in het buitengebied is alleen mogelijk onder strikte voorwaarden. Belangrijke eis is dat een locatie is gelegen in een door uw raad aangewezen bebouwingsconcentratie of het urgentiegebied ten zuiden van Heusden. De argumenten hiervoor zijn als volgt: - In het urgentiegebied ten zuiden Heusden hebben we te maken met een overschrijding ten aanzien van geur- en fijnstof. Uw raad heeft er bewust voor gekozen om in het urgentiegebied ruimere omschakelingsmogelijkheden te bieden voor (voormalige) agrarische bedrijfslocaties. Bedoeling is om omschakeling in dit gebied te stimuleren en de transitie buitengebied te versnellen.
- In de bebouwingsconcentraties is van oudsher al sprake van een bepaalde mate van functiemenging tussen agrarische en niet-agrarische functies. Vandaar dat herbestemming van (voormalige) agrarische bedrijfslocaties voor (kleinschalige) niet-agrarische bedrijven in de bebouwingsconcentraties (onder voorwaarden) tot de mogelijkheden behoort. - Niet-agrarische bedrijven horen in beginsel thuis op de speciaal daarvoor ingerichte bedrijventerreinen. Vanuit het oogpunt van functiescheiding, veiligheid en verkeer (ontsluiting) streven we ernaar niet-agrarische bedrijven zoveel mogelijk op de bedrijventerreinen te concentreren. Beekstraat 20 ligt niet in een urgentiegebied of bebouwingsconcentratie. Het legaliseren van de zand- en grindhandel van Veenstra is daarom niet wenselijk. Wij zien in voorliggend geval geen zwaarwegende redenen om van het beleid voor nietagrarische bedrijven in het buitengebied af te wijken. 3. Veenstra heeft een nieuwe locatie voor zijn bedrijf gevonden op het bedrijventerrein van Nederweert. Bovendien zijn er concrete plannen om de bestemming van Beekstraat 20 te wijzigen in ‘Recreatie’. Bedoeling is om de voormalige kippenschuur te transformeren tot bed & breakfast met tien slaapplaatsen. Op het achterterrein wil
2/5
Veenstra acht camperplaatsen en acht paardenboxen realiseren. Gelet op deze ontwikkelingen is het belang van Veenstra om de bestemming van Beekstraat 20 te wijzigen ten behoeve van een zand- en grindhandel komen te vervallen. 4. Voor de recreatieve plannen van Veenstra is het noodzakelijk het bestemmingsplan te herzien. Hiertoe dient Veenstra een definitief verzoek, inclusief ruimtelijke onderbouwing in te dienen. Voorstel is om de kippenschuur te zijner tijd mee te nemen in de bestemmingsplanprocedure. Opmerking: De volledige beantwoording van de zienswijze van Veenstra is te vinden in de nota van zienswijzen (zie bijlage). Advies Ons advies is om geen medewerking aan het initiatief van Veenstra te verlenen en de locatie Beekstraat 20 niet (alsnog) in het verzamelplan op te nemen. Naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State hebben wij een nieuwe versie van de nota van zienswijzen opgesteld met daarin een uitgebreide reactie op de zienswijze van Veenstra. Wij verzoeken uw raad om in te stemmen met de voorgestelde beantwoording en het bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’ opnieuw vast te stellen. Wat willen we bereiken Een nieuw raadsbesluit dat tegemoet komt aan de uitspraak van de Raad van State. Wat gaan we daarvoor doen Na vaststelling door uw raad zullen we het bestemmingsplan opnieuw publiceren.
Indien er geen beroep wordt ingediend, treedt het bestemmingsplan in werking na afloop van de beroepstermijn en is het onherroepelijk. Alleen Veenstra is nog belanghebbend en kan beroep indienen tegen het nieuwe vaststellingsbesluit. Mogelijke alternatieven Niet van toepassing. Toekomstagenda Asten 2030 / Vitale democratie Niet van toepassing. Risico’s - De vaststelling van het bestemmingsplan staat opnieuw open voor beroep. Beroep tegen het nieuwe vaststellingsbesluit kan enkel betrekking hebben op de voor Beekstraat 20 doorgevoerde wijzigingen. Verder geldt dat beroep enkel open staat voor degenen die eerder ook een zienswijze naar voren hebben gebracht. Feitelijk betekent dit dat alleen Veenstra in beroep kan. - De bedrijfsactiviteiten op het perceel Beekstraat 20 te Asten zijn in strijd met het bestemmingsplan ‘Buitengebied Asten 2016’. Op 8 februari 2019 hebben wij een last onder dwangsom opgelegd teneinde alle overtredingen op het perceel te beëindigen en beëindigd te houden. Veenstra heeft tot 1 april 2021 de tijd gekregen om de bedrijfsactiviteiten op zijn perceel te staken. Inmiddels heeft Veenstra een nieuwe locatie voor zijn bedrijf gevonden op het bedrijventerrein in Nederweert.
Wanneer uw raad er – in afwijking van ons advies – voor kiest om een positief besluit op de zienswijze van Veenstra te nemen, bestaat het risico dat Veenstra ons aansprakelijk stelt voor de kosten voor de verhuizing van zijn bedrijf naar Nederweert. Een dergelijk besluit kan bovendien leiden tot ongewenste precedentwerking, doordat er mogelijk meer niet-agrarische bedrijven zijn die zich willen vestigen op een locatie die niet conform ons beleid is. Communicatie We zullen het bestemmingsplan via de gebruikelijke weg publiceren.
3/5
Wat mag het kosten Niet van toepassing. Bijlage(n)/ter inzage (incl. Document-nr) 1. Raadsbesluit (2021027376) 2. Zienwijze Veenstra (2019021745) 3. Uitspraak 201907069/1/R2 (2021027383) 4. Aangepaste toelichting bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’ (2021027675) 5. Aangepaste zienswijzennota bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’ (2021030116)
K.vanDooren@asten.nl
4/5
RAADSBESLUIT Onderwerp:
Dagtekening:
Agendanummer:
Herstelbesluit bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’
6 juli 2021
21.07.07
De raad van de gemeente Asten; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 25 mei 2021 met zaaknummer 2021027371; gehoord het advies van de commissie Ruimte van 22 juni 2021; besluit: 1. in te stemmen met de gewijzigde zienswijzennota; 2. het analoge en digitale bestemmingsplan ‘Asten Verzamelplan 2019-1’ met planidentificatienummer NL.IMRO.0743.BP02019001-VS02 gewijzigd vast te stellen. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Asten van 6 juli 2021. De raad voornoemd, griffier, mr. M.B.W. van Erp-Sonnemans
voorzitter, A.A.H.C.M. van Extel-van Katwijk