D-09 Voornemen tot oprichting Gemeenschappelijke Regeling 'Jeugdregio een 10 voor de jeugd'
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF ZAAKNUMMER : 07432024127797 AAN
: de raad, t.a.v. commissie Samenleving en Bestuur
VAN Namens deze:
: College van B&W : Wethouder J.P. Spoor
DATUM
: 10 december 2024
ONDERWERP
: Voornemen tot oprichting van de Gemeenschappelijke Regeling 'Jeugdregio een 10 voor de jeugd'
Samenvatting Nieuwe wetgeving beoogt dat gemeenten hun verantwoordelijkheid voor specialistische jeugdzorg effectiever organiseren via inkoop op regionaal niveau via een GR. Door deze verplichte wijziging kunnen we voldoen aan de aangescherpte eisen en landelijke doelstellingen voor jeugdzorg, zoals continuïteit, kwaliteit, kostenbeheersing en een versterkte democratische legitimering. De overgang naar een GR brengt geen wezenlijke verandering in de bestaande werkwijze van ‘Een 10 voor de Jeugd’. De GR verstevigt en borgt deze werkwijze in een juridisch bindend kader. Inleiding Met deze brief informeren wij u over ons voornemen om de huidige samenwerking in de jeugdhulpverlening onder ‘Een 10 voor de Jeugd’ zoals die al sinds 2020 bestaat voort te zetten in de vorm van een gemeenschappelijke regeling (GR). Dit voornemen vloeit voort uit de nieuwe eisen in de landelijke Hervormingsagenda Jeugd en de aanstaande Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg. De nieuwe wetgeving beoogt dat gemeenten hun verantwoordelijkheid voor specialistische jeugdzorg effectiever organiseren via inkoop op regionaal niveau via een GR. Onze regio, die in een beoordeling door het Ministerie recentelijk nog als een robuuste samenwerking is aangemerkt, kan met deze GR de al bestaande doeltreffende, praktische en kostenefficiënte samenwerking dus continueren.
De GR is daarmee vooral een technische stap om aan de nieuwe wettelijke eisen te voldoen zonder de bestaande effectieve samenwerking te onderbreken. Inhoud bericht Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) wordt de gemeenteraad gevraagd om een zienswijze te geven op de concept-GR, en op een later moment toestemming te verlenen voor het definitieve besluit van het college om tot de regeling toe te treden. Wij benadrukken hierbij dat de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg ons verplicht om deze stap te nemen. De GR moet worden vastgesteld om als regio te blijven voldoen aan de wettelijke eisen op het gebied van jeugdzorg. De indeling van de (jeugd)regio is wettelijk vastgelegd, zodat hierin geen keuze kan worden gemaakt. De huidige samenwerkende gemeenten onder de vlag van 10 voor de Jeugd vormen straks ook de verplichte jeugdregio.
1. Met deze GR kan de al bestaande doeltreffende, praktische en kostenefficiënte samenwerking worden gecontinueerd. De GR is daarmee vooral een technische stap om aan de nieuwe wettelijke eisen te voldoen zonder de bestaande effectieve samenwerking te onderbreken. 2. Door deze verplichte wijziging kunnen we voldoen aan de aangescherpte eisen en landelijke doelstellingen voor jeugdzorg, zoals continuïteit, kwaliteit, kostenbeheersing en een versterkte democratische legitimering. 3. De overgang naar een GR brengt geen wezenlijke verandering in de bestaande werkwijze van ‘Een 10 voor de Jeugd’. De GR verstevigt en borgt deze werkwijze in een juridisch bindend kader. De GR zal zich specifiek richten op het gezamenlijk inkopen en organiseren van specialistische jeugdhulp. Enkele uitgangspunten in de overgang naar de GR zijn: Behoud van effectieve werkwijzen: waar mogelijk blijven we gebruikmaken van bestaande processen die de samenwerking versterken. Geen eigen personeel binnen de GR: de uitvoering van taken blijft liggen bij de deelnemende gemeenten. Hierdoor blijft de GR-organisatie licht en worden onnodige kosten voorkomen. De uitvoerende bedrijfsvoeringstaken worden, gelet op hun onderlinge samenhang, uitgevoerd door één partij waarmee een dienstverleningovereenkomst wordt gesloten.
Efficiënte besluitvormingsstructuur: de bestaande communicatie- en besluitvormingslijnen blijven behouden en worden zo ingericht dat de invloed van alle deelnemende gemeenten gewaarborgd blijft. Vervolg Er is een projectteam met medewerkers van de deelnemende gemeenten en organisaties. Dit projectteam heeft een externe projectleider. Het projectteam werkt momenteel aan de benodigde documenten, waaronder de gemeenschappelijke regeling en mandaatbesluiten. De juridische ingangsdatum van de GR is voorzien per 1 januari 2026, met besluitvorming in de raden en colleges vóór de zomer van 2025. * Raadsconsultatie: u krijgt als de colleges hebben besloten op de conceptregeling de gelegenheid tot het geven van uw zienswijze op het ontwerp van de regeling zoals voorzien in de Wgr (art 1 lid 3). De verwachting is dat ons college u dit begin februari 2025 kan aanbieden waarbij we ons richten op besluitvorming in uw raad daarover in de 2e helft van maart. * Verzoek toestemming: nadat alle zienswijzen zijn ontvangen en eventueel daaruit volgende wijzigingen zijn verwerkt krijgt u het verzoek om ons college toestemming te verlenen om de GR daadwerkelijk te starten (art 1 lid 4 Wgr). De verwachting is dat ons college u dit april – mei 2025 kan aanbieden waarbij we ons richten op besluitvorming in uw raad daarover in juni.
* Besluitvorming zomer 2025: nadat de benodigde toestemming is ontvangen zullen de colleges van de deelnemende gemeenten de GR dan ook met elkaar starten. De verwachting is dat de colleges dit medio juni 2025 zullen doen. Bijlage -