D-06 Bijlage 1 - Uitvoerings- en handhavingsstrategie VTH 2025-2028
Tekst van het document
Uitvoerings- en handhavingsstrategie Gemeente Asten Voor de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhavingstaken in de fysieke leefomgeving 2025-2028
2
Titel: Uitvoerings- en handhavingsstrategie voor de uitvoering van vergunningverlening-, toezicht- en handhavingstaken in de fysieke leefomgeving gemeente Asten 2025-2028 Datum vaststelling: 10 december 2024
3
Inhoud 1 Inleiding .........................................................................................................................................................5 2 Wettelijk kader U&HS ....................................................................................................................................7 2.1 Reikwijdte ...............................................................................................................................................8 2.2 Doel .......................................................................................................................................................10 2.3 Opbouw ................................................................................................................................................10 3 Visie & uitgangspunten ................................................................................................................................11 3.1 Visie.......................................................................................................................................................11 3.2 Uitgangspunten ....................................................................................................................................12 4.
Doelen en prioriteiten ................................................................................................................................14 4.1 Evaluatie beleid.....................................................................................................................................14 4.2 Maatschappelijke opgaven & bestuurlijke ambities .............................................................................14 4.3 Probleemanalyse ..................................................................................................................................15 4.4 Borging van de uitvoering .....................................................................................................................15 4.4.1 Kwaliteitsdoelstellingen .................................................................................................................15 5 Probleemanalyse .........................................................................................................................................18 5.1 Risicoanalyse .........................................................................................................................................18 5.2 Omgevingsanalyse ................................................................................................................................20 Coalitieakkoord 2002-2026
.....................................................................................................................20 Omgevingsvisie .......................................................................................................................................22 6 Strategieën en werkwijzen ..........................................................................................................................26 7 Borging van de uitvoering ............................................................................................................................27 7.1 Organisatie en middelen .......................................................................................................................27 7.2 VTH Samenwerking ...............................................................................................................................28 8 Monitoring en evaluatie ..............................................................................................................................32 Bijlage 1 Handeling invullen risicomatrix ........................................................................................................33 Bijlage 2 Uitkomsten risicoanalyse .................................................................................................................40 Bijlage 3A Communicatiestrategie
..................................................................................................................44 Bijlage 3B Vergunningenstrategie...................................................................................................................50 Bijlage 3C Klachten en meldingenstrategie en handhavingsverzoeken..........................................................62 Bijlage 3D Toezichtstrategie ...........................................................................................................................65 Bijlage 3E Sanctiestrategie ..............................................................................................................................72 Bijlage 3F Gedoogstrategie .............................................................................................................................80 4
Bijlage 4 Wkb beleid .......................................................................................................................................83 Bijlage 5 Regionale samenwerkings- en procesafspraken ..............................................................................92
5
1 Inleiding Initiatiefnemers willen graag hun initiatieven en ideeën kunnen realiseren, terwijl omwonenden en andere belanghebbenden willen dat hun belangen worden beschermd. Als overheid moeten we een balans vinden in het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. In deze Uitvoerings- en Handhavingsstrategie (hierna: U&HS) wordt beschreven hoe we omgaan met die balans. Ambities en prioriteiten In deze U&HS leggen wij onze ambities en prioriteiten vast voor de periode 2025-2028. De U&HS bevat de doelen, prioriteiten en strategieën voor de taken op gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving die door de gemeente zelf uitgevoerd worden (hierna: de VTH-taken). Het betreffen de zogenoemde ‘thuistaken’ op het gebied van de fysieke leefomgeving, de Algemene plaatselijke verordening (APV) en Bijzondere wetten. Eigen verantwoordelijkheid Het is in eerste instantie aan de inwoners en bedrijven om de regels die van toepassing zijn op hun activiteit op te zoeken en na te leven. Maar wij staan als gemeentelijke organisatie dichtbij, om vragen zo snel mogelijk te beantwoorden. Soms geldt voor het uitvoeren van een activiteit een vergunning-, meld-, of informatieplicht. Dit is nodig zodat de gemeente op de hoogte is van de activiteit en kan toetsen aan de regels, of kan nagaan of het is toegestaan.
In andere gevallen gelden er meer algemene regels, waardoor er niet altijd een toetsing vooraf plaatsvindt, maar er wel toezicht achteraf kan plaatsvinden. Effectief en efficiënte inzet van VTH Het grondig toetsen of controleren van alle regels is een omvangrijke taak. De middelen (capaciteit) waarmee de taken moeten worden uitgevoerd, moeten dan ook zoveel mogelijk effectief en efficiënt ingezet worden. Dit betekent dat risico’s voor de omgeving zoveel mogelijk beperkt en het naleefgedrag zoveel mogelijk bevorderd moet worden. In dit document is daarom gemotiveerd vastgelegd waarop wordt ingezet en hoe de werkzaamheden worden uitgevoerd. Daarbij wordt inzicht gegeven in de strategieën; het beoordelen van en beslissen op vergunningsaanvragen, het beoordelen van informatieplichten, meldingen, de wijze waarop toezicht op de naleving wordt gehouden en hoe gehandhaafd gaat worden.
6
2 Wettelijk kader U&HS Met deze U&HS geven we invulling aan de wettelijke verplichting om voor zowel omgevingsvergunningen als voor het toezicht en de handhaving hierop, een actuele U&HS vast te stellen. Deze wettelijke verplichting is terug te vinden in het Omgevingsbesluit behorende bij de Omgevingswet. In het Omgevingsbesluit staan regels voor het bevoegd gezag over omgevingsvergunningen, procedures, handhaving en uitvoering van het omgevingsrecht. Deze regels moeten ervoor te zorgen dat VTH-taken in het omgevingsrecht op een goede manier worden uitgevoerd, met als doel te zorgen voor een veilige en gezonde leefomgeving. Deze regels vormen samen de procescriteria van de beleidscyclus BIG-8 (zie uitleg volgende pagina). Dit document vormt één van de producten van de VTH-beleidscyclus. Op basis van dit document worden jaarlijks keuzes en activiteiten voor het komende jaar bepaald en vastgelegd in het uitvoeringsprogramma. Daarnaast wordt jaarlijks een verantwoording gegeven in een evaluatieverslag. In de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s beschrijven wij welke keuzes we maken bij het uitvoeren van onze taken en hoe we de taken uitvoeren. In de evaluatieverslagen verantwoorden we de gemaakte keuzes.
Alle documenten in de VTH-beleidscyclus worden vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en worden ter kennisgeving naar de raad gestuurd door middel van een raadsinformatiebrief.
De BIG-8 in detail: De regels in het Omgevingsbesluit vormen de wettelijke implementatie van de BIG-8. Deze bevat 7 stappen die op strategie- en uitvoeringsniveau een cyclus vormen. Toepassing van de BIG-8 leidt ertoe dat ook de U&HS jaarlijks geëvalueerd wordt en -zo nodig- bijgewerkt aan de hand van de nieuwste inzichten en organisatorische ontwikkelingen.
Figuur 1 BIG-8
Figuur 2 Beleidscyclus Omgevingswet
7
Onder de Omgevingswet is sprake van een tweede beleidscyclus. Deze kent een vergelijkbare opzet (Plan, Do, Check, Act). De Omgevingswet heeft een beleidscyclus die de structuur biedt om de instrumenten van de wet te ordenen. De cyclus bestaat uit vier kwadranten: beleidsontwikkeling, beleidsdoorwerking, uitvoering en terugkoppeling. Beleidsontwikkeling staat voor visievorming en is het kwadrant rechtsboven. Hierbij is input uit het kwadrant ervoor (terugkoppeling) van VTH belangrijk. De gewenste kwaliteiten van de fysieke leefomgeving of onderdelen daarvan kunnen vervolgens juridisch vastgelegd worden in de vorm van omgevingswaarden en programma's. Dit heet de beleidsdoorwerking. Het kwadrant linksonder in de cyclus staat voor uitvoering en gaat over de regels voor activiteiten die te vinden zijn in het omgevingsplan. Initiatiefnemers van activiteiten en projecten kunnen via een omgevingsvergunning toestemming vragen. Het kwadrant linksboven staat voor terugkoppeling en gaat over vergunningverlening, toezicht en handhaving om naleving van algemene regels en vergunningvoorschriften te controleren. Via monitoring kunnen de effecten hiervan op de kwaliteit van de fysieke leefomgeving worden geëvalueerd en kan bepaald worden of aanpassing van de omgevingsvisie, programma of omgevingsplan noodzakelijk is.
VTH komt in onderstaande model terug in het kwadrant Uitvoering (linksonder) en Terugkoppeling (linksboven). In deze U&HS wordt gesteld dat er een uniforme beleidscyclus geborgd moet worden in de organisatie. Hierbij wordt de samenwerking en samenhang tussen beleid en uitvoering geïntensiveerd en wordt de rol in de terugkoppeling verstevigd. Deze doelstelling en activiteiten dragen bij aan het opstellen van een meer specifieke analyse van inzichten in toekomstig beleid.
2.1 Reikwijdte Deze U&HS gaat over de taken die wij wettelijk verplicht zijn om uit te voeren voortvloeiend uit de regels die zijn vastgelegd in verschillende wet- en regelgeving. Deze wet- en regelgeving is opgesteld om de fysieke leefomgeving te beschermen. Er zijn landelijke, provinciale en gemeentelijke kaders. Een belangrijk landelijk kader is de Omgevingswet. De Omgevingswet heeft een nieuw stelsel met nieuwe instrumenten en gewijzigde principes met zich meegebracht. Alle wetten voor de fysieke leefomgeving zijn in de Omgevingswet samengevoegd om projecten sneller te kunnen laten starten. Ook zijn regels veranderd en is er meer sprake van open normen en zorgplichten in plaats van concrete regels of verboden. Gemeenten hebben meer beslisruimte gekregen om eigen invulling te geven aan een goed evenwicht tussen de leefomgeving benutten en beschermen. De nieuwe benadering van de fysieke leefomgeving in de wet gaat uit van enerzijds het beschermen en anderzijds het benutten ervan. Met het uitvoeren van de VTH-taken leveren we een bijdrage aan de hoofddoelstelling van de Omgevingswet:
8
Doelstelling Omgevingswet: “Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, gericht op het in onderlinge samenhang: a. bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde en een goede omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur en b. het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.”
De Omgevingswet omschrijft de ‘fysieke leefomgeving’ als datgene wat je ziet, voelt, hoort en ruikt. In de wet staat een opsomming van onderdelen die in elk geval onder de fysieke leefomgeving vallen (bouwwerken, infrastructuur, water, watersystemen, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed). Naast de Omgevingswet bevat de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en Bijzondere wet- en regelgeving ook regels/eisen voor vergunningverlening, toezicht en handhaving om de fysieke leefomgeving te beschermen. Onder bijzondere wet- en regelgeving verstaan we in dit kader: de Alcoholwet, Wet goed verhuurderschap, Wet op de Kansspelen, Opiumwet, de marktverordening, Wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur (Bibob) en Wet basisregistratie persoonsgegevens (Brp). De U&HS gaat ook over deze taken. De Omgevingswet is van toepassing op de fysieke leefomgeving. Dit is nauw verweven met de veilige leefomgeving. Hiervoor is de Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid gemeente Asten 2023-2026 van toepassing. In deze kadernota benoemen we een drietal prioriteiten: - Zorg en veiligheid, - aanpak ondermijning en - digitale veiligheid. Aan deze prioriteiten leveren wij vanuit het VTH-taakveld een bijdrage, bijvoorbeeld door de inzet van BOA’s en toezichthouders.
Zo werken we bij de aanpak van ondermijning in Peelverband samen met onder meer het Peelland Interventie team (PIT). Een ander belangrijk kader dat ondermijning helpt te voorkomen is ons toetsingskader dat is vastgelegd in ons Bibobbeleid. We toetsen de integriteit van de aanvrager. Op basis van deze toets en een zorgvuldige afweging kunnen er gerichte aanvullende voorschriften in de vergunning worden opgenomen. Ook kan een vergunning ingetrokken of geweigerd worden. Ook hier werken we in Peelverband samen door het opstellen van een regionaal Bibob-beleid. Een ander beleidsveld waar we in het VTH-taakveld veel mee samenwerking is het sociale domein. Bij situaties zoals burenruzies, uithuisplaatsingen en woningontruimingen, en bij illegale permanente bewoning, werken we met hen samen. De uitvoering van het Uitvoeringsprogramma Sociaal Domein 2024 Asten is ook een samenwerking tussen het sociaal domein en de medewerkers van VTH. Met name op het gebied van preventieve maatregelen zoals voorlichting en op het gebied van handhaving onder andere op het schenken van alcohol aan minderjarigen of openbaar dronkenschap. Het toezicht en handhaving wordt uitgevoerd door het team Leefbaarheid, Handhaving en Veiligheid (hierna: LHV).
De VTH taken die door de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: ODZOB) en de Veiligheidsregio Brabant Zuidoost (hierna: VRBZO) worden uitgevoerd, vallen buiten dit document. Zij hebben hun eigen beleidscyclus met doelstellingen en prioriteiten.
9
2.2 Doel Het document heeft meerdere functies. Het geeft transparantie voor onze inwoners en bedrijven (1) en voor onze medewerkers geeft het richtlijnen voor de uitvoering van de VTH-taken (2). 1. We bieden onze inwoners en bedrijven duidelijkheid over de keuzes die we maken op het gebied van VTH. We geven aan op welke aspecten we letten bij het in behandeling nemen van een vergunning en hoe we omgaan met overtredingen van de regels en waar wij op toe zien. Op die manier weten inwoners en bedrijven waar zij aan toe zijn als ze iets willen bouwen of ondernemen. 2. Voor onze eigen organisatie hebben de keuzes die we maken impact op de manier waarop we onze taken uitvoeren; hoeveel mensen hebben we nodig en hoeveel geld kost het. Ook maken we duidelijk aan welke onderwerpen we komende jaren extra aandacht moeten geven en helpt het ons om onze taken goed en op een uniforme wijze uit te voeren.
2.3 Opbouw Het document bestaat uit twee delen. Het eerste deel geeft de hoofdlijnen weer van de visie, doelen, prioriteiten en strategieën op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Het tweede deel bestaat uit een bijlagenbundel waar onder andere de strategieën staan uitgewerkt.
10
3 Visie & uitgangspunten In dit hoofdstuk beschrijven we de visie en uitgangspunten voor de VTH-taken van de komende beleidsperiode. Deze visie hebben we verder uitgewerkt in een aantal hoofddoelstellingen met daaronder weer acties om de doelstellingen te bereiken. Deze doelstellingen geven richting aan de komende beleidsperiode en stellen ons in staat om onze visie in de praktijk te brengen. Onze doelstellingen en uitgangspunten zijn gebaseerd op belangrijke bestaande strategische documenten zoals de opgave uit onze omgevingsvisie en het coalitieakkoord ‘gedreven door passie en ambitie’ 20222026. Daarnaast hebben we input opgehaald uit bestuurlijke- en ambtelijke werksessies.
3.1 Visie De gemeentelijke visie hebben we vertaald naar een VTH -visie. Daarin hebben we ook onze kernwaarden klachtgericht, flexibiliteit en omgevingsbewustzijn verwerkt. Onze gemeentelijke visie We leveren publieke dienstverlening aan de Astense samenleving. Gezamenlijk bouwen we aan een prettige woon-, werk-, en leefomgeving, vanuit eigen kracht, dicht bij de inwoner (in diens verschillende rollen). We zijn klantgericht en (re)ageren flexibel op veranderingen in de maatschappij.
Onze VTH-visie: De gemeente Asten zet zich in voor een solide en betrouwbare aanpak van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Dit is gebaseerd op twee fundamentele pijlers: de basis op orde hebben en werken vanuit de bedoeling. We streven naar een stabiele en goed georganiseerde VTH-praktijk, waarbij we altijd het hogere doel van onze acties in het oog houden: het bevorderen van de leefbaarheid, gezondheid, veiligheid en duurzaamheid voor onze inwoners.
VTH-Visie nader uitgelegd: Basis op Orde • •
Doel: Zorgen voor een stabiele en efficiënte basisinfrastructuur voor VTH-activiteiten. Acties: o Structuur en Processen: Standaardiseren en optimaliseren van werkprocessen en procedures om consistentie en betrouwbaarheid te waarborgen. o Kwaliteit en Deskundigheid: Investeren in training en ontwikkeling van medewerkers om hoge kwaliteit en professionaliteit te garanderen. o Technologie en Innovatie: Inzetten van moderne technologieën en systemen voor efficiënte vergunningverlening, toezicht en handhaving. o Formatie: Blijvend investeren om de formatie op het juiste niveau te houden.
Werken vanuit de Bedoeling Doel: Altijd het uiteindelijke doel van onze acties in het oog houden en hierop sturen. 11
Acties: o
o
o
Klantgerichte aanpak: We zijn vastbesloten om een klantgerichte benadering te hanteren in al onze activiteiten. Wij zetten ons in voor duidelijke communicatie over de criteria voor vergunningverlening, de procedures van toezicht, en de gronden voor handhaving. Dit omvat helderheid in de verwachtingen, processen en uitkomsten, waarmee we niet alleen voldoen aan de behoeften van onze gemeenschap maar ook een fundament van vertrouwen en begrip bouwen. Een initiatief kan rekenen op medewerking vanuit de gemeente als het bijdraagt aan het behoud of het versterken van de kwaliteiten uit onze omgevingsvisie. We stimuleren initiatiefnemers om een omgevingsdialoog te voeren waarbij belanghebbenden worden betrokken. We bieden een handreiking aan voor de omgevingsdialoog die stappen bevat om dit proces te structureren. Doelgerichte Handhaving: Handhavingsactiviteiten richten op het bevorderen van veiligheid en leefbaarheid, in plaats van enkel op naleving van regels. We werken risicogestuurd. Gedurende het proces denken wij mee met de inwoners en bedrijven binnen de grenzen van de wet. We focussen onze toezicht en handhavingsactiviteiten op de gebieden waar de risico’s het grootst zijn. Flexibiliteit en Omgevingsbewustzijn: Proactief inspelen op veranderingen en signalen uit de samenleving om relevante en effectieve VTH-activiteiten uit te voeren.
We actualiseren jaarlijks onze omgevingsanalyse waarbij wij ontwikkelingen identificeren, risico’s en nalevingskwesties in kaart brengen. Wij hanteren daarbij een gebiedsgerichte aanpak. Wij kijken daarbij naar de bedrijvigheid, woonkernen, buitengebied, natuur, cultuur en recreatie. Het begrip van het nieuwe recht is essentieel voor het beoordelen van initiatieven en lopende (handhavings)zaken. We volgen regelmatig trainingen en workshops om de kennis van de relevante wet- en regelgeving bij te werken.
3.2 Uitgangspunten Onze uitgangspunten zijn bepalend voor de wijze waarop wij invulling geven aan de uitvoering van de VTHtaken. •
VTH-taken zijn geen doelen op zich. We zijn er voor de samenleving en leveren een bijdrage aan de met de wet- en regelgeving beoogde effecten. Vergunningverlening en handhaving zijn daarmee instrumenten die bijdragen aan de visie en onderliggende doelen van de gemeente.
•
We zijn een deskundige en dienstverlenende organisatie. Wij streven naar het zo goed en zo snel mogelijk behandelen van vergunningen en meldingen. We beperken ons in ieder geval zo veel mogelijk in het overschrijden van de wettelijke afhandelingstermijnen. We werken zorgvuldig. We weten niet alleen de regels, maar ook het doel achter de regels. We communiceren duidelijk over verwachtingen.
•
Voorkomen is beter dan genezen. Preventie verdient de voorkeur boven repressie. Ons handelen is erop gericht repressieve handhaving te voorkomen en (spontane) naleving van de regels te bevorderen. Waar mogelijk zetten we in op (pre-) mediation. Hierbij verliezen wij niet uit het oog dat repressief handhaven soms nodig is en aarzelen we niet om op te treden.
•
We gaan uit van vertrouwen in inwoners en ondernemers. De primaire verantwoordelijkheid voor de naleving van regels en vergunningsvoorwaarden ligt bij inwoners en bedrijven, dan wel de partijen die namens hen optreden. We vertrouwen erop en verwachten van hen dat ze hierin nadrukkelijk hun eigen verantwoordelijkheid nemen. We wijzen hen hierop indien het niet (voldoende) gebeurt.
12
•
Prioriteiten sturen inspanning. We willen en kunnen vanwege beperkte capaciteit niet overal en altijd op de naleving van alle regels toezien. We hanteren selectief toezicht en werken risicogestuurd. Dit uit zich in verschillende niveaus van toetsing bij vergunningverlening en een daarop afgestemd niveau van toezicht. Ook betekent dit dat wij geselecteerde prioriteiten met voorrang oppakken en sommige problemen niet of niet direct aanpakken.
•
Een gelijk speelveld. Voor elke inwoner en bedrijf van de gemeente Asten gelden dezelfde regels. Iedereen die een initiatief heeft wordt gelijk behandeld en zal dezelfde procedure moeten doorlopen.
•
Eén overheid. Samenwerking tussen medewerkers VTH essentieel. We zijn één overheid en werken samen met andere bevoegde gezagen, zoals de provincie en het waterschap en met ketenpartners zoals de omgevingsdienst en de veiligheidsregio. Hierover communiceren we duidelijk met initiatiefnemers.
Deze uitgangspunten zijn leidend bij het behandelen van informatieverzoeken, aanvragen en meldingen, bij het uitvoeren van controles en bij het handhavend optreden. De VTH-werkzaamheden worden verdeeld over meerdere teams. We hebben een team Vergunningen, waarin de casemanagers vergunningen verantwoordelijk zijn voor het proces omtrent de omgevingsvergunningen die gaan over de fysieke leefomgeving. Ook de vergunningverleners in het kader van de APV en bijzonder wetten maken onderdeel uit van dit team. Toezicht en handhaving is gelegen bij het team LHV.
13
4. Doelen en prioriteiten Wij zijn verplicht in de U&HS doelstellingen vast te leggen. Om tot deze doestellingen te komen zijn de volgende elementen belangrijk.
Evaluatie van beleid
Maatschappelijke opgaven & bestuurlijke ambities
Prioriteiten
Doelstellingen
Probleemanalyse
Borging uitvoering
Deze zijn hieronder uitgewerkt.
4.1 Evaluatie beleid Voor het maken van een nieuwe U&HS starten we met een terugblik op de eerdere VTH-taakuitvoering. We hebben een VTH-Beleid 2024 vastgesteld op 19 december 2023 waarin doelstellingen zijn opgenomen. Deze doelstellingen hebben wij voor zover van toepassing opnieuw opgenomen in deze U&HS. Vanuit het Interbestuurlijk toezicht van de provincie Noord-Brabant (hierna: IBT) is in 2023 een overzicht gestuurd van verbeterpunten. Hoewel er in het voormalige beleid en groot aantal verbeteringen al zijn doorgevoerd, willen we deze lijn doorzetten en hebben ervoor gekozen om een nieuwe U&HS op te stellen. Deze U&HS sluit beter aan bij de opgaven uit de omgevingsvisie van de gemeente Asten door aan te geven welke bijdrage het VTH-taakveld levert aan de bereiken van de opgave. In dit nieuwe document zorgen we ervoor dat in lijn met de adviezen van het IBT meetbare doelstellingen zijn opgenomen; de kwaliteitsdoelstellingen uit de Verordening Uitvoering en Handhaving omgevingsrecht gemeente Asten 2024 hebben een plek gekregen. Door actief de beleidscyclus te volgen, kunnen wij ervoor zorgen dat wij effectief, efficiënt en flexibel zijn, en dat wij indien nodig de U&HS aanpassen aan veranderende omstandigheden en behoeften.
4.2 Maatschappelijke opgaven & bestuurlijke ambities De gemeente staat voor grote maatschappelijke en ruimtelijke ontwikkelingen in de komende periode. Dat zijn bijvoorbeeld: klimaatverandering en klimaatadaptatie, de stikstofproblematiek en transitie van boerenbedrijven, de woningbouwopgave, veranderende arbeidsmarkt en ondermijning. Daardoor worden de VTH-werkzaamheden complexer. Dit vraagt om een integrale aanpak om deze ontwikkelingen het hoofd te bieden. Een deel van de genoemde opgave staan in de omgevingsvisie. Zaken op het gebied van 14
openbare orde en veiligheid (zoals ondermijning), arbeidsmarktveranderingen of maatschappelijke opgave die thuishoren in het sociale domein staan niet in de omgevingsvisie. Deze opgaven zijn geborgd in andere documenten. Als gemeente Asten willen wij het gebieds- en opgavegericht werken verder optimaliseren. In de omgevingsvisie zijn verschillende deelgebieden geduid en is per deelgebied aangegeven wat we willen beschermen of juist willen ontwikkelen. Daarom is de omgevingsvisie een goed vertrekpunt voor de omgevingsanalyse. De opgaven uit de omgevingsvisie staan centraal in de U&HS. In het coalitieakkoord 2022-2026 ‘Gedreven door passie en ambitie’ zijn de bestuurlijke ambities beschreven. Doelstellingen voortkomend uit deze ambities zijn terug te vinden in de omgevingsanalyse.
4.3 Probleemanalyse De probleemanalyse bestaat uit een omgevingsanalyse en een risicoanalyse, zie onderstaande schema.
Omgevingsanalyse
Risicoanalyse
Probleemanalyse We beschrijven wat voor kenmerken de omgeving van de gemeente Asten heeft en welke risico’s we beheersbaar dienen te houden. De probleemanalyse wordt verder uitgewerkt in het volgende hoofdstuk.
4.4 Borging van de uitvoering Om de VTH-taken uit te voeren zijn financiële en personele middelen nodig. Het Omgevingsbesluit stelt eisen aan de kwaliteit van de uitvoering van de VTH-taken. We hebben deze in de Verordening Uitvoering en Handhaving omgevingsrecht gemeente Asten 2024 vastgesteld. Deze verordening geeft uitvoering aan de wettelijke opdracht uit het Omgevingsbesluit om regels te stellen aan de kwaliteit van de uitvoering en handhaving van het omgevingsrecht. Dit betekent dat het minimum kwaliteitsniveau voor VTH-taken is vastgesteld. Wij hebben daarmee de verplichting om te voldoen aan de kwaliteitscriteria 3.0 (en haar rechtsopvolgers) en om de kwaliteitsdoelstellingen nader uit te werken. De kwaliteitsdoelstellingen zijn: uitvoeringskwaliteit, dienstverlening en financiën. Door het opstellen van de U&HS is hieraan invulling gegeven.
4.4.1 Kwaliteitsdoelstellingen In onze Verordening Uitvoering en Handhaving omgevingsrecht gemeente Asten 2024 zijn kwaliteitsdoelstellingen opgenomen op de drie onderwerpen uitvoeringskwaliteit, dienstverlening en financiën. Deze hebben wij hieronder nader ingevuld.
15
Uitvoeringskwaliteit diensten & producten De uitvoeringskwaliteit van diensten en producten heeft betrekking op het waarborgen en bevorderen van de mate waarin een product voldoet aan juridische doelen (zoals geformuleerd in de relevante wet- en regelgeving en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur) en bijdraagt aan de omgevingsdoelen. Ook wel aangeduid als de inhoudelijke kwaliteit. Uitvoeringskwaliteit diensten & producten Wat willen we bereiken? Wat gaan we ervoor doen? Borging uitvoeringskwaliteit van VV: We houden de werkprocessen op peil en stellen afgehandelde vergunning- en daar waar nodig bij. Dit gebeurt door frequent overleg handhavingszaken. binnen het taakveld vergunningen.
Uniforme afhandeling van vergunning-, toezicht- en handhavingszaken.
Waarborgen continuïteit van diensten en producten.
Werken aan de kwaliteit van onze besluitvorming.
LHV: Van de meest voorkomende processen maken we een werkbeschrijving en waar nodig richten we de zaaksystemen hierop in. Dit gebeurt door een projectmatig aanpak met de collega’s van team DIV, waarbij we gebruik maken van de reeds opgedane kennis bij vergunningverlening. Actualiseren en actueel houden van (handboek met) werkprocessen en protocollen, door jaarlijks te screenen op actualiteit. Borging uitvoering door interne kwaliteitscontroles. Dit gebeurt door de VTHmedewerkers binnen de werkoverleggen per domein. De kwaliteitscriteria m.b.t. kritieke massa geactualiseerd houden en waar nodig verder uitwerken. Waar nodig acties ondernemen om te (blijven) voldoen aan deze criteria. Dit gebeurt door het jaarlijks uitvoeren van een kwaliteitsmeting en verwerken dit in het evaluatieverslag. We stimuleren het zelflerend vermogen van de organisatie als het gaat om de feedback die wij halen uit de bezwaar- en beroepschriften. Dit doen we door middel van intervisie tijdens de werkoverleggen.
16
Dienstverlening Dienstverlening heeft betrekking op het waarborgen en bevorderen van de manier waarop (in communicatie, snelheid, service) de organisatie met belanghebbenden (aanvragers, omgeving klagers, etc.) omgaat. Zoals in de toelichting op de VTH-visie is toegelicht werken wij vanuit de centrale kernwaarden; klachtgericht, flexibiliteit en omgevingsbewustzijn. Wat willen we bereiken? We willen dat initiatiefnemers zo optimaal mogelijk duidelijkheid moeten krijgen over de haalbaarheid van hun plannen in de fysieke leefomgeving en de vervolgprocedure. De klanttevredenheid en efficiëntie van onze dienstverlening verbeteren.
Een betrouwbare overheid zijn waarbij een belangrijk aspect is het effectief managen van de verwachtingen van inwoners en bedrijven.
Dienstverlening Wat gaan we ervoor doen? We gaan sturen op een goed vooroverleg voor een vergunningsaanvraag.
Door te handelen conform onze dienstverleningsnormen zoals het binnen twee werkdagen contact opnemen en dit zorgvuldig vast te leggen in ons zaaksysteem, willen we zorgen voor transparante, betrouwbare en tijdige communicatie met onze klanten. Dit draagt bij aan een positieve klantbeleving, verhoogt het vertrouwen in onze organisatie en optimaliseert onze interne processen voor een betere servicekwaliteit. We geven in een vroegtijdig stadium de inwoners en bedrijven duidelijk en gedetailleerde informatie over aanvraagprocedures, vereiste documenten, criteria en tijdslijnen. Bij vergunningverlening vindt dit plaats in het vooroverleg, de intaketafel en de regionale omgevingstafel. Bij verzoeken van handhaving geven we aan wat de procedure is en wat ze kunnen verwachten.
Financiën Het thema Financiën heeft betrekking op de inzet van middelen in relatie tot de kwaliteit van de geleverde diensten en/of producten.
Wat willen we bereiken? Voldoende middelen en capaciteit
Financiën Wat gaan we ervoor doen? Het zorgen voor voldoende personeel, financiën en technologische hulpmiddelen is belangrijk om taken effectief uit te kunnen voeren. Dit betekent dat er genoeg gekwalificeerd personeel moet zijn en dat de technologische ondersteuning up-to-date en functioneel moet zijn. De benodigde en beschikbare financiële en personele middelen voor de op basis van de gestelde doelen uit te voeren activiteiten inzichtelijk maken.
17
5 Probleemanalyse Zoals eerder beschreven bestaat de probleemanalyse uit een risico- en omgevingsanalyse. We beschrijven wat voor kenmerken de omgeving van de gemeente Asten heeft met de daarbij horende VTH-uitdaging (omgevingsanalyse) en welke risico’s we beheersbaar dienen te houden (risicoanalyse). Bij het vaststellen van de prioriteiten nemen de risico’s een belangrijke plaats in.
5.1 Risicoanalyse We beschrijven achtereenvolgens het doel, de methodiek, de totstandkoming de afbakening en de uitkomsten van de risicoanalyse. • Doel De wetgever schrijft voor dat een risicoanalyse inzicht moet geven waar de risico’s zich voordoen. Daarmee geeft de risicoanalyse een handvat voor het maken van keuzes in zowel toetsing als toezicht en handhaving. Risico’s behoren beheersbaar en controleerbaar te zijn. Het vaststellen van de niveaus (de diepgang) en de aspecten waarop we vergunningsaanvragen toetsen en het vastleggen daarvan in protocollen maken die risico’s beheersbaar. • Methodiek risicoanalyse De methode om te komen tot een gedegen risicoanalyse is gebaseerd op de landelijke methode, die uitgaat van het effect van activiteiten en de kans dat de effecten zich voordoen. Op basis van deze Risico = ‘Kans maal Effect’-benadering volgt een risicoscore voor de weergegeven activiteiten. Op basis van de risicoscore hebben we de prioriteiten bepaald. De inschatting van de risico’s voor de leefomgeving is hierbij richtinggevend geweest. In bijlage 1 ‘Handleiding Risicoanalyse‘ is een toelichting opgenomen van de uitgevoerde risicoanalyse, waarin nader wordt ingegaan op de gebruikte methode, de begrippen en de wijze waarop aan deze begrippen getalsmatig waarden zijn toegekend.
• Totstandkoming risicoanalyse De input voor de risicoanalyse is middels het bevragen van de inhoudelijke vakspecialisten werkzaam bij de gemeente Asten tot stand gekomen. De vragen zijn per domein behandeld: Bouwen, Ruimtelijke Ordening, APV, Alcoholwet en Evenementen & Bijzondere onderwerpen en wetten, Alcoholwet en Evenementen. Vervolgens is het college gevraagd om deze risico’s te prioriteren voor de bestuurlijke prioriteitstelling. • Afbakening risicoanalyse De risicoanalyse voor het domein ‘brandveiligheid’ is in regionaal verband door de VRBZO uitgevoerd. Voor het domein ‘milieu’ staat de ODZOB aan de lat. Beiden maken geen onderdeel uit van deze U&HS. • Uitkomsten risicoanalyse Omdat er beperkte capaciteit is die niet op alles ingezet kan worden, wordt prioriteit gegeven aan de onderstaande thema’s. Daarbij is het uitgangspunt dat de activiteiten met het hoogste risico in de risicoanalyse in de uitvoering de hoogste prioriteit krijgen. Een weergave van de uitkomsten van de volledig ingevulde risicomatrix is opgenomen in bijlage 2 ‘Uitkomsten Risicoanalyse’. Jaarlijks worden de uitkomsten van de risicomatrix doorlopen en geactualiseerd indien nodig. Deze krijgen een nadere invulling in het uitvoeringsprogramma. Hieronder staan de bestuurlijke prioriteiten:
• • •
Handelen zonder of in strijd met de brandveiligheidseisen van het Besluit Bouwwerken Leefomgeving Kamergewijze verhuur en illegaal huisvesten van arbeidsmigranten Wonen (tijdelijk/permanent) waar niet is toegestaan 18
• • • • • • • •
Parkeerexcessen en foutparkeren Handelen zonder of in strijd met exploitatievergunning vakantieparken Ondermijning criminaliteit (o.a. fraude en witwassen) Overlast leefbaarheid (o.a. verwarde personen, overlast gevende of criminele jeugdgroepen) Drugsafval (opruimen van drugsafval, toezicht op leegstaand panden, sluiten van woningen op basis van de wet Damocles) Handelen in strijd met de Wet goed verhuurderschap en/of de verhuurverordening Illegaal motorcrossen in het buitengebied Langer staan van caravan/voertuigen dan toegestaan
Voor de inzet van het VTH-instrumentarium betekent de prioritering het volgende:
We kunnen onze aandacht niet in dezelfde mate richten op alles wat tot het taakveld VTH behoort. Dat zou onze capaciteit overvragen. Onze prioriteiten liggen bij die activiteiten die het meeste risico met zich meebrengen. Hoe we invulling gaan geven aan onze prioriteiten beschrijven we hierna in de uitvoeringsstrategieën. Hierbij houden we ook rekening met onze in te zetten en beschikbare capaciteit. In het jaarlijkse uitvoeringsprogramma werken we dat verder uit en leggen we jaarlijks accenten. Het bovenstaande betekent niet dat we geen aandacht zullen geven aan risico’s en taken waar we geen prioriteit aan geven. Het spreekt vanzelf dat we ook daar onze wettelijke taken naar behoren zullen vervullen. Bij de activiteiten die geen betrekking hebben op onze prioriteiten zullen we echter meer reactief dan proactief handelen en zullen we meer globaal toetsen en toezicht houden.
19
5.2 Omgevingsanalyse Voor de omgevingsanalyse hebben we aansluiting gezocht bij de vastgestelde omgevingsvisie en het coalitieakkoord. Coalitieakkoord 2002-2026 In het coalitieakkoord 2022-2026 richten wij ons op de realisatie van minimaal 500 woningen, verduurzaming van agrarische bedrijven en uitbreiding van groenvoorzieningen in Asten, Heusden en Ommel. Hierin staat dat we ons inzetten op duurzaamheid, verbetering van infrastructuur en ondersteuning van lokaal ondernemerschap. Sociale cohesie en gezondheid worden bevorderd door aandacht voor zorg, preventie en sport. Veiligheid wordt gegarandeerd door het aanpakken van criminaliteit en het verbeteren van buurtveiligheid. Het akkoord streeft naar een financieel gezonde gemeente met transparante begrotingen en beperkte lokale lasten. In de omgevingsvisie zijn kernkwaliteiten beschreven. Hieronder volgt een overzicht per kernkwaliteit en wat wij als VTH in deze beleidsperiode hieraan gaan bijdragen. In de omgevingsvisie zijn verschillende deelgebieden binnen Asten onderscheiden. Per deelgebied is aangegeven welke kwaliteiten aanwezig zijn en welke ontwikkelingen gewenst. Hiermee vormt de omgevingsvisie een goede basis voor het gebieds- en opgavegericht werken en voor de wijze waarop wij omgaan met vergunningverlening, toezicht en handhaving.
Wij stemmen onze vergunningverlening af op de doelen zoals in de omgevingsvisie zijn geformuleerd. Aanvragen voor nieuwe ontwikkelingen worden hieraan getoetst. Ontwikkelingen die hier niet aan bijdragen worden ontmoedigd of proberen we om te turnen naar iets dat wel kan. We hanteren hierbij een vaste werkwijze. We toetsen aan regelgeving èn aan gebiedsgerichte opgaven. Hierom sturen we aan op vooroverleg, het gebruik maken van de intaketafel, goed contact met de aanvrager en aandacht voor de omgevingsdialoog binnen de procedure. Voor vergunningen is het lastig om verschil per deelgebied te maken. Voor alle deelgebieden geldt: - Vergunningverlening = vraag gestuurd. - Onze basishouding is flexibel, klantgericht en omgevingsbewust. - We sturen op vooroverleg in die gevallen waarin een afweging gemaakt moet worden aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, zodat in een vroegtijdig stadium de haalbaarheid van een plan ingeschat kan worden waarbij rekening gehouden wordt met de ligging in het betreffende deelgebied. - Bij vergunningverlening moet onderscheid gemaakt worden tussen aanvragen waarbij een afwegingsvrijheid is en waarbij alleen aan wettelijke eisen getoetst moet worden. In het eerste geval worden de kenmerken van het deelgebied meegenomen in de afwegingen.
In het geval dat getoetst moet worden aan een vaststaand wettelijk kader is de afwegingsvrijheid beperkt. Daarnaast geldt voor de inzet van toezicht en handhaving dat de problematiek van kamergewijze verhuur, illegaal huisvesting van arbeidsmigranten en handelen in strijd met de wet goed verhuurderschap dat deze niet aan een specifiek deelgebied toe te kennen is. De inzet op deze problematiek is belangrijk omdat het verschillende vormen van misstanden aanpakt die een negatieve impact hebben op de leefbaarheid en veiligheid in de samenleving. Hier zijn enkele redenen waarom toezicht en handhaving op deze gebieden cruciaal zijn: 1. Kamergewijze verhuur: Dit kan leiden tot overbewoning en slechte leefomstandigheden voor huurders. Het zorgt ook voor overlast in de buurt en kan de infrastructuur van een wijk zwaar belasten. 20
2. Illegale huisvesting van arbeidsmigranten: Arbeidsmigranten worden vaak uitgebuit en wonen onder slechte omstandigheden. Dit is niet alleen onmenselijk, maar kan ook leiden tot gezondheids- en veiligheidsrisico’s. 3. Handelen in strijd met de wet goed verhuurderschap: Dit omvat praktijken zoals het vragen van te hoge huren, discriminatie bij verhuur en het niet onderhouden van woningen. Dit soort gedrag schaadt huurders en draagt bij aan ongelijkheid op de woningmarkt. Omdat deze problemen niet beperkt zijn tot een specifiek deelgebied, is een brede en flexibele aanpak nodig. Dit betekent dat toezicht en handhaving op verschillende niveaus en in verschillende gebieden moeten plaatsvinden om effectief te zijn.
21
Omgevingsvisie Per deelgebied staat beschreven wat relevant is voor VTH zodat er een beeld is aan wat voor soort ontwikkeling ruimte moet worden gegeven en waar specifiek op gelet moet worden bij de inzet van VTH. De plaatjes komen overeen met de deelgebieden die gebruikt zijn in de omgevingsvisie. Agrarische Anders: In het deelgebied 'agrarisch anders' ligt de focus voornamelijk op ruimte voor agrarische ondernemers, zoals in de tuinbouw en andere sectoren. De ambitie is de (verdere) ontwikkeling van een toekomstbestendige en emissiearme land- en glastuinbouw, waarbij gezondheid, natuur en landschap in balans worden gehouden. Er is ook ruimte voor stoppers, met kansen voor niet-agrarische bedrijvigheid. Gezien het sterk agrarische karakter van het gebied, is het niet geschikt voor woningbouw en verblijfsrecreatie. Bovendien staat het gebied onder druk vanwege gezondheids-, natuur- en milieuproblemen. We streven ernaar de emissies te verminderen, duurzame en innovatieve bedrijfsvormen te stimuleren, en water vast te houden. Het VTH-taakveld levert een bijdrage door: In het kader van de transformatie van het buitengebied wordt er intern informatie opgehaald bij het taakveld toezicht en handhaving waarna er een gesprek wordt aangegaan met de ondernemers over eventuele mogelijkheden tot het omvormen van het buitengebied.
Het doel van de VTH-inzet is niet primair om te controleren of regels zijn overtreden (handhaving), maar om samen na te denken over duurzame en toekomstbestendige oplossingen. De focus ligt dus op een langetermijnvisie, in plaats van directe handhaving. Boeren Buurten: In het deelgebied ‘Boeren Buurten’ richten wij ons op het buurtgevoel (met name door de verschillende gehuchtjes) en de boerenbedrijven die geworteld zijn in het gebied. De vitale bedrijven willen we behouden. Landbouw die blijft moet in evenwicht zijn met omgevingswaarden (landschap, natuur, gezondheid). Stoppers helpen we met omschakelen, mits zorgvuldige inpassing en met oog voor cultuurhistorische waarden en bewoners van het gebied. Bij de transformatie van het buitengebied willen we inzetten op sloop of herbestemming van leegstaande (agrarische) opstallen. We ontwikkelen het landelijk wonen, met respect voor landschap, natuur en cultuurhistorie. Bolle akkers, oude gehuchten en landschappelijke structuren moeten behouden of versterkt worden. Het VTH-taakveld levert een bijdrage door: We hebben oog voor de kwetsbare positie van de (voormalige) boeren in onze gemeente. We informeren hen over mogelijke uitbuiting van de ondernemers in het buitengebied.
22
Groen Genieten: Dit deelgebied kenmerkt zich door bossen, stuifzandruggen en recreatievoorzieningen. Ook zijn er agrarische percelen en woningen te vinden. Het groen, de cultuurhistorie en de landschappelijke elementen zijn het belangrijkst in dit deelgebied. We willen de aantrekkelijkheid vergroten. Landelijke woonmilieus zijn denkbaar, net als kleinschalige bedrijvigheid en recreatieve functies. Doorontwikkeling van de landbouw kan, mits het past bij de aard en het karakter van dit deelgebied. Ook moet de klimaatbestendigheid worden vergroot. Het VTH-taakveld levert een bijdrage door: Er is een dunne lijn tussen leefbaarheid en levendigheid. Onze toezichthouders en boa’s zijn aanwezig om hieraan bij te dragen. Daarnaast zijn wij onderdeel van Samen Sterk in Brabant welke bijdraagt aan het bevorderen van Groen Genieten. Zoals het toezicht houden op het motorcrossen in het buitengebied en dumping van drugsafval. Ook zitten hier de recreatieparken waar aandacht is voor illegale bewoning en handelen zonder of in strijd met exploitatievergunning. Peel en beekdalen: Dit deelgebied richt zich op het behouden en versterken van de groenblauwe structuren, zoals beekdalen en natuurgebieden in De Peel. Het is belangrijk om de biodiversiteit in deze gebieden te vergroten en de landschappelijke kwaliteit te verbeteren.
Essentieel is het optimaliseren van het waterbeheer om verdroging te voorkomen en wateroverlast te beperken. Dit omvat het creëren van natte natuurzones en het verbeteren van de waterkwaliteit door natuurlijke waterzuivering. Het gebied biedt mogelijkheden voor recreatie en toerisme, met nadruk op duurzaam toerisme dat de natuurlijke omgeving respecteert. Denk aan wandelen fietspaden, vogelkijkhutten en educatieve natuurpaden. Het VTH-taakveld levert een bijdrage door: Het is belangrijk bebouwing in dit deelgebied terug te dringen, indien mogelijk dragen we daar actief aan bij met vergunningverlening en volgen we op met onze toezichthouders. Door deze taken zorgvuldig en effectief uit te voeren draagt VTH bij aan het realiseren van de maatschappelijke opgaven van de gemeente Asten en het verbeteren van de levenskwaliteit van haar inwoners. Hiervoor geldt dezelfde inzet als bij Groen Genieten.
23
Peel pionieren: Het gebied wordt gekenmerkt door rechte wegen en regelmatige kavels. Er is ruimte voor grote agrarische bedrijven, of het nu gaat om uitbreiding van bestaande bedrijven of verplaatsing van grote bedrijven vanuit andere gebieden naar hier. Dit brengt echter uitdagingen met zich mee zoals waterbeheer, biodiversiteit en bodemvruchtbaarheid, waar aandacht aan moet worden besteed. Bij stoppers kunnen oude gebouwen worden gesloopt om ruimte te maken voor nieuwe ondernemingen en een fris perspectief te bieden. Ook verbreding van landbouwfuncties is een optie. Wonen is niet bijzonder geschikt voor dit gebied, maar kleinschalige recreatie past hier wel goed. Schrale grond en onafhankelijke mentaliteit. Hier is een cultuur die ‘van niets-iets maken’ tot kunst verheven heeft. Het is een gebied waar mensen elkaar snel vinden wanneer het spannend wordt. Ambachtelijkheid, praktische oplossingen en hard kunnen werken: dat alles heeft geleid tot krachtige bedrijven en innovatieve netwerken. Door grootschalige ontginning van De Peel ontstond het gebied Peel Pionieren. Het wordt gekenmerkt door rechte wegen en regelmatige rechte kavels. Bebouwing is vaak voorzien van erfbeplanting en vormt samen met de wegen die voorzien zijn van laanbeplanting het raamwerk.
Onder de laanbeplanting door is zicht over de open akkers en weilanden, die van elkaar gescheiden worden door rechte sloten. Delen van het jaar, wanneer de mais hoog is, voelt het gebied wat meer besloten aan. In dit gebied zijn grote robuuste landschappelijke elementen als lanen, singels en bospercelen aangelegd ten tijde van de ontginning. In dit gebied zijn grote uitdagingen op het gebied van waterkwantiteit en kwaliteit, biodiversiteit, stikstofuitstoot, bodemvruchtbaarheid en agrarische economie. Het VTH-taakveld levert een bijdrage door: Net als bij Agrarisch Anders en Boeren Buurten hebben wij in dit gebied ook oog voor de kwetsbare positie van de boeren in onze gemeente zitten. We informeren over mogelijke uitbuiting van de ondernemers in het buitengebied. In het kader van de transformatie van het buitengebied wordt er intern informatie opgehaald bij het taakveld toezicht en handhaving waarna er een gesprek wordt aangegaan met de ondernemers over eventuele mogelijkheden tot het omvormen van het buitengebied. In eerste aanleg staat handhaving niet centraal maar wordt er gekeken naar een duurzaam toekomstperspectief.
24
Dynamische dorpen: De kwaliteit van leven in onze dorpen is hoog. Onze inwoners zijn relatief gezond, kunnen meedoen in de samenleving en wonen over het algemeen in een aantrekkelijke omgeving. Dat willen we natuurlijk graag zo houden. Behoud van deze kwaliteit van leven is echter niet vanzelfsprekend. Daarom geven we in de dorpskernen ruimte aan ontwikkelingen die bijdragen aan levendigheid en leefbaarheid, ruimte voor een aantrekkelijk aanbod van voorzieningen en evenementen. In de woongebieden is volop ruimte voor groen en uitnodigende activiteiten ter bevordering van een fijne leefomgeving. We realiseren voldoende passende woonruimte voor de diverse doelgroepen en staan open voor bedrijfsmatige initiatieven die bijdragen aan een economisch gezond Asten. Het VTH-taakveld levert een bijdrage door: Vergunningen te verlenen en toe te zien op de bouw van onder andere nieuwe woonwijken. Daarbij is vanuit VTH het belangrijkste doel om de (brand)veiligheid van de gebruikers van een gebouw en de omgeving te waarborgen. Door te voldoen aan de brandveiligheidseisen wordt het risico op brand en de gevolgen daarvan, zoals letsel en schade, verminderd. In ons toezicht heeft het toezicht op brandveiligheidseisen prioriteit. Daarnaast wordt toezicht gehouden op verschillende vormen van huisvesting om de kwaliteit van wonen en daarmee ook de leefbaarheid in onze dorpen op niveau te houden.
Ook hebben wij aandacht in de kernen voor overlast op het gebied van leefbaarheid (o.a. verrommeling, verwarde personen, overlastgevende of criminele groepen) en parkeerexcessen (o.a. parkeren langer dan toegestaan door caravan of voertuigen). Langdurig geparkeerde caravans en voertuigen kunnen het zicht belemmeren en gevaarlijke situaties veroorzaken, vooral op drukke wegen of in woonwijken.
25
6 Strategieën en werkwijzen De werkwijze waarop wij de doelen en het risicogericht werken willen bereiken is vastgelegd in de uitvoeringstrategieën. De strategieën zijn gebaseerd op regionale en landelijke strategieën en protocollen en zijn aangevuld met gemeentelijke strategieën. Het proces en de structuur van de uitvoeringsstrategieën zijn weergegeven in onderstaand figuur.
Aan de hand van dit figuur worden de strategieën in bijlage 3 toegelicht. Bijlage 3A: Communicatiestrategie Bijlage 3B: Vergunningenstrategie Bijlage 3C: Meldingenstrategie Bijlage 3D: Toezichtstrategie Bijlage 3E: Sanctiestrategie Bijlage 3F: Gedoogstrategie We hebben ervoor gekozen gezien de recente ontwikkelingen op het gebied van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (hierna: Wkb) een afzonderlijke bijlage toe te voegen met ons Wkb beleid, zie bijlage 4.
26
7 Borging van de uitvoering We behandelen de organisatie en middelen. We gaan in op de VTH-samenwerking en de monitoring en evaluatie.
7.1 Organisatie en middelen Volgens artikel 13.9 van het Omgevingsbesluit moet de gemeente haar uitvoeringsorganisatie zo inrichten dat ze aan bepaalde eisen voldoet. Kortgezegd komt dit neer op het regelen van een scheiding van functies, de bereikbaarheid en beschikbaarheid van de organisatie ook buiten kantooruren en de beschrijving van werkprocessen, procedures en bijbehorende informatievoorziening. Omdat er waarde wordt gehecht aan het feit dat onze werknemers beschikken over de meest actuele kennis wordt ook aandacht besteed aan opleidingen. • Scheiding van functies Het verlenen van omgevingsvergunningen en het toezicht op het naleven hiervan wordt gescheiden uitgevoerd. Hierdoor zijn vergunningverleners niet betrokken bij het toezicht op vergunningen waarvan zij de voorschriften hebben opgesteld. • Bereikbaarheid en beschikbaarheid van de organisatie De gemeentelijke organisatie en de uitvoeringsdiensten moeten ook buiten de gebruikelijke kantooruren bereikbaar en beschikbaar zijn voor toezicht en handhaving. Bereikbaar voor het melden van acute klachten en beschikbaar voor het behandelen van incidenten. Om dit te waarborgen zijn er verschillende (piket)regelingen. Via de website, de Buiten Beter-app en de milieuklachtencentrale zijn de organisaties bereikbaar.
Via de rampenbestrijding zijn alle organisaties bereikbaar en beschikbaar in geval van calamiteiten (van verschillende niveaus). Hiervoor geldt een beschikbaarheid van 24 uur per dag. Voor toezicht geldt dat deze niet gebonden is aan kantoortijden, maar wordt ingezet wanneer dit nodig is. • Grote incidenten en rampen Voor rampen, crisis en grote incidenten heeft de gemeente een crisisplan (regionaal crisisplan vanuit de VRBZO). Vanuit de meldkamer dan wel de plaats incident kan ervoor gekozen worden om op te schalen naar de GRIP structuur (Gecoördineerde Regionale Incidentsbestrijding Procedure). Er zijn collega’s (Officier van Dienst/ Adviseur Openbare Orde) op hard piket (Piket Veiligheid) die 24 uur per dag en 7 dagen per week opgeroepen kunnen worden. Samen met andere operationele diensten kan de collega beslissen dat er wordt opgeschaald en op dat moment kunnen lokale en/of districtelijke collega’s uit de crisisorganisatie worden opgeroepen. Dit zijn interne collega’s dan wel collega’s van omliggende gemeenten die getraind zijn om hun functie tijdens een crisis uit te oefenen. Ook vanuit de VRBZO en crisiscommunicatie is er een piketgroep, ook zij staan op hard piket. • Beschrijving werkprocessen, procedures en informatievoorziening Processen en procedures zijn vastgelegd en geïntegreerd in de VTH-applicatie.
• Opleidingen In de kwaliteitscriteria is vastgelegd welke kennis en vaardigheden VTH-medewerkers moeten bezitten om de gewenste kwaliteit van uitvoering te leveren. Er is blijvende aandacht om medewerkers te laten voldoen aan de kwaliteitscriteria. Hiervoor is opleidingsbudget beschikbaar.
27
7.2 VTH Samenwerking De VTH-processen staan nooit op zichzelf. Om een vergunning te kunnen verlenen, toezicht te kunnen houden én problemen samen op te lossen, of dat nou door de inzet van sancties is of door andere manieren om gedrag te beïnvloeden, er is altijd samenwerking nodig. In deze paragraaf benoemen wij de belangrijke partners waar wij mee intern en extern mee samenwerken. Interne en externe afstemming & samenwerking De toegevoegde waarde van communicatie en voorlichting valt of staat met een eenduidige en uniforme toetsing en optreden naar inwoners en bedrijven. Adequate interne en externe afstemming en samenwerking is daarbij noodzakelijk. Het gaat dan om interne afstemming en samenwerking tussen zowel vergunningverleners en andere interne betrokkenen onderling, als ook tussen vergunningverlener(s), toezichthouder(s), handhaver(s) en adviseur(s). Daarnaast omvat dit de relatie met andere organisatieonderdelen, zoals de teams die verantwoordelijk zijn voor ruimtelijke plannen en de uitvoering van projecten. Externe afstemming en samenwerking is van belang om te komen tot een optimaal en integraal resultaat in zowel vergunningverlening, toezicht als handhaving en is bovendien cruciaal om een vergunning te kunnen afgeven binnen 8 weken.
De samenwerkende partners (waterschap, politie, veiligheidsregio, omgevingsdienst, provincie, ministerie enzovoorts) benutten op deze manier de specifieke deskundigheid, ondersteuning, aanvulling en informatie over en weer. Ook het overleg met adviseurs van aanvragers, zoals architecten, (milieu)adviseurs enzovoorts, is veelal nodig en van betekenis voor het gewenste eindresultaat. Binnen de regio hebben wij met onze ketenpartners samenwerkingsafspraken voor de VTHketenprocessen gemaakt. Voor de ketenpartners is de noodzaak om informatie uit te wisselen en te delen steeds groter geworden. In dat kader hebben wij ons ook gecommitteerd aan een gemeenschappelijke VTH-applicatie, waar (bijna) alle partijen in de keten gebruik van maken. Zo zal informatie binnen de VTHketen direct beschikbaar zijn en gedeeld kunnen worden. De wijze waarop wij samenwerken en het moment van afstemming liggen vast in specifieke werkprocessen, instructies en -afspraken. Deze verzamelen wij in een digitale omgeving, die intern door betrokkenen te raadplegen is. Ook de samenwerkingsafspraken met ketenpartners maken hier onderdeel van uit. Regionale samenwerkingsafspraken Onder de paraplu van het regionale Omgevingswet-programma zijn er afspraken vastgelegd over de samenwerking binnen de processen, denk aan momenten van samenwerking, de uitwisseling van informatie en levertermijnen.
Binnen de regio zijn samenwerkingsafspraken gemaakt over de processtappen, rollen en termijnen. Daarnaast sluiten wij aan bij de regionale omgevingstafel. Het voordeel hiervan is dat we één integraal advies ontvangen wat de kwaliteit en de doorlooptijd ten goede komt. In bijlage 5 is een afbeelding opgenomen van het proces van de omgevingstafel en de samenwerkingsafspraken. Interne samenwerking VTH is de afkorting van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving. De uitvoering van dit taakveld is in de gemeente Asten verdeeld over meerdere teams. Voornamelijk bij de teams VV en LHV. Hoewel de taken verdeeld zijn over twee teams, wordt ook met andere organisatieonderdelen samengewerkt aan de opgave van vergunningen, toezicht en handhaving. Daartoe vindt regelmatig afstemming plaats, zoals met de teams Ruimte, Dienstverlening en Sociaal domein.
28
Commissie Ruimtelijke Kwaliteit gemeente Asten Bij vergunningverlening laat het college zich adviseren door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) gemeente Asten en in voorkomende gevallen het Monumentenhuis Brabant. Het archeologie beleid van de gemeente Asten is vertaald in het tijdelijke omgevingsplan (de voormalige diverse bestemmingplannen). Op het gebied van archeologie laat de gemeente Asten zich adviseren door een onafhankelijk adviesbureau Krachten. Krachten houdt bovendien toezicht op de uitvoering van archeologisch veldonderzoek. Daar waar sprake is van overtredingen wordt handhavend opgetreden. Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB) De ODZOB voert taken uit voor de regio Zuidoost-Brabant op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Er is onderscheid tussen basistaken, verzoektaken en collectieve taken: • Basistaken zijn taken op gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving Milieu die in het basistakenpakket vallen en verplicht door een omgevingsdienst uitgevoerd moeten worden; • Verzoektaken kunnen vergelijkbaar zijn met de basistaken, maar vallen niet onder het wettelijke basistakenpakket. Het kunnen ook taken zijn op gebied van de fysieke leefomgeving, zoals onderzoeken en adviezen. In Asten beleggen wij o.a.
taken met betrekking tot cultuurhistorie en alle milieu-gerelateerde taken bij de ODZOB; • Collectieve taken zijn taken die op verzoek van (en in samenspraak met) de deelnemers voor het collectief worden uitgevoerd. Het zijn taken waarbij er voordeel ligt in of een noodzaak is voor een gezamenlijke aanpak. Bijvoorbeeld in verband met schaalvoordelen, gemeentegrens overschrijdende impact en/of bundeling van expertise. Het gaat hier onder andere om de regionale Milieu Klachten Centrale met 24uursbereikbaarheid/ consignatieregeling, en ketenhandhaving zoals Samen Sterk in Brabant (SSIB) voor toezicht in het buitengebied. •
Samen sterk in het Buitengebied (SSiB) Samen sterk in het Buitengebied (SSiB) is een samenwerkingsverband tussen de Brabantse gemeenten, waterschappen, Openbaar Ministerie, politie en terreinbeheerders. Voor de groene taken zijn de boa’s ondergebracht bij de Omgevingsdienst Brabant Noord. De samenwerking richtzich op de aanpak van stroperij, wildcrossen en (drugs) afvaldumpingen.